28 juli 2018

Pre-Worlds




Woensdag/donderdag
M’n autothermometer gaf op enig moment 37,5 graden aan en doorgaans is dat ding wel accuraat. Ik ben geen aircogebruiker maar in de eindeloze files in de hittegolf met een paar dikke opvliegers er nog bovenop moest ik toch om. Ik heb me ook nog niet aangepast dus te weinig gedronken dus slecht geslapen dus hoofdpijn, stom! Om acht uur moeten we ons melden op hq, erg vroeg als je bedenkt dat het een half uur rijden is vanaf ons apartement. Dan naar Treviso om Jamie op te halen en dan maar zien of ik mezelf nuttig kan maken. Ik zie al op tegen de discussies over het parkeren van m’n auto, maar als dat niet dichtbij de start kan, kan ik gewoon niet naar boven. Aan de andere kant als ik heel dramatisch met m’n krukken aan kom zetten zal het iedereen duidelijk zijn dat ze niks aan mij hebben deze week.
Wat natuurlijk toch al zo is, ik ben nou eenmaal niet echt in de wieg gelegd voor het werk dat hier nodig is. Organiseren, coördineren, met autoriteit de piloten in het gelid krijgen. Zonder Trudy zou het chaos worden. Gelukkig heb ik het er in Forbes goed vanaf gebracht toen twee ordered launchrijen in één geschoven moesten worden, iedereen eerlijk om-en-om en dan ook nog herstarters op de tiende plek en een paar onvindbare piloten die zich onherkenbaar in hun helm en balaklava hadden gehuld. Zo erg zal het hier niet zijn want geen herstarters, ik ken de meesten, en ze staan al bij hun nummertje opgebouwd. Ik ben gewaarschuwd voor het prinsessegedrag van de wereldkampioen en voor het getreuzel van een paar anderen.
Vrijdag/zaterdag
Major fuckup gisteren maar gelukkig was het grootste deel daarvan gezellig met Jamie. Ik zou haar om elf uur ophalen van Treviso vliegveld, en ik zou ruim op tijd zijn maar in plaats van m’n overjarige tomtom volgde ik de bordjes ‘airport’ zodat ik bij het verkeerde vliegveld uitkwam. Ik was vroeg, dus ik scheurde alsnog naar Treviso, waar ze me een appje stuurde dat ze op haar bagage wachtte en dan naar buiten zou komen. Er kwam niks, heel lang niks, totdat ze zei dat ze bij de waterval stond. Er was geen waterval. Verkeerde vliegveld, ze wist niet dat er meerdere waren en had me de verkeerde naam doorgegeven. Goed, ik terug naar Venezië waar ze meteen in m’n auto sprong. Ik had op de heenweg een ultragruwelijke file op de A4 gezien, truckchauffeurs waren hun ramen aan het wassen terwijl ze in de hitte stonden te wachten, dus ik zette een slimmere route uit op die ouwe tomtom om vooral niet over de A4 te gaan. Al kletsend volgde ik gedachteloos de aanwijzingen van de tomtom, totdat ik een snelweg opdraaide en mezelf direct muurvast in die horrorfile parkeerde. Bleek dat tomtom ons via een gigantische omweg alsnog de file in had gestuurd.
Goed geslapen vannacht, eindelijk, dus ik was er helemaal klaar voor om aan de slag te gaan. Het is wel even wat anders dan gewoon meevliegen als competitor. Als vrijwilliger moet je een uur eerder op hq zijn. Je krijgt pas lunch nadat alle piloten vertrokken zijn, iedereen rent op m’n rooie staffshirtje om de mafste dingen te vragen (kan je me helpen de waypoints in m’n instrument te krijgen? Heb je mijn chauffeur gezien? Wil je mijn vuilnis later opruimen?) en ondertussen probeer ik de piloten in hun harnas in de rij te krijgen. De meesten gedragen zich keurig maar natuurlijk beginnen Jonny en Trent te mekkeren over de regels, zijn er twee Spanjaarden die zich niet klaar willen maken maar ook niet uit de weg willen om anderen door te laten, en herken ik veel piloten niet omdat ze hun helm en zonnebril op hebben. Ik vergeet onmiddellijk elke nieuwe naam die ik leer en er zijn een hoop piloten die ik al jaren ken maar waarvan ik wel de naam vergeten ben, dus het komt voor dat ik iemand goeiedag zoen om meteen daarna zijn naam om te roepen omdat ie zich moet gaan klaarmaken.
Trudy is inmiddels over het ergste heen hoop ik, de nummers op de grond zijn opnieuw geplaatst, deze keer correct, en de startlijsten worden opgeschoond zodat niet-deelnemers er niet langer op staan.
Nu met Jamie en onze nieuwe gerbil (draagbare wifi) laten repareren en eindelijk heb ik even tijd om te bloggen. We zitten, voor het eerst sinds ik woensdagmiddag vertrok, op het terrasje tegenover hq met ijskoffie en gebak. Vakantie!

