14 juli 2009

Gecancellde dag






Weinig te melden vandaag want we hebben weinig gedaan. Er was een mooie taak van 129 km de bergen in, maar de eerste piloot die wilde starten werd tegengehouden vanwege de harde wind. Na een uur ofzo uitstel werd de taak gecancelled, en pakte iedereen z’n vleugel weer in. We hebben kayaks bij Joel gehuurd, de Frenchies gingen zwemmen, de Britten slapen en Russen, Nederlanders, Duitsers en Austriches zie je meestal niet meer.
Geweldig filmpje op Jonnies blog http://www.jonnydurand.blogspot.com/

13 juli 2009

dag twee



Bijna euforisch omdat ik een landing overleefd heb die normaal gesproken niet goed kon aflopen. Elke keer als ik het veld bekeek riep ik te oohen en aahen, jezus hoe kan iemand daar gewoon vanaf lopen? Het veld liep zeker tien graden af en de wind stond er cross op. Toch kost het me alleen een upright, niet eens een blauwe plek extra, omdat ik voor de verandering eens een keer helemaal perfect geland ben. Geen schrik geen teleurstelling alleen totale verwondering.
Ik startte weer laat om niet in de gaggle terecht te komen. Er waren veel slechte starts, zo ook de mijne. Ik moest op een plek starten die net niet superperfect is, en de wind was een beetje shifty, en Flip denkt dat ik m’n vleugels niet helemaal in balans had. Ik draaide flink naar rechts en moest alle zeilen bijzetten om niet in de berg terecht te komen. Vervolgens vloog ik naar de lage start omdat ik daar al drie keer eerder een goeie bel heb gevonden, maar deze keer was er niks. Het was al bijna tijd om te landen, jammerjammer maar ik zag nog een grote gier onder me richting kerkje speren. Ik erachteraan en ja hoor er zat een knijter van een bel en ik schroefde mooi naar boven. Ik had net met pa Schwiegershausen besproken hoe juist de piloten die van heel diep naar boven schroeven vaak het beste gecentreerd zitten, en dan vaak mensen die al hoger aan het draaien waren voorbij komen. Een positief gevoel dus.
Niemand kwam naar me toe dus ik had de lucht voor mij alleen, zodat ik me prettig kon concentreren. Het is met gaggles zoals Cameron zegt, een soort mentaal gewichtsheffen, je kan het maar een beperkte tijd aan en dan is je energie gewoon op.
Deze keer zocht ik het kleine groepje boven de hoge ridge zelf op en ik voegde mooi in. Met twee Russen kwam ik echt lekker hoog en we staken naar de grote gaggle vlak voor de rivier. Daar ging het heel goed omhoog maar ja er waren ook zo’n veertig anderen, de kernen zaten her en der en verschillende piloten draaiden linksom op deze rechtsom dag. Allemaal erg spannend dus zodra ik dacht dat ik op de top zat begon ik te steken naar het eerste keerpunt, aan de overkant van de rivier. Ik kon er geen landingsterreinen zien en er zat flink sink onderweg, maar ik zat nog steeds boven ridgehoogte en in het noorden zag ik wel veel grote velden. Aan de overkant werd flink gedraaid, alleen leek het er niet op dat mensen ook echt makkelijk hoog kwamen.
Aangekomen bij de overkant draaide ik in bij de jongen die me net had ingehaald en er zat zeker goeie stijg, maar het was erg ruig en we zaten met z’n tweeën vlak boven de rotsen. Heel onaangenaam en de terreintjes die ik ondertussen voor nood had bedacht zagen er van dichterbij toch echt gewoon onlandbaar uit. Ik realiseerde me dat ik maar heel kort tijd had om te beslissen, als ik aan de zuidkant onder de ridge zou zakken had ik geen opties meer dan omhoog en daar hou ik helemaal niet van. Ik kan best goed termieken maar het mag geen levensnoodzaak zijn, dan raak ik in paniek. Ik besloot de wedstrijd de wedstrijd te laten en draaide naar het noorden, waar het flink spannend was vanwege de rotor achter de berg maar er stond nou ook weer niet zoveel wind dat ik naar beneden knalde. Beetje geluk in plaats van wijsheid eerlijk gezegd. Ik kwam ruim boven het dichtstbijzijnde veld aan en stak door naar een aantrekkelijker terrein. Dat bleek wel heel groot maar toch nog behoorlijk glooiend, en iets verderop zag ik een kleiner maar ogenschijnlijk volledig plat veld. Dat moest ‘m worden, ook al realiseerde ik me wel dat ik me vanwege de omliggende bomen en kabels niet kon veroorloven om te hoog binnen te komen. Ik maakte een netjes circuit, nog een extra s om hoogte te verliezen en voor m’n gevoel stak ik tussen de bomen door (in werkelijkheid waarschijnlijk toch echt erboven), gooide m’n droguechute en trok uit alle macht aan. Ik geloof dat ik tijdens die final niet eens door had hoe enorm stijl het afliep, ik deed gewoon het enige dat ik kon doen. Ik kwam zowaar bij de grond, niet heel ver voor de bomen en een soort afgrond, ik liet me weer net als gisteren door de wind wegdraaien maar deze keer was het juist m’n redding, en ik viel zachtjes tegen m’n upright.
Ik stond zelfs minder te shaken dan normaal na iedere landing, normaal ben ik altijd te gestresst maar nu was het puur focus. Pas later, toen ik het veld echt goed bekeken had en Mar me op kwam halen begon ik te ratelen en te stuiteren van de emotie.
We reden naar goal, waar Blay en Balasz al waren geland. Tijd genoeg om de derde binnen te zien komen, Cameron! Kicken, wat zal hij blij zijn. Ook al had hij de eerste start. Na hem kwamen er nog zo’n zestig binnen en ik werd toch nog een beetje bekropen door een pietsie teleurstelling over m’n eigen beslissing, maar ach wat kan mij nou nog deren?
Vandaag dag drie, nog heter en vast wel verder dan gisteren.

12 juli 2009

Teamdynamics

Ik mis m’n oergroepje, Ludolf en Kees en Eelco en Coen en Ed & Jacqueline. We wisten precies wat we aan elkaar hadden, iedereen had een taak en ik herinner me niet dat we elkaar enorm op de vingers zaten te kijken. Blenkie is leraar en dat neemt ie mee op vakantie. Hij loopt constant iedereen op te voeden, te vertellen wat je moet doen en welke gewoonten je moet afleren en als je niet naar hem luistert moet je naar een psycholoog. Hij houdt scherp in de gaten dat iedereen een evenredig deel doet van de klussen die naar zijn mening gedaan moeten worden, ondertussen heeft ie niet door dat ik het heen en weer krijg van z’n muziek. Cameron is te lief, je kan hem nooit vragen wat hij wil of vindt, het enige antwoord is ‘ok’. Vladimir spreekt geen woord over de grens en is denk ik sowieso al heel verlegen, hij is dus onderdeel van het meubilair. Letterlijk want hij heeft de woonkamer dus ik kan weinig doen met m’n vroege opstaan want dan maak ik ‘m wakker.
Gelukkig is Nic er ook, weliswaar in het appartement hierboven maar daar kan ik tenminste goed mee samenwonen. En dat is het toch echt, een week lang met een team slapen, eten, vliegen en rijden.
Vandaag taak twee, heel hard hopen dat er geen deuk in m’n leading edge zit.

11 juli 2009

Eerste wedstrijddag


Een minivluchtje gisteren, meteen uitgezakt, desondanks een enorm drukke dag. Cameron en Blenkie waren dolblije jochies omdat ze de finish van de tour de france konden gaan kijken en ik reed met Mario en Primoz omhoog. ’s Avonds stond ik op enig moment in een groepje met Mario, Shedsy en Cameron, beetje apart. Nog even op en neer naar Ads huis om hallo te zeggen tegen Diederik, en ’s avonds kwamen de laatsten aan dus het was een druk groeten en zoenen en namen herinneren. Ondertussen Vladimir gerecruteerd als vierde man in ons appartement, en terwijl hij zich installeerde kwam Montse onze chauffeur Mar introduceren. All set now, vandaag de eerste wedstrijddag.

Zaterdagavond
De eerste dag zit erop en ik ben harstikke trots op mezelf, ondanks de mega blauwe plekken van de slechte landing en ondanks m’n slechte score. Ik heb nog nooit zoveel geduld gehad en verdomd het was nodig vandaag. Wel tien keer teruggevlogen naar een bel, en na twee uur was ik pas dertig kilometer verderop. Maar ach, het was een lastige dag, met kleine gebroken termiek en een shear op 1900 meter die me bijna in een tumble gooide. Van het tweede naar het derde keerpunt begon ik mooi hoog, 2100 meter, hoger dan de meesten de hele dag gekomen zijn. Ik stak richting het klooster voor Balaguer, en bedacht dat als ik uit zou zakken dat ik terug zou gaan en in het dal bij het doelveld zou landen. Helaas ik zakte zo hard dat ik snel moest beslissen, en aangezien ik al eens eerder de fout heb gemaakt om te laag een te lange glij te proberen besloot ik dan maar bovenop de berg te landen. Ik werd flink weggezet en whackte zo hard dat ik even dacht dat ik vast wel wat gebroken zou hebben. Dat viel mee maar er groeit een gigantische bult op m’n knie en het is flink pijnlijk. Ik moet ook m’n leading edges nog checken maar de uprights zijn gewoon recht. Ingepakt (en vet verbrand in the process), m’n harnas kilometers over het pad richting de weg gesjouwd, de vleugel honderden meters op m’n nek geladen om te zorgen dat de ophaal zo pijnloos mogelijk zou zijn. Dat lukte, de gloednieuwe chauffeur en Camo en Blenkie kwamen vrolijk aanrijden toen ik bijna bij de weg was.
Redelijk vroeg thuis, zeven uur, uurtje met ijs op m’n blauwe plekken gezeten en goed gegeten, nu vroeg zweterig naar bed. Met dank aan Corinna, die meteen heel lief met Japanse magic band en sporttape aankwam.

10 juli 2009

Spanje

De trip naar Ager is lang en vermoeiend, maar aan het eind krijg je ook wat. Ideaal appartementje, mooi weer en de Monsec natuurlijk. Nadat we gesetteld waren en wat gegeten hadden kwam Montse ons halen om naar boven te rijden. Het waaide (woei?) flink hard, niet mijn favoriete omstandigheden, en ik was best moe van de reis dus ik begon natuurlijk mijn standaard gemiep over dat ik misschien mogelijk eventueel vandaag dan toch maar niet enz. En dan ondertussen de spanbanden loshalen en de vleugel afladen, de jongens kennen me nog niet zo goed dus ik heb uitgelegd dat dit mijn gebruikelijke ritueel is en dat ik dan uiteindelijk als eerste start. Ondertussen waren Egbert en Erik de berg al af en het zag er uitstekend uit. Met hulp van Cameron en Frans liep ik gemakkelijk de berg af, draaide relaxed omhoog en fladderde een beetje boven de start rond. Nou is m'n grootste probleem het landen, en vanuit de lucht zag het terrein waar we hadden afgesproken er toch weer minder jofel uit. Ik besloot om het gewoon simpel te houden deze eerste vlucht met alle reisvermoeidheid nog in m'n kop, dus ik draaide vanaf wolkenbasis naar beneden, deed best een goed circuit en stond dankzij m'n droguechute net voor de bomen aan de grond. Direct na mij schoot het Zwitserse meisje met een intermediate diezelfde bomen in, en niet veel later maakte Moniek zo'n overshoot dat ze voorbij die bomen een upright krom landde. Het veld liep dan ook behoorlijk af, goed om te weten. Montse en de Zwitserse moeder haalden ons op, best gezellig zo'n girlfield. Tegen de tijd dat we de jongens ingeladen hadden stond ik te tollen van de slaap. Nog even inschrijven, eten en naar bed.

