21 juli 2012
Leuk vluchtje
De lucht zag er vandaag flink gnarly uit, ik verwachtte heftige turbulentie en ellende. Mijn ervaring was echter juist het tegendeel: bijna geen wind en brede rustige bellen. Net als Niels, maar anderen hebben echt een wasmachine gehad. Bovendien wisselden wolkenvelden met schaduw, en zon met mooie cumultjes, elkaar af en het was maar net toeval wie waar wanneer was. Ik draaide makkelijk omhoog boven de start, maar verloor ook weer veel hoogte, draaide daarna nog een paar keer tot zo’n 2300 meter of iets meer, uiteindelijk had ik het idee dat rondhangen bij de Longeagne gewoon niks meer op zou leveren dus ik stak rechtstreeks naar het keerpunt, midden over het dal, over lage heuveltjes en aantrekkelijke landingsterreinen. Tanno meldde dat hij geland was, overal stonden vleugels geparkeerd en er schoof een dik schaduwveld over ons heen. Ik zocht een fijn veld uit en bedacht m’n circuit, en zoals zo vaak begon het toen een beetje te piepen. Samen met een topless draaide ik in, hij heeft het uiteindelijk niet gehaald maar ik kwam terug op 1800. Met een schuin oog op het vliegveld van Serres en een ander op m’n vario, dreef ik langzaam achter die pukkel aan de oostkant. Ondertussen genoot ik van het fantastische uitzicht, dit is toch echt de allerallerallermooiste plek ter wereld om te vliegen. Ik vond een sterke bel tot 2200 en begon naar de St. Genis te steken, maar de hele berg lag in de schaduw dus ik zakte flink en het keerpunt lag nogal diep in onlandbaar terrein. Dan maar omgedraaid naar Montrond, midden tussen de grote vlakke velden, in de zon, en sowieso meestal wel een goeie termiektrigger. Inderdaad, hij deed het, en ik driftte al stijgend richting het keerpunt. Beneden me was een klein stripje waar ik een delta op zag landen, dat gaf vertrouwen maar het bleek een trike te zijn die daar net startte. Nou ja, toch wel bruikbaar dan. Ik was ondertussen erg tevreden met mezelf: netjes geduld betracht en geen hele domme fouten gemaakt, keurig. Daar gaat het dan ook altijd mis, als ik te vroeg dik tevreden ben. Na het keerpunt draaide ik rechtstreeks op koers naar de Aujour maar nou kon ik niet meer hetzelfde spelletje spelen omdat het dal waar ik overheen vloog een beetje in de lij van de pukkels daarvoor lag. Bovendien trokken de brede gemaaide velden me hard naar beneden, en m’n onverdiende zelfvertrouwen deed de rest. Een parapenter was midden in het dal heftig aan het spiralen, hij had me duidelijk niet gezien en hij zat behoorlijk in de weg. Na onze landingen kwam hij op me afgerend om z’n excuses te maken, en even later kwam z’n pa, de man die ik in St. Vincent ontmoet had, me een koud biertje brengen. Eind goed al goed, ik heb maar vijfentwintig kilometer gevlogen en slechts een miezerig keerpuntje, maar ik ben bijna euforisch over dit lekkere vluchtje. Eens een keer niet kwaad op mezelf. En ik ben eens een keer niet allerlaatste, ik was gisteren 26e dat lijkt eindelijk weer eens een normale score.
Gisteravond was Fran z’n laatste avond, dus dat werd laat. De beste campingzanger ever. Vandaag en waarschijnlijk morgen ook zijn rustdagen, veel wind, we hebben kennelijk niet genoeg gedronken.
20 juli 2012
Mart
Andere wachtenden bij de noodhulp droegen t-shirts met schermvliegers, rockclimbing en motorrijden, eigenlijk een soort van grappig. Heather verzuchtte dat we vreselijk gevaarlijke dingen doen, ik zei heb je wel eens bekeken hoe leeftijdgenoten die niks doen eruit zien? Maar ondertussen is het niks, die emergence in Gap. Ik ken het inmiddels goed, en ik ben doodsbang voor een chutedeployment. Maar ik heb ook keer op keer gezien dat diegenen die hun chute gooien er meestal behoorlijk goed vanaf komen. Toch maar weer eens vouwen dat ding.
19 juli 2012
Taak 1 Belgische Open
Er zijn kleine dingen die het leven enorm veraangenamen: de zekerheid dat Montse me zal ophalen, zodat ik pakzakken en hoedje en slippers enzovoort met haar mee kan geven en niet in m’n harnas hoef te proppen. Dat ze altijd helpt m’n vleugel te tillen. Martin die het weer checkt, waardoor ik gewoon te lui ben geworden om er zelf nog naar te kijken. Mart die even uitlegt hoe ik de taak zou kunnen vliegen, jammer alleen dat ik het niet verder dan de startcirkel heb gebracht. De zon, heerlijk, als er iets is wat het leven makkelijk maakt is het zon.
Opbouwen was wel zoals gebruikelijk vervelend. Heet, onhandig op de steile helling met de losse sintels, en veel deelnemers zijn niet gewend aan wedstrijden en een beetje efficient indikken zodat we allemaal aan een ketting kunnen staan. Terwijl er wind van zowel zuid als noord kwam, met een westvoorspelling, honderd procent zeker dat er dustdevils langs gingen komen. De vrij onervaren organisatie was nogal gestresst, wilde het te goed doen zodat er onmogelijke opstoppingen ontstonden boven het vlonder. Zolang de piloten rustig zijn mag de startvolgorde best een beetje losjes zou ik denken, maar afijn ik liep op een mooi moment het vlonder af. De lucht was behoorlijk bubbelig maar ik dreigde toch uit te zakken. Ruim op tijd keerde ik richting de vis, zodat ik alle tijd zou hebben om er een goed circuit te maken. De vis is een heuveltop met bomen eromheen; als je het fout doet heb je geen alternatieve opties meer.
Op weg daarheen kwam de reddende bel, en ik draaide naar 2300 meter in een bijzonder vriendelijke gaggle. Er zaten mensen nog hoger, maar het leek een beetje in te zakken dus ik begon naar het eerste keerpunt te glijden. De hele weg zakte ik alleen maar, en tegen de tijd dat ik bij het einde van St. Cyr was zat ik al bijna op tophoogte. Rechts de gaggle, die best goed omhoog ging maar daarvoor zou ik dieper het onlandbare gebergte in moeten, links de velden. Ik ging naar links. Jammer van de wedstrijd, maar ik voel me niet overmoedig meer. Samen met Ken zakte ik inderdaad uit op een veldje langs de weg naar Ribiers, en na ons landden er nog drie. Een klein uurtje en minder dan tien kilometer gevlogen, maar wel ontspannen, leuk.
