Christine is niet al te beschadigd, maar blijft vandaag toch thuis om even bij te komen. Ik heb weer iemand zo gek gevonden om me een tweede keer naar boven te rijden, dus weer twee landingen geoefend, het gaat geweldig! Nog nooit heb ik zo'n ideale landingsoefeningsomstandigheden een week lang meegemaakt: warm weer, geen termiek, nauwelijks wind (om het een beetje lastiger te maken), een groot veld en een nog groter veld dwars daarop, en bomen en gebouwen om de hoogte zichtbaar te maken. En dan een weg omhoog van twintig minuten, en zeker twintig Duitse zeilvliegpiloten die allemaal bereid zijn om mij nog even boven af te leveren.
Nu nog gewoon heel vaak m'n hoogte goed inschatten, ontspannen op final, goed voelen of ik al op trim zit, en benen naar achter...
31 december 2010
landen blijft een uitdaging
Het is prachtig weer, zij het flink stabiel. Juist ideaal om landingen te oefenen en om wat uit te proberen in de lucht: snellere trim, scherpere bochten. We vertrekken ’s ochtends erg laat zodat drie vluchtjes er niet in zitten, maar twee wel. Al twee dagen achter elkaar ben ik door een verder onbekende jongen, samen met ene Christian, voor een tweede vlucht omhoog gebracht. Zo heb ik dan deze week zes vluchtjes gemaakt van ieder een kwartier, serieus termiek pakken is niet gelukt. Sommige landingen waren goed, eentje was perfect, er zitten een paar buikschuivers tussen zodat alles smeriger is dan ooit. De grond hier is leemachtige vette klei, door en door nat omdat het hotel z’n kelder leegpompt en dat grondwater op het landingsterrein loost. Er stroomt een behoorlijk beekje waar al velen middenin zijn geland. Dat is beter dan mijn modderlandingen denk ik, de ritsen en gespen van m’n harnas zijn bijna compleet verrot nu. Iedere avond sta ik een uur te boenen.
Christine is nog minder fortuinlijk. Terwijl ze één van de betere landers is kwakte ze gisteren toch knoerdhard de grond in. De schade is beperkt, maar ze voelt zich natuurlijk superstom ook al moest ze uitwijken voor een rigid die toevallig in de weg stond. Ik hoop dat ze komend wiekend nog een keer vliegfit is, dan kan ze m’n Sting vliegen, ideaal voor het terugkrijgen van landingsvertrouwen.
Christine is nog minder fortuinlijk. Terwijl ze één van de betere landers is kwakte ze gisteren toch knoerdhard de grond in. De schade is beperkt, maar ze voelt zich natuurlijk superstom ook al moest ze uitwijken voor een rigid die toevallig in de weg stond. Ik hoop dat ze komend wiekend nog een keer vliegfit is, dan kan ze m’n Sting vliegen, ideaal voor het terugkrijgen van landingsvertrouwen.
27 december 2010
MteGrappa, Bassano
zondag
We rijden in het donker over de Brennerpas, min acht graden. De sneeuw reflecteert genoeg licht om de sprookjesachtige bergen te zien. We kunnen ons niet bewegen maar dat maakt niks uit, we passen er net in. Tussen de uprights de harnassen koffers dekbedden schoenen bottombars zitten wij, en Hans rijdt. De vooruitzichten zijn een week lang zon, misschien te stabiel voor serieuze termiek maar in ieder geval kunnen we starts maken. Geen sneeuw. Noordelijke wind maar dat is volgens Hans en Christine nooit een probleem op de MteGrappa.
maandag
Kort, maar heerlijk gevlogen. In de sneeuw opgebouwd, de zon was echt warm. Makkelijke start, te makkelijke termiek zodat ik niet serieus m’n best deed en natuurlijk flink uitzakte. Veiligheidshalve ruim op tijd richting landingsterrein, prima circuit, goeie landing, alleen helaas middenin een complete rivier. Dat motiveert dan wel goed om flink te flaren en de vleugel, en vooral m’n instrumenten, goed hoog en droog te houden.
Het is druk hier en ik hang al uren rond, heb de auto gehaald en nu zit ik met Ute en Stefan aan de warme chocola, te wachten tot de anderen ingepakt zijn. Morgen weer hoera!
We rijden in het donker over de Brennerpas, min acht graden. De sneeuw reflecteert genoeg licht om de sprookjesachtige bergen te zien. We kunnen ons niet bewegen maar dat maakt niks uit, we passen er net in. Tussen de uprights de harnassen koffers dekbedden schoenen bottombars zitten wij, en Hans rijdt. De vooruitzichten zijn een week lang zon, misschien te stabiel voor serieuze termiek maar in ieder geval kunnen we starts maken. Geen sneeuw. Noordelijke wind maar dat is volgens Hans en Christine nooit een probleem op de MteGrappa.
maandag
Kort, maar heerlijk gevlogen. In de sneeuw opgebouwd, de zon was echt warm. Makkelijke start, te makkelijke termiek zodat ik niet serieus m’n best deed en natuurlijk flink uitzakte. Veiligheidshalve ruim op tijd richting landingsterrein, prima circuit, goeie landing, alleen helaas middenin een complete rivier. Dat motiveert dan wel goed om flink te flaren en de vleugel, en vooral m’n instrumenten, goed hoog en droog te houden.
