10 juli 2009

Spanje

De trip naar Ager is lang en vermoeiend, maar aan het eind krijg je ook wat. Ideaal appartementje, mooi weer en de Monsec natuurlijk. Nadat we gesetteld waren en wat gegeten hadden kwam Montse ons halen om naar boven te rijden. Het waaide (woei?) flink hard, niet mijn favoriete omstandigheden, en ik was best moe van de reis dus ik begon natuurlijk mijn standaard gemiep over dat ik misschien mogelijk eventueel vandaag dan toch maar niet enz. En dan ondertussen de spanbanden loshalen en de vleugel afladen, de jongens kennen me nog niet zo goed dus ik heb uitgelegd dat dit mijn gebruikelijke ritueel is en dat ik dan uiteindelijk als eerste start. Ondertussen waren Egbert en Erik de berg al af en het zag er uitstekend uit. Met hulp van Cameron en Frans liep ik gemakkelijk de berg af, draaide relaxed omhoog en fladderde een beetje boven de start rond. Nou is m'n grootste probleem het landen, en vanuit de lucht zag het terrein waar we hadden afgesproken er toch weer minder jofel uit. Ik besloot om het gewoon simpel te houden deze eerste vlucht met alle reisvermoeidheid nog in m'n kop, dus ik draaide vanaf wolkenbasis naar beneden, deed best een goed circuit en stond dankzij m'n droguechute net voor de bomen aan de grond. Direct na mij schoot het Zwitserse meisje met een intermediate diezelfde bomen in, en niet veel later maakte Moniek zo'n overshoot dat ze voorbij die bomen een upright krom landde. Het veld liep dan ook behoorlijk af, goed om te weten. Montse en de Zwitserse moeder haalden ons op, best gezellig zo'n girlfield. Tegen de tijd dat we de jongens ingeladen hadden stond ik te tollen van de slaap. Nog even inschrijven, eten en naar bed.

30 juni 2009

Verslaggeving worlds

De filmpjes en directe verhalen van Jonny http://www.jonnydurand.blogspot.com/ de banter van de Ieren http://irish-hg-worlds-2009.blogspot.com/ en de korte sfeerberichtjes van Jamie http://naughtylawyertravels.blogspot.com/ ik hoef bijna niet meer mee te vliegen om er bij te kunnen zijn. Even Cameron skypen om te horen hoe het vandaag gegaan is.

29 juni 2009

Bruinehaar

Het blijft altijd een lastige gok, naar welke start ga je rijden. Achteraf had ik mezelf 200 km kunnen besparen gisteren en gezellig met Jochen kunnen bijkletsen en nog een boodschap in de buurt kunnen doen, als ik gewoon naar Moergestel was gegaan. Maar volgens de voorspelling zou het alleen in het noorden goed weer worden, en bovendien hoopte ik nog af te spreken met Shedsy die zaterdag met de TT meereed. Helaas, Dave had een megakater en hij moest de ferry al vroeg hebben, het weer werd in het noorden pas goed toen ik alweer had ingepakt en er waren nog wat kleine ongemakken (vreselijk wakker gelegen van m’n foute berekening van vakantiedagen, m’n gerepareerde instrumenthouder vergeten, lek gestoken door de muggen en een misstart doordat m’n tweede lijntje in de knoop raakte met m’n ritstouwtje). Toch, heerlijk om weer even te vliegen, in marginale omstandigheden een paar honderd meter gewonnen en me weer eens gerealiseerd hoe anders het voelt nou ik ervaren ben en volledig zelfvertrouwen heb als het gaat om lieren. Dat heb ik toch maar mooi te danken aan al die liermannen (nog nooit een vrouw op de lier gehad) die me in barre omstandigheden steeds maar weer de lucht in sleuren.

01 juni 2009

tussenweekje

Van Ager naar Laragne kostte ons uiteindelijk twaalf uur, wel een schitterende rit. We namen de omweg via Andorra, goed om er een keer geweest te zijn maar eigenlijk is het niet bepaald beter dan de rest van de Pyreneeën. Veel te veel grote winkelcentra en Kalverstraat-achtige toestanden. Ik voelde me ook niet best, m’n knie deed pijn en uiteraard speelden spanningen een rol. Arme Cameron kreeg de volle laag van m’n slechte humeur, maar hij heeft meer begrip dan wie dan ook zodat het uiteindelijk toch een prima reis werd. Een paar uur naar beneden bochten van Andorra naar Perpignan, daarna het gas erop en in Laragne de tenten tussen de honderden parapenters proppen. Het is nogal een schok, een complete parapentewedstrijd op onze Chabre, het laatste bolwerk waar alleen delta’s vlogen. Ze pikken onze camping onze berg en onze lucht in, erg! Nou ja vandaag wordt er niks ingepikt, het waait meer dan 30 km/u en er staan de meest bizarre wolken boven het dal. We hebben Heather opgezocht, die kort geleden haar nan heeft verloren. Kletsen over landingen en wedstrijden en angst en verlies, het helpt hoop ik. In ieder geval helpt Camo, die altijd tot in detail en goed begrijpelijk vertelt hoe het werkt. Terwijl hij beschreef hoe Oleg en Julia dansten tijdens de worlds bedacht ik wat een verschil met vroeger, Koos is weinig expressief dus ik kreeg altijd meer het idee dat ik iets fantastisch gemist had als hij bij een wedstrijd was geweest, dan dat ik met volle aandacht naar gave verhalen kon luisteren. Cameron deelt de lol, het is bijna niet erg meer dat ik er niet werkelijk was.