30 juni 2009

Verslaggeving worlds

De filmpjes en directe verhalen van Jonny http://www.jonnydurand.blogspot.com/ de banter van de Ieren http://irish-hg-worlds-2009.blogspot.com/ en de korte sfeerberichtjes van Jamie http://naughtylawyertravels.blogspot.com/ ik hoef bijna niet meer mee te vliegen om er bij te kunnen zijn. Even Cameron skypen om te horen hoe het vandaag gegaan is.

29 juni 2009

Bruinehaar

Het blijft altijd een lastige gok, naar welke start ga je rijden. Achteraf had ik mezelf 200 km kunnen besparen gisteren en gezellig met Jochen kunnen bijkletsen en nog een boodschap in de buurt kunnen doen, als ik gewoon naar Moergestel was gegaan. Maar volgens de voorspelling zou het alleen in het noorden goed weer worden, en bovendien hoopte ik nog af te spreken met Shedsy die zaterdag met de TT meereed. Helaas, Dave had een megakater en hij moest de ferry al vroeg hebben, het weer werd in het noorden pas goed toen ik alweer had ingepakt en er waren nog wat kleine ongemakken (vreselijk wakker gelegen van m’n foute berekening van vakantiedagen, m’n gerepareerde instrumenthouder vergeten, lek gestoken door de muggen en een misstart doordat m’n tweede lijntje in de knoop raakte met m’n ritstouwtje). Toch, heerlijk om weer even te vliegen, in marginale omstandigheden een paar honderd meter gewonnen en me weer eens gerealiseerd hoe anders het voelt nou ik ervaren ben en volledig zelfvertrouwen heb als het gaat om lieren. Dat heb ik toch maar mooi te danken aan al die liermannen (nog nooit een vrouw op de lier gehad) die me in barre omstandigheden steeds maar weer de lucht in sleuren.

01 juni 2009

tussenweekje

Van Ager naar Laragne kostte ons uiteindelijk twaalf uur, wel een schitterende rit. We namen de omweg via Andorra, goed om er een keer geweest te zijn maar eigenlijk is het niet bepaald beter dan de rest van de Pyreneeën. Veel te veel grote winkelcentra en Kalverstraat-achtige toestanden. Ik voelde me ook niet best, m’n knie deed pijn en uiteraard speelden spanningen een rol. Arme Cameron kreeg de volle laag van m’n slechte humeur, maar hij heeft meer begrip dan wie dan ook zodat het uiteindelijk toch een prima reis werd. Een paar uur naar beneden bochten van Andorra naar Perpignan, daarna het gas erop en in Laragne de tenten tussen de honderden parapenters proppen. Het is nogal een schok, een complete parapentewedstrijd op onze Chabre, het laatste bolwerk waar alleen delta’s vlogen. Ze pikken onze camping onze berg en onze lucht in, erg! Nou ja vandaag wordt er niks ingepikt, het waait meer dan 30 km/u en er staan de meest bizarre wolken boven het dal. We hebben Heather opgezocht, die kort geleden haar nan heeft verloren. Kletsen over landingen en wedstrijden en angst en verlies, het helpt hoop ik. In ieder geval helpt Camo, die altijd tot in detail en goed begrijpelijk vertelt hoe het werkt. Terwijl hij beschreef hoe Oleg en Julia dansten tijdens de worlds bedacht ik wat een verschil met vroeger, Koos is weinig expressief dus ik kreeg altijd meer het idee dat ik iets fantastisch gemist had als hij bij een wedstrijd was geweest, dan dat ik met volle aandacht naar gave verhalen kon luisteren. Cameron deelt de lol, het is bijna niet erg meer dat ik er niet werkelijk was.

Maandag konden we niet vliegen vanwege de harde wind, dinsdag hingen er heel vreemde wolken en was de wind puur westelijk. De wolken waren altocumulus met virga eronder, heel gek om te zien omdat je zou denken dat zulke kleine hoge wolkjes geen neerslag kunnen geven. Het zag er allemaal nogal woest uit en ik weet hoe gevaarlijk het hier kan zijn met west en ik ben altijd een beetje extra gespannen op een stek waar ik een tijd niet geweest ben. Toch maar opgebouwd, en toch ook maar gestart want het kon eigenlijk best wel, en het knijterde omhoog. Plus vijf, plus nog meer. Tot drieduizend meter en hoger, supergoed eigenlijk maar ik bleef gespannen dus ik nam het minitaakje van de cursus binnendoor en landde vanaf heel hoog op de camping. Geen beste landing helaas. Bah ik begin een oud wijf te worden, snel moe en veel te nerveus.
Vandaag was de voorspelling erg goed en de wind stond ook perfect, alleen zag je hele hoge dunne melk, en inderdaad was het niet makkelijk. Eerst startte de parapentewedstrijd, een bizar gebeuren want die lui malen nergens om. Ze floppen hun scherm willekeurig ergens neer, haken zich in en starten ter plekke, ongeacht of er iets of iemand in de weg staat. Struikjes andere schermen tassen het maakt allemaal niet uit. Ze gingen ook goed omhoog en binnen een half uur hingen ze alle negentig in vrolijke kleuren kriskras boven ons te draaien. Een feestelijk gezicht maar weinig uitnodigend om ook de lucht in te gaan, terwijl de omstandigheden ideaal waren. Het werd langzaam moeilijker en toen ik startte moest ik een beetje schrapen, samen met Jan-Louis. Dat stelde me voor de keuze of ik grote risico’s wilde nemen, en toen Cameron ook nog eens tussen mij en de berg doorbanjerde besloot ik naar Barret te keren, better safe than sorry toch. Halverwege vond ik echter de bel van de dag en ik schroefde heel prettig naar 2400 meter, waar Cameron me weer in de weg kwam zitten. Dat mag natuurlijk, als ik wedstrijden wil vliegen moet ik toch zeker wel met hem kunnen draaien, maar ik ben dezer dagen gewoon uitzonderlijk meutig en ik wil de lucht voor mij alleen. Door naar de Beaumont dus, maar dat haalde ik niet en aangezien het eigenlijk de bedoeling was naar de Pic de Bure te vliegen verlegde ik m’n koers die kant op. Ik verwachtte bij Montrond of de St. Genis wel iets te vinden maar Montrond deed niks en ik zag beneden een enorm landingsterrein met twee vleugels erop en Hans de Korte die er net met zijn landing de wind aangaf. Daarheen dus, en na een ok landing stond ik weer op de grond.
’s Avonds naar het circus in het dorp, eigenlijk meer een soort klein theater, beetje Parade-achtig erg leuk. Clowns, kabaal en veel vette knipogen.

Onweer, dus ik zit in m’n tent en ik heb nog geen koffie gehad. Vandaag is de eerste dag van de NK, ik zal het gebruiken om m’n boek uit te lezen en nog eens te proberen m’n blog te publiceren. Verbindingen hier zijn waardeloos en ik heb ook nog een Spaanse simkaart in m’n telefoon dus ik ben grondig onbereikbaar. Hans en Christine maakten zich al zorgen, ontzettend lief. Ik maak me zelf ook zorgen trouwens en dat is dan weer minder. M’n knie verbetert totaal niet en nou weet iemand te vertellen dat het vast ontstoken zal zijn, heel griezelig. Gelukkig heb ik wel weer m’n zelfvertrouwen terug als het om landingen gaat, dus ik durf wel weer echt te vliegen. Als de voorspelde mistral uitblijft natuurlijk.
Ik ga maar eens even kijken of Ad en Jacques koffie voor me hebben.

Pinksteren




Nadeel van alleen op stap gaan is dat iedereen ongevraagd met advies komt, zonder na te gaan of ik misschien mogelijk heel veel meer ervaring heb dan zijzelf. Voordeel is dat ik van alle kanten hulp krijg. En alle nieuwe ontmoetingen zijn leuk. Helga, een knappe vrouw van 70 die al twintig jaar vliegt. Stresskip Suzanne die me het vlonder af probeert te zenuwen. ’s Avonds met de Belgen gaan eten, harstikke leuk zo’n groepje enthousiaste beginners. De sfeer is vergelijkbaar met een een clubje wedstrijdpiloten, net zo gepassioneerd en eindeloos eindeloos wordt er over vliegen gepraat.

31 mei 2009

Neumagen

Shit geen internet, nou wordt het wel erg saai. Het is niet vliegbaar, veel te harde vlagerige wind. De wolken zien er prachtig uit maar vermoedelijk is het hier en daar flink turbulent ook, ik zie onderkanten van cumuls die weinig uitnodigend zijn.
Het kostte vanmorgen nogal moeite om mezelf te motiveren. Een lang wiekend voor de boeg, prachtig weer voorspeld, oostelijke wind. Dat wordt natuurlijk Neumagen of Dudelange, allebei ver rijden zo op m’n eentje en zonder vooruitzicht om bekenden te treffen. Her en der door het dorp zie ik wel Belgische en Duitse auto’s met vleugels, maar ik heb nog geen bekend gezicht gezien. Ik lees een beetje op de camping, hoop dat het vanavond nog rustiger wordt zodat ik een avondvluchtje kan maken. Ik probeer niet als een berg op te zien tegen het ophalen van m’n auto, maar ik herinner me nog wel dat het een heel lang stuk lopen is en dat er ’s avonds niet veel verkeer meer langskomt.

Om half zes gestart, verdorie ik leek wel een dronken eend zoals ik van dat vlonder afwaggelde. Toch weer teveel haast, ik probeer me niet te laten beïnvloeden door aardige mensen die rustig aan m’n kabels staan te wachten tot ik er klaar voor ben, maar ik blijf het lastig vinden dat ik op me laat wachten. De landing was ook al geen feest, natuurlijk was er net heel weinig wind toen ik binnenkwam en stond ie ook dwars op het vrij kleine veldje. Ik kwam in heuphoog gras terecht en vernaggelde m’n gloednieuwe dildo, en ik heb ook nog een winkelhaak in m’n droguechute. Balen! Maar ertussenin was het wel weer een feest. Een uurtje getermiekt met zo’n vijftien anderen, goed geoefend om ook linksom te draaien en door te werken zolang er nog mensen boven me zitten.

Op de start kwam ik Tom tegen met een klasje, leuk om te zien. Hij heeft het razend druk dus er is nog hoop voor de sport. Een Nederlands meisje kreeg haar eerste (tandem)vlucht, dikke kans dat ik haar nog naar hem heb verwezen. Ze bleef maar zeggen dat ze helemaal niks begreep, niks wist, niet wist wat ze moest leren en vragen. Ik heb haar uitgelegd dat het één grote informatie-overload is, zeker de eerste jaren, en dat ze er maar gewoon van moet genieten. Dingen leren komt later wel.
Nou vroeg naar bed. M’n enige gezelschap is een oud Belgisch echtpaar, heel vriendelijke mensen maar ze zijn duidelijk helemaal uitgepraat.

Een echte Duitse camping, alles keurig aangeharkt, poort op slot op de uren dat je binnen dient te blijven, hutjemutjevol caravans, een douche die na vijf minuten geen druppel water meer geeft en overal briefjes met vermaningen. En dan toch nog een hoop herrie en een rotte aardappelenlucht. En geen internet, dus ik ben dwars door de wijnvelden naar het zweefvliegveld gecrosst. De lucht ziet er slecht uit, een dik wolkendek. Ik ben ook niet fit, overal pijntjes en kwalen en dan natuurlijk ook nog kapotte spullen. Dat zal dan wel een superdag worden.