Het is druk hier en ik hang al uren rond, heb de auto gehaald en nu zit ik met Ute en Stefan aan de warme chocola, te wachten tot de anderen ingepakt zijn. Morgen weer hoera!
25 december 2010
kerst


Hevige discussies over politiek en religie, Hans in het Duits en ik in het Engels en dan Christine als tolk tussen ons in. M’n Duits gaat steeds beter maar voor serieuze gesprekken werkt het niet. Wel gooi ik al na twee dagen drie talen door elkaar in één zin, nou ja ik zie het maar als een uitbreiding van m’n woordenschat. Het helpt allemaal niks bij familie en vrienden, iedereen spreekt Bayerisch of plat Duits, ik versta er geen hout van.
Gisterochtend m’n vleugel weer langgepakt, altijd weer een ingewikkelde puzzel om te zien of de leadingedges goed zitten. ’s Avonds kreeg ik een kadootje onder de kerstboom, een paar gympen, ik word nog een honorary adidas-meisje ;-) Vanmorgen nòg een kado, helemaal super, een paar barmits. In Bassano vriest het al op duizend meter dus dat wordt gruwelijk koud. Wel een beetje thermisch in het begin van de week, en de hele week zonnig.
23 december 2010
Beieren
Weinig avontuur vandaag, alleen maar rijden rijden rijden. Negen uur, de bitch in the box voorspelde tot op vijf minuten accuraat dat ik precies met het avondeten bij Hans en Christine zou zijn. Maar goed ook, want ik zag de temperatuur ieder half uur dalen tot gevaarlijk dicht naar het vriespunt, en het begon te misten en te motten dus de weg kon ieder moment een waanzinnige ijsbaan worden. No worries, ik heb vier gloednieuwe winterbanden dus mij kan niks gebeuren.
In Frontenhausen is het bijna thuiskomen, fijn. De vooruitzichten voor Bassano volgende week zijn prima, en we hebben Nics huis, en natuurlijk gaan er weer allerlei vage figuren mee. Het ziet er naar uit dat ik de lucht in kom!
In Frontenhausen is het bijna thuiskomen, fijn. De vooruitzichten voor Bassano volgende week zijn prima, en we hebben Nics huis, en natuurlijk gaan er weer allerlei vage figuren mee. Het ziet er naar uit dat ik de lucht in kom!
22 december 2010
nog meer sneeuwellende
Het zit allemaal niet mee. Toen duidelijk werd dat de hele reis naar Colombia niet doorgaat, besloot ik om met de auto ergens naar een vliegstek in het zuiden te rijden. Korte broeken en hempjes uitgepakt, truien en sokken ingepakt. Auto uitgegraven, accu weer geïnstalleerd, auto via achterklep geënterd, twee meter sneeuw van het dak geschoven, en al glijdend en glibberend op weg naar de Binckhorst. Waar NIET ÉÉN bedrijf winterbanden voor me heeft. Een halve stad vol garages, en geen winterband. Het lijkt me ook geen goed plan om op zomerbandjes, op m’n eentje, half Europa door te crossen met een volgeladen auto.
Ondertussen tikken de vakantiedagen weg, duur gekochte dagen die ik besteed aan het wachten aan de telefoon. Wachten op omboekingen, refunds, bandencentra, garages. De PTT is stinkend rijk van me geworden dankzij mijn kostbare dagen.
Ondertussen tikken de vakantiedagen weg, duur gekochte dagen die ik besteed aan het wachten aan de telefoon. Wachten op omboekingen, refunds, bandencentra, garages. De PTT is stinkend rijk van me geworden dankzij mijn kostbare dagen.
21 december 2010
vakantie geannuleerd
Wel, helemáál geen reis dus. Met de vier dagen vertraging bleef er al niet veel over om gezellig bij Antoinette langs te gaan, maar nu is m’n volgende vlucht ook geannuleerd zodat ik de vlucht naar Cali sowieso niet kan halen. En omdat het een aparte reservering is, zijn airline of reisbureau niet verplicht om me een latere vlucht aan te bieden. Het uitstapje naar LA gaat me dus een hoop geld, een spannende vliegreis en een gezellige vakantie met Claudia en Ropje kosten en ik kom er niet eens!
Ik realiseer me heel goed dat dit toch nog steeds onder het kopje ‘klein leed’ valt maar op dit moment sta ik even te stampvoeten alsof ik m’n vinger tussen de deur heb geknald.
Ik realiseer me heel goed dat dit toch nog steeds onder het kopje ‘klein leed’ valt maar op dit moment sta ik even te stampvoeten alsof ik m’n vinger tussen de deur heb geknald.