Maandag konden we niet vliegen vanwege de harde wind, dinsdag hingen er heel vreemde wolken en was de wind puur westelijk. De wolken waren altocumulus met virga eronder, heel gek om te zien omdat je zou denken dat zulke kleine hoge wolkjes geen neerslag kunnen geven. Het zag er allemaal nogal woest uit en ik weet hoe gevaarlijk het hier kan zijn met west en ik ben altijd een beetje extra gespannen op een stek waar ik een tijd niet geweest ben. Toch maar opgebouwd, en toch ook maar gestart want het kon eigenlijk best wel, en het knijterde omhoog. Plus vijf, plus nog meer. Tot drieduizend meter en hoger, supergoed eigenlijk maar ik bleef gespannen dus ik nam het minitaakje van de cursus binnendoor en landde vanaf heel hoog op de camping. Geen beste landing helaas. Bah ik begin een oud wijf te worden, snel moe en veel te nerveus.
Vandaag was de voorspelling erg goed en de wind stond ook perfect, alleen zag je hele hoge dunne melk, en inderdaad was het niet makkelijk. Eerst startte de parapentewedstrijd, een bizar gebeuren want die lui malen nergens om. Ze floppen hun scherm willekeurig ergens neer, haken zich in en starten ter plekke, ongeacht of er iets of iemand in de weg staat. Struikjes andere schermen tassen het maakt allemaal niet uit. Ze gingen ook goed omhoog en binnen een half uur hingen ze alle negentig in vrolijke kleuren kriskras boven ons te draaien. Een feestelijk gezicht maar weinig uitnodigend om ook de lucht in te gaan, terwijl de omstandigheden ideaal waren. Het werd langzaam moeilijker en toen ik startte moest ik een beetje schrapen, samen met Jan-Louis. Dat stelde me voor de keuze of ik grote risico’s wilde nemen, en toen Cameron ook nog eens tussen mij en de berg doorbanjerde besloot ik naar Barret te keren, better safe than sorry toch. Halverwege vond ik echter de bel van de dag en ik schroefde heel prettig naar 2400 meter, waar Cameron me weer in de weg kwam zitten. Dat mag natuurlijk, als ik wedstrijden wil vliegen moet ik toch zeker wel met hem kunnen draaien, maar ik ben dezer dagen gewoon uitzonderlijk meutig en ik wil de lucht voor mij alleen. Door naar de Beaumont dus, maar dat haalde ik niet en aangezien het eigenlijk de bedoeling was naar de Pic de Bure te vliegen verlegde ik m’n koers die kant op. Ik verwachtte bij Montrond of de St. Genis wel iets te vinden maar Montrond deed niks en ik zag beneden een enorm landingsterrein met twee vleugels erop en Hans de Korte die er net met zijn landing de wind aangaf. Daarheen dus, en na een ok landing stond ik weer op de grond.
’s Avonds naar het circus in het dorp, eigenlijk meer een soort klein theater, beetje Parade-achtig erg leuk. Clowns, kabaal en veel vette knipogen.

Onweer, dus ik zit in m’n tent en ik heb nog geen koffie gehad. Vandaag is de eerste dag van de NK, ik zal het gebruiken om m’n boek uit te lezen en nog eens te proberen m’n blog te publiceren. Verbindingen hier zijn waardeloos en ik heb ook nog een Spaanse simkaart in m’n telefoon dus ik ben grondig onbereikbaar. Hans en Christine maakten zich al zorgen, ontzettend lief. Ik maak me zelf ook zorgen trouwens en dat is dan weer minder. M’n knie verbetert totaal niet en nou weet iemand te vertellen dat het vast ontstoken zal zijn, heel griezelig. Gelukkig heb ik wel weer m’n zelfvertrouwen terug als het om landingen gaat, dus ik durf wel weer echt te vliegen. Als de voorspelde mistral uitblijft natuurlijk.
Ik ga maar eens even kijken of Ad en Jacques koffie voor me hebben.

Pinksteren




Nadeel van alleen op stap gaan is dat iedereen ongevraagd met advies komt, zonder na te gaan of ik misschien mogelijk heel veel meer ervaring heb dan zijzelf. Voordeel is dat ik van alle kanten hulp krijg. En alle nieuwe ontmoetingen zijn leuk. Helga, een knappe vrouw van 70 die al twintig jaar vliegt. Stresskip Suzanne die me het vlonder af probeert te zenuwen. ’s Avonds met de Belgen gaan eten, harstikke leuk zo’n groepje enthousiaste beginners. De sfeer is vergelijkbaar met een een clubje wedstrijdpiloten, net zo gepassioneerd en eindeloos eindeloos wordt er over vliegen gepraat.

31 mei 2009

Neumagen

Shit geen internet, nou wordt het wel erg saai. Het is niet vliegbaar, veel te harde vlagerige wind. De wolken zien er prachtig uit maar vermoedelijk is het hier en daar flink turbulent ook, ik zie onderkanten van cumuls die weinig uitnodigend zijn.
Het kostte vanmorgen nogal moeite om mezelf te motiveren. Een lang wiekend voor de boeg, prachtig weer voorspeld, oostelijke wind. Dat wordt natuurlijk Neumagen of Dudelange, allebei ver rijden zo op m’n eentje en zonder vooruitzicht om bekenden te treffen. Her en der door het dorp zie ik wel Belgische en Duitse auto’s met vleugels, maar ik heb nog geen bekend gezicht gezien. Ik lees een beetje op de camping, hoop dat het vanavond nog rustiger wordt zodat ik een avondvluchtje kan maken. Ik probeer niet als een berg op te zien tegen het ophalen van m’n auto, maar ik herinner me nog wel dat het een heel lang stuk lopen is en dat er ’s avonds niet veel verkeer meer langskomt.

