28 juli 2007

laatste dag

Ik besloot om de confrontatie maar aan te gaan, maar dat kostte toch teveel. Ik stond dus behoorlijk brak op de berg, en de wind nam snel toe. Wat een lastig dilemma, ik ben lid van de veiligheidscommissie maar ik heb geen benul. Normaal gesproken luister ik naar de overwegingen van Mart en Raymond en probeer daar van te leren. Maar Ropje adviseerde me terecht om vooral te bedenken of ik zelf zou willen vliegen als het geen wedstrijddag was. Vandaag was dat erg twijfelachtig maar dat had natuurlijk ook te maken met m’n gebrek aan slaap. Dus besloot ik om juist vroeg te starten, voordat de wind het onmogelijk zou maken, en eventueel vanuit de lucht nog te melden of het idioot werd. Dat bleek uiteindelijk niks te worden want er werd veel gepraat op de radio zonder dat ik het kon verstaan, dus ik zette ‘m uit.

Het kost me altijd even om helemaal goed in m’n harnas te liggen, lekker de lucht te voelen, compleet te focussen op het vliegen. Dat ging eigenlijk best makkelijk en we soarden eenvoudig tot een meter of honderd boven start. Er zat ook prima termiek, best hard maar niet turbulent, en het ging ook niet hoger dan 2000 meter. Ik zag wel dat er na de eerste tien, vijftien piloten niemand meer de berg af kwam maar waarschijnlijk stond de wind cross ofzo. Na drie kwartier rondhangen mocht ik starten, dus ik vloog de startcirkel in en bekeek waar het eerste keerpunt lag. Niet te bereiken. Een paar kilometer over the back en dat met die belachelijk harde tegenwind, no way. Ik voelde me toch best moe dus dit vond ik wel een geschikt moment om dan maar te landen. Geen wedstrijd meer, helaas, maar het was toch echt een beetje aan het randje om in de lucht te zijn. Pas boven het landingsterrein zag ik dat alle toppers er al stonden, kennelijk was de taak gecancelled. Het landen zelf was geen feest maar ging goed. Even later pletterde Moniek gevaarlijk tegen de grond. Toch weer een goede beslissing dus, om te stoppen met vliegen. Geen punten helaas.

Vanavond prijsuitreiking, morgen naar huis. Misschien wordt het nog leuk, er zijn erg veel mensen die me op allerlei manieren steunen. Troost, afleiding, zorg, helemaal perfect. Maandag weer werken.

Derde taak

Donderdag werd ons de mooiste dag van de week beloofd, maar bij de start zag het er maar matig uit. Strakblauwe lucht, de parapenters kwamen niet erg hoog. Ik startte dus maar eens niet als eerste of tweede, maar toch vroeg. Meteen vond ik een belletje waar ik heel rustig in omhoog draaide, ondertussen andere piloten aantrekkend die me af en toe ook inhaalden op weg naar boven. Op 2800 meter zat de gaggle en daar liet ik me erg door afleiden. Gaggles bij een NK zijn vaak nogal chaotisch, er vliegen een paar piloten mee die weinig ervaring hebben en die dan geen mooie cirkels om elkaar heen draaien. Bovendien zat iedereen op dezelfde hoogte. Ik vloog dus een stukje weg, ging er van uit dat ik het snel wel weer op zou pakken, maar ik verloor veel hoogte en heb dat niet meer terug kunnen pakken. Lager dan 2800 durfde ik niet rechtstreeks naar de Cordeill te steken, als er sink of tegenwind zit dan haal ik het niet en dan wordt het crashen in de kloof. Ik zag wel een wolkje middenboven de kloof met een paar delta’s heel hoog, maar deze dag ging ik het risico niet nemen dat ik dat belletje niet zou kunnen pakken.

Daarna heb ik twee uur langs de ridge gezocht naar een bel die me naar wolkenbasis zou brengen, maar ik kon niets centreren en ik werd steeds moeier. Uiteindelijk zag ik een mooi wolkje boven La Mure, m’n laatste kans. Ik werd echter binnen een seconde met plus acht of negen links omhoog en direct daarna naar rechts beneden gesmakt, nog nooit heb ik zo dicht bij een tumble gezeten. Het was de radicaalste wingover die ik ooit heb gemaakt en ik vond het niet leuk. Met moeite ontsnapt aan dat ding en daarna maar geland op het doelveld, zonder zelfs maar de startcirkel gehaald te hebben. Daar ben ik blijven kijken naar de finish van de twaalf piloten die na twee-en-een-half uur wel doel haalden, altijd een schitterend gezicht. Iedereen had grote moeite met de landing en de gruwelverhalen over bizarre turbulente bellen waren overal. In jaren niet zo slecht gevlogen maar ik heb er geen spijt van.