24 juli 2018

Inpakdag

Ik had me al over de teleurstelling heengezet. In november kreeg ik weer hoop dat ik terug serieus zou kunnen vliegen en ik schreef me in (en betaalde) voor drie wedstrijden deze zomer. Met de opvlammende schouderpijn werd die hoop voorgoed de bodem ingeslagen. Dan maar een tandje terugschakelen. Ik meldde me bij Suan als starthulp en nam me voor om elke ochtend op te bouwen en elke namiddag een klein vluchtje te proberen. Waarschijnlijk ben ik straks enorm overbodig want Jamie komt ook en Trudy kan het best zonder ons af, maar het is sowieso leuk om erbij te zijn.
Tot ik vorige week pijn aan m’n scheen kreeg. Gestoten, dacht ik. Maar er was geen blauwe plek of schram te zien en de pijn werd zo erg dat ik er niet van kon slapen. Het blijkt shin splint te zijn, ontsteking van het botvlies, en de pijn is regelmatig zo hevig dat ik zonder krukken geen meter vooruit kom. De hele dag op een berg staan zit er niet in. Sterker nog, ik weet niet eens of het me zal lukken de auto in te pakken!
Komt nog bij dat het weer in Nederland fantastisch is, zeker voor een gehandicapte die alleen maar in de tuin kan liggen lezen, terwijl de vooruitzichten voor de Alpen niet overhouden. Het zou ook wel verstandig zijn om thuis te blijven en de boel te beschermen tegen verdroging, brand, overstroming en ondertussen rustig door te werken. Er is helemaal niks rationeels aan om als een dolle naar Italie te rijden en dan strompelend niks te kunnen doen. Maar ja, ik ben verslaafd. Verslaafd aan de kleine kans op een vlucht, verslaafd aan vriendjes die ik maar één week elke paar jaar kan zien en dan nog niet zie omdat iedereen het veel te druk heeft met de wedstrijd, verslaafd aan de blije sfeer van een categorie 2-wedstrijd. En: ik geef nóóit op. Ook niet als ik weet dat het eigenlijk beter zou zijn.

15 juli 2018

Hollandse zomer

Eindelijk weer eens een vlakke zee zonder al te veel kwallen en zonder kouwe noordoostenwind. Heerlijk anderhalf uur de spierpijn uit m'n lijf gezwommen en dan weer op de ligfiets door de duinen naar huis. Gisteren voor het eerst in meer dan twee jaar weer eens gelierd in Bruinehaar, toch altijd weer mijn lievelingsclub. De sfeer is er gemoedelijk, dezelfde mensen maken al twintig jaar dezelfde grapjes, er is weinig stress en we eindigen gewoonlijk bij de Waayer, waar Jan me mijn biertje niet eens af liet rekenen. Het lieren zelf ging helemaal goed, ik had weinig last van m'n schouder en zowel André als Gerard trok perfect zodat ik niet overdreven hoefde te vechten in de thermische lucht. Maar het lukte totaal niet om een belletje vast te houden, m'n landing was vreselijk slecht en de tweede keer maakte ik een releasefout waardoor ik binnen tien seconden halverwege de lier aan de grond stond. Jammer allemaal, maar het is fijn om te weten dat ik het weer kan en dat m'n maatjes er nog altijd zijn.

01 juli 2018

Vliegen is de rode draad van ons leven

Ik reed wel naar Neumagen, maar was eigenlijk maar heel matig gemotiveerd en de enorme afstand (vier-en-een-half-uur) hielp niet. Uiteindelijk zakte ik in vijf minuten uit met m'n Litesport, en even later in tien minuten met m'n Fun. Toch was het een geweldig wiekend, doordat Andrea me uitnodigde om bij haar te logeren in plaats van m'n tentje op het landingsveld te kwakken. Ik heb er echt een vriendin bij. We kennen elkaar al bijna twintig jaar, en ik heb haar man dus ook gekend want zij vlogen altijd samen, maar we hadden zelden meer dan een knuffel en een paar zinnen gewisseld. Volgens Andrea is het standaard dat ik klaar sta om te starten als ze mij ergens op een start tegenkomt, en dan doe ik m'n vizier even omhoog om haar te groeten en verdwijn vervolgens voor een overlandje.

Uren en uren ingehaald - over Gunther en hoe het voor haar was toen hij verongelukte, over de club en dat er altijd wel iemand naar je toe komt rennen om je te vertellen wat je verkeerd hebt gedaan, over vijftig-plus zijn en relaties en lekker in ons vel zitten, en vooral over vliegen en nooit leven vanuit angst. Hoe ontzettend veel mensen klaar staan om te vragen 'wat als er iets gebeurt?', 'ik zou het nooit durven', 'is het niet gevaarlijk?' of nog irritanter 'het is gevaarlijk'. Mensen die vervolgens wel jaloers zijn, of ons raar vinden, die zichzelf vastketenen aan hun kinderen of hun huis of hun man maar vooral aan hun angsten. Die denken dat wij het voor niks krijgen, dat het makkelijk is, en tegelijk niet inzien dat zij dezelfde keuzes kunnen maken als ze echt zouden willen.
En we deelden topervaringen. Momenten dat je tussen de wolken vliegt. De keren dat je hardop moet lachen van geluk. De diepe verwondering als je de natuur ervaart. De blijdschap als je uitgeput landt na een lange vlucht.