Om half zes gestart, verdorie ik leek wel een dronken eend zoals ik van dat vlonder afwaggelde. Toch weer teveel haast, ik probeer me niet te laten beïnvloeden door aardige mensen die rustig aan m’n kabels staan te wachten tot ik er klaar voor ben, maar ik blijf het lastig vinden dat ik op me laat wachten. De landing was ook al geen feest, natuurlijk was er net heel weinig wind toen ik binnenkwam en stond ie ook dwars op het vrij kleine veldje. Ik kwam in heuphoog gras terecht en vernaggelde m’n gloednieuwe dildo, en ik heb ook nog een winkelhaak in m’n droguechute. Balen! Maar ertussenin was het wel weer een feest. Een uurtje getermiekt met zo’n vijftien anderen, goed geoefend om ook linksom te draaien en door te werken zolang er nog mensen boven me zitten.

Op de start kwam ik Tom tegen met een klasje, leuk om te zien. Hij heeft het razend druk dus er is nog hoop voor de sport. Een Nederlands meisje kreeg haar eerste (tandem)vlucht, dikke kans dat ik haar nog naar hem heb verwezen. Ze bleef maar zeggen dat ze helemaal niks begreep, niks wist, niet wist wat ze moest leren en vragen. Ik heb haar uitgelegd dat het één grote informatie-overload is, zeker de eerste jaren, en dat ze er maar gewoon van moet genieten. Dingen leren komt later wel.
Nou vroeg naar bed. M’n enige gezelschap is een oud Belgisch echtpaar, heel vriendelijke mensen maar ze zijn duidelijk helemaal uitgepraat.

Een echte Duitse camping, alles keurig aangeharkt, poort op slot op de uren dat je binnen dient te blijven, hutjemutjevol caravans, een douche die na vijf minuten geen druppel water meer geeft en overal briefjes met vermaningen. En dan toch nog een hoop herrie en een rotte aardappelenlucht. En geen internet, dus ik ben dwars door de wijnvelden naar het zweefvliegveld gecrosst. De lucht ziet er slecht uit, een dik wolkendek. Ik ben ook niet fit, overal pijntjes en kwalen en dan natuurlijk ook nog kapotte spullen. Dat zal dan wel een superdag worden.

23 mei 2009

NK sleep uitgezakt

Vannacht erg weinig geslapen, vanmorgen ex-stress en ik moest nog een geheel nieuwe – overigens keigoeie – chauffeur uitleg geven. Dat zijn dan de enige excuses die ik kan verzinnen, waarom maak ik dezelfde fout toch weer en weer en nog een keer. Ik weet het zelfs, op het moment dat ik te vroeg, te laag, uit een belletje vertrek omdat ik afgeleid word door de anderen om me heen. Ik weet het, NIET DOEN! en toch steek ik door. Een kilometer of twee van het veld stond ik middenin een groot veld met hoog gras en mul zand, lekker zwaar om helemaal terug te sjouwen naar de weg. Gelukkig was Hakse, m’n chauffeur, er meteen en in minder dan een half uur stond ik alweer op te bouwen op het vliegveld. Nog even de chute terugproppen, een keertje diep adem halen, en hups weer met de bar aan m’n knieën een goeie bel in. Eigenlijk zag de lucht er nog beter uit en bovendien was het allemaal voor mij alleen dus het leek me de gelegenheid om nu dan wel goed te vliegen. Ik stak pas onder m’n wolk weg op dik 1100 meter, en het leek eigenlijk zo slecht nog niet. In de verte zag ik Harrie draaien die al terugkwam van het eerste keerpunt, ik twijfelde of ik naar hem toe moest of dat het net iets te ver zou zijn. Ik koos voor een dikke wolk die meer op m’n koers lag, en inderdaad piepte ik nog heel rustigjes omhoog naar 700 meter. Maar daarna was het ook wel helemaal over. Vette sink en in no time stond ik weer aan de grond, met rugwind en in hoog gras ditmaal dus met de vleugel in m’n nek. Terwijl ik inpakte zag ik Gijs boven mijn landingsterrein langzaam omhoog draaien en terug op het veld bleken er genoeg goal te hebben om er een duizend-punten-dag van te maken.
Ik vóél me niet alleen stom, ik ben het ook echt. Ik moet me toch echt beter concentreren en geduld oefenen. Morgen laatste dag.

22 mei 2009

NK sleep regen

Hangdagje vandaag. Eerst uitgebreid de meteo bestudeerd, vleugel opgebouwd, in de hangar, uit de hangar, toch maar weer in de hangar, opnieuw eruit. Met tussenpozen van minder dan twee uiterst vliegbare uren stortten er regen hagel en pikzwarte wolken over ons uit. Je komt niet aan lezen toe omdat je staat te kletsen, hoopt dat de zooi snel voorbij trekt, de briefing is uitgesteld tot over een half uur enzovoort enzovoort. ’s Avonds een verhitte discussie over veiligheid en regels. Het begint me te dagen dat er een soort clusters zijn van zienswijzen en opvattingen. Mensen die vinden dat je regels moet stellen, gevaarlijke dingen verbieden en allerlei zaken verplicht moet stellen uit naam van de veiligheid, praten ook vaak in morele termen: wie heeft ‘schuld’ aan een ongeluk, gewetenskwesties, en ‘de’ oorzaak van iemands dood ligt meestal bij iets wat verboden of juist verplicht zou moeten zijn. De andere benadering gaat juist uit van verantwoordelijkheid, gedrag beïnvloeden en autonome piloten informeren en instrueren. Ik ben verrassing verrassing van de voorlichtingskant. Geef mensen de gelegenheid om geïnformeerde keuzen te maken, maar laat de keuze dan ook aan hen. Individuen mogen zelf bepalen welke risico’s ze nemen, hoe groot die risico’s zijn, waarom ze dat doen en als er ongelukken gebeuren is dat afschuwelijk maar het hoort er wel bij. Het hoort bij de vrijheid en het hoort bij het leven. Niemands schuld, wel de verantwoordelijkheid van de piloot zelf.
Het blijft altijd een lastig dilemma want niet iedereen is even goed geïnformeerd, het leed van een ongeluk strekt zich ook uit buiten de piloot, en er zijn meer mensen dan hijzelf verantwoordelijk voor veilig materiaal, veilige beslissingen, elkaar attent maken op wat wel en niet veilig is. Jeetje wat een ongelooflijk lastig en ingrijpend thema. Ik gebruik maar gewoon een breukstukje, skids en een nieuwe gecertificeerde helm.