23 mei 2009

NK sleep uitgezakt

Vannacht erg weinig geslapen, vanmorgen ex-stress en ik moest nog een geheel nieuwe – overigens keigoeie – chauffeur uitleg geven. Dat zijn dan de enige excuses die ik kan verzinnen, waarom maak ik dezelfde fout toch weer en weer en nog een keer. Ik weet het zelfs, op het moment dat ik te vroeg, te laag, uit een belletje vertrek omdat ik afgeleid word door de anderen om me heen. Ik weet het, NIET DOEN! en toch steek ik door. Een kilometer of twee van het veld stond ik middenin een groot veld met hoog gras en mul zand, lekker zwaar om helemaal terug te sjouwen naar de weg. Gelukkig was Hakse, m’n chauffeur, er meteen en in minder dan een half uur stond ik alweer op te bouwen op het vliegveld. Nog even de chute terugproppen, een keertje diep adem halen, en hups weer met de bar aan m’n knieën een goeie bel in. Eigenlijk zag de lucht er nog beter uit en bovendien was het allemaal voor mij alleen dus het leek me de gelegenheid om nu dan wel goed te vliegen. Ik stak pas onder m’n wolk weg op dik 1100 meter, en het leek eigenlijk zo slecht nog niet. In de verte zag ik Harrie draaien die al terugkwam van het eerste keerpunt, ik twijfelde of ik naar hem toe moest of dat het net iets te ver zou zijn. Ik koos voor een dikke wolk die meer op m’n koers lag, en inderdaad piepte ik nog heel rustigjes omhoog naar 700 meter. Maar daarna was het ook wel helemaal over. Vette sink en in no time stond ik weer aan de grond, met rugwind en in hoog gras ditmaal dus met de vleugel in m’n nek. Terwijl ik inpakte zag ik Gijs boven mijn landingsterrein langzaam omhoog draaien en terug op het veld bleken er genoeg goal te hebben om er een duizend-punten-dag van te maken.
Ik vóél me niet alleen stom, ik ben het ook echt. Ik moet me toch echt beter concentreren en geduld oefenen. Morgen laatste dag.

22 mei 2009

NK sleep regen

Hangdagje vandaag. Eerst uitgebreid de meteo bestudeerd, vleugel opgebouwd, in de hangar, uit de hangar, toch maar weer in de hangar, opnieuw eruit. Met tussenpozen van minder dan twee uiterst vliegbare uren stortten er regen hagel en pikzwarte wolken over ons uit. Je komt niet aan lezen toe omdat je staat te kletsen, hoopt dat de zooi snel voorbij trekt, de briefing is uitgesteld tot over een half uur enzovoort enzovoort. ’s Avonds een verhitte discussie over veiligheid en regels. Het begint me te dagen dat er een soort clusters zijn van zienswijzen en opvattingen. Mensen die vinden dat je regels moet stellen, gevaarlijke dingen verbieden en allerlei zaken verplicht moet stellen uit naam van de veiligheid, praten ook vaak in morele termen: wie heeft ‘schuld’ aan een ongeluk, gewetenskwesties, en ‘de’ oorzaak van iemands dood ligt meestal bij iets wat verboden of juist verplicht zou moeten zijn. De andere benadering gaat juist uit van verantwoordelijkheid, gedrag beïnvloeden en autonome piloten informeren en instrueren. Ik ben verrassing verrassing van de voorlichtingskant. Geef mensen de gelegenheid om geïnformeerde keuzen te maken, maar laat de keuze dan ook aan hen. Individuen mogen zelf bepalen welke risico’s ze nemen, hoe groot die risico’s zijn, waarom ze dat doen en als er ongelukken gebeuren is dat afschuwelijk maar het hoort er wel bij. Het hoort bij de vrijheid en het hoort bij het leven. Niemands schuld, wel de verantwoordelijkheid van de piloot zelf.
Het blijft altijd een lastig dilemma want niet iedereen is even goed geïnformeerd, het leed van een ongeluk strekt zich ook uit buiten de piloot, en er zijn meer mensen dan hijzelf verantwoordelijk voor veilig materiaal, veilige beslissingen, elkaar attent maken op wat wel en niet veilig is. Jeetje wat een ongelooflijk lastig en ingrijpend thema. Ik gebruik maar gewoon een breukstukje, skids en een nieuwe gecertificeerde helm.

NK sleep

Op de valreep toch nog chauffeurs gevonden voor de NK, ook al is het in Stadskanaal. Even leek het er nog op dat m’n auto het niet zou doen en dat ik alweer vliegen zou missen door iets doms, maar gisterochtend om zes uur reden we toch zonder problemen naar het verre noorden. Slechte weersvoorspellingen, maar het verliep allemaal precies zoals Martin voorspelde: een trog kwam langzaam over, de termiek zette in en er ontstond een dikke grijze massa met potentiële onweerswolken. Ik stond als twaalfde in de rij, het blijft gek dat ik niet meer als vroeger een enorme haast heb om te starten, het maakt me tegenwoordig meestal heel weinig uit. Günther sleepte me onder een dikke zwarte wolk, druppels spetterden op m’n vizier. Ik overwoog af te koppelen en meteen te gaan landen vanwege de aankomende bui, maar in de richting waar we heen moesten was het nog een stuk lichter. Direct na het releasen speerde ik dus daarheen, het maakte niet uit of er termiek zat ik moest in ieder geval van het vliegveld weg waar het ieder moment kon gaan spoken. Even verderop zat stijg en ik vond het toch wel tijd worden om wat hoogte te maken, en mezelf duizelig draaiend en voortdurend naar boven kijkend wat die wolken deden dreef ik over Bourtange. Het was eigenlijk bijna niet meer verantwoord om te blijven vliegen maar ik zat zo laag dat ik binnen een paar minuten aan de grond kon staan als er echt onweer zou losbarsten. Nog een belletje lager zakte ik er dan toch uit en na een mooie landing merkte ik dat de wind inderdaad fors toenam. Ik was net helemaal ingepakt toen Rolf voor kwam rijden. Martin opgehaald, Alphons ergens opgepikt en uiteindelijk zonder regen naar bed.
Vandaag veel stratusachtige bewolking en een voorspelling van harde wind, ben benieuwd.

14 mei 2009

Sprog ruling


Having fifteen years of experience in rulemaking and influencing peoples’ behaviour, partly in the Dutch aviation authority, I’d like to put forward a few thoughts on rules that are intended to make hanggliding safer.
I wonder what exactly is meant with ‘making hanggliding safer’. We probably want less accidents in hanggliding, or less fatalities and injured people. So what do we want to change, peoples behaviour when they’re flying, the conditions people fly in, or the material they fly with? To answer that question you have to know what causes accidents and what the probability is of a particular kind of accident to occur as a consequence of one particular cause. That’s what you need scientific research for, I won’t go into the details of proper policy-relevant research here.
Since we don’t register accidents properly, there are no decent data, but I’d guess more people die or get injured in launching and landingaccidents than in tumbles and collisions. That is not to say that we shouldn’t try to prevent tumbles, but it might just be a small gain in the overall safety of hanggliding.

Suppose it’s proven that less accidents occur if sprogs are set to certain angles (this is a different thing from proving that a glider has pitch up at certain sprogsettings. Pitch up is one indicator of safety, but certainly not the only one). Also suppose we have found a certain method to measure sprogsettings (as a matter of fact, we haven’t. In the trade of rulemaking, it’s good practice not to set rules when it’s impossible to measure the norms).
But suppose we know the angle sprogs should be set to be safe, now we want pilots to set their sprogs high enough to achieve less accidents. All pilots, but it’s reasonable to think that especially competition pilots will want to turn down their sprogs, since they need speed (apart from confidence, good handling, etc). How to get them to do this?
The German DHV is convinced people only behave the way they are forced to behave. So you set norms (limits to the sprogsettings), you inspect whether pilots actually conform to those norms, and you punish those who don’t until they abide by the rules.
In government and policy sciences, this is quite an oldfashioned view. The modern idea is that you try to get people to comply spontaneously. The way to get this spontaneous behaviour is by informing people, educate them, train them. Or seduce them, by giving rewards for conforming. Or stimulate them by giving those who comply an advantage over non-compliars. Forbidding something leads to the suspicion people will try to break the rules, and you’ll end in a spiral of controlling and punishing the rulebreakers ever more severe, while those rulebreakers will behave more and more childish, not taking responsibility for their own behaviour but thinking up ways to duck the rule without getting caught. (See for example Richard Thaler, Cass Sunstein, Nudge. www.nudges.org)

Here is the fundamental issue: who is responsible for the safety of pilots? Pilots take risks, as do people in other sports. By training and certification (preferably of production processes, not of individual gliders) and the spread of information about hazards we can collectively try to decrease the risks involved in hanggliding. All this helps pilots to make decisions about the risks they are prepared to take. As long as a person is not putting another in danger, no organisation has the right to tell him what to do or not to do. Any organisation that exists to further the interests of pilots, has a responsibility to help them to decrease risks. They have no right to tell us which personal risks we may or may not take.

13 mei 2009

wedstrijden

Alweer terug uit Zuid Duitsland, de weersvooruitzichten waren naadje. Nou dringend op zoek naar een chauffeur voor de NK-sleep volgende week. Zijn er spontane aanmeldingen?

Geen taak



Ach vliegen is eigenlijk ook maar bijzaak. Ik was weer laat op start, had m’n latten nog niet eens allemaal ingestoken toen de dag al gecancelled werd. Omdat ik de eerste spetters al voelde pakte ik maar weer in, maar tegen de tijd dat we beneden waren trok het open en leek het toch nog een prima vliegdag te worden. De swifts hadden ook gewoon een taak en er werd flink vrij gevlogen, ook door het parapenteklasje. De twijfel duurde ongeveer even lang als de lunchpauze van de gondel, tegen de tijd dat we weer naar boven hadden gekund was het toch wel erg grijs. Dan maar naar de rodlbaan, met onze passen kunnen we er zo vaak als we willen in. Het werd natuurlijk pas echt opwindend toen Julia erbij kwam, zij verzon manieren om nog veel harder te gaan en uiteindelijk vlogen we in treintjes van zes of zeven knoerdhard de bochten door.
Achter alle lol weten we ook goed dat Paul vandaag begraven wordt en het komt af en toe even tussendoor in het gesprek langs. Vooral Corinna is er van onder de indruk omdat ze vorig jaar een paar keer met hem samen gevlogen heeft. Voor iedereen is het weer een reminder. Ik denk dat we daardoor nog uitbundiger probeerden het maximale uit die gekke karretjes te halen, als je geen lol hebt dan heb je niks.

Terwijl ik hier voor het hq zit te internetten hoor ik ze in het Duits overleggen. Het ziet er naar uit dat we geen taak zullen vliegen, er is alleen maar slecht weer de hele week. Dikke entry fee, lange reis, vrije dagen, afscheid van Paul gemist en sprogstress voor niks!