Zij gaat morgen twee weken door de Alpen wandelen en ik hoop nog zoveel mogelijk kracht terug te trainen nu mijn schouder weer bijna goed is. Zo fijn om af en toe een soortgenoot te treffen.


16 juni 2018

Annecy


Je staat vroeg op, rommelt wat op de camping, peddelt een stukje en zwemt een stukje en je doet een klein vluchtje en plotseling is het vijf uur. Onbegrijpelijk. Ik ben ontzettend verdrietig omdat we afscheid moeten nemen en het zal nog wel weer een paar jaar duren voor ik Conrad weer zie. Maar het was wel top, zeker nadat de regen ophield en we konden vliegen. Na een paar vluchtjes op Plaine Joux donderdag, waar we een paar uurtjes de Mont Blanc in haar volle glorie konden zien schitteren, namen we de bergroute naar Doussard waar verder alles overdreven gladjes verliep. ’s Ochtends landden de SIV-parapenters naast onze tent zodat Conrad het allemaal goed kon bekijken; hij komt speciaal voor een SIV. Navette naar de start, vluchtje met m’n Fun en een perfecte landing, nog een heerlijk ontspannen vluchtje en alweer een geweldige landing. Uurtje peddelen, nog een stukje zwemmen, potje koken en een goed gesprek, en toen we wilden gaan wandelen in het natuurreservaatje naast de camping hoorden we een geweldige band (Les ogres de Barback) aan het strand  waar we verder de rest van de avond hebben gedanst. De leden van de band speelden ieder instrument waar ik ooit van gehoord heb, geweldig. Een mix van Arabische, folk, Baskische en Franse chanson muziek, veel cabareteske oproepen tot revolutie en betere zorg voor het milieu en een perfecte temperatuur ook nog.
Ik zocht nog slachtoffers om de kampeerspullen die ik aan Ratty uitleen mee terug naar Nederland te vervoeren, en Nico die gezellig op kwam dagen heeft geen plaats. Gelukkig bleek het eerste Nederlandse stel dat ik aansprak erg vriendelijk, ze hebben ruimte en gaan pas over twee weken weg dus ze nemen m’n spullen mee, ideaal. I love it when a plan comes together. Vanmorgen hoefde ik de auto dus niet al te precies in te pakken, dus we konden alweer superrelaxed op tijd naar boven waar ik allemaal bekenden van Club d’Annecy trof – Jerome, Yves, Robert, enz.
Ik startte goed in een lekkere bel. Te lekker want halverwege wolkenbasis verloor ik m’n concentratie en zakte ik weer net zo hard terug naar starthoogte. Ik bleef nog een kwartiertje jojoën en dat was dan weer teveel voor m’n puddingarmpjes – niks getraind afgelopen jaar, een pietsie pijn in beide schouders en toch nog eigenlijk best wel een beetje last van de elleboog. Na een half uurtje landde ik onelegant op Doussard. Net genoeg tijd om alles in te pakken en op te binden, een paar babbeltjes te maken en het enige biertje van de week te drinken en toen was Conrad er al. We doken nog een laatste keer in het meer, huurden een fiets voor hem en reden als allerallerallerlaatste ding met de fiets op het dak richting Annecy. Te vroeg voor een restaurant dus we eindigden bij een ketenpizzeria. Smakeloze oranje formica tafeltjes, lelijke parkeerplaats voor de deur. Een beetje gesprek lukt dan ook niet meer en om zeven uur namen we afscheid. Hij stond me bij de afslag naar het fietspad op te wachten om nog een laatste keer te zwaaien, en flink van slag af wist ik twee uur lang te verdwalen en m’n creditcard kwijt te raken voordat ik eindelijk op weg naar huis reed, met de cd van het bandje van gisteravond veel te hard. Geen Luxemburg dus meer vanavond dus een sleepje in Maillen morgen zit er waarschijnlijk niet meer in, maar als troost heb ik een heerlijk campingkje gevonden waar het enige geluid dat van alle vogels en kikkers is.

13 juni 2018

Mist, regen, wind en kou



Met de ouwemensenstokken die ik gisteren heb gekocht ging het berg-op-en-af een stuk beter, maar na twee uur klimmen wilde ik toch weer de route bekorten. Ik voel me een spelbreker omdat Conrad echt tot de top had willen lopen en hij is er fit genoeg voor en er was inderdaad wel een kansje dat de mist/wolken een beetje hoger misschien op zouden lossen, maar als ik te ver loop kom ik kreupel en kreunend thuis en dan wordt het lastig om morgen te vliegen.