NK sleep

Op de valreep toch nog chauffeurs gevonden voor de NK, ook al is het in Stadskanaal. Even leek het er nog op dat m’n auto het niet zou doen en dat ik alweer vliegen zou missen door iets doms, maar gisterochtend om zes uur reden we toch zonder problemen naar het verre noorden. Slechte weersvoorspellingen, maar het verliep allemaal precies zoals Martin voorspelde: een trog kwam langzaam over, de termiek zette in en er ontstond een dikke grijze massa met potentiële onweerswolken. Ik stond als twaalfde in de rij, het blijft gek dat ik niet meer als vroeger een enorme haast heb om te starten, het maakt me tegenwoordig meestal heel weinig uit. Günther sleepte me onder een dikke zwarte wolk, druppels spetterden op m’n vizier. Ik overwoog af te koppelen en meteen te gaan landen vanwege de aankomende bui, maar in de richting waar we heen moesten was het nog een stuk lichter. Direct na het releasen speerde ik dus daarheen, het maakte niet uit of er termiek zat ik moest in ieder geval van het vliegveld weg waar het ieder moment kon gaan spoken. Even verderop zat stijg en ik vond het toch wel tijd worden om wat hoogte te maken, en mezelf duizelig draaiend en voortdurend naar boven kijkend wat die wolken deden dreef ik over Bourtange. Het was eigenlijk bijna niet meer verantwoord om te blijven vliegen maar ik zat zo laag dat ik binnen een paar minuten aan de grond kon staan als er echt onweer zou losbarsten. Nog een belletje lager zakte ik er dan toch uit en na een mooie landing merkte ik dat de wind inderdaad fors toenam. Ik was net helemaal ingepakt toen Rolf voor kwam rijden. Martin opgehaald, Alphons ergens opgepikt en uiteindelijk zonder regen naar bed.
Vandaag veel stratusachtige bewolking en een voorspelling van harde wind, ben benieuwd.

14 mei 2009

Sprog ruling


Having fifteen years of experience in rulemaking and influencing peoples’ behaviour, partly in the Dutch aviation authority, I’d like to put forward a few thoughts on rules that are intended to make hanggliding safer.
I wonder what exactly is meant with ‘making hanggliding safer’. We probably want less accidents in hanggliding, or less fatalities and injured people. So what do we want to change, peoples behaviour when they’re flying, the conditions people fly in, or the material they fly with? To answer that question you have to know what causes accidents and what the probability is of a particular kind of accident to occur as a consequence of one particular cause. That’s what you need scientific research for, I won’t go into the details of proper policy-relevant research here.
Since we don’t register accidents properly, there are no decent data, but I’d guess more people die or get injured in launching and landingaccidents than in tumbles and collisions. That is not to say that we shouldn’t try to prevent tumbles, but it might just be a small gain in the overall safety of hanggliding.

Suppose it’s proven that less accidents occur if sprogs are set to certain angles (this is a different thing from proving that a glider has pitch up at certain sprogsettings. Pitch up is one indicator of safety, but certainly not the only one). Also suppose we have found a certain method to measure sprogsettings (as a matter of fact, we haven’t. In the trade of rulemaking, it’s good practice not to set rules when it’s impossible to measure the norms).
But suppose we know the angle sprogs should be set to be safe, now we want pilots to set their sprogs high enough to achieve less accidents. All pilots, but it’s reasonable to think that especially competition pilots will want to turn down their sprogs, since they need speed (apart from confidence, good handling, etc). How to get them to do this?
The German DHV is convinced people only behave the way they are forced to behave. So you set norms (limits to the sprogsettings), you inspect whether pilots actually conform to those norms, and you punish those who don’t until they abide by the rules.
In government and policy sciences, this is quite an oldfashioned view. The modern idea is that you try to get people to comply spontaneously. The way to get this spontaneous behaviour is by informing people, educate them, train them. Or seduce them, by giving rewards for conforming. Or stimulate them by giving those who comply an advantage over non-compliars. Forbidding something leads to the suspicion people will try to break the rules, and you’ll end in a spiral of controlling and punishing the rulebreakers ever more severe, while those rulebreakers will behave more and more childish, not taking responsibility for their own behaviour but thinking up ways to duck the rule without getting caught. (See for example Richard Thaler, Cass Sunstein, Nudge. www.nudges.org)

Here is the fundamental issue: who is responsible for the safety of pilots? Pilots take risks, as do people in other sports. By training and certification (preferably of production processes, not of individual gliders) and the spread of information about hazards we can collectively try to decrease the risks involved in hanggliding. All this helps pilots to make decisions about the risks they are prepared to take. As long as a person is not putting another in danger, no organisation has the right to tell him what to do or not to do. Any organisation that exists to further the interests of pilots, has a responsibility to help them to decrease risks. They have no right to tell us which personal risks we may or may not take.

13 mei 2009

wedstrijden

Alweer terug uit Zuid Duitsland, de weersvooruitzichten waren naadje. Nou dringend op zoek naar een chauffeur voor de NK-sleep volgende week. Zijn er spontane aanmeldingen?

