29 mei 2015

Meniscus



Merde! M’n knie is naar de mallemoer, misschien wel door de vele slechte landingen in het verleden. In elk geval land ik de komende weken of maanden niet meer, ik kan nauwelijks lopen. Opnieuw een flinke blessure helemaal aan het begin van het seizoen, opnieuw mis ik de prachtigste vliegkansen.
Het was gisteren belachelijk stabiel. Iedereen dacht op basis van de meteo dat het een topdag zou worden, dus we stonden massaal opgebouwd op de start tegen één uur. Maar om vier uur stonden we er nog, de parapenters kwamen nauwelijks omhoog en er hing behoorlijk wat cirrus. Toen er eindelijk een paar door de inversie leken te breken besloot ik te starten, ik had geen zin meer om langer te wachten. Het was me te druk om echt serieus te proberen te schrapen, dus bijna direct toog ik naar het landingsterrein. De omstandigheden waren er ontieglijk veel vriendelijker dan de vorige twee dagen, dus ik hoopte een mooie landing te maken. Stom genoeg dacht ik dat ik te hoog op final zat waardoor ik even twijfelde tussen het veld links en het veld rechts van de sloot, en daardoor zal ik niet helemaal recht op de grond terecht zijn gekomen. Meteen toen m’n voet de grond raakte klapte m’n knie om en ik rommelde lelijk de sloot in. Daar moest ik eerst even een minuut hard au au roepen voordat ik uit m’n harnas kon kruipen, en toen ik even later op iemand steunend probeerde te gaan staan knakte m’n knie opnieuw om.
Het Franse meisje dat me kwam helpen belde een ambulance. Dat leek me nogal overdreven maar voordat ik goed en wel kon bedenken wat ik eigenlijk wilde kwamen ze al aangestoven, met loeiende sirene en zwaailichten en al. Door vijf (!) man werd ik als een prinses op een brancard gehesen en de wagen ingeschoven, nadat ik aan Yves had uitgelegd hoe je een Litesport inpakt en het meisje aanwijzingen had gegeven waar ze m’n tas met telefoon en boek kon vinden. Verschrikkelijk om zo totaal afhankelijk te zijn van mensen die ik nauwelijks ken en die in rap Frans of gebroken Engels vanalles van me willen weten en me graag willen helpen. Tegelijk ook weer hartverwarmend hoe behulpzaam totale vreemden kunnen zijn.
In de ambulance was het nog gezellig, één van die lui was parapentepiloot en het meisje waar ik achterin mee kon babbelen deed aan wakeboarden. Op een brancard in de gang van de eerste hulp was het aanzienlijk minder. Ik kreeg alle tijd om me te realiseren dat ik voorlopig echt niet meer vlieg, ik kon niet goed bedenken hoe het de komende paar dagen moet (de jongen die m’n Sting koopt kan er pas donderdag zijn) en tot overmaat van ramp meldde m’n telefoon dat de batterij leeg was. Ik probeerde Thibault te bereiken maar die was gewoon aan het werk, en bovendien leek het me niet eerlijk om hem met mijn zorg te belasten alleen maar omdat hij nou juist zo aardig was. Yves was ondertussen geweldig, hij pakte m’n vleugel en harnas in, bracht m’n auto naar de camping en nam een complete koffer met schoon ondergoed en toiletspullen mee voor het geval ik zou moeten blijven. Hij viel vorig jaar al op omdat ie zo’n organisator was, dat bleek nu ook heel handig.
De dokter constateerde dat er niks gebroken was en dat ik nog op m’n benen kon staan, dus hij stuurde me weg. Zonder brace, zonder krukken, zonder telefoon. Toen ik in de wachtkamer een derde keer door m’n knie knakte kreeg een dame die goed engels sprak er genoeg van, en ze begon alles voor me te regelen wat er geregeld moest worden. Adres van een apotheek die nog open was, aanwijzingen voor Wim die gelukkig bereid was om me op te halen, een zuster die alsnog een brace kwam brengen. Ik ben haar eeuwig dankbaar. Naast me meldde een patient die ook lang zat te wachten dat het allemaal kwam door de buitenlanders. Ik was te moe om hem erop opmerkzaam te maken dat ik ook een buitenlander ben hier.
Na een korte nacht ben ik inmiddels langzaamaan m’n spullen een beetje in orde aan het brengen en aan het bedenken hoe ik de komende zes dagen doorkom. Ik heb genoeg te lezen en het regent niet dus ik red het wel, maar leuk is anders. Aan de andere kant kost elke beweging en elke actie m’n volle aandacht, meditatie by default! Het is ook goed om bezig te blijven, ik ben trots op wat ik allemaal voor elkaar krijg en het is ontzettend aardig dat zo veel mensen hun hulp aanbieden. Al m’n Duitse buren, de Australisch-Amerikaanse mooie meisjes, Thibault en Yves. Maar het liefst wil ik zo snel mogelijk naar huis. Nog even doorzetten.

