24 januari 2009

Kust

’s Morgens word je wakker van de keiharde rauwe schreeuwen van de cockies en de gala’s. Iets later beginnen de kuckaboora’s te lachen, het klinkt precies als apen. Tijdens het rijden denk je voortdurend dat er een dakdrager los zit of een scharnier piept, maar dat zijn de bellbirds. Eén soort klinkt als scharnieren, een andere soort klinkt als metalen tikken op metaal. Kangaroos zijn per definitie wild maar ik heb er gisteren een paar geaaid, ze wennen aan mensen. En Cameron heeft me beloofd dat ik waarschijnlijk wel walvissen kan zien, hij had niet half in de gaten hoe fantastisch dat zou zijn.
We zijn vanaf MountBeauty eerst naar het zuiden afgezakt, en hebben vanaf Lakeside de kustweg gevolgd. Mooi, Bountystranden en weelderige vegetatie, maar ook wel een beetje saai. Als iemand had beweerd dat het de kust van Florida was had ik het ook geloofd. Heel veel bomen dus weinig uitzicht. Wel stranden zonder andere mensen. We waren al een paar uur onderweg toen Cameron ineens op m’n schoot sprong. Er zat een enorme harige bruine tarentula op z’n stoel. We zetten het allebei op een gillen en het monster verdween in de kier van de riem. Nog zeker een uur bleven we filosoferen over de giftigheid van het beest en waar ie zich verstopt had en wanneer we ‘m weer zouden zien. Opeens stond Camo bovenop de rem, de spin was over de voorruit heen gerend en zat nu op mijn deur. Na een foto werd ie met een slipper weggejaagd, en onze hartslag kon weer naar beneden. Totdat m’n oog op weer zo’n griezelig geval viel, net achter Cameron. Opnieuw maakte een slipper korte metten, maar nou durf ik toch niet meer in de auto te slapen. Waar er twee zijn kunnen er makkelijk meer zijn lijkt me. Gelukkig hadden we gisteravond een feestje bij Curt Warren en Louise, en konden we op de bedbank blijven slapen. Geruststellend, een schoon huis zonder stapels bagage. Vandaag vliegen op Stanwell Park of Nowra, en dan door naar Newcastle. De extra tijd die ik heb hoef ik nu niet meer te gebruiken om een baan te zoeken en een visum te regelen, dus ik kan me het schompes vliegen en bij Airborne bespreken of ze een tweede vleugel voor me hebben, voor volgend jaar. Scoren doe ik toch niet dus dan kan ik net zo goed op een andere vleugel vliegen dan die ik gewend ben.

22 januari 2009

Wedstrijden voorbij


Heather en Mart hebben een prachtig huis met enorme ramen aan drie kanten, ideaal om het gigantische gustfront goed te zien. Terwijl wij stonden te genieten van de waanzinnige windvlagen en bakken regen, stond Cameron de tent overeind te houden en vielen de takken en bomen op caravans en kinderen. Nou ja binnen een paar uur was alles weer droog en gerepareerd. Prijsuitreiking, diner en feest waren tof, Cameron won de sportsmanship award en zat een kwartier lang z’n ontroering weg te slikken. Ik moest natuurlijk weer het podium op als derde vrouw, altijd pijnlijk genant als ik zo gruwelijk slecht gescoord heb. Wat wel weer leuk was dat Heather een Pipi Longstockings boekje voor me gekocht had
Vanochtend de tent inpakken, dat wordt nog een drama want we voelen ons niet helemaal fit en de rotzooi is onbeschrijfelijk.
Het plan is om naar het zuiden te rijden en dan de kust te volgen tot Hill 60 of Stanwell Park, waar we mogelijk overmorgen kunnen vliegen.

21 januari 2009

Waarschijnlijk laatste taak



Gisteren gecancelled, niks mis mee want Gerolf was in een uitstekende bui dus ik heb een hoop geleerd. We hadden het erover om helemaal te vertrekken, de vooruitzichten zijn erg slecht en onze tijd is te waardevol om hier dag in dag uit rond te h angen. Als er nou een programma was van lessen van de toppers, dan zou het anders zijn. Gerolf, Jonny, Corinna en Lukas hebben genoeg te vertellen. Vanmorgen togen we met z’n allen naar Tokumwal launch en ik had me opgegeven voor de alternate launch, dus ik moest als tweede binnen een paar minuten van de berg af. De wolken scheurden langs en de startplek zag er een beetje dodgy uit, bovendien bouwde bijna niemand z’n vleugel op. Ik wel want je weet maar nooit. De winddummy pakte halverwege weer in uit angst om het bombout terrein niet te halen, maar een parapenter startte wel en Cameron vloog ook als dummy. Dat gaf de doorslag en binnen een paar minuten hadden we een taak. De wind op de start, puur rotorige termiek, was heel erg licht en het was bloedje heet. Ik moest lang ingehaakt wachten, helm op, dikke handschoenen aan, m’n hartslag zat op tighonderd tegen de tijd dat ik moest. M’n start was goed maar ik kon minuten lang niet lekker indraaien. Toch won ik hoogte en utieindelijk zat ik utistekend, hoog en een beetje voorop. Gaaf, tot aan het keerpunt vloog ik continu achter Scott, verschillende bellen met Ollie. Ik vloog met de leadgaggle en kwa hoogte en afstand zat ik zo ongeveer op een vijfde, zesde plek. Niet slecht. Ik dacht wel nog, shit, sprogs flink omlaag, fancy Aframe en het blijft potdorie nog steeds hard werken. En ja, hoogmoed komt voor de val. Ik gaf m’n hoogte op alsof ik met geld aan het smijten was, vergat dat je toch wel wat meters nodig hebt om ergens te komen. Ik nam het keerpunt te laag, dreef wel leuk windmee terug op koers maar ik zat al onder ridgehoogte en er stond een pittige noordwestenwind waardoor de bellen moeilijk te pakken waren. Op het tweede keerpunt zakte ik uit. Uitstekende landing in een koeienveld, inpakken op het gemaaide gras voor een camping. Een duik in het riviertje, nadat we compleet waren afgekoeld Phil opgehaald. Uncle Phil (mister Grumpy, pas gelukkig als ie ongelukkig is) zit in de safety committee en hij vond het bijna te ruig om te blijven vliegen. Ik had het wel naar m’n zin, iedere keer weer blijkt dat ik het beter doe in stevige condities. Ik had alleen moeten werken, in plaats van geloven dat het allemaal vanzelf ging vandaag. Nou ja, niemand dacht dat we zouden vliegen vandaag en het lukte toch, geweldig. Er is zelfs nog geen onweer geweest, en de wind pikte wel even stevig op maar verdween daarna weer.
Morgen laatste dag, waarschijnlijk geen vliegdag.

20 januari 2009


Het ene na het andere front komt over ons heen, met snoeiharde wind en onweer als gevolg. Gistermiddag was het nog wel leuk, iedereen dook het gat van Porepunkah in, leuk spetteren in een ideale waterval. Vandaag is het treuriger. Sprogs naar beneden gedraaid, opgemeten, de finesses van de vg-setting besproken. Heerlijke lunch, nu aan het werk. Ik schrijf een artikel over regulering en sprogsettings, Lukas wil het in een youtube filmpje vertalen zodat iedereen snapt waar het over gaat. We denken erover om morgenochtend al op te breken, de kans op vliegen hier is bijzonder klein en onze tijd in Australië is te kostbaar om doelloos rond te hangen.

18 januari 2009

Mount Buffalo


Twee-en-een-half uur gevlogen voor 56 kilometer, jeetje. Ik kan niet eens verklaren waarom ik zo superlangzaam was. Het termieken ging erg moeizaam, het was nogal ruig met een stevige inversie + windshear op 1900. Ik was nog steeds een beetje slapjes, misschien toch dehydration. Mogelijk drink ik teveel water, het spoelt de mineralen uit m’n bloed. Steken sloeg al helemaal nergens op, ik durfde niet meer dan half tot driekwart vg aan te trekken en ik gleed voor geen meter. En dan zat ik ook nog vaak erg laag en dat kost altijd veel tijd, omhoog ploeteren van onder ridgehoogte. Het landschap beviel me helemaal niks, lage brede beboste heuvels en heel smalle volgebouwde dalen. Heel erg weinig landingsmogelijkheden, waarschijnlijk veel wind bij de landing en goeie kans op turbulentie. Op de terugweg van het eerste keerpunt zakte de hele achterhoede uit en ik zette ‘m neer op het beruchte Mystic bomb out veld. Prima landing, het is zo langzamerhand meer een kwestie van zelfvertrouwen dan van techniek. De auto was er al, Cameron was te ziek om te vliegen maar hij pakte wel m’n vleugel in. Belle droeg sapjes en snacks en slippers aan, ik voelde me de prinses op de erwt. Nou ja laat ik er maar van genieten wanneer al die hulp er is, ik land vaak genoeg heel alleen ver van een weg af.

17 januari 2009

Ziek

Het ideale van deze Australische wedstrijden is dat het ver weg is, ik kan gewoon vliegen en plezier hebben. Maar ik had het met Mart over de kernploeg en tja dan achtervolgt de ellende me toch nog. Ik ben kennelijk uit de kernploeg gezet maar niemand heeft het fatsoen gehad om mij te vertellen dat ik er niet meer in zit. Dubbele pijn, ik vlieg de womens worlds dus ik hoor gewoon in de kernploeg, en de manier waarop en de reden waarom (tenminste, ik vermoed dat ik er vooral uitgezet ben omdat Koos van me af wil) is verschrikkelijk pijnlijk. Het was een nacht vol nachtmerries en kotsen, misschien kwam het ook van de lemon pie of Cameron heeft me besmet met z’n griep. Hij is al een paar dagen echt ziek en ik voel me vandaag dus ook compleet leeg, energieloos. Brandende maag en bibberende handjes. Waardeloos, maar het was wel de eerste vliegbare dag met een mooie taak en prima lucht, dus ik ging natuurlijk toch mee naar de start. Ik zakte bijna door m’n knieën op de start maar meestal werkt een vlucht medicinaal, ik voel me vrijwel altijd beter als ik eenmaal vlieg. Vandaag niet. Ik zakte er bijna uit, had er weinig zin in om op het beruchte bomb out field van Mystic te landen, krabbelde weer omhoog en zat op de startcirkel eigenlijk heel goed. Hoog, in stevige termiek, in het midden van het veld. Alleen m’n armen waren pulp, ik had oprispingen en de termiek was behoorlijk bokkig. Ik durfde ook niet te dicht tegen Buffalo aan te kruipen omdat de wind enigszins over de back kwam, maar ik zat op ridgehoogte en had zeker een flink stuk door kunnen vliegen. Vrij plotseling besloot ik om dat niet te doen, ik koos één van de twee landingsterreinen waar al een vleugel stond en cirkelde lamlendig naar beneden. Ik was wel nieuwsgierig bij welke piloot ik ging landen, ik zag dat het een Airborne vleugel was. Het bleek Cameron te zijn waar ik bij landde, nog zieker dan ik. Ik ben bereid om alles te slikken wat nodig is om morgen weer fit te zijn, verdorie ik ging zo goed. Nou ja ik ben zelfs te slap om me er echt druk over te maken.

16 januari 2009

Niet-vlieg wedstrijd


Derde wedstrijddag niet gevlogen. Te harde wind, te vlagerig en waarschijnlijk forse windshear ergens tussen top en bottom. Je wordt er nogal flauw van, iedere dag vroeg opstaan, op tijd bij de briefing zijn, snel opladen en naar boven rijden, opbouwen. Dan uren wachten tot je paars ziet van verveling, hopen op een verbetering. Het werd alleen maar krachtiger en uiteindelijk hield een van de winddummies het niet meer. Hij startte, werd alle kanten opgeblazen, rotorde naar beneden en wist z’n toestel nog net op een fatsoenlijk terrein neer te zetten. Daarmee is de dag dan weer voorbij, voor we helemaal ingepakt en terug op de camping zijn is het vijf uur geweest.