26 juli 2007

NK taak twee

Ik ben er altijd van overtuigd dat er tijdens een vlucht geen gedachten emoties problemen zijn maar soms is dat toch een leugen. En van het grienen word ik ook een beetje raar. Dus gisteren voelde ik me sowieso niet normaal, m’n kop m’n lijf voelden raar, ik vloog voortdurend in de buurt van Koos wat toch erg afleidt en de lucht was ook nogal heftig. Kneiters omhoog maar ook keiharde klappen, een paar keer knalde ik met een harde twang van de zijkabels een stuk gewichtloos in m’n harnas. Heel erg vermoeiend. Terwijl het begin zo makkelijk was, bij de start schoot m’n neus omhoog en draaide ik in no time naar wolkenbasis op 3000 meter. Drie kwartier wachten tot de startgate open was, toen met de kopgroep mee naar het eerste keerpunt. Daar draaiden we allemaal min of meer tegelijk om naar het volgende keerpunt, maar dat was tegen de wind in en dan wreekt zich mijn lichte gewicht en oudere vleugel. De toppers schoten vooruit, ik krabbelde, fors sturend want m’n vleugel wil voortdurend naar links, in een omweg (ik durf niet dwars over een onlandbaar gebied heen) naar het keerpunt. Daar weer hoogte gewonnen, terug naar de bel bij Thorame Haute, een half uur keihard werken om op wolkenbasis te komen en toen door naar Allons. Daar kwam ik maar net genoeg over het riggeltje heen om te zien dat er inderdaad een landingsterrein lag, en na drie uur in de lucht was ik zo harstikke moe dat ik er geen werk meer van maakte om omhoog te komen. Ik rotorde naar beneden, was zo bang voor de landing (ik werd echt alle kanten op geslagen) dat ik mezelf hardop toesprak om snelheid te maken en rustig te blijven, en zette ‘m op z’n wielen drie velden verderop dan m’n beoogde landingsterrein neer. Ik stond nog na te hijgen en te bibberen toen Holger ook hard naar beneden knalde, hij viel gewoon twintig meter uit de lucht gelukkig kreeg hij vlak boven de grond weer wat snelheid zodat hij pijnloos op het veld stond. Twee keerpunten, 58 kilometer, achttiende plaats.

24 juli 2007

Drie dagen gecancelled


Al drie dagen wachten tot de wind gaat liggen. Saai. Hier Rob die eindelijk pas z'n harnas uit de regen gaat halen als het al plenst.

21 juli 2007

Eerste wedstrijddag

Hoe moet ik dit nou nog uitleggen? Dat het toch echt een gave sport is. Doodmoe, vijf uur op de ophaal zitten wachten we stinken hebben het koud zijn elkaars grappen zat en hebben een paar vieze pizzas op, we weten dat we bij lange na niet bij de top-helft zitten want we hebben er een hoop terug zien komen van het eerste keerpunt en terug op de camping blijkt het scoringsprogramma niet te werken. Die arme Henk Lucardie, die ik als nieuwe scorer hier heen heb gelokt, ziet er doodmoe en ongelukkig uit. Peter Nauta onze topchauffeur (sinds GertJan pleite is) is sjagrijnig want hij heeft sinds negen uur vanochtend alleen maar gereden en starthulp verleend. Busje twee is nog niet eens terug.

Ik startte als tweede of derde, draaide met Koos best leuk omhoog maar zoals altijd: Koos draait zonder problemen door naar wolkenbasis en ik zak weer honderden meters onder de start weg. De termiek was – voor mij althans – behoorlijk heftig af en toe donderde ik vertikaal naar beneden, dus ik was al moe voordat de wedsrijd echt begon. Op een bepaald moment besloot ik dan maar te gaan landen, vanaf dat moment ben ik toch heel langzaam en linksom (draairichting was natuurlijk rechts vandaag) omhoog geschroefd. Iedereen was al lang en breed weg en ik wist wel dat ik eigenlijk door moest werken tot de wolkenbasis maar ik bracht het niet meer op, was al een uur bezig. Het volgende dalletje zakte ik er weer bijna uit, nu was er geen fatsoenlijk landingsveld meer. Toch maar richting een mogelijk weitje, en ja hoor opnieuw pakte ik een 0,1 en tot m’n grote opluchting kwam ik over de riggel heen zodat ik in ieder geval het landingsterrein van Thorame kon halen. Ondertussen waren de batterijen van m’n gps opgegaan dus ik wist niet waar ik heen moest. Met een hoop hoogteverlies zitten eikelen tot ik m’n foretrex uit m’n zijzakje had geplukt, de nieuwe knopjes bestudeerd en net zolang zitten eikelen tot ik een goto had gevonden zodat ik in ieder geval wist welke kant ik ongeveer op moest. Toen weer op zoek naar termiek. Op dat moment zag ik in de verte Koos van het eerste keerpunt aan komen speren. Natuurlijk draaide hij wel omhoog op een plek waar ik niks kon vinden. Met een paar gieren kwam ik toch nog het volgende dal in, maar daar raakte ik in de stress omdat ik maar een mogelijk landingsterrein zag. Daar raak ik dan zo op gefixeerd dat het gewoon trekt. Dus na anderhalf uur vliegen en maar een paar kilometer van de taak rotorde ik snel naar Colmar, waar Rob de Regt al stond en Rob (even zwaaien op final) en Johnnie Baas snel na mij erbij kwamen. En nu dus eindelijk terug, gauw een beetje zweet afspoelen en slapen.