12 mei 2009

Tegelberg


Een typisch dagje. Om half zes bellen met Australië, om zeven uur met m’n laptopje bij het hoofdkwartier en tussendoor nog gauw even boodschappen doen, nog wat op en neer bellen en uiteindelijk kon ik me dan alsnog inschrijven. Toen ik terugkwam in het appartement vond ik Christine ongelukkig omdat ze had liggen piekeren over mijn gedoe met m’n sprogs. Het is ook wel een opgave om je aan DHV te onderwerpen, niet eens vanwege alle regels maar vooral om de sfeer: je moet vanalles, mag niks. De safetybriefing begon met een hele waslijst van verboden en straffen en zijdelingse opmerkingen waaruit blijkt dat de Duitsers er echt van overtuigd zijn dat wij niets liever willen dan ons zo snel mogelijk zo dood mogelijk te vliegen. Iedereen wil natuurlijk z’n sprogs verticaal naar beneden, iedereen probeert stiekem in de wolken te vliegen, iedereen zal expres de verkeerde kant op draaien in een bel en ook vooral de anderen lekker neppen door heel doortrapt benen buitenboord te hangen als een taak helemaal nog niet gecancelled is. Je mist een beetje het idee dat we zo’n wedstrijdje voor de lol doen, en dat de meeste meiden vooral met elkaar plezier willen hebben. We gunnen elkaar een goeie vlucht, doorgaans, maar daar durven de DHV-ers niet vanuit te gaan. Misschien is er ook wel veel meer gemenigheid in de top dan ik door heb, maar goed dan verpesten ze het toch voor zichzelf?
Als we direct na de safetybriefing gestart waren hadden we allemaal wel een leuk vluchtje gehad, maar het duurde lang voordat er een taak gezet werd. Vervolgens gaan de rigids eerst, een stuk of veertig, en dan mogen wij pas met starten beginnen als zij echt ver weg uit zicht zijn. Terecht, het is fijn dat we niet door elkaar de startcirkel ingejaagd worden, maar tja nu was de dag over toen wij klaar stonden. Toen Monique ook nog eens een misstart maakte (deze keer mankeert ze weinig, gelukkig) was het over.
Christine had wel haar vleugel mee naar boven genomen, maar besloot al snel om niet te vliegen. In plaats daarvan zorgde ze voor mij, de hele dag, super. Ik baal er wel ontzettend van dat ze zo in zo’n vliegdip zit, maar ik herken het helemaal en gelukkig neemt ze de tijd om er overheen te komen. Hans ook, die belt drie keer per dag om te checken of ze wel vliegt, en dan belt ie mij om te zeggen dat ik Christine de berg af moet helpen. Maar we zijn vriendinnen omdat we elkaar kunnen helpen niet die berg af te lopen, niet altijd.
Ik overwoog na het cancellen om naar beneden te vliegen. Ik stond ingehaakt, fit, de regen was er nog niet en ik kon in tien minuten geland zijn. Toch maar niet gedaan, het is het risico van een regenlanding niet waard. Goh wat worden we toch verstandig.

11 mei 2009

op de berg

Terwijl ik 'm braaf zag draven dacht ik vooral wat een sukkel. Ik ga vooruit.

pre womens worlds

Een halve liter alcoholvrij Duits bier is vies. Het appartement is belachelijk kitscherig en zo gruwelijk netjes dat ik me niet durf te bewegen. Ik heb eindeloos aan Vickis kop moeten zeuren om sprogsettings en die heb ik nou nog niet, dus dikke kans dat ik vanmiddag ruzie met de organisatie krijg. Maar ik ben hier, Christine is hier, en de vooruitzichten voor vliegweer zijn nog niet eens superslecht. Hier naartoe verbaasde ik me weer over dit landschap, zo ontzettend mooi. Alles vol en dik in frisgroen en bloemen, glooiend, gevarieerd, en plotseling de besneeuwde rotspieken van de Alpen op een rijtje in de verte. Terwijl ik door Füssen reed zag ik de lucht vol vleugeltjes, ik ben er.

Zondagavond
Inderdaad, ruzie met de organisatie. Ik mag niet met de wedstrijd meedoen omdat ik geen getallen heb voor m’n sprogs. Dit is bijna niet uit te leggen aan niet-vliegers, vooral niet omdat ik (net als Moyes) ervan overtuigd ben dat de Duitse regels niet ok zijn. Zij geloven heilig in getallen, regels, voorschriften en certificaten, en omdat ze zo oprecht geloven dat het de veiligheid dient zijn ze ook niet van het idee af te brengen. Ik daarentegen denk dat veiligheid veel meer verschillende facetten heeft dan alleen een goeie pitch (zelfoprichtend vermogen als de lucht me naar beneden duwt, daarvoor moeten je sprogs hoog staan). Het is voor de veiligheid ook belangrijk dat je een goeie handling hebt, en dat vraagt nou juist om niet al te hoge sprogs. Het is dus een midden, en er is niet één goed midden. Dat heeft te maken met smaak, met manier van vliegen, met het soort lucht. En dan nog is er weinig echt wetenschappelijk gemeten en onderzocht: is er een duidelijke samenhang tussen tucks en lage sprogsettings; hoeveel ongelukken waren tucks of tumbles; maakt de vg-setting nog iets uit; hoeveel botsingen met een berg of in een gaggle zijn voorkomen doordat iemand snel en fel kon sturen? Nou ja, als ik niet mee mag vliegen dan hoop ik dat ze me niet kunnen verbieden op deze stek te vliegen. Maar tja, Duitsers zijn vaak wel enorm van de verboden en regels en de DHV is de baas.
Ondertussen doet Christine ook al niet met de wedstrijd mee, ze had sinds haar ongeluk in Bassano nog niet gevlogen voor vandaag. Vandaag ging het allemaal goed, ook al is ze ontevreden over haar landing, maar ze heeft toch geen zin in de stress van een wedstrijd. Ik begreep het eerst niet omdat ik eigenlijk nauwelijks verschil zou weten tussen hier vrij vliegen of hier wedstrijd vliegen, maar ook dat is weer iets Duits. Voor haar is een wedstrijd wel degelijk een hoop stress, want het Duitse team wordt uitgebreid begeleid door de verschrikkelijke Rudl en dan nog Ecki en Regina en Charlie voor de filmopnames. En ze moeten ook vanalles, ze kunnen niet gewoon gezellig vliegen zoals ze zin hebben.
Vandaag na de prijsceremonie van de German Open in de rij voor de gondel naar boven. Er kunnen maar drie vleugels tegelijk op en het ding gaat ongeveer eens per twintig minuten naar boven, dus ik heb een uur of drie staan wachten. Toen ik eindelijk boven was kon ik m’n quickpins niet vinden, dus het zag er naar uit dat ik opnieuw niet kon vliegen. Ik twijfelde eigenlijk of ik überhaupt wel moest vliegen, met koppijn en ontzettend moe, maar jeetje het is de enige oefendag vandaag, supermooi weer met minder goeie vooruitzichten, en ik heb al zo lang niet meer gevlogen dat ik alleen al even die berg af moest om te zien of ik alles in orde heb. Touwtje hier, batterij daar. Gelukkig vond ik de quickpins uiteindelijk toch nog, en het opbouwen van de vleugel brengt me altijd helemaal in de stemming. Nadat ik Christine eraf had gegooid (doodeng want ze vertelde dat ze de vleugel niet had uitgedoekt terwijl er wel degelijk latten krom waren) hielp Connie mij weg. Mooie start, en ik hobbelde vanzelf een megabel in en draaide een beetje naar boven, maar al gauw merkte ik dat ik echt niet kon centreren. Geen concentratie. Ik waggelde nog een beetje rond en genoot van het schitterende uitzicht op de Alpen, overal rotsen en sneeuw en beneden enorme frisgroene velden vol paardebloemen, twee grote blauwe meren en een stroompje. Erg idyllisch allemaal. Toen ik er genoeg van had vloog ik naar het landingsveld maar ik zat nog erg hoog, dus ik probeerde nog even of een alleenstaand kerkje het ook echt deed, zoals de theorieboekjes zeggen. Inderdaad, terwijl ik daar aan het zoeken was knalde er een roofvogel naar boven, en samen draaiden we nog een paar honderd meter op. Uiteindelijk vond ik het toch wel genoeg en met een matige landing heb ik dan toch weer eens drie kwartier gevlogen.

08 mei 2009

inpakken

Ik zie er behoorlijk tegenop om op m’n eentje duizend kilometer te rijden morgen, maar Wouter is een cruisecontrol aan het inbouwen dus het zal wel gaan lukken. Alles op het laatste moment wel en ik ben ook nog een beetje katerig van het etentje van gisteravond, helemaal fit en uitgerust begin ik niet echt aan de wedstrijd. Twee maanden geen meter gevlogen, niet getraind, mentaal met hele andere dingen bezig geweest. Nou ja, m’n enige echte doel voor komende week is veilig vliegen met zoveel mogelijk pret. Gelukkig heb ik er een hele batterij coaches voor dus dat moet lukken. Cameron die me de mentale en strategische kneepjes bijbrengt, Jan voor de juiste focus, Ropje voor taktiek en techniek, en Christine voor het combineren van vliegen met een mensenleven.
Ik kan dinsdag niet bij de begrafenis van Paul zijn, wel maf ik vond het erg moeilijk dat het allemaal zo ver buiten m’n beleving gebeurde, nou ga ik zelf weg zodat ik ook die kans niet grijp om tot me door te laten dringen dat Paul er echt niet meer bij zal zijn. Het blijft een verslaving waar alles voor moet wijken. Te mooi om er mee te stoppen.

18 april 2009

Grounded

Prachtige wiekenddagen, en ik zit thuis. Eigen schuld, ik heb een beetje te enthousiast getraind, een pijntje genegeerd en nou zit ik al vier weken met een flink pijnlijke biceps. En ik ben woedend op mezelf, heb mezelf echt compleet onnodig een paar schitterende vliegdagen door de neus geboord. Voor straf sta ik in de tuin, fiets half Den Haag rond en heb de deur maar weer eens geverfd.

06 april 2009

wiekendje slepen bij Rinus

De laatste weken ben ik bizar verstrooid. Vergeetachtig en onhandig. Nou ben ik nooit erg helder en scherp geweest, maar de afgelopen tijd heb ik al meermalen gedacht dat ik wel tachtig en dement lijk. Gas aan laten staan, afspraken vergeten, sleutel in het verkeerde slot steken. Gisteren was ik enorm aan het stuntelen op het vliegveld. Niet gevaarlijk, waar ik echt even m’n volle aandacht nodig heb ben ik er wel, maar gewoon dommig en suf. Te traag reageren op de tug en de lucht, iets te lang aarzelen over m’n landing, hoogte verkeerd inschatten. Echt niet ernstig maar ik kwam wel een keer middenop de baan terecht (waar we absoluut niet mogen komen) en nog een keer laag dwars over de baan heen (waar we zo mogelijk nog minder mogen komen). De havenmeester was not amused en hij had natuurlijk gelijk ook, dit soort slordigheid maakt de zeilvliegers niet zo populair op Stadskanaal. Ik voel me dan ook flink schuldig en ben vooral erg in verwarring omdat ik mezelf er maar niet van kan overtuigen dat ik nu m’n lesje geleerd heb en dit soort fouten niet weer zal maken. Omdat ik zo loop te klunzen vrees ik dat ik juist wel dit soort fouten blijf maken.
Volgens een collega is dit soort verstrooidheid typisch een geval van te weinig sporten, uit je trainingsritme raken. Daar had ik nog niet aan gedacht, en het zou wel kunnen kloppen. Sinds kort spring ik niet meer vanzelfsprekend twee of drie keer per week in het zwembad, omdat ik mogelijk allergisch ben voor het zwemwater. En dat terwijl dat zwemmen nou juist precies is wat ik nodig heb om m’n balans te herstellen, om m’n spieren en m’n hoofd weer even op nul te zetten.
Ik denk dat ik maar ns een nieuw zwembrilletje ga halen.

