Net als in het echte leven helpt het om bij het vliegen te focussen op wat allemaal goed gaat, in plaats van m’n falen. Wel lastig hoor als ik twintig vluchten achter elkaar uitzak terwijl de anderen allemaal wel naar wolkenbasis schroeven en uren vliegen. Ik voel me toch weer een sukkel, weet niet waarom ik steeds maar weer de bel kwijt raak, de kern niet kan vinden, inefficiënt draai. Nou ja ik weet het wel, het is een combinatie van fouten: te lang doorvliegen op zoek naar een bel, concentratie verliezen, me door de lucht weg laten duwen, te weinig banken, enorme grote bochten maken als er iemand anders in de buurt is. Gebrek aan overtuiging dus.
Maar goed, niet focussen op de fouten, maar op de successen. Starten en slepen zijn mijn sterke punten, gisteren merkte ik weer waarom dat goed gaat. Ik startte niet helemaal ok, de wind was wat cross en de dolly stond kennelijk niet mooi achter de tug. Ik liet te vroeg los en m’n linkervleugel kwam omhoog terwijl ik rechts op de dolly bleef plakken. M’n hart sloeg een slag over, in een fractie kan zoiets heel erg verkeerd aflopen en dat is me in Hinterweiler ook een keer overkomen. Maar de juiste reacties zitten goed in m’n spiergeheugen ingesleten en m’n kop staat ook volledig naar dóórgaan, nooit nooit nooit midden in een start aarzelen, snelheid houden en recht vooruit.
Lekker gevoel wel, om zo overtuigd van m’n kunnen te zijn. Nu het landen, en dat gaat me zeker lukken met de Sting. Alles wordt vertraagd zodat ik de tijd en de kalmte heb om alle details door te nemen. Met de Litespeed had ik vaak zo’n stress dat ik nog maar op een paar punten kon letten, maar nu geef ik mezelf hardop een complete instructie. Nog een rondje hoogte afbouwen, tijdens downwindleg naar het point of arrival kijken, crosswindleg, op final draaien rechtop gaan hangen, linkerhand naar de upright, met rechts de bottombar zoveel mogelijk naar me toe trekken, kijken naar point of arrival, trek ‘m naar de grond, benen bij elkaar en niet slingeren, op drie, twee meter uitronden, blik verplaatsen naar de verte, rechterhand naar de upright, voel trim, duw omhoog. En dan heb ik het kijken naar de windzak, vg een kwart, verlengen van het crosswindleg al geautomatiseerd.
Morgen inpakken en met gemengde verwachtingen naar de Tegelberg. Er zijn maar 21 meiden ingeschreven voor de womens worlds, de weersvooruitzichten zijn harstikke slecht, ik zie op tegen het gezeik van de DHV en ik baal er nu al van dat we iedere avond uren bezig zullen zijn om de vleugels naar boven te krijgen met de kabelbaan. Maar het wordt wel twee weken vliegen/lezen, met vriendinnetjes over vliegen babbelen, bovenop één van de mooiste bergen van Europa staan.
06 mei 2010
26 april 2010
Stadskanaal zondag
Het was prachtig weer gisteren maar in de loop van de ochtend kwam een gemene hoofdpijn opzetten. Bovendien stond de wind 90 graden cross op de baan, rapporteerde Rinus gemene prut in de lucht in plaats van vette bellen, en stuiterde iedere mla die kwam ‘landen’ als een skippybal naar de volgende akker. En het was heel relaxed zo in het zonnetje met m’n boek, beetje kletsen, beetje ronddrentelen. Koen startte rond een uur of drie en dat zag er uit alsof ie het zwaar had achter de tug, m’n hoofd bonkte nog dus ik pakte in. Maar hij maakte een schitterende vlucht, en Ropje hing er minder dan een uur later ook. En die ging helemaal als een tierelier. Als ik toen niet had geaarzeld had Rinus me vast nog wel omhoog willen slepen, maar hij pakte de dragonfly in, Cornelia ging retrieve rijden, Kasper vertrok naar huis en Dees was op de fiets naar haar huis. Klaar dus. Ik had wel spijt maar ik realiseerde me ook dat ik net zo makkelijk na twintig minuten weer beneden zou zijn geweest, het was helemaal niet makkelijk en Ropje maakte er super goed werk van.
Met een pizza op de knieën door wat regen naar huis, volgend wiekend een nieuwe poging.
Met een pizza op de knieën door wat regen naar huis, volgend wiekend een nieuwe poging.
24 april 2010
Slepen op Stadskanaal

Shit terwijl ik vandaag een lekker dagje buiten spelen had, vier startjes achter Rinus, mooie landingen, gezellig en een beetje termieken ook (al kon ik niet door de inversie heen, Ropje Robbie en Koen wel verdorie ik moet toch beter m’n best doen) maar Christine zit erg in een neerwaartse spiraal. Ik ken het zo goed, en tegelijk ken ik haar zo goed dus ik weet precies hoe klote ze zich voelt. Ze is een harstikke goeie piloot en waanzinnig enthousiast, maar als er iets mis gaat is het enorm lastig om niet in een foute mindset te raken en negatief te worden.
Ondertussen is het voor mij een gouden greep geweest om de litespeed te verkopen en m’n lelijke eendje aan te schaffen. Ik mis een hoop lol in de lucht, maar ik heb het vooruitzicht dat dat weer m’n beloning is als ik ondertussen eens heel perfect leer landen. Een jaartje focussen op techniek en daarna weer juichend de lucht in.
20 april 2010
Neumagen

Ik zit in een rokerige kroeg bij de ‘camping’, rozig van de wijn en zon de hele dag en ook een beetje sip. De derde Litespeed overgedragen, maar vorige keren had ik er geloof ik toch minder moeite mee. Dat het nu zo lastig is komt waarschijnlijk vooral doordat ik me nu even beperk tot een intermediate vleugel. Het is niet alleen een status-ding, het is ook echt: het vliegt gewoon minder. Minder prestatie, minder fantastische handling. Maar inderdaad, heel veel makkelijker landen en daar ging het nu om. Het is ook wel pijnlijk om te zien dat Rolf er meteen harstikke goed mee vliegt. Hij vliegt al twintig jaar, de laatste tig op een litespeed, maar toch ben ik jaloers. Ik geef toch m’n liefje weg.
En hoe het toch nog tof werd….
Terwijl ik zat te bloggen schoven Toru en Midori aan. Ik ken ze al een paar jaar maar nu hebben we echt zitten kletsen.
’s Ochtends zat ik heerlijk in het zonnetje op te warmen (’s nachts vriest het nog en m’n slaapzak was toch iets te dun), maakte een babbeltje met Guy, die m’n landingen filmde en later op de dag z’n auto ging halen, leeghaalde, om spontaan voor navette te spelen.
Eind van de dag had ik een upright krom (het kan verkeren, ik heb nóóit uprights krom en nou concentreer ik me op landen en jawel hoor), besteedt Reiner een compleet uur om me te helpen het rotding te wisselen.
Ik blijf me voortdurend verwonderen over de aardigheid van mensen. Terugkijkend was het een fantastisch wiekendje, terwijl ik zat te pruilen over de litespeed en zes uur rijden me geen enkele vlucht van meer dan twintig minuten opleverde. Ik heb vijf landingen gemaakt, m’n vleugel goed verkocht, ik ben verbrand in de zon en ik begin m’n nieuwe vleugeltje al een beetje te leren kennen. Top.
09 april 2010
Litespeed is thuis
Hehe een leerervaring zullen we maar zeggen. Kamer van koophandel – carnet. Douanedienst – papieren. Vrachtbedrijf – kist. Ander vrachtbedrijf – spullen naar Australië. Importbedrijf – rekeningen betalen. Australische douane, Australische quarantaine – geen invoer. Importbedrijf – weer betalen. Zeevrachtvervoerder – opnieuw betalen. Douane dienst – wegvoering. Loods – vrijgave. KvK – carnet. En dan heb ik het nog niet over al het op-en-neer gefiets en gebel met papieren en vragen en emails om te zorgen dat alle papieren en betalingen in orde komen. Of over de inschakeling van hulptroepen (Robert bedankt!) om zware vleugels op daken te tillen, kisten af te voeren en zachte bedjes voor onze vliegertjes te maken. Maar goed vierduizend euro en vijf maanden verder hebben we onze spullen weer terug, met een gave reis achter de rug en een hoop inzicht in de wereld van het internationaal transport.
05 april 2010
Verjaardag Rinus, doop lelijk eendje

Ergens tijdens m’n vluchtje van vijfentwintig minuten, niet hoger dan zes, zevenhonderd meter, moest ik hardop lachen. Pure vreugde. Wat een bizarre, fantastische waanzin toch dat ik kan vliegen!
Ik bedoel, het was helemaal niet zo’n superdag, ik kan ook nog nauwelijks iets zeggen over hoe de Sting bevalt want dat is echt nog te nieuw, het kost allemaal zoveel tijd en geld en inspanning voor die paar minuten, maar jee het is absurd en geweldig dat het kan! Deze keer dankzij Rinus, die me op z’n verjaardag opsleepte. En dankzij Emiel, die me starthulp gaf. Dankzij Robbie, die hielp opbouwen en checken. Dankzij Wouter die m’n cruisecontrol maakte. Dankzij Cameron die m’n Sting getestvlogen heeft. Dankzij Alby die speciaal voor mij een extralicht zeil maakte. Dankzij Shaun en Rick die me beter dan een vriendenprijs gaven. En vooral door een wonder, door iets magisch, iets ongehoords. Miljarden mensen weten al duizenden jaren dat mensen niet kunnen vliegen. Ik wel.
04 april 2010
Lelijk eendje

M’n gloednieuwe Sting3 is er, eindelijk. Nog niet eens helemaal vliegklaar want ik krijg op m’n eentje het zeil niet op de leading edges gespannen, maar als het nou eens mooi weer wordt kan ik weer buiten spelen. Het heeft zo verschrikkelijk veel moeite gekost om het ding hier te krijgen, dat ik al van ‘m hou ook al is het de lelijkste vleugel sinds m’n Uno Piccolo. Groot en lomp is ie, met een planvorm van een Rogallo, en dan ook nog zo’n onhandige mast vol kabels en lufflines. De pakzak is dik en zwaar, het lijkt niet de bedoeling overland te vliegen met dit ding en dan je spullen in je harnas te proppen. De leading edges zien er veel fragieler uit dan die van een Litespeed.
Maar het moest. Ik heb m’n knopen geteld, geprobeerd iedere ijdelheid te lozen, te vergeten dat de LitespeedS de fijnste vleugel is die ik ooit gehad heb en nog eens heel precies na te gaan waarom ik ook weer vlieg. Ik vlieg niet om wedstrijden te winnen en ik heb geen lol als ik bang voor het landen ben. Maar ik wil wel serieus meedoen met wedstrijden en ik wil ook tot het uiterste gaan om te proberen goal te halen. Performance nodig dus. En dat met een gemakkelijke handling en langzamer landen met een groter flarewindow.
Ik kan niet wachten tot ik het uit kan proberen. In Australië meer dan een jaar geleden heb ik twee of drie keer met een Sting3 en met een Sting2 gevlogen, heel leuk maar toch totaal anders dan een nieuw gebakje invliegen waarmee ik een jaar concrete doelen wil bereiken.
09 maart 2010
retrieve chauffeur gezocht

De jaarlijkse zoektocht naar een goeie chauffeur gaat weer van start. Ik heb iemand nodig voor de NK-slepen in de wiekenden 29-30 mei en 5-6 juni, waarschijnlijk in Stadskanaal.
M’n gemengde (Brits-Colombiaans-Nederlands) team zoekt nog een chauffeur voor de womens worlds van 8 – 22 mei aan de Tegelberg in Zuid-Duitsland. En m’n andere gemengde (Australisch-Iers-Nederlands) team zoekt een chauffeur voor de pre-worlds van 1-7 augustus aan de MteCucco in Italië.
Wie heeft er zin om te rijden, voor een onkostenvergoeding en een beetje, of wie kent iemand die zou willen rijden? Naar Stadskanaal en Tegelberg kan de chauffeur met mij meerijden, naar de MteCucco is dat wat lastiger maar op de één of andere manier komen we daar wel uit.
26 februari 2010
prijs

Prijzen winnen is nooit mijn streven en ik ben het niet gewend ook. Die hoogstenkele keer dat ik eens een medaille of beker in m’n handen krijg (of toen ik elf was, een beeldje met de tekst ‘voor de sportiefste judoka’, krijg er nog tranen van in m’n ogen), voel ik me vooral ongemakkelijk. Vereerd, blij natuurlijk, maar tegelijk verschrompel ik juist een beetje. Ik ben nooit verlegen, maar onder zulke publieke loftuitingen weet ik me geen houding te geven. Eerlijk gezegd betwist ik het oordeel van de jury maar tja, die eigenwijzigheid is het ‘m nou juist.
01 februari 2010
spierpijn

