14 december 2011

aan het bijkomen


M’n herinneringen aan Oz vloeien zo in elkaar over dat ik niet meer precies weet hoe vaak ik hier nou geweest ben. Ik tel op m’n vingers: een jaar of tien geleden met Diederik, onze honeymoon. Toen naar Kees en in het team met Hans en Nic en Montse, ontsnapping aan m’n ex. Daarna met Cameron en Blenky en Grumpy, onze rit langs de kust. Mis ik nou een jaar, of was de volgende met Djenghis? Dan is dit de vijfde keer.
Ik was even bang dat het allemaal te gewoon, te bekend is, ook al heb ik een jaartje overgeslagen. Ik hou van de herhaling, van het vertrouwde, maar de lol van een halve wereldreis is toch ook wel dat het exotisch is. Gelukkig zag ik een paar kookaburrahs en vond ik vegemite chips in de supermarkt. Camo in de pizzeria op en top de persoon waar ik zo ontzettend van hou: vriendelijk, humoristisch, voorkomend. We raakten weer niet uitgepraat over vliegen, over de mentale aspecten en motivatie en wedstrijden. Hij heeft het liever over een ‘meet’, omdat we allebei meedoen vanwege de gezelligheid en de uitdaging, niet om tegen anderen te concurreren. Hem beluisterend besef ik weer hoe veel ik nog te leren heb. Hij is goed in het beoordelen van de condities, en daarop z’n beslissingen aan te passen. Daardoor haalt ie meestal goal wel. Ik ben nauwelijks bezig met het inschatten van de omstandigheden, met het plannen van m’n vlucht. Ik ben er redelijk goed in om de kansen die zich voordoen te benutten, als ik m’n vliegtechniek verbeter maak ik steeds beter gebruik van de mogelijkheden die weer en landschap me bieden. Maar ik creëer m’n kansen niet, ik bedenk veel te weinig wat m’n tactiek moet zijn om uiteindelijk goal te halen. Ik ben nog veel te veel bezig met het vliegen van landinsmogelijkheid naar landingsmogelijkheid, en met techniek en emoties; frustratie en angst. Laat ik dit jaar eens proberen echt wat verder vooruit te kijken dan het volgende belletje.
Na het eten nog even bij Chainsaw langs. Ook weer een bijzonder persoon, simpel maar niet dom. Compleet op zichzelf, onaangepast en weinig sociaal, maar hij maakt de mooiste stenen Aztekenkoppen na en hij is heel onAustralisch begaan met het milieu. Via hem kwamen we op groepsdynamiek, en hoe er in elke groep een pikorde ontstaat. Hoe mensen als Chainsaw en Cameron en ik daar niet echt in passen. Ik heb me nooit willen conformeren aan de normen van een groep of m’n plaats willen bevechten in de groepsorde. We staan niet helemaal onderaan in de pikorde, maar de topdogs zijn niet onverdeeld enthousiast over zulk soort buitenstaanders. Tegelijk is er voortdurend druk om wel mee te gaan met de mores van de groep, om ons een status toe te kennen. Camo’s weerzin over het geroddel en de eisen die anderen aan hem stellen heeft hier mee te maken, en mijn volhardend negeren van rangen en standen ook. Ondertussen zijn we zelf ook dol op roddel, nou ja gossip, iets vriendelijker. Het wordt interessant in Forbes, met meer dan tien vrouwen en een hoop gezamenlijke geschiedenis.

13 december 2011

thuis





Zo dat was wel de allersoepelste halve-wereldreis ever. M’n harnas hoefde niet open om het houten kadootje en het proteinepoeder eruit te vissen (ik deed of ik achterlijk was, white powder to put in my water, no idea what’s in it), er waren geen rijen om lang stil te staan met m’n 28 kilo op m’n rug, de trein Het is nu half twaalf, ik zit een bakje muesli te lunchen terwijl Cameron in de garage aan het werk is. Onderweg van het station naar huis hebben we even een tomtom en een simkaart gescoord, ik zou zo weg kunnen rijden. Ik ben nog niet eens een complete zombie, ga vanmiddag zoet met m’n spulletjes spelen die ik hier nog had liggen (dozen vol kleding, stekkerdozen, boeken) en als het droog blijft misschien nog even naar de winkel fietsen. Misschien zelfs m’n nieuwe vleugel al even goed bekijken. En vast bedenken hoe ik morgen de dag doorkom.
M’n telefoonnummer is (0061)(0)439522562

12 december 2011

Singapore

ik ben alweer halfdood, slapen lukte nauwelijks, maar hier in Singapore staan dan wel weer van die voetmassagedingen. Dat helpt me er wel doorheen. Straks met m'n 28 kilo harnas naar Cameron sjouwen, als ik maar niet door het station heen slaap.

10 december 2011

voorbereidselen

Nou moe gezellig eten bij Riënne was wel gezellig inderdaad, maar ik dacht even tussen hoofdgerecht en toetje in te checken, dat was dus fout gedacht. Ongeveer de hele avond geprobeerd om ergens in te checken, de beurs nog maar weer eens getrokken om me te verzekeren van een stoel aan het gangpad, zeker toen ik op de Qantassite zag dat de vlucht 22 (schermpje achter ‘nadere informatie’) tot 25 uur (hoofdscherm) gaat duren. Misschien dat die drie uur verschil bedoeld zijn voor het inchecken, de belachelijk trage site is natuurlijk al ingecalculeerd. Het leek m’n werk wel. Ondertussen is Ropje natuurlijk al geland, de mazzelaar.
Dan kan ik me nu zorgen gaan maken over m’n bagage, 28 kilo in een veel te groot harnaspak, ik weet eigenlijk sowieso niet hoe ik het allemaal naar Schiphol ga slepen laat staan dan ik zomaar langs de bagagejuffrouwen kom. Dat wordt natuurlijk weer dokken. Nou ja, als we maar opstijgen deze keer…

06 december 2011

zwemmen

Voor mij is het gevolg van een lekker potje zwemmen meestal een vreselijk moeie dag. ’s Nachts lig ik uren wakker met een snotneus en dikke droge keel, volgens mij is het wakkerliggen zelf ook al een symptoom van de allergie. Maar het is zo onweerstaanbaar lekker, drie kwartier baantjes trekken in ons reservaat, de doorzwembaan. Ook al was ik gisteren de langzaamste, vreselijk, waar ben ik zo traag van geworden? Mark zwom altijd al enorm hard en het lieve meisje met turbo in d’r reet is van een hele andere categorie dan wij, maar Bernhard haalt mij tegenwoordig ook in. Zij moeten net zoveel last hebben van de hoge watertemperatuur als ik. Nou ja, het was hoe dan ook weer zo heerlijk dat ik me voornam om zondagochtend nog stiekem een paar baantjes te doen, ondanks m’n zelf opgelegde verbod om ooit nog rond te poedelen in natrium en chloor.

05 december 2011

nog zes nachtjes slapen...

Eerst is er het gestresste ticket kopen, uren rondsurfen op zoek naar de goedkoopste vlucht met de beste tijden en dan de gekozen vlucht niet meer terug kunnen vinden omdat je ip-adres wordt bewaard en aanbiedingen worden weggehaald als je kennelijk serieus op zoek bent naar een ticket. Dan me langzaam maar zeker gaan verheugen op de reis, naarmate het hier kouder en natter wordt en ik langer geleden voor het laatst gevlogen heb. Dan de gruwel van het inpakken, maximaal twintig kilo inclusief harnas en instrumenten en altijd zeker weten dat ik iets essentieels vergeet. Inmiddels begin ik ook weer flink tegen de reis op te zien, éénentwintig uur nonstop rechtop zitten na ruzie met de stewardess over m’n handbagage. En tussendoor, altijd, maandenlang, gigantisch schuldbewustzijn over mijn schandalige olieverbruik en milieuvervuiling. Daar komt ik nooit uit, cognitieve dissonantie ten top, hoe kan ik mezelf wijsmaken dat het ok is om jaarlijks de wereld over te vliegen enkel voor wat pret, terwijl de aarde sterft? Het lukt me niet dus ik probeer er niet aan te denken, lekker m’n kop in het zand, maar zolang ik nog thuis ben en kranten lees en tv/internet zie is het moeilijk te missen. Eén keer in Oz, van vroeg tot laat buiten spelen, hard werken om zo lang mogelijk zo ver mogelijk te vliegen en goed te landen, is het over. Dan geniet ik alleen nog maar. Hoop ik, want ik ben toch een pietsie gespannen over m’n landingsvaardigheden.

24 november 2011

Moe

Bob vraagt heel gemeen waarom ik in slow motion zwem, de rotzak ;-) Hij moest me de brug op zien fietsen, pure evenwichtskunst!

30 oktober 2011

Biesbos

Super dagje met Ruud peddelen in de Biesbos. Ik ga altijd graag met Ruud op stap, met z’n tweeën zijn we echt “Jut & Jul op safari”. De temperatuur was perfect, de lucht was een fantastisch dreigend grijs zonder dat het regende, de Biesbos was vrijwel leeg en de kayaks waren comfortabel. In drie-en-een-half uur peddelen hebben we zo’n vijfentwintig kilometer gedaan, geweldig zwanen eenden aalscholvers meerkoetjes futen reigers ganzen mussen en een ijsvogeltje gezien. Interessant om te zien hoe al die vogels met een bocht vlak over het water vliegen, in plaats van rechtstreeks naar hun bestemming.
Ik ben wel redelijk afgedraaid nu, stukje fietsen van Dordrecht naar de jachthaven en terug erbij, Ruud gaat nog skieën vanavond maar dat hoeft voor mij toch niet. Ik ga lui m’n Douglas Adams uitlezen.