18 juli 2007

18 juli

Vandaag zetten we een taak naar de Dormillouse uit, de meteo gaf fantastisch weer op met termiek tot vier, vijfduizend meter. Ik was als eerste de berg af, had niet goed gekeken waar de parapenters omhoog gingen en moest dus weer flink ploeteren om omhoog te komen. Hoger dan drieduizend meter lukte me niet en ik realiseerde me tijdens deze vlucht dat ik kennelijk oud begin te worden, want af en toe was ik gewoon soort van bangig. Bizar. Knijpen in m’n bottombar en m’n hart in m’n keel. Heb ik eigenlijk nooit, ik ben bang voor het landen maar niet in de lucht, niet voor turbulentie of heftige termiek. Maar hier is de lucht echt groot, je wordt af en toe heel erg op je kant gegooid en een paar keer lijkt het erop of je over de kop zal slaan. Het helpt natuurlijk niet dat ik de vleugel zo weinig onder controle heb nu die veel te groot voor me is. Afijn, als rechtgeaarde landingsschijterd hield ik het ook voor gezien voor de Cheval Blanc. Ik kon niet hoog genoeg komen om over de rand heen te kunnen zien of er achter de berg geschikte landingsterreinen lagen, en om om te draaien naar het veilige Thorame tegen de wind in, moest ik toch ruim op tijd besluiten dat het tijd werd om op te geven. Zonde. Na vijf kwartier vliegen stond ik in Thorame. Kort daarna landden er vier Fransen, waar ik een lift van kreeg terug naar de camping waar Ad, Jacques en Han inmiddels zijn gearriveerd. Heerlijk, allemaal goede vrienden om me heen. Frankje en Rob zijn al goed voor me, de drie stoute mannetjes erbij maken het compleet. Ik kan van tijd tot tijd bij ze uitsnikken en verder bespreken wij uren, dagenlang, seks, drank en slechte landingen. Zo komt een mens wel over liefdesverdriet heen.

17 juli 2007

17 juli

Het waaide vandaag iets minder hard, meteen is het ook termischer en dus vlageriger. Terwijl we stonden op te bouwen probeerde een parapenter weg te komen. Als je dat getob ziet ben je toch weer dankbaar dat je gewoon kan deltavliegen jeetje wat ziet dat er naar uit. Sommige van m’n beste vrienden zijn parapenters maar het is toch een afwijking, om aan zo’n kreukelig lapje een berg af te springen. Niet-vliegers beseffen denk ik niet hoe groot en sterk en zwaar de lucht kan zijn, het is een reus die je kan verpletteren als je niet een beetje geinig meespeelt. Onder een delta is dat al erg indrukwekkend, maar zo’n flipflopgeval brrrr. De man viel na een half uur ellende eindelijk de lucht in, knalde hevig pendulezwaaiend net niet tegen de bomen aan en landde gelukkig snel.

Ik was snel daarna klaar en hoewel Harry me ooit – terecht – verboden heeft om als eerste te starten wilde ik nu toch niet meer wachten. Er zat een delta in de lucht, geen idee waar die vandaan kwam, ik had aan de schermvlieger kunnen zien dat het goed omhoog moest gaan en ik ben trouwens ook wel echt over m’n uitzak-fixatie heen. Niet dus. Ik startte en begon er zowaar uit te zakken. Dat zal me toch niet gebeuren zeg! Na lang heen en weer gezoek toch een kneiterbel gevonden, dit was bijna weer tè maar ik hield ‘m vast en uiteindelijk zat ik op 2800 meter (onder Tanno die me dan toch weer snel inhaalt). Bij het steken verloor ik echter alle hoogte razendsnel en bij gebrek aan acceptabele landingsterreinen keerde ik dan maar om. Dat werkt zo vreselijk demotiverend dat ik de prachtige bel van drie kwartier daarvoor nu niet meer echt serieus probeerde te pakken, dus ik zakte er nu echt uit. Nou zit ik om vier uur uitgevlogen en ingepakt op de camping, gek. Zo vroeg, zoveel tijd, dan maar blablaverhalen voor m’n blog schrijven…

16 juli 2007

St. André-les-Alpes

Nog heter dan gisteren, en het waait nog net iets harder. Tegen de tijd dat ik klaar was om te gaan starten was het zo aan het blazen, dat ik besloot om maar weer in te pakken. Het zag er allemaal niet slecht uit, maar ik voorzag weer drama om m’n vleugel om te draaien, op te pakken en stabiel te krijgen op de gladde helling met de veel te sterke wind. Gisteren heb ik twintig minuten staan eikelen voordat ik eindelijk m’n vleugel zo in m’n handen had dat ik kon gaan rennen. De start zelf gaat dan wel uitstekend, maar ik was al moe voor ik begon op die manier. Dus nu ingepakt, uniek natuurlijk zeker aangezien vrijwel alle anderen wel startten, maar ik kreeg er geen spijt van want de meeste starts zagen er waardeloos uit. Bovendien hoorde ik op de grond dat de ervaringen zaten tussen ‘niet echt leuk’ en ‘doodsbang’. Beetje turbulent dus.

Nu even Rob ophalen en dan inpakken, naar St. André.

Camping municipal St. André-les-Alpes

Terwijl ik totaal shakend van de kou met twee truien aan m’n bevroren handen om een koffiekop hield, volgens mij heeft het gevroren vannacht, liepen andere campinggasten vrijwel bloot rond te scharrelen. Niet normaal. Ik begin nu pas (negen uur) een beetje te stoppen met rillen.

De camping is totaal anders dan Laragne, veel luxer en groter en schoner enzo maar echt helemaal niet zo leuk. Trouwens de camping in Laragne is ook prachtig geworden, daar zijn Hayo en Cornelia mee begonnen natuurlijk maar inmiddels is het echt schitterend. De dieren zijn weg dus er ligt geen stront meer in je servies, kapotte stoelen blijven niet meer staan, de douches hebben nieuwe haakjes en er is zelfs een zwembadje.