Geen taak



Ach vliegen is eigenlijk ook maar bijzaak. Ik was weer laat op start, had m’n latten nog niet eens allemaal ingestoken toen de dag al gecancelled werd. Omdat ik de eerste spetters al voelde pakte ik maar weer in, maar tegen de tijd dat we beneden waren trok het open en leek het toch nog een prima vliegdag te worden. De swifts hadden ook gewoon een taak en er werd flink vrij gevlogen, ook door het parapenteklasje. De twijfel duurde ongeveer even lang als de lunchpauze van de gondel, tegen de tijd dat we weer naar boven hadden gekund was het toch wel erg grijs. Dan maar naar de rodlbaan, met onze passen kunnen we er zo vaak als we willen in. Het werd natuurlijk pas echt opwindend toen Julia erbij kwam, zij verzon manieren om nog veel harder te gaan en uiteindelijk vlogen we in treintjes van zes of zeven knoerdhard de bochten door.
Achter alle lol weten we ook goed dat Paul vandaag begraven wordt en het komt af en toe even tussendoor in het gesprek langs. Vooral Corinna is er van onder de indruk omdat ze vorig jaar een paar keer met hem samen gevlogen heeft. Voor iedereen is het weer een reminder. Ik denk dat we daardoor nog uitbundiger probeerden het maximale uit die gekke karretjes te halen, als je geen lol hebt dan heb je niks.

Terwijl ik hier voor het hq zit te internetten hoor ik ze in het Duits overleggen. Het ziet er naar uit dat we geen taak zullen vliegen, er is alleen maar slecht weer de hele week. Dikke entry fee, lange reis, vrije dagen, afscheid van Paul gemist en sprogstress voor niks!

12 mei 2009

Tegelberg


Een typisch dagje. Om half zes bellen met Australië, om zeven uur met m’n laptopje bij het hoofdkwartier en tussendoor nog gauw even boodschappen doen, nog wat op en neer bellen en uiteindelijk kon ik me dan alsnog inschrijven. Toen ik terugkwam in het appartement vond ik Christine ongelukkig omdat ze had liggen piekeren over mijn gedoe met m’n sprogs. Het is ook wel een opgave om je aan DHV te onderwerpen, niet eens vanwege alle regels maar vooral om de sfeer: je moet vanalles, mag niks. De safetybriefing begon met een hele waslijst van verboden en straffen en zijdelingse opmerkingen waaruit blijkt dat de Duitsers er echt van overtuigd zijn dat wij niets liever willen dan ons zo snel mogelijk zo dood mogelijk te vliegen. Iedereen wil natuurlijk z’n sprogs verticaal naar beneden, iedereen probeert stiekem in de wolken te vliegen, iedereen zal expres de verkeerde kant op draaien in een bel en ook vooral de anderen lekker neppen door heel doortrapt benen buitenboord te hangen als een taak helemaal nog niet gecancelled is. Je mist een beetje het idee dat we zo’n wedstrijdje voor de lol doen, en dat de meeste meiden vooral met elkaar plezier willen hebben. We gunnen elkaar een goeie vlucht, doorgaans, maar daar durven de DHV-ers niet vanuit te gaan. Misschien is er ook wel veel meer gemenigheid in de top dan ik door heb, maar goed dan verpesten ze het toch voor zichzelf?
Als we direct na de safetybriefing gestart waren hadden we allemaal wel een leuk vluchtje gehad, maar het duurde lang voordat er een taak gezet werd. Vervolgens gaan de rigids eerst, een stuk of veertig, en dan mogen wij pas met starten beginnen als zij echt ver weg uit zicht zijn. Terecht, het is fijn dat we niet door elkaar de startcirkel ingejaagd worden, maar tja nu was de dag over toen wij klaar stonden. Toen Monique ook nog eens een misstart maakte (deze keer mankeert ze weinig, gelukkig) was het over.
Christine had wel haar vleugel mee naar boven genomen, maar besloot al snel om niet te vliegen. In plaats daarvan zorgde ze voor mij, de hele dag, super. Ik baal er wel ontzettend van dat ze zo in zo’n vliegdip zit, maar ik herken het helemaal en gelukkig neemt ze de tijd om er overheen te komen. Hans ook, die belt drie keer per dag om te checken of ze wel vliegt, en dan belt ie mij om te zeggen dat ik Christine de berg af moet helpen. Maar we zijn vriendinnen omdat we elkaar kunnen helpen niet die berg af te lopen, niet altijd.
Ik overwoog na het cancellen om naar beneden te vliegen. Ik stond ingehaakt, fit, de regen was er nog niet en ik kon in tien minuten geland zijn. Toch maar niet gedaan, het is het risico van een regenlanding niet waard. Goh wat worden we toch verstandig.

11 mei 2009

op de berg

Terwijl ik 'm braaf zag draven dacht ik vooral wat een sukkel. Ik ga vooruit.

pre womens worlds

Een halve liter alcoholvrij Duits bier is vies. Het appartement is belachelijk kitscherig en zo gruwelijk netjes dat ik me niet durf te bewegen. Ik heb eindeloos aan Vickis kop moeten zeuren om sprogsettings en die heb ik nou nog niet, dus dikke kans dat ik vanmiddag ruzie met de organisatie krijg. Maar ik ben hier, Christine is hier, en de vooruitzichten voor vliegweer zijn nog niet eens superslecht. Hier naartoe verbaasde ik me weer over dit landschap, zo ontzettend mooi. Alles vol en dik in frisgroen en bloemen, glooiend, gevarieerd, en plotseling de besneeuwde rotspieken van de Alpen op een rijtje in de verte. Terwijl ik door Füssen reed zag ik de lucht vol vleugeltjes, ik ben er.