15 januari 2009

Gecancellde dagen


Zelden heb ik zo staan twijfelen op een start als gisteren. Latten erin, latten eruit, een paar keer. Er stond een stevige, vlagerige wind, altostratus boven ons en in de verte een hele rij virga. Maar daarachter blauwe lucht, en het zag er wel startbaar uit. Er waren eigenlijk geen veiligheidsredenen om niet te vliegen, en ik ben na drie rustdagen ook wel erg eager. Wat de doorslag gaf was het vooruitzicht van lang wachten op vliegbare lucht en tijdens het wachten wind en regen zodat de vleugels risico lopen. Net toen ik compleet was ingepakt startte de eerste, en uiteindelijk vlogen er zeker twintig naar beneden. Ik vond het toch niet de moeite waard om weer op te bouwen, dutte de middag weg en probeer tenminste drie bladzijden Reichmann wakker te blijven.

14 januari 2009

MountBeauty



De briefing is uitgesteld tot tien uur, maar het is eigenlijk al duidelijk dat vandaag gecancelled zal worden. Veel te veel wind. Gisteren vlogen we vanaf Mount Emu, practice day. Ik was derde off, deed een genante start in het zuchtje wind dat er was, had minuten lang nodig om controle over de vleugel te krijgen. Ik hing veel te hoog, moest het volume van m’n compeo nog aanzetten en de lucht was heel raar. Het leek me een geval van opnieuw wennen aan bergvliegen, logisch dat de lucht anders is dan in de flatlands, maar na een uurtje worstelen vond ik het in ieder geval niet leuk meer. Ik kwam niet omhoog en ik kwam niet vooruit, het voelde aan alsof ik in rotor aan het termieken was en het leek alsof er een snoeiharde wind stond terwijl m’n instrument zei dat het nauwelijks waaide. Ik landde op het vliegveld en hoorde later van Blenkie dat hij boven de inversie in wave terecht was gekomen. Echt harde wind dus, en het verklaarde het rotorgevoel onder de 2100 meter. Zelfs nu ik vandaag weer een extra hangloopje ophang ga ik toch zeker niet vliegen als het nog harder waait. Het is nu een kwestie van het leukste alternatieve programma met de leukste mensen vinden, wandelen of kayakken of wijnproeven.

Het is mountainbiken geworden. Niks spectaculairs, net een lekkere rit rond Falls Creek. Hoog dus fris, snoeiharde wind. Ik heb liever Nederlandse stadsfietsen en asfalt, maar het was wel lekker om een stuk stevig te fietsen. De teamverhoudingen raken inmiddels ook wel duidelijk. Cameron is altijd vriendelijk, behulpzaam, lief. Steve is witty, een beetje edgy, toppiloot en leraar, hij en ik zijn het meest aan het praten, plagen, taking the piss out of eachother. Phil is pas gelukkig als ie ongelukkig is maar hij is ok, je moet gewoon om ‘m lachen en ‘m z’n zin geven als het toch niks uitmaakt. Ik ben benieuwd hoe het met Belle als chauffeur zal gaan maar wij vier raken wel aardig op elkaar ingespeeld.
Er is een fire alarm dus open vuur is verboden, maar wij proberen toch een barbie te doen. Proberen, want de gasslang knalt iedere keer los en het ziet er allemaal erg gevaarlijk uit. Ik ga maar eens een stukje verderop zitten, waarom kunnen mensen niet gewoon groente eten?

12 januari 2009

Forbes Flatlands afgelopen

Het was nog vroeg maar ik zat in no time op wolkenbasis, overal zesachtste cumultjes met mooie platte onderkanten en hier en daar echte congestus bovenop, zon en wind allebei vanuit het noorden met een taak naar het zuiden, dit kon niet missen. Ik besloot er op m’n eentje uit te gaan en desnoods te vroeg te starten. De enige straf is een forse penalty op je arrival points, dat risico durf ik wel te nemen. Het leek er vrijwel meteen op dat ik uit zou gaan zakken, ik had m’n vinger al op de ptt om Brian te vertellen dat ik binnen de startcirkel zou landen en dus een herstart wil, maar boven de weg vond ik toch genoeg om omhoog te krabbelen. Heel voorzichtig, m’n ogen bijna dicht (helemaal kon niet omdat ik nog te dicht bij de anderen zat), alleen m’n vingers licht op m’n bar en m’n hele lijf stijf gestrekt tastte ik m’n weg omhoog. Het was langzaam maar na enige tijd zat ik toch weer mooi op wolkenbasis, 1600 meter, vlakbij de startcirkel en slechts een paar minuten te vroeg. Ik hoorde Cameron zeggen dat hij op glij ging, ook iets te vroeg dus, en toen ik doorgaf dat ik ook startte realiseerde ik me dat ik er al uit was. M’n compeo gaf het volgende keerpunt niet aan omdat ik te vroeg was, dus ik probeerde met goto goal aan te geven. Met m’n dikke handschoenen op de kleine knopjes douwen werkte niet echt en ik kon het keerpunt ook niet vinden. Uiteindelijk realiseerde ik me dat ik alleen maar de cursor een tikje omlaag hoefde te doen, maar het kwaad was al geschied en ik zat weer honderden meters lager. Deze keer vond ik geen verlossend belletje meer en na 26 km stond ik al aan de grond.
Dit was de dag dat er echt helemaal geen reden was om uit te zakken. Mooie wolkjes, taak downwind, ik voelde me superfit en alle pijntjes en blessures waren onder controle. In gedachten voerde ik een gesprek met Jan: ik vlieg altijd het beste als er iets mis is. Kennelijk heb ik de afleider van pijn of een bocht in de vleugel of hevig turbulente lucht nodig. Helpt dat om m’n aandacht beter te richten? Zodra er ruimte voor is ga ik denken, redeneren, mezelf al op goal fantaseren.
Ik was verschrikkelijk teleurgesteld maar tegen de tijd dat ik in de auto zat was de lucht zwart en zagen we overal regenbuien. Phil stond al aan de grond en een paar minuten later werd de taak gestopt. Daarmee won Blay de wedstrijd, met Jonny tweede. Dat scheelt een hoop voor de Australische ladder waardoor Cameron een kansje heeft om net het nationale team te halen. Die zien we komende zomer dus wel weer in Europa.
Het feest was geen feest, wel gezellig maar het was gewoon veel drinken en kletsen in de kroeg. Geen muziek, geen dansen. Iemand zei dat dat typisch Europees is, dat er gedanst moet worden op een feest. Ik was een gedeprimeerd omdat het alweer over was, het is toch nooit zeker of ik volgend jaar weer kan komen. Veel te laat en na iets teveel drinkspelletjes ging ik naar bed maar ach het hoort er bij om een volle dag te rijden terwijl je je zo brak voelt dat je eigenlijk alleen in bed wil blijven liggen. Onderweg nog even langs de Murrayrivier, handjes schudden en fotoos bekijken van kayakwedstrijden die Cameron lang geleden won.
Nu zit ik te bibberen in onze megatent, wakkergeschreeuwd door de rivercockies. Het schijnt goed heet te worden vandaag en morgen, lekker vliegen dus.

10 januari 2009

Gecancelled


Ik heb nog nooit zulke wolken gezien als gisterochtend. Zevenachtste lenticularis leek het wel, maar daarbovenuit staken de bloemkolen van cumulus congestus. Ik mocht met Peter mee in de dragonfly om de lucht uit te checken. Supergaaf, we staken gewoon recht door de wolken heen om een beetje boven de bedekking rond te toeren op zoek naar nare lucht. Vervolgens zette hij de motor uit en spiraalden we (koud!) terug. Het leek mij allemaal niet overdreven tricky dus ik begon op te zetten, maar niet veel later was er onweer in de verte en er kwam nog donkerder lucht op ons af. Na enige discussie werd de taak gecancelled. Als we hadden gewacht was het wel vliegbaar geworden, maar een grote taak zat er sowieso niet meer in. Jammer want gisteren voelde ik me fitter dan tot nu toe. Nou ja, vandaag dan maar.
Om onze tijd te verdoen gingen we in Parkes de Elvissen bekijken. Er is een groot Elvis festival daar met allemaal dikke ouwe mannen in Elvisoutfit, erg grappig. De sfeer in zo’n Aussie stadje is helemaal goed, gezellig, mensen hebben plezier en ze zijn allemaal al enorm chatty. Een Australiër zal altijd een beetje kletsen met iedereen die toevallig in de buurt is. De caissière, iemand in de pub, degene die achter je staat in de rij voor de flappentap.
Dan met een groeiende groep hangies naar de Chinees. Ook in een serieus restaurant kijkt niemand er van op dat je met een hemd en blote schouders, pet op, de stukken vlees uit je schaal pikt. Je valt meteen op je eten aan en dat moet ook want niemand maakt er een punt van om een tafel tegelijk te serveren. Gisteravond liep het erg slecht, één man kreeg helemaal niet wat hij besteld had en een ander weigerde te betalen. Terwijl we in de rij voor de kassa stonden kwam de kok tegen ons schreeuwen, ze had nog net geen pollepel in haar hand.

09 januari 2009

Forbes Flatlands 2009




Het is best raar, wedstrijdvliegen. Ik zie er niet uit, zit onder de blauwe plekken (landing in de distels), al m’n nagels zijn inmiddels afgebroken en smerig, ik ben gekleurd als een zebra met m’n witte sokken korte broek top en hoed. Alles doet pijn van overbelasting en vermoeidheid. Het is oncomfortabel, zweten en bibberen en pijn in je rug en nek en dorst en een volle blaas, uren in de auto met een houten reet of uren wachten in een veld met gemene mieren en te weinig water. Het kost een fortuin, slokt alle vrije tijd op, beperkt m’n sociale leven. Prestatiegericht vliegen is eigenlijk zonde, ik vergeet soms om te genieten en ik scoor niet eens. En toch wil ik niks anders. Wedstrijden geven de motivatie om alles op alles te zetten voor die ene vlucht waar alles bij elkaar komt, alles klopt. Ik hang op 4000 meter met het mooiste landschap onder me, alles is bereikbaar. De lucht is koel, een adelaar komt naast me vliegen en bekijkt me goed voordat hij achter een wolk verdwijnt. Ik lig in m’n harnas en voel de bewegingen van de lucht. Het moment is de eeuwigheid.
En dan natuurlijk ook: no pain no gain. Het is pas leuk als het moeite kost. Recreatief rondfladderen doet me niet zo heel veel, het verveelt en ik ga nooit tot het gaatje. Toch starten terwijl m’n armen aanvoelen alsof er met een moker op is geslagen. Terwijl het hard werken is om netjes achter de tug te blijven in de pittige turbulentie van wind en dusties. Tien ibuprofens naar binnen werken omdat de tranen anders over m’n wangen rollen van de pijn. Langer in een gaggle blijven dan ik eigenlijk durf, opletten, een uitwijkmanoevre uit m’n tenen halen. Mezelf na drie uur moed inpraten: if it wasn’t a task we would call it an easy. Minuten lang staan te shaken na m’n landing, voordat ik in staat ben om m’n harnas in te pakken en m’n vleugel op te tillen. Met trillende handjes de coördinaten intiepen en even checken waar ik eigenlijk sta, de kick van een mooie afstand. Als ik weet dat ik echt m’n best gedaan heb, maakt het niet uit of ik op goal sta. Het was gewoon supergaaf om er alles uit te halen en misschien beter te vliegen dan een ander, of nog mooier beter te vliegen dan vorig jaar.
Nog twee dagen, dan vakantie bij de Bogong cup.

Zaterdag
Shit gisteren de hele dag niks gedaan en toch nog vergeten om Brians muziek te rippen. Hij heeft meer dan honderd jaren ’70 disco cd’s bij zich, ideaal voor de lange retrieves.
Het is blauw, dat wordt weer vliegen vandaag jippiiiieeee!

