14 oktober 2018

Zomerse herfstdag


7Meuses


Ik voelde me redelijk fit en het weer was extreem goed, 27 graden en zo'n 5 m/s zuid-zuid-oost, een leuk clubje ouwe maatjes en geen parapenters, idealer voor 7Meuses wordt het niet. Bobo had zelfs een nieuwe piloot bij zich, Fred, die mij zodra ik uitstapte aanbood m'n vleugel naar de start te helpen dragen. Eric was er, Michel en Chantal, Jan en Marc. Genoeg mensen voor gezelligheid en hulp, niet teveel om in de lucht voortdurend uit te moeten wijken. Ik startte als derde en schoof makkelijk tot halverwege de antenne, maar veel hoger ging het niet. Het zweet liep in straaltjes onder m'n helm en elke bocht kostte absurd veel kracht, ik ben echt elke training of fitheid helemaal kwijt. Daardoor durf ik niet méér te doen dan een beetje voor de helling op en neer en dat gaat al gauw vervelen, hoe schitterend het uitzicht ook is. Na vijf minuten sprak ik mezelf streng toe en besloot dat ik minstens een half uur in de lucht moest blijven, gewoon om ook weer een beetje terug te leren om vol te houden. Maar na twintig minuten telde ik echt de minuten af en zodra de klok op dertig sprong draaide ik naar het landingsterrein. De landing was waardeloos, gelukkig niet in een koeieflater maar wel erg teleurstellend. De laatste tijd was ik nou juist weer goed bezig, maar 7Meuses is nogal turbulent en ik was behoorlijk moe, dat is dan maar m'n excuus.
Ik genoot van de zon bij het inpakken, wandelde via het pad dat Bobo me had gewezen terug naar de auto en kwam boven een mevrouw tegen die me vertelde dat er niet gewandeld mag worden wegens de varkenspest. Te laat.
Ik was mooi op tijd voor het eten bij m'n tante en nog net voor middernacht thuis. Het wordt in oktober echt niet beter dan dit!

01 september 2018

Einde vakantie



Donderdag was ik eigenlijk te moe om te vliegen, en ik begin m’n schouder ook een pietsie te voelen, maar ik wilde toch wel heel erg graag nog eens een keertje op de camping landen en naast m’n tent inpakken. De wind was NNW en zou afnemen, dus we bouwden op de lage noord op en ik bood aan om te winddummyen. Ik had me al voorgenomen om vrijdag te gaan rijden dus punten scoren zat toch al niet in de planning, en als winddummy mocht ik fijn vooraan op de start opbouwen wat weer een hoop gesjouw scheelt. Ik startte, vond m’n termiek ver van de berg af zoals Bernard al had gezegd, draaide tot een paar honderd meter boven de Chabre en stak toen naar de camping voor een mooie landing. Ik pakte een deel van m’n spullen vast in, betaalde en nam vast van een paar mensen afscheid. ’s Avonds hadden we pilots diner op het terras, ongeveer net zo slecht als het pilots diner van de Dutch Open en ook net zo gezellig. De bediening is echt waardeloos, traag en onvriendelijk en totaal niet gericht op het clubgevoel dat er vroeger altijd was. Het eten was weer smakeloos, en deze keer moesten de vegetariërs bij elkaar gaan zitten om het de bediening makkelijk te maken. Ik heb al twee weken met Brad en Kirsty zitten eten dus ik wilde eigenlijk wel bij Sam en Jenny aanschuiven, maar dat mocht dus niet. Er speelde een band die pal naast onze tafel stond opgesteld zodat iedere conversatie onmogelijk was en zelfs door m’n oordoppen heen deed de herrie gewoon pijn. Dat ze rookten terwijl wij zaten te eten maakte weinig uit want de couscous was toch niet te vreten.
Ik werd om vier uur ’s nachts voor de tweede keer wakker met een volle blaas, dus ik besloot om dan maar vast op te staan. Het ontbijten en inpakken duurde drie uur omdat het pikkedonker was en ik probeerde om zachtjes te doen, dus toen ik om zeven uur richting Serres reed voor een laatste bakkie met Phil was ik alweer aan mijn middagdutje toe. Elke anderhalf uur uitgebreid stoppen, ramen wassen en iets eten, en op m’n vast plek boven Dijon een half uurtje in m’n hangmat bungelen, hielpen me toch de dag door en om tien uur ’s avonds lag ik bij mam in bed. Dat maakt het wiekend wel heel erg luxe, twee volle dagen om alles op te ruimen en de tent schoon in te pakken, en twee volle nachten om bij te slapen.