20 december 2010
Sneeuw
Nou moe VIER dagen vertraging! Grote teleurstelling, want nou blijven er nog maar twee dagen over om bij Antoinette te zijn. Een halve wereldreis voor een theevisite, enigszins overdreven. Maar goed, als er niet nog meer vertragingen volgen is het toch nog beter dan helemaal niets, ik ben al tien jaar niet meer bij haar op bezoek geweest.
Naar Limburg reizen is me ook te hachelijk, de NS hebben volgens mij nog meer moeite met sneeuw dan de luchtvaart. En het gaat ook zo goed met Jan dat ik er alle vertrouwen in heb dat ik hem over een maand weer in redelijke toestand aantref.
Dan maar schaatsen, dat was ook alweer tig jaar geleden. Bovendien heb ik voor het eerst echte noren met leren schoenen, dus het eerste kwartier stond ik te zwiepen en maaien op zwikkende enkeltjes. De veters nog eens strak aangetrokken, een paar oefeningen gedaan die ik me nog herinner van de les van vijf jaar terug, tenen aanraken, op één been glijden, hurken, en inderdaad uiteindelijk kon ik zonder al te veel bijna-vallen tempo maken. Het is fantastisch! Ook al ben ik een houterige Limburger ik wil iedere keer nog één rondje, ik hoor Camo al “it’s too much fun”. De sfeer is ook altijd enorm goed, komt denk ik door dat sneue gewiebel en geval van iedereen. Wildvreemden moedigen me aan, ik tip een jongen die elke tien meter op z’n kont ligt hoe hij kan oefenen.
Naar huis fietsen was ook al super, oranje zon op de sneeuw, auto’s zo voorzichtig dat je als fietser gewoon door kan racen, lekker warm in m’n thermogoed.
Nou m’n harnas maar weer herinpakken.
Naar Limburg reizen is me ook te hachelijk, de NS hebben volgens mij nog meer moeite met sneeuw dan de luchtvaart. En het gaat ook zo goed met Jan dat ik er alle vertrouwen in heb dat ik hem over een maand weer in redelijke toestand aantref.
Dan maar schaatsen, dat was ook alweer tig jaar geleden. Bovendien heb ik voor het eerst echte noren met leren schoenen, dus het eerste kwartier stond ik te zwiepen en maaien op zwikkende enkeltjes. De veters nog eens strak aangetrokken, een paar oefeningen gedaan die ik me nog herinner van de les van vijf jaar terug, tenen aanraken, op één been glijden, hurken, en inderdaad uiteindelijk kon ik zonder al te veel bijna-vallen tempo maken. Het is fantastisch! Ook al ben ik een houterige Limburger ik wil iedere keer nog één rondje, ik hoor Camo al “it’s too much fun”. De sfeer is ook altijd enorm goed, komt denk ik door dat sneue gewiebel en geval van iedereen. Wildvreemden moedigen me aan, ik tip een jongen die elke tien meter op z’n kont ligt hoe hij kan oefenen.
Naar huis fietsen was ook al super, oranje zon op de sneeuw, auto’s zo voorzichtig dat je als fietser gewoon door kan racen, lekker warm in m’n thermogoed.
Nou m’n harnas maar weer herinpakken.
18 december 2010
Vakantie
Wat een luxe, een hele vrije dag vóórdat ik vertrek. Bellen en facebooken, inpakken, glijdend en slippend de stad in om de laatste kadootjes te kopen, inchecken, ieder uur op het nieuws horen dat alle vluchten geannuleerd worden en treinen rijden ook al niet. We zullen zien, misschien kom ik morgenavond gewoon onverrichterzake weer thuis.
01 december 2010
Bokaal
M’n harnas gewassen en de chute gevouwen, vleugel kortgepakt, de complete stad rondgefietst op zoek naar nieuwe ‘breekbaar’tape en zondag kwam Ropje ‘m ophalen. Omdat hij vroeg in de avond zou komen sprak ik met Wouter, Ester en Matthijs af om bij mij te eten in plaats van bij hen, zodat het al een compleet feestje was. Rinus stond ook op de stoep, stoel erbij en het werd heel erg gezellig. Totdat Rinus een officiële speech begon af te steken. Ja hoor, het hele feestje was gewoon opzet, ik heb zowaar iets gewonnen! De dragonflybokaal in de sportsklasse, cool! De omstandigheden van m’n winst zijn wel triest (als Alphons niet was verongelukt had ie een goeie kans gemaakt denk ik, en als Desiree haar tijd niet besteed had aan leren dragonflyvliegen had ze me weggevaagd) maar de prijsuitreiking was wel helemaal top.
Vroeger toen ik nog vreselijk principieel was, was ik helemaal geen voorstander van allerlei prijsverzinsels in verschillende kneuzenklassen en vrouwenwedstrijden enzo. Maar nu ik (toch nog steeds bijna nooit) meemaak hoe ontzettend leuk het is om iets te winnen, ben ik razend enthousiast over dit zoveelste superinitatief van de Groenen.
