21 juli 2024
Registratiedag
19 juli 2024
Pyreneeën
De symptomen van kinkhoest zijn: maandenlang heftig hoesten en kokhalzen tegelijk. Een gezwollen keel zodat je denkt dat je stikt. Hoofdpijn. Spierpijn in je buik en ribbenkast. Lethargie. Domheid. Gebrek aan zin om te vliegen of te zwemmen. Daar komt m’n frozen shoulder nog bij die het geen feest maakt om door de bergen te rijden, al zijn ze nog zo mooi. Dit alles gecombineerd met een paar opvliegers en 36 graden is een bezoeking.
Desalniettemin ben ik dik tevreden met plek 134 in de beste
schaduw van de camping en met een paar prima hangmatbomen. Ik sta naast de
Hongaren en de Belgen. tenminste Atilla Kis en Laszlo niet Atilla Bertok en
Balasz. M'n twee lievelingsDuitsers staan hogerop. Dichtbij het douchehok en zo te horen niet al te veel kleine kinderen. De tent heeft z'n beste tijd gehad, honderden uren uv en storm laten hun sporen na. Elk jaar denk ik nog een keertje, het is zo'n heerlijk ding, maar elk jaar blijkt er weer een onderdeel vergaan. Misschien op de terugweg nog een keer langs de Decathlon.
Over een uurtje ofzo zullen de piloten wel thuis komen en ik neem aan dat er vanavond een prijsuitreiking is. Zoals gewoonlijk de hele top veertig vol met al m’n favorieten. Ik hou van ze allemaal.
18 juli 2024
Navigatie laat me heel west-Frankrijk zien
Zodra ik mezelf had bevrijd uit de Periferiquefiles wilde ik een camping opzoeken. De eerste was dicht, de tweede ook en de naturistencamping die ik daarna probeerde wilde me voor twee dagen laten betalen. Een egaal bruine blote meneer sprong driftig rond om me uiteindelijk te vertellen dat ik goedkoper uit zou zijn in een hotel. Hij zag er uit als een groot kind, dat komt er van denk ik.
Ik vond een meer dan perfecte plek halverwege een heuvel, in een bos, bij daglicht nog net zichtbaar vanaf de weg maar ’s nachts zou niemand me opmerken. Er was sowieso weinig verkeer en terwijl ik m’n tentje klaar maakte hoorde ik een uil, en andere beesten. Geweldig! Ik verheugde me al op een heel vroeg ontbijt tussen de reeen en eekhoorns. Maar rond een uur of een schrok ik wakker van geblaf. Niet een hond die uitgelaten werd want het bleef op één plek, vrij dichtbij. Een wolf. Of een wilde hond, wat nog griezeliger zou zijn. Zenuwachtig zocht ik in de auto naar een wapen maar de krik en sleutel liggen natuurlijk onder stapels bagage en verder heb ik niks indrukwekkends bij me. Met m’n broodmes naast me probeerde ik te slapen, maar het geblaf kwam terug ook al hoestte ik zo dreigend mogelijk in de richting van het geluid. Ik verkaste naar de auto – eskis buiten, passagiersstoel naar achter, dekbedje over me heen en eigenlijk was het best comfortabel zo. Tot de muggen m’n open raam ontdekten.
Dan maar om vier uur weer onderweg, erg jammer van dat ontbijt. Volgens de navigatie moest ik een omweg van enige honderden kilometers maken wegens gruwelijke files bij Orleans of Toulouse ofzo. Ik nam zowat elke afslag om even een hazeslaapje in m’n hangmat te doen, om een nieuwe tent bij de Decathlon te halen want de vorige is weer eens stuk – leuk dat popup maar de baleinen houden het niet lang. Toch maar weer een popup aangeschaft.
Na de file van Bordeaux wilde ik niet opnieuw te laat aan dichte
campingpoorten staan dus ik meldde me al voor zeven uur bij iets wat er uit zag
als een soort Disneyworld in het klein. Gelukkig hadden ze geen plek en moest
ik op zoek naar de volgende. Daar zit ik nu, na een bord friet met sla. Met
wifi, douches zonder munt, een poort die open blijft allemaal mensen die
spelletjes aan het doen zijn. Ik ben nog steeds ziek maar het is wel 35 graden en alles is prachtig.
23 juni 2024
Slapstick
Ik was er zo vroeg dat er nog niemand was en ik m'n vleugel dus alleen van de auto af moest halen. Dat viel tegen, het laatste stukje hield ik 'm niet en liet ik 'm in het gras rollen. Dat is me nog nooit gebeurd, m'n vleugel laten vallen is een doodzonde. Ik word oud en het bevalt me helemaal niet.