30 augustus 2018

Aspres



Alles gaat goed, heerlijk! Ik heb elke dag kunnen vliegen, of nou ja tenminste een start en landing kunnen maken, en het begint nu pas een heel klein beetje pijn te doen. Ik heb heel redelijke landingen gedaan en gisteren was het gewoon perfect! Ik weet weer hoe gelukkig ik ben met m’n Litesport. We startten vanaf Longeagne-west en ik zei tegen Jenny dat ik als winddummy zou vliegen. Ze liet me net twee minuten wachten zodat ik binnen het window startte, waardoor ik in elk geval nog minimal distance scoor. Tegen alle verwachtingen in zat er termiek: harde verwaaide belletjes, lastig te pakken. Ik kwam wel omhoog maar bleef halverwege de wolkenbasis steken. Ik vloog terug naar de start waar een grote gaggle veel beter omhoog kwam, maar ik voelde me veel te zwak om echt tussen de anderen mee te draaien. Pudding in m’n armen is niet de beste voorwaarde om botsingen te voorkomen. Terwijl ik weer naar de antenne vloog keek ik naar de verticaal ontwikkelende wolken en ik bedacht dat ik liever nu meteen een goeie landing maakte dan over een half uur ergens wild neer zou pletteren. Ik bouwde een paar honderd meter hoogte af en maakte een keurig circuit in de sector voor delta’s, met een prachtige landing ruim voor de baan. We waren streng gewaarschuwd dat we in géén geval boven een landingsbaan mochten komen, zelfs niet een beetje, nadat verschillende piloten tijdens de Dutch Open her en der waren neergedwarreld en het vliegveld bijna voor delta’s gesloten werd.
Jacques Bott was bezig met studenten en we maakten een praatje, hij wil me graag overhalen om ook Swift te gaan vliegen maar ik zie mezelf geen apparaat van zestig kilo tillen. Phil kwam me een koud biertje brengen, en nog voor ik alles had ingepakt stond Fred er al. Toen we wegreden stuurde Simon een verzoek om retrieve, en aangezien hij bijna op onze route stond pikten we hem op. Dat hadden we beter niet kunnen doen, want Babs was ook al in de auto gesprongen om hem te halen en ze was ’s avonds nog steeds woest omdat ze voor niks was omgereden.
’s Avonds was er op de regionale tv een mooi item over de British Open, met mij in het Frans (!) en mooie beelden van Darrens gopro. Goeie reclame voor deltavliegen en goeie reclame voor de streek. Na afloop  met Phil, Fleming, Jochen en Olivier lekker gegeten in het restaurantje in de steeg, en vandaag m’n laatste dag. Ik wil niet twaalfhonderd kilometer in de file gaan staan en ik ben ook wel moe, dus ik verlaat de wedstrijd een dag te vroeg.

29 augustus 2018

Gecko


Ik was blij opgewonden dat ik Jochens Gecko mocht vliegen. Ik zou het dolgraag willen vergelijken met een Litesport. Is het echt veel makkelijker met een vergelijkbare performance? Helaas, we stonden uren op de Chabre omdat het niet thermisch was en de startcondities iffy waren, en toen ik eindelijk, nogal vermoeid, startte, lukte het me niet om een bel te vinden. Vrijvliegers en parapenters zaten in de weg, ik draaide conservatiever dan ooit ver van de berg af, en de vleugel was wat aan de grote kant en ik moest natuurlijk wennen waardoor ik niet al te efficiënt draaide. Een paar minuten later stond ik, gelukkig met een mooie landing, op de vis. Brad ook, hij was uitgezakt en supersjagrijnig. Volgens hem was het de eerste keer in z’n leven dat ie in een wedstrijd uitzakte, en in deze wedstrijd mag er niet worden geherstart. Ik was ook niet blij en de bus deed er nogal lang over om naar de camping te komen, ik had honger en was moe en eenmaal op de camping lukte het niet om een dutje te doen. In plaats daarvan bleef ik met Pedro en Claudia naar de goal arrivals kijken. Ollie spectaculair, Grant degelijk, Darren kwam zingend aan en Tom deed het mooiste circuit. ’s Avonds wilde ik m’n Coleman schoon gaan maken bij Niek omdat hij het benodigde gereedschap heeft . Dat lukte niet, maar Niek hielp en was slim genoeg om te begrijpen wat er moest gebeuren, maar twee uur verder moesten we toch constateren dat onze zwarte benzinehanden voor niks waren geweest. Het fornuisje is kapot. Gelukkig had Babs eten gemaakt voor de halve camping en zo kwam het toch nog goed.