23 november 2010
nooit meer zwemmen
In het kleedhokje naast me hoorde ik een meisje vreselijk huilen. Ze mocht niet meezwemmen omdat ze pas zeven is, niet eerlijk. Ik had met het kind te doen maar ik voelde me zelf nog veel ellendiger. Ik moet het zwemmen opgeven omdat de chloorallergie steeds heftiger wordt. Na een uurtje zwemmen loop ik minstens een etmaal met een zware verkoudheid rond. Sinds een paar weken zwem ik met een neusknijper, verrassend hoe zwaar dat is! Kennelijk ademde ik ongemerkt toch stevig via m’n neus, nu dat niet kan branden m’n longen m’n borst uit en ben ik bijna een seconde trager op een baan. Het helpt niet veel, in plaats van een druipneus kom ik nu met keelpijn thuis.
Zwemmen is niet alleen de fijnste sport na vliegen, het is m’n meditatie, m’n auto-massage, m’n mentale en fysieke rustpunt van de dag. Met een uurtje zwemmen genees ik mezelf iedere keer van kneuzingen en verrekkingen, m’n gebroken botten helen sneller, m’n conditie blijft op peil. Het is één van de weinige activiteiten waar ik echt goed in ben. Ik heb er altijd lol in om de snelle heren in te halen en dat dan met zo min mogelijk zichtbare inspanning. Het gevoel m’n hele lijf te rekken en de pure kracht in m’n armen en benen, de moeiteloosheid, heerlijk.
Dat kan dus niet meer. Ik ben langzaam aan het afkicken, als ik een paar weken niet geweest ben bedenk ik dat het allemaal best meevalt en spring ik weer op de fiets naar het zwembad. De daaropvolgende nacht is dan weer zo zwaar dat ik moet erkennen dat het gewoon over is. Ik ben jaloers op het kind van zeven, dat nu dan wel aan de kant moest blijven zitten maar dat nog een heel leven zwemmen voor zich heeft.
Zwemmen is niet alleen de fijnste sport na vliegen, het is m’n meditatie, m’n auto-massage, m’n mentale en fysieke rustpunt van de dag. Met een uurtje zwemmen genees ik mezelf iedere keer van kneuzingen en verrekkingen, m’n gebroken botten helen sneller, m’n conditie blijft op peil. Het is één van de weinige activiteiten waar ik echt goed in ben. Ik heb er altijd lol in om de snelle heren in te halen en dat dan met zo min mogelijk zichtbare inspanning. Het gevoel m’n hele lijf te rekken en de pure kracht in m’n armen en benen, de moeiteloosheid, heerlijk.
Dat kan dus niet meer. Ik ben langzaam aan het afkicken, als ik een paar weken niet geweest ben bedenk ik dat het allemaal best meevalt en spring ik weer op de fiets naar het zwembad. De daaropvolgende nacht is dan weer zo zwaar dat ik moet erkennen dat het gewoon over is. Ik ben jaloers op het kind van zeven, dat nu dan wel aan de kant moest blijven zitten maar dat nog een heel leven zwemmen voor zich heeft.
10 oktober 2010
Veilig lieren
Met vierhonderd lierstarts wordt het wel eens tijd om te bekijken of het wel veilig is. Ik herinner me acht incidenten die ik niet in m’n logboek hoef na te zoeken omdat ze spannend genoeg waren om ze nooit te vergeten. Een paar waren levensgevaarlijk en ik heb gewoon enorm veel geluk gehad. In een paar andere gevallen heb ik gewoon adequaat gereageerd. In geen enkel geval heeft het iets uitgemaakt of ik een goed breukstukje, een parachute of een helm had. In één geval kunnen m’n wielen het verschil hebben gemaakt omdat ik heel laag hard over de grond scheurde en geen kans meer had om rechtop te komen. In één situatie was het nodig dat ik commando’s over de radio kon horen. Nog nooit zijn ongelukken voorkomen omdat iemand naar mij luisterde over de radio.
1. Ik had de kabel teruggevlogen voor m’n eerste trap. Ook al hing ik weer keurig recht richting lier, laag, de lierman trok niet waardoor de lus van de kabel naar beneden zakte, en ik natuurlijk ook. De lus viel om een boom heen en net op dat moment begon de lierman te trekken. Als ik niet gereleased had was ik vijftig meter boven de grond naar achteren getrokken.
2. Bij het terugdraaien raakte de kabel om één van m’n wieltjes, en de lierman trok. Ik kon pas releasen toen hij zag dat ik behoorlijk scheef getrokken werd, en de kracht eraf gooide.
3. Ik hing zo laag dat m’n release vóór de bottombar hing, zodat het automatische tweede lijntje in een bocht achter de bottombar hing. Dat merkte ik pas toen ik de bovenkabel releaste en de trekkracht op die onderste lijn kwam. De kracht van de lier op de lus om m’n bottombar heen maakte iedere beweging onmogelijk en ook releasen kon niet. De lierman kapte de kabel toen ik in een lockout dreigde te raken, ik maakte (erg laag boven de grond) een grote bocht waarbij de kabel achter me aansleepte en net niet een hekje meepakte, en ik landde op m’n wielen. Zonder meer de allergriezeligste.