27 mei 2015

Lastig




Door m’n weinig gangbare naam, het feit dat ik al twintig jaar vlieg en omdat ik overal kom ben ik een soort bekende Nederlander in het zeilvliegwereldje. Jaren geleden was ik een beetje beduusd doordat iemand zich bijna als een soort groupie aan me opdrong, maar inmiddels weet ik hoe het werkt. Sommigen schrijven mij bij voorbaat allerlei kwaliteiten toe die ik zelf nooit zou claimen. Vervolgens val ik in het echt natuurlijk tegen. Ik blijk geen toppiloot, ik kan niet feilloos voorspellen hoe het weer zich gaat ontwikkelen, ik heb ook overleg nodig om een beslissing over stek en tijdstip te nemen. Het doet een beetje denken aan de niet-vliegers die er automatisch van uit gaan dat ik enorm avontuurlijk moet zijn, omdat zíj denken dat vliegen vreselijk gevaarlijk is. Het is allebei vervelend, van die automatische aannames, ook al lijkt het leuk als mensen bij voorbaat onder de indruk zijn.
Mensen die me als een soort beroemdheid behandelen stellen vaak vragen waarop ze het juiste antwoord al in hun hoofd hebben. Wat ik te vertellen heb is meestal onbevredigend, want het voldoet niet aan wat ze dachten.
Zelf babbel ik steeds vaker met andere piloten over hoe ze hebben gevlogen en wat ze er van vonden. Gekoppeld aan m’n eigen vlucht geeft me dat een steeds beter begrip van wat er nou eigenlijk gebeurde in de lucht, en wat er voor nodig was geweest om langer of verder of leuker te vliegen.
Wat het vandaag was weet ik nog steeds niet precies, maar ik weet wel dat de harde noordenwind de belletjes klein en turbulent maakte. Ik had al zeker anderhalf uur op de start zitten wachten omdat het duidelijk nog te stabiel was, maar om half twee draaiden de parapenters zo makkelijk omhoog dat het moest gaan. De Duitse jongen startte voor me en had duidelijk veel moeite om een goeie bel te vinden en ik wachtte even om te voorkomen dat we elkaar in de weg zouden zitten. Niet lang genoeg, toen ik aan het schrapen sloeg kwamen we elkaar continu tegen. De belletjes voor de berg waren heel klein en ongeorganiseerd en bij één pass over het restaurant moest ik alle zeilen bijzetten om niet tegen de berg geduwd te worden. Naar het zuiden zag ik een vogel draaien en een wolkje ontstaan, en er piepte inderdaad wat maar dat bleek achteraf gewoon de wind te zijn die in de zuidkom van het dal tegen de hellingen omhoog gestuwd wordt. Met genoeg geduld en een veilige afstand wist ik me al essend tot boven de riggel te werken, maar ik verloor het allemaal weer in één bocht en kreeg het ook niet meer te pakken. Dan maar weer naar het landingsveld, waar het opnieuw hard stond te blazen en waar de gradiënt voor akelige sink zorgde. Ik was wat beter voorbereid dan gisteren en zo stond ik opnieuw na een verlengde plouf aan de grond.  