Spierpijn, geschaafde knokkels, snotneus. M’n eerste cursus eskimoteren, ik dacht eigenlijk dat het gewoon een truukje was maar nee, je moet echt werken om een ondersteboven kayak weer overeind te krijgen. Leuk om weer eens iets nieuws te leren, en interessant om zo langzamerhand de patronen in m’n sport-leren te ontdekken. Explosieve kracht breng ik niet op, ik word enorm ongeduldig als ik een techniek niet onder de knie krijg, een keertje goed wordt onmiddellijk gevolgd door een slordige mislukking, en ik heb er de grootste moeite mee om te stoppen als ik moe word. Ik ben een doorzetter geen vlammer. Niet zoals Julia, die afgelopen week in Forbes eerst 275 km heeft gevlogen, en de volgende dag (als ieder normaal mens op apegapen zou liggen na zo’n prestatie) nog eens 325 km van Forbes naar Hay. Wauw. Ik blijf ervan overtuigd dat ze binnen nu en tien jaar wereldkampioen is.
23 januari 2010
moeizame thuiskomst


In Hongkong wachtte Gijs terwijl ik m’n tanden poetste enzovoort. Dat enzovoort, dat duurde kennelijk te lang want hij was verdwenen toen ik de wc uitkwam. Ook opfrissen dacht ik, dus ik maakte me geen zorgen. Ik ging goed zichtbaar bij de gate zitten met m’n computertje, vond het wel opmerkelijk dat ik ‘m niet meer zag maar never mind we keutelden iedere keer op eigen houtje over saaie vliegvelden rond. Hij had me erop gewezen dat de gate gewijzigd was dus ik wist dat ie niet verkeerd kon zitten.
Boarden verliep chaotisch en ik zat middenin m’n REMslaap-momentje, als een duffe zombie volgde ik de massa het vliegtuig in en zodra ik zat zakte ik in diep coma weg. Gijs had een stoelnummer ver voor mij, dus het was niet gek dat ik ‘m niet meer zag. Bij het uitstappen wel. Niet in de rij voor de douane. Niet bij de bagageband. Niet bij de enthousiaste ophalers waar z’n verse vriendin toch zeker zou staan. En ik vond het niks voor hem om er als een speer vandoor te gaan zonder degelijk afscheid. Zeer verontrust pakte ik na een uur toch maar de trein naar huis, en via facebook vroeg ik z’n vriendin om me te bellen. En ja hoor, vanmiddag de verlossing: Gijs is in Hongkong in slaap gevallen en heeft het vliegtuig gemist. Krijg nou wat.
Thuis trof ik een beschimmeld nat bed aan, de bovenbuurman heeft twee weken geleden een enorme lekkage gehad. Het bed ziet er zo ongeveer uit als de lucht buiten: smerig en nat en ontzettend onaantrekkelijk. Ik wil trug!
22 januari 2010
naar huis
Eindelijk een stopcontact gevonden waar echte stroom uit komt, dus ik zit nu middenin het winkeldeel van het vliegveld te bloggen. Ik ben Gijs kwijtgeraakt en m’n telefoonsaldo is op, dus ik kan ‘m niet bellen ook. Dalijk m’n katertje wegdutten in een lounge, ik heb een paar uur zoet te maken omdat m’n Albury – Sydney vlucht nogal vroeg was. Zonde, maar ik had toch niet veel meer kunnen doen met die paar uurtjes.
Gisteren was een herhaling van de laatste dag vorig jaar. Cameron vloog als winddummy nog voor een taak gezet was, en toen ik hem zag ploeteren hoefde ik niet diep na te denken voor ik de Fun inpakte. Met de LitespeedS had ik misschien nog wel gevlogen, maar een enkeldoekertje in die wind, brrr. De hele lucht stond vol lenticularis, schitterend maar weinig aanlokkelijk. Terwijl we naar beneden reden nam Ollie Cameron mee in de Blanik, en ik mocht daarna. Toen was het front inmiddels hard over ons heen gekomen, dus een serieuze vlucht zat er niet meer in. Het lieren was wel heftig, bijna recht omhoog en met veel meer kracht dan ik met zeilvliegen gewend ben. Beetje achtbaangevoel.
’s Avonds eten bij de cricketclub, ook ieder jaar weer een succes. Na een potje pennies poepen en een hair wrestling match (erg succesvol uitgevoerd door mijzelf deze keer) uitgebreid afscheid van iedereen genomen, en nu dus naar huis. Cameron blijft nog tot na de prizegiving. Maandag stoppen hij en Kari de vleugels in de kist, en wie weet gaat er deze keer iets wel goed. Ik ga in slaapstand in ieder geval, de komende dertig uur hoef ik niet perse bewust te ervaren.
Hongkong, ergens midden in de nacht ook al beweren ze dat het net avond is. We vlogen vanmiddag pal over Forbes, erg moeilijk om het weer achter te laten. Nog 16 uurtjes.
Gisteren was een herhaling van de laatste dag vorig jaar. Cameron vloog als winddummy nog voor een taak gezet was, en toen ik hem zag ploeteren hoefde ik niet diep na te denken voor ik de Fun inpakte. Met de LitespeedS had ik misschien nog wel gevlogen, maar een enkeldoekertje in die wind, brrr. De hele lucht stond vol lenticularis, schitterend maar weinig aanlokkelijk. Terwijl we naar beneden reden nam Ollie Cameron mee in de Blanik, en ik mocht daarna. Toen was het front inmiddels hard over ons heen gekomen, dus een serieuze vlucht zat er niet meer in. Het lieren was wel heftig, bijna recht omhoog en met veel meer kracht dan ik met zeilvliegen gewend ben. Beetje achtbaangevoel.
’s Avonds eten bij de cricketclub, ook ieder jaar weer een succes. Na een potje pennies poepen en een hair wrestling match (erg succesvol uitgevoerd door mijzelf deze keer) uitgebreid afscheid van iedereen genomen, en nu dus naar huis. Cameron blijft nog tot na de prizegiving. Maandag stoppen hij en Kari de vleugels in de kist, en wie weet gaat er deze keer iets wel goed. Ik ga in slaapstand in ieder geval, de komende dertig uur hoef ik niet perse bewust te ervaren.
Hongkong, ergens midden in de nacht ook al beweren ze dat het net avond is. We vlogen vanmiddag pal over Forbes, erg moeilijk om het weer achter te laten. Nog 16 uurtjes.
21 januari 2010
Afgelopen

De briefing begon met Davis’ meteomodellen, met belachelijke getallen voor de wind en vooruitzichten van nog verder toenemende wind. Er stond trouwens de hele ochtend een enorme lenti boven de bergen. Vervolgens mocht iedereen z’n zegje doen over de veiligheid van de taak van de vorige dag. Gerolf zei het goed: als we niet in staat zijn om een dag als gisteren te cancellen, dan zijn alle veiligheidsvoorzieningen een farce. Toch werd er geklapt voor een man die weinig ervaring had en die wist te vertellen dat hij een fantastische vlucht gehad had. Ik had het team al bijna gesmst dat de dag gecancelled zou worden, toen besloten werd dat de safety committee zou overleggen. Vervolgens werd de briefing uitgesteld tot elf uur. Een tiental piloten ging gewoon weg, Gerolf was in alle staten. Ik zie het vooral als een ritueel: iedereen moet de gelegenheid hebben om z’n zegje te doen en om zich gehoord te voelen, maar het is van het begin af aan duidelijk dat er niet gevlogen wordt. Dit is het soort beslissingen waar de meetdirector echt belangrijk is. Flip had altijd een perfecte balans tussen goed luisteren naar de piloten, en de verantwoordelijkheid dragen om zelf een beslissing te nemen. Davis laat over alles stemmen, dus verantwoordelijkheid neemt ie niet. En John heeft volgens mij de neiging om nogal autoritair te besluiten zonder de mening van piloten te vragen. In ieder geval een positie die ik nooit zou willen hebben.
Wij besloten om te kijken of het op Gundaring misschien mogelijk zou zijn om hopjes of een lokale vlucht te maken, maar terwijl we buiten MountBeauty op Rohan stonden te wachten keken we elkaar aan, en draaiden om richting een watergat. Op weg daar naartoe presteerde Cameron het om z’n derde auto in twee weken kapot te krijgen (misschien valt het nu weer mee). Het was een rare middag. Cameron in een slechte bui, Hans stikte bijna in een appel, Virpi had kuren, het intieme afscheidsetentje werd wat groot met drie jongens die we via Uli kennen.
11:30
Ingepakt, betaald, inmiddels al helemaal in afscheidsmodus. De Zwitsers zijn vertrokken, Gerolf en Zhenya, Shedsy, Zac en Jamie, iedereen is weg. Misschien zit er nog een vluchtje met de Fun in vanmiddag, maar net zo makkelijk niet. Cameron zit bij de garage, Hans en Christine proberen de moed erin te houden. Wat een belabberd einde van zo’n mooie reis.
19 januari 2010
turbulent

Als winddummy moest ik al om één uur van de berg af, te vroeg voor haalbare termiek. Ik heb wel gelijk m’n functie vervuld want iedereen bleef nog dik een uur wachten. Uiteindelijk hebben de meesten gevlogen, vijftien op goal, maar er zijn er ook veel uitgezakt en een paar zijn geland omdat ze de lucht gevaarlijk vonden. Keiharde wind, windshear. Dat was vroeg op de dag dan weer wat minder denk ik. Ik dacht eerst eigenlijk dat er iets mis was met m’n toestel. Ik kwam wel boven start uit maar verloor het ook meteen weer en ik begreep niet hoe de belletjes driftten. Dan maar landen, niet in de bombout waar het gras te hoog is en waar bomen omheen staan. Ik landde in een groot plat vrij veld waar de boer net z’n koeien uit aan het drijven was. Hij kwam op z’n quad op me af en ik meende te zien dat hij niet erg vriendelijk gezind was. Toen hij zag dat het om een vrouw ging veranderde z’n lichaamshouding. Hij liet me weten dat zijn property niet gebruikt kon worden voor ons event, ik verontschuldigde me en legde uit dat in deze omstandigheden dit de beste optie was, en hij vertrok weer. Toen we een paar uur later m’n vleugel ophaalden stond Blano in hetzelfde veld.
Na een hike van vier kilometer met m’n loodzware harnas op m’n rug kreeg ik weer telefoonontvangst, en Mick had me in no time op het vliegveld waar we de helden van de dag binnen zagen komen. Uitgezakte Cameron opgehaald, een tijdje in een rivier zitten wachten op nieuws van Blenkie en toen we hoorden dat hij op final glide was terug naar het vliegveld geracet om hem nog net op tijd te zien landen. Ondertussen was er weer eens autopech in Hans z’n team, dus wij haalden Christine op. Ze had drie uur lang gevochten en gevochten en uiteindelijk 35 km gevlogen, keigoed.
Vandaag m’n laatste vliegdag, morgen moet ik inpakken en dan is het weer over.
16 januari 2010
Cartowing


De briefing om half negen werd uitgesteld naar elf uur, vanwege onduidelijke weersvoorspellingen. Wat wel duidelijk is, is dat het de komende dagen echt slecht wordt. Ik zou liever hopjes maken en landingen oefenen ergens dan een paar dagen in de regen triest uit het raam gaan zitten staren, maar zonder auto kunnen we helemaal niks. Iemand suggereerde om te gaan cartowen op het vliegveld, dat zou ideaal zijn. Het had een hoop voeten in de aarde om het rond te krijgen, toestemming, auto, cartow spul, instructeur, release. Tegen elf uur hoopte ik bijna dat de dag gecancelled zou worden en jawel, veel te veel wind. In no time waren we op het vliegveld, waar zeker vijf heren zich in het zweet werkten om mij een paar keer de lucht in te krijgen. In ruil lever ik dan gratis entertainment en heel veel dank/bier maar toch, ik voelde me de prinses op de erwt.
Bij cartowen moet je uitduwen tijdens het slepen, heel tegennatuurlijk. Ik had Rohan op de radio en hij liet me perfecte circuitjes doen. Het was m’n eigen schuld dat ik maar twee starts kon maken: op de practiceday had ik zo’n extreem slecht circuit gedaan dat Ollie bijna tegen me op gevlogen was en de hele zweefclub twijfels kreeg bij het hanggliden. Ik had dus een hoop goed te maken en dat is denk ik wel een beetje gelukt.
’s Avonds zouden we een barbie bij onze hut hebben, en ik weet dat Hans het ok vindt als er wat extra volk mee komt. Hij maakt gewoon wat extra aardappelsalade. Voor ik het wist had ik het halve dorp uitgenodigd, vlees bijgekocht en Gijs leverde een krat bier. Cameron had nog vuurwerk (dat trok een bijna Nederlandse politieagent aan, die vriendelijk duidelijk maakte dat bezit van vuurwerk heel illegaal is) en de Finnen hadden wodka gemengd met salmiak. Een perfecte dag.
Bogong cup