Een andere keer sloeg m’n tweede lijntje op een rare manier om m’n bottombar heen zodat ik weer vastgeknoopt zat, maar die keer kon ik snel releasen en m’n handen gebruiken om de lus los te maken. Ik had geluk dat er geen lierman op de lier zat die heel snel en met erg veel kracht trok, want dan was het niet goed gekomen.
4. Het klittenband borgje dat aan m’n tweede lijntje zat sloeg om het touwtje van m’n harnasrits, dus toen ik op een paar honderd meter hoogte boven de lier releaste bleef ik via m’n voeteneind gewoon aan de kabel vastzitten. Ik kon er absoluut niet bij om de boel van me af te snijden, en die honderden meter kabel aan m’n voeten waren ook te zwaar om er iets aan te doen. De lierman kapte de kabel, en ik had kleine bochtjes moeten draaien om naar beneden te komen. In m’n paniek maakte ik juist een grote bocht, maar gelukkig bleef de kabel nergens achter haken.
5. Twee keer werd ik (vrij langzaam) naar achteren/beneden getrokken bij het uitvliegen, omdat de trommel vastliep. Beide keren releaste ik en was er niks aan de hand, ware het niet dat de laatste keer mijn release kennelijk niet was geslaagd. Op het exact zelfde moment dat ik dacht te releasen, kapte de lierman de kabel. Omdat ik geen trekkracht meer voelde meende ik vanzelfsprekend dat m’n release had gewerkt, dus ik was me er niet van bewust dat ik nog een paar honderd meter kabel meesleepte. Een grote bocht over mais en hekjes liet me toch weer intact, meer geluk dan wijsheid.
6. Na eindeloos trappen om hoogte te winnen, lukte het dan toch eindelijk om een paar honderd meter te bereiken. Terwijl ik aan het uitvliegen was kreeg ik plotseling het dringende commando om te releasen. Dat deed ik, en ik draaide zelf weer terug naar het veld, waar ik een politiehelikopter precies onder me door zag komen (ik zat ver onder de vijfhonderd meter!).
Mijn conclusie: (trap)lieren kan gevaarlijk zijn en je moet er zoveel mogelijk aan doen om ongelukken te voorkómen. Dat doe je met deugdelijk materiaal, goeie afspraken over procedures, en vaardigheid en oplettendheid en slimme oplossingen voor vaak voorkomende problemen (schuiflijntje, klittenbandje, stijve tussenlijn, gewicht aan de kabelchute, radio).
We hebben ook een aantal zaken die ertoe dienen om de gevolgen van een incident, dus als er iets misgaat, minder ernstig te maken: parachute, helm, breukstukje, radio, wielen of skids, en dergelijke. Dat zijn geen zaken die een incident kunnen voorkómen. Ze kunnen wel ervoor zorgen dat je met de schrik vrijkomt in plaats dat je eindigt als politiedossier. Dus wel zinvol, maar van een andere orde dan het zorgen voor veiligheid.
1. Ik had de kabel teruggevlogen voor m’n eerste trap. Ook al hing ik weer keurig recht richting lier, laag, de lierman trok niet waardoor de lus van de kabel naar beneden zakte, en ik natuurlijk ook. De lus viel om een boom heen en net op dat moment begon de lierman te trekken. Als ik niet gereleased had was ik vijftig meter boven de grond naar achteren getrokken.
2. Bij het terugdraaien raakte de kabel om één van m’n wieltjes, en de lierman trok. Ik kon pas releasen toen hij zag dat ik behoorlijk scheef getrokken werd, en de kracht eraf gooide.
3. Ik hing zo laag dat m’n release vóór de bottombar hing, zodat het automatische tweede lijntje in een bocht achter de bottombar hing. Dat merkte ik pas toen ik de bovenkabel releaste en de trekkracht op die onderste lijn kwam. De kracht van de lier op de lus om m’n bottombar heen maakte iedere beweging onmogelijk en ook releasen kon niet. De lierman kapte de kabel toen ik in een lockout dreigde te raken, ik maakte (erg laag boven de grond) een grote bocht waarbij de kabel achter me aansleepte en net niet een hekje meepakte, en ik landde op m’n wielen. Zonder meer de allergriezeligste.
Een andere keer sloeg m’n tweede lijntje op een rare manier om m’n bottombar heen zodat ik weer vastgeknoopt zat, maar die keer kon ik snel releasen en m’n handen gebruiken om de lus los te maken. Ik had geluk dat er geen lierman op de lier zat die heel snel en met erg veel kracht trok, want dan was het niet goed gekomen.