Rustdag


Woensdag werd gecancelled vanwege het weer, vrijdag is een rustdag vanwege de begrafenis van Missy, dus het zat er dik in dat we donderdag een megataak zouden krijgen. 270 km. Keiharde wind, blauwe lucht, plafond op 1500 meter. Bobby zette me mooi in een belletje af, en ik draaide meteen met de gaggle mee. Na twintig minuten op en neer jojoen en constant stress van mensen die niet duidelijk binnendoor of juist buitenom wilden, onduidelijke kernen, langzame lift, wist ik zeker dat als ik nog langer in de gaggle zou blijven er uiteindelijk een botsing van zou komen. Ik moest kiezen, terugsteken naar de paddock en herstarten, of op hoop van zegen op koers gaan. Omdat we al zo ver weg waren gedreven deed ik dat laatste, maar er was niks meer. Tweehonderd meter voor de startcirkel landde ik en nog voordat ik m’n rits dicht had was Brian er al om me terug naar de paddock te brengen. Inmiddels was Cameron ook uitgezakt dus het leek mij het handigst als Brian de voorste piloot zou chasen in plaats van op mij te wachten. Als Blenkie of Phil goal zou halen zouden we allemaal het snelst thuis zijn als ze meteen in de auto konden springen en mij dan op de terugweg oppikken. Maar nee, de jongens zijn een pietsie overbezorgd om mij, wat wel heel lief is, dus er werd wel degelijk op me gewacht.
Ik startte de tweede keer heel alleen, iedereen was weg, ingepakt of uitgezakt. Zelfs de leerlingen waren klaar, het waaide veel te hard voor hen. Blano sleepte me naar de maan, superdeluxe ook al is het een aanslag op biceps en handen om zo lang achter een tug te hangen. Op 1500 meter zwaaide hij me af en had ik de hele grote lege lucht voor mij alleen. Mooi zo, kan ik met m’n ogen dicht termieken dat komt goed uit op zo’n lastige dag. Laag vond ik nog een paar belletjes, het leken eigenlijk meer dustdevils. Erg violent en grillig zonder dat ik nou echt serieus hoogte won. De teammaten begonnen iedere keer te praten net als ik een piepje vond, en m’n radio werkt niet goed dus ik moest zien te centreren terwijl er een gillend varken in m’n oren zat. Dat hielp niet dus zesenveertig kilometer later stond ik weer aan de grond, au auwend van de pijn in m’n borstspier. Brian en Camo kwamen alweer aanrijden voordat ik goed en wel was ingepakt, en we reden naar Dubbo om Blenkie op te pikken. Phil stond op goal, ik heb hem nog niet eerder zo blij gezien.

Scores: http://www.moyes.com.au/Forbes2009/Results/Results.aspx
Vluchten: http://xc.dhv.de/xc/modules.php?name=leonardo&op=list_flights&pilotID=0_3047&year=0&country= (klik op het wereldbolletje rechts van een vlucht om de track te zien. Startplaats was niet Manilla maar tja dat verzint de OLC volautomatisch)
Oz report (echte taakverslagen): http://ozreport.com/blog.php

06 januari 2009

personal best

Mixed feelings. Missy, de zeilmaker is dood nadat hij door een dusty werd gegrepen op de eerste dag. Het is zo groen hier na alle regen dat je de dusties niet aan ziet komen, je hoort ze alleen. Er staan ook te weinig streamers in het veld. Vrijdag wordt hij begraven. Ik ga er niet heen omdat ik hem nauwelijks kende en ook erg weinig heb meegekregen van het ongeluk. Heb wel aan hem gedacht tijdens de vlucht gisteren, net als iedereen denk ik. Cameron heeft zich leeggehuild op cloudbase, anderen denk ik ook.
Ondertussen gaat de wedstrijd gewoon door, is de sfeer toch uitstekend, en vlieg ik beter dan ik ooit gedaan heb. 182 km gisteren, m’n personal best (in de results staat 173 km omdat de berekening van een wedstrijdtaak iets anders is dan de werkelijk gevlogen afstand). Phil en ik vlogen grotendeels bij elkaar, maar hij zat voortdurend erg laag en ik bleef bijna de hele vlucht boven de tweeduizend, 3800 meter één keer. Voor het keerpunt zakte ik bijna uit, maar de magie werkte nog steeds: aan je chauffeur aangeven waar je laag zit levert bijna altijd piepjes op. Toen ik vier-en-een-half uur later op circuit draaide kwam Brian aanrijden en tien minuten later landde Phil. Ik kreeg zowaar een felicitatiekus van mister Grumpy!
Midden in de nacht konden we gestrekt en een paar uur later zweetten we onze bedden alweer uit. Weer een dag.

04 januari 2009

Alweer 100 km

Drie keer een vlucht van 100 km in drie dagen, waanzinnig. Vandaag was geweldig, nog nooit ben ik zo snel zo makkelijk naar goal gevlogen. Hoppend van wolkje naar wolkje, constant boven de 2500 meter, op 2900 werd het fris en hoger dan 2950 ging het niet. Af en toe kwam ik een ander tegen, draaide even mee en gleed dan verder. Het kostte geen moeite, geen spierpijn, geen spanning. Toen we gingen opbouwen was het zo heftig, veel wind en vlagerig en af en toe een dusty over de start, dat ik driekwart zeker wist dat ik niet zou gaan vliegen. Toen ik toch die schitterende cumultjes niet langer aan kon zien en iedereen al weg was en de wind plotseling ging liggen ging ik natuurlijk toch, half half verwachtend dat het bizar pijnlijk zou zijn met al m'n verkrampte spieren, maar nee dus het was alleen maar makkelijk en mooi en leuk. Bobby cirkelde een eind met me mee om opnames te maken, gaaf zo dichtbij als hij kan komen zonder enig gevoel dat het griezelig is. Ik vertrouw hem volkomen en hij let wel op dattie uit de weg gaat als ik ineens slip of een surge krijg.
Nu massage, heb ik toch wel hard nodig na de drie-en-een-half-uur gisteren dat ik veel te laag hing en daardoor nauwelijks m'n vg aan kon trekken.

03 januari 2009

Forbes practice day en day 1

Forbes is de allerideaalste vliegwedstrijdplek in de wereld. Het landschap is schitterend, ja kan overal landen en er zijn voldoende wegen voor de retrieve. De lucht is goed, vette termiek maar zelden echt big air, zelden griezelig turbulent. Er staan vijf of zes dragonflies voor ons klaar, de organisatie is na twintig jaar helemaal top, Bill geeft me een compliment over m’n slepen. M’n nieuwe snellere a-frame werkt super, ik vlieg absoluut beter en sneller dan voorheen en dat komt beslist door het frame. Het is wel nog tobben met de hanghoogte en een bocht in de vleugel, waardoor ik overdreven uitgeput ben na pas twee dagen vliegen. Zes uur en twee keer dik honderd kilometer, niet slecht. M’n spieren voelen alsof ik er al een complete wedstrijd op heb zitten, en m’n score is weinig indrukwekkend maar het waren alvast topdagen. Brian onze chauffeur had me al gevonden nog voor ik de vleugel naar de weg had gedragen. Hij rijdt al twintig jaar voor teams in Forbes en hij weet precies wie waar geland is. Plus hij heeft de meest waanzinnige voorraad ouwelullenmuziek bij zich die je je voor kan stellen. Phil (Grumpy) doet z’n best om vriendelijk en gezellig te zijn. Cameron vliegt geweldig en hij weet erg veel over topsport, mentale aspecten en spieren enz. Hij heeft op topniveau gefietst en gekayakt, daar komen al die inzichten vandaan. Blenkie vliegt al meer dan dertig jaar, hij kwam gisteren op goal aan na zeven uur ploeteren. Foutje bij de start. Het is wel langzaam maar wauw wat een effort, bloody indrukwekkend. Ik ben blij dat we Chainsaw er niet bij hebben, lullig om iemand te moeten vertellen dat ie niet welkom is in het team maar met hem erbij zou het een grote irritatie en ongemak zijn.
Ik moet een beetje opschieten. We waren gisteravond pas tegen twaalf uur terug om de gpssen uit te lezen, douchen napraten slapen, dus alle huishoudelijke dingen moeten vanochtend voor de briefing gebeuren. Voer inslaan, radio repareren, tracklog downloaden. Nooit tijd om eens even te lezen maar ach daarvoor ben ik ook niet hier.

31 december 2008

Nieuw jaar

Cameron doet z'n uiterste best om mij aan het vliegen te krijgen, we rijden van hot naar haar, in twee dagen heb ik drie keer m'n vleugel in staan pakken op een startplek. Waardeloos, de voorspelling voor 31 december is niet best en 1 januari rijden we aan. Dat wordt dus weer wedstrijdvliegen met een vleugel waarvan ik niet weet hoe hij vliegt, of de trim ok is, of de sprogs omlaag moeten. Nou ja ik was wel teleurgesteld maar we moesten toch nog een hoop inpakken, auto uitmesten boodschappen doen. 's Middags een uurtje in de ski, een superslanke kayak, geoefend. Het evenwicht houden ging wonderlijk makkelijk, en het is zo heet dat omvallen geen probleem is.
Eind van de middag belde Lesly om te melden dat het on was. Binnen vijftien minuten waren we onderweg naar Crackneck, en ja hoor het was perfect. Toch nog vliegen voor Forbes. De start was nogal stressy omdat ik niet gewend ben aan de dunne scherpe uprights, en op Crackneck moet je ook echt aan het randje gaan staan. Toch goed weg, een uurtje keihoog rondgedobberd en bochtjes draaien en achter de eagles aanvliegen en racen. Ik wilde wel landen maar het strand was nogal vol met mensen, en je moet in een behoorlijke bocht landen ook en er staan grijpgrage bomen aan de ene kant en er is water aan de andere kant. Bovendien kwam ik totaal niet naar beneden, ik bleef maar 360ers draaien tot ik dacht dat het nou toch wel ns zover moest zijn. Eigenlijk zag ik het al meteen toen ik op final ging, veel te hoog, dit werd een major overshoot. Aan het einde van het strand is een soort enorme stenen plaat vol met boulders en gaten en water, helemaal niet goed. Het werd op z'n minst een gebroken enkel en een kapot Aframe, ik wist dat ik van geluk mocht spreken als het niet ernstiger zou zijn. En dan toch he, ik weet niet waar ik het aan verdiend heb maar ik landde precies goed op een minuscuul plat steentje waar ik ook meteen weer vanaf gleed. De enige schade is een krasje op m'n neusplaat.

28 december 2008

Regen

Gisteren was het heet zonnig en droog dus ik ben verbrand, vergat te drinken en tegen de middag stond ik te tollen. Maar wel na een (mini)vluchtje, met de Fun 160 op Brokenback (niet de beste naam voor een hanggliding site). Cameron is super, hij sleept drie vleugels voor me mee zodat ik kan kiezen, neemt alle tijd om me de bomb out fields te laten zien en na mij te starten. Super. Vandaag zou ik erg graag eindelijk m'n nieuwe vleugel eens uitpakken, liefst vliegen, maar het regent. Dan maar kayakken.

27 december 2008

Dag 2 in Oz

Geen vliegen gisteren, te weinig wind. Maar wel praten praten praten jezus ik heb het gemist. Het is ongelooflijk hoeveel je weg kan kletsen over vliegen, jaar in jaar uit. Ik had me niet gerealiseerd dat ik het zo tekort kwam. Begin oktober was m'n laatste vlucht, en de afgelopen maanden probeerde ik me mentaal voor te bereiden op de wedstrijden, maar dat lukte helemaal niet. Ik had het gevoel dat ik niet meer wist hoe een vleugel eruit ziet, alsof ik al jaren niet meer gevlogen had. Maar het komt allemaal snel weer boven nou we erover ouwehoeren, video's bekijken (van Scott met z'n honden die op z'n rug gaan staan met in de wind flapperende oren en van Camerons naaktvliegen toen ie bijna uitzakte op een strand vol keurige gezinnen), vleugels opladen, harnas klaarmaken. Toch een echt vluchtje zou helemaal top zijn.

Gearriveerd

Het is alsof je in een dierentuin ligt, in een volière. Fantastisch, exotische vogelgeluiden en andere beesten en warm en superrelaxed.
Ik ben nog duizelig en raar van de reis maar we gaan zo lekker vliegen. Nog niet op m’n nieuwe vleugel, eerst maar eens even een no brain vluchtje. Zien of de cocktail van chemicaliën, jetlag en slaapgebrek invloed heeft op m’n beoordelingsvermogen. Ach daar had ik toch al nooit overdreven veel van, ik ben gewend om te vliegen met een duffe kop en trage reacties. Als ik maar de lucht in kan.