Ik heb een ochtendhumeur. Niet alleen doordat we al drie weken non stop als een stel bij elkaar zijn, het is ook koud en ik heb een splinter in m’n vinger die er niet uit wil en m’n spieren voelen nog steeds als gesmolten rubber en ik moet eerst boodschappen doen voordat we kunnen ontbijten. Grr.
15 januari
Weer in de blokhut van twee jaar geleden, nu met Hans, Christine, Kari, Virpi en Cameron. Een beetje vol maar het is top om hier met Hans en Christine te zijn. Christine heeft gisteren op Camerons Fun gevlogen, haar ribben waren nog wel pijnlijk maar het ging uitstekend. De landing was niet best maar dat lag volgens haar niet aan haar zicht maar ze miste haar Combat. Dat kan, want zij doet bij het landen precies goed wat ik altijd weer mis: snelheid. Ik word wanhopig van mezelf, had me gisteren erg voorgenomen om een perfecte landing te doen. De omstandigheden waren prima, we landden op het vliegveld waar het gras mooi kort en groen is en waar een windzak staat, ik nam een final van kilometers, beetje vg, geen turbulentie en nog kom ik te langzaam binnen en glij ik op m’n buik naar de grond. Als Cameron wil, zou ik de hele rest van de week wel willen oefenen op landingen want dit moet absoluut uit m’n systeem. In meer dan duizend vluchten in de afgelopen zestien jaar heb ik harstikke foute landingen in m’n spiergeheugen geprogrammeerd, en als ik het er niet uit krijg is voortijdig stoppen met vliegen onvermijdelijk.
Verhaal van Kari
In april ’97, toen Kari nog niet zo lang vloog, startten ze in Finland op het ijs van de dichtgevroren meren. Hij vloog met z’n Magic en hij vloog over gebieden die normaal gesproken onlandbaar waren, maar vanwege de vorst waren overal meren waar hij op zou kunnen landen. Binnen de korste keren vloog ie van de kaart af, hij was nog nooit zo ver geweest. Na ongeveer zes uur vliegen en bijna tweehonderd kilometer verderop landde hij uitgeput en gelukkig bij een dorp. Daar werd hij opgepakt, urenlang verhoord en twee dagen in de gevangenis gezet. Het was Rusland.
In Finland in de jaren negentig vonden ze alles wat met delta’s te maken had wel erg duur. Een paar piloten die hun kabels moesten vervangen besloten ze zelf te maken, maar ze hadden geen nicopressen. Na een dag werk was het tijd om te vliegen met de opgekalefaterde vleugels. Net voordat iemand zou starten, kreeg er één de ingeving om misschien toch eens even te testen of de nieuwe kabels het hielden. Ze braken bij honderd kilo.
16 januari
Beter vliegen: tolerantie en confidence. Tolerantie voor stress, angst, concentratie, gaggles, vermoeidheid. Confidence: weten dat je de vaardigheden hebt en weten dat er termiek is als je kan zien dat er iets omhoog gaat.
En vasthoudendheid en doelgerichtheid, doorzettingsvermogen, geduld. En inzicht en slimmigheid. En natuurlijk moet je fit zijn. Hm, na alle lessen en briefings van Cameron zou ik maar zo kunnen denken dat het allemaal iets teveel gevraagd is. Hij heeft gelijk maar tjeetje ik sta nou niet echt bekend om m’n geduld, vaardigheden, doelgerichtheid of slimheid. Vermoeide spieren en slaapgebrek, en ik word me toch een partij dom.
M’n skills groeien gelukkig wel, langzaam langzaam want als ik ergens traag ben is het het aanleren van vaardigheden en het afleren van foute gewoonten. Af en toe moet ik beseffen dat ik vooruit ga. Gisteren een goeie dag daarvoor. Ik maakte een low save vanaf minder dan honderd meter boven de grond tot wolkenbasis, ik draaide beter omhoog dan drie andere goeie piloten, en het belangrijkste: m’n circuit was ok, en ik had meer snelheid dan gewoonlijk op final. Beetje jammer dat ik alsnog te laat flarede zodat ik alsnog een buikschuiver maakte.
De opening van de Bogong cup was gisteravond. Grumpy was helemaal in z’n element als organisator. Na veertig keer m’n eerste keer als winddummy. Raar om niet mee te doen: geen goodies, niet stemmen, niet m’n tracklog uit laten lezen. Officieel is het geloof ik zelfs niet de bedoeling dat ik probeer de taak te vliegen, maar dat zal me roesten.
Het weer ziet er slecht uit, maar nu Camerons tweede auto kapot is is zijn auto voor de Duitsers/Finnen dus wij kunnen nergens heen. Never mind, het plan is om te gaan cartowen op het vliegveld met Rohan als instructeur. Kan ik landingen oefenen, geweldig!
12 januari 2010
feestje

Als de meteo er gisteren, op dag tien, iets minder dreigend was geweest, of als we dezelfde vooruitzichten hadden gehad maar op dag twee, dan zouden we misschien wel zijn gaan vliegen. Maar de safety committee besloot dat iedereen veel te moe was na tien dagen aan een stuk vliegen (de practice day was ook al zo goed) dus er werd geen taak gezet. We namen het zwembad over en deden zo niks mogelijk. Toen we allemaal gruwelijk verbrand waren was het tijd voor Molly’s eten en de prijsuitreiking. Iedereen is inmiddels vertrokken maar dat geeft niet, vanavond zien we elkaar allemaal weer in MountBeauty.
11 januari 2010
te moe om te vliegen

Het was gisteren dik veertig graden, we kregen een lange taak crosswind en tijdens de briefing ’s ochtends werd er flink gezeurd over de staging en onweer. Iedereen is harstikke moe. Ik besloot mezelf een kans te geven en vóór de eerste start op koers te gaan, de penalty is miniem en ik vind goal halen belangrijker dan de punten. Dat was een lastige beslissing want een deel van de lol is wel dat je je aan de regels van het spelletje houdt, maar Camo overtuigde me van de noodzaak om echt op tijd te vertrekken. Mijn tempo is gemiddeld 25 tot 30 km/u, de grote jongens vliegen met snelheden van boven de 40 km/u, dus voor een lange taak heb ik echt de hele dag nodig.
Tijdens de sleep had ik de vario niet aan, waardoor ik een beetje in verwarring boven kwam. Zonder piepjes lijkt de lucht heel rustig (en het was ook compleet blauw) maar ik moest toch flink werken om netjes achter Rinus te blijven. Het was erg lastig om te centreren, ik was dood en doodmoe en ik deed vrijwel de hele vlucht niks anders dan opgeven, toch maar weer een belletje pakken, weer opgeven. M’n armen deden helemaal niks meer, ik was bang voor de gaggle, schrok van een heftig belletje dat me op m’n kant gooide, vond de dusties eng en ik wilde eigenlijk vooral slapen. De radio was weer eens niet goed dus elke keer als Cameron begon te zenden kreeg ik een snerpende piep in m’n oor. Ik was te vroeg gestart, de termiek begon pas en de eerste wolkjes popten ver weg op. Na anderhalf uur hing ik nog te zwoegen boven het vliegveld, en ik had het helemaal niet naar m’n zin. Ik besloot om zo ver mogelijk op koers te glijden, eventuele belletjes wel mee te pakken maar eigenlijk gewoon in te zetten op een landing naast de weg zodat ik naar huis kon liften en een dutje doen.
M’n landing sloeg nergens op en ik moest een enorm stuk sjouwen om m’n spullen in de buurt van de weg te krijgen, maar ik was wel tevreden dat ik op de grond stond. Ik brandde m'n vingers aan de latten. Cameron landde in Forbes en haalde me op. De rest van de middag aan het zwembad gelegen, en ’s avonds met de Moyes-familie en diep teleurgestelde George, die als enige in de sportsclass uitgezakt was terwijl alle anderen hun goal haalden, eten in de Wan Wah. Ik was zo moe dat ik tijdens het eten moest vechten om m’n ogen open te houden.
Vandaag de laatste dag.
10 januari 2010
Taak 8

Zo gaaf! Ik heb echt ontzettend veel geleerd van de drie dagen dat Cameron als coach met me meegevlogen heeft, en gisteren toen hij geen radio had bracht ik het allemaal in praktijk en vloog driekwart van een grote taak. 137 km in vijf uur. Ik had graag goal gehaald omdat het maar een paar kilometer verder was dan m’n langste afstand (182 km) maar ik was te langzaam. De dag was op, en mijn energie ook. Het hielp wel dat ik het harnas korter heb gemaakt, zodat ik niet meer voortdurend hoef te reiken, en ik heb voor het eerst een paar pijnstillers op m’n upright geplakt om onderweg te slikken, dat werkte ook perfect. Bovendien had ik het naar m’n zin en dan is het makkelijker ontspannen.
Rinus sleepte me op, en op vijfhonderd meter boven de grond brak het breukstukje. Het kostte even moeite om een goeie bel te vinden, maar samen met Shedsy kwam ik toch op wolkenbasis. Cameron hing er alweer op me te wachten. Ik gleed van gaggle naar gaggle, twee bellen met Jörg die een fantastische exit had. Hij steeg nog honderden meters door, naast de wolken in plaats van er onder maar het lukte me niet om zijn liftlijn te vinden. De volgende bel zakten we nogal door. Ik raakte Cameron kwijt, maar Julia en nog iemand staken onder me in. Ik bleef een paar honderd meter hoger dan zij, geweldig! Normaal gesproken termiekt Julia mij er makkelijk uit, deze ene keer niet. Uiteindelijk staken zij naar een volgend wolkje en draaiden goed omhoog, terwijl ik lang bleef zoeken naar die lekkere kern die ik eerder had gehad. Julia haalde goal gisteren.
Tien km voor het keerpunt ging ik mooi omhoog, en ik molk de bel uit tot 2800 meter zodat ik al draaiend naar het keerpunt driftte. Na het keerpunt stak ik naar twee termiekende vleugeltjes, en ik vond weer een mooie kern. Inmiddels was ik drie-en-een-half uur in de lucht en ik was flink moe, de wolken zakten in en de wind tegen zette me iedere 360er honderd meter terug. Alex en Cameron meldden over de radio dat ze in Peak Hill stonden, en ik was al bijna klaar om op te geven. Toch vond ik het zonde om geen gebruik te maken van de vleugeltjes die laag wanhopig aan het draaien waren, en ik steeg weer tot 2500. Het was inmiddels duidelijk dat ik goal absoluut niet meer kon halen, maar het leek me wel leuk om eens één keer ietsje verder dan Gijs te vliegen. Hij is per slot van rekening onze cliënt, dan staat het toch niet goed als ie mij er voortdurend uitvliegt. Ik gleed naar een mooi vlak groen landingsveld met weg en huis. Ik moest nog flink hoogte afbouwen om te landen, dus een paar kilometer verder had ook nog wel gekund maar dit zag er te goed uit om te laten liggen. Een goeie landing (eindelijk weer eens), rustig m’n proteïnedrankje en zonnebrandsmeer en schone kleren en coördinaten opschrijven, en net toen de auto het veld opreed ritste ik m’n laatste rits dicht.
Terwijl we de laatste 60 km naar huis reden hoorden we Blenkie op goal landen, wat een held.
09 januari 2010
moe moe moe


Gisteren de derde dag dat Cameron me coacht. We weten inmiddels bijna hoe het moet, ik heb tijdens het samen vliegen al een hoop geleerd en Cameron heeft zo ontzettend veel gezien van hoe ik vlieg, dat hij uren kan vertellen over m’n verbetermogelijkheden. Ik vlieg emotioneel, ik let te weinig op en ik ben niet erg slim in het vinden van termiek. En op cruciale momenten luister ik niet naar ‘m, ik weet niet wat me bezielde gisteren maar als ik onder de laatste wolk naar ‘m geluisterd had, had ik gisteren op goal gestaan. M’n eigenwijzigheid bracht me 14 km van het tweede keerpunt, off course. Een deel van de reden was de onbeschrijflijke pijn in m’n benen, echt niet meer te harden. Tijdens het vliegen strek ik voortdurend m’n tenen tegen de boot van m’n harnas, deels uit spanning/concentratie deels waarschijnlijk ook omdat het harnas niet echt goed past. Na tien dagen van dat tenen strekken is de pijn overweldigend. Schouders, armen, rug, allemaal goed getraind en pijnloos, maar een halve tube voltaren en twee ibuprofen later hou ik het nog maar een paar uur vol met m’n dijen.
Gijs heeft wel goal gehaald, ik ben natuurlijk best jaloers maar het is wel tof dat hij de vakantie van z’n leven heeft. Hij doet het bijzonder goed. Vaak vallen aankomende hotshots een beetje tegen als ze wat meer wedstrijden vliegen, maar Gijs vliegt volgens het boekje, luistert goed naar Blenkie en wordt niet moe na iedere dag vier, vijf uur vliegen.
Mijn vlucht op de olc: http://xc.dhv.de/xc/modules/leonardo/index.php?name=leonardo&op=show_flight&flightID=123575
Met een beetje rondklikken kan je het tracklog op google earth projecteren, andere vluchten van mij bekijken en andere vluchten van deze dag bekijken.
08 januari 2010
Mooie vliegdag