Zondagavond
Inderdaad, ruzie met de organisatie. Ik mag niet met de wedstrijd meedoen omdat ik geen getallen heb voor m’n sprogs. Dit is bijna niet uit te leggen aan niet-vliegers, vooral niet omdat ik (net als Moyes) ervan overtuigd ben dat de Duitse regels niet ok zijn. Zij geloven heilig in getallen, regels, voorschriften en certificaten, en omdat ze zo oprecht geloven dat het de veiligheid dient zijn ze ook niet van het idee af te brengen. Ik daarentegen denk dat veiligheid veel meer verschillende facetten heeft dan alleen een goeie pitch (zelfoprichtend vermogen als de lucht me naar beneden duwt, daarvoor moeten je sprogs hoog staan). Het is voor de veiligheid ook belangrijk dat je een goeie handling hebt, en dat vraagt nou juist om niet al te hoge sprogs. Het is dus een midden, en er is niet één goed midden. Dat heeft te maken met smaak, met manier van vliegen, met het soort lucht. En dan nog is er weinig echt wetenschappelijk gemeten en onderzocht: is er een duidelijke samenhang tussen tucks en lage sprogsettings; hoeveel ongelukken waren tucks of tumbles; maakt de vg-setting nog iets uit; hoeveel botsingen met een berg of in een gaggle zijn voorkomen doordat iemand snel en fel kon sturen? Nou ja, als ik niet mee mag vliegen dan hoop ik dat ze me niet kunnen verbieden op deze stek te vliegen. Maar tja, Duitsers zijn vaak wel enorm van de verboden en regels en de DHV is de baas.
Ondertussen doet Christine ook al niet met de wedstrijd mee, ze had sinds haar ongeluk in Bassano nog niet gevlogen voor vandaag. Vandaag ging het allemaal goed, ook al is ze ontevreden over haar landing, maar ze heeft toch geen zin in de stress van een wedstrijd. Ik begreep het eerst niet omdat ik eigenlijk nauwelijks verschil zou weten tussen hier vrij vliegen of hier wedstrijd vliegen, maar ook dat is weer iets Duits. Voor haar is een wedstrijd wel degelijk een hoop stress, want het Duitse team wordt uitgebreid begeleid door de verschrikkelijke Rudl en dan nog Ecki en Regina en Charlie voor de filmopnames. En ze moeten ook vanalles, ze kunnen niet gewoon gezellig vliegen zoals ze zin hebben.
Vandaag na de prijsceremonie van de German Open in de rij voor de gondel naar boven. Er kunnen maar drie vleugels tegelijk op en het ding gaat ongeveer eens per twintig minuten naar boven, dus ik heb een uur of drie staan wachten. Toen ik eindelijk boven was kon ik m’n quickpins niet vinden, dus het zag er naar uit dat ik opnieuw niet kon vliegen. Ik twijfelde eigenlijk of ik überhaupt wel moest vliegen, met koppijn en ontzettend moe, maar jeetje het is de enige oefendag vandaag, supermooi weer met minder goeie vooruitzichten, en ik heb al zo lang niet meer gevlogen dat ik alleen al even die berg af moest om te zien of ik alles in orde heb. Touwtje hier, batterij daar. Gelukkig vond ik de quickpins uiteindelijk toch nog, en het opbouwen van de vleugel brengt me altijd helemaal in de stemming. Nadat ik Christine eraf had gegooid (doodeng want ze vertelde dat ze de vleugel niet had uitgedoekt terwijl er wel degelijk latten krom waren) hielp Connie mij weg. Mooie start, en ik hobbelde vanzelf een megabel in en draaide een beetje naar boven, maar al gauw merkte ik dat ik echt niet kon centreren. Geen concentratie. Ik waggelde nog een beetje rond en genoot van het schitterende uitzicht op de Alpen, overal rotsen en sneeuw en beneden enorme frisgroene velden vol paardebloemen, twee grote blauwe meren en een stroompje. Erg idyllisch allemaal. Toen ik er genoeg van had vloog ik naar het landingsveld maar ik zat nog erg hoog, dus ik probeerde nog even of een alleenstaand kerkje het ook echt deed, zoals de theorieboekjes zeggen. Inderdaad, terwijl ik daar aan het zoeken was knalde er een roofvogel naar boven, en samen draaiden we nog een paar honderd meter op. Uiteindelijk vond ik het toch wel genoeg en met een matige landing heb ik dan toch weer eens drie kwartier gevlogen.

08 mei 2009

inpakken

Ik zie er behoorlijk tegenop om op m’n eentje duizend kilometer te rijden morgen, maar Wouter is een cruisecontrol aan het inbouwen dus het zal wel gaan lukken. Alles op het laatste moment wel en ik ben ook nog een beetje katerig van het etentje van gisteravond, helemaal fit en uitgerust begin ik niet echt aan de wedstrijd. Twee maanden geen meter gevlogen, niet getraind, mentaal met hele andere dingen bezig geweest. Nou ja, m’n enige echte doel voor komende week is veilig vliegen met zoveel mogelijk pret. Gelukkig heb ik er een hele batterij coaches voor dus dat moet lukken. Cameron die me de mentale en strategische kneepjes bijbrengt, Jan voor de juiste focus, Ropje voor taktiek en techniek, en Christine voor het combineren van vliegen met een mensenleven.
Ik kan dinsdag niet bij de begrafenis van Paul zijn, wel maf ik vond het erg moeilijk dat het allemaal zo ver buiten m’n beleving gebeurde, nou ga ik zelf weg zodat ik ook die kans niet grijp om tot me door te laten dringen dat Paul er echt niet meer bij zal zijn. Het blijft een verslaving waar alles voor moet wijken. Te mooi om er mee te stoppen.

18 april 2009

Grounded

Prachtige wiekenddagen, en ik zit thuis. Eigen schuld, ik heb een beetje te enthousiast getraind, een pijntje genegeerd en nou zit ik al vier weken met een flink pijnlijke biceps. En ik ben woedend op mezelf, heb mezelf echt compleet onnodig een paar schitterende vliegdagen door de neus geboord. Voor straf sta ik in de tuin, fiets half Den Haag rond en heb de deur maar weer eens geverfd.