20 december 2008

Inpakken en bijna wegwezen

Drie borrels achter elkaar, ik heb weer een beetje overzicht van de stand van zaken van m’n leven. Eerst m’n nieuwe baan: leuk, spannend, word ik helemaal blij van. Daarna afscheid van de IVW, enorm warm en ontroerend. Ik heb genoten van alle lof die me werd toegezwaaid, voelde me een pietsie een verrader maar de collega’s lieten me wel merken dat ze me mijn vertrek niet kwalijk nemen. Zalig, stapels boeken kado gekregen (ik had de voorraad die ik van de rekenkamer kreeg zo ongeveer net uit). Gisteravond bestuursetentje, afscheid van drie ouwe getrouwen, het wordt allemaal minder. Het is pijnlijk om te de afdeling onder m’n ogen te zien vergaan, maar ik probeer het maar vrolijk te zien. We hebben mooie tijden gehad. De bestuurscontacten vind ik ook bijna net zo waardevol als die met mede-wedstrijdvliegers. Mensen verrijken m’n leven.
Nou inpakken, het allerallervervelendste onderdeel van reizen. Ik ben aan het dralen, eerst nog even afwasssen, blog schrijven, eerst nog even de krant lezen. Maar nu met het echt want over viereneenhalve nachtjes slapen ben ik weer onderweg, jippiiiieeee!

30 november 2008

Spetteren


Het zou dit wiekend de laatste kans zijn om nog een keer met m’n vleugeltje in Nederland te vliegen voordat ik ‘m volgende week aflever bij Uschi. Maar het is koud en grijs en niemand antwoordde of ze zouden gaan lieren dus ik bedacht gisteravond al dat ik het dan toch maar voor gezien hou. Over vier weken hang ik lekker in een brandend zonnetje boven de oceaan bij Newcastle dus dat komt wel goed. Een paar weken geleden hadden we al betaald voor kaartjes voor Waterdreams, lekker decadent surfbabe spelen. Wij dus eind van de middag naar Zoetermeer om twee uur te proberen langer dan een halve seconde rechtop te blijven staan op een board op een enorme golf. Bij de eerste poging liep ik mijn whiplash op maar zonder enorme nekpijn en blauwe plekken hoor je er gewoon niet bij. No worries dus en na twintig pogingen kon ik zowaar echt blijven staan, tenminste totdat ik actie moest ondernemen om me zijwaarts te bewegen. Dat is voor gevorderden maar ik ben wel al zover dat ik niet iedere keer op dezelfde schouder knal. Laatste half uurtje nog even bodyboarden, heel erg leuk en daar ben ik dan wel weer goed in. De avond vervolgd met lekker eten in Wouters opgeruime (!) kamer, nu gauw de sauna in in de hoop op enig herstel van de spieren.

23 oktober 2008

waarom mensen vliegen

Volgens mij is dit filmpje opgenomen op Mount Magazine, Arkansas, waar ik een paar jaar geleden door een vogel naar wolkenbasis gegidst werd:
http://www.youtube.com/watch?v=cmq1CyvEYr8

18 oktober 2008

Zoutelande


Eén van m’n nieuwe buren bleek lid van de afdeling, en mijn telefoontje bracht hem ertoe om na vier jaar maar weer eens mee te gaan. Ik begreep wel dat hij niet overdreven veel vliegervaring had voor z’n laatste vluchtje van vier jaar geleden, maar ik had toch ook wel de indruk dat hij volledig zelfstandig vloog en redelijk zelfverzekerd over z’n vaardigheid was. Bovendien had hij ooit op Zoutelande z’n eerste vluchtje gemaakt, dus hij had er alle vertrouwen in dat het vandaag zou lukken. Ik wilde hem eerst weghelpen en dan daarna een wandelaar ofzo vragen om mij te helpen, hij was natuurlijk toch behoorlijk gespannen. Het maakte voor mijzelf ook wel weer even duidelijk hoeveel ik vooruit ben gegaan in al die jaren, ik had er een paar jaar geleden toch niet over gepeinst om hier helemaal alleen te gaan starten. Afijn, Rolfs start gebeurde niet. Nog voordat hij z’n vleugel goed en wel oppakte riep hij al ‘los’ en gaf z’n neus een vrolijke zet, zodat hij met een sierlijke zwaai recht tegen het hekje achter ‘m knalde. Leading edge gebroken en spieren in een flinke kramp maar al z’n botten waren nog heel dus ik ben toch maar gestart. Een uurtje lekker makkelijk, hoog, rustig, beetje saai maar het uitzicht is echt schitterend en er waren genoeg parapenters om omheen te slalommen en ik had genoeg hoogte om wat te spelen, in m’n frame gaan zitten enzo. De vloed leek toch wat sneller op te komen dan ik had gedacht dus landde ik al vrij snel, toch weer niet zo perfect als ik me had voorgenomen. Kleinigheidje, toch een lekker dagje zon en vliegen weer.

12 oktober 2008

dagje lieren

Een relaxed dagje Moergestel. Het begon al perfect met Peter buurman die precies op het moment dat ik diep adem haalde om m'n vleugel te gaan opladen naar buiten kwam. Ideaal weer, precies genoeg piloten en een uitstekende lierman, alle tijd van de wereld en geen kabelbreuken, misstarts, stress of dwars overvliegende politiehelikopters. Toch blijft het jaloersmakend om vier keer vlak voor of vlak na Tanno te starten om iedere keer te zien hoe hij hoogte wint en geruime tijd blijft hangen, terwijl ik hooguit m'n vlucht een paar minuten weet te verlengen en gewoon de kern niet weet te vinden of te pakken. Ook landen doet hij heel veel beter, het gaat met mij duidelijk vooruit maar jeetje na vijftien jaar mag dat ook wel eens. Nou ja niet getreurd het was perfect om te oefenen en aansluitend kreeg ik gezellig en lekker eten.

21 september 2008

NK sleep


Tja het was niet echt te verwachten dat het geweldig zou zijn in Stadskanaal eind september, dus het was al heel mooi dat we gisteren een klein taakje konden proberen. Op een paar honderd meter heb ik niet eens minimal distance gehaald, dus samen met een tiental anderen deel ik de elfde plaats. Het was wel leuk vliegen, met Ruud, Ropje en Egbert in dezelfde lift zoeken naar iets wat meer dan 0,5 m/s omhoog ging. Ik ging niet het allerbeste maar ook niet het allerslechtste, wist vrij lang m'n geduld te bewaren, overwoog goed wat m'n volgende actie zou zijn, maar maakte uiteindelijk de fout om te snel te vliegen in m'n zucht naar maximale prestatie. Dat was gisteren nou net niet goed, ik vloog waarschijnlijk volkomen door de kleine en lichte lift heen die er nog was.
Wat het allemaal wel superdeluxe maakte was Nico. Ik kon bij hen logeren, en hij had beloofd allevier de wedstrijddagen voor me te rijden. Dat betekent gezellig en warm de avond doorbrengen, goed slapen in een echt bed, heet douchen 's ochtends en lekker ontbijten, allemaal erg prettig en ook ongebruikelijk. Tijdens het vliegen vervolgens geen afleiding omdat ik nog moet zien terug te liften, dus ik hoef ook niet langs een handige liftweg te landen.
Volgende week de tweede poging, wie weet pers ik er nog een echte mooie vlucht uit.

15 september 2008

Slepen Stadskanaal

Het is altijd extra moeilijk op de mooie dagen. 's Ochtends vroeg in de volgeladen auto, rustig op de weg, de zon die opkomt over witglinsterende velden. Vroeger zat ik dan knorrend van tevredenheid te genieten dat het leven zo goed was. Drie uur op m'n eentje naar Stadskanaal rijden geeft me veel te veel tijd voor heimwee. Gelukkig tref ik dan in Stadskanaal vrienden van lang vóórdat ik ooit Koos leerde kennen, en gelukkig is hij er niet. Met Rinus en Ropje heb ik twaalf, dertien jaar geleden pogingen gedaan om te leren slepen: ik voetstarten met m'n Unootje achter de veel te snelle trike van Henk, en dan maar vol overtuiging mezelf het A-frame in werpen in de hoop dat m'n armen lang en sterk genoeg zouden zijn om eens een keertje achter de tug te blijven. Als dan op zo'n vijftig meter in een gigantische stall het breukstukje knapte en ik met een felle wingover me nog net niet de grond in boorde, kwam Rinus hoofdschuddend toelopen om me te helpen m'n spullen terug naar de start te dragen. Ondertussen leerde Ropje het wel, the hard way. Nu staan we op een echt vliegveld, met gemaaid gras en windzakken en een heuse havenmeester, met goedrollende dollies en snelle vleugels. Terwijl Ropje een uiterst vakkundige dealer, tester en vleugelsleutelaar is geworden en ook nog in de Nederlandse top-vijf (top-drie? top-twee?) scoort, heeft Rinus z'n roeping gevonden als sleeppiloot. Beheerst loodst hij z'n dragonfly/drag and fly door de turbulentie achter de hangars, onvermoeibaar sleurt hij duo's, beginners, voetstarters en alles wat zich maar aanhaakt de lucht in. En ik ben inmiddels ook een paar honderd sleeps verder, het blijft spannend maar ik zie zelf wel dat ik dit spelletje toch heel aardig onder de knie heb. Ook al moest ik gisteren vijfhonderd kilometer rijden voor twintig minuten lucht, dat maakte het zeer de moeite waard: buiten spelen met vrienden en markeren dat ik toch wel wat geleerd heb.

01 september 2008

Superlekker weer in Bruinehaar

De termiek was zwak en de wind sterk dus het was een oefenwiekendje, gezellig. Omdat ik op het veld bleef kon ik eindelijk weer ns met de hele club naar de Wayer, dat was al zeker drie jaar geleden. Opnieuw laat ik me verwonderen door de mannen. Ogenschijnlijk hele doorsnee onopvallende middelbare mannen met een zwaar noordoostelijk accent en dertien-in-een-dozijn levens, maar hun pret en levenslust en blijven spelen maakt ze bijzonder. Ze hebben geen pretenties, geen behoefte om hip en modern te zijn, ze hoeven niet beroemd of geniaal te zijn, ze willen gewoon lol hebben. Waar hoog opgeleide Amsterdammers op hun vijftigste zich druk maken om de vioollessen van hun kinderen, af en toe een concert bezoeken en verder gezapig hun reisjes naar Indonesië boeken, scheuren Jan en Tom in hun rode sportkarretjes door de Achterhoek, maakt Nico sprongen van twintig meter met z’n surfplank en racet Gerard met z’n kitekarretje met tachtig kilometer per uur over de parkeerplaats. Ze hebben allemaal gesnowboard, gewaterskied, gemotorcrossed en ballongevaren. Ze draaien er hun hand niet voor om om op een achternamiddagje even vijftig kilometer te vliegen, en er is altijd wel een ander clublid bereid om in een auto te springen en iemand op te halen. Om de beurt zitten ze een uurtje op de lier, tussen de bedrijven door wordt er wat aan de motor gesleuteld. Ik vind het geweldig, de sfeer is superrelaxed en iedereen helpt elkaar. Natuurlijk is de één nog eigenwijzer dan de ander, libertijnen tot het bot, kan niet anders met mensen die zelf uitmaken welke risico's ze nemen. Ik pas er wel bij, hou er ook van om m’n eigen leven te leiden.