Bijna goal. Stomstomstom, ik wilde het zo graag halen en als ik er een pietsie harder voor gewerkt had was het ook gelukt. M’n laatste bel voor het tweede keerpunt was niet genoeg, ik moest nog 29 km en ik wist dat ik perse nog een keer wolkenbasis moest hebben. Direct na het keerpunt zag ik Ebs heel laag heel voorzichtig draaien, en ik stak er naar toe maar met te weinig hoop en te weinig kracht. Ik landde in het veld waaruit hij z’n laatste belletje pakte om goal te halen, terwijl ik 14 km te kort kwam.
Bijna vier uur/114 km vliegen, ik was harstikke moe maar redelijk voldaan. Alleen moesten we daarna nog Cameron en Gijs op gaan halen, dus weer een paar uur de auto in. Onderweg hoorde ik dat Ropje z’n arm gebroken heeft, zo ontzettend balen. Hij landt altijd goed en het is zo’n enorme positivo, helemaal verkeerd dat hij zo’n pech heeft. Ik probeerde Connie te bellen maar had nergens ontvangst. Terug in de Vandenburg was iedereen alweer ruim over de schrik heen.
07 januari 2010
De Grenfell Weekly

> It's a Bird, It’s a Plane, No it’s a Hang Glider
>
> Forbes is currently hosting their annual Flatland Hang Gliding Championships, so if you see a rather large, strange looking bird flying around, don’t be alarmed, it’s a hang glider. I came across Hadewych Van Kempen who had just landed her hang glider in Hunter’s canola stubble on the Mid Western Highway on Tuesday. This is the fourth year Hadewych, 42 from the Netherlands, has competed in the championships and she just loves it out here. The championships are run over 10 days and have attracted over 70 pilots from beginners to well known experienced ones. A large number of these pilots are from overseas. Hadewych is pleased to see a few more women taking up this exhilarating sport, with two Russian girls, one from Germany, Austria and Finland taking part in this year’s event. Hadewych is a part of team with two other male pilots from Sydney. The teams are set tasks for the day. Tuesday task was to fly 110km south to a goal, target. Unfortunately, Hadewych fell short of ‘goal’ flying only 50kms, which had her up in the sky for just over 2 hours, but her team mates where radioing in saying they were only 35km from goal. She was however very pleased with her landing in the paddock and once she had her energy drink, she phoned the driver, fourth member of the team, her co-ordinates so she could be picked up. Back in the Netherlands she works as a civil servant which helps fund her passion for hand gliding which she took up 17 years ago and has been all over the world with her trusty Moyle’s. (she misunderstood Moyes of course)
Moeilijke dag

Erg moeilijke vlucht gisteren, dat eindigde weer eens ouderwets in een enorme huilbui. God wat voel ik me stom. Bijna twintig jaar vliegen en geen spat vooruitgang. Cameron meent te zien dat m’n gezichtsvermogen niet goed is, hij zegt dat ik gaggles en vogels enzo gewoon mis. En ik laat me veel te makkelijk bellen uitzetten. Gisteren veel last van een gekleurde Aeros Combat, iemand die me voortdurend in de weg zat. Niet agressief maar meer stom, volgens Cameron was hij net zo de weg kwijt als ik.
’s Avonds en vanmorgen lange lange lange gesprekken, die beginnen als debriefing en verworden tot het bespreken van onze relatie. Moeilijk allemaal. Gelukkig was er een enorme scene in de hal, zodat we weer weten dat de soap niet alleen over ons gaat.
06 januari 2010
lesdag

We hebben de ultieme oplossing voor Camerons blues gevonden, een echte win-win. Hij is m’n persoonlijke coach. We vliegen op een apart radiokanaal, hij blijft voortdurend bij mij in de buurt en landt bij mij, in de lucht geeft ie af en toe aanwijzingen (maar niet teveel want ik heb er de pest aan als m’n concentratie doorbroken wordt) en hij kijkt vooral naar wat ik doe zodat hij me ’s avonds feedback kan geven. Cameron weer helemaal gelukkig, en ik kan er alleen maar beter van worden. Behalve dan die storende radio natuurlijk, en de verschrikkelijke frustratie dat ik hem rustig tegen een wolk geplakt zie wachten terwijl ik me in het zweet werk om überhaupt omhoog te komen. Nou ja, hij is nou eenmaal duidelijk een heel veel betere piloot dan ik. Gisteren leek hem het grootste probleem dat ik me uit de kern laat zetten, hij denkt dat dat misschien komt omdat ik licht zou zijn. Ik denk dat het meer een gebrek aan agressie is, ik zal moeten leren om krachtiger in te draaien en een breder zoekpatroon te ontwikkelen. Niet te snel tevreden zijn met 2 meter stijg als er misschien ook nog 3 meter is.
Er was gedoe met de luchtvaartautoriteiten gisteren, dus we kregen een strikt verbod om over de baan te vliegen. Normaal mag je er boven 1500 ft wel overheen, maar we zouden gisteren ons allemaal supernetjes aan alle regeltjes houden, roomser dan de paus. Normaal gesproken worden piloten door de sleeps her en der afgezet en zijn er zo’n drie of vier gaggles boven het veld, maar nee, juist gisteren werden we allemaal in die ene dikke bel afgezet, precies boven de startbaan. Een gaaf gezicht weer, 70 vleugels die in een enorme kolom omhoog draaien en hopen dat er wolkjes gaan ontstaan boven de route. Naast me zag ik er drie tip aan tip om elkaar heendraaien, wauw wat een schitterend gezicht! Wat een vertrouwen in elkaar ook. Ik geloof niet dat ik het ooit zo ver breng. Ik hou het een minuut of tien vol, en dan is m’n stresspotje wel weer gevuld dus ik stak tegelijk met Ropje en nog een paar anderen op koers, ook al had ik nog niet maximale hoogte. Die fout bleef ik de rest van de dag steeds weer maken, en zo werd het een ontzettend vermoeiende vlucht. 2400 meter, steken, geen termiek meer vinden en doorzakken tot een paar honderd meter boven de grond, en dan weer verschrikkelijk langzaam met een paar andere sukkels omhoog draaien, terug naar Cameron. Een bel draaiden we met z’n drieën, Camo, Les en ik, keurig om elkaar heen. Leuk, maar met een onderlinge afstand van tientallen meters toch een heel ander verhaal dan die drie bij de start. Les vloog door en haalde goal, terwijl wij nog doorschroefden tot 2700 meter om een groot blauw gat over te steken. Ik haalde het niet, was ook totaal kapot van de hoofdpijn en pijn in m’n benen (daar gaat al m’n spanning in zitten) en de landingsangst kwam opzetten, dus ik gaf het op. Twee-en-een-half uur vliegen om 40 km te doen, jezus wat een slechte dag! Nou ja, het was moeilijk voor iedereen en Cameron heeft wel een heleboel informatie over hoe ik vlieg, daar kunnen we nog wel een tijdje mee vooruit. Ik moet sneller en agressiever reageren en een gestructureerd zoekpatroon ontwikkelen.
Vandaag pijnstillers mee.
05 januari 2010
Gustfront day
Uiteindelijk leek ik gisteren zo ongeveer de enige die lol in de vlucht gehad had. Mensen zaken uit in de startcirkel, Trent werd tijdens de launch door een dusty gegrepen (en kwam er deze keer vanaf met een kapotte upright), Nics instrumenten hielden er mee op. Ik startte erg laat, draaide moeiteloos naar wolkenbasis en liet me al draaiend de startcirkel uitdrijven. Ik hopte van gaggletje naar gaggletje, een paar slagen met Virpi onder me die te wijd draaide, en zonder enige moeite was ik al veertig kilometer verder. Ondertussen dumpte een wolk in het westen een regenbuitje, niks spannends dacht ik want hij bewoog niet hard en ik dacht dat ie achter me langs zou passeren. Hier in Forbes kan je altijd mooi de buien zien en er gewoon omheen vliegen. Als je op de grond kijkt waar de regen neerkomt kan je precies in de gaten houden welke kant het op gaat en hoe snel.
Nadat ik Virpi achter had gelaten was ik alleen, en prompt zakte ik uit. Heel laag boven de grond vond ik weer een belletje, en ik draaide langzaam omhoog, tot ik opnieuw naar de bui keek en zag dat ie sneller bewoog en ook recht op me af. Daarom stopte ik op duizend meter, laag, en stak vervolgens een beetje crosswind door om de bui vóór te blijven en hopelijk helemaal uit z’n pad te vliegen. Dat bleef zeker een kwartier zo, laag glijden, beetje hoogte tanken, een blik op de bui werpen en als de wiedeweerga doorsteken. Bij Grenfell hield het op en landde ik keurig. Er stond een flinke puist wind en dan lukt het me meestal wel.
Een leuke dame stopte en begon meteen een interview voor de Grenfell Weekly. Binnenkort ben ik wereldberoemd in heel Grenfell (ik schat zo’n 1000 inwoners). Daarna gauw ingepakt om het gustfront voor te zijn, en ik stond net met m’n vleugel op m’n schouder te overwegen hoe ik nou het hek over zou komen, toen Alex parkeerde en me een handje hielp.
De 100 km die we nog naar goal moesten rijden was de lucht hier en daar zwart en de buien waar we doorheen reden waren flink heftig. We verwachtten dus wel natte piloten op goal, maar hun gezichten leken eerder op ‘ernstig ongeluk’ te staan. Het bleek dat ze er met z’n twaalven waren, toen een gustfront vanuit het westen in seconden tijd over ze heen kwam, en terwijl iedereen probeerde te redden wat er te redden viel werden ze overvallen door nog een gustfront, vanuit het zuiden. Totale chaos dus, een paar zwaar beschadigde vleugels en eentje total loss, Tony naar het ziekenhuis met een bijna afgerukte vinger nadat hij de kabels vast probeerde te houden, anderen op het nippertje uit hun A-frame gesprongen, deuken in auto’s waar leading edges tegenaan waren geknald. Jamie zal de fotoos wel op haar blog zetten, ik heb ze nog niet gezien. http://naughtylawyertravels.blogspot.com/
Ondertussen hadden we al een uur niks meer van Gijs gehoord. Het laatste was dat hij op 50 km zat. Nergens is telefoonontvangst, dus dat is niet zo gek, maar we hadden ook geen radiobericht over landen of positie ofzo. Hij moest ergens bij Murringa geland zijn, een gebied zonder telefoon of bewoning of wegen. Ik maakte me zorgen, met die idiote gusts kon hij wel een ongeluk hebben gehad en dan zou het nog heel lang gaan duren voordat we ‘m zouden vinden.
Tegen zeven uur kon hij bellen bij een farmers huis, toevallig net op een moment dat wij ontvangst hadden. Niks aan de hand, hij had harstikke goed gevlogen en was na z’n landing ook meteen op zoek gegaan naar een manier om contact te maken.
Op de terugweg boden Ropje, Connie en Nathan me een lift aan, erg goed want ik trok het bijna niet meer in Blenkies auto en bovendien had ik dringend behoefte aan een goed gesprek. Om natuurlijk terug in Forbes precies het tegenovergestelde te doen van wat Ropje adviseerde, en hij heeft vrees ik gelijk maar ik wilde naar Cameron toe. Die was vrolijk, zat met Nic en Les aan de sambuka helemaal tevreden dat hij een dag had overgeslagen.
Nadat ik Virpi achter had gelaten was ik alleen, en prompt zakte ik uit. Heel laag boven de grond vond ik weer een belletje, en ik draaide langzaam omhoog, tot ik opnieuw naar de bui keek en zag dat ie sneller bewoog en ook recht op me af. Daarom stopte ik op duizend meter, laag, en stak vervolgens een beetje crosswind door om de bui vóór te blijven en hopelijk helemaal uit z’n pad te vliegen. Dat bleef zeker een kwartier zo, laag glijden, beetje hoogte tanken, een blik op de bui werpen en als de wiedeweerga doorsteken. Bij Grenfell hield het op en landde ik keurig. Er stond een flinke puist wind en dan lukt het me meestal wel.
Een leuke dame stopte en begon meteen een interview voor de Grenfell Weekly. Binnenkort ben ik wereldberoemd in heel Grenfell (ik schat zo’n 1000 inwoners). Daarna gauw ingepakt om het gustfront voor te zijn, en ik stond net met m’n vleugel op m’n schouder te overwegen hoe ik nou het hek over zou komen, toen Alex parkeerde en me een handje hielp.
De 100 km die we nog naar goal moesten rijden was de lucht hier en daar zwart en de buien waar we doorheen reden waren flink heftig. We verwachtten dus wel natte piloten op goal, maar hun gezichten leken eerder op ‘ernstig ongeluk’ te staan. Het bleek dat ze er met z’n twaalven waren, toen een gustfront vanuit het westen in seconden tijd over ze heen kwam, en terwijl iedereen probeerde te redden wat er te redden viel werden ze overvallen door nog een gustfront, vanuit het zuiden. Totale chaos dus, een paar zwaar beschadigde vleugels en eentje total loss, Tony naar het ziekenhuis met een bijna afgerukte vinger nadat hij de kabels vast probeerde te houden, anderen op het nippertje uit hun A-frame gesprongen, deuken in auto’s waar leading edges tegenaan waren geknald. Jamie zal de fotoos wel op haar blog zetten, ik heb ze nog niet gezien. http://naughtylawyertravels.blogspot.com/
Ondertussen hadden we al een uur niks meer van Gijs gehoord. Het laatste was dat hij op 50 km zat. Nergens is telefoonontvangst, dus dat is niet zo gek, maar we hadden ook geen radiobericht over landen of positie ofzo. Hij moest ergens bij Murringa geland zijn, een gebied zonder telefoon of bewoning of wegen. Ik maakte me zorgen, met die idiote gusts kon hij wel een ongeluk hebben gehad en dan zou het nog heel lang gaan duren voordat we ‘m zouden vinden.
Tegen zeven uur kon hij bellen bij een farmers huis, toevallig net op een moment dat wij ontvangst hadden. Niks aan de hand, hij had harstikke goed gevlogen en was na z’n landing ook meteen op zoek gegaan naar een manier om contact te maken.
Op de terugweg boden Ropje, Connie en Nathan me een lift aan, erg goed want ik trok het bijna niet meer in Blenkies auto en bovendien had ik dringend behoefte aan een goed gesprek. Om natuurlijk terug in Forbes precies het tegenovergestelde te doen van wat Ropje adviseerde, en hij heeft vrees ik gelijk maar ik wilde naar Cameron toe. Die was vrolijk, zat met Nic en Les aan de sambuka helemaal tevreden dat hij een dag had overgeslagen.
04 januari 2010
taak 2