Duik in het zwembad, boodschapjes, roséetje met A&J&H, koken en babbelen met zo ongeveer het prettigste team in m’n leven, op tijd naar bed. Het leven is goed!
17 juli 2012
Gorges de Meouges
De sfeer is helemaal goed, gezellig, stressvrij. We hebben een leuk team en de zon schijnt, jammer dat we niet kunnen vliegen maar in ieder geval is het vakantie. Even dachten we dat het vliegbaar was, de balise zei 14 km/u maar op weg naar boven kwamen we auto’s met vleugels tegen die de andere kant op reden. Kennelijk stond er boven een puist wind. Omgedraaid, zwemspullen gehaald, weer terug en de middag verder in de kloof doorgebracht. Ik durf gelukkig nog te springen, het is verleidelijk om het niet te doen maar te leuk om te laten. Iedereen die z’n eerste sprong gemaakt heeft, meestal kleine kinderen, zwemmen met een gelukzalige overwinningslach weg.
Later zetten Shaun en Geoff hun bandje op stroomafwaards, maar ze weten eigenlijk niks meer te spelen dan een of ander wiskey nummer daar ben ik nou wel flauw van. Gekookt en gegeten met ik weet niet precies meer wie, het was een in- en uitstroom van mensen die al dan niet een hapje mee aten, en Ad met de anderen kwam aan dus ik heb geen last meer van m’n knuffeldeficiëntie. Nu naar bed, wie weet kunnen we morgen gewoon de wedstrijd vliegen.
16 juli 2012
Window of opportunity
De eerste dag van de Belgische Open werd gecancelled wegens teveel wind, en inderdaad stond er een behoorlijke puist te blazen. Sommigen gingen naar St. Vincent, anderen naar Mens, en wij bleven hier in de hoop dat de wind ’s avonds misschien een beetje af zou nemen. Maar vroeg in de middag kwam Irene al melden dat er mensen boven de Chabre hingen, en dat het nu licht was maar straks weer zou gaan toenemen, dus wij togen naar boven. Inderdaad, uitstekende condities. Ik draaide vrij makkelijk tot de inversie op 1600 meter, maar liet me dan ook weer iedere keer honderden meters naar beneden sinken. Een uurtje stuiterde ik zo boven de ridge, steeds proberen om de kern weer terug te vinden en een beetje met één of twee anderen samen in te draaien. Het lukte me niet om door de inversie heen te draaien, totdat ik een uurtje in de lucht was en me verder naar achteren liet drijven dan voorheen. Ik vertrouwde het niet echt en ik was inmiddels een beetje moe, dus in plaats van m’n geplande overlandje besloot ik dat het welletjes was voor vandaag. Ik overwoog om bij Remco en Sheila te landen en even hallo te zeggen, maar gelukkig wist ik mezelf tot de orde te roepen. Ik heb nog niet één echt goeie landing gemaakt, laat ik nou eerst eens even een paar keer netjes op de camping landen voordat ik alweer doordraaf en vergeet dat ik er niet zo goed in ben. De camping is lekker groot en heeft een windzak, en hulp voor als het mis gaat.
Ik kwam honderd meter boven starthoogte boven de camping, waar echt overal lift zat. Ik had geen haast om te landen dus ik draaide grote lome bochten over het dorp en de heuveltjes in het oosten, het kostte bijna een kwartier om naar beneden te komen. M’n landing was ok, en net op tijd want Tanno die twintig minuten later binnenkwam had al fors moeite met de turbulentie door de toegenomen wind. Latere landers hadden het duidelijk moeilijk, en de paar uurtjes vliegweer waren alweer over.
St Vincent
Misschien is m’n teen toch gebroken, verdorie. M’n landing was helemaal zo slecht niet, ik kwam alleen nogal hard op m’n voeten terecht, en nou heb ik een blauwe teen en flink pijn. Zo jammer, het is onprettig in m’n harnas en het maakt lopen over stenige paadjes lastig. Niet dat het veel uitmaakt want voorlopig vlieg ik toch niet, het is mistral. Tanno, Andreas en Juicy vlogen wel gisteren in St. Vincent maar ik durfde niet. Geen fatsoenlijk bombout field, en het was ook nog eens heftig turbulent aan de grond.
De mannen landden pas laat, en we moesten een schitterende kloof door om Andreas op te halen. Velden rood van de klaprozen, romantisch meertje, rotspartijen en watervallen, prachtig. De pizzeria die we uiteindelijk tegen half tien vonden liep net vol met parachutisten van Gap-Tallard, zodat we pas na anderhalf uur ons pizzaatje kregen. Ook dat maakt niet uit want vandaag wordt weer een niet-vliegdag dus ik kan met een middagdutje een beetje bijslapen.
15 juli 2012
14 Juillet
Je hebt van die ochtenden dat we met z’n allen urenlang besluiteloos rondhangen in onzekerheid over tijd en plek om naartoe te rijden. Ik begon de dag maar ns met thee drinken bij Heather en Mart, en daardoor miste ik Tanno’s sms. Zo kwamen we pas tegen de middag op de lage noord. Binnen een uur stond ik op het noordlandingsterrein, uitgezakt. Gelukkig was Montse er al voordat ik helemaal ingepakt was, en hup reden we nog een keer naar boven. M’n tweede vluchtje was heerlijk: rustig, overal langs de rigde termiek en een paar andere masttoestellen om gezellig mee rond te darren. Ik overwoog om ergens naartoe te vliegen, het was nog vroeg, maar de termiek was niet erg overtuigend en ik lag nogal oncomfortabel in m’n harnas. Ik besloot een uur boven de start te blijven en dan te gaan landen, maar uiteindelijk werd het me toch te saai en zo stond ik na 58 minuten op de camping. Inschrijven, koken, douchen en toen was er nog een hele avond de tijd op 14 Juillet te vieren. Shaun had een vat van z’n eigen bier mee, lekkerder nog dan twee jaar geleden, en Fran dook op. De beste campingzanger die ik ken en gelukkig spartelde hij niet al te veel tegen, binnen de kortste keren hadden we een concert. Iemand sjouwde het drumstel uit Shauns tent, Shedsy speelde nog wat, Montse hield me warm. Ik probeerde wat te babbelen in m’n kleuterfrans maar dat leidde tot ongewenste versierpogingen.
Keurig om één uur naar bed, koud, wind, de Belgische Open begint met mistral.
14 juli 2012
Eerste vluchtje
Gisteren kostte het een paar uur om te besluiten of waar en met wie we omhoog zouden gaan, en toen we uiteindelijk vroeg in de middag op de lage noord aankwamen stonden er al zeker tien op te bouwen. Toch was ik de eerste die startte, ik wilde niet wachten om te zien of het misschien termisch zou worden met het risico dat ik uiteindelijk de berg helemaal niet af zou komen. M’n kwartiertje in de lucht gebeurde er eigenlijk weinig, maar ik had m’n bar toch stevig vast en ik voelde m’n hart flink kloppen. Er stond een enorme puist westenwind, overal lenticularis, ieder moment kon het gruwelijk turbulent worden dacht ik. Ik vond een uitstekende bel maar deed geen moeite om boven starthoogte te komen, ik vreesde daar compleet alle kanten opgegooid te gaan worden. Tanno en Jochem zeiden later dat het op 2000 meter echt verschrikkelijk turbulent was.