St.André is schitterend maar als afscheid uit Laragne kregen we nog even een paar horrorstories mee over het landen hier. Berucht is het hoofdlandingsterrein hier bij de camping aan het meer, waar niet alleen de drie windvaantjes de onhebbelijke gewoonte hebben om alledrie een totaal andere richting op te wijzen, maar ook nog 180 graden om te slaan op het moment dat je net op final zit. Het veld ligt dan ook precies op het punt waar drie valleien bij elkaar komen. En verder is er niks, ja alleen piepkleine hellinkjes waar het ‘se poser très delicate’ is, brrrr. Eerlijk gezegd zie ik daar behoorlijk tegenop, ik wil nou eindelijk eens een jaar zonder botbreuken en grote schade zeg. De Fransen zijn behoorlijk verbaasd dat we een NK, een wedstrijd waar toch niet echt toppiloten aan meedoen, hier hebben georganiseerd. Maar de voorzitter van de wedstrijdcommissie (Koos) houdt meestal geen rekening met de mensen die wat minder getalenteerd zijn dan hij, en hij wil zoveel mogelijk afwisseling, dus werd het St.André. Nou ja we zullen zien.

Alweer dronken o jee

Vroeg de berg op, maar helaas de wind trok toch aan ook al dachten we het voor te zijn. Joost en Rob startten toch, ik pakte weer in met de bedoeling om te wachten tot een uur of vijf, zes, tot het allemaal wat rustiger zou worden. Ach als je lang genoeg wacht bovenop een berg in de brandende zon, dan lijkt die wind gaandeweg toch weer minder te worden ook al verandert er niks. Om drie uur had ik twee starthulpen, ik had er zin in, en op het moment dat ik nog bezig was om m’n vleugel stabiel in m’n handen te krijgen (dus vóórdat ik daadwerkelijk ging starten) besefte ik dat ik al twee meter boven de grond hing. Dan maar door. De lucht was eigenlijk heel rustig, maar er stond zo’n enorme puist wind dat ik absoluut geen meter naar achter durfde want dan zou ik nooit meer terugkomen op het landingsterrein. De rook van de bosbranden honderd kilomter zuidelijk prikte in m’n ogen, de lucht was oranje-grijs van de viezigheid. Nog een stukje met een tiental enorme gieren gevlogen, geweldig, eentje kwam dichter dan vijf meter bij me. Na een uurtje wilde ik wel ns landen want het was een beetje saai zo en bovendien wilde ik graag een goeie landing achter de rug hebben hier op dit beruchte terrein. Alleen, ik kwam niet naar beneden. Waar ik ook vloog wat ik ook probeerde, stallen, slippende bochten, maakte niet uit de vario bleef piepen. Uiteindelijk toch een beetje lager uitgekomen en een prima landing gemaakt. Mooi zo, de eerste vlucht in St.André zit er op.

14 juli 2007

Laragne


Ik zit op het terras van de camping in Laragne, de temperatuur is heerlijk heet met een behoorlijk windje. Ik ben rozig van m’n half uurtje in de pool en de biertjes na een half uurtje vliegen. Langer hoefde niet, het was nogal heftig weer met harde wind en flinke bellen, en ik wilde erg graag het landingsterrein bij de camping halen dus daar was ik zo op gefocust dat ik niet meer echt ging vliegen. Was maar goed ook want ik kwam nauwelijks tegen de stevige wind in, er zat nog sink ook dus het was niet eens zo’n rare gedachte dat ik het mogelijk niet zou halen.

Toen we gisteren uit Nederland wegreden regende het, de wolken hingen op vijfhonderd meter of lager en het was echt koud. De rit was vermoeiend, met twee auto’s en drie personen dus vooral Frank heeft lange stukken moeten rijden. De radio’s werkten al niet meer als je meer dan een kilometer uit elkaar was, dus moesten we toch steeds per sms afspreken waar we zouden tanken of wisselen. Maar dat werkte dan weer uitstekend dus uiteindelijk was de reis wel te doen, en kon ik proberen om niet al te veel te denken aan hoe het normaal zou zijn geweest.

Morgen gaat het nog harder waaien dus vliegen zit er niet in. Ik denk dat we dan rustig inpakken en naar St.André afzakken, om daar dan hopelijk vanaf maandag te vliegen.