Toen het echt makkelijk werd, na het keerpunt, was ik meteen m’n concentratie kwijt en in minder dan tien minuten nadat ik op wolkenbasis zat stond ik op de grond. Duf konijn, ik wist het zelfs al toen ik nog naar het keerpunt toe vloog, dat ik me mentaal nog niet rijk moest rekenen. Zeventig van de 194 km, dat lijkt nergens op. Vooral niet op zo’n mooie dag, wolkjes, goeie termiek, stevige wind in de rug na het keerpunt.
Cameron stond al voor het keerpunt aan de grond. Het gaat niet goed met ‘m, ik neem aan dat het dezelfde blues is die Robert Reisinger vorig jaar had. Geen motivatie. Robert is er overheen gekomen en vliegt weer in de top twintig, dus het kan allemaal nog goed komen.
Ik whackte in op een fantastisch landingsveld, gigantisch, kort gras, naast een weg. Via de radio gaven Blenkie en Djenghis m’n positie door aan de auto. Ik hoefde me sowieso geen zorgen te maken over de ophaal want de landeigenaars kwamen een kijkje nemen en de chauffeur van een ander team reed toevallig langs, dus er waren genoeg mogelijkheden om m’n coördinaten door te geven. Ik realiseerde me wel dat ik net zo makkelijk onvindbaar zou zijn geweest, als de radio niet had gewerkt en die mensen er niet waren. Geen telefoonontvangst in een gebied van zo’n vijftig kilometer, geen verkeer, geen huis op loopafstand.
Djenghis vloog z’n persoonlijke record, je hoorde ‘m over de radio al hallelujahen. Leuk, ondanks de steeds ondraaglijker wrijvingen in het team. Tenminste iemand die het heel erg naar z’n zin had.
Plaatjes op http://www.moyes.com.au/articledetail.asp?ID=326
Filmpje en scores op http://www.moyes.com.au/Forbes2010/Results/Results.aspx (nou ja niet iets waar ik speciaal trots op ben)
03 januari 2010
taak 1
Een jammer-dag. De lucht was strak blauw en door de regen is alles groen en zijn er geen dusties, termiek is volkomen onzichtbaar dus. Het waaide weer hard en de belletjes waren klein en gebroken, moeilijk om de kern te vinden en er was echt geen plaats voor twee. Dat is geen probleem zolang iedereen op verschillende hoogte bezig is, maar ik liet me twee, drie keer de bel uit duwen zodat ik een paar honderd meter buiten de startcirkel al aan de grond stond. Ik was geland bij een andere vleugel, dat is altijd veiliger en praktischer dan op je eentje in een veld staan. En ja hoor, net als vorig jaar bleek het Cameron te zijn, die nogal sjagrijnig is vanwege z’n slechte performance vandaag. Desondanks droeg ie m’n vleugel, bloemen voor die man! Alex was er ruim voordat ik ingepakt was, en ze bracht ons meteen terug naar Forbes zodat we niet de hele middag in de auto hoeven zitten. Dat is dan de bonus voor heel erg slecht scoren, dat je in ieder geval een wasje kan draaien en met je harnas kan spelen.
02 januari 2010
Practice day

Het wordt gewoon ieder jaar beter! Ik hing nog maar net in de lucht of ik wist alweer: dit is waarom ik helemaal naar Australië afreis ieder jaar. Wauw wat is het hier toch schitterend! Mooi, fijne lucht, nooit een zorg om landingsvelden, helder. Het slepen ging ook weer heerlijk, de dollies rollen prima, de tugs vliegen langzaam, m’n vleugel gaat op rails. Terwijl ik ontspannen aan het genieten was dacht ik vrijwel voortdurend aan Christine, en ik mis haar enorm, en toch kon ik tegelijk een supermooie dag hebben.
Ik liet me lekker makkelijk met de wind meedriften naar Parkes, gewoon om me niet overbodig in te spannen en van het uitzicht en het vliegen te genieten. Dat kostte zo’n drie kwartier, wel genoeg zo, dus ik draaide na 20 km om om te proberen tegen de harde wind in terug richting vliegveld te komen. Iets teveel uitdaging, dus na acht km stond ik aan de grond. Kilometers van de weg af, dus ik moest de vleugel en m’n harnas tegen de wind in vechten om alles heel en snel klaar te krijgen voor de chauffeur. Zweetsoppende schoenen, geen tijd voor korte broek of zonnebrandsmurrie, vette haren voor m’n ogen. Alex was er al voordat ik helemaal klaar was, ze is wel piepjong en een beetje bleu, maar dit lukte uitstekend. Virpi stond even verderop dus die pikten we ook op, en nog voor het eten zat ik al gedoucht met een biertje in de bar. Iedereen kwam blij binnen, we hadden allemaal niet verwacht dat het zo goed zou worden vandaag.
’s Avonds briefing, met cabareteske introducties van de tugpiloten. Ik hoefde geen ogen in m’n rug te hebben om te bedenken dat Rinus het liefst ongezien had willen ontsnappen, en de grap is dat hij daarmee nou juist laat zien wie hij is. Een superbescheiden, zorgzame, enthousiaste sleeppiloot. We moeten wel nog een goeie naam voor ‘m bedenken want Rinus is niet uit te spreken voor het Engelstalig volk.
Morgen taak 1, met fantastische weersvoorspelling!
01 januari 2010
Forbes loopt vol
Gisteren absoluut niks gedaan maar het was gezellig, iedereen kwam aan. Het werd een soort startfeestje, leuker dan het eindfeest vorig jaar. Grappig hoe je sommige mensen alleen maar een keer de hand hebt geschud vorig jaar, en nu vanwege de herkenning innig omhelst alsof het om dikke vrienden gaat.
Voor Christine was het erg moeilijk. Het is inmiddels wel tot haar doorgedrongen dat ze hoe dan ook niet mee zal vliegen, haar oog moet herstellen en haar vleugel is flink beschadigd. Ze stelde zich met afgrijzen voor hoe ze dag in dag uit in het Vandenburg zou rondhangen, op haar eentje eten, niks te doen, en laat in de avond komen de piloten moe en voldaan terug. Ik weet precies hoe het voelt, van m’n traumaatje met m’n gipsen arm op de Chabre ben ik nooit meer hersteld. Dit is nog erger, omdat het zo’n unieke kans is om hier te vliegen en omdat er echt nulkommanada te doen is in Forbes.
Hans geeft de wedstrijd op, en gaat met haar langs de kust toeren naar MtBeauty. Cameron en ik hebben overwogen om mee te gaan, maar uiteindelijk ben ik hier toch ook voor het vliegen (flying comes first, nou ja nadat friends have been taken care of uiteraard). Nu dus maar hopen dat het veld vandaag droog genoeg is en de wind niet te hard, zodat we de lucht in kunnen.
Voor Christine was het erg moeilijk. Het is inmiddels wel tot haar doorgedrongen dat ze hoe dan ook niet mee zal vliegen, haar oog moet herstellen en haar vleugel is flink beschadigd. Ze stelde zich met afgrijzen voor hoe ze dag in dag uit in het Vandenburg zou rondhangen, op haar eentje eten, niks te doen, en laat in de avond komen de piloten moe en voldaan terug. Ik weet precies hoe het voelt, van m’n traumaatje met m’n gipsen arm op de Chabre ben ik nooit meer hersteld. Dit is nog erger, omdat het zo’n unieke kans is om hier te vliegen en omdat er echt nulkommanada te doen is in Forbes.
Hans geeft de wedstrijd op, en gaat met haar langs de kust toeren naar MtBeauty. Cameron en ik hebben overwogen om mee te gaan, maar uiteindelijk ben ik hier toch ook voor het vliegen (flying comes first, nou ja nadat friends have been taken care of uiteraard). Nu dus maar hopen dat het veld vandaag droog genoeg is en de wind niet te hard, zodat we de lucht in kunnen.
31 december 2009
Oud en nieuw


De koelkast dreunt, de airco bromt, de ventilator zoeft, Cameron snurkt, het is doodstil. Eindelijk, nadat de bakstenen de muren uittrilden door de gigantische herrie van de band. Arme Hans en Christine, ze liggen er boven en oordoppen zijn lachwekkend tegenover zoveel decibellen.
Ik ben vroeg op doordat ik nauwelijks gedronken heb gisteravond en om half een ofzo in bed lag. Weer een saai begin van een nieuw jaar, maar dat is wel ok, we wensten elkaar een zo saai mogelijk jaar toe. Het zou mooi zijn als er totaal niks gebeurt in 2010.
Corryong