Met m’n belletje dreef ik over het noordlandingsterrein, waar ik liever niet wilde landen, en m’n landing bij de camping was uitstekend. Op de plek waar ik van plan was te staan, rustig met een beetje oversnelheid, op de voetjes. Fijn om een goeie eerste vlucht gemaakt te hebben.
De rest van de middag teuten, boodschappen doen, koken en met z’n vieren eten terwijl Juicy en Chiel hun tenten naast de onze opzetten, helemaal gezellig. We staan naast het zwembadje dus om het uur neem ik even een duik om af te koelen. ’s Avonds togen we naar het dorp, waar afgetrainde dames in strakke gymbroekjes waar een theedoek uithing bij wijze van rok op waardeloze Britney Spiersnummers pornopersiflages ten beste gaven. Erg pijnlijk om aan te zien dus ik kroop vroeg m’n tentje in. Snurken, babygehuil, startende auto’s, ritsen, pratende mensen om me heen, schijnbaar vlak naast m’n hoofd. Het is een raar soort intimiteit op een camping. De tentjes geven een vaag idee van privacy maar eigenlijk lig je met z’n allen bij elkaar in bed. Lang leve de oordoppen.
13 juli 2012
12 juli 2012
Laragne
09 juli 2012
zomervakantie
07 juli 2012
Buizerd
M’n eerste start releaste ik boven- en onderlijntje tegelijk, dus dat was snel over. De tweede ging goed, en ik draaide een pietsie in een nulletje maar snel stond ik toch alweer beneden. De derde keer brak het breukstukje toen ik over wilde schakelen met iets teveel ruimte in het schuiflijntje, dus opnieuw stond ik binnen een minuut aan de grond, ergens diep in het veld met een harde wind in de rug (waardoor de vleugel loeizwaar wordt). Nou schoten zHarry en Tanno wel charmant te hulp, dat alleen al maakt het een leuke dag. In ruil leende ik zHarry m’n release uit, wetend dat ik hem dan ook ergens ver weg op zou moeten gaan halen.
Maar toen mocht ik het release van ene nieuwe Martin lenen, omdat ik toch van plan was om gewoon bij het veld te blijven. Dat was ik echt absoluut eerlijk van plan, maar jee ik koppelde los en draaide meteen heerlijk omhoog naar wolkenbasis, daarmee ruim over Moergestel wegdrijvend. Ik loog door de radio nog dat het me speet (wat natuurlijk niet echt waar was aangezien ik het gigantisch naar m’n zin had), en begon me te oriënteren op een route rechtsom Den Bosch. Dat was helaas weer iets te optimistisch, zoals gewoonlijk stond de wolk die ik hebben moest precies de andere kant op en zo zakte ik voor de duizendste keer al na m’n eerste belletje naar de grond (bij Maaskantje!).
Ik zocht een mooi groot gemaaid weiland naast een doorgaande weg uit waar zelfs iemand in liep, altijd handig voor als er onverhoopt iets mis gaat. Die iemand begon helaas wel tegen me te schreeuwen, “van m’n land af!” en of ik maar direct op wilde rotten. Gelukkig stond ik al aan de rand dus ik kon hem meteen terwille zijn, en ik zette vleugel en harnas bij het volgende huis neer. Daar kwamen allerliefste mensen naar buiten die me vroegen hoe ze me konden helpen, of ze misschien een keer een tandem konden doen en wilde ik iets drinken misschien?
Stom genoeg had ik van niemand een telefoonnummer bij me, maar ik was nog zo dichtbij het veld dat ik radiocontact met Jos kreeg toen hij in de lucht zat. Even later liet Tanno me weten dat hij me op zou halen, terwijl Jan achter zHarry en Martin, in Renkum! aanging.
Dat betekende wel een uurtje wachten, zonder iets te lezen en met de voorspelde regenbuien dreigend steeds dichterbij. Ik bleek weer eens geen talent voor meditatie te hebben, dus ik oefende fluiten tussen m’n duimen, fotoos maken met de zelfontspanner, fluiten op gras, bloemetjeskransjes maken, een deuntje fluiten, ronddrentelen tot ik er flauw van was. Toch altijd nog beter dan tien kilometer lopen en liften.
Om half negen ’s avonds thuis hielpen de buren nog even met de vleugel afladen. Met een biertje haalde ik herinneringen op aan andere dagen dat ik bijzonder vriendelijke mensen op m’n landingsplek trof: ik heb wel eens op een verjaardagsvisite met een gebakje op schoot op m’n retrieve zitten wachten. Het is één van de mooiste dingen van het overlandvliegen, de kleine gesprekjes met vriendelijke mensen, en de hulp die van alle kanten komt.
04 juli 2012
Record
30 juni 2012
Lieren in Moergestel
Na drie trapjes hield ik het daarom voor gezien. M’n armen waren al helemaal òp, ik had niks meer over voor als er iets geks zou gebeuren.
Bijna ongemerkt ben ik toch echt ouder en rustiger geworden. Aan de ene kant heb ik kennelijk wat minder kracht in m’n armen, aan de andere kant weet ik precies waar ik mee bezig ben. Een paar jaar geleden zou ik veel langer hebben geaarzeld voordat ik überhaupt zou starten, flink zenuwachtig, maar vervolgens wel doorgaan tot ik er bij neerviel. Nu is het andersom. Ik start, constateer dat het niet leuk is en ik besef dat het gevaarlijk zou zijn om te lang door te gaan.
Dan maar weer kijken of het Zeeheldenfeestje nog gezellig is.
18 juni 2012
geen thrillseekers
lastig landen
Jim Rooney writes:
The first issue with landing a hang glider, the nose stalls before the tips.
There's so much focus on body position and hand position, which do help, but virtually nothing on how the whole shooting match works. Quite simply, if you can stall the tips of your glider, you will have a good landing. If you do not stall them, you will not have a good landing.
How you accomplish this is the source of so much debate. So many inadequate explanations that all start with "well you just…"
Landing a hang glider is unnatural. To do it well, you must come in fast. You must stop the glider and make it tail slide, something you never do otherwise and never even toy with otherwise, as the results would be disastrous.
You have to approach the ground at a speed both vertically and horizontally which, if you did nothing else, would hurt and would likely put you in the hospital. Every instinct you have screams at you to not do this.
Every bone in your body begs you to come in at a speed that won't hurt. You want to slow down, both horizontally and vertically, to a speed which will not harm you. This is the #1 reason people whack.