01 augustus 2008

Uitgezakt

Zes uur ’s ochtends, Julia checkt haar vleugel. Ze stak gisteren te laag naar goal, dacht dat ze het net zou halen maar de harde tegenwind viel net een paar meter tegen, ze duwde uit in een boom en pletterde een meter of drie naar de grond. Geen blauwe plekken geen deuken, en precies het soort ervaring dat ze nodig heeft. Ze snapt niet waarom Corinna en Kathleen en Francoise en Natalia zoveel beter vliegen, wat hebben die oudere dames wat zij niet heeft? Ervaring. Julia, 21 jaar en pas drie jaar aan het vliegen, heeft geen idee wat dat is. Grappig om haar mee te maken, ik ben in ieder geval supporter. Ooit wordt ze wereldkampioen, als ze het overleeft. Dat is soms twijfelachtig, maar ze heeft in ieder geval al het talent en de zin en de techniek om super te presteren. De vraag is hoe ze haar ervaring opdoet, en wat ze ermee doet. Ik weet dat je soms zo kan schrikken van iets dat je vanuit je angst gaat opereren, en dat werkt niet.
Dat ik er gisteren zo vreselijk uitzakte had niks met angst of gebrek aan zelfvertrouwen te maken. Gewoon geen goede techniek. Ik ben niet goed in kleine flauwe kerntjes en dan ook nog met allemaal minder denderende vliegers om me heen, ik draaide gewoon slecht. Een uur bleef ik voor de start pielen, kwam nooit hoger dan 1400 en dat vond ik dan weer niet voldoende om naar achter te steken. Dat is dan wel weer overdreven voorzichtigheid misschien, maar ook Camerons les van de dag: what you’re in, is the best you’re gonna get. Blijf in je belletje tot je iets ziet wat beter is, ga niet blind zoeken naar groener gras aan de andere kant van het hek. Het lullige is, dat had ik gisteren prima in m’n oren geknoopt maar het hielp toevallig niks. Toevallig, het was gewoon een ontzettend stabiele dag met een dikke inversie op 1400.
Ik zakte er samen met Anna en haar man, Mirella en Kazachstan uit, kon wel janken. Deed ik ook maar, het helpt niks om te proberen m’n frustratie in te slikken. Gefrustreerd, want anderen kwamen wel door de inversie heen en vijf of zes meiden haalden goal. Ik kan de lucht niet de schuld geven, het was er wel degelijk. Gelukkig was Laura de eerste op goal dus ik kon blij voor haar zijn, en Christine kwam een half uur later, helemaal goed. Ik smste al naar Hans voordat ze op de grond stond, en dat ontaardde weer in druk op-en-neer-gesms. Hans is echt een natuurlijke coach, wat een schatje. Lief dat hij probeert om me per sms nog een duwtje te geven.
Vandaag de laatste dag, shit, geen kans meer om nog een beetje m’n ranking op te kalefateren. Het was een onbevredigend vliegjaar (vorig jaar telt niet, toen lag ik aan diggelen) dus nou weet ik heel zeker dat ik in januari echt naar Australië moet. Ik kan het hier gewoon niet bij laten. Vakantiedagen kopen lukt misschien nog wel, ingewikkelder wordt het met liefjes. Nou ja, ook dat komt wel goed.

31 juli 2008

Dom


Goal halen is vooral een kwestie van geen fouten maken. Ik heb inmiddels het niveau bereikt dat ik m’n fouten herken, dat ik weet wat ik fout doe. Maar ik maak ze nog steeds, vaak dezelfde fout keer op keer, en meestal heeft dat te maken met m’n obsessie met landingsterreinen. En dat wijst dan weer op de belangrijkste asset in het vliegen: confidence. Vertrouwen hebben in je vaardigheid. Weten dat je veilig start en landt en dat je termiek pakt als het er is. Het begint bij mij allemaal te komen maar het gaat langzaam en met ieder moment van angst zet ik mezelf weer terug.
Zo tevreden als ik dinsdag was over mezelf zo dom was ik gisteren bezig. Ik maakte de ene na de andere fout en was vervolgens uren bezig de ellende te herstellen. Vrijwel direct na m’n start stak ik naar de leadgaggle, kwam te laag aan, gleed door naar de westkant en rotorde hard naar beneden. Zo was ik drie kwartier voor de starttijd bezig om te landen, twee kilometer binnen de startcirkel. Nul punten voor de dag dus, en uren op de grond zitten terwijl je de cumultjes overal ziet ontstaan. Gelukkig piepte er iets boven het landingsterrein en de volgende vijf kwartier was ik zwetend en boos op mezelf bezig om weer op wolkenbasis te komen. Dat lukte maar ik dreef wel verder de startcirkel in, dus toen ik eindelijk hoogte had moest ik weer zes en een halve kilometer terug tegen de wind in vliegen. Vooral de laatste vierhonderd meter waren spannend, toch weer diep de bergen in terwijl dat nou juist de aanleiding voor m’n hele avontuur was geweest: ik hou er niet van om zo ver weg van landingsterreinen te vliegen.
Toen ik eindelijk kon starten, bijna veertig minuten na starttijd en helemaal alleen, wist ik in ieder geval wel precies hoe ik zou vliegen. Bovendien had ik Camerons negentig minuten regel goed verwerkt, m’n hele systeem stond op: de vlucht begint pas als je start (de startcirkel doorvliegt).
Brian Porter had een paar dagen eerder uitgebreid zitten zwijmelen over de berg net boven het keerpunt, dus daar vloog ik recht op af. Inderdaad pakte ik daar moeiteloos bijna drieduizend meter. Terwijl ik aan het draaien was kwamen er vier swifts mijn kant op. Ze vliegen echt schitterend, snel en stil en scherp.
Ik wilde even naar het tweede keerpunt en dan weer terug naar deze superbel, en dat lukte ook wel maar deze keer kon ik niet meer zo makkelijk de kern vinden. Evgenya zat een paar honderd meter onder me en ik had natuurlijk op haar moeten wachten, trouwens ik had die paar honderd meter tot de basis ook moeten nemen. In plaats daarvan vloog ik naar het enige wolkje boven het dal, recht boven het landingsterrein waar ik eerder ook al gered was. Het werkte ook wel maar niet echt hard of hoog, en ondertussen zag ik twee flexies op goal staan en nog drie meisjes vanaf het laatste keerpunt aan komen steken. Ik moest nog twee keerpunten, dat wrijft er wel in hoe langzaam ik ben. Vanaf dat moment ging ik echt helemaal de mist in, ik verliet m’n belletje nogal laag omdat ik dacht dat de berg wel zou werken, de wind was inmiddels zuidwestelijk geworden en de zon had er al een tijd op gestaan. De berg werkte helemaal niet, en boven de top aangekomen wist ik niet goed waar ik het zoeken moest. Ik zag wat vrijvliegers starten (oost!) en vloog erheen, maar ze hielden hun cirkels niet vol en samen zakten we er, in stevige noordoostenwind, op het vliegveldje uit. Ik snap nog niet helemaal hoe de wind zo tegengesteld in die twee dalen kan zijn en dan toch geen lift boven de ridge vinden, kennelijk stond het echt parallel aan de ridges en zakte ik er daarom ook zo snel uit boven de ridge.

29 juli 2008

Uitgezakt




Ik ben moe en ik heb minimum distance, maar ik ben toch tevreden. Anderhalf uur geknokt en net als de meeste anderen uitgezakt nog voor de startcirkel. Maar ik hèb geknokt en ik heb steeds meer zelfvertrouwen, ik weet dat ik termiek kan vinden en als ik een belletje vind dan kan ik het ook pakken. Ik ben nog steeds een beetje gaggle shy, niet altijd maar op dit soort dagen is het behoorlijk griezelig. Niemand komt goed omhoog, het niveau van de piloten is erg verschillend en voor je het weet zoeft iemand vlakbij langs en moet je een heftige bocht maken om haar te ontwijken. Na een tijdje van dat gedoe boven de ridge vloog ik het dal in richting een wolkje, maar halverwege loste het op. Toch vond ik wel wat en het volgende uur was ik continu bezig om lift te zoeken, omhoog te werken, uit te zakken tot honderd meter boven de grond en weer opnieuw omhoog te werken. Vermoeiend, spannend, maar een goeie oefening en de meisjes boven de ridge gingen ook nergens heen. Uiteindelijk begaf m’n concentratie of m’n doorzettingsvermogen het, en landde ik bij Linda Salmone, samen met Uki uit Japan en Moniek Werner.
Camerons les was dat iedereen het 90 minuten volhoudt, makkelijk, dat is zo ongeveer de natuurlijke termijn. Daarna wordt het moeilijk, en dat is nou juist de clou: zorg dat je ook drie uur, vier uur, kan vliegen. Maak het normaal om drie uur te vliegen. Bovendien: if it was easy, it wouldn’t be called a task. Het helpt me om te bedenken dat ik na anderhalf uur eigenlijk pas aan de taak begin.
Morgen wordt het de beste dag zegt iedereen, dat zal dus wel een lange taak worden. Ik begin zo langzamerhand behoorlijk moe te worden, m’n rug doet pijn, ik slaap te weinig, en het is vandaag erg heet en vochtig. Maar ja, if it were easy anyone could do it.

We hebben het goed met ons kleine internationale teampje. Cameron is grappig, heeft ons een hoop te leren en altijd behulpzaam. Katarina is vreselijk lief en gemakkelijk, en net zo gek van vliegen als wij. Ik vind het wel ontzettend jammer dat iedereen verspreid in verschillende hotels en campings zit, ik zie Christine nauwelijks en ook de andere meiden zitten allemaal in enorme nationale teams met tig rigid jongens. Jammer maar met z’n drieën hebben we het nu wel super voor elkaar. De auto is eindelijk klaar, Katarina zit in een goed ritme met een vluchtje ’s ochtends en daarna een lift naar boven, Yvon rijdt de auto naar beneden zodat ze nog een keer kan vliegen en wij landen meestal niet overdreven ver weg.

Roofrack




Cameron is bijna klaar met de neussteun, jeetje wat een werk. Als het gewoon m’n eigen auto was geweest had ie kunnen boren en timmeren maar dit is een huurauto en ook nog eentje met een bijzonder onpraktische voorkant. Ik schat dat het inclusief shoppen een uur of acht werk is geweest, maar dan heb je ook wel de mooiste neussteun van de wedstrijd. Hopelijk hebben we het ook nog nodig, vandaag weer een gecancellede dag.

De wind was behoorlijk hard maar het was nog net te doen, spannender waren de dikke cumulussen om ons heen. Ik probeerde met de gaggle mee omhoog te draaien maar het was een zootje, de lucht gaf her en der ongeorganiseerde korte felle bubbeltjes en een groot deel van de tijd zat ik ook nog naast de berg, niet erboven. Ik had enorm last van wat Cameron gaggle aversion noemt, ik ben wel tien keer van de groep weggevlogen om ergens anders m’n eigen lift te vinden. Dat kan ik dan wel weer goed, maar tja iedere keer als ik mooi omhoog kwam stormde de hele groep op me af. Cameron was inmiddels aan de lijzijde geland en volgens hem viel het wel mee met de turbulentie, bovendien was er een flinke regenbui in de richting waar we zouden moeten landen als we er noord uit zouden zakken. Mijn plan was om maximale hoogte te maken en dan in het dal van Sigillo te landen, maar met die griezelige gaggle zat het er niet in om wolkenbasis te bereiken. De enige keer dat ik op wolkenbasis zat was het 1500 meter, absoluut niet genoeg om me in de rotor te storten. Uiteindelijk gaf ik op en keerde ik naar het noord landingsterrein. Twintig seconden na die beslissing hoorde ik op de radio dat de taak gecancelled was. Ik heb kennelijk beter inzicht dan ik me bewust ben.