23 oktober 2011

Intrinsieke motivatie

Met Cameron bespreek ik urenlang elk minuscuul detail van de mentale aspecten van vliegen. Hij heeft net een sportpsychologisch artikel ontdekt over intrinsieke en externe motivatie. Daardoor werd voor mij duidelijk waarom ik geirriteerd was door de bewondering die uit Mit dem Wind sprak, en de bewondering van mensen die horen dat ik vlieg. We vliegen niet om hoe het eruit ziet, we vliegen niet om iets te laten zien of iets externs te krijgen zoals bewondering. We vliegen omdat het vliegen zo verrukkelijk is. Het gekke is dat bewondering afbreuk lijkt te doen aan die interne motivatie. Als je benaderd wordt alsof je vliegt vanwege het stoere imago, het avontuur, het scoren, wordt je het echte genot ontnomen. Je vergeet op enig moment zelf waarom je ook weer vloog.
Dat wil niet zeggen dat gewoon maar een beetje in de lucht hangen genoeg is. Soms is het genoeg, soms ben ik gigantisch gelukkig alleen van het vliegen en het uitzicht en de hoogte en de beweging en de wind en zon en de vario die piept. Maar meestal wil ik meer. Uitdaging, afstand, werken. Ik wil iets bereiken. Het mooiste om te bereiken, voor mij (maar voor een ander kan het echt iets heel anders zijn) is goal in een wedstrijd. Het zal me roesten hoe lang ik erover doe, het maakt me niet uit of ik laatste ben op een dag dat iedereen op goal staat, voor mij is het het mooiste wat er is. Een taak volbrengen die je niet tijdens de vlucht aan kan passen.
Ik heb enorm respect voor piloten als Cameron en Hans die op hun eentje taken vliegen en daar van genieten. Voor mij is dat nu nog te moeilijk. De moeilijkheid is mentaal, niet technisch. Ik heb een wedstrijd nodig, met veel mensen en een wedstrijdleiding die een optimale taak voor me bedenkt, en de referentie van andere piloten. Enige externe beloning is harstikke leuk, ook al ben ik nog zo intrinsiek gemotiveerd.

Prachtig weer

Bizar, wiekend na wiekend is het schitterend weer, en toch kan ik niet vliegen. Koud en pittige wind wel, dat verklaart misschien ook de lage opkomst. Het is bijna niet te harden, naar buiten kijken naar een schitterende najaarszon, blauwe lucht, crispy, weinig wind aan de grond. Ik ga wel peddelen om dan toch maar buiten te spelen, maar verdorie wat is dit teleurstellend.
Ondertussen heeft Kathryn haar arm gebroken in een landing, over teleurstelling gesproken. Mijn nieuwe vleugel is geloof ik niet zwaar beschadigd, maar het is wel ontzettend jammer dat zij er de laatste weken niet meer de sterren van de hemel mee vliegt. Ze is een leuk wijf en enorm gedreven wedstrijdpiloot, ik had haar niet gegund om het jaar zo te eindigen. Naast meeleven is er ook nieuwsgierigheid: zal ze net zo onzeker worden als ik na mijn ongelukken? Ik hoop het niet. Ik hoop dat ze me kan laten zien hoe het wel moet. In Forbes zullen we samen vliegen, twee dames met de nodige mentale littekens.

02 oktober 2011

Zomer in oktober

Glorieus, was het woord dat ik voelde. Zó prachtig en zó rustig en zó vrij, het maakt niet uit dat het ontzettend stabiel is. Een beetje heiig, met een naar oranje neigend licht. Weilanden in allerlei verschillende kleuren groen, en dan bij de laatste start de fel zwart-witte koeien die in kolonne naar de schuur lopen, prachtig prachtig prachtig. Het veen, de hei, buizerds en reetjes en hazen. Een fijne nacht, zomerse temperatuur, gezellig en stressvrij op het veld. ’s Avonds uit in Almelo, onverwacht gezellig. Twee-en-een-half uur naar huis rijden is wel vervelend, en dan nog een half uur de auto uitladen en warme hap naar binnen schuiven, maar ik beloon mezelf met een heet bad, knorrend als een tevreden kat.

25 september 2011

Prachtig herfstwiekend

Doorgaans maal ik niet zo om moordenaars en verkrachters. Ik ga er altijd vanuit dat vrijwel niemand me ziet, en het zou wel enorm toevallig zijn als de wandelaar die m’n tentje ziet ook nog eens een psychopathische gek is. Maar ik voelde me toch enigszins kwetsbaar vannacht, en deed dus maar geen oordoppen in ondanks de herrie van de autoweg en de onvermijdelijke schuurband met disco na. Uiteindelijk heb ik toch goed geslapen, en vanochtend kon ik heerlijk tutten in de herfstzon, met af en toe een ree en hier en daar een haas. Helemaal goed. Gisteren vier startjes, vandaag drie, zeven heel redelijke landingen en wat nodige aanpassingen aan m’n harnas. Klaar is het nooit, maar als dit het laatste vliegwiekend was dan kan ik met een gerust hart naar Australië.

10 september 2011

Guinea pig

De derde keer dat ik bij de Buizerd ga vliegen en dat er gedoe met de lier is, nou ben ik er wel overheen zeg. Nou was het vandaag geen denderend vliegweer, en het was allemaal niet acuut dodelijk deze keer, en ik hoefde maar twee keer een uur in de file te staan om drie vijf-minuten-vluchtjes te maken dus ik mag niet klagen. Bovendien heeft Martin me geholpen met een zakje carbonspul voor m’n bottombar die beschadigd is door het release, doordat het release zo achterlijk laag zit op de covert. En Niko was net als Jan vorige week prettig erkentelijk voor m’n optreden als proefkonijn, dat doet wel weer goed. Ik voel me ook wel enigszins moreel verplicht om een nieuwe lier uit te proberen, met m’n vier- of vijfhonderd lierstarts, noblesse oblige. Ik mag dan stom landen, en geen benul hebben van techniek, maar lier- en sleepstarten kan ik wel. Ook al blijft de wet van Murphy of zo’n andere Ier altijd gelden, je kan het zo gek niet verzinnen of het kan wel mis gaan. Vandaag werd er niet geremd bij het uitvliegen, zodat de kabel compleet naar de grond zakte dus tegen de tijd dat ik omgekeerd was lag ie in de bomen. Later werd er juist te hard of te snel geremd, waardoor ik een forse ruk kreeg vlak voordat ik terug naar de lier wilde draaien, ook nogal onprettig. Maar de liermannen deden hun best, en het apparaat leek wel soepel te lopen, dus dat komt wel goed. Volgende week misschien?

04 september 2011

oude lier

Altijd hetzelfde dilemma: Stadskanaal, Bruinehaar of Moergestel. Ik koos toch maar de dichtstbijzijnde, vooral omdat Egbert met z’n lier zou komen en ik had hem al zo vreselijk lang niet meer gezien, dat gaf de doorslag. Voordat er iemand anders was had ik al opgebouwd, rondgerend met de gerepareerde vleugel (hij lijkt niet helemaal recht te vliegen, maar verder is ie in orde), radio in oude helm geinstalleerd enz.
Egberts lier bleek toch behoorlijk tricky. Jan deed z’n uiterste best om zo veilig mogelijk te lieren, maar het was elke keer een harde ruk, dan een paar seconden helemaal niks zodat je struikelend tegen de grond ging, en dan heel hard trekken waardoor het overschakelen lastig was, om vervolgens te weinig kracht te ontwikkelen om je echt hoog te krijgen. Trappen ging al helemaal niet, dus Tanno en ik deden allebei een paar startjes tot 150 meter terwijl de cumulus lokten. Ik had net besloten om ermee op te houden, want ik werd moe en dan is wordt zo’n start gewoon gevaarlijk, toen Tanno inderdaad struikelde in de start en hard tegen de grond ging. Kennelijk vergt die lier een hoop oefening, dus moeten we wachten op een veilig windje.
Daardoor was ik wel mooi vroeg thuis, op tijd om me te douchen en met Ruud de museumnacht te doen. Dat werd dan toch weer meer een kroegennacht, tja twee Limbo’s bij elkaar die moeten kiezen tussen cultuur of bier…

23 augustus 2011

Competitie

Ingewikkeld hoor, de beslissing om wel of niet te starten. Ik wilde vreselijk graag nog een landing doen, was per slot van rekening drie uur komen rijden, een heel wiekend en een hoop geld kwijt en had nu de kans. Fijne vleugel, heel rustige lucht, goeie sleeppiloten en een mega-grasbaan. Aan de andere kant: het is niet mijn vleugel, ik oscilleerde nogal terwijl de lucht heel stil was, de wind staat cross op de baan over de hangars heen. Tja. Had ik m’n Sting gehad, dan was ik zonder meer gestart. Nu durfde ik het toch niet aan, terwijl ik wist dat het waarschijnlijk pijnloos goed zou gaan als ik me wèl over m’n onzekerheid heen zou zetten. Nou ja, als je maar lang genoeg staat te aarzelen lost het weer het probleem vanzelf op: om één uur regende het.



Op de terugweg weer ns uitvoerig over wedstrijdvliegen gekletst. Cameron heeft een aantal alternatieve formats bedacht, die een wedstrijd veel haalbaarder maken voor piloten van verschillende niveaus, en ook nog leuker voor publiek. Deelnemers krijgen een window van anderhalf uur, waarbinnen ze op moeten schrijven hoe laat ze op de spot zullen landen. Ze moeten tenminste een uur vliegen, en er is een klein taakje, maar de puntentelling gaat vooral om die spotlanding. Het doet een beetje denken aan een Hash, een type speurtocht waarbij langzame en snelle lopers ongeveer tegelijk aankomen. Camo is in ieder geval op zoek naar formats die niet zo verschrikkelijk op racen gericht zijn als de gewone wedstrijden, en ik zou dolgraag zijn soort wedstrijden hebben.