Het duurde eindeloos voor we konden starten en toen ik eindelijk uit de dolly kwam schoot ik in een bocht omhoog en brak m'n breukstukje. Ik bevond me op dat moment in een bocht richting het hoge gewas en stom genoeg richtte ik me op, waardoor het al helemaal lastig werd om bij te sturen. Gelukkig had ik ietsje meer hoogte dan ik dacht zodat ik nog net het gemaaide deel bereikte en geschrokken maar heelhuids op m'n wielen neerkwam. Tom bracht me een dolly en snel daarna kon ik een tweede poging wagen. Jo sleurde me half België over, er zat beweging in de lucht maar niks overtuigends, en pas op zes, zevenhonderd meter zwaaide hij me af. Niks. Geen één piep. On-mo-ge-lijk! Er stonden schitterende cumultjes met platte bodems overal in het helderblauw, er was geen wind, het was een uur of twee en ik kreeg niet één meter omhoog. Waanzinnig. Ik landde op m'n buik omdat er geen of rugwind stond en ik probeerde zo snel als ik de boel kon dragen uit de weg te zijn, zodat Tom kon starten (die natuurlijk wel urenlang tegen de wolkenbasis geplakt zat). Dat was ronduit verschrikkelijk, ik was moe had het heet vleugel en harnas wogen een ton en ik moest tientallen meters lopen. Tegen de tijd dat ik achter Tom aankwam bibberden m'n knieën als drilpudding.
Na nog een dubbele boterham en nog een halve liter sap en nog een beetje lummelen kon ik er weer tegenaan, en om vier uur kwam ik opnieuw uit de dolly. Jo zette me af in een vette bel onder een wolk met een basis op 1500 meter, heerlijk. Ik dwarrelde wat rond, ging nog een keer tot wolkenbasis maar daarna vond ik toch niet veel meer, en toen ik de drukte op en rond het veld zag besloot ik te mikken op een landingsslot voor mij alleen. Dat lukte en ik schoof keurig op m'n buik aan Tom z'n voeten, precies goed om meteen naar de auto te sjouwen.
Inpakken, scheurtjes plakken, lenzen uit, de verkeerde baan in de file bij Namen, de verkeerde baan in de file bij Brussel, de verkeerde baan in de file bij Zaventem en toen ik om tien uur thuis kwam moest ik vijfhonderd keer op en neer steken om m'n auto exact in een plek in de buurt te manoevreren. Gelukkig hielp Thomas met de vleugel en terwijl ik de rest nog aan het uitpakken was reed de auto voor mijn deur weg.
09 juni 2024
Drie starts
Jeremy is een prima sleperd en hij is aardig, dus niks op aan te merken. Maar hij is zó vreselijk bezorgd dat hij iets niet helemaal perfect doet, hij wil het iedereen zó maximaal naar de zin maken, dat ie meer druk is met bedenken hoe scherp een bochtje moet en of ik liever in een 5,5 downwind dan een 5 upwind afgezet word, dan met gewoon vakkundig slepen. Hij meent het tè goed. Hoe dan ook, ik ben altijd blij als iemand bereid is me de lucht in te sleuren en het was vandaag gewoon lastig. De wind was meestal negentig graden cross uit noord en dat levert een hoop turbulentie op, zeker doordat het ook een behoorlijk stevige wind was. De wolkjes zagen er verleidelijk uit en Tom pakte mooie lift dus het moest er zitten, maar ik kreeg het niet te pakken. De eerste sleep zwaaide Jeremy me in sink af, hij dacht dat ik de stijg waar we net doorheen waren gevlogen wel zou vinden maar dat gebeurde dus niet. Door m'n inspanningen om niet tegelijk met een motorzwever te landen maakte ik een buikschuiver, ook al geen succes.
Meteen een tweede start erachteraan en toen draaiden we wel gezellig samen naar boven, maar het lukte me toch niet om dat belletje vast te houden. Ik landde mooi en wilde er alweer mee stoppen maar dat lieten de mannen niet toe. M'n harnas werd door de een en m'n vleugel door de ander gedragen en als een rechtgeaarde prinses huppelde ik er achteraan. Maar ondertussen was ik toch wel moe dus toen de dragonfly tientallen meters boven me uitschoot in de bocht besloot ik te ontkoppelen. Het belletje bleek opnieuw te lastig voor me en weer stond ik na een paar minuten op de grond.