25 juni 2007

Trug

Jeetje wat een kater. De laatste dagen hebben we alleen kleumend in de stromende regen doorgebracht, ruzieënd over het al dan niet scoren van de vierde taak (hadden de Nederlanders hun zin gekregen, dan was ik een paar plaatsen beter geëindigd en als 7e van de meisjes ipv 8e, maar ik was het toch niet met het Nederlandse protest eens). Beide gecancellde dagen heb ik wel gevlogen, gelukkig heel vroeg want de late starters scheten zeven kleuren omdat ze de wolken ingezogen werden en met keiharde rukwinden moesten landen. Onbegrijpelijk dat ze gestart zijn, maar kennelijk was op de start niet te zien hoe gevaarlijk het werd. Dat vind ik dan wel weer een akelige gedachte, dat je op de start de omstandigheden niet kan beoordelen. Eergisteren was het vooral de regen die het erg lastig maakte. Ik had een uitstekende landing, mooie afsluiting van een niet zo’n geweldige week, maar Martin knalde hard tegen de grond en brak z’n arm. Verschrikkelijk sneu, vooral de spijt waar hij zeker last van zal krijgen, dagen weken lang door je kop malen ‘had ik maar’. Niks zo erg als dat, ik heb nog spijt van m’n gemiste seizoen van drie jaar geleden, toen ik m’n pols brak. En trouwens ook van de gemiste kansen in wedstrijden, nu weer, ik ben als 124e geeindigd omdat ik domme fouten maak of m'n aandacht af laat leiden stomstomstom. Daardoor geen kans dat ik volgend jaar mee mag doen met de EK (als het Nederlandse protest was aanvaard had ik boven Daphne gestaan, dan zou er nog een minikansje zijn).
Door het op en neer gerij naar het ziekenhuis miste ik de prijsuitreiking, maar ach daar mis je eigenlijk niet zoveel aan en al helemaal niet als het maar blijft stromen van de regen. Direct daarna ging het merendeel van de deelnemers al naar huis (veel van de Nederlanders waren al weg). Ik wilde nog feest vieren alleen bleef Koos erg lang zodat er voor mij weinig te vieren was. Uiteindelijk was de kust dan vrij en kon ik gaan dansen (in de regen, met een waardeloze band maar met goed gezelschap). Heddertje zong de stemming erin, Dave Seib gaf een stripshow weg, Dave Shields entertainde de pasgescheiden meisjes en het Zwitserse team ging compleet uit hun dak.
Gisteren in dertien uur (!) met Heather naar huis gereden, vandaag een complete dag bezig om uit te pakken tent te drogen wasje te doen mail te checken bed opmaken busje terugbrengen enz enz enz en dan maar vroeg naar bed om morgen weer helemaal fris me te werpen op m’n nieuwe huis en werk. Jeetje.

21 juni 2007

onweer

Gisteren was het al ruim voor de start erg duidelijk dat je niet laag moest komen. Boven de 2000 meter ging het goed omhoog maar daaronder was het ontzettend stabiel, dat kon je zelfs zien. Dus ik dwong mezelf om eindeloos te blijven volhouden tot ik op wolkenbasis zat, pas een half uur na de opening van de start vloog ik dan eindelijk de cirkel in. Toen had ik terug moeten vliegen naar m’n belletje, maar dat was drie kilometer terug terwijl ik toch graag op koers wilde. Bovendien zag ik in de verte mensen draaien, dus ik gokte erop. Mis. In no time zakte ik onder de 2000 meter, en ook verder piepte er niks meer. Ik zakte weer uit (net als drie jaar geleden, toen het ons ook nadrukkelijk verboden was) op het vliegveld. Keiharde wind, spannend, ik dacht kom maar op met die boete maar ik ga wel m’n botten en buizen heel houden. Trouwens ik zag nog twee anderen ook daar landen. Ik liep zo snel mogelijk naar de kant, bloedheet en zwaar met de keiharde wind. Bij de boerderij waar ik terecht kwam vond ik de mooiste afbouwplek ever: vers gemaaid gazon in de schaduw van een paar bomen, een boerin die me limonade en een banaan kwam brengen en een boer die hielp om de vleugel te tillen. Schitterend. Ondertussen zag ik verderop op de koers een enorme dikke grijze regenbui ontwikkelen en inderdaad ik zat nog niet in het busje of de taak werd gestopt. We zagen tientallen piloten keihard voor de bui uit vluchten, veel te hoog, of landen in de regen wind en dikke hagel. Heel akelig maar er is niemand echt gewond geraakt.
Er komen nu complaints en protesten omdat het niet eerlijk is de taak te scoren terwijl de priority piloten het tweede startgate moesten nemen, die lagen dus twintig minuten achter en ze hebben gelijk. Wel jammer voor mij want dat kleine vluchtje van gisteren levert me vier plaatsen stijging op de ranglijst op.

Vandaag rustdag. Er komt fohn aan en vanmiddag mogelijk zwaar onweer. Ik merk ook dat alles wat ik op wil tillen waanzinnig zwaar is, m’n spieren zijn gewoon op. Inmiddels hebben we ook bedacht dat de vleugel echt veel te groot voor me is, 13.3 terwijl ik nu minder dan 57 kilo weeg. Geen wonder dat ik totaal niet vooruit kom en dat het zo bizar zwaar is om een bocht in te zetten. Heb ik me eigenlijk nooit gerealiseerd maar tja ik woog tot kort geleden ook wat meer. Flink eten dus maar en fantaseren over een nieuwe vleugel. Eerst deze verkopen.