Grappig, door dat geklets kwam ik er ook meer achter waarom ik eigenlijk überhaupt wedstrijd wil vliegen. Ik ben opgevoed in een totaal anti-competitie en anti-prestatie milieu, wij deden alleen sportieve activiteiten om lekker te bewegen en buiten te spelen. Omdat het nou eenmaal leuk is om te sporten, niet om van iemand te winnen. Maar we deden wel veel spelletjes, en die werden dan wel weer bloedserieus gespeeld. Geen valsspelen, en niet iemand helpen uit medelijden. Spelletjes spelen is een sociale activiteit, iets waar je met elkaar lol mee hebt, en je leert tegen je verlies te kunnen omdat je erkent dat een ander het gewoon slimmer gespeeld heeft, maar ook omdat jij zelf de volgende keer iedereen kan aftroeven. Bij wedstrijden gaat het echt over rangorde, over mensen die betere of slechtere piloten zijn, het geeft je bijna een waarde-oordeel over personen. Minder leuk.
Wat ik dan wel weer ideaal vind is te proberen zo goed mogelijk te presteren, het beste uit jezelf te halen, het gevoel iets bereikt te hebben als je een taak hebt gerond. Daarmee meet je jezelf niet af tegenover anderen, maar vooral tegenover jezelf. Daarom kan ik er ook zo vreselijk slecht tegen als ik uitzak, dan ben ik echt woest op mezelf.
Ik ga maar gauw naar Australië om met Camo’s spelletjes mee te spelen. Maar eerst Forbes, lange afstanden vliegen.

20 augustus 2011

Slepen


Er is maar één ding moeilijker dan landen, dat is niet vliegen. Ik mocht Dees d’r litesport lenen vandaag, maar ik had gisteravond toch een paar biertjes teveel op, de vleugel is nogal groot voor mij en er stond een behoorlijke puist wind. Het rolde over de crossbaan, dus nadat ik opgebouwd had besloot ik de vleugel in de hangar te stallen en af te wachten of het vanavond rustig zou worden. Camo vloog weg, en ik hulde me in bikini en oordoppen voor een dutje bij de tent. Na twee uur belde Cameron, geland op zo’n vijftig kilometer. Gaaf, vanmorgen was ie nog zwak ziek en misselijk en de omstandigheden waren helemaal niet makkelijk, en als ik de tekst met coördinaten krijg weet ik zeker dat ie heel blij is. Ik hou het meest van ‘m als ie het naar z’n zin heeft merk ik. Na twee rondjes rijden rond z’n landingscoördinaten vond ik ‘m bij een Duitse boerenfamilie aan de koffie, minstens tien hevig geinteresseerde niet-engels-sprekende schatjes om ‘m heen.
Net had ik ‘m in de auto, belde Robbie, die was ook een leuk eindje gekomen. Terug op het vliegveld maakte ik me snel klaar en sleepte Rinus me de lucht in. Afgezien van wat zenuwachtig gewiebel vlak boven de grond ging het heel strak. Voor m’n landing wilde ik me niet druk maken over een strak circuit, dus ik kwam lekker hoog op final en met een goeie snelheid zette ik ‘m heel netjes neer.
De tweede vlucht was bijna een uur later, en toen ik achter Rinus hing vond ik het toch wel heel erg donker inmiddels. Ik koppelde dus los, deed wat bochtjes en landde iets minder mooi, maar niet heel slecht. Met m’n donkere vizier kon ik nauwelijks meer zien hoe hoog ik zat, dus het was ook wel tijd om er mee op te houden.
Nu aan de bbq, altijd vies maar gezellig, en morgen zo vroeg mogelijk nog maar een paar landingen doen. Ik ben superblij dat Dees me de kans geeft, anders had ik een heel treurig wiekend gehad!

16 augustus 2011

Thuis


Mooi, rustig alles ingepakt en opgeladen, en net toen we in de auto stapten om naar huis te rijden begon het te gieten. Vervelend rijden, maar minder pijnlijk om de vakantie mee te beëindigen dan zon en cumultjes. Cameron was helemaal voldaan, die laatste vlucht in Greifenburg maakte voor hem de hele reis naar Europa de moeite waard, en dat maakte het voor mij ook helemaal goed. Ik baalde maar een heel klein beetje dat ik zelf niet kon vliegen; het voordeel was dat ik een paar uur lang echt goed keek naar de omstandigheden en de ontwikkelingen, waar de parapenters omhoog gingen, hoe de wolken zich ontwikkelden, uit welke richting de wind kwam.
In veertien uur waren we thuis, er was natuurlijk geen parkeerplek voor de deur en heel de straat sliep al, zodat ik niemand om hulp kon vragen met Blenkies veel te zware doos. Ik stond net tegen beter weten in een poging te doen om het ding van de auto af te tillen, toen er een busje stopte, twee jongens uitstapten en vrijwel zonder iets te zeggen de doos van me overnamen en naar binnen sjouwden. Schitterend.
Vandaag nog een dag vrij gehouden, zodat alle kleren gewassen zijn, koffers uitgepakt, gras gemaaid, vleugel naar Schiphol, papieren in orde gemaakt. Nu nog zien dat we Camerons vluchten op de olc krijgen, dan hebben we echt ons huiswerk af.

14 augustus 2011

Emberger Alm

Geweldig, Matjaz bood me een Mars 170 aan, te groot voor mij maar never mind. Afgezien van een enkel soarvluchtje met m’n Uno heb ik in geen tien jaar meer met een enkeldoeker gevlogen, dus dat was best spannend. Haal ik het landingsterrein? Krijg ik ‘m de bocht om? Het landingsterrein haalde ik ruim, te ruim want ik was eindeloos bezig om hoogte af te bouwen. Dat heeft wel vaker het effect dat ik te vroeg op circuit ga, dus ik wilde nog wat af-ss-en. Bij m’n eerste S vloog ik richting de berg, en potverdorie ik kreeg het apparaat toch niet gekeerd zeg! Dat leek bijna het einde van een leuke vakantie, recht de berg in geboord, pfff. Met veel gewrik en gevloek lukte het alsnog, maar ik had geen zin meer om door te ss-en dus ik gooide m’n droguechute en landde perfect, verticaal, op het allereerste randje van het veld.
’s Avonds prijsuitreiking: Juicy eerste, Ropje tweede, leuke top. Volgend jaar wordt Ropje kampioen verwacht ik.
We reden pas om half tien met een volbepakte auto richting Greifenburg, slechts twee of drie uur rijden maar wel over één van de mooiste wegen van Europa, en het was donker, en ik was moe. Cameron was ’s middags bij het eerste keerpunt geland en had gezien dat het daar schitterend was, met een leuk campingkje en lieflijk dorpje. Daar zetten we de tent op, dronken nog een biertje in het felle licht van de volle maan naast een witblauw riviertje tegenover een gigantische rotswand, prachtig. De camping was een kayakkers-camping, grappig, precies hetzelfde sfeertje als een hangglidercamping alleen lagen er overal kayaks en hingen er spullen te drogen. Geen auto’s met ladders en her en der rondslingerende stukken aluminium.
In Greifenburg troffen we Ed en Jacqueline, met Nelson, hoera! Altijd geweldig om m’n allerallerallereerste vliegmaatjes te zien. Om kwart voor twee gooide ik Cameron de berg af, na de vermaning om toch vooral boven de start uit te komen want zolang je op starthoogte of lager zit, is Greifenburg vrij saai. Je moet hier echt vliegen om te snappen waarom het zo wereldschokkend bijzonder is. Hij zakte uit. Hij probeerde het rechts en verloor hoogte. Hij probeerde het voor de start en verloor hoogte. De wolken hingen niet hoog en de voorspelling was stabiliteit, en ik kon het niet langer aanzien en reed naar beneden.
Na twee-en-een-half uur vliegen kwam ie landen, helemaal enthousiast en verzadigd. We hebben twee keer eerder tevergeefs geprobeerd Greifenburg te zien, maar nu was de revanche helemaal goed.

12 augustus 2011

dagje bijkomen

Ik klim uit het raam van onze hotelkamer naar het dakterras, hoor ik Claudia’s stem roepen. Ja hoor, ze hangt uit het raam van het Rutar pension aan de overkant, krijg nou wat. Kleine wereld. Minder dan honderd meter boven me cirkelt een delta, in de verte zie ik er een paar boven de bergtoppen. En rare wolken, het was niet makkelijk vandaag lijkt me. Ropje stond net als eerste Nederlander op goal, keigoed. Cameron is te vroeg gestart en zakte uit, hij loopt sowieso nogal veel te zuchten dus dit was z’n dag alweer niet.
Ik ben inmiddels weer over de schok heen, na uithuilen op Camerons schouder, Hans en Christine die me heel lief kwamen opbeuren, lieve gebaren van Jamie en Dees en Rinus en Helen en mam, weer veel en lang praten met Ropje, en de hele nacht wakker liggen en piekeren. De catch-22 waar wij allemaal in zitten, als ik de herkennende sympathie van vriendinnen mag geloven. Doodsbang om het vliegen te moeten opgeven, maar net zo goed doodsbang voor ongelukken. Shit daar rijdt al de derde ambulance langs het Krn-hotel, op een dag als deze word je daar toch altijd zenuwachtig van. Als het maar niet één van ons is.
Ropjes vraag die ik niet kon beantwoorden: waarom ben ik de laatste jaren zo vreselijk slecht gaan vliegen? Dat ik slecht land is oud nieuws, en dat dat niet bevorderlijk is voor xc-vliegen is de hele reden om eraan te werken. Maar waarom weet ik geen belletje meer vast te houden, hou ik kilometers afstand van de bergen, laat ik me het kleinste gaggletje uitjagen? Deels is het antwoord: omdat ik gefocust ben op de landing, en dat is op dit moment niet verkeerd. Maar ik ben ook banger geworden, voorzichtiger, onzekerder. Ook in situaties waar daar geen enkele aanleiding voor is. Ik had altijd lol in stevige lucht, het mag van mij best hard werken zijn, turbulent desnoods, hoe groter de lucht hoe beter ik me voelde. Nu word ik er nerveus van. Ik kon best behoorlijk in een gaggle meedraaien, heb bij de EK met 120 man in een bijna afgesloten kom drie kwartier gedraaid en ik vond het fantastisch. Nu schrik ik van een parapenter zeshonderd meter weg.
Wat ik vasthou, is dat ik goed kan starten. Het is m’n mentale lifeline. En dat ik hard wil werken. En dat m’n circuit beter is geworden en m’n final ook, ik moet alleen aan de details werken en ik zal bij de overstap terug naar de Litesport opnieuw moeten wennen aan de hogere snelheid en betere prestatie.