Geweldig gevlogen, ook al moest ik na twee uurtjes echt landen wegens koppijn en oververmoeidheid. Dat heb ik aan Blenkie en Djenghis te danken, wat een ontzettende eikels. Ik heb sinds vertrek uit Den Haag geen nacht goed geslapen, dus gisteravond lag ik heerlijk om half tien met een slaappilletje op te knorren. De lolbroeken vonden het leuk om tegen elf uur ons te bellen, zodat ik weer uren wakker lag. Een tweede slaappil hielp wel enigszins maar ik voelde me vanochtend mega brak. Het ergste is dat ze wisten dat we vroeg naar bed gingen omdat ik zo moe ben. Nooit meer in mijn team dus.
Ondanks die ellende toch een goeie dag gehad. Vanmorgen met de Fun vier hopjes gemaakt, om te proberen toch nog ns te werken aan m’n landingen. Het werkte ook nog. Cameron is een ontzettend goeie coach, hij ziet precies wat er gebeurt en hij geeft precies de goeie aanwijzingen. Ik blijf eikelen met m’n grondfase, en we ontdekten dat het er mee te maken heeft dat ik al vrij hoog in de verte ga kijken (ooit een uitstekend advies van Dennis Pagen, maar ik doe het gewoon te vroeg). Vier hopjes, bloedjeheet, Camo droeg iedere keer de vleugel naar boven maar ik was toch op apegapen. Daarna naar boven, de LitespeedS opgebouwd, en als eerste van een groepje van zes of zeven delta’s de berg af. Het is een schitterende start hier in Corryong, maar de wind was eigenlijk vooral van opzij en achter, dus het was een kwestie van lang wachten en op een goed moment ook niet aarzelen. Ik vind het altijd weer heerlijk dat ik me op dit punt compleet zeker voel, dit kan ik gewoon goed. Na mij duurde het een hele tijd voor de volgende kon starten, ik zag het rijtje groeien, dus ik had de lucht lekker voor mij alleen. Het ging goed omhoog, en er waren wolken opwind dus daar stak ik heen. Een tijdje later zakte ik bijna uit, maar kon ik toch weer naar boven krabbelen. Ondertussen werd ik moe, dus ik vond het welletjes en stak naar het vliegveld. Daar ging het echter zo goed omhoog dat ik dat toch niet met goed fatsoen kon laten liggen. Dan maar naar het bombout veld, waar de auto’s staan. Het zag er alleen niet echt als een mooi veld uit en ondertussen had ik echt stekende koppijn, dus ik wilde in ieder geval ergens landen waar schaduw is en misschien iets te drinken. De camping dus, maar ik zag het nergens. Terug, naar het dorp, en gebuikland in een perfect veld. Na het inpakken kreeg ik direct een lift naar de pub, waar ze gelukkig nog een reservesleutel hadden voor onze kamer. Nou maar hopen dat Blenkie en Djenghis de auto’s ophalen, dat zijn ze ons wel verschuldigd.
30 december
Shitshitshit Christine is op weg naar het ziekenhuis in Sydney om een specialist te zien. Ze is bij haar eerste start in Rylestone voor de dolly terecht gekomen, fuck ik stond echt te janken net. Ik had me er zo op verheugd dat we hier samen zouden vliegen, ik heb haar ook overgehaald omdat ze aarzelde over het slepen, maar ik was er zo absoluut zeker van dat ze het gewoon zou kunnen. Ze is verdorie een betere piloot dan ik, en fit, en ze had al een paar uitstekende sleeps gedaan in Duitsland. Klote m’n vriendinnetje de eerste vliegdag in Australië, de eerste keer dat ze in Australië is, pats gelijk kapot. Ik was er niet eens om d’r vast te houden, te troosten, samen te grienen. We gingen elkaar morgen weer zien in Forbes, Cameron is de hele dag druk aan het bellen om de reservering rond te maken.
Geen idee hoe het nu verder gaat, als ze in Sydney moet blijven wil ik daar ook heen. Hans moet terug naar Rylestone omdat Kari en Virpi nog niet eens weten wat er aan de hand is, ze hebben geen telefoonontvangst in Rylestone.
Volgens de meteokaarten gaat het overal in oost-Australië regenen vanaf morgen. Moeilijk te geloven, het is hier in Corryong blauw, bloedheet, met heerlijke rustige termiek tot 2800 m. Ik heb bijna drie uur gevlogen, met Cameron op m’n hielen maar ik was te moe om een taak van 100 km te doen (ik had er nu 54, beetje mini in dit gebied maar het was gewoon leuk). Ik heb sinds september niet meer gevlogen en ik merk dat alles meteen weer pijn doet, m’n benen, opgesloten in het harnas en m’n nek en onderarmen. En m’n meest verse kneuzing, gisteren gleed ik uit in de douche en ik stootte m’n arm tegen de deurpost. Erg pijnlijk.
Ik was ook op apegapen van de vijf hopjes van vanmorgen, jeetje dat was ik bijna vergeten hoe zwaar dat is. Fantastisch dat ik de kans weer eens krijg om echt gedetailleerd aan m’n landingen te werken (en op m’n starts krijg ik toch ook nogal wat commentaar, ondanks m’n zelfvertrouwen), en Cameron sleepte iedere keer m’n vleugel naar boven, maar jeetje wat was ik compleet uitgeteld. Toen ik zei dat ik dat sinds m’n eerste lessen zestien jaar geleden, en sinds de bijlessen bij Diederik, niet meer gedaan heb, drong het ook tot me door dat ik dus ook zestien jaar ouder ben inmiddels. M’n spieren ontkennen het niet, ook al doe ik nog zo m’n best om vooral niet ouder te worden. Bah. Bovendien lukte het ook weer niet goed, ik maak eigenlijk op ieder detail van een landing wel foutjes en alles bij elkaar telt dat toch op tot bovenmatige spanning, verkeerde inschattingen, een buiklanding aan het eind en geen marge voor gevaarlijke situaties. M’n landing vanmiddag was op m’n voeten en naast de boom waar ik in wilde pakken, maar ik heb wel gesjoemeld want ik moest m’n droguechute gebruiken. Veel te hoog op final, op een mega mega mega groot veld met een fijn briesje tegen, en toch nog een overshoot maken. Morgen maar weer hopjes, als het weer nog wil.
31 december, Forbes
Het is heet, klam, en de lucht onderweg was absoluut fantastisch. We hadden natuurlijk moeten vliegen maar we moesten rijden, en ook nog een band verwisselen die gisteravond compleet aan stukken scheurde op de berg. Het hotel loopt langzaam vol. Hopelijk gaan Hans en Christine vanavond mee eten zoals gepland, maar Christine heeft een kapot hoornvlies en ze is harstikke moe. Dikke kans dat ze gelijk een bed in duikt als ze aankomen.
26 december 2009
Regen
De hele dag regen, grauwe lucht, wind, temperaturen onder de 18 graden. Brrrr. Na een traag ontbijt met z’n vieren de auto ingedoken, en de ene na de andere kustsite bekeken. Het bleef pestweer dus de vleugels kwamen het dak niet af. Na een late lunch en wat boodschappen gaan we vroeg naar bed. Al die perongeluk teveel opgenomen vakantiedagen, gewoon weggewaaid.
25 december 2009
geluiden

Gezellig gelunchd met Camerons familie en Hans en Christine, maar verdorie net toen we hun vleugels wilden opzetten om daarna aan de duinen te gaan vliegen begon het te regenen. Vandaag voelde ik me helemaal fit om te vliegen, ondanks de korte nacht. Die was niet kort door de jetlag maar door het krankzinnige geschreeuw van de kookaburra’s, om een uur of vier. Het stikt hier van de vogels die zich voordoen als een koelkast die aanslaat, of een electrische alarmklok, of rinkelende belletjes. Kookaburra’s klinken als gevaarlijk gestoorde apen.
De cicades vanmiddag maakten zo’n herrie dat het pijn aan je oren deed, zonder overdrijving, we moesten hard schreeuwen om ons verstaanbaar te maken. Toen het afgekoeld was (koud, truien en jassentemperaturen) waren ze stil.
24 december 2009
Vleugels binnen


Een hoop drama en vooral enorme rekeningen verder, maar hehe de vleugels zijn er en de mijne is inmiddels langgepakt en van een verse upright voorzien. Ondertussen heb ik nog nauwelijks geslapen, ’s nachts ben ik gewoon wakker en overdag hebben we teveel dingen te doen en teveel te praten om bij te slapen. Ik ben dus veel te ver heen om te vliegen, en ondertussen lijkt het weer slechter te worden dus het ziet er naar uit dat ik voorlopig ook niet de lucht in kom. On the sunny side Hans en Christine komen morgen aan. We pikken ze op vanaf de kerslunch bij Camerons moeder, pakken hun vleugels uit op het gazon daar en hopelijk kunnen we ’s middags dan toch even wat lucht happen.
22 december 2009
Ik ben er weer
Het goeie van jetlag en reismoeheid en gewoon zo’n veertig uur nauwelijks slapen is dat ik helemaal vanzelf mentaal totaal hier ben. Ik sjok gewoon als een zombie achter Cameron aan, het hoofd staat uit en in m’n lijf zit ook al geen energie. Als de grote rijstebrijberg waar je doorheen eet om bij Luilekkerland te komen. Beam me up Scotty, geen werk geen politiek geen Nederland meer in m’n systeem. Uitgespoeld door het oversteken van de wereld.
Het is allemaal erg vertrouwd en bijna gewoon, op een leuke manier. De temperatuur, warm en zweterig, ik pas me redelijk makkelijk aan. Ik weet de weg, herken de typische Australische jongeman van onbestemde leeftijd. Iedere natie heeft wel z’n stereotypen, maar hier lopen ze ook echt met duizenden rond. Stevige blonde knappe ideale schoonzonen, sterk en gezond en gebruind, vriendelijk maar wel een beetje saai omdat ze zo inwisselbaar zijn. De vrouwen zijn ietsje minder typisch, al geloof ik niet dat je ze ergens anders zo massaal in een minuscuul doorkijk babydolletje ziet rondlopen. O ja ik herken de kledingvoorschriften ook weer, vrijwel iedereen in halflange korte broek, sokken en schoenen, bloot bovenlijf of een hempje of openhangende kleurige bloes. In de stad, in winkels, overal. Ik val maar een heel klein beetje uit de toon met m’n sportbroekje, ik had niks anders zo gauw bij de hand. M’n tas zit nog in de kist, en die staat nu bij quarantaine. Erg jammer want het leek er even op dat we ‘m meteen konden ophalen, maar na een uur tussen de ronkende vrachtwagens te hebben gewacht bleek het toch nog net niet in orde te zijn. Ik maak me zorgen omdat Gijs’ vleugel nat in de kist is gegaan, er zal wel schimmel in zitten.
Een uurtje iedereen gegroet in de fabriek, heerlijk om Bill weer te kunnen omhelzen. Ik ben altijd benauwd dat ie er op een dag niet meer zou zijn, ook al is dat natuurlijk volstrekt ondenkbaar. Hij vroeg weer naar Wendela, daardoor merk ik dat hij toch wel erg oud wordt want dat was bijna tien jaar geleden en ik ben inmiddels voor de vierde keer hier. Maar dan vraagt hij ook gelijk naar Rinus, dus hij weet nog steeds precies waar ie mee bezig is. Ik heb verteld dat Rinus een supergoeie tugpiloot is, enorm considerate, hoogstens onervaren in de ruige lucht van Forbes. Als ie zich er al zorgen over maakt zal dat meer zijn omdat hij wil dat de deltisten het makkelijk hebben, dan om zichzelf.
Het is vijf uur, als ik nu ga liggen kom ik voorlopig niet meer uit m’n coma. Ah well, opblijven gaat toch niet lukken.
Het is allemaal erg vertrouwd en bijna gewoon, op een leuke manier. De temperatuur, warm en zweterig, ik pas me redelijk makkelijk aan. Ik weet de weg, herken de typische Australische jongeman van onbestemde leeftijd. Iedere natie heeft wel z’n stereotypen, maar hier lopen ze ook echt met duizenden rond. Stevige blonde knappe ideale schoonzonen, sterk en gezond en gebruind, vriendelijk maar wel een beetje saai omdat ze zo inwisselbaar zijn. De vrouwen zijn ietsje minder typisch, al geloof ik niet dat je ze ergens anders zo massaal in een minuscuul doorkijk babydolletje ziet rondlopen. O ja ik herken de kledingvoorschriften ook weer, vrijwel iedereen in halflange korte broek, sokken en schoenen, bloot bovenlijf of een hempje of openhangende kleurige bloes. In de stad, in winkels, overal. Ik val maar een heel klein beetje uit de toon met m’n sportbroekje, ik had niks anders zo gauw bij de hand. M’n tas zit nog in de kist, en die staat nu bij quarantaine. Erg jammer want het leek er even op dat we ‘m meteen konden ophalen, maar na een uur tussen de ronkende vrachtwagens te hebben gewacht bleek het toch nog net niet in orde te zijn. Ik maak me zorgen omdat Gijs’ vleugel nat in de kist is gegaan, er zal wel schimmel in zitten.
Een uurtje iedereen gegroet in de fabriek, heerlijk om Bill weer te kunnen omhelzen. Ik ben altijd benauwd dat ie er op een dag niet meer zou zijn, ook al is dat natuurlijk volstrekt ondenkbaar. Hij vroeg weer naar Wendela, daardoor merk ik dat hij toch wel erg oud wordt want dat was bijna tien jaar geleden en ik ben inmiddels voor de vierde keer hier. Maar dan vraagt hij ook gelijk naar Rinus, dus hij weet nog steeds precies waar ie mee bezig is. Ik heb verteld dat Rinus een supergoeie tugpiloot is, enorm considerate, hoogstens onervaren in de ruige lucht van Forbes. Als ie zich er al zorgen over maakt zal dat meer zijn omdat hij wil dat de deltisten het makkelijk hebben, dan om zichzelf.
Het is vijf uur, als ik nu ga liggen kom ik voorlopig niet meer uit m’n coma. Ah well, opblijven gaat toch niet lukken.
21 december 2009
halverwege


