
Registratiedag is altijd feestelijk omdat je iedereen voor
het eerst weer ziet en omdat het leukste op de wereld, een vliegwedstrijd, gaat
beginnen. Het is altijd stressen omdat niemand niks op orde heeft. En omdat je
een poging doet om te vliegen terwijl je eigenlijk nog vanalles moet doen en
regelen en ook nog eens veel tijd kwijt bent aan kletsen met deze en gene.
Ondanks de dikke wolkenlaag boden Wayne en Babs aan om me mee naar boven te
nemen, waar we op dat moment nog twee silhouetten van parapenters zagen. Ik
holde naar huis om m’n lenzen in te doen en m’n spullen te graaien en vergat
natuurlijk om m’n regenjasje of een warme trui mee te nemen. Stom want op de
Montsec kan het harstikke koud zijn, zoals nu. Na twee uur bibberen en
kennismaken met een paar nieuwe piloten moesten we ons haasten om op tijd terug
te zijn want ik heb beloofd om zoveel mogelijk te helpen. Ik vind het altijd
leuk om alle piloten te zien, Woolfie en Jonas zijn hier en Daniel Gross en
Gerolf en Sasha en de Britten uiteraard. Een aantal van hen mag ik niet om de
hals vliegen vanwege de covid die ze uit Macedonie hebben meegenomen. Dat is
toch griezelig, dit is precies het type evenement waarbij we elkaar allemaal
kunnen besmetten. Tim King en Babs zijn nog aan het herstellen, en Mike
Armstrong heeft het misschien. Ik bedacht dat ik over een week wel twee dagen
moet kunnen rijden om op tijd thuis te zijn voor m’n kelderreparatie.