Morgen de laatste dag van de NK, en daarna laat ik Cameron dan eindelijk eens Greifenburg zien. Ik ben blij dat ik hem dat kan meegeven, ook al baal ik als een stekker dat ik zelf niet kan vliegen. Nou maar hopen dat ie nog wat enthousiasme op kan brengen, dat gaat dit jaar heel wat minder makkelijk dan drie jaar geleden.

11 augustus 2011

einde vliegen

Ik zakte uit, maar besloot dat dat niet erg was als ik de vlucht met een mooie landing eindigde. Goed circuit, flinke snelheid, ik rondde laag uit en vloog hard, en toen boorde ik mezelf met die snelheid de grond in. Upright, bottombar en leading edge kapot, einde van de vliegvakantie. Ik ben zo in shock dat ik nauwelijks kan denken.

Dutch Open taak 1


Een glijvluchtje, na uren wachten op de berg. En toch helemaal blij en tevreden, want geen stress, goeie start en landing, gezelligheid, zon en een schitterend uitzicht. Ik vraag me af hoe ik dertien, veertien jaar voor elkaar heb gekregen om mezelf voortdurend veel te hard te pushen, altijd streven naar verbetering en daarom nooit tevreden. Raar dat het zo lang kan duren om eindelijk eens wijs te worden en gewoon te genieten van een simpel dagje op de berg met een hopje van vijftien minuten. Ik heb wel vaker geconstateerd dat ik achterstevoren leef. In ieder geval ben ik nu een volbloed beginner, of intermediate piloot eigenlijk.
Het landen gaat ok, goed circuit en goeie snelheid op final, maar het circuit mag strakker en ik moet nog leren serieus te flaren. Ik sta al tien, vijftien keer achter elkaar op m’n voeten, maar een goeie flare is toch de moeite.
Hans was uitgezakt, Cameron kwam na het eerste keerpunt landen, pas toen ik al lang en breed met m’n boek in de schaduw zat zag ik Ropje binnenkomen. Derde keerpunt, super. Toch hadden een paar anderen nog beter gevlogen, Juicy en Djenghis staan hoger en twee Oekraïners stonden zelfs op goal. Christine heeft het super gedaan. Vandaag weer naar boven, hoera!

09 augustus 2011

Slovenië


Bahbah Slovenië is echt heel erg groen, altijd een slecht teken. Het heeft de afgelopen dagen zoveel geregend dat er niet meer geraft mag worden, teveel water in de rivier! Niet normaal. Voordeel is wel dat ik nog een dagje heb kunnen werken, zodat ik nou iets minder drang heb om zo snel mogelijk naar Den Haag te gaan, weer aan de slag. Bovendien is het gezellig met z’n drieën, zo houden we elkaar ook mooi in balans, als de jongens genoeg van mij hebben kunnen ze iets met z’n tweeën gaan doen enzovoort.
Gisteravond kwamen Hans en Christine aan, precies op tijd voor het eten, en het was nog droog ook dus we konden buiten zitten (binnen is geen plaats voor zoveel mensen). Top. We hebben uiteindelijk toch met 55 deelnemers dezelfde hoopvolle vergissing gemaakt: wie weet kan er nog gevlogen worden. Straks weer briefing, who knows…

08 augustus 2011

Sigillo - Tolmin

Zaterdag was een fijne laatste dag, met twee starts aan m’n bottombar en goeie landingen, rustig inpakken en m’n boek uitlezen. Maar gisteren was zonder meer een pokkedag. De rekening bleek dubbel zoveel als voorzien, de zooi paste nauwelijks in de auto, en ik maakte de vergissing om langs de Adriatische kust via Venetië te gaan rijden. Nooit doen. Die route kost uren en uren extra, er was niet meer dan een glimp van de zee op te vangen en we werden allebei sjagrijnig van de zweterige hitte met uitzicht op de meest spectaculaire Cb boven Tolmin. Van de baai rond Venetië konden we niks zien en van Venetië zelf al helemaal niet. Met de volgeladen auto durfde ik het niet aan om een wandelingetje door de stad te gaan maken, dus we dronken een sapje in één van de treurigste stadjes die ik ooit gezien heb, in een foeilelijke bar met enkel zombies als gasten. Daarna de tomtom navigatie aangezet in plaats van gewoon de kaart bekeken, ook al helemaal fout. De navigatiejuffrouw voerde ons in de stromende regen piepkleine geitepaadjes op, waarschijnlijk met de bedoeling om ons te laten verdwalen zodat een boze heks ons kon oppeuzelen. Camo geloofde haar niet meer toen ie gras in het asfalt zag groeien, ik verloor m’n vertrouwen toen de koppelingsplaat verbrandde. Gelukkig belde Ropje op dat moment om toch in ieder geval ons humeur te redden. We delen een appartementje, nou ja fors uitgevallen ouwe schuur met gierende koelkast en borrelend sanitair, dichtbij het landingsterrein.
’s Avonds op de camping wist ik weer waarom ik eigenlijk helemaal niet had moeten komen. M’n ex en z’n heks maakten een grote show van hun aanhankelijkheid, het leek de Tegelberg wel weer. Mensen die menen dat ik er na vier jaar wel eens overheen zou moeten zijn, hebben denk ik nooit meegemaakt hoe iemand waar je van gehouden hebt je de grond in stampt, terwijl je hem niks hebt aangedaan. Het blijft een etterende wond.

05 augustus 2011

Tre Pizzi


Pfoe de sfeer was bijna niet meer te harden, teleurstelling en onvrede en algehele lamlendigheid. We zijn allebei sick and tired van Sigillo, maar dit is toch nog steeds de beste plaats in heel Europa om te vliegen. Het wordt alleen dramatisch als we hier ook al niet kunnen vliegen. Vandaag dus op naar Tre Pizzi, al was het maar voor een verandering van scenery. Ik verdwaalde op de kronkelweggetjes rond Fabriano, maar uiteindelijk vonden we onze weg naar boven waar Ropje al klaar stond met z’n studenten. Ik startte vrij vroeg, deed een halfslachtige poging om hoogte te winnen maar was alweer volledig gefocust op het landingsterrein, waar ik twintig minuten later met m’n remchuutje aan de grond stond. Er reed nog niemand naar boven, maar ik kreeg een lift van een oudere man die me helemaal naar de auto bracht. Ondertussen was Cameron al in Sigillo geland, en Ropje stond op z’n eentje klaar om te gaan starten.
Vervolgens de auto teruggereden, boodschappen gedaan, Ropje op het landingsterrein van Sigillo gevonden, en nu nog een uurtje ranzen voor we ergens kunnen eten. Danielo’s waarschijnlijk, onze stamkroeg.

04 augustus 2011

En weer een dagje


Voor mij is het wel uit te houden, geen vliegweer en iedereen weg. Ik grijp een boek en ik amuseer me prima. Maar Cameron leest niet, en er is echt helemaal totaal niks te doen hier als je niet kan vliegen. Gezelliger wordt het er niet op, dus ik denk dat we zaterdag maar gewoon naar huis gaan. Vakantiedagen sparen. Het is overal in Europa naadje, of het regent of er staat een puist wind. Ik heb nu wel een mooi aantal starts in veel wind gemaakt, prima leerervaring, maar echt fijn vliegen is het ook niet. Vanmorgen draaide ik makkelijk naar boven, maar op 1400 meter was er wat windshear en dat levert allemaal onprettige turbulentie op. Daarna met de Zwitsers omhoog, leuke club, en gauw geland voordat de Italiaanse parapentekampioenschappen op ons veldje kwamen landen. Het werd een mislukte rugwindlanding, omdat ik niet door kon draaien vanwege een auto middenop het veld. Fijn die solidariteit. De piloot vond dat hem geen blaam trof omdat ie mij niet gezien had, wat een sukkel.
Tijdens het inpakken kwamen de parapentes aan, een stuk of dertig, veertig gok ik. Ook al volstrekt asociaal: geen circuit, totaal niet kijken, vleugel opzetten middenop het landingsterrein, roken tussen de vleugels. Van Frans hoorde ik dat sommige scholen hun studenten wijsmaken dat schermvliegers voorrang zouden hebben op delta’s. Geen wonder dat ze zich zo asociaal gedragen.
Straks naar een of ander feestje van vrienden van Pablo, ben benieuwd. Ik kan wel wat afwisseling gebruiken.

03 augustus 2011

Leuk landen

Een goeie en een heel goeie landing, hoera! Kwa vliegen was het niks, ik nam niet eens de moeite om te soaren in de harde wind, ik wilde alleen maar een landing doen, en nog een, en nog een. Na vijftien jaar ploeteren, schade, tranen, frustratie, slikken, heb ik eindelijk het idee dat het gaat lukken. Ik was blij als een kind, en op dit moment kan ik me geen leukere dagbesteding indenken dan landen, weer landen, op het vertrouwde veldje met de grote windzak en de ideale boomhoogte als referentie.

