15 november 2015

Wings over Wellington dag 1


Shelley en ik, de enige vrouwelijke deelnemers allebei geblesseerd



Raar is het. Aan de ene kant sta ik te stuiteren, de wolken zien er fantastisch uit en ik heb al in geen eeuwen meer gevlogen en ik ben zo blij dat ik hier ben, dit wordt één van de leukste wedstrijdjes ever met leuke mensen en in dit fantastische landschap met steeds betere meteo. Ik kan niet wachten en ik raak een tikje gefrustreerd omdat ik niet vlieg terwijl er zo’n twintig man op goal staan. Aan de andere kant ben ik totaal niet georganiseerd, ik heb drie paar handschoenen in m’n harnas en ben de handleiding van m’n onbegrijpelijke radio vergeten en ik heb geen idee of de wielen goed op m’n basebar zitten. Het waait zo hard dat ik sowieso zou aarzelen om te starten, zeker met de heuvels rondom en alleen drie snelle trikes als tugs, geen dragonfly. Ik ben nog maar net uitgeslapen en ik maak me geen illusies over m’n prestaties. En dan is er ook nog de ingewikkelde afweging welke vleugel ik zal gebruiken en met welke bridle, ik heb Fluffy’s Sonic en haar driepuntsbridle bij me maar ergens vermoed ik dat de Litesport wat lichter zal slepen en een driepuntsbridle vind ik altijd een pietsie griezelig, zal ik net hebben dat ie zich om de ring heenwikkelt. Afijn ik besloot om sowieso niet op te bouwen en pas te overwegen om een vluchtje te maken als het rustig werd, dus nadat de deelnemers al lang en breed on course waren. M’n arm deed niet enorm pijn maar ik ben wel enorm onzeker, ook over m’n knie bij de landing. Uiteindelijk sprong ik maar in de auto om Conrad op te gaan halen. Fijn om over de binnenweggetjes te scheuren en van het vertrouwde landschap en de zon te genieten, gala’s en cockies en duizenden schapen. Jason liftte mee en om half vijf waren we terug op de camping, belachelijk vroeg op een goeie wedstrijddag. Raar allemaal.

14 november 2015

Regen




Om kwart over zes startte ik vanaf Dicko’s, geen probleem over het akelige hek dat langs het voetpad is geplaatst. Aan Selmsy’s beschimmelde Fun, met het te krap afgestelde kniehangertje van Conrad, het was allemaal ploeteren en na vijf minuten was ik er wel klaar mee maar ik was vooral opgetogen dat ik met m’n voeten van de grond af was. Prima landing, m’n rotte knie schoot een fractie door me heen maar dat maakte niks uit. Het geworstel om de vleugel in crosswind de trap op te krijgen wel, de rest van de dag deed m’n schouder zeer. Hairy Karl vloog een keer of tien, hij landt zo gemakkelijk op Dicko’s, jaloersmakend. Fluffy vloog op Strezlecky, ook maar heel even, en om half acht zaten we ergens aan ontbijt. Het goot keihard en het is de rest van de dag niet meer droog geworden. We moesten de auto inpakken en opladen in de regen, reden naar Wellington in de regen, en ik vreesde al dat we de tent op moesten zetten in de regen maar net toen we aankwamen klaarde het op. Eerst twee uur bezig om oude bekenden te begroeten, heerlijk. Maar ik voel me wel afgrijselijk onzeker over het vliegen. Onderweg bekeek ik landingsopties die er normaal perfect zouden uitzien maar nu zie ik vooral struikelrisico’s. En het vliegveld ligt tussen heuvels en bomen, dat wordt gegarandeerd turbulent op een goeie dag en dat is dan weer foute boel met m’n pijnlijke schouder. Ik ga morgen in ieder geval niet vliegen, het wordt toch geen geweldige dag en dan ben ik maandag hopelijk lekker uitgerust.

13 november 2015

Aanloopje naar echt vakantie



Sinds gisteren rij ik weer op m’n eentje rond, Karl moest werken en ik vind het ook wel weer prettig om gewoon m’n eigen gang te gaan. Terug naar Cameron en Lyn om m’n geniale stekkerdoos met Australische stekker en Nederlandse stopcontacten op te halen – het zat allemaal nog in het harnas dat ik de laatste keer gebruikt heb. M’n handdoeken en lakens uit een kast van Conrad geplukt, een matras van Fluffy geleend en toen ik in de enorme afvalhoop in Selmsy’s auto  graaide haalde ik zowaar een radio + lader uit de puinhoop, die heb ik ook maar ingepikt. Hopelijk kan ie me de headset nog leveren. Verzekering op de auto geregeld, chute in m’n harnas gezipt, boek uitgelezen, en voor het eerst sinds m’n schouderontsteking gezwommen. Zonder bril botste ik tegen Harry aan die nog een half uurtje gezellig mee terug de zee in ging, echt praten gaat lastig als je om de drie seconden een golf induikt maar het was leuk om elkaar te zien. De dag bij Nicola in de commune geëindigd, en na een veganistische maaltijd en een glas van dat azijnerige recyclespul terug naar Warners Bay door het onweer en een centimeter water op de straat, donker en langs een vreemde route met voortdurend ‘left lane ends’ en als je niet snel bent bots je tegen een auto op die middenop de baan geparkeerd staat waar je net nog 70 reed. Thank god voor de tomtom!
Karl denkt dat het morgen goed is voor een dawny, misschien maar het regent nu zo ontzettend hard dat ik het me niet kan voorstellen. Ik verhuis al m’n zooi naar Conrads huis en dan vertrekken we naar Wellington, waar de meest incompetente piloot die ik ken meetdirector zal zijn...