06 april 2009

wiekendje slepen bij Rinus

De laatste weken ben ik bizar verstrooid. Vergeetachtig en onhandig. Nou ben ik nooit erg helder en scherp geweest, maar de afgelopen tijd heb ik al meermalen gedacht dat ik wel tachtig en dement lijk. Gas aan laten staan, afspraken vergeten, sleutel in het verkeerde slot steken. Gisteren was ik enorm aan het stuntelen op het vliegveld. Niet gevaarlijk, waar ik echt even m’n volle aandacht nodig heb ben ik er wel, maar gewoon dommig en suf. Te traag reageren op de tug en de lucht, iets te lang aarzelen over m’n landing, hoogte verkeerd inschatten. Echt niet ernstig maar ik kwam wel een keer middenop de baan terecht (waar we absoluut niet mogen komen) en nog een keer laag dwars over de baan heen (waar we zo mogelijk nog minder mogen komen). De havenmeester was not amused en hij had natuurlijk gelijk ook, dit soort slordigheid maakt de zeilvliegers niet zo populair op Stadskanaal. Ik voel me dan ook flink schuldig en ben vooral erg in verwarring omdat ik mezelf er maar niet van kan overtuigen dat ik nu m’n lesje geleerd heb en dit soort fouten niet weer zal maken. Omdat ik zo loop te klunzen vrees ik dat ik juist wel dit soort fouten blijf maken.
Volgens een collega is dit soort verstrooidheid typisch een geval van te weinig sporten, uit je trainingsritme raken. Daar had ik nog niet aan gedacht, en het zou wel kunnen kloppen. Sinds kort spring ik niet meer vanzelfsprekend twee of drie keer per week in het zwembad, omdat ik mogelijk allergisch ben voor het zwemwater. En dat terwijl dat zwemmen nou juist precies is wat ik nodig heb om m’n balans te herstellen, om m’n spieren en m’n hoofd weer even op nul te zetten.
Ik denk dat ik maar ns een nieuw zwembrilletje ga halen.

08 maart 2009

Eerste vliegdag van het jaar



Ik ben harstikke blij dat ik m’n vleugel weer heb en ook nog twee perfecte startjes gemaakt gisteren, helemaal goed. Ropje is de perfecte dealer, en vriend. Niet alleen levert hij m’n vleugel af en helpt me met het in elkaar zetten, aanpassen en tunen, hij maakt ook nog eens een testvluchtje, is contactpersoon met Moyes, helemaal goed. En het is gewoon gezellig, samen naar Stadskanaal rijden, verzinnen hoe het verder moet met de afdeling en met het wedstrijdvliegen. Hij heeft best wat met me te verduren gehad, zal zich vast wel vaak ongemakkelijk hebben gevoeld omdat hij ook in de wedstrijdcommissie zit en daardoor soms tussen twee vuren zit, en ik ben iedere keer weer onder de indruk van de manier waarop hij de problemen, en mij, benadert. Een echte goede vriend. Dat maakt het niet makkelijker voor mij om ruzie met Moyes te maken. Nou ja ik wil natuurlijk geen ruzie maken ook maar ik heb eigenlijk wel erg over me laten lopen en het wordt tijd dat ik m’n grenzen eens stel. Mijn vreselijke gebrek aan zakelijkheid en m’n moeite om op m’n strepen te gaan staan tegenover mensen die ik aardig vind, hebben me inmiddels echt duizenden euro’s gekost. Ik betaal door m’n neus voor een nieuwe vleugel, moet dan nog eens extra betalen voor transport (terwijl de vleugel zo duur was omdat ik een Europese prijs betaal, dan zou ie toch ook in Europa moeten worden afgeleverd zou je denken), en ik moet eindeloos wachten op herstel van foutjes en vergissingen. De Australiërs hadden wel hetzelfde beeld van Moyes, je stopt er een half jaarsalaris in maar dan nog moet je dankbaar zijn dat je hun vleugel mag vliegen. En Mart had denk ik ook wel gelijk, Australiërs zijn gewend om overal over te onderhandelen en als ik dat niet doe betaal ik de hoofdprijs.
Ze maken het me niet makkelijker nou Ropje ertussen zit, want hij geeft perfecte service dus daar kan ik natuurlijk niet over klagen. Dat wordt dus eerst betalen, en daarna maar zien of ik het nog ooit met Vicki kan verrekenen. Denk het niet. Hierna dus toch maar geen LitespeedS meer, ook al vind ik het een fantastische vleugel.