02 augustus 2011

Lekker vliegen

Niki, de lange jongen op de Chabre, Hayo, Martin, Paul, Alphons. Mike en Peter. Elena, Ricchi, Missy. Daarbovenop de tumbles en crashlandingen die goed afliepen, maar die wel gebeurden. Het gaat me toch niet in de kouwe kleren zitten. Ik heb er de pest aan dat ik een bangerik geworden ben, zenuwachtig van de minste beweging in de lucht. Maar ik heb besloten dat ik nu maar ns een langere tijd dik binnen m’n comfort zone ga blijven, alleen maar vliegen waar en wanneer ik me heel zeker voel. Landen na drie kwartier, om de minste of geringste onzinnige reden, luiheid, een wat enthousiast ontwikkelende wolk, een fijn groot leeg landingsterrein. Ik vergeef het mezelf, ik sta een tijdje stil, even geen competitie meer.

Vanmorgen bouwde ik op noord op, een paar Zwitsers waren ook klaar om te starten en twee vlogen al. Ze gingen maar matig omhoog, en erg overtuigend was de startwind ook niet. Tien, vijftien minuten stond ik klaar op de start, een zuchtje crosswind, een wolkje boven de plek waar ik heen wilde dat voortdurend groeide en weer verdween, dus er zaten zeker dooie momenten in. Toen ik de wolken duidelijk uit het noordwesten zag komen pakte ik in, harnas compleet op de achterbank, en we reden naar zuid. Daar stond een mooi startwindje, dus we bouwden op en toen ik klaar was ging ik ook meteen. Geen moment te vroeg, mijn start was al matig en tien minuten later konden ze de berg niet meer af. Neil en Cameron nog wel, en die gingen op weg naar Castellucio. Ik was eigenlijk van plan om met ze mee te gaan, zover mogelijk, omdat Pablo zou rijden moest ik eigenlijk gebruik maken van de luxe. Maar bij de windmolens bedacht ik dat ik toch wel heel graag een goeie landing op het vertrouwde veldje van Sigillo wilde maken, dus ik stak weer terug en zette ‘m inderdaad heel redelijk neer. Pablo bracht me terug naar m’n auto, en samen gingen we op weg naar Castellucio. Daar was echter een grote cb aan het ontwikkelen, dus Neil was uitgezakt voorbij Nocera en Cameron vloog terug naar Sigillo. Mooie dag.

01 augustus 2011

Stil






Bloggen gaat langer duren dan de vlucht. Hell, naar de weg sjouwen van vleugel en harnas duurde langer dan de vlucht: 9 minuten. En ik ben flink pissig op mezelf, ik had een prima landing kunnen uitvoeren op de helling waar ik uitzakte, maar ik vergat om naar de bovenrand te kijken en te constateren dat ik nevernooitniet een overshoot ging maken.
Vanmorgen reden we om half tien al naar boven met de bedoeling eerst een glijvluchtje + goeie landing te doen, en daarna een taak uit te zetten. De wind kwam echter over the back en een uurtje wachten hielp niet, de termiek was nog niet sterk genoeg terwijl de wolken al flink verticaal ontwikkelden. Dus ik bouwde op de noordstart op, helemaal alleen, Cameron beloofde me beneden op te halen en de enige truuk zou zijn om ergens hoogte te winnen zodat ik het vliegveld kon halen. Toen ik startte bleek de lucht echter zo dood als een pier, verdorie overal verticale cumulus maar net waar ik vloog gebeurde helemaal niks. Nada. Ik moest dus om de zuidriggel heen in plaats van er overheen, en de lucht bewoog wel een beetje daar maar ik kon het me niet veroorloven om een complete 360 te maken met het risico dat ik geen enkel fatsoenlijk veld meer zou halen. Dan maar inzetten op een goeie landing, ook al zijn er daar weinig aantrekkelijke veldjes. Ik koos een lange smalle helling, gemaaid, met niet al te hoge bomen eromheen en geen kabels. M’n circuit was eigenlijk best goed, en als ik opgelet had, had ik die laatste S niet meer hoeven te maken. Nu raakte m’n bottombar de begroeiing naast het veld voordat ik helemaal rechtuit vloog, en ik whackte hard de grond in. Geen noemenswaardige schade, maar wat een teleurstelling.
Terwijl ik inpakte rommelde de donder al boven de berg, dus we besloten er een toeristische middag van te maken. MteCucco is tenslotte een natuurreservaat, zij het met een aantal dorpen erin en wat asfaltwegen. We kwamen een schitterend klooster/fort/boerderij tegen, mooi gerestaureerd en vervolgens nauwelijks gebruikt.

Vliegdagje

Joehoe het weer is eindelijk goed, de overdevelopment ontstaat pas vrij laat en ik kon gisteren drie vluchtjes doen. Dus drie landingen. Alledrie niet perfect, maar wel met veilige snelheid en een serieuze grondfase.

30 juli 2011

Goeie landing


Perfecte landing!!!! Hoera hoera hoera ik heb m door. Dit was geen prongelukkige landing, ik heb m echt door. Jaren van oefenen, stapje voor stapje m’n circuit verbeteren, honderden keren met Cameron doornemen hoe het zou moeten, mentale training, uitschrijven, Sting, enzovoort en nu heb ik m. Dat wil niet zeggen dat het voortaan alleen nog maar perfect zal gaan, maar ik ben in elk geval goed bezig.
Het vluchtje zelf hield ik kort, ik ben toch wel ontzettend onuitgeslapen na het gave feest vannacht. Met iedereen gedanst, gekletst, nog meer gedanst. Ik lag er om een uur of drie in, Cameron een paar uur later en met meer drank op, nadat ie van de weg was afgevallen en gered door Woolfie, tjemig. Ik kreeg ‘m vanmorgen niet wakker, maar net op tijd voor de ceremonie verscheen ie toch aangekleed en min of meer verticaal. Hij heeft braaf de hele prijsuitreiking uitgezeten, en zo hoort het ook. Bovendien was het een goeie ceremonie, met echt gave vaandelzwaaiers in kekke kostuums, en een toespraakje van Bill en het Italiaanse volkslied (Peppi en Kokki voor ingewijden).
Vanavond met de overblijvers uiteten, en dan wordt het echt stilletjes hier. Maar het is nu goed weer, dus wij blijven om dan eindelijk eens echt te gaan vliegen.

WK afgelopen


Superfeestje gisteravond, totdat teveel mannen te opdringerig werden, maar alleszins geslaagd na een treurige afsluiting van de WK. We bouwden op op Cucco-noord, ik vooraan maar niet met de intentie om echt als winddummy te gaan starten. De wind was erg hard en noordelijk, waardoor het zeker turbulent zou zijn in de kom, met een veel te groot risico om recht vóór de start uit te zakken waar alleen kleine hellingen zijn met bomen eromheen en heftig turbulente lucht. Twee goeie piloten startten wel, en dat zag er inderdaad nogal heftig uit, dus tien minuten voor het window open zou gaan verplaatste ik m’n vleugel naar de kant. Als het in de loop van de dag beter zou worden, kon ik altijd nog starten na de wedstrijdpiloten, en anders kon ik in ieder geval droog inpakken.
De wedstrijdleiding nam echter voortdurend geen beslissing, stelde het window uit, overlegde niet met de safety committee, en uiteindelijk toen Atilla, Laurent, Antoine en nog een paar zichtbaar last van de rotor hadden werd de taak gecancelled. Daarmee werden Alex en Christian wereldkampioen en nr. 2, en het Italiaanse team won goud, na slechts twee taken. Dat is dan ook meteen de reden dat er getwijfeld werd over de motieven van de wedstrijdleiding. Als er wel een taak was gevlogen, had er iemand anders kunnen winnen. De rest van de middag ging de discussie over de vraag of het veilig was (voor de toppiloten) om te starten en de taak te vliegen, en in hoeverre toppiloten zelf kunnen beslissen of ze al dan niet willen starten. Het lijkt me duidelijk wat mijn opvatting is, maar ik zie ook wel de druk die wedstrijddeelnemers ervaren om te starten ondanks hun twijfels over hun eigen capaciteiten. Lastig, en erg rottig dat de sfeer er zwaar onder te lijden had.
Vandaag is de wedstrijd afgelopen, dus ja hoor, de zon begint te schijnen. Hopelijk is de ceremonie snel afgelopen, zodat we met de achterblijvers snel naar boven kunnen en vliegen!

29 juli 2011

Landingstraining

Op de één of andere manier ben ik ervan overtuigd dat ik vanaf vandaag goed ga landen. Ik heb het duizend keer met Cameron doorgesproken, m’n circuit is heel veel beter, ik land meestal op m’n voeten, de verbeteringen die nodig zijn zijn niet zo heel fors meer. Ik had het met Jamie over mentale training, nlp, visualiseren. Dat gaat inmiddels ook beter. Een tijd geleden had ik nog de grootste moeite met het visualiseren van een goeie landing, en vanwege het simpele feit dat ik de herinnering aan een goeie landing miste, en vanwege de stress van de groundrush die ik zelfs in m’n verbeelding voelde. Nu gaat het goed, en ik kan zelfs de lol van vroeger, toen we op onze buik zo hard mogelijk in de sneeuw probeerden te glijden, erin voelen. Hoogte afbouwen met gecontroleerde, rustige 360-ers, ondertussen naar de windzak kijken en bepalen waar m’n point-of-arrival gaat zijn. Downwindleg met extra snelheid, weet dat ik niet veel hoogte verlies op dat been. Blijf kijken naar het p-o-a en check de windzak. Pas zonodig het circuit aan. Aantrekken voor het crosswindleg, kijk naar het p-o-a, aantrekken en de laatste bocht naar final maken. Blijf aan de bottombar, trek de vleugel naar de grond naar het p-o-a, uitronden vlak boven de grond. Blijf aan de bottombar, kijk naar de verte, enjoy the speed. Benen optillen. Zonder uitduwen een hand naar de upright, andere hand, nog steeds horizontaal blijven vliegen dus de neus niet laten komen. Voel de pitch, op trim… duw! Omhoog.
Het gaat lukken, en wie weet kunnen we zelfs vliegen vandaag.