Het klinkt misschien treurig allemaal maar dat was het geenszins. Het was gezellig, het was zonnig, en drie vluchtjes na maandenlang rotweer maakten de hele reis goed.
19 mei 2024
Dag weg
Misschien had het allemaal nog veel erger kunnen zijn. Maar dat is vrij onwaarschijnlijk. Ik werd vroeg wakker, minder verkouden dan gisteren maar nog altijd vrij ongemotiveerd. De webcam liet mist zien, maar de meteo-apps gaven wel goeie wind en wat termiek. Na enorm getwijfel en de gebruikelijke weerzin tegen het gesjouw schopte ik mezelf in actie: als je niet gaat vlieg je zeker niet.
Na een gruwelijke file en bijna in Maillen begon het hard te regenen. Ik aarzelde nog twee afslagen maar besloot uiteindelijk dat er vandaag geen lol aan zou zijn, dus ik keerde om. Opnieuw de file bij Brussel in, appjes van Tom dat hij zon zag en uiteindelijk na 450 km kon ik in ieder geval mooi weer voor de deur parkeren. Peter hielp me afladen dus dat leed was nog te overzien. Erger werd het toen de Belgen fotoos begonnen te posten van hun fijne vliegmiddag. Het is niet netjes en niet solidair maar ik ben niet groots genoeg om blij voor hen te zijn.
12 mei 2024
Hemelvaart in Neumagen
Genoeglijk is het woord. Het is eindelijk weer eens warm, we hebben een paar vluchtjes gemaakt en nu zitten we met een biertje te kijken hoe de laatsten landen en afbouwen. Achter ons de Moesel en de groene hellingen, rechts de bomen waar ik me vanavond weer verstop met m’n kleine tentje. Kennelijk is er onlangs politie langs geweest omdat er steeds vaker mensen (niet vliegers) blijven slapen en die laten dan een onbeschrijfelijke rotzooi achter dus nu mag het echt niet meer. Maar het hoort bij de charme van zo’n vliegwiekend om met z’n allen te eten en overnachten op het landingsterrein. Z’n allen, dat zijn in elk geval Ferdi en Karin, de bijzonder aardige mensen die me tien, vijftien jaar geleden opraapten toen ik m’n ribben had gebroken in Bar sur Loupe. Ik schijn gezegd te hebben “wir kennen uns” toen ze bij me kwamen, daar moeten ze nu nog om lachen.
Voor de vriend van Manolo verliep het minder fortuinlijk vandaag. Hij stond zich klaar te maken naast mij dus ik vroeg of hij hulp nodig had, maar dat was niet zo en uiteindelijk stond ik sneller op de start dan hij. Gelukkig, want toen ik eenmaal langs de helling omhoog probeerde te krabben zag ik zijn vleugel onder het vlonder hangen en de brandweer is nu nog bezig om hem en z’n spullen weer boven te krijgen. Voor iedereen die daar achter stond moet het frustrerend zijn geweest want ze konden niet starten terwijl wij met z’n allen heerlijk rond jojoden: rigids, delta’s, para’s, een roofvogel die lang vlakbij bleef en nog een kleiner vogeltje dat mooi de termiek aanwees. Na een half uurtje vond ik het welletjes en ik heb ook altijd graag het landingsterrein voor mij alleen dus ik zette m’n Fun neer. Alweer niet geweldig volgens Tom. Nou ja daarom vlieg ik een enkeldoekertje omdat ik echt goed landen nooit zal leren en ik wil graag stressvrij blijven vliegen.
Morgen wordt het nog beter en daarna kan ik kiezen tussen Hinterweiler of Maillen.
![]() |
| Neumagen - Drohn |
![]() |
| reddingsactie |
Zaterdag
Ik ben verbrand en ik heb spierpijn en m’n auto is een vuilnisbelt. Maar het was helemaal heerlijk vandaag. Ik startte als tweede, nog voor twaalf uur toen de termiek nog erg zwak en verbrokkeld was. Ik had de hele helling voor mij alleen dus ik kon geweldig oefenen. Concentreren, centreren, vogels, niet te dicht naar de helling en niet te ver af, op en neer, blaadjes bewegen, sink, en opnieuw. Na een half uurtje gaf ik het op en landde ik, mijn gebruikelijke te langzaam. Ik kreeg een preek van Helmut de lokale instructeur, terecht.