27 juli 2008

Weer goal




Goal again! Het was een erg kort taakje en de omstandigheden waren veel beter dan verwacht, en ik kwam een uur na de eerste binnen (17e) en ik was overdreven moe, maar toch maar toch, twee keer op een rij. Gaaf. M’n linkerdij is weer killing, ik moet echt leren om te ontspannen; ik termiek nog steeds niet optimaal, anderen gaan sneller omhoog en hoger, en ik vlieg nog steeds te laag van de ridge weg terwijl ik weet dat ik verderop aan de grond zal staan, maar er zit ook echt vooruitgang in. Ik maak me niet meer echt druk om gaggles, ik steek lager dan wolkenbasis naar goal, ik gebruik vrijwel de hele vlucht McCready en ik steek vrijwel altijd met vol vg. That being said, de startgaggle gisteren was verschrikkelijk, precies op mijn hoogte draaide een masttoestel linksom en de bellen waren te klein om ergens anders te gaan zoeken. Ik sprak haar ’s avonds aan en ze verontschuldigde zich, ze vindt rechtsom draaien zo moeilijk! Dan moet je niet aan een wedstrijd meedoen zou ik zeggen. Het was echt levensgevaarlijk en het had me de taak kunnen kosten. Gelukkig vond ik verderop toch nog weer een belletje, en een beetje achterop hobbelend en af en toe laag, draaide ik na twee uur en twee keerpunten weer met Jamie naar wolkenbasis. Alleen stak ik naar het laatste keerpunt, zoals verwacht zakte ik er bijna uit maar ik wist echt niet hoe ik het beter had kunnen doen. Hans zou zeggen dat ik sneller had moeten vliegen zodat ik niet alleen was, zodat ik had kunnen zien waar de lucht beter was. Is waar natuurlijk maar ik kan niet sneller. Ik moet aan m’n techniek werken en ook beter m’n koers bepalen.
Ik zag een paar kilometer noord van het keerpunt een klein wolkje, het zag er niet zo heel veelbelovend uit en ik meldde al dat ik ging landen, maar verdomd het werkte perfect en rustigjes draaide ik weer omhoog. Toen ik zeker wist dat ik goal zou halen (een paar honderd meter te hoog dus dat kostte weer dure minuten) stak ik erheen, en jawel opnieuw was ik er weer. Het begint al bijna gewoon te worden (wish wish).

Vandaag vliegen we niet vanwege de wind, zelfs hier op het hoofdkwartier waaien we bijna weg. De derde dag al, de hele dag op de berg zitten wachten, dan in belachelijk harde wind afbouwen met alle risico’s voor de vleugels, en uiteindelijk hebben we dan geen dag meer over voor een alternatief programma. Dat is wel een groot nadeel van de MteCucco, die eeuwige wind en de griezelig kleine landingsterreintjes. Kabels, rollen stro en hellingen overal. Maar niet klagen, in de lucht is het schitterend. En het is weer bijzonder gezellig, anders dan vier jaar geleden maar toch wel bijzonder met dertig meiden.
Results op de officiële pagina: http://www.cucco08.org/results.php


25 juli 2008

Womens worlds

Met stijgende hysterie zit ik op m’n vervangauto te wachten. Vier dagen continu heen en weer bellen met de ANWB, wachten op de sleepdienst, wachten op telefoontjes, wachten op een beslissing over repareren of slopen. Ik probeer de hulpdienst uit te leggen dat ik niet beschikbaar ben voor het zetten van handtekeningen tussen half negen en ’s avonds laat, maar de Italianen die de auto moeten komen brengen werken alleen op kantoortijden. Nou ja, het had nog erger kunnen zijn, ik had niet verzekerd kunnen zijn.

Gisteren taak 1. Ik stond ingehaakt achterin de launchrij nog te bellen met de ANWB. Wij startten na de swifts en de rigids, en het belletje voor de start was inmiddels zwak en klein geworden. Ik stak er middenin, draaide meteen rustig omhoog en eigenlijk was ik behoorlijk tevreden over mezelf. Geen stress van de anderen, geduld, en technisch deed ik ook iets goed want ik steeg beter dan de meesten. Meestal ga ik dan fouten maken, nu ook. Ik zag er twee omhoog draaien aan de westkant van de start en ik stak ernaar toe. Te laag. Ik rotorde zo hard omlaag dat ik bedacht dat ik geen auto nodig had maar een rescue. Gelukkig draaide een van de Japanners hard omhoog op mijn route naar een landingsterrein, en in no time zaten we op wolkenbasis. Met z’n tweeën raceten we naar het eerste keerpunt, ik kwam mooi hoog aan, maar daarna moesten we tegen de wind in en daar ga ik altijd de mist mee in. Ik koos de routen dwars over het dal omdat er overal wolken stonden, maar dat bleek toch niet te werken dus snel daarna stond ik aan de grond. Het bejaarde echtpaar waar ik landde was het vriendelijkste landingsteam dat ik ooit heb meegemaakt. Ze droegen m’n spullen naar een mooi gemaaid gazonnetje langs de weg, ik kreeg te drinken. Katarina was er in no time, en we hadden Cameron vrij snel gevonden.

Taak 2: Goal
Mijn doel voor dit jaar is om tenminste eens per wedstrijd goal te halen, en dat is erg mislukt tijdens de EK en de pre-WK dus ik ben helemaal gelukkig dat ik er gisteren stond. Eén van de leukste dingen van goal halen is Flip op me af zien rennen om m’n vleugel te dragen. Geweldig. Het was maar een kort taakje en bijna alle meisjes hadden goal, maar toch het is een goed gevoel. Bovendien heb ik toch zeker vier keer knijp gezeten, één keer bij Gubbio was ik echt bezig te landen.

We hebben een vette auto, nou nog dakdragers. Cameron is aan het shoppen maar het zal niet meevallen om iets te fabrieken wat de auto niet beschadigt. Ondertussen probeert Katarina ’s ochtends en ’s avonds nog wat vluchtjes te proppen tussen het bergop rijden en retrieve, dus de logistiek is een puzzel. Het makkelijkst zou het zijn om gewoon weer op goal te landen ;-)

20 juli 2008

Wind


Rustigjes alles zo’n beetje georganiseerd, auto klaar gemaakt voor Katarina, nog voor de lunch naar boven. Gaat bijna niet met een halve motor, maar ja. Boven stond een halve orkaan dus ik liet de vleugel lekker op de auto liggen, ook al waren er enkeldoekertjes in de lucht. Normaal zou ik zeker moeten kunnen vliegen als zij het kunnen, maar in de loop van de middag bleek dat zij het niet konden. Eentje dreef laag over de start naar achter, een paar mensen begonnen te rennen want het was zo ongeveer wel zeker dat hij zou verongelukken. Een uurtje later moesten we inderdaad even stoppen met starten vanwege de helikopter, maar uiteindelijk blijkt dat hij in een boom is geland en niets mankeert.
Cameron bouwde met veel moeite op, en startte. Hij is een natural, maakt zich nergens druk om, voelt de lucht goed aan en gaat gewoon. Geweldig. Ook erg leuk om mee te maken hoe enthousiast hij is om in Europa te zijn en om in Italië te vliegen, dat maakt mijn skepsis over de MteCucco ook een stuk minder.
Met Laura uit Argentinië zitten kletsen, leuk om te horen dat veel andere piloten ook hun leven inrichten rond het vliegen en ook hemel en aarde bewegen om te kunnen wonen in een goed vlieggebied. Alleen was het haar ook niet gelukt om een visum voor Australië te krijgen, ze woont nu in Zwitserland.

Italië

Het is pokkever van Nederland naar de Monte Cucco, en ik reed ook meteen verkeerd omdat ik vind dat ik beter navigeer dan een tomtom maar dan moet ik wel een kaart bij de hand hebben natuurlijk, maar het verliep toch wel enorm voorspoedig. Alleen is het de vraag hoe lang m’n motor het uithoudt, hij slurpt een liter olie per uur dus dat kan zo maar ineens afgelopen zijn. Ik voel me als milieumens ook wel een enorme viezerik met zo’n rokende motor, maar tja een alternatief om in Italië te komen was er niet. Voor de terugweg maken we ons minder zorgen, het wordt gewoon bedelen om een vervangauto met roofrack.

Nadat we de tent hadden opgezet was het te laat om in te schrijven of naar een autozaak te gaan, dus gingen we maar vliegen. Cameron had zijn nieuwe Atos VR nog nooit eerder opgebouwd of gevlogen, dus dat kostte wat tijd. Ondertussen kon ik gezellig iedereen begroeten, een aantal mensen die ik drie weken geleden nog gezien heb in Frankrijk, een aantal bekenden van de womens worlds van vier jaar geleden en ook weer wat nieuwe gezichten. Ik hielp er een paar de berg af (bij laag starten kwam de wind mooi van voren maar bovenop gaf het vaantje rugwind aan), bleef voor de morele steun bij Cameron (die dat niet echt nodig had, echt een natural) en startte zelf helemaal alleen. Dat geeft toch een kick, dat ik steeds minder hulp nodig heb.
Het ging fantastisch omhoog, wel een beetje chaotisch met net aangekomen wedstrijdpiloten, rigids en vrijvliegers en ikzelf met m’n ogen vooral op de camera gericht, maar supermooi weer. Langs de lagere wolkjes omhoog zonder er iets voor te doen, beetje ronddarren, daarna toch maar vroeg naar de landing omdat ik me wel flink moe voelde na de lange reis. Toplanden durfde ik niet aan omdat er een kudde koeien precies op het landingsdeel stond. No worries, beneden wachtte Tim me al op om me naar de auto te rijden. Tim is een schatrijke Amerikaan die z’n tijd graag verdoet met dienstverlenen aan sportende vrouwen. In Greifenburg was ie er ook al om ons te verzorgen, heerlijk.
Met de komst van Katarina is ons team compleet. Vandaag nog een beetje vaag rondfladderen, morgen en overmorgen officiële practice days, en dan de wedstrijd. Ik heb er ontzettend veel zin in.

14 juli 2008

Lieren


Cameron (m’n Australische teammate) kwam zaterdag om half zes aan, en binnen een uur na thuiskomst lagen we al onder de auto om te bekijken hoe er een goed roofrack op gemaakt kan worden. De rest van de dag fietsten we door de stromende regen langs alle Haagse ijzerhandels.
’s Avonds zag ik op de chat dat het er goed uitzag voor zondag, en Cameron vond het niet erg om voor me te chauffeuren, dus togen we gisteren naar de andere kant van Nederland voor een lierstartje. Het leek even te gaan overontwikkelen, tijd genoeg dus om wat te ouwehoeren met Dave die binnenkort naar Australië verhuist en Rob die Cameron inwijdde in de do’s and don’ts van het vliegen met een Atos VR. Na anderhalf uur zag het er niet gevaarlijk meer uit. In twee trappen zat ik op 800 m, tegen de wind in stekend naar een mooie wolk verloor ik wel weer de helft maar uiteindelijk pakte ik toch een mooi belletje dat me naar de basis op 1350 bracht. Ik overwoog om met de wind mee Duitsland in te vliegen, Cameron zou toch rijden. Maar we hadden een eetafspraak en hij moest nog erg wennen aan het rechts rijden, en zoeken, en we hadden geen radio of telefoon, dus het leek me beter om te proberen in de buurt van het veld te blijven. Uitstekende oefening, tegen de wind in steken, crosswind koers bepalen, belletjes zoeken in plaats van er domweg in mee te drijven. M’n tweede belletje draaide ik met drie havikken omhoog, ze zaten vlakbij en ik kon ieder veertje en pluisje zien. Ze vlogen om me heen alsof ik een willekeurig obstakel was, soms bijna onder m’n vleugel door.
Na een uurtje landde ik bij Almelo, gelukkig op m’n voeten op een vers gegierd veld. Camo was er al voordat ik de vleugel ingepakt had, ook dik tevreden over een interessant dagje.