08 maart 2009

Eerste vliegdag van het jaar



Ik ben harstikke blij dat ik m’n vleugel weer heb en ook nog twee perfecte startjes gemaakt gisteren, helemaal goed. Ropje is de perfecte dealer, en vriend. Niet alleen levert hij m’n vleugel af en helpt me met het in elkaar zetten, aanpassen en tunen, hij maakt ook nog eens een testvluchtje, is contactpersoon met Moyes, helemaal goed. En het is gewoon gezellig, samen naar Stadskanaal rijden, verzinnen hoe het verder moet met de afdeling en met het wedstrijdvliegen. Hij heeft best wat met me te verduren gehad, zal zich vast wel vaak ongemakkelijk hebben gevoeld omdat hij ook in de wedstrijdcommissie zit en daardoor soms tussen twee vuren zit, en ik ben iedere keer weer onder de indruk van de manier waarop hij de problemen, en mij, benadert. Een echte goede vriend. Dat maakt het niet makkelijker voor mij om ruzie met Moyes te maken. Nou ja ik wil natuurlijk geen ruzie maken ook maar ik heb eigenlijk wel erg over me laten lopen en het wordt tijd dat ik m’n grenzen eens stel. Mijn vreselijke gebrek aan zakelijkheid en m’n moeite om op m’n strepen te gaan staan tegenover mensen die ik aardig vind, hebben me inmiddels echt duizenden euro’s gekost. Ik betaal door m’n neus voor een nieuwe vleugel, moet dan nog eens extra betalen voor transport (terwijl de vleugel zo duur was omdat ik een Europese prijs betaal, dan zou ie toch ook in Europa moeten worden afgeleverd zou je denken), en ik moet eindeloos wachten op herstel van foutjes en vergissingen. De Australiërs hadden wel hetzelfde beeld van Moyes, je stopt er een half jaarsalaris in maar dan nog moet je dankbaar zijn dat je hun vleugel mag vliegen. En Mart had denk ik ook wel gelijk, Australiërs zijn gewend om overal over te onderhandelen en als ik dat niet doe betaal ik de hoofdprijs.
Ze maken het me niet makkelijker nou Ropje ertussen zit, want hij geeft perfecte service dus daar kan ik natuurlijk niet over klagen. Dat wordt dus eerst betalen, en daarna maar zien of ik het nog ooit met Vicki kan verrekenen. Denk het niet. Hierna dus toch maar geen LitespeedS meer, ook al vind ik het een fantastische vleugel.

01 februari 2009

Afsluiting Australië

politieauto met Kata's vleugel
Brokenback start
Katarina
Het zag eruit als de mooiste dag van de maand en ik was helemaal uitgeslapen en fit, perfect gewoon. Een heel licht windje stond precies recht op de start van Brokenback, een enkel cumultje popte op in de helderblauwe lucht en ik ondervond later inderdaad megatermiek: hard en groot. Voor de start was een brandje en een helikopter vloog af en aan met bluswater. Een andere helikopter was eerder ’s ochtends tegen een hoogspanningskabel aangevlogen. Het was een gaaf gezicht, de helikopters op een paar meter voor de start, en we werden een beetje natgespetterd terwijl we de vleugels opbouwden. Katarina had hier nog nooit gevlogen dus Cameron briefte ons. Ze kon makkelijk het kleine bombout veld halen, waarschijnlijk net zo makkelijk het ideale veld dat ik een maand geleden had gebruikt, en met deze termiek zouden we misschien alledrie wel naar Newcastle vliegen. Toen de helikopters gingen tanken startte ik als eerste en ik spoot meteen naar boven. Al snel zag ik Kata ook in de lucht, ze steeg niet zo hard als ik maar ze ging wel omhoog. Ze dreef een pietsie naar het zuiden maar ik maakte me geen zorgen. Ze is altijd relaxed, verstandig, rustig. Als ze twijfels heeft zal ze niet starten en ze heeft genoeg ervaring om haar grenzen te kennen. Begin januari vloog ze mee in de Corryong cup.
Ik settelde lekker in m’n belletje en keek naar de start om te zien of Cameron al in de lucht was. Het zag er zo goed uit, wat een mooie afsluiting van een pietsie teleurstellende maand! Ineens zag ik Kata, heel laag, in een streep richting bombout. Veel te ver van de ridge af, waar ze vloog zou ze weinig lift vinden. Ik begon me zorgen te maken maar ik weet inmiddels dat het er van bovenaf vaak veel rotter uitziet dan voor de piloot zelf. Door de radio zei ik tegen haar dat ze iets naar rechts moest opsturen en vg aantrekken, maar m’n volume stond laag dus ik hoorde geen antwoord. Ik bleef omhoog draaien maar raakte ondertussen steeds zenuwachtiger over Kata. Tot m’n opluchting maakte ze een bocht, ik ging ervan uit dat ze lift gevonden had. Cameron vertelde later dat ze er achter uit viel, en als ze die driezestig niet gedaan had, had ze het gehaald. Ze verlegde haar koers naar een stuk waar de bomen dunner waren en het volgende moment zag ik haar schaduw. Ze had geen twee meter meer. Veertig meter voor het bombout veld klipte ze een boom en verdween ze voorover tussen de bomen. Ik zat op 1800 meter en schreeuwde door de radio naar Cameron dat Kata gecrasht was, ik was enigszins in paniek en bovendien wilde ik dat zij zou horen dat we het wisten. Ik wilde zo snel mogelijk landen maar niet zelf crashen, dus ik besloot naar de long paddock bij de auto te gaan. Ik probeerde er naar beneden te komen maar alles steeg, m’n vario bleef piepen en ik was zeker tien minuten, een kwartier, bezig om m’n hoogte te verliezen. Terwijl ik daarmee bezig was zag ik gelukkig wel Camerons vleugel middenin het bombout veld staan, niet ver van Kata’s crashsite en met de rug naar de wind dus hij was ok. Zodra ik op de grond stond begon ik te rennen, harnas en al de auto in. Het was 42 graden in de schaduw en ik was gekleed op een hoge koude overlandvlucht, ik snap nog niet hoe ik het voor elkaar kreeg. Ondertussen plugde ik de radio uit en hoorde ik van Camo dat hij bij haar was en dat ze bij bewustzijn was. Ik moest op de weg de ambulance gaan tegenhouden. De ziekenbroeder gaf me een loodzware tas en met z’n tweeën renden we de paddock over die nou toch wel heel erg lang was ineens. De struiken in, spinnenwebben braamstruiken takken stof. Gelukkig hadden Camo en ik goed radiocontact en het duurde niet te lang voor we ze gevonden hadden. Ik dumpte de tas en speerde weer terug om Camerons vleugel aan de kant te zetten en de helikopter binnen te zwaaien. De medic uit de helikopter douwde me een nog zwaardere tas in m’n handen en daar gingen we weer, door de struiken naar Kata. Op de een of andere manier hadden allemaal politie-agenten ons ook gevonden, en terwijl Kata lag te kreunen en Cameron en ik een beetje stonden te snikken wemelde het van de mensen. Ze wilden een keer of tien mijn naam, zijn naam, haar naam, geboortedatum, adres, om wild van te worden en het ergste was dat ze bleven vragen naar Camerons bedrijf. Het duurde even voor ik begreep dat ze hem de schuld wilden geven van het ongeluk, of ‘m toch in ieder geval aansprakelijk wilden stellen. Ik probeerde uit te leggen dat hij een soort held was, bij crosswind in enorme stress starten, in turbulente lucht met vol vg naar beneden racen en een prestatietoestel op een miniveldje landen.
Nadat Katarina met een nekfractuur, gebroken schaambeen en mogelijk gescheurde long was afgevoerd moesten we drie toestellen inpakken, eindeloze politiebelangstelling van ons afslaan, tientallen telefoontjes beantwoorden van mensen die het op de radio hadden gehoord en de belachelijk lange dirtroad de berg oprijden om de auto te halen. De brand was nog steeds niet geblust en de energiemannen hadden uitleg nodig. Wij ook, we konden niet begrijpen wat er was gebeurd. Ze is in paniek geraakt, maar waarom? In het donker, een complete dag na onze laatste hap, misten we de agent op het politiebureau van Cessnock die de sleutel van inbeslaggenomen spullen had, dus we konden Kata’s harnas niet meenemen. Ik was klaar om iemand te vermoorden dus Cameron trakteerde me uit puur zelfbehoud op Thai. Midden in de nacht terug in Blue Haven konden we eindelijk een koud biertje pakken, zelden smaakte een Tooheys zo goed.

M’n laatste dag hebben we gebruikt om de herinnering aan Brokenback te retoucheren. Een vriendin van Camo’s ouders werd achter de tv weggehaald om voor ons te rijden, en iets te laat vlogen we met z’n tweeën langs de plek waar Katarina crashte. De hele lucht voor ons alleen, geen helikopters, geen gaggles, heerlijk. Het was niet meer zo super als de dag ervoor maar het ging nog goed omhoog, af en toe wel erg agressief. Alsof een onzichtbaar monster een gemene duw tegen m’n vleugel gaf, een paar keer moest ik een complete 360 wegdraaien. Na anderhalf uur zette de zeewind in en zakte ik uit middenin een paardenfokkerij. De paarden waren meer nieuwsgierig dan bang en geen mens liet zich zien.
De terugweg liep van de pub via het politiebureau en de Thai naar het ziekenhuis en Camerons ouders. Drukdrukdruk maar alles verliep even positief, Katarina was opmerkelijk helder ondanks de morfine en ze heeft goede kansen op volledig herstel.

Inmiddels ben ik terug in Den Haag. M’n ogen beginnen dicht te vallen en morgen begin ik aan m’n nieuwe baan, dus ik moest maar eens op bed aan.

31 januari 2009

terugreis

ik zit op Sydney luchthaven te wachten tot ik om een raamplaats kan vragen zodat ik nog een keertje naar Cameron kan zwaaien. Gisteren was perfect, we zijn teruggegaan naar Brokenback waar Katarina eergisteren crashte (verslag staat op m'n memory stick publiceer ik later) en met z'n tweeen hebben we een geweldige vlucht gemaakt. 's Avonds bij Kata langs, ze raakt waarschijnlijk niet verlamd en haar hersens zijn ook ok, goed allemaal. Vanmorgen nog een uurtje gekayakt, zoveel mogelijk zon opgezogen en nu een beetje verdrietig op weg naar huis. 28 uur gevlogen deze vakantie, redelijk.

24 januari 2009

Kust

’s Morgens word je wakker van de keiharde rauwe schreeuwen van de cockies en de gala’s. Iets later beginnen de kuckaboora’s te lachen, het klinkt precies als apen. Tijdens het rijden denk je voortdurend dat er een dakdrager los zit of een scharnier piept, maar dat zijn de bellbirds. Eén soort klinkt als scharnieren, een andere soort klinkt als metalen tikken op metaal. Kangaroos zijn per definitie wild maar ik heb er gisteren een paar geaaid, ze wennen aan mensen. En Cameron heeft me beloofd dat ik waarschijnlijk wel walvissen kan zien, hij had niet half in de gaten hoe fantastisch dat zou zijn.
We zijn vanaf MountBeauty eerst naar het zuiden afgezakt, en hebben vanaf Lakeside de kustweg gevolgd. Mooi, Bountystranden en weelderige vegetatie, maar ook wel een beetje saai. Als iemand had beweerd dat het de kust van Florida was had ik het ook geloofd. Heel veel bomen dus weinig uitzicht. Wel stranden zonder andere mensen. We waren al een paar uur onderweg toen Cameron ineens op m’n schoot sprong. Er zat een enorme harige bruine tarentula op z’n stoel. We zetten het allebei op een gillen en het monster verdween in de kier van de riem. Nog zeker een uur bleven we filosoferen over de giftigheid van het beest en waar ie zich verstopt had en wanneer we ‘m weer zouden zien. Opeens stond Camo bovenop de rem, de spin was over de voorruit heen gerend en zat nu op mijn deur. Na een foto werd ie met een slipper weggejaagd, en onze hartslag kon weer naar beneden. Totdat m’n oog op weer zo’n griezelig geval viel, net achter Cameron. Opnieuw maakte een slipper korte metten, maar nou durf ik toch niet meer in de auto te slapen. Waar er twee zijn kunnen er makkelijk meer zijn lijkt me. Gelukkig hadden we gisteravond een feestje bij Curt Warren en Louise, en konden we op de bedbank blijven slapen. Geruststellend, een schoon huis zonder stapels bagage. Vandaag vliegen op Stanwell Park of Nowra, en dan door naar Newcastle. De extra tijd die ik heb hoef ik nu niet meer te gebruiken om een baan te zoeken en een visum te regelen, dus ik kan me het schompes vliegen en bij Airborne bespreken of ze een tweede vleugel voor me hebben, voor volgend jaar. Scoren doe ik toch niet dus dan kan ik net zo goed op een andere vleugel vliegen dan die ik gewend ben.