Because at this slower speed (descending at trim), it is insanely difficult to stall your tips. The nose of the glider will quite happily stall, leaving your tips flying and pushing the trailing edge up. This pushes the nose down. This is why pilots feel like the glider is "getting ahead of them".
This concept is crucial to any discussion of landing technique. Before it is understood, no real progress is made. There is so much emphasis on the rest of "how to land," and universally, people skip the lynch pin of landing.
16 juni 2012
Fietsen
05 juni 2012
Noodweer
29 mei 2012
Burgen
’s Ochtends konden Inez en ik nog snel een startje maken in de oostenzon, terwijl er al een zuchtje wind uit het westen begon te stromen. In m’n landing holde ik met uitgestrekte armen achter m’n vleugel aan, maar never mind ik bleef overeind. Daarna met Guy en Bernd filosoferen over de slimste actie. Iedereen was naar Serrig, ik had pijn in m’n rug en nog vier uur rijden voor de boeg, de windrichting en ontwikkeling was onduidelijk. Uiteindelijk meldde ik me op het landingsterrein van Burgen, waar je naar verluidt niet mag vliegen als je niet via de website bent aangemeld. Dat bleek geen probleem, er werd eerder enthousiast gereageerd op het feit dat ik op m’n eentje en met een delta daar was. Een stel Nederlanders reed me voor naar de start, een paar Belgen hielpen m’n spullen dragen, binnen een uurtje stond ik opgebouwd en klaar om te starten maar de windzakken kronkelden griezelig om hun paaltjes heen. Ik vond het spannend, om te beslissen of ik überhaupt zou moeten starten daar, om niemand om raad te vragen, om het zonder starthulp te stellen. Een uurtje probeerde ik gewoon te genieten van de buitenlucht en m’n boek te lezen, maar elke halve zin keek ik op naar de windzakken. Tegen een uur of twee werden de startbare momenten langer, en kwamen ze ook sneller, en een groep parapenters was net van de berg af zodat er wat ruimte was.
Ik moest eindeloos ver doorlopen en zakte daarna nog een stuk door, en dat op een start van 150 meter boven een landingsveld vol hoog gras en met hekken eromheen. Ik deed niet één volle cirkel moeite om termiek te vinden en speerde direct naar het landingsterrein. Dat leverde achteraf dan wel weer complimenten op over m’n mooie landing. Ik denk dat ze (parapenters tenslotte) niet gewend zijn aan een netjes circuit, want de feitelijke landing was toch geen applaus waard, maar goed het is altijd leuk om een pluimpje te krijgen. Terwijl ik stond in te pakken bleven de pents eindelijk hangen; ik was toch nog een uurtje te vroeg. Nou ja, pas om half elf thuis om de auto uit te laden, ik had ook niet veel langer moeten blijven.
28 mei 2012
Neumagen
Nondeju naarmate het wolkenveld verder over ons heen schuift krijg ik meer de pest in. Van dat ‘had ik maar’gevoel, stomstomstom gemiste kansen. En het is koud ook en m’n tentje staat helemaal ingebouwd tussen de kampeerwagens met rokende Limbo’s, blaffende honden en snurkende vetzakken. Had ik dan toch om acht uur op m’n eentje even een startje moeten maken? Straks kom ik helemaal de lucht niet in dit wiekend, terwijl ik heel ongezellig om zeven uur bij Hanneke weggereden ben om maar maximaal profijt te kunnen trekken uit dit pinksterwiekend. Gisteren hebben zo’n tien, twaalf man gevlogen, ik heb niet eens opgebouwd. Tornadokracht oostenwind, mooi pal op de start en de lucht zag er rustig uit, maar het starten trok me toch niet en bij de gedachte aan landen in de lijzijde van de wijnheuvel aan de overkant draait m’n maag om. Toru en Mido lieten het alternatieve landingsterrein bovenop zien en verzekerden me dat het daar nooit spookt, maar het ziet er toch wel uitdagend uit zo glooiend en ver weg. Als je je over de back laat wapperen kom je beslist laag aan, en dan heb ik geen tijd om een rustige landingsindeling te verzinnen. Ik heb me dus nuttig gemaakt als starthulp. Dani met haar fairfex, 63 en klein maar nog altijd zin om te vliegen. Een Nederlander die ik nog niet kende maar die toch ook al sinds ’94 vliegt. Bernd, zo’n typische electrotechnicus-turned-computerman met een mooie Z9. Toru, altijd kalm en degelijk. Tegen negen uur was ik zo verkleumd en hongerig dat ik naar beneden racete om m’n prakkie te koken. Het werd ineens windstil en het meisje op de U2 heeft nog een prachtig uurtje gevlogen, maar ik bracht het wachten gewoon niet meer op.
Zes uurWat zijn er toch een rare mensen. Een op het oog heel aardige Belg die vraagt of ik alleen ben, en als ik ja zeg meteen meldt dat ie dat onverantwoord vindt. Dat is ook wel een beetje het sfeertje in Neumagen, iedereen is best vriendelijk en behulpzaam maar ze zijn vooral continu bezig elkaar op te voeden. En dan op z’n Duits: tientallen dingetjes die verplicht zijn, tientallen andere dingetjes die verboden zijn. Alsof piloten niet kunnen wachten om hun buizen en botten te breken. Ik heb nagelaten om de Belg uit te leggen dat je in de lucht toch echt alleen bent, hoeveel vriendjes of geliefden ook op het landingsterrein naar je staan te kijken.
Ondertussen overheerst juist de solidariteit. Toru en Midori, ontzettend lieve Japanse Duitsers zijn op een rustige en bescheiden manier voortdurend in de buurt om te helpen. Het klikte meteen goed met ene Bernd en die komt dan vanzelf wel even een hangcheck geven als ik voor de start sta. Reiner overhandigt me de pakzak die ik boven had laten liggen. Ik klets wat met een mannetje dat ook een Covert heeft, met een piepklein Belgje dat dezelfde landingsissues heeft als ik, met Helga die pas op haar vijftigste begonnen is en nu op haar drie-en-zeventigste overweegt om alleen nog maar bij 3 Bft te starten.