Thomas bood aan me mee naar boven te nemen maar voor we wegreden knalde een jongen zichzelf een bloedneus en misschien een hersenschudding, dus daar waren we even mee bezig. Goed voor mij want ik had mezelf beloofd laat te starten maar ik ben er nog nooit in geslaagd voldoende geduld te betrachten, dus een uurtje vertraging hielp. De jongen ging het wel overleven en boven kon ik pal voor de start opbouwen. Mag niet van strenge Susanne maar ze hield zich stil. Niemand had trek om te starten vanaf het verraderlijke vlonder dus we kletsten wat, lazen wat, wandelden wat. Primoz kwam aan, die schijnt hier al tien jaar in de buurt te wonen. Net toen ik overwoog om me nou toch maar eens klaar te maken startte hij, vijf mensen er achteraan, toen ik. Ik moest er voor werken maar het ging omhoog, koud zelfs, en ik moest regelmatig naar voren steken om niet te ver naar achteren te drijven met m’n kleine Fun. Al die tijd hield ik de windzak in de gaten en die ging alle kanten op, heel naar. Vervolgens zag ik een hele serie onervaren piloten de lucht in komen en ik had er niet veel trek in om samen met hen te landen, dus ik zocht sink en probeerde als eerste beneden te zijn. Dat viel niet mee omdat ik zo’n zes, zevenhonderd meter hoger zat dan zij maar uiteindelijk kon ik toch mooi op m’n eentje landen en mijn landing was ook nog eens perfect.
Even later kwamen er drie van de beginners tegelijk binnen, op dezelfde hoogte, uit drie verschillende hoeken. Het ging goed maar ik was dolblij dat ik daar niet mee hoefde te dealen. Toen ik ingepakt had kregen we met z’n vijven een lift naar boven en kort daarna zat ik m’n potje te koken. Nu is iedereen aan het grillen maar ik ben al verzadigd en m’n tentje staat klaar.
Zondag
Ik werd lekker vroeg wakker en dat zonder het gebonk van een eindeloos feest. Gisteren had ik een mooi plekje aan de Drohn gezien om te ontbijten en daarna fietste ik nog een rondje langs de Moesel. Iedereen ging vroeg omhoog en Karin startte al helemaal erg vroeg, maar eigenlijk vond ik dat niet zo’n slecht idee. Ik hoefde niet zo nodig lang in de lucht vandaag als ik maar een mooie landing kon maken, en dat lukte. Daarna wandelden we in een uurtje langs de knalgele brem en overal salamandertjes naar boven, pakten beneden de spullen op en in en met een laatste knuffel van Jason stortte ik me de file in. Die was gigantisch maar toen ik uiteindelijk tegen achten een parkeerplekje verderop in de straat vond kwam Patrick naar buiten om me met m’n vleugels te helpen. Alles sehr gute.
28 januari 2024
Eerste vlucht van 2024
De wind was wel negentig graden cross maar minder dan twee meter per seconde dus we waagden het er op. Alleen bleek het veld officieel gesloten toen ik na bijna vier uur rijden aankwam. De zwijnen hebben het volledig omgeploegd en de regen van de afgelopen weken heeft de bodem in blubber veranderd. Alles en iedereen trok diepe sporen in de vettige klei die het starten zwaar en het landen glad maakte. De lucht was doodstil en Jo sleepte me hoog genoeg op om een minuut of tien van het uitzicht te kunnen genieten, maar met die dramatische toestand van het veld vond ik één vluchtje wel genoeg. Ik landde iets te angstig om me te verstappen waardoor ik de neus liet vallen, maar verder was het best ok.
Precies om etenstijd arriveerde ik bij Ropje en Ellen om m'n vleugel te droppen. Na een totale revisie door Noma in 2015 en provisorisch herstel van de schade toen m'n vleugel van de auto viel is er nooit meer iets aan gebeurd. Nou heb ik in al die jaren ook nog geen honderd uur meer gevlogen maar zeven jaar met dezelfde zijkabels is echt te lang. Ik heb steeds de beslissing uitgesteld over de aanschaf van een nieuwe vleugel, revisie van deze en in Australie of hier, omdat ik aan de ene kant nog altijd verliefd ben op m'n Litesport maar aan de andere kant steeds vaker de Fun kies om van een berg af te hollen.
Vanmorgen vroor het nog maar het was schitterend dus ik reed een rondje op m'n gouden fiets. Bijna net zo heerlijk als vliegen en je bent er geen hele dag voor kwijt. Nu m'n rug weer wat meewerkt word ik voorzichtig optimistisch over de kansen om nog jaren buiten te spelen.