22 januari 2009

Wedstrijden voorbij


Heather en Mart hebben een prachtig huis met enorme ramen aan drie kanten, ideaal om het gigantische gustfront goed te zien. Terwijl wij stonden te genieten van de waanzinnige windvlagen en bakken regen, stond Cameron de tent overeind te houden en vielen de takken en bomen op caravans en kinderen. Nou ja binnen een paar uur was alles weer droog en gerepareerd. Prijsuitreiking, diner en feest waren tof, Cameron won de sportsmanship award en zat een kwartier lang z’n ontroering weg te slikken. Ik moest natuurlijk weer het podium op als derde vrouw, altijd pijnlijk genant als ik zo gruwelijk slecht gescoord heb. Wat wel weer leuk was dat Heather een Pipi Longstockings boekje voor me gekocht had
Vanochtend de tent inpakken, dat wordt nog een drama want we voelen ons niet helemaal fit en de rotzooi is onbeschrijfelijk.
Het plan is om naar het zuiden te rijden en dan de kust te volgen tot Hill 60 of Stanwell Park, waar we mogelijk overmorgen kunnen vliegen.

21 januari 2009

Waarschijnlijk laatste taak



Gisteren gecancelled, niks mis mee want Gerolf was in een uitstekende bui dus ik heb een hoop geleerd. We hadden het erover om helemaal te vertrekken, de vooruitzichten zijn erg slecht en onze tijd is te waardevol om hier dag in dag uit rond te h angen. Als er nou een programma was van lessen van de toppers, dan zou het anders zijn. Gerolf, Jonny, Corinna en Lukas hebben genoeg te vertellen. Vanmorgen togen we met z’n allen naar Tokumwal launch en ik had me opgegeven voor de alternate launch, dus ik moest als tweede binnen een paar minuten van de berg af. De wolken scheurden langs en de startplek zag er een beetje dodgy uit, bovendien bouwde bijna niemand z’n vleugel op. Ik wel want je weet maar nooit. De winddummy pakte halverwege weer in uit angst om het bombout terrein niet te halen, maar een parapenter startte wel en Cameron vloog ook als dummy. Dat gaf de doorslag en binnen een paar minuten hadden we een taak. De wind op de start, puur rotorige termiek, was heel erg licht en het was bloedje heet. Ik moest lang ingehaakt wachten, helm op, dikke handschoenen aan, m’n hartslag zat op tighonderd tegen de tijd dat ik moest. M’n start was goed maar ik kon minuten lang niet lekker indraaien. Toch won ik hoogte en utieindelijk zat ik utistekend, hoog en een beetje voorop. Gaaf, tot aan het keerpunt vloog ik continu achter Scott, verschillende bellen met Ollie. Ik vloog met de leadgaggle en kwa hoogte en afstand zat ik zo ongeveer op een vijfde, zesde plek. Niet slecht. Ik dacht wel nog, shit, sprogs flink omlaag, fancy Aframe en het blijft potdorie nog steeds hard werken. En ja, hoogmoed komt voor de val. Ik gaf m’n hoogte op alsof ik met geld aan het smijten was, vergat dat je toch wel wat meters nodig hebt om ergens te komen. Ik nam het keerpunt te laag, dreef wel leuk windmee terug op koers maar ik zat al onder ridgehoogte en er stond een pittige noordwestenwind waardoor de bellen moeilijk te pakken waren. Op het tweede keerpunt zakte ik uit. Uitstekende landing in een koeienveld, inpakken op het gemaaide gras voor een camping. Een duik in het riviertje, nadat we compleet waren afgekoeld Phil opgehaald. Uncle Phil (mister Grumpy, pas gelukkig als ie ongelukkig is) zit in de safety committee en hij vond het bijna te ruig om te blijven vliegen. Ik had het wel naar m’n zin, iedere keer weer blijkt dat ik het beter doe in stevige condities. Ik had alleen moeten werken, in plaats van geloven dat het allemaal vanzelf ging vandaag. Nou ja, niemand dacht dat we zouden vliegen vandaag en het lukte toch, geweldig. Er is zelfs nog geen onweer geweest, en de wind pikte wel even stevig op maar verdween daarna weer.
Morgen laatste dag, waarschijnlijk geen vliegdag.

20 januari 2009


Het ene na het andere front komt over ons heen, met snoeiharde wind en onweer als gevolg. Gistermiddag was het nog wel leuk, iedereen dook het gat van Porepunkah in, leuk spetteren in een ideale waterval. Vandaag is het treuriger. Sprogs naar beneden gedraaid, opgemeten, de finesses van de vg-setting besproken. Heerlijke lunch, nu aan het werk. Ik schrijf een artikel over regulering en sprogsettings, Lukas wil het in een youtube filmpje vertalen zodat iedereen snapt waar het over gaat. We denken erover om morgenochtend al op te breken, de kans op vliegen hier is bijzonder klein en onze tijd in Australië is te kostbaar om doelloos rond te hangen.

18 januari 2009

Mount Buffalo


Twee-en-een-half uur gevlogen voor 56 kilometer, jeetje. Ik kan niet eens verklaren waarom ik zo superlangzaam was. Het termieken ging erg moeizaam, het was nogal ruig met een stevige inversie + windshear op 1900. Ik was nog steeds een beetje slapjes, misschien toch dehydration. Mogelijk drink ik teveel water, het spoelt de mineralen uit m’n bloed. Steken sloeg al helemaal nergens op, ik durfde niet meer dan half tot driekwart vg aan te trekken en ik gleed voor geen meter. En dan zat ik ook nog vaak erg laag en dat kost altijd veel tijd, omhoog ploeteren van onder ridgehoogte. Het landschap beviel me helemaal niks, lage brede beboste heuvels en heel smalle volgebouwde dalen. Heel erg weinig landingsmogelijkheden, waarschijnlijk veel wind bij de landing en goeie kans op turbulentie. Op de terugweg van het eerste keerpunt zakte de hele achterhoede uit en ik zette ‘m neer op het beruchte Mystic bomb out veld. Prima landing, het is zo langzamerhand meer een kwestie van zelfvertrouwen dan van techniek. De auto was er al, Cameron was te ziek om te vliegen maar hij pakte wel m’n vleugel in. Belle droeg sapjes en snacks en slippers aan, ik voelde me de prinses op de erwt. Nou ja laat ik er maar van genieten wanneer al die hulp er is, ik land vaak genoeg heel alleen ver van een weg af.

17 januari 2009

Ziek

Het ideale van deze Australische wedstrijden is dat het ver weg is, ik kan gewoon vliegen en plezier hebben. Maar ik had het met Mart over de kernploeg en tja dan achtervolgt de ellende me toch nog. Ik ben kennelijk uit de kernploeg gezet maar niemand heeft het fatsoen gehad om mij te vertellen dat ik er niet meer in zit. Dubbele pijn, ik vlieg de womens worlds dus ik hoor gewoon in de kernploeg, en de manier waarop en de reden waarom (tenminste, ik vermoed dat ik er vooral uitgezet ben omdat Koos van me af wil) is verschrikkelijk pijnlijk. Het was een nacht vol nachtmerries en kotsen, misschien kwam het ook van de lemon pie of Cameron heeft me besmet met z’n griep. Hij is al een paar dagen echt ziek en ik voel me vandaag dus ook compleet leeg, energieloos. Brandende maag en bibberende handjes. Waardeloos, maar het was wel de eerste vliegbare dag met een mooie taak en prima lucht, dus ik ging natuurlijk toch mee naar de start. Ik zakte bijna door m’n knieën op de start maar meestal werkt een vlucht medicinaal, ik voel me vrijwel altijd beter als ik eenmaal vlieg. Vandaag niet. Ik zakte er bijna uit, had er weinig zin in om op het beruchte bomb out field van Mystic te landen, krabbelde weer omhoog en zat op de startcirkel eigenlijk heel goed. Hoog, in stevige termiek, in het midden van het veld. Alleen m’n armen waren pulp, ik had oprispingen en de termiek was behoorlijk bokkig. Ik durfde ook niet te dicht tegen Buffalo aan te kruipen omdat de wind enigszins over de back kwam, maar ik zat op ridgehoogte en had zeker een flink stuk door kunnen vliegen. Vrij plotseling besloot ik om dat niet te doen, ik koos één van de twee landingsterreinen waar al een vleugel stond en cirkelde lamlendig naar beneden. Ik was wel nieuwsgierig bij welke piloot ik ging landen, ik zag dat het een Airborne vleugel was. Het bleek Cameron te zijn waar ik bij landde, nog zieker dan ik. Ik ben bereid om alles te slikken wat nodig is om morgen weer fit te zijn, verdorie ik ging zo goed. Nou ja ik ben zelfs te slap om me er echt druk over te maken.

16 januari 2009

Niet-vlieg wedstrijd


Derde wedstrijddag niet gevlogen. Te harde wind, te vlagerig en waarschijnlijk forse windshear ergens tussen top en bottom. Je wordt er nogal flauw van, iedere dag vroeg opstaan, op tijd bij de briefing zijn, snel opladen en naar boven rijden, opbouwen. Dan uren wachten tot je paars ziet van verveling, hopen op een verbetering. Het werd alleen maar krachtiger en uiteindelijk hield een van de winddummies het niet meer. Hij startte, werd alle kanten opgeblazen, rotorde naar beneden en wist z’n toestel nog net op een fatsoenlijk terrein neer te zetten. Daarmee is de dag dan weer voorbij, voor we helemaal ingepakt en terug op de camping zijn is het vijf uur geweest.

15 januari 2009

Gecancellde dagen


Zelden heb ik zo staan twijfelen op een start als gisteren. Latten erin, latten eruit, een paar keer. Er stond een stevige, vlagerige wind, altostratus boven ons en in de verte een hele rij virga. Maar daarachter blauwe lucht, en het zag er wel startbaar uit. Er waren eigenlijk geen veiligheidsredenen om niet te vliegen, en ik ben na drie rustdagen ook wel erg eager. Wat de doorslag gaf was het vooruitzicht van lang wachten op vliegbare lucht en tijdens het wachten wind en regen zodat de vleugels risico lopen. Net toen ik compleet was ingepakt startte de eerste, en uiteindelijk vlogen er zeker twintig naar beneden. Ik vond het toch niet de moeite waard om weer op te bouwen, dutte de middag weg en probeer tenminste drie bladzijden Reichmann wakker te blijven.

14 januari 2009

MountBeauty



De briefing is uitgesteld tot tien uur, maar het is eigenlijk al duidelijk dat vandaag gecancelled zal worden. Veel te veel wind. Gisteren vlogen we vanaf Mount Emu, practice day. Ik was derde off, deed een genante start in het zuchtje wind dat er was, had minuten lang nodig om controle over de vleugel te krijgen. Ik hing veel te hoog, moest het volume van m’n compeo nog aanzetten en de lucht was heel raar. Het leek me een geval van opnieuw wennen aan bergvliegen, logisch dat de lucht anders is dan in de flatlands, maar na een uurtje worstelen vond ik het in ieder geval niet leuk meer. Ik kwam niet omhoog en ik kwam niet vooruit, het voelde aan alsof ik in rotor aan het termieken was en het leek alsof er een snoeiharde wind stond terwijl m’n instrument zei dat het nauwelijks waaide. Ik landde op het vliegveld en hoorde later van Blenkie dat hij boven de inversie in wave terecht was gekomen. Echt harde wind dus, en het verklaarde het rotorgevoel onder de 2100 meter. Zelfs nu ik vandaag weer een extra hangloopje ophang ga ik toch zeker niet vliegen als het nog harder waait. Het is nu een kwestie van het leukste alternatieve programma met de leukste mensen vinden, wandelen of kayakken of wijnproeven.