4. Het klittenband borgje dat aan m’n tweede lijntje zat sloeg om het touwtje van m’n harnasrits, dus toen ik op een paar honderd meter hoogte boven de lier releaste bleef ik via m’n voeteneind gewoon aan de kabel vastzitten. Ik kon er absoluut niet bij om de boel van me af te snijden, en die honderden meter kabel aan m’n voeten waren ook te zwaar om er iets aan te doen. De lierman kapte de kabel, en ik had kleine bochtjes moeten draaien om naar beneden te komen. In m’n paniek maakte ik juist een grote bocht, maar gelukkig bleef de kabel nergens achter haken.
5. Twee keer werd ik (vrij langzaam) naar achteren/beneden getrokken bij het uitvliegen, omdat de trommel vastliep. Beide keren releaste ik en was er niks aan de hand, ware het niet dat de laatste keer mijn release kennelijk niet was geslaagd. Op het exact zelfde moment dat ik dacht te releasen, kapte de lierman de kabel. Omdat ik geen trekkracht meer voelde meende ik vanzelfsprekend dat m’n release had gewerkt, dus ik was me er niet van bewust dat ik nog een paar honderd meter kabel meesleepte. Een grote bocht over mais en hekjes liet me toch weer intact, meer geluk dan wijsheid.
6. Na eindeloos trappen om hoogte te winnen, lukte het dan toch eindelijk om een paar honderd meter te bereiken. Terwijl ik aan het uitvliegen was kreeg ik plotseling het dringende commando om te releasen. Dat deed ik, en ik draaide zelf weer terug naar het veld, waar ik een politiehelikopter precies onder me door zag komen (ik zat ver onder de vijfhonderd meter!).
Mijn conclusie: (trap)lieren kan gevaarlijk zijn en je moet er zoveel mogelijk aan doen om ongelukken te voorkómen. Dat doe je met deugdelijk materiaal, goeie afspraken over procedures, en vaardigheid en oplettendheid en slimme oplossingen voor vaak voorkomende problemen (schuiflijntje, klittenbandje, stijve tussenlijn, gewicht aan de kabelchute, radio).
We hebben ook een aantal zaken die ertoe dienen om de gevolgen van een incident, dus als er iets misgaat, minder ernstig te maken: parachute, helm, breukstukje, radio, wielen of skids, en dergelijke. Dat zijn geen zaken die een incident kunnen voorkómen. Ze kunnen wel ervoor zorgen dat je met de schrik vrijkomt in plaats dat je eindigt als politiedossier. Dus wel zinvol, maar van een andere orde dan het zorgen voor veiligheid.
29 september 2010
sport
Zwemmen is medicijn, krachtsport is een kermis, pilates is zelfbevrediging, kayak is buiten spelen en vliegen is leven. Wat heb ik het toch goed.
27 september 2010
film womens worlds 2008 en EK
Oud, maar gaaf. Dit is wat ik doe in de zomer, dit zijn m'n vrienden, dit was een super wedstrijd!
minder geweldig was deze wedstrijd, maar daarmee is het filmpje nog wel mooi:
minder geweldig was deze wedstrijd, maar daarmee is het filmpje nog wel mooi:
18 september 2010
Langevelderslag
Ik was smoesjes aan het maken om niet naar Langevelderslag te gaan, maar het was gewoon ideaal dus ik moest wel. Toen ik aankwam liepen er tientallen parapenters door de duinen te banjeren, nog een aantal bleef uren voor de start hun scherm opzetten, en de lucht was vergeven van de enorme modelvliegtuigen (waarvan de bestuurders ook ergens in het duingebied verstopt zaten). Het strand was erg smal, aan de rand zaten allemaal vissers en aan de duinkant is er een rij grote vuilnisbakken bijgekomen. De wind was ietsjes cross maar kwa sterkte perfect voor mij, en precies goed getimed kwamen Rob en Robbert aan dus ik had nog hulp ook. Geen excuses meer, dus ik bouwde m’n unootje op (het ziet eruit als een compleet vod maar het ding is nog prima voor de duinen) en draaide redelijk moeiteloos richting Zandvoort. Daar zou het dacht ik ook wel beter omhoog gaan vanwege de lichte bocht die de duinen daar maken, maar als ik uit zou zakken was het ook een pokke-end lopen. Ik bleef dus toch maar in de buurt van de opgang, en kwam nooit hoog genoeg om even te ontspannen. Ondertussen was de lucht vergeven van de para’s, dus pogingen om te toplanden waren uit voor vandaag. Na twintig minuten besloot ik om lekker veilig op een leeg stuk te landen in plaats van de stress op te voeren, dan maar lopen. Dat lopen viel best mee met m’n harnas op m’n rug en de vleugel fijn op de wind, en allemaal wandelaars die graag willen helpen. Alleen het stuk de opgang op is altijd lastig omdat de wind daar opzij komt. Ik zette de vleugel zo veilig mogelijk neer en ging m’n spullen halen op de start. Nog even Marc weghelpen, een parapenter vragen of ie ook gewoon om zou willen lopen in plaats van door het duin naar boven banjeren, en tien minuten later was ik weer terug. Daar trof ik een vrij hysterische patatboer aan, die op hoge toon riep dat ik m’n vliegtuig niet voor zijn ingang mocht neerzetten en hier ook helemaal niet mocht komen. Het lukte niet de man te bedaren en erg veel zinnige redenen waarom hij bezwaren had tegen een delta op de stoep (er is daar enorm veel ruimte en het publiek reageert altijd enthousiast) kwamen er niet uit.