07 juli 2008

Afgelopen

Moe en een pietsie bedroefd en niet helemaal voldaan. Nou ja, het hoort erbij, slecht weer kan altijd. Maar toch, vier weken, twee potentieel fantastische wedstrijden, en dan zó verschrikkelijk weinig vliegen en zó verschrikkelijk slecht scoren, dat valt toch wel zwaar tegen. Ik heb denk ik wel weer veel geleerd, veel gepraat met en geluisterd naar toppiloten die me zoveel kunnen vertellen over hoe ik beter kan presteren, sowieso boeiend. Met m’n tips wat hoger blijf ik makkelijker in de termiek, een aerofoil a-frame maakt enorm veel uit in prestatie, ik moet echt met McCready vliegen en sowieso heel veel sneller vliegen, zoek veel bewuster de betere lucht op, altijd, weet waar je heen vliegt dus bekijk de keerpunten goed voordat je start, enzovoort. Nog voldoende te verbeteren.
De laatste dag hadden we gelukkig nog een taak, zij het een hele lastige. Het was erg stabiel, er woei een harde noordwestenwind en de basis bleef vrij laag. Vanwege de ordered launch mocht ik pas als één van de laatsten de berg af, geen probleem dit keer omdat de gaggle boven de Chabre er griezelig uitzag en ik daar zo min mogelijk tijd in door wilde brengen.
Na m’n start ging ik best goed omhoog, maar op een gegeven moment werd het me toch teveel in het langzame belletje met ongeveer tien andere, niet zulke goeie, piloten. Ik maakte m’n klassieke fout door zomaar weg te vliegen, weg van de berg, weg van de termiek, en natuurlijk zakte ik er bijna uit. Heel laag vond ik een zwak belletje waar ik me gelukkig goed op kon concentreren omdat ik er alleen was. Ik kon met m’n ogen bijna dicht en het sinkalarm uit toch weer omhoog, maar het kostte wel 51 minuten om weer op wolkenbasis te komen, 2200 meter. Zo’n moeilijke low save in het begin geeft dan weer wel het gevoel dat ik verder alles aankan, dus vol vertrouwen begon ik aan de taak. De meesten waren al weg dus ik vloog alleen, ik had geen idee wat de beste route was om van het eerste naar het tweede keerpunt het brede dal over te steken. Ik vertrok op 2300 meter van de Chabre en kwam zo’n 100 meter boven het zweefvliegveld bij de Hongrie aan, no chance. Met 31 km stond ik op de grond. Veel te weinig gevlogen en veel te slecht gepresteerd, maar ik heb wel vier weken schadevrij gevlogen, ben alleen maar op m’n voeten geland, en heb mezelf weer even goed geconcentreerd op het starten. Dat is toch allemaal winst.

Onze chauffeur Jemaila organiseerde de terugreis zodanig dat ik met Shedzy en Laurent kon terugrijden. Gezellig, relaxed, en een mooie laatste kans om nog wat tijd met hem door te brengen. Zaterdagavond logeerden we bij pa Thevenot in Dijon, zonder meer paradijselijk. Stilte, bos, landingsterrein naast het huis, binnen- en buitenzwembad en koele ruime kamers. Gerard liet ons de airbagvesten zien waarmee hij bezig is, we keuvelden over debiele regelgeving en de Europese Unie, kookten met z’n vieren en genoten nog een laatste avond van de totale afwezigheid van iets moeten.
Vanmorgen afscheid van Dave, jammerjammerjammer dat hij zo belachelijk ver weg woont, Liverpool, we zullen elkaar zeker een jaar niet meer zien en in de tussentijd vindt ie wel een vriendin lijkt me. Veel later dan normaal naar kantoor, waar ik zit te tollen van de slaap en waar ik het nog helemaal niet op kan brengen om me op toezichtarrangementen en luchtverkeersleiding te concentreren. Eerst maar ns even de vakantie verwerken, beetje bijpraten, mails doornemen. Morgen de hele dag vergaderen, dan zit ik er wel weer goed in.

03 juli 2008

slecht weer


We hebben gisteravond flink ons best gedaan om het weer goed te drinken, maar de kater is niet erg genoeg, het weer is slecht. Wel gezellig, Cornelia's gitaar ging rond en zelfs Egbert en ik kweelden mee. Een van de Ieren, Fran, heeft een superstem. En Shedzy kan niet echt zingen maar dat vind ik juist heel schattig, ineens wordt ie verlegen.
Vandaag dan maar een beetje computeren, lezen, slapen. Morgen de laatste dag, ik sta nu op de 110e plaats en zelfs als ik morgen helemaal super vlieg blijf ik toch helemaal onderaan de scorelijst hangen. Tja. Het doet er niet echt toe, maar het voelt toch niet echt leuk om laatstes te zijn. Gisteren zat ik er weer goed voor, lekker hoog en relaxed en ik wist goed waar ik mee bezig was, maar toch rotorde ik direct na het eerste keerpunt in de keiharde zuidenwind naar beneden, achter de St.Genis. Fout: me niet aan één beslissing houden maar een slingerende koers volgen. Zoals Hans zei, beter recht op een foute koers dan rondmeuten en hoogte verliezen zonder dat je ergens heen gaat.
Ik stond bij Jezus (Antoine) in het veld, en hij werd zowaar communicatief. Wat een beetje uitzakken al niet doen kan... Later landden Jiri en Egbert nog bij ons, gelukkig, ik ben niet de enige die uitzakt.

01 juli 2008

opnieuw gecancelled

Ropje heeft m’n tips één gaatje omhoog gezet, en verdomd zeg nou vliegt ie weer fantastisch. Ik zet ‘m in een bel en kan verder om me heen gaan kijken, net als m’n eerste Litespeed draait ie vanzelf omhoog.

Nou was het ook wel belachelijk makkelijk, in het westen zat een dik onweer met regen en bliksem en overal ontwikkelden griezelige verticale bloemkolen. Ik startte toch nog laat omdat ik net een paar minuten voor de start open ging eruit dreigde te zakken, terwijl ik een uur op wolkenbasis had rondgedard. Tegen de tijd dat ik bij het eerste keerpunt aankwam was het onweer er ook bijna, dus ik pakte geen maximale hoogte maar maakte dat ik wegkwam naar de St.Genis. Daar had ik de mooiste bel van de dag, en op een riante 2600 meter begon ik net het dal in te steken toen er over de radio werd gemeld dat de taak gestopt was. Het onweer was inderdaad nogal groot en dichtbij en boven het tweede keerpunt groeide ook al iets naars. Hoe dan ook, dit was mijn eerste keer boven de St.Genis en ik vond het schitterend. Het hele dal was bereikbaar, ik kon makkelijk naar de camping of juist naar de Hongrie of naar Gap. Dàt is waarom ik vlieg, voor dàt gevoel, die totale vrijheid.

Jammer om niet op de camping te landen, maar terwijl ik ernaartoe stak werd er over de radio dringend opgeroepen niet naar de camping te komen, vanwege het onweer. Terwijl ik dan maar richting Gap stak, zag ik weer zon bij de camping dus besloot ik om toch maar daarheen te vliegen. Vervolgens meldde Ropje dat hij in een flink gustfront had moeten landen, dus weer omgedraaid en dan toch maar richting Gap.

Vanavond pizzafeest in Ribiers, de competitors hebben bonnetjes dus ik hoef weer niet te koken.

niet veel vliegen

Het weer blijft naadje, wel heet en droog gelukkig maar met vliegen is het niks en wordt het niks. Vandaag stond ik twee uur ingehaakt, met truien aan en handschoenen en m’n helm op, te wachten tot ik zou kunnen starten. Ondertussen ontwikkelde zich een flink onweer niet ver naar het zuiden, richting het tweede keerpunt. Toen er nog zo’n vijfentwintig piloten op de berg stonden werd de taak gestopt, iets na het eerste startgate, dus effectief gecancelled. Laurent en ik stonden op de top en draaiden ons meteen om, om perfect op noord te starten. Ik vloog rechtstreeks naar de camping, had eigenlijk nog een beetje willen termieken om te voelen of het nou beter is met m’n tips een gaatje omhoog, maar er zat helemaal niks aan de noordkant. Een perfecte landing, het begint een gewoonte te worden! Fantastisch, ook al vlieg ik weer als een krant voor het eerst in vijftien jaar begin ik echt consistent goed te landen. Ooit zal ik er nog lol in krijgen ook.
Dan maar met Shedzy naar de gorge, nog een paar keer van de waterval afspringen, onze langdurende flirt voortzetten en nog wat bruiner worden. Thuis eten met Hans en de Argentijnen, en Mario met z’n mooie ogen.

Dinsdag
De vooruitzichten zijn niet best, dus ik zal niet veel kans meer krijgen om m’n slechte score nog te verbeteren. Dan maar concentreren op techniek: beter termieken en goed landen.

29 juni 2008

verbeteringen

Eén van de mooiste dingen van het vliegen, en zeker van het wedstrijdvliegen, is dat je eindeloos kan zitten puzzelen om te achterhalen waar je fouten zitten, hoe je het beter kan doen, en dat er piloten zijn die de kennis en ervaring hebben om mee te denken en die ook willen helpen. Uren praten over uitzakken, hoe komt het, wat kan je eraan doen? Is het mentaal, is het technisch, hangt het samen met m’n stijl? Is later starten een optie, of mediteren, of werken aan m’n techniek?
Die van gisteren begreep ik echt niet, opnieuw start ik juist beter dan anderen, dan mis ik één slag, en vervolgens ploeter ik nog een half uur onder starthoogte totdat ik er gefrustreerd en doodmoe uitzak, terwijl de mensen die samen met mij in dezelfde bel zaten omhoog schroeven en de taak uitvliegen. Wat ik in ieder geval weet is dat het belangrijk is om zelfvertrouwen te hebben, en dat verlies ik heel snel met dit continue ge-eikel.
Maar met Ropje en vanochtend met Hans ben ik er uiteindelijk geloof ik wel achter hoe het zit. Ik heb een aardig beeld van de bel, weet waar die is en hoe die eruitziet. Waar ik helemaal geen flauw idee van heb is mijn eigen positie en beweging ten opzichte van die bel. Hoe groot is m’n cirkel, hoe steil is m’n bank? Beweeg ik met de bel mee als die shifty is, of draai ik steeds op dezelfde plek? Geen idee en daar zal ik dringend aan moeten werken.

En: m’n techniek is middelmatig. Ik gebruik de lift niet erg efficiënt, en presteer dus het beste als de bellen vet en ruim en regelmatig zijn. En met m’n laminar, die te groot voor me was, werd m’n slechte techniek gecompenseerd door het grote vleugeloppervlak. Maar nu ik een kleinere vleugel heb (waar ik toch wel erg blij mee ben) zal ik toch echt fatsoenlijk moeten leren draaien.

Eén van de eerste starts op Greifenburg verknalde ik, bottombar bijna over de grond, uit nonchalance en haast. Die schrik was wel een goeie les en m’n daaropvolgende starts zijn weer prima. Gisteren was dat nodig ook, we stonden op Aspres west met een zwakke noordwestenwind. Uitstekende start wel en de vaantjes wezen soms ook leuk onze richting op, maar het zag er toch tricky uit. Toppers die voor mij startten moesten ontzettend ver doorlopen voordat ze loskwamen, dus ik wist dat het echt perfect moest zijn anders kon het heel erg slecht aflopen.
Mijn starts zijn inmiddels weer helemaal ok, maar nadat ik uitgezakt was (alwéér) werd gemeld dat Erik op de start gecrasht was. Hij zag er behoorlijk gekreukeld uit en ik bracht ‘m naar het ziekenhuis van Gap, een bekende weg inmiddels. Het was wel erg druk daar, vervelend natuurlijk om zo lang te moeten wachten maar het geeft ook maar weer aan hoe relatief het gevaar van zeilvliegen is. De anderen die binnenkwamen waren waarschijnlijk gewond geraakt bij vechtpartijen, auto-ongelukken en doe-het-zelven.

Vandaag met een mooie zuidenwind een taak vanaf de Chabre, maar vlak voor de start open zou gaan werd er gecancelled vanwege de dreiging van onweer. Ik zat toch al naar de ontwikkeling te kijken en ik draaide me al om naar de camping voordat het bericht over de radio doorkwam. Dan maar weer salto’s maken in het zwembad, flirten en blog schrijven.
Van m’n avonturen bij de waterval staat een video op de blog van de wedstrijd: http://chabre2009.blogspot.com/2008/06/video-what-pilots-do-when-its-windy.html

26 juni 2008

Dag 1 pre WK

Vandaag had dè dag moeten worden. Schitterende lucht, relaxed opbouwen en starten op de Longeagne, en ik voelde me fit en goed gefocust. Het ging ook meteen perfect, ik draaide rustig omhoog, moest nog een paar minuten in de gaggle wachten op de startgate en stak met de eersten mee op koers. Al snel zaten we bij de Pic de Bure, altijd een groot doel van mij geweest. Zo makkelijk, zo simpel. Ik bedacht tijdens het draaien dat het geweldig is, een paar jaar geleden was dit nog vrijwel onhaalbaar en nu vlieg ik er zo eventjes naar toe. Ik hoopte vandaag goal te halen, het zat er zeker in, maar als het niet zou lukken dan toch minstens voor het eerst het Lac Serpanson (spelling?) oversteken.