22 mei 2012
Positief
21 mei 2012
post-NK depressie
19 mei 2012
NK slepen dag twee
18 mei 2012
NK slepen, Deelen 2012
16 mei 2012
Fijne dingen
14 mei 2012
Knoalkup
Hier een leuk filmpje van Djenghiz
30 april 2012
Koninginnedag
28 april 2012
Wim Derksen, Loopgek
23 april 2012
ophaalchauffeurs gevraagd
14 april 2012
lier testen
Wilde vandaag wel erg graag weer ns vliegen, maar het weer zag er niet spetterend uit en de lier moest getest. Toch maar naar Tilburg afgereisd, als ik in ieder geval een startje zou kunnen maken vind ik het wel weer mooi. Het gras was nat en lang, de wind stond minstens 90 graden cross, de lier trok niet zo snel als we wel zouden willen. Net toen ik me desondanks klaar maakte om achter Tanno te starten, ging hij op z’n plaat omdat er zo langzaam werd getrokken dat ie gewoon te ver moest lopen (met die crosswind). Ik besloot om veiligheidshalve uit te haken, en natuurlijk draaide de wind vanaf dat moment weer goed. Buizerd boven het bosje, overal ooievaars, en toch wel veelbelovende wolken dus ik trok alles weer aan. De start ging prima, ik vond ook een belletje maar kon het toch niet vasthouden. Ach, het was gezellig, ik ben voor de bui ingepakt en vroeg thuis, en de lier is getest. Volgende week beter.
10 april 2012
Dave
Als een piloot verongelukt heb je het niet eens zo direct in de gaten. Ik zag Paul toch al zelden, ik kwam zelf niet zo heel vaak in Bruinehaar waar Alphons altijd lierde, Missy had ik de jaren voor het ongeluk nog niet ontmoet, Ricci vloog andere wedstrijden dan ik. Seibsy zal ik op dezelfde manier missen, onverhoeds realiseer ik me dat hij er niet is omdat hij er niet meer is.
25 maart 2012
Bruinehaar
11 maart 2012
voorjaarslieren
Soms is een heel saai en doodgewoon wiekend heerlijk. Sporten, klussen, krekel, lekker zwelgen en wenen bij het tragische leven van Edith Piaf, relaxed opbouwen in het zonnetje bij de Buizerd. Voorkabels wisselen, de ouwe garde weer begroeten, nakijken wat ik allemaal moet aanvullen en repareren om m’n uitrusting weer kant-en-klaar te krijgen. Ik zou als eerste starten maar de lierlussen op de Covert zitten toch echt heel veel te laag, dus dat werd gepruts om het release in de sleeplussen te frotten. Dus startten Martin en Tanno voor mij, en ze landden het laatst van iedereen.
M’n eerste vluchtje werd m’n hele radio + headset weer eens naar de mallemoer getrokken bij het releasen, het kostte me al m’n concentratie om te voorkomen dat ik over de snoeren zou struikelen bij het landen. De tweede vlucht ging beter, zonder instrumenten en met alleen een heel zacht variopiepje (ik moest m’n helm bijna van m’n hoofd trekken om het nog te kunnen horen) en een paar mooie wolkjes kwam ik uiteindelijk toch lekker op basis. Wel koud, ik was m’n jasje ook al vergeten. En m’n waterzak lekte tegen m’n rug aan. Hoe dan ook, de Sting is heel veel minder gevoelig dan de Litesport en de belletjes waren niet erg heftig, maar het ging lekker. Ik vermoed dat ik misschien toch weer wat geleerd heb in Australië.
25 februari 2012
Duinsoaren
Nou ja, maak je niet druk, met Jacks en Gijs’ hulp m’n Unootje opgebouwd. Het is wel een raar ontwerp, je moet ‘m eerst rechtop zetten, daarna opspannen! Vrij lastig en je hebt er dus meestal drie mensen voor nodig om het allemaal voor elkaar te krijgen. Afijn, dankzij alle hulp startte ik heel relaxed, maar ik zakte er eigenlijk meteen wel uit. Naar boven lopen, pakspullen halen, naar beneden, in pakken, naar boven met de vleugel, weer opnieuw opbouwen. Om vervolgens te constateren dat de wind allengs afnam. M’n tweede start draaide ik daarom naar links, om zo dicht mogelijk bij de opgang te landen, en een uurtje later reed ik weer naar huis. Toch een voldaan gevoel. Met m’n antieke Firebird Uno Piccolo en m’n ouwe tenax maak ik me geen zorgen om zand of zout of voorbijgangers. Het weegt allemaal net een tikje minder dan een Litesport/covert. En ooit ga ik nog snappen hoe het ding moet worden opgebouwd.
26 januari 2012
Een schizofreen is nooit alleen
Eénmaal terug in m’n ‘normale’ omgeving springt toch wel heel erg in het oog hoe verschillend mijn twee werelden zijn. De spetterende soapopera in de brandende zon van een zeilvliegwedstrijd; de subcultuur waarin het vooral draait om vliegkunst en sportprestaties, waarin zo’n vijftig mensen een vaste rol hebben die hen een tweedimensionaal karakter geeft, maar waarin we ons toch enthousiast druk maken om psychische en persoonlijke en sociale factoren die de vliegstijl bepalen. Een groep geliefde kennissen die kunnen feesten, die los durven te gaan, zonder terughoudendheid en daarbij hun lijf soms compleet uitputten. Alle verschillende culturen en karakters en hangups, ik vind het prachtig. Maar ik weet ook hoe vrijblijvend het is. Als ik niet meer kom vragen mensen aan Cameron waar ik gebleven ben, maar ze komen me niet opzoeken.
M’n werk, de overheid, is net zozeer een eigen subcultuur, van slimme en betrokken mensen die hard werken aan ontzettend interessante projecten. Intellectueel uitdagend, wereldverbeterend, er is minstens zoveel passie in m’n directie als op de paddock. Geef me een boek, een tekst, een computer, laat me denken, schrijven, praten. Een boekje in handen houden als eindproduct van maanden ploeteren, daar zit voldoening in. We beperken het privécontact tot korte praatjes over de vakantie, over het gezin, over het huis of de buurt. We houden geen contact op facebook maar op linkedin, waar het gaat om cv’s en skills in plaats van grappen en filmpjes.
Ben ik echt compleet schizofreen? Ik weet eigenlijk niet wat m’n ‘echte’ wereld is, wat mijn ‘normale’ ik is. Ik merk dat ik goed kan switchen tussen beide werkelijkheden, veertig uur nadat ik een Fun inpak typ ik commentaar bij een notitie over risicobeleid. No worries, wat een ongekende luxe om in tweeën te kunnen leven! Lang leve de rijkdom, hoera hoera hoera.
23 januari 2012
21 januari 2012
Central Coast - Bangkok - London - Den Haag
Vanmorgen had ik er enorme moeite mee om Oz weer te verlaten, terwijl ik deze keer nou juist uitzicht heb op extra snel terugkomen. Om half zeven gleed ik uit bed, bikini aan, board en peddel onder m’n arm, even een uurtje standup paddleboarden in de stilte van de opkomende zon. Daarna inpakken, en nog even met Cameron en Lynn een bakkie doen op Soldiers. Daar was een bonus: honderden dolfijnen die een fantastische show weggaven. Zoiets maakt een reis helemaal af. Na al dat spektakel moesten we ons nog haasten om m’n trein in Wyong te halen, dat lukte op het nippertje, met m’n 26 kilo zware harnas op m’n rug en nog eens zeven kilo handbagage. Hoe is het mogelijk, ik laat een halve kast aan kleren en vliegspul bij Camo achter.