19 juni 2007

taak 4

Alweer dronken, nou ja dat gaat snel nu. Drukkend heet, dertig tot vijfendertig graden en humid, de hele dag op de berg en in de lucht hard werken en altijd te weinig eten. Een biertje en ik ben al van de wereld.
Om tien uur stond er al castellanus boven de ridge, om twaalf uur kregen we een serieuze bui over ons heen en de voorspelling was dat het zou kunnen overontwikkelen of toch juist inzakken. Geen idee dus. Toen het window geopend werd stond ik natuurlijk snel vooraan (is nogal standaard, ik ben meestal als een van de eersten de berg af) en we draaiden met een vijftal redelijk makkelijk naar wolkenbasis. Van daaruit richting startcirkel, we hoefden niet al te lang te wachten want het was nog acht kilometer vliegen en ik was pas drie kwartier voor de eerste start van de berg af. Maar goed ook want jeetje deze gaggle was wel heel anders dan gisteren zeg. Helemaal niet relaxed en ruim, maar juist eigenlijk gewoon doodeng. De bellen waren klein en ontzettend fel, de wolkenbasis was totaal niet plat dus af en toe zat je toch echt dik in een wolk terwijl iemand naast je nog driehonderd meter door kon draaien. Soms draai je een kwart en ineens knalt er iemand van onder je voor je neus langs, of je vliegt een stukje rustig rechtuit en de lucht gooit je met gigantische kracht op je kant. Heftig! M’n stemming was ook niet goed, moeilijk te definieren maar het was niet goed.
Ik verloor natuurlijk weer veel te veel hoogte dus tijd met m’n start, moeizaam terug naar de wolken gekrabbeld en daardoor hobbelde ik weer achter de meute aan. Voorbij de startberg kwam ik Christine weer tegen, leuk en bovendien draait ze harstikke goed dus het is ook echt een hulp. Hans had ons gewaarschuwd om vooral goed hoog te blijven bij het eerste keerpunt. Voor ik de oversteek maakte tankte ik maximaal ook al regende het flink op m’n helm en vleugel tiktiktik en recht vooruit ontwikkelde zich een grote vertikale cumulus. Onder me kwamen de eersten al terug van het keerpunt, een aantal zakte eruit dus ik was extra gewaarschuwd. Direct na het keerpunt dus niet omdraaien en tevergeefs proberen om hoogte te maken bij de ridge waar ik vandaan kwam, maar doorvliegen en proberen langs de Weissensee iets te vinden. Anderen die hoger aankwamen dan ik lukte het, maar mij (en een paar anderen die ook zo laag zaten) niet meer. Ik zat enorm te wachten op vogels, tot nu toe ben ik gewend dat ik indien nodig vaak gered word door vogels. Ze kwamen ook, maar draaiden te dicht bij de berg en gingen te langzaam omhoog, en bovendien zat ik inmiddels zo laag dat het toch tijd werd me op een landing te gaan concentreren. Helaashelaashelaas. In m’n landing nog wel gauw even het keerpuntje meegepakt, ik kon het niet laten, en vervolgens een belachelijke overshoot gemaakt die totaal niet nodig was maar er was gelukkig niemand om het te zien.
Ik was net ingepakt toen het busje van de wedstrijdorganisatie, volgeladen (dus op weg terug naar de camping) langskwam en ik mocht nog mee. Fijn. Effe een paar baantjes in het meertje gezwommen, douchen, biertje en nu in de zon m’n stukje schrijven, het is allemaal wel vol te houden. Straks gaan Christine en ik eten want Hans staat natuurlijk op goal dus die eet daaro. Hans en Christine hebben ontzettend goed voor me gezorgd, het team ook trouwens. Erg fijn om zulke mensen om me heen te hebben. Zoveel gebaren blikken opmerkingen die steun geven, dat is goud. Maar het blijft belachelijk moeilijk.

18 juni 2007

taak 3

Voordat we mogen starten, negen kilometer voor het eerste keerpunt om kwart over twee, draaien we met z’n honderdveertigen drie kwartier onder een grote wolk aan de rand van de start. Fantastisch gezicht, het gekrioel van al die vleugeltjes. Schitterend maar ook flink spannend, de wolkenbasis was laag (2200 meter) en nog variabel ook, de bellen ongeorganiseerd maar wel fel en het was gewoon beredruk. Maar tegelijk, iedereen is enorm alert want niemand wil botsen en er was ook genoeg ruimte om vrolijk een beetje rond te dobberen. Ik vond het in ieder geval prachtig, spannend, en het mooiste was ook nog toen de start dan eindelijk opende om 14:15 en de massa als een gigantische zwerm richting het eerste keerpunt gleed. Waanzinnig, dit zou niemand mogen missen in z’n leven.
M’n vlucht was traag. Wel leuk om een heel stuk met Christine en Uschi te vliegen, voortdurend afwisselend in de beste kern.

21 mei 2007

NK sleep


De dagen voor hemelvaart was ik erg gespannen, en ik mediteerde me suf om mezelf volledig te concentreren op lekker vliegen. Dat leek me wel te gaan lukken, en ondanks alle last minute klusjes die allemaal op de inschrijfochtend moesten gebeuren (upright bij Bob ophalen, chauffeur van het station halen, spullen in orde maken enz) stond ik om half twaalf toch redelijk ontspannen op te bouwen. Maar bij de preflight check bleek m'n vleugel harstikke asymmetrisch, er was geen sprake van dat ik daar mee zou kunnen vliegen.
De grond zakte echt onder m'n voeten weg. Ik had m'n kaarten helemaal gezet op een leuke NK-sleep, sowieso het NK onderdeel waar ik de beste kansen heb om een beetje te scoren omdat ik nou eenmaal beter sleep/vlakland vlieg dan bergvlieg. Voordat de eerste taak begon was al duidelijk dat ik niet meer mee kon doen.
Gelukkig mocht ik de litespeed van Rinus gebruiken, wat een waanzinnig geweldig gebaar! Ik was wel erg dankbaar maar het leverde toch geen herstel van m'n kansen op. De vleugel is toch behoorlijk te groot voor mijn (flink afgenomen) gewicht, en het stuurgedrag kostte weer een hoop gewenning. De eerste start lukte het me daardoor niet om de lastige termiek te pakken, de tweede en derde start moest ik releasen om niet in een lockout te raken.
's Avonds repareerden Koos en Harry m'n vleugel voldoende om er op te kunnen vliegen, maar helaas had het toch nog wat rare kuren en zo lukte het me ook de tweede wedtrijddag niet om hoogte te pakken. De timing was ook een probleem, want met deze iffy vleugel en de harde wind en turbulentie leek het me wel zo veilig om alleen achter de dragonfly te slepen, maar dat betekent dan wel lang wachten en laat starten.