Opklaringen



De voorspelling voor vandaag was helemaal niks en het was vanmorgen ook zwaar bewolkt, maar je zag het wel open trekken. Om een uur of elf belde Wim enthousiast dat hij de eerste parapenter had gesignaleerd, en inderdaad lijkt vliegen dan mogelijk. Ook al heb ik juist hier de idiootste parapenters gezien, mannen die met twintig kilometer per uur rugwind nog zouden starten met een passagier, en dan nog een paar ultralage swoops doen en bij de landing tot twee meter boven de grond doorspiralen. Dus een parapenter hier wil nog niet noodzakelijkerwijs zeggen dat het echt vliegbaar is. Hoe dan ook, na m’n te lange geaarzel van gisteren wilde ik toch wel voor de zekerheid naar boven. Ik bleef er veel langer dan mijn gewoonte is kijken, afwegen, bedenken of het nou wel een goed idee zou zijn om te vliegen en waarom dan niet. Ik hou niet van de vrij stevige wind die er stond en de wolken waren best fors en laag, maar aan de andere kant stond de wind er wel mooi op en de wolken werden niet duidelijk groter. Zoals dan weer wel mijn gewoonte was ik dus als eerste de berg af, en ik draaide direct makkelijk omhoog. Het leek me een goed idee om rond de start te blijven hangen om op de jongens te wachten. Tegen de tijd dat zij ook gestart en omhoog gedraaid waren was ik weer aan het twijfelen geslagen. Ik heb sinds vanochtend een beetje koppijn, ik moest toegeven dat de bellen echt niet turbulent waren maar ik had het toch maar matig naar m’n zin, en over het meer zag ik de wolken met een noodgang naar het zuiden jagen. Halverwege de tandjes bedacht ik dat ik gewoon niet wilde vliegen nu, vandaag, om wat voor reden dan ook. Ik draaide me om en toog richting landing, waar ik ruim tweehonderd meter boven starthoogte aankwam. Dan maar een paar bochtjes draaien, stalletje, beetje rondcrossen. Een paar honderd meter boven de grond werd het flink turbulent en ik zag de golven wind door het koren slaan. Eng maar gelukkig is het landingsterrein groot en vrij aan te vliegen en er was verder niemand in de lucht om me in de weg te zitten. M’n final zag er niet uit en was meer dan spannend, niet leuk, maar ik kwam netjes op m’n voetjes op het juiste terrein terecht. Dus dáárom had ik niet moeten vliegen, wat een akelige landing! Ik maakte me een beetje zorgen om de jongens met hun enkeldoekertjes, maar ze zijn duidelijk prima piloten en inderdaad ze kwamen onelegant maar heelhuids naar beneden.

Gezellige avond met Thibault, de jongste aanwinst van het Franse team. Gekletst over alles en iedereen, hoe Sascha denkt als Mario en hoe Julia op Tonio lijkt en hoe hij me weer aan Conrad doet denken, dat iedereen wel van Pierro moet houden en dat Christian zo voorkomend is maar wel altijd te laat. Over Luis waarvan ik keer op keer nieuw ontdek dat hij er niet meer is, en over hoe hij bijdroeg aan een echte teamspirit. Thibault is een schatje, jong en slim en aardig en een uitstekend gastheer. Opnieuw iemand die bijna twintig jaar jonger is dan ik, waar ik misschien wat levenservaring op vóór heb maar zeker niet vliegervaring. En opnieuw stellen we vast dat er zo ontzettend veel verschillende types vliegen, goed vliegen, ondanks dat je zou verwachten dat zo’n uitzonderlijke sport een bepaald type zou selecteren.