01 februari 2009

Afsluiting Australië

politieauto met Kata's vleugel
Brokenback start
Katarina
Het zag eruit als de mooiste dag van de maand en ik was helemaal uitgeslapen en fit, perfect gewoon. Een heel licht windje stond precies recht op de start van Brokenback, een enkel cumultje popte op in de helderblauwe lucht en ik ondervond later inderdaad megatermiek: hard en groot. Voor de start was een brandje en een helikopter vloog af en aan met bluswater. Een andere helikopter was eerder ’s ochtends tegen een hoogspanningskabel aangevlogen. Het was een gaaf gezicht, de helikopters op een paar meter voor de start, en we werden een beetje natgespetterd terwijl we de vleugels opbouwden. Katarina had hier nog nooit gevlogen dus Cameron briefte ons. Ze kon makkelijk het kleine bombout veld halen, waarschijnlijk net zo makkelijk het ideale veld dat ik een maand geleden had gebruikt, en met deze termiek zouden we misschien alledrie wel naar Newcastle vliegen. Toen de helikopters gingen tanken startte ik als eerste en ik spoot meteen naar boven. Al snel zag ik Kata ook in de lucht, ze steeg niet zo hard als ik maar ze ging wel omhoog. Ze dreef een pietsie naar het zuiden maar ik maakte me geen zorgen. Ze is altijd relaxed, verstandig, rustig. Als ze twijfels heeft zal ze niet starten en ze heeft genoeg ervaring om haar grenzen te kennen. Begin januari vloog ze mee in de Corryong cup.
Ik settelde lekker in m’n belletje en keek naar de start om te zien of Cameron al in de lucht was. Het zag er zo goed uit, wat een mooie afsluiting van een pietsie teleurstellende maand! Ineens zag ik Kata, heel laag, in een streep richting bombout. Veel te ver van de ridge af, waar ze vloog zou ze weinig lift vinden. Ik begon me zorgen te maken maar ik weet inmiddels dat het er van bovenaf vaak veel rotter uitziet dan voor de piloot zelf. Door de radio zei ik tegen haar dat ze iets naar rechts moest opsturen en vg aantrekken, maar m’n volume stond laag dus ik hoorde geen antwoord. Ik bleef omhoog draaien maar raakte ondertussen steeds zenuwachtiger over Kata. Tot m’n opluchting maakte ze een bocht, ik ging ervan uit dat ze lift gevonden had. Cameron vertelde later dat ze er achter uit viel, en als ze die driezestig niet gedaan had, had ze het gehaald. Ze verlegde haar koers naar een stuk waar de bomen dunner waren en het volgende moment zag ik haar schaduw. Ze had geen twee meter meer. Veertig meter voor het bombout veld klipte ze een boom en verdween ze voorover tussen de bomen. Ik zat op 1800 meter en schreeuwde door de radio naar Cameron dat Kata gecrasht was, ik was enigszins in paniek en bovendien wilde ik dat zij zou horen dat we het wisten. Ik wilde zo snel mogelijk landen maar niet zelf crashen, dus ik besloot naar de long paddock bij de auto te gaan. Ik probeerde er naar beneden te komen maar alles steeg, m’n vario bleef piepen en ik was zeker tien minuten, een kwartier, bezig om m’n hoogte te verliezen. Terwijl ik daarmee bezig was zag ik gelukkig wel Camerons vleugel middenin het bombout veld staan, niet ver van Kata’s crashsite en met de rug naar de wind dus hij was ok. Zodra ik op de grond stond begon ik te rennen, harnas en al de auto in. Het was 42 graden in de schaduw en ik was gekleed op een hoge koude overlandvlucht, ik snap nog niet hoe ik het voor elkaar kreeg. Ondertussen plugde ik de radio uit en hoorde ik van Camo dat hij bij haar was en dat ze bij bewustzijn was. Ik moest op de weg de ambulance gaan tegenhouden. De ziekenbroeder gaf me een loodzware tas en met z’n tweeën renden we de paddock over die nou toch wel heel erg lang was ineens. De struiken in, spinnenwebben braamstruiken takken stof. Gelukkig hadden Camo en ik goed radiocontact en het duurde niet te lang voor we ze gevonden hadden. Ik dumpte de tas en speerde weer terug om Camerons vleugel aan de kant te zetten en de helikopter binnen te zwaaien. De medic uit de helikopter douwde me een nog zwaardere tas in m’n handen en daar gingen we weer, door de struiken naar Kata. Op de een of andere manier hadden allemaal politie-agenten ons ook gevonden, en terwijl Kata lag te kreunen en Cameron en ik een beetje stonden te snikken wemelde het van de mensen. Ze wilden een keer of tien mijn naam, zijn naam, haar naam, geboortedatum, adres, om wild van te worden en het ergste was dat ze bleven vragen naar Camerons bedrijf. Het duurde even voor ik begreep dat ze hem de schuld wilden geven van het ongeluk, of ‘m toch in ieder geval aansprakelijk wilden stellen. Ik probeerde uit te leggen dat hij een soort held was, bij crosswind in enorme stress starten, in turbulente lucht met vol vg naar beneden racen en een prestatietoestel op een miniveldje landen.
Nadat Katarina met een nekfractuur, gebroken schaambeen en mogelijk gescheurde long was afgevoerd moesten we drie toestellen inpakken, eindeloze politiebelangstelling van ons afslaan, tientallen telefoontjes beantwoorden van mensen die het op de radio hadden gehoord en de belachelijk lange dirtroad de berg oprijden om de auto te halen. De brand was nog steeds niet geblust en de energiemannen hadden uitleg nodig. Wij ook, we konden niet begrijpen wat er was gebeurd. Ze is in paniek geraakt, maar waarom? In het donker, een complete dag na onze laatste hap, misten we de agent op het politiebureau van Cessnock die de sleutel van inbeslaggenomen spullen had, dus we konden Kata’s harnas niet meenemen. Ik was klaar om iemand te vermoorden dus Cameron trakteerde me uit puur zelfbehoud op Thai. Midden in de nacht terug in Blue Haven konden we eindelijk een koud biertje pakken, zelden smaakte een Tooheys zo goed.

M’n laatste dag hebben we gebruikt om de herinnering aan Brokenback te retoucheren. Een vriendin van Camo’s ouders werd achter de tv weggehaald om voor ons te rijden, en iets te laat vlogen we met z’n tweeën langs de plek waar Katarina crashte. De hele lucht voor ons alleen, geen helikopters, geen gaggles, heerlijk. Het was niet meer zo super als de dag ervoor maar het ging nog goed omhoog, af en toe wel erg agressief. Alsof een onzichtbaar monster een gemene duw tegen m’n vleugel gaf, een paar keer moest ik een complete 360 wegdraaien. Na anderhalf uur zette de zeewind in en zakte ik uit middenin een paardenfokkerij. De paarden waren meer nieuwsgierig dan bang en geen mens liet zich zien.
De terugweg liep van de pub via het politiebureau en de Thai naar het ziekenhuis en Camerons ouders. Drukdrukdruk maar alles verliep even positief, Katarina was opmerkelijk helder ondanks de morfine en ze heeft goede kansen op volledig herstel.

Inmiddels ben ik terug in Den Haag. M’n ogen beginnen dicht te vallen en morgen begin ik aan m’n nieuwe baan, dus ik moest maar eens op bed aan.