Het is mountainbiken geworden. Niks spectaculairs, net een lekkere rit rond Falls Creek. Hoog dus fris, snoeiharde wind. Ik heb liever Nederlandse stadsfietsen en asfalt, maar het was wel lekker om een stuk stevig te fietsen. De teamverhoudingen raken inmiddels ook wel duidelijk. Cameron is altijd vriendelijk, behulpzaam, lief. Steve is witty, een beetje edgy, toppiloot en leraar, hij en ik zijn het meest aan het praten, plagen, taking the piss out of eachother. Phil is pas gelukkig als ie ongelukkig is maar hij is ok, je moet gewoon om ‘m lachen en ‘m z’n zin geven als het toch niks uitmaakt. Ik ben benieuwd hoe het met Belle als chauffeur zal gaan maar wij vier raken wel aardig op elkaar ingespeeld.
Er is een fire alarm dus open vuur is verboden, maar wij proberen toch een barbie te doen. Proberen, want de gasslang knalt iedere keer los en het ziet er allemaal erg gevaarlijk uit. Ik ga maar eens een stukje verderop zitten, waarom kunnen mensen niet gewoon groente eten?

12 januari 2009

Forbes Flatlands afgelopen

Het was nog vroeg maar ik zat in no time op wolkenbasis, overal zesachtste cumultjes met mooie platte onderkanten en hier en daar echte congestus bovenop, zon en wind allebei vanuit het noorden met een taak naar het zuiden, dit kon niet missen. Ik besloot er op m’n eentje uit te gaan en desnoods te vroeg te starten. De enige straf is een forse penalty op je arrival points, dat risico durf ik wel te nemen. Het leek er vrijwel meteen op dat ik uit zou gaan zakken, ik had m’n vinger al op de ptt om Brian te vertellen dat ik binnen de startcirkel zou landen en dus een herstart wil, maar boven de weg vond ik toch genoeg om omhoog te krabbelen. Heel voorzichtig, m’n ogen bijna dicht (helemaal kon niet omdat ik nog te dicht bij de anderen zat), alleen m’n vingers licht op m’n bar en m’n hele lijf stijf gestrekt tastte ik m’n weg omhoog. Het was langzaam maar na enige tijd zat ik toch weer mooi op wolkenbasis, 1600 meter, vlakbij de startcirkel en slechts een paar minuten te vroeg. Ik hoorde Cameron zeggen dat hij op glij ging, ook iets te vroeg dus, en toen ik doorgaf dat ik ook startte realiseerde ik me dat ik er al uit was. M’n compeo gaf het volgende keerpunt niet aan omdat ik te vroeg was, dus ik probeerde met goto goal aan te geven. Met m’n dikke handschoenen op de kleine knopjes douwen werkte niet echt en ik kon het keerpunt ook niet vinden. Uiteindelijk realiseerde ik me dat ik alleen maar de cursor een tikje omlaag hoefde te doen, maar het kwaad was al geschied en ik zat weer honderden meters lager. Deze keer vond ik geen verlossend belletje meer en na 26 km stond ik al aan de grond.
Dit was de dag dat er echt helemaal geen reden was om uit te zakken. Mooie wolkjes, taak downwind, ik voelde me superfit en alle pijntjes en blessures waren onder controle. In gedachten voerde ik een gesprek met Jan: ik vlieg altijd het beste als er iets mis is. Kennelijk heb ik de afleider van pijn of een bocht in de vleugel of hevig turbulente lucht nodig. Helpt dat om m’n aandacht beter te richten? Zodra er ruimte voor is ga ik denken, redeneren, mezelf al op goal fantaseren.
Ik was verschrikkelijk teleurgesteld maar tegen de tijd dat ik in de auto zat was de lucht zwart en zagen we overal regenbuien. Phil stond al aan de grond en een paar minuten later werd de taak gestopt. Daarmee won Blay de wedstrijd, met Jonny tweede. Dat scheelt een hoop voor de Australische ladder waardoor Cameron een kansje heeft om net het nationale team te halen. Die zien we komende zomer dus wel weer in Europa.
Het feest was geen feest, wel gezellig maar het was gewoon veel drinken en kletsen in de kroeg. Geen muziek, geen dansen. Iemand zei dat dat typisch Europees is, dat er gedanst moet worden op een feest. Ik was een gedeprimeerd omdat het alweer over was, het is toch nooit zeker of ik volgend jaar weer kan komen. Veel te laat en na iets teveel drinkspelletjes ging ik naar bed maar ach het hoort er bij om een volle dag te rijden terwijl je je zo brak voelt dat je eigenlijk alleen in bed wil blijven liggen. Onderweg nog even langs de Murrayrivier, handjes schudden en fotoos bekijken van kayakwedstrijden die Cameron lang geleden won.
Nu zit ik te bibberen in onze megatent, wakkergeschreeuwd door de rivercockies. Het schijnt goed heet te worden vandaag en morgen, lekker vliegen dus.

10 januari 2009

Gecancelled


Ik heb nog nooit zulke wolken gezien als gisterochtend. Zevenachtste lenticularis leek het wel, maar daarbovenuit staken de bloemkolen van cumulus congestus. Ik mocht met Peter mee in de dragonfly om de lucht uit te checken. Supergaaf, we staken gewoon recht door de wolken heen om een beetje boven de bedekking rond te toeren op zoek naar nare lucht. Vervolgens zette hij de motor uit en spiraalden we (koud!) terug. Het leek mij allemaal niet overdreven tricky dus ik begon op te zetten, maar niet veel later was er onweer in de verte en er kwam nog donkerder lucht op ons af. Na enige discussie werd de taak gecancelled. Als we hadden gewacht was het wel vliegbaar geworden, maar een grote taak zat er sowieso niet meer in. Jammer want gisteren voelde ik me fitter dan tot nu toe. Nou ja, vandaag dan maar.
Om onze tijd te verdoen gingen we in Parkes de Elvissen bekijken. Er is een groot Elvis festival daar met allemaal dikke ouwe mannen in Elvisoutfit, erg grappig. De sfeer in zo’n Aussie stadje is helemaal goed, gezellig, mensen hebben plezier en ze zijn allemaal al enorm chatty. Een Australiër zal altijd een beetje kletsen met iedereen die toevallig in de buurt is. De caissière, iemand in de pub, degene die achter je staat in de rij voor de flappentap.
Dan met een groeiende groep hangies naar de Chinees. Ook in een serieus restaurant kijkt niemand er van op dat je met een hemd en blote schouders, pet op, de stukken vlees uit je schaal pikt. Je valt meteen op je eten aan en dat moet ook want niemand maakt er een punt van om een tafel tegelijk te serveren. Gisteravond liep het erg slecht, één man kreeg helemaal niet wat hij besteld had en een ander weigerde te betalen. Terwijl we in de rij voor de kassa stonden kwam de kok tegen ons schreeuwen, ze had nog net geen pollepel in haar hand.

09 januari 2009

Forbes Flatlands 2009




Het is best raar, wedstrijdvliegen. Ik zie er niet uit, zit onder de blauwe plekken (landing in de distels), al m’n nagels zijn inmiddels afgebroken en smerig, ik ben gekleurd als een zebra met m’n witte sokken korte broek top en hoed. Alles doet pijn van overbelasting en vermoeidheid. Het is oncomfortabel, zweten en bibberen en pijn in je rug en nek en dorst en een volle blaas, uren in de auto met een houten reet of uren wachten in een veld met gemene mieren en te weinig water. Het kost een fortuin, slokt alle vrije tijd op, beperkt m’n sociale leven. Prestatiegericht vliegen is eigenlijk zonde, ik vergeet soms om te genieten en ik scoor niet eens. En toch wil ik niks anders. Wedstrijden geven de motivatie om alles op alles te zetten voor die ene vlucht waar alles bij elkaar komt, alles klopt. Ik hang op 4000 meter met het mooiste landschap onder me, alles is bereikbaar. De lucht is koel, een adelaar komt naast me vliegen en bekijkt me goed voordat hij achter een wolk verdwijnt. Ik lig in m’n harnas en voel de bewegingen van de lucht. Het moment is de eeuwigheid.
En dan natuurlijk ook: no pain no gain. Het is pas leuk als het moeite kost. Recreatief rondfladderen doet me niet zo heel veel, het verveelt en ik ga nooit tot het gaatje. Toch starten terwijl m’n armen aanvoelen alsof er met een moker op is geslagen. Terwijl het hard werken is om netjes achter de tug te blijven in de pittige turbulentie van wind en dusties. Tien ibuprofens naar binnen werken omdat de tranen anders over m’n wangen rollen van de pijn. Langer in een gaggle blijven dan ik eigenlijk durf, opletten, een uitwijkmanoevre uit m’n tenen halen. Mezelf na drie uur moed inpraten: if it wasn’t a task we would call it an easy. Minuten lang staan te shaken na m’n landing, voordat ik in staat ben om m’n harnas in te pakken en m’n vleugel op te tillen. Met trillende handjes de coördinaten intiepen en even checken waar ik eigenlijk sta, de kick van een mooie afstand. Als ik weet dat ik echt m’n best gedaan heb, maakt het niet uit of ik op goal sta. Het was gewoon supergaaf om er alles uit te halen en misschien beter te vliegen dan een ander, of nog mooier beter te vliegen dan vorig jaar.
Nog twee dagen, dan vakantie bij de Bogong cup.

Zaterdag
Shit gisteren de hele dag niks gedaan en toch nog vergeten om Brians muziek te rippen. Hij heeft meer dan honderd jaren ’70 disco cd’s bij zich, ideaal voor de lange retrieves.
Het is blauw, dat wordt weer vliegen vandaag jippiiiieeee!

Rustdag


Woensdag werd gecancelled vanwege het weer, vrijdag is een rustdag vanwege de begrafenis van Missy, dus het zat er dik in dat we donderdag een megataak zouden krijgen. 270 km. Keiharde wind, blauwe lucht, plafond op 1500 meter. Bobby zette me mooi in een belletje af, en ik draaide meteen met de gaggle mee. Na twintig minuten op en neer jojoen en constant stress van mensen die niet duidelijk binnendoor of juist buitenom wilden, onduidelijke kernen, langzame lift, wist ik zeker dat als ik nog langer in de gaggle zou blijven er uiteindelijk een botsing van zou komen. Ik moest kiezen, terugsteken naar de paddock en herstarten, of op hoop van zegen op koers gaan. Omdat we al zo ver weg waren gedreven deed ik dat laatste, maar er was niks meer. Tweehonderd meter voor de startcirkel landde ik en nog voordat ik m’n rits dicht had was Brian er al om me terug naar de paddock te brengen. Inmiddels was Cameron ook uitgezakt dus het leek mij het handigst als Brian de voorste piloot zou chasen in plaats van op mij te wachten. Als Blenkie of Phil goal zou halen zouden we allemaal het snelst thuis zijn als ze meteen in de auto konden springen en mij dan op de terugweg oppikken. Maar nee, de jongens zijn een pietsie overbezorgd om mij, wat wel heel lief is, dus er werd wel degelijk op me gewacht.
Ik startte de tweede keer heel alleen, iedereen was weg, ingepakt of uitgezakt. Zelfs de leerlingen waren klaar, het waaide veel te hard voor hen. Blano sleepte me naar de maan, superdeluxe ook al is het een aanslag op biceps en handen om zo lang achter een tug te hangen. Op 1500 meter zwaaide hij me af en had ik de hele grote lege lucht voor mij alleen. Mooi zo, kan ik met m’n ogen dicht termieken dat komt goed uit op zo’n lastige dag. Laag vond ik nog een paar belletjes, het leken eigenlijk meer dustdevils. Erg violent en grillig zonder dat ik nou echt serieus hoogte won. De teammaten begonnen iedere keer te praten net als ik een piepje vond, en m’n radio werkt niet goed dus ik moest zien te centreren terwijl er een gillend varken in m’n oren zat. Dat hielp niet dus zesenveertig kilometer later stond ik weer aan de grond, au auwend van de pijn in m’n borstspier. Brian en Camo kwamen alweer aanrijden voordat ik goed en wel was ingepakt, en we reden naar Dubbo om Blenkie op te pikken. Phil stond op goal, ik heb hem nog niet eerder zo blij gezien.