Inmiddels zit ik op Heathrow te wachten op het laatste stukje, heb me voorgenomen om deze keer een taxi te nemen in plaats van te lopen. Ik word oud…
18 januari 2012
Dag in paradijs
Dat mis ik altijd het meest van Australie, het buiten spelen, de zon. Zonder enige moeite ben je hier continu aan het 'sporten' , je kan er gewoon niks aan doen om fit te blijven. Zwemmen, door mul zand lopen, berg op-en-af fietsen, surfen, paddleboarden. Zelfs het vliegen kan een vorm van exercise worden, als je iedere dag een paar uur doet. Of als je inland vliegt.
Ik buig me even voorover om te zien of er al iemand staat op te bouwen op Dixon, straks nog een vluchtje voor ik naar Cameron en dan naar huis ga. Snif, wat is dit lastig om te verlaten.
17 januari 2012
Stockton duinen
Vervolgens met het hele stel naar de zandduinen van Stockton. Teya, de vijftien jarige dochter van Ricky, ging mee om haar allereerste hanggliding oefeningen te doen. Superleuk, het kind is enthousiast en trots op haar prestaties, en niet te stoppen. Conrad is een prima instructeur, en met een Fun op de zandduinen kan je meteen al meters los van de grond komen zonder overdreven risico's.
Tussendoor oefenden we allemaal met vliegen zonder harnas, Nic in z'n nakie. Een oude droom vervuld, totale vrijheid. Ik was te moe om veel te doen, maar het was gezellig en als ik de spierpijn in m'n benen nu voel heb ik toch meer duinen op- en afgerend dan ik in de gaten had.
16 januari 2012
ziek
14 januari 2012
Laatste dag

M’n rits wilde absoluut niet dicht, na honderd pogingen en vier, vijf geweldige bellen stond ik weer eens aan de grond. Dat was niet al te erg want de finish op het vliegveld was gaaf om te zien: Gerolf, bijna vijftien minuten later Atilla, en daarna bleven ze een uur lang binnendruppelen. Alleen niet Cameron, dat was wel heel erg teleurstellend. Hij kwam dertien km tekort en Annabelle en ik sprongen in de auto om hem gauw op te halen. Niet dus. Hij stond ergens middenin een veld zonder toegangswegen, en pas na vier pogingen dwars door distels en over rotsen heen om hem te bereiken. Een retrieve van drie uur op dertien kilometer afstand!
Cameron was enorm teleurgesteld, na de eerste dagen toen het er nog naar uit zag dat hij in de top tien of zelfs top vijf zou eindigen, werd het nu een twintigste of dertigste plaats. Nou had ik ’s middags van Christine ook al bergen zelfverwijt gehoord, ik had het helemaal gehad. Ik zak zeven van de acht dagen uit en eindig met een pijnlijke keelontsteking, en dan moet ik aanhoren hoe slecht iedereen gevlogen heeft die dertig, veertig uur en honderdvijftig km per dag onder de riem heeft.Camo en Christine hebben fantastisch gevlogen, en Hans ook, die stond wel op de vijfde plek.
Het eten was heerlijk, de prijsuitreiking grappig en het feest gezellig. Nu inpakken, Corinna ophalen en dan naar Newcastle. En maar weer over naar het facebookcontact, snik.
13 januari 2012
Forbes - Skulls - Yeoval - Cumnock
Ik werd goed afgezet, en het leek me een geweldig plan om bij Tove te blijven. Helaas, die draaide zoveel sneller omhoog dat ik haar al kwijt was voordat we de startcirkel uitvlogen. Wat er aan vliegers overbleef beviel me helemaal niet, er werd slordig gedraaid en ik was zelf ook te moe om een beetje netjes in de kern te blijven. Tot drie keer toe besloot ik om het erop te wagen en m’n eigen belletje verderop te gaan zoeken, en tot drie keer toe werd ik door een enorme gaggle besprongen die me m’n eigen belletje uitduwden. Na twee uur landde ik vlak over de startcirkel, dus zonder ook maar een pietsie resultaat. Niet erg, het was een leuk vluchtje en ik had veel minder pijn dan verwacht (de uitvinding van ibuprofen is toch wel een hoogtepunt in de menselijke geschiedenis). Het hek van mijn landingspaddock stond wagenwijd open, dus ik kon zonder uithaken direct doorschuifelen naar een schaduwrijke boom langs de weg, ideaal.
Christine stond tien km verderop, wel gewoon achter een net te hoog hek met gemeen prikdraad. Dat is meestal het grootste probleem, om je spullen onbeschadigd uit de paddock te krijgen. Er zijn allemaal griezelverhalen over slangen en zonnesteek en geen telefoonontvangst, maar ik heb de pest aan die hekken.
Het werd een klassieke retrievedag. Proberen te verstaan wat Hans op de radio meldt over hun positie, op de kaart turen om te verzinnen waar je het beste heen kan rijden, en dan uren rondcrossen door dit fantastische landschap. Kangoeroes die hun best doen om plotseling voor je wielen te springen, vossen, gala’s en slimmere vogels. Het landschap richting Yeoval is glooiend, parkachtig met weilanden en bomen, kreekjes en huisjes die er uit de verte heel romantisch uitzien. Je moet natuurlijk niet de auto uit want dan prikt en steekt alles wat er groeit, zie je dat het rooie dak van een huis compleet verroest is, en is het slalommen tussen de kadavers van aangereden wild.
We wilden graag de goal zien, en er leek een klein kansje dat ze het zouden halen, dus daar reden we naartoe. Curt, Gerolf en Atilla waren er al, en uiteraard het standaard goalpubliek: cousin Rob de goalie, Steve Moyes met een krat bier, Jamie met spectaculaire foto’s van Gerolfs landing en Dave May met z’n camera, en nog een paar chauffeurs. Via de radio hoorden we dat er een gaggle voorbij het laatste keerpunt was, maar er was zoveel schaduw dat ze aan hun nagels moesten blijven hangen. Hans landde 2,5 km tekort, en begon net onmiddellijke retrieve te eisen toen Scott, Rohan, Davide, Roland en Tullio laag over de bomen op goal speerden. Wat een fantastisch gezicht! Ik had de radio gewoon uitgezet, maar Annabelle en Christine waren toch braaf Hans z’n sapje gaan brengen dus die hebben dit gemist.
Even later landde Camo bij Hans, doodziek en teleurgesteld. Met z’n vijven reden we de 150 km naar huis, moe en ziek en hongerig, en om verschillende redenen zijn we allemaal blij dat vandaag de laatste dag is.