Ook erg jammer: eindelijk, na jaren persberichten schrijven en redacties benaderen, kwam er een fotograaf van de Telegraaf en ik zag al mooie plaatjes in de zaterdagkrant of zelfs de sportTelegraaf op zondag. Geweldig! Maar helaas, een ontsnapte gorilla eiste alle aandacht op en de foto's worden niet geplaatst. Wat een teleurstelling, weer een kans op positieve publiciteit voorbij.

Geen succes dus, deze NK sleep. Nou ja dat was ook niet echt de verwachting, maar ik had natuurlijk wel gehoopt op een paar punten en een fijne vlucht. Gelukkig was er wel fijn gezelschap, uiteindelijk misschien wel het allerbelangrijkste.

01 mei 2007

mijn beste vlucht ever


De taak gerond, 160 km gevlogen in vijf-en-een-half uur, alle keerpunten gehaald. Bevroren vingers op 3400 meter, m'n vario praat niet meer met m'n gps dus ik heb geen idee waar de wind vandaan komt, geen radiocontact en een paar verkeerde beslissingen waardoor het allemaal wel heel erg spannend werd. Uiteindelijk was de vlucht vanaf Windische Höhe identiek aan die van een paar jaar geleden, toen ik tijdens de Womens World met Regina en Elena goal probeerde te halen. Maar nu wist ik dat ik het had kunnen halen, dus ik stak nu wel het zadel voor de Weissensee over met de boomtoppen slechts enkele meters onder m'n buik.
Van spanning, vermoeidheid en toch nog uitdroging (ondanks de liters vocht die ik kennelijk wel kwijt moest) was m'n concentratie naadje bij de landing, dus ik moest nog enorm ver lopen voordat ik in kon storten. Maar afijn deze vlucht heb ik wel binnen.

21 april 2007

blond dagje


De zon heeft m'n kapsel al flink gebleekt de afgelopen weken want vandaag was ik echt blonder dan ooit. Neem m'n pakzak niet mee, zak er vervolgens natuurlijk uit op slechts 2,5 km afstand van het veld, heb geen telefoonnummers bij me van mensen die me even op kunnen halen en als klap op de vuurpijl sta ik ook nog op de landerijen van een klooster, achter gesloten hekken dus. Nou ja toch even lucht gehapt en in ieder geval buiten bezig geweest. Ik voelde me wel bijzonder suf.

02 januari 2007

Twee ezels en een steen


Zaterdag was helemaal perfect: schitterend weer, genoeg mensen om keer op keer mee naar boven te liften en dus drie prima landingen. Vooral m’n tweede landing maakte me helemaal blij: perfect circuit, optimale snelheid, keurig geflared en dus rustig op m’n voeten geland. En ik had er nog pret in ook, om zoveel mogelijk snelheid aan te trekken op final. Na het derde vluchtje was het over, ik moest de Falcon inleveren en ik was ook fysiek wel op. Net toen ik de vleugel aan JeanLuc teruggaf, kwam een Duits meisje me vragen of die Falcon misschien iets voor haar zou kunnen zijn. Ze had namelijk exact dezelfde fout gemaakt met hetzelfde toestel (een kleine Laminar 07), en ze had ook exact dezelfde mentale schade. Woedend op zichzelf, bang om onzekerder te worden over haar landingen en daardoor alleen maar slechter te gaan vliegen/landen, paniek over de mogelijkheid dat ze misschien minder of helemaal niet meer zou kunnen vliegen. Ze had heel dringend een enkeldoekertje nodig om het goed te maken, zoals ik de afgelopen dagen heb kunnen doen. Helaas, de Falcon was een 170 en zij woog maar 52 kilo, dan wordt het toch een probleem om gecontroleerd te vliegen en te landen. Beter van niet, als je niet zeker weet of het toestel de bocht wel in wil als je stuurt. Ik had haar graag wat troost willen inknuffelen maar dat kon nou juist niet, troost was nog volstrekt niet aan de orde.

’s Avonds met z’n achttienen oud-en-nieuw-diner gemaakt en gegeten, erg gezellig. Colette zorgde voor heerlijke champagne Provencal, maar trok zich terug op hun slaapkamertje om samen met Violette opera’s te bekijken. Onuitstaanbaar: Violette ligt al veertig jaar zielig en hulpbehoevend te wezen terwijl Colette echt ziek is, reuma en kanker en hartproblemen maar zij moet ondertussen wel het pension runnen. Vannacht droomde ik dat ik Colette ging redden, ze woog even weinig als een enkeldoekertje.