28 juli 2011

Nat

Ik lag te dommelen toen ik Richard met Bruce hoorde overleggen of het de moeite waard was om voor een sledder naar boven te gaan. Binnen vijf minuten was de auto ingeladen en waren we op weg naar boven, waar inderdaad druk gevlogen werd. Nog voor ik opgebouwd was begon het te regenen, en toen het weer droog was draaide de wind. Kletsen, lanterfanten, wachten, schuilen. Uiteindelijk heb ik dik een half uur ingehaakt klaar gestaan om te starten, om vervolgens in de stromende regen in te pakken en naar beneden te rijden 8-( De rest van de middag aan het bier in de Dominus, pizza bij Daniel en nou vroeg naar bed voor de disco hier losbarst.

Disco


Man wat een herrie. Luid sprekende ozzies, gorgelend koffie-apparaat, krijsende peuters. Ik heb geen echte kater, niet veel gedronken, maar echt fris voel ik me toch ook niet na een nacht doordansen in een piepklein bistrootje met een dj die youtube bediende en twee speakertjes die bedoeld waren voor een muurkast. Het was top, met de zekerheid dat we vandaag niet kunnen vliegen en genoeg piloten om de lokale jeugd het nakijken te geven.
Toen ik om vier uur in de stromende regen naar huis probeerde te rijden kon ik de uitgang niet vinden. Costacciario is heel klein, maar het is een labyrinth van hele smalle steegjes op hele steile hellingen, waar ik moest manoevreren met twee veel te lange vleugels op het dak, een slippende handrem en aan het einde van iedere steeg een barricade van bloembakken.

27 juli 2011

Gecancellde dag

Vanmorgen vroeg zag het er nog redelijk blauw uit, maar tegen de tijd dat de teamleader-briefing aan de gang was, was het al helemaal dichtgetrokken en donkergrijs. Wel congestus onder de grijze deken, kennelijk was het wel instabiele lucht. We reden vroeg naar boven, ik bouwde op en startte meteen, en stond tien minuten later na een suboptimale landing op de grond. Een uurtje later kwamen de deelnemers, het was behoorlijk chaotisch met de nulwind en de windzak die alle kanten op draaide, maar het verliep weer zonder schade. Alleen Markus kwam aan z'n chute naar beneden. Hij was kennelijk wingovers aan het doen toen z'n toestel het gewoon begaf, precies hetzelfde verhaal als bij Shedsy vorig jaar. Onbegrijpelijk, misschien verouderde zijkabels? In ieder geval mankeert ie niks, geweldig dat we goeie chutes hebben.
Nu de middag door zien te komen. Te kort voor een excursie, te lang om alleen maar te lezen en duf in Sigillo rond te hangen.

26 juli 2011

Taak 2


Dat was GAAF!!!!! Eerst zoefden Christian en Alex binnen, heel laag, snel, altijd leuk om te zien. Vervolgens leek de lucht leeg, alleen maar dikke grijze dreigende regenwolken, en dan ineens zie je ze. Tientallen leading edges die met een noodgang op ons afkwamen. Fantastisch, bijna een uur lang iedere paar seconden een landing. Het zijn echt toppiloten, dus dat ging allemaal goed, en wij toeschouwers hadden feest. Wat een waanzinnig gaaf gezicht is dat, zo’n enorme groep wedstrijdpiloten die op goal afracen. Super.
Toen het ietsje minder hectisch werd kwamen Juicy, Ropje en Cameron achter elkaar binnen. Al mijn favorieten ook op goal, mooi zo. Mart en Martin waren er al, en verder nog een heleboel blije gezichten. Julia, met een hand opengetrokken aan de vg en kreupel van de pijn in haar dij (herkenning!). Een paar treurige jongens die het niet gehaald hadden, je zou ze het liefst heel hard willen troostknuffelen.
Zelf heb ik twee korte vluchtjes gemaakt, ben best tevreden. De eerste was als winddummy, de lucht was een beetje bokkig maar ik kon wel wat ronddarren om verschillende bellen op te zoeken. Toen ik wilde landen moest ik gigantisch moeite doen om naar beneden te komen, en ook de tweede landing was het nog flink termisch, en beide keren kwam ik te langzaam binnen maar ik stond wel netjes op m’n voeten.
Gisteren was het allemaal veel treuriger, regen en kou en totale verveling. Naar de wasserette, Ropje had speelgoed gekocht en daarmee probeerden we te klimmen en te abseilen enzo maar dat wilde niet, en het karaokefeest ’s avonds was het ook al niet. Maar zo’n dag als vandaag maakt alles goed.

25 juli 2011

Aan Mart en Flip

Ik begon een kort mailtje aan Flip cc Mart te schrijven, maar het werd lang en het gaat toch weer over sprogs en CIVL, sorry mam. Voor iedereen die totaal geen belangstelling heeft voor gezeur over regels enzo, skip deze blog maar. Ik zet m toch op m'n blog, zodat anderen er misschien op in kunnen gaan en hopelijk hun inzichten en opvattingen kunnen toevoegen.

Jeetje jongens, wat is het toch ingewikkeld. Ik snap vaak überhaupt al niet welk punt iemand probeert te maken, het kromme engels helpt niet echt en het gepraat over parapenters terwijl we denken als zeilvliegers is ook complicerend. Ik vind eigenlijk alleen Marts opvattingen interessant merk ik, omdat ze anders zijn dan de mijne en Mart oprecht probeert om z’n mening uit te leggen en te onderbouwen met argumenten. Dat scherpt de discussie op een positieve manier.
Kan de discussie misschien terug naar waar het echt om gaat, namelijk dat we graag internationale wedstrijden willen vliegen? Daarvoor hebben we organisatie nodig, en internationaal geldende spelregels. Wat mij betreft zijn dat CIVL, sectie 7 en GAP-scoring, naast de olc van de DHV.
Veiligheid is harstikke belangrijk, maar het is niet zozeer een aspect van wedstrijden als wel van zeilvliegen. Veiligheid bevorderen moet m.i. met name gebeuren door zeilvliegorganisaties, zoals de afdeling van de KNVvL, en het lijkt mij dat het hardste nodig zijn: goeie instructeurs, gecertificeerde vleugels, harnassen of fabrikanten, verplichting om met een gecertificeerde chute te vliegen (ik zou helm, wielen en radio niet verplichten omdat die wel schadebeperkend werken maar zelden een leven/dood-verschil maken, maar afijn zoiets is echt een beleidskeuze) en vooral veel voorlichting: over dollies, over releases, over sprogsettings, over meteorologische verschijnselen, over onzichtbare hekken en boze boeren enz.
Voor wedstrijden is veiligheid secundair, je gaat ervan uit dat deelnemers sowieso zeilvliegers zijn en dus vliegen onder de maatregelen die veiligheid voor alle zeilvliegers bevorderen. Specifiek voor wedstrijden is alleen nog de grote gaggles, de verleiding om in de wolken te vliegen en om sprogs omlaag te draaien. Dus schrijf je een draairichting voor en probeer je mensen zover te krijgen dat ze niet in de wolken vliegen en niet hun sprogs te laag te draaien. Allebei zaken die niet digitaal zijn, het is niet altijd duidelijk of iemand in de wolk zat of niet, dus hou je marges aan (twee getuigen, tolerantiegrenzen mbt de hoek van de sprogs). Een verschil: wolkenvliegen brengt anderen in gevaar, pitch-onstabiliteit veel minder. Jullie weten dat ik niet geloof in strenge penalties voor individuele piloten zolang je onvoldoende kennis hebt over de veiligheidsniveaus van sprogs, maar goed dat is enkel mijn mening, geen belangrijk drama.
Wat is nou eigenlijk het drama? Echt, ik snap er steeds minder van. Ik vind het een drama dat deelnemen aan een wedstrijd zo verschrikkelijk duur is, maar mij maak je niet wijs dat dat veranderd kan worden door andere regels of een andere organisatie. En ik vind het een drama dat er soms doden vallen, maar ook dat ligt volgens mij niet aan regels of organisaties. Volgens mij ligt dat aan de activiteit die we doen, inherent gevaarlijk, en misschien de nalatigheid van individuele piloten, scholen, clubs, verenigingen en NACs. Eerlijk gezegd zou ik nu anders besturen dan vroeger, toen ik nog in het bestuur zat, juist op dit punt. Zou de FAI niet veel actiever de NACs achter de broek moeten zitten, ipv de CIVL?
Dit is grappig, door de hele discussie over de regels kom ik al redenerend uit bij de eisen van de IVW: nationale zeilvliegvereniging, zorg dat je veiligheidsbeleid (safety management system) hebt. Afijn, wordt vervolgd no doubt….