12 januari 2012
Bevrediging
Ik startte op nummer drie, erg vroeg, en de sleep achter Steve was enorm heftig. Dat is veelbelovend en inderdaad, we draaiden met een klein groepje makkelijk omhoog. De vooruitzichten waren dat het de hele dag blauw zou blijven, met een laag plafond, dus ik wist dat ik absoluut niet op m’n eentje op weg moest gaan. Maar een uur proberen rond te hangen bij de start, terwijl er wat meer wind stond dan voorspeld, leek me ook geen goed plan dus ik besloot om maximaal hoogte te tanken, zo lang mogelijk in een bel te blijven, en superconservatief te stoppen voor ieder piepje. De jongens om me heen vertrokken ook aarzelend en ongeorganiseerd, iedereen ging compleet verschillende richtingen uit en al gauw zag ik mensen onder me landen. De eerste zestig kilometer was ik dan ook alleen, maar dat beviel best. Ik krijg steeds meer oog voor termiektriggers, ik begrijp steeds beter waar ik heen moet en de Litesport maakt het eenvoudig om te voelen wat de lucht doet. Bovendien waren er overal kleine harde belletjes, precies het soort lucht waarin ik liever alleen vlieg dan met een gaggle waar ik voortdurend hard moet werken om niet tegen iemand aan te vliegen.
Na twee uur en 60 km was ik ontzettend moe, m’n benen en billen deden flink pijn van het gespannen duwen op m’n voetplaat, en het zag er naar uit dat ik uit ging zakken. Niet erg, ik was best redelijk tevreden ook al had het wel ontzettend leuk geweest als ik goal op 207 km had gehaald (m’n pb tot nu toe is 182 km). Toch begon het weer heel zwakjes te piepen boven de boerderij waar ik naast wilde landen, en heel voorzichtig dribbelde ik weer naar boven. Ineens zag ik een andere vleugel, en twee 360-ers verder ontdekte ik dat er zo’n vijftien leading edges in noodgang op me afkwamen. Help! Aan de andere kant: eindelijk, waar bleven ze nou? Cameron zat in de leadgaggle, het leek me dat hij verbaasd was over m’n veel te grote cirkels maar ik was nu al te moe om te proberen deze supersnelle jongens bij te houden. Ik was eigenlijk opgelucht toen ze er weer vandoor gingen, kon ik verder met m’n eigen belletje. Dit herhaalde zich nog een keer of drie, en ondertussen hoorde ik Hans en Christine over de radio dichterbij komen. Vlak voor het keerpunt (Bumf hahaha) draaide Christine onder me in, ze zei iets bemoedigends maar ik trok het echt niet meer. Ik was al langer dan vier uur aan het vliegen en ik was doodop. Nog maar zeventig kilometer naar goal, en de lucht was nog steeds prima, maar ik hoopte heel hard dat ik uit zou zakken. Toen ik mezelf daarop betrapte besloot ik gewoon opzettelijk te gaan landen, ik kon het eenvoudig fysiek niet. Dat is erg, na al die jaren trainen, maar zo was het gewoon. Ik landde downwind omdat ik met m’n stekende pijn in m’n schouder en totale vermoeidheid te dom was om te snappen dat ik flink driftte, maar de schade viel mee: een heel vies harnas. Na een kwartiertje kreunend en auw-auwend m’n spullen naar de weg gesjouwd te hebben kwam Annabelle er al aan. Vervolgens moesten we anderhalf uur zoeken naar Cameron, die de dagwinnaar had kunnen zijn maar 45 km voor goal te snel was gegaan. Terwijl Annabelle doorreed naar goal om Hans en Christine op te halen, aten wij een paar doorgekookte groenten in de plaatselijke pub. De rit naar huis was lang, koud en ongezellig, maar ik ben weer helemaal tevreden met een echte Forbes-ervaring. 145 km met een masttoestel, alleen op een blauwe dag. Niet slecht!
11 januari 2012
rustdag
10 januari 2012
alleen maar ellende

Ik wou dat ik thuis was. Het is afschuwelijk, wat kan je je ontzettend eenzaam voelen in deze sport. Het is sowieso eenzaam om de hele middag en avond in Forbes te zijn terwijl de rest van je team op goal is geland en middenin de nacht terugkomt. Ik vind het verschrikkelijk om vijf keer op rij uit te zakken. Maar het ergst is het om een team te hebben met ‘vrienden’ die er kennelijk op uit zijn om van me af te komen. Cameron was de hele ochtend ontzettend sjagrijnig en ik kon alleen snauwen krijgen, geen idee waarom. Onze lieve chauffeur dacht dat ie gewoon erg moe is, en het op mij uithaalt, mogelijk heeft ze gelijk maar dat maakt het niet echt draaglijk. Van Hans kon ik een scheldpartij krijgen toen ik meldde dat ik veilig geland was, een standaard korte melding die normale teamgenoten graag willen horen. Terwijl ik laag aan het ploeteren ben moet ik door alledrie hun radiochecks heen, en daarna krijg ik elke paar minuten een update van Hans’ positie, maar ik mag niet laten weten dat ik op de grond sta! Ik kon alleen nog maar huilen huilen huilen. Ik ben doodmoe, heb nauwelijks geslapen door een bonkende koppijn, heb drie heftige sleeps gedaan en ben de vijfde achtereenvolgende taak uitgezakt, en van m’n eigen team kan ik alleen trappen na krijgen.
Gelukkig werd ik wel fantastisch geholpen en getroost door ieder ander. Bruce tilde m’n vleugel over het hek na m’n tweede bombout, Blano en Steve sleepten me net die honderd meter extra, Flip stelde z’n schone t-shirt maar weer ns ter beschikking als snotlap, en zelfs Bill vond het nodig om me te troosten. Dat maakt vrijwel niemand mee, Bill die laat weten dat ik ok ben en not to worry. Ik mocht komen eten, precies wat ik vanavond nodig had om m’n gedachten te verzetten. Het is leuk om Bill en Molly in hun glorie mee te maken. Terwijl ik m’n vegetarische potje kookte hield Steve via facebook en twitter bij hoe de taak ging. Blenkie op goal, Rohan, Scott. Ik kon het niet laten om m’n enthousiasme (voor de Airbornejongens) te laten merken. In ieder geval weet ik nu dat ook binnen de Moyeskring mensen met Joe worden aangesproken…
09 januari 2012
Orkaankracht
Annabelle was er alweer nog voordat ik een artikel van m’n ouwe New Scientist uit had, de anderen vlogen nog, dus ze bracht me terug naar Forbes. Waar ik een gefrustreerde Nic trof, die alweer twee kapotte compeo’s had. Geen idee wat ie ermee doet, maar tot nu toe had ie fantastisch gevlogen en een dag zonder score zal ‘m z’n tweede of derde plaats kosten. Boris zit ook al in een auto, dus ik ben in ieder geval niet het enige uilskuiken.