1 januari was het niet vliegbaar, dus we zijn lekker vroeg thuis. Morgen weer aan de slag, met pijnlijke ribbetjes maar met een paar geslaagde vluchtjes om aan terug te denken.

31 december 2006

oudjaar


’s Ochtends is het erg. Ik word laat in de nacht wakker van de pijn, het is onmogelijk om nog te blijven liggen want m’n eigen gewicht drukt op m’n ribben. Dan maar een pil (ik slik er nog maar één per etmaal in plaats van zes) en douchen, dat helpt. Het wordt wel iedere ochtend een tikje erger, of omdat ik het zat ben en steeds minder uitgeslapen ben, of omdat ik overdag druk aan het bukken en sjouwen en vliegen ben. Overdag is het allemaal bijzonder goed te doen, alleen struikelen is niet handig.
Ik heb nu vijf vluchtjes en prima landingen gemaakt op een WillsWing Falcon 170, een heel simpel enkeldoekertje waarmee je eigenlijk onmogelijk een fout kan maken. Het ding is iets te groot voor me dus sturen en snelheid maken gaan een beetje zwaar maar ach, landen is een nobrainer en dat was nu even wat ik nodig heb. Ik heb het ding gehuurd of geleend (geen idee of JeanLuc er iets voor wil hebben) en het is m’n redding. Natuurlijk moet ik binnenkort ook weer goed kunnen landen op een prestatievleugel, en natuurlijk is dit geen echt vliegen, maar ik zie er nu wel weer een gat in. Vandaag nog een of twee vluchtjes, het zou mooi zijn als ik ook nog een beetje termiek kon pakken. Vanavond maken wij de sla en de anderen zorgen voor de rest van het eten, dan oud-en-nieuw en morgen ben ik vleugelloos. Heel misschien lukt het om m’n leading edge te sleeven en dan zou ik ook nog een laatste vlucht met m’n eigen vleugel kunnen doen, maar ik vrees eigenlijk dat de Laminar gewoon te zwaar voor me is om bij de start op te tillen. Als het al pijn doet om alleen maar op de start te stáán, hoef ik niet aan een stevige run te beginnen. Maar ik weet in ieder geval dat het binnenkort weer kan halleluja!

17 oktober 2006

tv opname

Zondag kwam alles nou eens bij elkaar: we hadden een sleepveldje en sleeppiloot (de onvolprezen Guenther), de duo en de dolly zijn in orde, de complete filmploeg kon op zondag en we konden al dagen van tevoren vrij zeker zeggen dat het weer goed zou worden. Dus wij naar Kerken, in Duitsland bij Venlo. De vleugels en dolly waren in een half uurtje klaar, maar toen begon het pas. Een ploeg van vier techneuten had uren nodig om alle camera’s en microfoons precies goed te zetten, te checken of het allemaal wel ok was, instructies te geven enz. Precies op het moment dat we dachten klaar te zijn voor een eerste proefvluchtje kwam Bart Peters, de presentator, aan. Het bleek een erg vriendelijke, rustige man (met een bijzonder leuk gezin van enthousiaste vrouw en dochters, die een wonderbaarlijk vermogen hadden om niemand in de weg te lopen). Geduldig liet hij zich alles welgevallen, harnas aan, helm op, toch weer harnas uit, opnieuw aan voor de opnamen, inhangen, uithaken, eindeloos. Iedereen was enorm druk in de weer, en hij had niets anders te doen dan wachten wachten wachten tot er dan eindelijk een startje werd gemaakt. Het bleek ondertussen niet goed mogelijk voor mij om tussendoor nog even zelf te vliegen, ik moest als een goed afgerichte assistent continu touwtjes boutjes tangetjes halen of gespen dichtklikken. Vond ik ook wel erg leuk, om zo’n tv-opname van zo dichtbij mee te maken. Bovendien waren al die lui vriendelijk, enthousiast over het vliegen, relaxed. Koos en Bart maakten twee vluchtjes, het interviewtje (wat is termiek?) is gelukt, en om een uur of half zeven konden we de boel inpakken. Opgelucht dat het allemaal gelukt is. In maart komt het op tv, ‘Hoe? Zo!’ van de Teleac, op Nederland 1 om half negen. Ik probeer m’n verwachtingen een beetje bescheiden te houden maar ik hoop heel hard dat dit nieuwe deltapiloten op gaat leveren.

23 augustus 2006

Thuis

Laatste verslagje zomer 2006, voorlopig geen vliegavonturen meer. Over de terugreis valt niks te melden, m’n dagcreme en tandpasta werden in beslag genomen en de vleugels werden bemonsterd en uiteraard duurde het wachten nog veel langer dan normaal. Ik heb wel enige jetleg nu, lang geslapen vannacht maar toch voelt het alsof het vijf uur ’s ochtends is. Afijn het is echt over, morgen kantoor. M’n belangstelling voor gebeurtenissen in de wereld staat wel op een erg laag pitje maar als ik een paar dagen bij de rekenkamer zit wind ik me vanzelf weer op over Kamerleden die de parlementaire regels niet kennen, over regeringen die de rechtsstaat onderuit halen en over burgers die hun democratie verkwanselen. Dan heb ik er weer lol in om de klok te luiden. Al kan ik het nu alweer niet laten om naar de lucht te kijken en m'n hart sneller te voelen slaan als ik mooie cumultjes zie. Zaterdag vliegen, lekker ouwerwets in Bruinehaar.