Scores: http://www.moyes.com.au/Forbes2009/Results/Results.aspx
Vluchten: http://xc.dhv.de/xc/modules.php?name=leonardo&op=list_flights&pilotID=0_3047&year=0&country= (klik op het wereldbolletje rechts van een vlucht om de track te zien. Startplaats was niet Manilla maar tja dat verzint de OLC volautomatisch)
Oz report (echte taakverslagen): http://ozreport.com/blog.php

06 januari 2009

personal best

Mixed feelings. Missy, de zeilmaker is dood nadat hij door een dusty werd gegrepen op de eerste dag. Het is zo groen hier na alle regen dat je de dusties niet aan ziet komen, je hoort ze alleen. Er staan ook te weinig streamers in het veld. Vrijdag wordt hij begraven. Ik ga er niet heen omdat ik hem nauwelijks kende en ook erg weinig heb meegekregen van het ongeluk. Heb wel aan hem gedacht tijdens de vlucht gisteren, net als iedereen denk ik. Cameron heeft zich leeggehuild op cloudbase, anderen denk ik ook.
Ondertussen gaat de wedstrijd gewoon door, is de sfeer toch uitstekend, en vlieg ik beter dan ik ooit gedaan heb. 182 km gisteren, m’n personal best (in de results staat 173 km omdat de berekening van een wedstrijdtaak iets anders is dan de werkelijk gevlogen afstand). Phil en ik vlogen grotendeels bij elkaar, maar hij zat voortdurend erg laag en ik bleef bijna de hele vlucht boven de tweeduizend, 3800 meter één keer. Voor het keerpunt zakte ik bijna uit, maar de magie werkte nog steeds: aan je chauffeur aangeven waar je laag zit levert bijna altijd piepjes op. Toen ik vier-en-een-half uur later op circuit draaide kwam Brian aanrijden en tien minuten later landde Phil. Ik kreeg zowaar een felicitatiekus van mister Grumpy!
Midden in de nacht konden we gestrekt en een paar uur later zweetten we onze bedden alweer uit. Weer een dag.

04 januari 2009

Alweer 100 km

Drie keer een vlucht van 100 km in drie dagen, waanzinnig. Vandaag was geweldig, nog nooit ben ik zo snel zo makkelijk naar goal gevlogen. Hoppend van wolkje naar wolkje, constant boven de 2500 meter, op 2900 werd het fris en hoger dan 2950 ging het niet. Af en toe kwam ik een ander tegen, draaide even mee en gleed dan verder. Het kostte geen moeite, geen spierpijn, geen spanning. Toen we gingen opbouwen was het zo heftig, veel wind en vlagerig en af en toe een dusty over de start, dat ik driekwart zeker wist dat ik niet zou gaan vliegen. Toen ik toch die schitterende cumultjes niet langer aan kon zien en iedereen al weg was en de wind plotseling ging liggen ging ik natuurlijk toch, half half verwachtend dat het bizar pijnlijk zou zijn met al m'n verkrampte spieren, maar nee dus het was alleen maar makkelijk en mooi en leuk. Bobby cirkelde een eind met me mee om opnames te maken, gaaf zo dichtbij als hij kan komen zonder enig gevoel dat het griezelig is. Ik vertrouw hem volkomen en hij let wel op dattie uit de weg gaat als ik ineens slip of een surge krijg.
Nu massage, heb ik toch wel hard nodig na de drie-en-een-half-uur gisteren dat ik veel te laag hing en daardoor nauwelijks m'n vg aan kon trekken.

03 januari 2009

Forbes practice day en day 1

Forbes is de allerideaalste vliegwedstrijdplek in de wereld. Het landschap is schitterend, ja kan overal landen en er zijn voldoende wegen voor de retrieve. De lucht is goed, vette termiek maar zelden echt big air, zelden griezelig turbulent. Er staan vijf of zes dragonflies voor ons klaar, de organisatie is na twintig jaar helemaal top, Bill geeft me een compliment over m’n slepen. M’n nieuwe snellere a-frame werkt super, ik vlieg absoluut beter en sneller dan voorheen en dat komt beslist door het frame. Het is wel nog tobben met de hanghoogte en een bocht in de vleugel, waardoor ik overdreven uitgeput ben na pas twee dagen vliegen. Zes uur en twee keer dik honderd kilometer, niet slecht. M’n spieren voelen alsof ik er al een complete wedstrijd op heb zitten, en m’n score is weinig indrukwekkend maar het waren alvast topdagen. Brian onze chauffeur had me al gevonden nog voor ik de vleugel naar de weg had gedragen. Hij rijdt al twintig jaar voor teams in Forbes en hij weet precies wie waar geland is. Plus hij heeft de meest waanzinnige voorraad ouwelullenmuziek bij zich die je je voor kan stellen. Phil (Grumpy) doet z’n best om vriendelijk en gezellig te zijn. Cameron vliegt geweldig en hij weet erg veel over topsport, mentale aspecten en spieren enz. Hij heeft op topniveau gefietst en gekayakt, daar komen al die inzichten vandaan. Blenkie vliegt al meer dan dertig jaar, hij kwam gisteren op goal aan na zeven uur ploeteren. Foutje bij de start. Het is wel langzaam maar wauw wat een effort, bloody indrukwekkend. Ik ben blij dat we Chainsaw er niet bij hebben, lullig om iemand te moeten vertellen dat ie niet welkom is in het team maar met hem erbij zou het een grote irritatie en ongemak zijn.
Ik moet een beetje opschieten. We waren gisteravond pas tegen twaalf uur terug om de gpssen uit te lezen, douchen napraten slapen, dus alle huishoudelijke dingen moeten vanochtend voor de briefing gebeuren. Voer inslaan, radio repareren, tracklog downloaden. Nooit tijd om eens even te lezen maar ach daarvoor ben ik ook niet hier.

31 december 2008

Nieuw jaar

Cameron doet z'n uiterste best om mij aan het vliegen te krijgen, we rijden van hot naar haar, in twee dagen heb ik drie keer m'n vleugel in staan pakken op een startplek. Waardeloos, de voorspelling voor 31 december is niet best en 1 januari rijden we aan. Dat wordt dus weer wedstrijdvliegen met een vleugel waarvan ik niet weet hoe hij vliegt, of de trim ok is, of de sprogs omlaag moeten. Nou ja ik was wel teleurgesteld maar we moesten toch nog een hoop inpakken, auto uitmesten boodschappen doen. 's Middags een uurtje in de ski, een superslanke kayak, geoefend. Het evenwicht houden ging wonderlijk makkelijk, en het is zo heet dat omvallen geen probleem is.
Eind van de middag belde Lesly om te melden dat het on was. Binnen vijftien minuten waren we onderweg naar Crackneck, en ja hoor het was perfect. Toch nog vliegen voor Forbes. De start was nogal stressy omdat ik niet gewend ben aan de dunne scherpe uprights, en op Crackneck moet je ook echt aan het randje gaan staan. Toch goed weg, een uurtje keihoog rondgedobberd en bochtjes draaien en achter de eagles aanvliegen en racen. Ik wilde wel landen maar het strand was nogal vol met mensen, en je moet in een behoorlijke bocht landen ook en er staan grijpgrage bomen aan de ene kant en er is water aan de andere kant. Bovendien kwam ik totaal niet naar beneden, ik bleef maar 360ers draaien tot ik dacht dat het nou toch wel ns zover moest zijn. Eigenlijk zag ik het al meteen toen ik op final ging, veel te hoog, dit werd een major overshoot. Aan het einde van het strand is een soort enorme stenen plaat vol met boulders en gaten en water, helemaal niet goed. Het werd op z'n minst een gebroken enkel en een kapot Aframe, ik wist dat ik van geluk mocht spreken als het niet ernstiger zou zijn. En dan toch he, ik weet niet waar ik het aan verdiend heb maar ik landde precies goed op een minuscuul plat steentje waar ik ook meteen weer vanaf gleed. De enige schade is een krasje op m'n neusplaat.

28 december 2008

Regen

Gisteren was het heet zonnig en droog dus ik ben verbrand, vergat te drinken en tegen de middag stond ik te tollen. Maar wel na een (mini)vluchtje, met de Fun 160 op Brokenback (niet de beste naam voor een hanggliding site). Cameron is super, hij sleept drie vleugels voor me mee zodat ik kan kiezen, neemt alle tijd om me de bomb out fields te laten zien en na mij te starten. Super. Vandaag zou ik erg graag eindelijk m'n nieuwe vleugel eens uitpakken, liefst vliegen, maar het regent. Dan maar kayakken.

27 december 2008

Dag 2 in Oz

Geen vliegen gisteren, te weinig wind. Maar wel praten praten praten jezus ik heb het gemist. Het is ongelooflijk hoeveel je weg kan kletsen over vliegen, jaar in jaar uit. Ik had me niet gerealiseerd dat ik het zo tekort kwam. Begin oktober was m'n laatste vlucht, en de afgelopen maanden probeerde ik me mentaal voor te bereiden op de wedstrijden, maar dat lukte helemaal niet. Ik had het gevoel dat ik niet meer wist hoe een vleugel eruit ziet, alsof ik al jaren niet meer gevlogen had. Maar het komt allemaal snel weer boven nou we erover ouwehoeren, video's bekijken (van Scott met z'n honden die op z'n rug gaan staan met in de wind flapperende oren en van Camerons naaktvliegen toen ie bijna uitzakte op een strand vol keurige gezinnen), vleugels opladen, harnas klaarmaken. Toch een echt vluchtje zou helemaal top zijn.

Gearriveerd

Het is alsof je in een dierentuin ligt, in een volière. Fantastisch, exotische vogelgeluiden en andere beesten en warm en superrelaxed.
Ik ben nog duizelig en raar van de reis maar we gaan zo lekker vliegen. Nog niet op m’n nieuwe vleugel, eerst maar eens even een no brain vluchtje. Zien of de cocktail van chemicaliën, jetlag en slaapgebrek invloed heeft op m’n beoordelingsvermogen. Ach daar had ik toch al nooit overdreven veel van, ik ben gewend om te vliegen met een duffe kop en trage reacties. Als ik maar de lucht in kan.

20 december 2008

Inpakken en bijna wegwezen

Drie borrels achter elkaar, ik heb weer een beetje overzicht van de stand van zaken van m’n leven. Eerst m’n nieuwe baan: leuk, spannend, word ik helemaal blij van. Daarna afscheid van de IVW, enorm warm en ontroerend. Ik heb genoten van alle lof die me werd toegezwaaid, voelde me een pietsie een verrader maar de collega’s lieten me wel merken dat ze me mijn vertrek niet kwalijk nemen. Zalig, stapels boeken kado gekregen (ik had de voorraad die ik van de rekenkamer kreeg zo ongeveer net uit). Gisteravond bestuursetentje, afscheid van drie ouwe getrouwen, het wordt allemaal minder. Het is pijnlijk om te de afdeling onder m’n ogen te zien vergaan, maar ik probeer het maar vrolijk te zien. We hebben mooie tijden gehad. De bestuurscontacten vind ik ook bijna net zo waardevol als die met mede-wedstrijdvliegers. Mensen verrijken m’n leven.
Nou inpakken, het allerallervervelendste onderdeel van reizen. Ik ben aan het dralen, eerst nog even afwasssen, blog schrijven, eerst nog even de krant lezen. Maar nu met het echt want over viereneenhalve nachtjes slapen ben ik weer onderweg, jippiiiieeee!