De vertraging van zeven uur voordat we eens een keer opstegen was een complete slapstick. Niet erg, want wij waren upgraded naar businessclass omdat we standby hadden gestaan vanwege een te vol vliegtuig. Met de benen gestrekt en een glas wijn in de hand wachtten we af of we ooit nog wegkwamen. Eerst was er een onduidelijke vertraging vanwege de sneeuw, toen lukte het niet om van de gate weg te komen omdat de rampe te glad was, toen moesten we wachten op de de-icing, toen was het Russische luchtruim gesloten omdat we zo laat waren, toen moesten we opnieuw tanken omdat we al uren stroom hadden zitten te verbruiken, toen was de tankwagen kapot. Af en toe kwam de steeds gefrustreerder gezagvoerder over de intercom met excuses en nog meer excuses. Maar wij zaten met z’n tienen te giechelen in de businessclass, omdat we niet gewend zijn om zo belachelijk luxe te zitten. Als je de stoel helemaal platlegde was het een comfortabel bed, te groot voor mij.
Door dit alles mis ik natuurlijk wel m’n aansluiting in Hongkong, dus ik zit nu met een toevallig reismaatje Tal te wachten op onze avondvlucht. Gijs is richting Adelaide, daar hoef ik me geen zorgen om te maken, en ik heb een sms van Cameron dat onze vleugels morgen vrijgegeven worden. De reis begint goed!
19 december 2009
Klaar voor Oz
Voor de vierde keer naar Oz, dus ik heb zo langzamerhand een paar truukjes om in ieder geval de reis te overleven. Slaappillen en oordoppen voor onderweg, korte broek bij de hand voor Sydney (’t is weer tussen de 35 en 40 graden), boodschappenlijstje voor de eerste jetlag –dag paraat. Cameron haalt me op, helaas nog zonder de kist met vleugels want die staat nog ergens op de kade tussen tonnen andere cargo. Dat is toch iedere keer weer een drama, vleugels versturen. Het lijkt goedkoop per schip maar iedere mafketel die er onderweg een blik op werpt stuurt weer een extra rekening met twintig ondoorgrondelijke items. Als je de spullen te vroeg aanlevert (zoals deze keer dus) laten ze de kist vrolijk nog een paar weken in Delft slingeren voordat ze ‘m op een schip naar de onderkant van de wereld zetten. Agenten, transporteurs, douaniers, belastingpapieren drugscontrole carantaine beestjesinspectie, iedereen is er op uit om zoveel mogelijk vertraging en zo hoog mogelijke kosten te veroorzaken.
Nou ja, Kari en Virpi komen pas volgende week aan, Gijs vliegt eerst naar Adelaide dus die heeft z’n vleugel pas in januari nodig, en Cameron heeft nog wel een enkeldoekertje voor me liggen. De ergste schade zou dus vooral de ergernis kunnen zijn en een dag op en neer naar Sydney rijden, als de Australische douane me tenminste niet opnieuw probeert te flessen (twee jaar geleden hebben ze me 800 dollar afhandig gemaakt uit pure lamlendigheid, wat een drama).
Nog even een kiekje van hiero, om me eraan te herinneren hoe goed ik het heb als ik zwetend door de bush loop te strompelen.
Nou ja, Kari en Virpi komen pas volgende week aan, Gijs vliegt eerst naar Adelaide dus die heeft z’n vleugel pas in januari nodig, en Cameron heeft nog wel een enkeldoekertje voor me liggen. De ergste schade zou dus vooral de ergernis kunnen zijn en een dag op en neer naar Sydney rijden, als de Australische douane me tenminste niet opnieuw probeert te flessen (twee jaar geleden hebben ze me 800 dollar afhandig gemaakt uit pure lamlendigheid, wat een drama).
Nog even een kiekje van hiero, om me eraan te herinneren hoe goed ik het heb als ik zwetend door de bush loop te strompelen.
05 december 2009
Ouders
Mensen die me het vliegen hebben gegeven: Bill Moyes, m'n moeder, Henk & Pien, Dennis, Jan Huijbers. Rare mensen. Het zijn m'n ouders en ik voel me als hun kind.
16 oktober 2009
stom ongeluk
Ik zeg wel eens dat vliegen niet zo gevaarlijk is als gewoon door de stad fietsen. En ik bedenk ook wel eens dat ik best zomaar een ongeluk zou kunnen hebben. Maar toen ik dan inderdaad als een lappenpop door de lucht vloog was ik toch verbaasd. En het was ook anders dan een landingscrash, het gebeurde allemaal zo snel en zo totaal onverwacht dat ik niet eens anticipeerde op enorme pijn. Die bleef ook uit, ongelooflijk ik heb de voorruit van de auto volledig ingedeukt, z’n dak ook, m’n fiets ligt totaal aan kreukels maar ik mankeer best weinig. Ik was verdwaasd van de schrik, de arme automobilist ook trouwens hij was heel lief en ik zag ‘m later snikken. Het was mijn schuld, volkomen, ik fietste aan de verkeerde kant en hij kon mij niet zien. Gewoon niet opgelet op een punt waar ik altijd weet dat ik even op moet letten. Lekker brug af met de wind in m’n rug, aan het denken of ik zou gaan kayaken met deze storm.
Met een landing klop ik mezelf af, probeer even niet te denken aan de mogelijke verwondingen en pak m’n vleugel in, sjouw m’n harnas naar de weg en ben blij dat ik morgen weer kan vliegen. Nu ging het heel anders, horden agenten en geel-groene GGD-ers die m’n broek openknipten m’n hoofd vasthielden infusen instaken (ik vroeg of dat niet kon wachten tot het echt moest, maar nee). Op een plankje in de ambulance, raar om alleen recht naar boven te kunnen kijken en echt niks te bewegen. Ik lag alleen gigantisch te rillen want het was toch wel fris, en ik wist al dat m’n teen gebroken was want dat deed pijn. En m’n linkerknie flink gekneusd, verdorie ik hou geen fatsoenlijk been meer over. Maar fotoos en echos waren allemaal ok, ik heb eigenlijk nergens echt pijn en piep nog het hardst vanwege de schaafwonden. Morgen spierpijn in m’n schouders en nek, net nu alle knopen er zo lekker uitgemasseerd waren. Boe.
20/10
Ben erg geroerd door de reacties van m'n collega's, die eerst erg moesten lachen om mijn verslag (ze vonden het nogal typisch dat ik het allemaal vooral erg interessant vond). Er zijn boodschappen voor me gedaan, ik word door een luxe taxi gehaald en gebracht en nou krijg ik voor de troost een kadootje van m'n team: een geluks-lieveheersbeestjes-fietsbel.
Met een landing klop ik mezelf af, probeer even niet te denken aan de mogelijke verwondingen en pak m’n vleugel in, sjouw m’n harnas naar de weg en ben blij dat ik morgen weer kan vliegen. Nu ging het heel anders, horden agenten en geel-groene GGD-ers die m’n broek openknipten m’n hoofd vasthielden infusen instaken (ik vroeg of dat niet kon wachten tot het echt moest, maar nee). Op een plankje in de ambulance, raar om alleen recht naar boven te kunnen kijken en echt niks te bewegen. Ik lag alleen gigantisch te rillen want het was toch wel fris, en ik wist al dat m’n teen gebroken was want dat deed pijn. En m’n linkerknie flink gekneusd, verdorie ik hou geen fatsoenlijk been meer over. Maar fotoos en echos waren allemaal ok, ik heb eigenlijk nergens echt pijn en piep nog het hardst vanwege de schaafwonden. Morgen spierpijn in m’n schouders en nek, net nu alle knopen er zo lekker uitgemasseerd waren. Boe.
20/10
Ben erg geroerd door de reacties van m'n collega's, die eerst erg moesten lachen om mijn verslag (ze vonden het nogal typisch dat ik het allemaal vooral erg interessant vond). Er zijn boodschappen voor me gedaan, ik word door een luxe taxi gehaald en gebracht en nou krijg ik voor de troost een kadootje van m'n team: een geluks-lieveheersbeestjes-fietsbel.
04 oktober 2009
poedelen en peddelen
Zwemmen vanmorgen kon eindelijk eindelijk eindelijk weer gewoon, zonder me in te houden zonder pijn en zonder acuut eczeem. Heerlijk, het is ook altijd redelijk rustig op zondagochtend dus dan kan ik ook echt even dóórtrekken.
Vanwege het mooie weer overwoog ik om te gaan vliegen op Langevelderslag, maar ik vond de wind toch veel te hard te vlagerig en waarschijnlijk ook nog eens te cross. Dan maar kayaken, m’n nieuwe verslaving. Fantastisch, doodstil in het botenhuis, ik kan m’n favoriete kano pakken en een lichte peddel. Het is niet moeilijk meer om min of meer rechtuit te varen en ik denk dat ik niet snel meer zal omslaan. Wel nog een hele toer om te leren de juiste beweging te maken, elleboog omhoog hand omlaag, meebewegen, tegen de bocht in leunen. Als ik het verkeerd aanleer krijg ik geheid peesontstekingen hoor ik maar tjee het lukt me nauwelijks om zelfs maar te onthouden hoe het nou precies moet. Altijd hetzelfde met mij, ik val op sporten die nogal technisch zijn en breng het er vervolgens abominabel vanaf omdat ik motorisch nou een keer geen natuurtalent ben. Het schaatsseizoen breekt weer aan…
Vanwege het mooie weer overwoog ik om te gaan vliegen op Langevelderslag, maar ik vond de wind toch veel te hard te vlagerig en waarschijnlijk ook nog eens te cross. Dan maar kayaken, m’n nieuwe verslaving. Fantastisch, doodstil in het botenhuis, ik kan m’n favoriete kano pakken en een lichte peddel. Het is niet moeilijk meer om min of meer rechtuit te varen en ik denk dat ik niet snel meer zal omslaan. Wel nog een hele toer om te leren de juiste beweging te maken, elleboog omhoog hand omlaag, meebewegen, tegen de bocht in leunen. Als ik het verkeerd aanleer krijg ik geheid peesontstekingen hoor ik maar tjee het lukt me nauwelijks om zelfs maar te onthouden hoe het nou precies moet. Altijd hetzelfde met mij, ik val op sporten die nogal technisch zijn en breng het er vervolgens abominabel vanaf omdat ik motorisch nou een keer geen natuurtalent ben. Het schaatsseizoen breekt weer aan…
26 september 2009
Nazomer

Gaaf! M’n vriendinnetje heeft vandaag haar eerste sleepstarts gemaakt, ik ben zo blij voor d’r! Ze zag er enorm tegen op en Hans en ik waren ook wel bezorgd maar als ze kan slepen kunnen we zoveel meer samen vliegen. Ze kan meedoen met Forbes, te gek. Wat een mooie dag, ik heb zelf een paar startjes met m’n Unootje gemaakt, toch heel leuk om met zo’n makkelijk dingetje te vliegen en landingen te oefenen. Ook al word ik daar wel gefrustreerd van, zelfs met alles mee zo’n beetje land ik nog steeds alsof ik het vliegen net een jaartje geleerd heb. Het geeft ook een raar effect omdat ik me aan de start heel zelfverzekerd voel. Dat mag ook wel na 16 jaar en 380 lierstarts, maar jeetje ik heb er inmiddels een veelvoud aan landingen opzitten en het blijft klunzen.
Morgen net zo’n mooi weer, maar even niet vliegen met een paar andere vriendinnetjes.
Voor de iets minder slimmen (anonieme reageerders): behalve lierstarts zijn er ook nog bergstarts, sleepstarts en watertow-starts.
20 september 2009
Herfstwiekendje
uitzicht bij het ontwaken
Juicy boven het veenOm elf uur zaten Juicy en ik op het veld, nauwelijks wind, harstikke warm, het kon wel eens een mooie dag worden. Toch duurde het tot een uur of één voor de eerste parapenter zich liet zien. Gelukkig was Reinier bereid om ons meteen maar even omhoog te trekken, en het werd ook niet druk dus we konden snel achter elkaar wat startjes maken. Bij de derde start had Juicy beet, en ik draaide boven hem in. Heel zachte, lichte termiek zonder duidelijke kern, je moest echt met je ogen dicht en de vingertoppen licht op de bar, iedere zenuw alert, precies goed indraaien. Niet te stijl, niet te langzaam, soms een beetje ruimer soms wat opschuiven naar het zuiden. Heel leuk om een vluchtje in zulke stabiele lucht zoveel mogelijk te verlengen.
Na afloop reed ik door naar Stadskanaal, mooi op tijd om m’n bedje op te maken en met de hele club naar de pizzeria. De twee biertjes hielpen echter niet meer om al het gezweet te compenseren, en behoorlijk gedehydrateerd lag ik de hele nacht wakker. Tegen de tijd dat ik vanmorgen eens ging kijken wat Rinus en Ropje aan het uitspoken waren leek het me het beste plan om één of twee startjes te maken en dan vroeg naar huis, naar m’n hete bad. Ik mocht de demo Litesport uitproberen, met Ropje op de dragonfly ook leuk hij heeft me nog niet zo vaak opgesleept. Heerlijke vleugel, licht, makkelijk, ik moet toch maar eens heel goed bij mezelf te rade waarom ik eigenlijk m’n Litespeed niet inruil voor een Litesport. Eerst maar eens zien hoe het in Forbes gaat.
14 september 2009
gave filmpjes
helemaal super, m'n favoriete stek en een hoop van m'n favoriete piloten:
http://www.chabre2009.com/ (klik linksboven op news)
en http://www.youtube.com/watch?v=xwVpLfEP4C0
http://www.chabre2009.com/ (klik linksboven op news)
en http://www.youtube.com/watch?v=xwVpLfEP4C0
23 augustus 2009
Buizerd