• mart says (in reactie op een warrig artikel van Mad Syndegaard):
14/07/2011 at 15:16
Hi Mads,
Interesting read. Maybe I shouldn’t comment as I am a hanggie pilot. However since we are all free flying enthousiasts I think I should anyway.Not to put you down but I really don’t understand some of your arguments.
You start of by saying these gliders can’t be consitently launched of landed properly. Then you talk about unrecoverable collapses , even by top pilots, in and outside competition.
You talk about the death’s on these gliders, both in and outside competition.
And then , to cut things very short, you put the blame on CIVL for the burocratic rules they make.
Next week we have the worlds hanggliding in Italy, Monte Cucco. CIVL has done a lot of good in trying to make the sport of hanggliding safe.In my eyes a lot of good. No more prototypes only certified gliders. Like a serial class. Hanggliders are easy to modify to fly faster and better. We can’t do that anymore for years. The winners of the comps are still the real winners(gliders are still developed and improving). Eventhough it is not an open class.This is because pilots will do stupid things due to peer pressure and over ambition.
Flying a 2 line wing beyond ability and tested to the absolute minimum with as a result that even top pilots can’t takeoff,land and fly safely consistantly is in my view totally irresponsible. In top- paragliding the parachute has become an assessory instead of an absolute latest resort.
And yet you write that you are happy to fly the glider you can’t land or launch properly and that killed /seriously injured your top pilot friends.
Did you read Mark Hayman’s profecy?
Two more things,
I understand you had a really good time in Australia in the Bright comp,run by the CIVL offical for this hg worlds. Heather says you told her you were very happy with the comp.
Secondly, if the FAI , which is kicking up a big fuss about it all and pressures CIVL, bans paragliding comps through the national sports organisations,you might not fly any comps anymore. Not only cat 1 comps.
CIVL is nothing more/less then an organisation run by volunteers, who try organise the 5 classes of hanggliding. If you have a problem, just write your delegate and other countries delegates and have things changed. I have done so on several occasions and guess what? It works. So instead of whinging, get yourself organised and give something back to the sport that gave you so much.
Best regards from a fellow thermal pilot.
Mart.
Reply
• admin says:
14/07/2011 at 16:37
Hi Mart,
Hanggies are welcome here. My point is, the CIVL per se is not automatically a bad institution, but there are too many individuals there who have no clue, and who are adept at ruining the actual comps for the pilots. And if you read my text as “2-liners are the cause of the problem” then you’re misreading it. As one commenter here above has noted, we double the rules> we double the incidents. I dare not contemplate what happens if we quadruple the rules
So how to make working within the CIVL system more attractive for people with a clue? By removing many of those without – catch-22.
I’m giving back you know – have been heavily involved in every aspect of comp flying since 1994, and have organised 4 large’ish Cat 2 events (with more than 100 pilots in them).

Hi Mads
I’m totally with you re the over-legislation and accessive rules and regulations imposed by FAI/CIVL, but I think there’s not much that can be done about this.
We must remember that organising events in such scale do require politicians, and will expose organizers to many potential liabilities.
Bruce put it pretty clearly: the outcome of this will most likely be more restrictions.
I only wish that there will always be someone dedicated/brave/ego-maniac/stupid enough to keep organising more events, as I still prefer to suffer the bureaucracy and ques and to fly a large international event than not to have the option at all.
Unfortunately I’ve been out of the loop for quite a few years now as I have been breeding irresponsibly and couldn’t leave the family for too long, but I’m dreaming of getting back into the circuit in a year or two.
Maybe until then things will improve and the politicians will realize safety has more to do with attitude than regulations.
Cheers
Itai Almog

Bhagavad Gita

Zoals ik de Mahabaratha, en vooral de Gita, begrijp (ok ik begrijp er niet veel van, maar het is toch fijne referentie), gaat het erom je lot, je bestemming, te vervullen. Je hebt niet zoveel keuze, je moet het gewoon zo goed mogelijk doen met dat wat je gegeven is. Als mijn bestemming is om te vliegen, dan kan ik dat niet ontkennen of ontlopen. Ik kan er wel m’n vevulling, voldoening, in vinden. Daarmee is niet gezegd hoe je ten opzichte van anderen vliegt. Alleen dat je het vliegen moet vervolmaken: zo veel mogelijk, zo goed mogelijk.

24 juli 2011

Regen




Niks gedaan de hele dag, alleen naar de grotten gewandeld en daar, doorweekt, besloten dat het niet gezond zou zijn om een uur bij 6 graden te gaan rondlopen. Dan maar een bakje tiramisu in het koffiehuis, lezen, dutten.

23 juli 2011

Avondvluchtje

Vanmorgen hingen de wolken zo ongeveer op het dak van hq, en de vooruitzichten waren dat het de hele komende week zou regenen. Dus Trent, Camo en ik gingen uit wandelen. Beetje dom van mij, want ik kan al niet bergaf lopen als ik fit ben, laat staan na de 4 km van gisteren met m’n harnas op m’n rug. Tegen de tijd dat we Costaccario bereikten liep ik echt te strompelen. Dat was genoeg activiteit voor vandaag, en al lezend viel ik in slaap. Maar Cameron kwam me om vijf uur waarschuwen, er werd gevlogen, dus hop naar boven. Het was de bedoeling om weer wat te oefenen met veel-wind-handling, om daarna gecontroleerd te starten vanaf de bottombar, maar Fabien en Cameron lieten me los toen er een gust kwam net op het moment dat ik toch wilde overpakken naar m’n uprights. Ik schoot dertig meter omhoog, gelukkig niet in een bocht, en al graaiend en grijpend wist ik m’n voeten in m’n harnas te schoppen en de controle over m’n vleugel te krijgen. Dat scheelde niet veel, maar ik had gelukkig snel door dat ik veilig was, en ik probeerde een half uurtje te soaren tegen de berg aan. Termieken lukte me helemaal niet, het lijkt wel of ik ook in de lucht helemaal terug bij af ben, vijftien jaar geleden, bang om dichter bij de berg te komen dan tien vleugellengtes. Geen idee waarom ik zo ontzettend onzeker ben plotseling. Het kan m’n nieuwe harnas zijn waar ik niet aan kan wennen, te hoog of te laag hangen, de vleugel die wat wiebeliger is dan m’n litespeed, of gewoon m’n kop. Ik heb natuurlijk in m’n hoofd gezet dat ik opnieuw begin, als een blanco leerling, om te leren landen. Misschien strooomt die mentale houding gewoon over naar m’n vliegen, ook al weet ik dat ik dat best wel kan. Of het is gewoon een combinatie van dat allemaal.
M’n landing was uitstekend, dat is dan wel weer een opsteker. Wel enorm pijn in m’n ellebogen, dus kennelijk hing ik flink te laag. Misschien kan ik morgen nog een hopje doen, en dan ns met oversnelheid landen.

22 juli 2011

Taak 1

Enigszins teleurgestelde piloten lopen hier rond, ze hebben ‘alleen’ het derde keerpunt ‘maar’ gehaald, 86 km, tsss er stond een enorme puist wind en wat ik gezien heb: het was bepaald niet makkelijk vandaag. Je ziet maar: het is allemaal zo relatief. Ik ben vaak diep ongelukkig omdat ik na een uurtje of minder uitzak en dan ook nog op m’n buik land; maar toppiloten kunnen net zo depressief raken van een vlucht waar ik een moord voor doe.
We stonden op MteSubasio, minder winderig dan de Cucco maar ik ken het gebied nauwelijks en landingsterreinen zijn wat verder weg. Om niet weer mee te maken dat ik zou moeten inpakken als de wind toenam, vroeg ik Fransesco of ik vóór de taaksetting mocht starten. No worries, hij heeft toch geen idee wat ie met me aan moet. Terwijl ik naar de start struikelde (niks zo onhandig als een fancy harnas en een stijle helling) vond een parapenter het nodig om achterlijk laag over de honderdvijftig opgebouwde topvleugels te zwalken. Bizar, als ze een vleugel kapot gemaakt had was ze waarschijnlijk gelynchd, en ik had meegedaan. Je krijgt echt een gigantische hekel aan de snotlappen door dit soort geintjes.
Ik startte goed, maar had eindeloos moeite met m’n harnas. Kreeg m’n voeten er niet in, rits niet dicht, dus angle of dangle niet in orde, en dan duurt het een eeuwigheid voordat ik me kan concentreren op de termiek. Zeker op deze berg, zo glooiend en zulke harde wind dat het eruit ziet alsof je ieder moment tegen de grond zou kunnen slaan. Dan durf ik niet in te draaien, zeker niet als ik niet eens goed hang.
Toen ik eindelijk alles in orde had en binnen veilig bereik van landingsterreinen zat (lastig met de harde tegenwind en de trage vleugel) draaide ik omhoog tot halverwege de wolk, met de bedoeling om weer vlak boven Assisi te draaien, net als een jaar of zes geleden. Maar in m’n achterhoofd knaagde twijfel of er geen airspace is boven de oude stad, en tijdens een wedstrijd met allemaal officials en de kans dat iedereen nou juist enorm naar mij staat te kijken, beter om geen risico te nemen. Bovendien zag ik een aantrekkelijk groot terrein net binnen bereik, dus dat werd ‘m. Geen pogingen meer gedaan om omhoog te krabbelen, ik wilde gewoon een goeie landing doen. Dat lukte net niet helemaal, maar m’n circuit is duidelijk beter dan ooit en ik kom ook wat beter op final binnen dan voorheen. Ik duw alleen te laat uit omdat ik niet durf. Toch een buikschuiver dus.
Vervolgens zette ik het op een lopen, vier kilometer in 33º met een loeizwaar harnas op m’n rug, naar goal waar Katharina m’n auto zou neerzetten. Onderweg kreeg ik een glas water van een meneer die in z’n tuin bezig was. Ik zag twee gaggles, van zo’n zestig, zeventig vleugels, boven het eerste keerpunt draaien, schitterend. Toen ik bijna bij goal was kwam ik de Zwitsers tegen, heerlijk, een lift. Ze werden door de tomtom alle kanten opgestuurd, en zo kwamen we bij mijn vleugel terecht die dus mooi meteen mee naar het goalveld kon. Had ik maar gewoon daar zitten wachten, dan hadden ze me toch wel gevonden!
Op goal is het anders dan vroeger, omdat we nu live tracking hebben. Op smartphones en laptops kunnen we precies volgen waar alle deelnemers zitten, met 15 minuten vertraging weliswaar maar toch. Primoz voorop maar wel heel laag, Alex op twee en Christian drie. Superspannend. Primoz kwam uiteindelijk als eerste binnen, scheerde een meter over de grond tussen twee bomen naar de goalline, en even later kwamen de twintig, dertig piloten binnen die allemaal wel goal hadden gehaald. De rest stond in de buurt van het derde keerpunt, uitgespoeld door de snoeiharde wind. Inclusief Cameron, die terecht best tevreden is over z’n vlucht, en een hoop anderen die enorm lopen te balen om precies dezelfde vlucht.
Morgen weer wind.