Een stukje verderop probeerde ik in te pakken, maar ik ben de Uno niet gewend en het waaide flink, dus ik maakte er een zootje van. Gelukkig grepen twee oudere heren, zwevers, m’n kabels en gedrieën kregen we de hele handel weer in de zak, en op de auto.
Het blijft bizar, een hele dag bezig voor twintig minuutjes vliegen, maar het was heerlijk weer en opnieuw fantastisch om zoveel enorm behulpzame mensen mee te maken. En ik ben een beetje over m’n duinsoar-weerstand heen misschien.
12 september 2010
Porta Westfalica
Mooi weekend, gelukkig de juiste keuze gemaakt. Ik zou zaterdag naar Bruinehaar en zondag met een vriendje op stap, maar een jongen die ik maanden geleden in Neumagen heb ontmoet belde, of ik mee naar Porta Westfalica ging. Dus wij zaterdag om zeven uur op pad, en rond een uur of één waren we startklaar. De riggel (‘berg’ hahaha) is heel laag en heel lang, het landschap glooiend, vol landingsopties en mogelijke thermal triggers. Het was wel erg druk in de lucht met zeker dertig delta’s enzo’n zes of zeven zwevers, en vanwege de matige condities bleven we allemaal hangen in de twee kilometer rond de start. Iedereen draaide alle kanten op, duidelijke kernen waren er niet, de zwevers zoefden loeihard op centimeters afstand tussen ons door en het was allemaal niet te makkelijk, maar wel makkelijk genoeg om te ontspannen en te genieten. En te oefenen, keer op keer terug naar één van de belletjes, opnieuw proberen om net zo hoog als de besten te komen, en dan weer uitwijken voor anderen of terugsteken naar de voorkant en opnieuw beginnen. Na twee uur zat ik eindelijk op 800 meter. Het leek me leuk om ook eens weg te steken en ik wist vrij zeker dat Thomas me zou komen ophalen, dus ik ging. Tegen de wind in, en ik moest ook erg piesen dus een half uur later zette ik ‘m toch maar neer op een fantastisch veld, om in te pakken op een fluwelen gazon bij iemand in de tuin.
Terug kwamen we langs allemaal brandweerwagens met zwaailichten. Eén van de beginners was in een boom geland. Het heeft vijf uur geduurd voor ze ‘m eruit hadden, de arme jongen had niet alleen heel ongemakkelijke uren maar hij schaamde zich vooral. Heel sneu. De redders waren wel dolgelukkig, dit was nou echt een lastige redding waar ze al hun vindingrijkheid op los konden laten. Uiteindelijk was het een visser die met z’n hengel een lijntje naar boven wist te werpen, zodat de ongelukkige piloot een touw op kon hijsen.
Vanmorgen zag het er niet zo denderend uit, dus we gingen enkel voor een hopje. Anderhalve minuut in de lucht, perfecte start en landing, niks mis mee. En daarvoor mocht ik nog een rondje mee in de trike, dus ik ben geen lucht tekort gekomen. Wel in een roze overall, beetje pijnlijk ;-)
05 september 2010
NK sleep
Vanaf 2001 hebben we vijf of zes keer samen met Flip de NK-sleep op Deelen georganiseerd. De spanning en opwinding, de lol en vriendschap, mijn plaatsvervangende trots, mooi weer. Ik kon er vanavond, na een harstikke leuke NK-sleep, toch nog niet tegen. Om de feeks op mijn plaats te zien. Om de liefde te missen. Om niet de kern van ons leven te kunnen delen. Ik heb me het hele wiekend groot gehouden, het leuk te hebben, geprobeerd te genieten hoewel ik merk dat ik vooral afgestompt ben. Ik kan proberen de pijn en het verdriet te negeren, maar daarmee verdwijnt dan ook de passie.
Ik heb er niet veel van gebakken dit wiekend, vooral omdat het echt moeilijk weer was. De wolkjes beloofden vanalles, maar de lucht deed nauwelijks wat. Vandaag iets meer, maar ik ben geen goeie pieler. Gebrek aan geduld en vooral aan fijne techniek. Ik ben vooral goed als er geknokt moet worden, als spieren pijn en lijven moe moeten worden. Uren hard werken, niet bang voor de grote lucht, op tanden bijten. Dat kan ik, en dat bleek ook wel weer tijdens de zes sleeps. Zoals altijd bij sleepwedstrijden werd er enorm gemiept, men was verkeerd afgezet, te hoog, te laag, te ver weg, whatever, en iedereen wilde wachten op de dragonfly. Ik was de enige vrouw en één van de weinigen met een mast, maar ik heb me zonder problemen door de trikes laten opsleuren. Tuurlijk is dat harder werken, tuurlijk zetten die mannen je wat minder mooi af dan Rinus, maar het is een wedstrijd en geen kleuterklas.