Vliegen is duur, maar soms toch een stuk goedkoper dan niet-vliegen. Gisteren een dagje sjoppen met Lon, die zie ik tenslotte bijna nooit meer. Erg gezellig maar tjee ik ben zowat failliet aan de rokjes en truitjes. Vandaag waren de weersvooruitzichten nog ietsje beter dan gisteren, en het was ook niet duidelijk of Bruinehaar of Moergestel beter zou zijn. Moergestel is wel veel dichter bij en meestal gaat het starten ook sneller, op een mooie dag kan je in Bruinehaar uren wachten voor je aan de beurt bent. Inderdaad, om twaalf uur kon ik als eerste de lucht in. Het was nog te vroeg dus twintig minuten later stond ik weer aan de grond. Daarna volgden een paar kabelbreuken en kabels over hekjes enzo, het was een lam dagje. Ondertussen groeiden er grote cumulus boven ons en de parapenters bleven af en toe lang hangen. Om twee uur weer gestart, en met een mooie bel tot duizend meter gedraaid. Er stond wel een behoorlijke wind en ik besloot om terug te steken. Ik had wel overland kunnen gaan maar dat is dan een kwestie van hard wegdrijven en maar weer zien hoe ik teruglift, niet echt de moeite waard. Dit was wel leuk, steeds omhoog draaien, beurtelings linksom en rechtsom, en dan weer terugsteken naar het veld om het boven de lier opnieuw te proberen. Na anderhalf uur was ik voldaan en bovendien voelde ik m’n overbelaste arm nogal, dus ik pakte in en was weer lekker vroeg thuis.
15 augustus 2009
Lieren bij de Buizerd
Martin had natuurlijk weer eens gelijk, nog voor ik Tilburg voorbij was zag ik mooie cumultjes. Nou ja, toch een goeie beslissing om in te pakken en heel vroeg naar huis te rijden, ik heb best koppijn van m’n laatste landing en m’n schouders en armen doen nog belachelijk veel pijn van de vakantie. Normaal geloof ik heilig in de kracht van ontkenning, maar met deze wind heb ik echt alle spierkracht nodig om een beetje snelheid aan te trekken en om bij de start de neus laag te houden. Geen overdreven risico nemen dan maar, volgende keer beter. Misschien morgen.
09 augustus 2009
vakantie voorbij

M’n lieve slaussie zit vol wijsheden, daarom hou ik van ‘m. If things seem too good to be true, it probably is. Zo is het altijd geweest met Koos, too good to be true. Ik wist het in het allereerste begin, kon niet geloven dat hij echt bestond en hij verzekerde me dat het goed zou zijn. Ik dacht dat dat een belofte was, maar misschien was het alleen de dokter die geruststellende formules mompelt. De echte dokter is Cameron, hij werkt als een pijnstiller. Het lukte me nog niet om naar Koos te kijken zonder het gemis te voelen, ik kan niet oprecht blij zijn als hij weer de NK wint, ik vind nog steeds dat als hij de keuze maakt om onze relatie stuk te maken hij dan ook zou moeten verdwijnen uit m’n leven, maar ik ga er niet meer iedere keer kapot aan. Voor een belangrijk deel dank ik dat aan Camo, aan de vriendschap waarin we elkaar telkens weer troosten om de pijn en elkaar stimuleren om lol te maken, te vliegen, gekheid te maken. De terugreis is therapie, we voelen ons allebei verrijkt. Tegelijk is het raar om na vijf weken zon en lol en vliegen door de mist te karren, moe en met het vooruitzicht een half jaar alleen te skypen. Nou ja, alleen, we spreken elkaar vaker dan dat ik m’n vrienden in Den Haag en Leiden zie. We moeten ons bedrijf op poten zetten, zorgen dat Djenghis een toffe reis heeft, dat alles soepel en betaalbaar verloopt. Fcf, flying comes first. First, vóór vriendjes, vóór feesten, vóór alles. Niet omdat het moet maar omdat we allebei weten dat het waar is, dat er niks beter is dan met plus vier naar drieduizend meter draaien.
08 augustus 2009
onweer


Enkele Australische wijsheden met betrekking tot het vliegen:
Wat is het verschil tussen golfen en hanggliding? Het eerste klinkt als whack!...fuck, het tweede als fuck!....whack.
Een man die wil trouwen gaat parapenten. Als je wil scheiden ga je deltavliegen.
Aids is aviation induced divorce syndrome.
En net zo waar: it’s all about landing confidence. Als ik voldoende vertrouwen had gehad in m’n landingsvaardigheid was ik gisteren niet weer zo snel uitgezakt. Ik stak terug halverwege de glij naar het eerste keerpunt omdat ik perse nog hoogte wilde tanken voordat ik laag bij de ridge aan zou komen, omdat er achter me wel enorme landingsterreinen lagen maar bij de ridge niet. Niels zat achter me met een slechtere prestatie maar meer geloof in z’n eigen kunnen, en Ropje speerde ons voorbij omdat hij een betere lijn had. Ik dacht via de draaiende zweefvliegers te gaan maar dat werkte niet. Het dal waar kort daarvoor nog enorme vertikale bloemkolen hadden gestaan was nu leeg en ik zakte in no time naar het zweefvliegveld van Serres. Perfecte landing naast het zwembad, waar ik na het inpakken net genoeg tijd voor had. Kort nadat ik in het busje zat begon het te regenen en dat hield ook niet meer op.
Het knietje begint zowaar te slinken. Mooi zo, dan hoef ik er thuis ook niet mee naar een dokter, kan ik gewoon afwachten tot het over is. Een pak van m’n hart want ik zag ze al bezig met naalden en andere gruwelijkheden.
07 augustus 2009
NK

M’n motivatie komt wel weer terug, de vluchtjes van gister en eergister waren weer ok. Niet dat ik het zo bijster goed gedaan heb maar ik had er wel weer lol in. Eergister zakte ik na de Hongrie uit, maar tijdens de briefing werd ik toch uitgebreid gefeliciteerd als ‘beste vrouw’. Daar heb ik eigenlijk de pest aan, het maakt wel erg duidelijk dat er van vrouwen per definitie minder verwacht wordt dan van mannen. Maar ach deltisten zijn blij met iedere aanleiding om te klappen en iemand te feliciteren.
Gisteren knalde ik omhoog bij de Ajour, spannend maar niet overdreven eng en kilometers boven Nigel en Clive en een paar anderen stak ik naar St.Genis. Diep onder me kwamen mensen overal boven de krater omhoog, maar ik kon het absoluut niet vinden. Bizar, binnen een paar minuten was ik al m’n hoogte kwijt en moest ik een landingsterrein opzoeken, terwijl de anderen rustig boven me uit draaiden (en goal haalden). Ik dreutelde nog wat door, vond twee keer een uitstekende bel midden boven het dal maar die verloor ik weer toen Koen en Erik boven me indraaiden. Zij staken de Chabre over maar ik vond dat ze teveel hoogte verloren, dus ik bleef aan de noordkant. Ik had het keerpunt kunnen halen maar ten koste van een hoop acceptabele landingsmogelijkheden, dus ik gaf gewoon op. Kort na Erik K stond ik op het noord bombout veld, en ietsje later kwam Rinus aan. Hij whackte, op z’n gezicht, en daarmee was z’n kortetermijngeheugen volledig weg. Veertig keer vroeg hij waarom hij hier geland was en of z’n vleugel kapot was, griezelig. Rinus is zo ongeveer de liefste piloot die ik ken, het voordeel daarvan was dat hij zich niet al te erg verzette tegen onze vermaningen om te blijven zitten en later om de ambulance in te stappen. Hij zal wel gewoon ok zijn, hersenschudding, maar het was toch weer schrikken. De Groene familie maakt het vliegen voor mij een heleboel leuker dus ik hoop dat ze allemaal heel blijven. Altijd weer tof om te zien, Erik K die de vleugel inpakt, Tanno mee in de ambulance, Fred standby om Ropje op te halen, een ongeluk loopt uiteindelijk met een sisser af omdat we elkaar helpen.
05 augustus 2009
geen wedstrijdstress
Jaren en jaren vliegen, tig wedstrijden, ik besteed al m’n geld en al m’n tijd aan vliegen en nog zak ik elke dag uit. Ik word er moedeloos van. Letterlijk, ik sta op de start zonder zenuwen zonder gretigheid het maakt allemaal niet uit. Of ik vlieg of niet, wanneer, of ik omhoog draai of meteen land. De teleurstelling voorbij. En waar ik liters tranen vergoten heb uit frustratie, om de onbereikbaarheid van m’n doelen, ben ik hol nou ik geen doelen meer heb.
Ik ga er maar steeds vanuit dat het wel weer terugkomt, dat ik ooit stop met tollen van de klap. Maar inmiddels heeft het niet echt meer met Koos te maken. Ik dacht dat ik een type ben om nooit op te geven. Nou ja, ik ga maar gewoon door the motions, ik zou niks anders weten dus ik laad m’n vleugel op de bus, trek m’n harnas aan, loop van de berg af en drink een biertje. En heb nog een hoop lol ook met alle flirts en grappen en verhalen.
Een deel van het probleem is angst, ik ben heel veel banger geworden dan ik een paar jaar geleden was. Geen idee hoe dat komt, ik schrik al als er iemand vijftig meter naast me draait. Het hielp niet om gisteren Alphons te zien die bijna Robbie aanvloog, toen ik even later zelf in de lucht was met een hele gaggle vrijvliegers besefte ik heel goed dat de meesten van hen weinig ervaring hebben en misschien ook weinig controle. Daarbij opgeteld m’n bovenmatige belangstelling voor grote landingsterreinen met een windzak, en ik draaide op 1700 meter gewoon naar de andere kant in plaats van het eerste keerpunt.
Vandaag Aspres, weer een dag. En ondanks m’n gemiep heb ik toch wel weer grote zin om in de lucht te hangen.
Ik ga er maar steeds vanuit dat het wel weer terugkomt, dat ik ooit stop met tollen van de klap. Maar inmiddels heeft het niet echt meer met Koos te maken. Ik dacht dat ik een type ben om nooit op te geven. Nou ja, ik ga maar gewoon door the motions, ik zou niks anders weten dus ik laad m’n vleugel op de bus, trek m’n harnas aan, loop van de berg af en drink een biertje. En heb nog een hoop lol ook met alle flirts en grappen en verhalen.
Een deel van het probleem is angst, ik ben heel veel banger geworden dan ik een paar jaar geleden was. Geen idee hoe dat komt, ik schrik al als er iemand vijftig meter naast me draait. Het hielp niet om gisteren Alphons te zien die bijna Robbie aanvloog, toen ik even later zelf in de lucht was met een hele gaggle vrijvliegers besefte ik heel goed dat de meesten van hen weinig ervaring hebben en misschien ook weinig controle. Daarbij opgeteld m’n bovenmatige belangstelling voor grote landingsterreinen met een windzak, en ik draaide op 1700 meter gewoon naar de andere kant in plaats van het eerste keerpunt.
Vandaag Aspres, weer een dag. En ondanks m’n gemiep heb ik toch wel weer grote zin om in de lucht te hangen.
03 augustus 2009
Mistral



Het stormt, toch mistral. Na drie briefings om te zien of het zin zou hebben naar boven te rijden, ging het hele circus toch om twaalf uur alsnog naar de lage noord. Niemand maakte haast om op te bouwen, maar twee uur later stond ik toch weer ingehaakt te wachten tot ik aan de beurt zou zijn. Dat wachten gebeurt erg in de windschaduw van de start, dus ik had weinig idee hoe het er aan de voorkant aan toe ging. Een paar toppers waren al weg toen de start gesloten werd wegens harde en vlagerige wind. Ik overwoog om een paar uur te wachten in de hoop dat de avondlucht rustiger zou worden, maar ik heb geen vervoer en de hele verdere middag in m’n eentje op de berg zitten trok me ook niet aan. Beneden aangekomen bleek het flink te spoken en er zijn zelfs wat zorgen om een paar piloten die zich nog niet gemeld hebben. Cameron staat in ieder geval veilig bij het tweede keerpunt, van Shaun weet ik nog niks.
bloggen
Ineens heb ik een perfecte verbinding alleen heb ik nou niks te vertellen. Het klaarde gistermiddag mooi op maar iedereen was moe en hangerig en de paar Belgen die wel vlogen zeiden dat het compleet plat was in de lucht. Vanmorgen hangt er een dunne laag altocumulus en het waaide om half zeven al stevig vanuit het westen, weinig kans op een vliegdag dus. Dan maar weer m'n knietje rust geven.
Abonneren op:
Posts (Atom)