18 november 2015

Luxe in Forster









Dit is waanzinnig. We zitten op de veranda van een soort miljonairsachtig huis, in de schaduw van ruisende bomen waar allerlei zangvogels in kwinkeleren, met een schitterende lagune in beeld tussen de boomstammen waar we net een duik genomen hebben. Toen Conrad gisteren zei dat ie naar huis wilde en ik moest beslissen of ik mee terug zou gaan, dacht ik dat het wel gezellig zou zijn om met Jamie naar Rainbow Beach te rijden. Dat is het ook, en dit toppunt hadden we allebei niet echt verwacht. Nou ja zij heeft het geboekt omdat het er zo goed uitzag maar we lopen allebei opgewonden te gillen bij ieder gaaf ding dat we nou weer ontdekken. Een prachtige schommelbank, enorm, je kan er makkelijk met vier man op liggen. Fraaie en comfortabele meubels. Een reuzedouche. Enzovoort enzovoort. Het is even een heel andere wereld dan met m’n andere vrienden, Jamie houdt van luxe en is gewend om te reizen als een zakenvrouw. Leuk, en gezellig. Ik heb m’n eigen auto en al m’n kampeerspullen in Newcastle gelaten, misschien niet verstandig want het is de vraag of ik het een complete week naar m’n zin heb in een gezelschap dat zo anders is dan ikzelf, maar het was te suf om achter elkaar aan te rijden en niet even al onze gemeenschappelijke vrienden en kennissen en onze respectieve affaires door te nemen.

17 november 2015

Yeeehaaa!!!



Na de uitvoerige diagnose en advies van Conrad en een goeie nacht slaap was ik vastbesloten om te vliegen vandaag. Vanwege m’n score moest ik wel als laatste starten, met als voordeel dat ik rustig kon herontdekken hoe ik m’n Litesport met gloednieuw doek en kabels en touwen enzo moet opbouwen en nogal onwennig m’n brace om doen, en als nadeel dat ik alle tijd had om flink zenuwachtig te raken. Geen idee wat m’n schouder zou doen tijdens het slepen en ook niet hoe de vleugel zich zou gedragen. Dat bleek allemaal bijzonder mee te vallen, Ian sleepte me tot aan wolkenbasis, 1400 meter boven de grond, en het kostte me vrijwel geen moeite om netjes achter de trike te blijven. Het duurde even voor ik goed en wel op 2200 meter en on course zat, maar ik zag overal grote landingsmogelijkheden dus ik toog optimistisch op weg. Na zo’n vijftien kilometer bedacht ik hoe dom ik nou weer bezig was, gisteren stond ik nog te grienen omdat ik dacht dat ik voorlopig lange tijd niet zou kunnen vliegen en omdat ik toch wel erg zenuwachtig ben over het landen met m’n wiebelknie, en vandaag ga ik maar meteen op taak over heuvelachtig en onbekend terrein, zonder radio en zonder chauffeur. Ik draaide om en wist me te beheersen, voor het eerst geloof ik, hoe mooi de bellen ook waren ik keerde niet meer terug richting het eerste keerpunt. In plaats daarvan stond ik na anderhalf uur dolgelukkig weer op het vliegveld, op tijd om Konrado en Guy, Josh, Jason en Mike op goal te zien aankomen. Nog voor ik met inpakken begon stapte Conrad uit een auto die ‘m een lift had gegeven vanaf de plek waar ie was uitgezakt, met de mededeling dat hij naar huis ging. Ik moest in een paar minuten besluiten en het werd mee naar Newy: m’n schouder kan sowieso niet meteen morgen weer de lucht in, het gaat hard waaien, en doordat ik nu terug ben kan ik alsnog met Jamie naar Rainbow beach rijden. Ik snap het wel, hij had het echt niet naar z’n zin, maar ik had best graag nog een dagje rondgehangen. Nou ja uiteindelijk klets ik liever een paar uur met Conrad dan dat ik de vliegen van m’n gezicht af sla en dollies loop op te halen.
uitgebloeide cactusbloemen

16 november 2015

WOW dag 2





Het is waar, en het omgekeerde is helaas ook waar. Hanggliding en happiness horen bij elkaar maar bijgevolg levert niet hanggliden unhappiness op. M’n schouder deed duidelijk meer pijn vanmorgen dan de laatste weken, ik denk van het gesleur aan de dollies gisteren en het autorijden – sturen doet pijn. Het leek me geen goed idee om te vliegen, ondanks het advies van Conrad om ibuprofen en paracetamol bij elkaar te slikken en ondanks de ideale omstandigheden. Toen ook nog bleek dat Jamie en ik ons vergist hebben in de data barstten frustratie en teleurstelling uit en een troostende knuffel was niet eens weldadig omdat ook m’n hele nek vol knopen zit. Nou ja, kop op en rijden maar – Ratty zit in de taakcommissie en ik heb ‘m bezworen dat er geen driehoeken gevlogen mogen worden zolang ik chauffeer, ik wil wel enig nut hebben hier. Het werd een taak van 170 km naar het noordwesten en Conrad was als eerste weg dus ik zat al vroeg achter het stuur. Rechtstreeks naar Dubbo om wat campingspullen te kopen zodat ik niet meer hoef te bedelen om een mok en heet water ’s morgens. Terwijl ik nog tussen de schappen liep kreeg ik Ratty’s bericht, uitgezakt na 30 km. Dat betekende de rest van de middag met z’n tweeën op de camping, dus we hebben doktertje gespeeld met m’n schouder en hij denkt dat het in orde is om morgen te vliegen. Mijn inschatting is dat hij een betere arts is dan het meisje dat me heel lief maar nog redelijk onervaren heeft geholpen en bovendien klinkt zijn uitleg plausibel. Plus ik zei dat ik behoefte heb aan gezaghebbende opdrachten om te gaan vliegen tenzij het echt onverantwoord is. In ruil voor z’n diagnose en recept heb ik weer ns met m’n volle zestig kilo over zijn magere ruggetje rondgewandeld, ieder z’n ding tenslotte.
Ondertussen ben ik diep in de memoirs van m’n lievelingsauteur gedoken en terwijl de Murdoch-krantenkoppen toeteren over terreur en horror en facebook ontploft met moslimhaat lees ik Rushdie’s verhaal over de fatwa en zijn kennis van islam. Klein leed (m’n schouder), groot leed (de aanslagen) en heel erg groot leed (dit nieuwe, haatdragende tijdperk) terwijl de tropische vogels fluiten en de zon m’n huid streelt.