08 januari 2012
wakeboarding
07 januari 2012
Niet leuk
06 januari 2012
taak 2
Teleurstelling, ik ben uitgezakt vlak na de startcirkel. Het was blauw, ik kwam niet door de inversie op 1200 meter, en net op het moment dat ik me echt moest concentreren begon de rest van het team door de radio te praten. Maar never mind, Annabelle is uitzonderlijk goed, we hebben de jongens op goal zien landen, Christine heeft bijna het derde keerpunt gehaald en ik kreeg een lift van de Duncans zodat ik lekker kon douchen voor het downloaden en eten. Plus, vanmorgen toen ik m’n vleugel aan het opbouwen was, was ik echt volmaakt gelukkig.
05 januari 2012
Forbes flatlands en pre-worlds Taak 1


Ik heb nummer 42 of 43 ofzo, dus ik kan pas erg laat starten. Tijdens het wachten zag je de gaggles lager komen, niet erg veelbelovend. Ik werd afgezet in een heel redelijke bel, waar helaas Boot als een blind paard continu dwars door alles en iedereen heen vloog. Het leek bijna of ie z’n best deed om iemand te raken, en ik had er geen zin in om die iemand te zijn. Na een minuut of twintig van dat soort stress had ik er genoeg van, en ik ging vanaf zeven- of achthonderd meter op glij in de hoop m’n eigen belletje te vinden. Niet dus, en vier kilometer verderop stond ik al aan de grond. Een paar minuten later landde Kiwi Phil in mijn veld, en samen tilden we de harnassen en vleugels over het hek. Terwijl we op onze retrieves wachtten stopte een meneer om een gezellig praatje te maken, dat is nou typisch Australisch platteland. Erg leuk.
Annabelle kwam keurig aan met Christine (die toch 900 meter verder was gekomen dan ik), ze is geweldig. Degelijk, zelfverzekerd en vriendelijk. Ze gebruikt haar hersens, rijdt snel maar voorzichtig, begrijpt wat we van haar willen en helpt vleugels sjouwen. Ze lijkt een ervaren retrievedriver, terwijl ze nog nooit eerder in de buurt van een hangglider was geweest.
Al snel kregen we bericht dat Hans voor het eerste keerpunt aan de grond stond, en kort nadat we hem hadden ingeladen meldde Cameron zich. Die had er nog 80 van de 135 km uit weten te persen, maar jeetje wat was het een moeilijke dag! Zwakke termiek en harde tegenwind, niet te doen. Ongeveer drie piloten haalden het tot 10 km voor goal, toen werd de taak gestopt wegens een ontploffende Cb op koers.
04 januari 2012
Moyes boys
Piloten kunnen zich trouwens zelden veroorloven om serieus verschillende merken en types uit te proberen, wie kan er nou werkelijk vijf, zes verschillende merken vergelijken? Ik heb altijd graag op m’n Litespeed en LitespeedS –en gevlogen, en ik ben zonder meer verliefd op m’n Litesport. M’n Laminar007 was iets te groot voor mij en ik kon niet wennen aan de handling, maar ik vermoed dat het voor andere piloten een topvleugel is. De Rev wordt gewoon niet gebouwd in mijn maat, en Combats vind ik te zwaar. Misschien probeer ik ooit nog eens de T2, maar het is irritant dat WillsWing andere maten gebruikt dan alle andere fabrikanten.
Ik ben in ieder geval wild van Fun160, Fun190 en de Fun2, en de Sting3 is een top-intermediate. De Malibu leek me iets te zwaar voor het vrolijke kustvliegen dat je ermee wil doen, maar misschien is dat dan wel weer een betere vleugel als je ermee wil slepen.
practice day
03 januari 2012
Opening
Zelfs ik red het niet meer zonder airco, en morgen wordt het nog heter. 42 graden en stijgend. Alles en iedereen plakt, voeten stinken, overal stikt het van de griezelige insecten. Een grote harige vliegende kakkerlak op m’n kussen, duizenden oorwurmen op de stoep, een donkerbruine sprinkhaan in de wastafel ieks. Je wordt er heel langzaam en heel lui van. Vandaag heb ik niks anders gedaan dan inschrijven, vijf verschillende typen radio’s met Duitse handleidingen op hetzelfde kanaal en tonesquelch programmeren, en me laten masseren door Boris. Vanavond diner en speeches, de laatste aankomers begroeten en griezelverhalen over dusties uitwisselen. Dat, en het gebrek aan tugs, zijn de ernstigste bedreiging. Het weer ziet er goed uit, we zijn allemaal goed ingevlogen en het landschap is fantastisch groen na alle regen die ze hier gehad hebben, dus de bellen zullen groot en rustig zijn.
Gisteren had ik een leuke dag. Ik startte redelijk vroeg, een uur of twee, en aangezien we geen chauffeur hadden vloog ik niet rechtstreeks richting het keerpunt maar bleef ik de asfaltweg volgen. Ook al reed er maar een auto per uur langs, de kans op een lift als ik uit zou zakken was toch iets beter dan vanaf een dirtroad ergens in de velden. Een groepje vloog naar het zuiden, richting cumuluswolkjes, ik ging op m’n eentje het blauw in, zuidwest.
De eerste bellen gingen erg goed en nu ik een Litesport vlieg kan ik ze ook goed vinden en makkelijk centreren. Vanaf 1400 meter ging de airco aan en had ik 3,9 m/s stijg, tot zo’n tweeduizend meter. Genieten van het uitzicht, maar ook heel erg van de vlucht. Ik was zo ontspannen en alleen dat ik veel beter oplette dan normaal, ik had beter in de gaten waar ik de volgende bel zou vinden en hoe de bellen zich ontwikkelden. Ik besloot om ongeveer anderhalf uur door te vliegen, dan de volgende goeie bel omhoog te pakken en daarna om te keren om terug naar het vliegveld te vliegen. Zo gezegd zo gedaan, al moest ik mezelf na die anderhalf uur wel bedwingen om laag om te keren, en ook toen ik na het doorvliegen alsnog m’n belletje vond had ik er moeite mee om gewoon omhoog te draaien, en niet alvast een beetje richting goal te sturen. Heel suf want de kans om goal te halen is natuurlijk een stuk groter met goeie hoogte, maar ik heb een duidelijke drang om er vast heen te gaan. De terugweg was tegen de lichte wind in, en de bellen werden slechter en lager, ik kwam niet meer hoger dan 1600 meter. Ik hoopte in ieder geval de rivier over te komen, zodat ik niet via Forbes zou hoeven terugliften en misschien zelfs kon lopen. Toen ik boven de rivier zat meldde m’n vario dat ik het op glij zou halen, maar m’n eigen inschatting was dat ik minstens twee enorme velden vóór het vliegveld terecht zou komen. Fout, ik haalde het makkelijk en met een heel acceptabele landing stond ik voor de hangar. Heerlijk!
Morgen officiele practice day.



