Na het eerste keerpunt kwam ik wat laag op de volgende riggel aan, maar ik maakte me nog geen echte zorgen want boven de top draaiden er een paar en ver onder mij was ook iemand aan het zoeken en draaien. Ik kon redelijk makkelijk indraaien en zag die lage vleugel snel naar me toe komen. Koos. Hij termiekt heel veel beter dus in no time haalde hij me in, hij zwaaide. M’n reactie was vertrouwd, gewoon, blij, mijn geliefde. Pas een halve cirkel later begonnen de tranen te prikken, kwam de realisatie dat m’n automatische reactie niet past.

Ik maakte er een zootje van, Koos toonde aan dat er een goeie bel tot wolkenbasis was en ik zat er al in ook, maar ik wist ‘m toch te verliezen. Ik blijf conservatief dus begon al vrij hoog richting landingsterreinen te glijden. Op m’n circuit hoorde ik het piepje dat aangeeft dat ik het tweede keerpunt pakte, even later stond ik met drie andere sukkels op de grond. Verschrikkelijk verschrikkelijk teleurgesteld.

Maar ik zal proberen me te herinneren hoe mooi de Pic de Bure is.

24 juni 2008

oefendagen

Ik wilde alweer helemaal blij schrijven over de zon en hoe schitterend het hier is en hoe heet en droog en prachtig, maar vanmorgen hangt er weer een laag stratus en het is fris. Gisteren gelukkig wel een beetje gevlogen hier in Laragne, maar ik was wel verschrikkelijk moe van nachten te weinig slaap en vergeten lunch mee naar boven te nemen. Na een slechte start knapte m’n harnasrits open, eigenlijk viel het nog wel mee hoe rottig dat dan vloog maar het idee dat je met je volle gewicht op een klein gespje hangt is toch weinig comfortabel. Bovendien heb ik me gedwongen om te oefenen met het gepiep en gefluit van de McCready-functie, en om de radio niet meteen uit te draaien toen er druk werd gecommuniceerd. En dan was het ook nog eens niet zo’n heel makkelijke dag, de termiek was af en toe hevig maar lang niet op alle hoogtes, de bellen waren ver uit elkaar en het plafond zat op 2200 meter. Afijn, dat alles bij elkaar maakte dat ik me op het noordlandingsterrein uit liet rotoren, dom.

Ik probeer niet negatief te denken en mezelf niet om de oren te slaan, maar jeetje wat presteer ik slecht zeg. Stiekem denk ik dat dat komt omdat m’n hart er niet in ligt, m’n hart ben ik kwijt, vandaar. Maar tegelijk vind ik het waardeloos om altijd maar excuses te verzinnen, iets de schuld te geven. Lastig, want als ik geen verklaringen zoek voor m’n fouten, dan moet ik onderkennen dat ik gewoon een slechte piloot ben, zonder talent. Ook niet goed, geen zinnige manier om het beter te gaan doen.
Ik probeer dus maar blijmoedig te genieten van de veel te korte tijd die ik dan wel in de lucht ben, en mezelf voor te houden dat het een volgende vlucht, een volgende wedstrijd, misschien wel weer goed zal gaan. Ik neem me voor om harder te vechten, beter op te letten, sneller te vliegen. Maar voorlopig zak ik er elke keer uit, scoor ik dagelijks als laatste, en maak ik de ene na de andere fout.
Nu eerst ontbijten (nou ja, ik ontbijt altijd om half zeven, dit is het dagelijkse tweede ontbijt) met Hans. Dan eens kijken wat de Dutchies doen. Ze zijn weg, ik weet niet waarheen want ik probeer mezelf dan wel niet buiten de groep te plaatsen maar het valt me toch echt niet mee om continu geconfronteerd te worden met

21 juni 2008

EK afgelopen

Hoofdpijn, zon, ik ben laatste maar niet getreurd heb toch een paar leuke vluchten gemaakt. Nou op de loer liggen voor de wasmachine, prijsuitreiking, morgen naar Laragne.

vg = variabele geometrie, het is een touw waarmee je de hoek van je vleugel verandert zodat ie sneller maar moeilijker bestuurbaar wordt.
wingovers zijn een soort halve loopings.

16 juni 2008

Ongeluk

We waren gisteren allemaal blij dat er eindelijk weer een echte taak kon worden gevlogen. Maar kort achter de startgate is Ricchi verongelukt. Getumbled en slecht neergekomen. Het gebeurt bijna nooit, en als het gebeurt komt de piloot er heel vaak nog genadig vanaf, maar niet altijd. Het leek me een leuke vriendelijke jongen, Jerommeke noemden we hem. Hij was zichtbaar dolgelukkig met z’n baby. Had voor het eerst z’n gezin mee naar een wedstrijd. Het is lastig om emoties en gedachten te ordenen. De Zwitsers zijn er natuurlijk totaal kapot van, de tien piloten die het gezien hebben, hebben het er ook moeilijk mee, zijn vrienden, wij, willekeurige medepiloten. Je weet niet of je eigenlijk wel kan lachen, over iets anders praten, of je nog wel moet willen doorvliegen. En natuurlijk, altijd, de theorieën. Ikzelf denk dat dit het meest onvermijdbare ongeluk was dat ik ooit heb meegemaakt. Niemand deed iets verkeerd, niets was te voorkomen geweest. Het bewijst dat de lucht hier op plaatsen bijzonder venijnig kan zijn, dat vliegen een serieus risico met zich meebrengt. Natuurlijk ben ik bang. Ik maak alleen steeds opnieuw de afweging of ik dit risico wil nemen, en steeds opnieuw weet ik dat ik niet zonder vliegen kan, wil. Als dit m’n leven kost, tja, het ìs ook m’n leven. Anderen denken dat hij altijd met vol vg vloog, zelfs in de hevige turbulentie waar ze zaten. Z’n sprogs stonden kennelijk niet bijzonder hoog, net deze wedstrijd heeft Dennis alle sprogs gemeten dus dat kan met zekerheid worden vastgesteld. Of dat hij z’n chute nog had kunnen gooien als hij niet zo laag had gezeten, omdat we gisteren voor het eerst een hoogtelimiet hadden bij de startgate. Het voordeel van zulke theorieën is dat het een illusie van controle geeft. Ìk termiek niet met vol vg, ìk vertrek uit de turbulentie als het te gek wordt, ìk stem tegen een nieuwe regel die een hoogtemaximum invoert. Maar het blijft een feit dat de lucht onzichtbaar is en dat we pas ontdekken hoe woest en wild het is als er iemand over de kop gaat. Het blijft een zekerheid dat mensen fouten maken, risico’s nemen, in een wedstrijd de snelste willen zijn. Ik was gisteren enorm uitgezakt, slechte draaitechniek en bangigheid. Kan best dat die schijterigheid me af en toe gered heeft, zal ik nooit weten. Ik weet wel zeker dat ik altijd spijt heb van het uitzakken, dat ik de rest van m’n leven zal blijven proberen om langer, verder, hoger te vliegen.

Bergwandeling


Het regent hard lang en koud. In m’n voortent ligt een grote plas water en in m’n binnentent is alles klam nat. Dat wordt een dagje hoppen van de voortent van Hans en Christine naar de kroeg, met tussendoor wat spelletjes bij de Frenchies of eventueel bij de Britten. Als ik maar niet meer hoef te lopen. Gisteren zijn we een berg opgelopen en helaas ook weer af, en nou heb ik weer een ontsteking in m’n meniscus. Na zes uur lopen had ik zo’n pijn dat ik alleen nog maar voetje voor voetje en met twee stokken verder kon. Dat duurde te lang dus ik werd op Laurents en Fabios schouders gehesen (Fabio is een stuk kleiner dan Laurent) en in de regen glibberden we zo gedrieën de grindmodderpaden naar beneden.
Toch was het de moeite waard. Het was natuurlijk schitterend, zelfs in de wolken. Enorme watervallen, een mistig meertje op de top, weelderige plantengroei, rotsen. Halverwege de klim een chalet met een vriendelijk kaasboertje waar we bij de kachel konden lunchen. Twee schnapps na, niet handig maar wel lekker. Maar ook weer leuk om een paar piloten wat beter te leren kennen. Mario Alonzi is echt mijn held, en Laurent Thevenot ken ik al, ook een bijzonder aardige jongen. Maar ik heb eigenlijk pas voor het eerst echt met Fabio gekletst, en met Carol Tobler. En zowaar Antoine Boisselier aan het glimlachen gekregen.

11 juni 2008

EK

We hebben alweer heel wat meer gevlogen dan ik donderdag verwachtte. Gisteren een taak van 105 km, prachtig weer maar ik zakte er na dertig km toch uit. Vanaf de start tot het eerste keerpunt ging het geweldig, rustigjes omhoog geschroefd tot wolkenbasis, de basis was een paar honderd meter hoger dan voorspeld en we hadden genoeg ruimte om in drie of vier gaggles te wachten tot de start. Om tien over één, de eerste startgate, gleden we met honderd man allemaal tegelijk naar het keerpunt. Schitterend gezicht. Ik kwam vlak achter de eerste groep hoog boven het keerpunt aan, bedacht al dat ik vandaag wel eens een mooie lange vlucht zou kunnen gaan maken, maar terug tegen de wind in viel het toch erg tegen. De eerste bel die ik pakte was erg turbulent dus ik schoof een stukje op, maar daarna lukte het niet meer ergens in te centreren. Ik zakte uit op de camping en begin de wedstrijd daarmee als 92e, maar ach het was geen slechte vlucht. De sprogs ook een stuk omlaag gedraaid, hopelijk gaat het morgen wat beter dan als het turbulent is.

Vandaag zag het er schitterend uit maar de voorspelling was erg slecht. Er werd geen taak uitgezet, we hadden nog wel tijd om even te vliegen maar er werd gewaarschuwd voor hevig onweer dat ersnel aankwam. Ik startte snel en wilde ook landen voordat de hele meute tegelijk naar beneden kwam, en dat ging prima. Pas een uur of twee later barstte het echt los. Morgen wordt waarschijnlijk ook slecht, daarna hebben we weer kansen.

08 juni 2008

Greifenburg

De weersvoorspelling voor de komende week is echt naadje, en Paul en ik reden gisteren met de Alpen gelijk de regen in. Ik wist niet hoe snel ik m’n tentje op moest zetten (6 minuten) om alles droog te houden, maar uiteindelijk klaart het een beetje op en misschien kunnen we zelfs wel vliegen vandaag.

Een heel kort vluchtje gemaakt, net genoeg om even m’n spullen in orde te maken en natuurlijk m’n voeten van de grond, altijd goed.

De avond hebben we bij Merlin gewaakt, het zou ieder moment over kunnen zijn. Het kan ook nog een paar weken duren. Als hij hier dood gaat wil Hans hem graag in een bos begraven, dat snap ik maar het is een grote hond dus dat wordt een heel grote kuil, ik denk niet dat dat met een paar schepjes te doen is.

Vanmorgen ruzie met m’n internetverbinding, dat lukt niet. Zelfs Ropje krijgt het niet voor elkaar. Laatste hoop is de kok, die schijnt er slim mee te zijn. Als het niet lukt wordt dit een heel erg lang blog in één keer.

01 juni 2008

Geen vliegweer

Zo weer eens ouderwets een halve dag lopen sjouwen en rijden voor niks, terug naar de beginjaren. Tot gisteravond laat nog zitten twijfelen, Stadskanaal Bruinehaar of Moergestel, of helemaal niet vliegen want komende twee maanden zal ik wel genoeg lucht krijgen. Maar het is wel een goeie voorbereiding om nog even te zien of alle spullen in orde zijn (nou ja chute niet gevouwen maar die zal ik niet nodig hebben hoop ik) en m’n nieuwe compeo instellen. Maar bij Rotterdam veranderde de lage wolken steeds meer in regen, ik kon op m’n vingers natellen dat het geen recordvluchten zouden worden vandaag. Ik ben dus onverrichterzake weer naar huis gereden, gelukkig zag Theo me stuntelen en gaf hij een handje bij het terugleggen van de vleugel.
De rest van de dag lekker lezen, heerlijk!