Maar ja, zodra ik was losgekoppeld moest ik over in de zoekmodus, rustig voelen en toch snel reageren, scherp opletten, geduldig en toch hyperalert op ieder teken van stijg. Gisteravond lukte het om half vijf vanaf 170 meter, ik was al bijna weer richting landing gedraaid toen ik eindelijk een complete 360 in stijg kon draaien. Supergeduldig draaide ik door, net op zevenhonderd meter boven de startplek van de zwevers, doorstijgen terwijl ik checkte waar allemaal landingsopties zouden zijn als het boven het bos ophield. Daarna: alleen nog naar boven kijken en draaien, draaien, draaien. Ruim voor Renkum was het op, en ik gleed via het keerpunt naar een groot veld waar Diederik al stond. Gezellig, en mooi dat Leeuwerob niet helemaal voor niks was gekomen.
Vandaag leek de tweede start iets moois op te leveren, Martin draaide me voorbij en samen draaiden we naar de top. Ik nam me voor om hem strikt te volgen, daar kan ik veel van leren. Maar hij stak ver weg naar een voor mij onbereikbaar belletje, dus ik zakte er toch weer uit. De laatste start hield ik te snel op met zoeken, 800 meter, dus luttele minuten later stond ik midden op Papendal. Wel opgehaald door Eppo/Holger/Ruud, dat is wel weer tof dan for old times sake.
Ik heb er niet veel van gebakken dit wiekend, vooral omdat het echt moeilijk weer was. De wolkjes beloofden vanalles, maar de lucht deed nauwelijks wat. Vandaag iets meer, maar ik ben geen goeie pieler. Gebrek aan geduld en vooral aan fijne techniek. Ik ben vooral goed als er geknokt moet worden, als spieren pijn en lijven moe moeten worden. Uren hard werken, niet bang voor de grote lucht, op tanden bijten. Dat kan ik, en dat bleek ook wel weer tijdens de zes sleeps. Zoals altijd bij sleepwedstrijden werd er enorm gemiept, men was verkeerd afgezet, te hoog, te laag, te ver weg, whatever, en iedereen wilde wachten op de dragonfly. Ik was de enige vrouw en één van de weinigen met een mast, maar ik heb me zonder problemen door de trikes laten opsleuren. Tuurlijk is dat harder werken, tuurlijk zetten die mannen je wat minder mooi af dan Rinus, maar het is een wedstrijd en geen kleuterklas.
Maar ja, zodra ik was losgekoppeld moest ik over in de zoekmodus, rustig voelen en toch snel reageren, scherp opletten, geduldig en toch hyperalert op ieder teken van stijg. Gisteravond lukte het om half vijf vanaf 170 meter, ik was al bijna weer richting landing gedraaid toen ik eindelijk een complete 360 in stijg kon draaien. Supergeduldig draaide ik door, net op zevenhonderd meter boven de startplek van de zwevers, doorstijgen terwijl ik checkte waar allemaal landingsopties zouden zijn als het boven het bos ophield. Daarna: alleen nog naar boven kijken en draaien, draaien, draaien. Ruim voor Renkum was het op, en ik gleed via het keerpunt naar een groot veld waar Diederik al stond. Gezellig, en mooi dat Leeuwerob niet helemaal voor niks was gekomen.
Vandaag leek de tweede start iets moois op te leveren, Martin draaide me voorbij en samen draaiden we naar de top. Ik nam me voor om hem strikt te volgen, daar kan ik veel van leren. Maar hij stak ver weg naar een voor mij onbereikbaar belletje, dus ik zakte er toch weer uit. De laatste start hield ik te snel op met zoeken, 800 meter, dus luttele minuten later stond ik midden op Papendal. Wel opgehaald door Eppo/Holger/Ruud, dat is wel weer tof dan for old times sake.
25 augustus 2010
chauffeur Deelen 4-5 september
Wie wil er voor me rijden tijdens de NK-sleep op Deelen over twee weken? Of gewoon komen kijken? Geef je naam, geboortedatum en -plaats, en adres voor vrijdag aan me door zodat je de vliegbasis op mag.
21 augustus 2010
Dit is blues: het besef van vergankelijkheid, verloren liefde, onvermogen. Zeventien jaar in m’n tentje met een dorpsfeest dat door m’n oordoppen dringt, lady insomnia, weemoed. Ik wou ik wou ik wou. Dat de tijd stilstond, toen. Dat ik nooit meer hoefde te landen. Dat ik op dat feest danste en liefhad. Dat ik anders was. Dat hij anders was. Dat de banale werkelijheid me niet op zou slokken.
Abonneren op:
Posts (Atom)