21 juli 2011

Scheggia

nog meer niet vliegen


Bugger. Iedereen hoopte zo hard dat het vandaag goed zou zijn dat we allemaal enorm gedisciplineerd heel vroeg boven opgebouwd stonden. Toen ik klaar was had ik er nog net wel geloof in, dat ik zou kunnen starten in die wind. Maar een half uur later was het al duidelijk dat dat geen optie was, voor mij, met m’n kingpostvleugel. Ik pakte snel weer in voordat de relatieve windschaduw die de andere vleugels gaven zou verdwijnen, maar iedereen legde z’n vleugel plat. Never mind, van alle kanten kreeg ik helpende handen, maar vliegen zat er toch echt niet in. Wel voor een stuk of veertig bikkels, Camo natuurlijk en nog een paar. Christian liet er bijna het leven bij hoorde ik, maar verder verliep het starten pijnloos.
De rest van de middag weer niksen, nog meer niksen, dagen dagen dagenlang niksen. Ik word er gek van. Nog minstens twee, drie dagen onvliegbaar. En geen enkele uitwijkmogelijkheid.

CIVL

Ok. Laatste blog over sprogs en CIVL enzo, omdat we gisteren nou eenmaal nix anders gedaan hebben dan discussieren en praten over regels en certificering en protest. Ik ben er nog niet uit wat ik helemaal vind, misschien heeft Gerolf gelijk en laat ik me verblinden door m’n sympathie voor bepaalde personen: Flip, Heather, Dennis. Kan best waar zijn, maar ik geloof echt niet dat het puur incompetente figuren zouden zijn die alle verantwoordelijkheid van de piloten wegnemen en zich puur druk maken over hun eigen rugdekking, angst om vervolgd te worden na een ongeluk. Ik had net toevallig ’s ochtends met Katharina besproken waarom we Flip zo goed vinden. Omdat ie echt luistert naar argumenten, z’n beslissingen motiveert, en wel verantwoordelijkheid durft te nemen. Wat iets anders is dan verantwoordelijkheid van piloten afnemen.
Ik heb het idee dat er twee richtingen zijn. De ene, waar Mart voor staat, is de richting die meent dat piloten tegen zichzelf beschermd moeten worden. Wedstrijdpiloten doen er alles voor om te winnen, malen niet om hun eigen veiligheid, en degene die de grootste risico’s durft te nemen heeft het meeste wedstrijdvoordeel.
De andere, waar ik meer van ben, focust op de reden waarom we wedstrijden willen: om met vrienden ver te vliegen en het maximale uit onszelf te halen, iets te bereiken. Ik geloof dat het belangrijk is maximaal eigen verantwoordelijkheid bij de piloten te laten, en te accepteren dat sommige piloten nou eenmaal meer risico’s willen nemen dan andere.
Dat kan alleen als piloten goed geinformeerd zijn over gevaren en oplossingen. Wat mij betreft betekent dat, dat vleugels, instructeurs, harnassen, helmen en parachutes gecertificeerd moeten zijn. Certificering levert enige informatie op over de kwaliteit van zaken, mits de certificering goed gebeurt. Daar zouden CIVL en nationale aeroclubs op toe moeten zien. Nu richten ze zich op de individuele piloten en dwingen ze naleving van kwaliteitsnormen af bij de eindgebruikers (wij), niet bij de certificerende instanties en fabrikanten: DHV, BHPA, USHGA enz. Er zit mijns inziens een grondige fout in het systeem waarbij NACs zelf ook certificerend zijn, en er nog commerciele belangen bij hebben ook.

CIVL is er voor ons, voor de piloten, en dat beeld verliezen we nogal. Geen idee waar dat aan ligt. Doen de delegates hun werk niet goed? Ik weet dat we het in Nederland niet goed geregeld hebben, en sommige landen vaardigen überhaupt geen delegate af. Dat is niet CIVLs fout, maar tegelijk zou CIVL meer moeite kunnen doen om de piloten rechtstreeks, met email en enquetes, te betrekken bij de besluitvorming. Er zijn wat schokkende voorbeelden van arrogantie vanuit de CIVL richting piloten die juist hun nek uitsteken, niet ok. Maar ik heb er te weinig zicht op om te weten waar de fouten zitten. Daarom in eerste instantie geen lid geworden van de nieuwe comps pilots group, omdat ik niet geloof dat een alternatief voor de CIVL zou werken. Nu ik begrijp dat het niet de bedoeling is om CIVL terzijde te schuiven, ben ik toch maar aangehaakt. Ben benieuwd of het ons lukt de stroom richting benauwde regulering en angst en straf om te buigen.

19 juli 2011

Rome


De twee raarste dingen vandaag: in de trein zitten nog voordat er een briefing is geweest, alsof ik zo zeker weet dat het niet vliegbaar wordt vandaag. En de hele dag geen woord spreken, behalve om een kaartje te kopen en koffie te bestellen. En net, in de pizzeria, om een meneer af te poeieren die ook alleen was.
Na twintig jaar ben ik maar weer ns door Rome wezen rondlopen, ik ben er doodmoe van maar het was wel de moeite waard. Over twintig jaar weer. Het is een goeie stad, groot, druk, vol. Alle lagen geschiedenis aan het oppervlak, ongeordend door elkaar. Hordes toeristen; we nemen gewoon de complete stad over. Jongeren op scooters met minijurkjes aan en dan hele grote ronde zwarte helmen op. Getoeter, sirenes. Het Sintpietersplein was weer enorm, het badhuis kolossaal, de kerken protserig, de ijsjes overpriced en de Tiber stonk. Al viel het trouwens erg mee met de stank, het verkeer was aanzienlijk minder erg dan twintig jaar geleden en de straten waren schoon. Het was ook niet verschrikkelijk heet, dat scheelt. Ik had een ov-dagkaart dus ik probeerde met behulp van willekeurige bussen te verdwalen, maar de plattegrond en de herinnering maakten dat onmogelijk. Ik heb het allemaal weer gezien, genoeg, ik weet weer dat ik liever ga buiten spelen of naar Azië.

18 juli 2011

fotoos

super fotoos op Jamies blog: http://naughtylawyertravels.blogspot.com/

slecht weer


Rome was te ver weg vandaag na de safetybriefing, dus zijn we op en neer naar Spoleto geweest. De safetybriefing was zoals gewoonlijk, de helft niet te verstaan, de andere helft algemeen bekend, en dan nog een praatje van Raymond. Ik ben dol op Raymond, maar ik was het zeer oneens met ‘m. Hij zei dat er minder ongelukken zijn geweest sinds de sprogmetingen en penalties voor piloten met te lage sprogs, daarmee suggererend dat er een oorzakelijk verband is. Sprogs die hoog genoeg staan bevorderen veiligheid, dat begrijp ik wel na alle lessen van Gerolf en Dennis, ik zou niet beweren dat ik verstand heb van vleugelconfiguraties. Maar ik heb wel verstand van beleid en beleidsevaluatie, en als je beweert dat er minder ongelukken zijn geweest door de sprogmetingen, dan geef je in feite een beleidsevaluatie. Dat kan niet.
We hebben geen meting over de afgelopen jaren. We weten ook niets over piloten die in ruige lucht met vg en lage sprogs vlogen, en die niet getumbled zijn. Met andere woorden de omvang van het probleem is volstrekt onbekend.
Het kan dat er minder tumbles zijn geweest omdat minder piloten met te lage sprogs rondvliegen, maar het kan ook eeen gevolg zijn van voorzichtiger (dus sneller, met minder vg) vliegen omdat de schrik er goed in zit na de ongelukken van de afgelopen jaren. En wat ook zeker kan, mijn punt, is dat de afname van ongelukken pure schijn is. Niemand heeft systematisch gemeten, alles wat we weten over ongelukken in de afgelopen drie jaar is anekdotisch. En jeetje, we hebben het over vier of vijf grote internationale wedstrijden, nogal weinig gegevens om een evaluatie op te baseren.
Sterker nog, niet alleen hebben we geen metingen over aantallen ongelukken, er is ook weinig kennis over de veiligheidswinst die we bereiken door de verplichte sprogsettings. Ik ben er absoluut van overtuigd dat te hoge sprogs ook onveilig zijn. Als je je vleugel niet de bocht in kan krijgen omdat de buitenste sprogs op 8 graden (!!! Dit is de eis voor de Rev) staan, vlieg je jezelf harstikke kapot tegen een berg of een andere vlieger.
En dan is er nog de doelmatigheid van de regels. Je kan deelnemers aan een categorie 1 wedstrijd enigszins dwingen om DHV-settings aan te houden, door ze gigantische penalties te geven als ze betrapt worden op lagere sprogs, maar de kosten zijn enorm. Niet financieel, wel in lol, eerlijkheid (verschillende types vleugel vereisen verschillende meet-methoden, de metingen zijn sowieso niet betrouwbaar, sommige piloten worden gewoon niet betrapt), motivatie om aan wedstrijden deel te nemen. Ik wil al bijna niet meer, na al het gezeik bij de womens worlds en nu met de Airborne vleugels. Ik ben niet de enige.

Openingsceremonie


Het was een erg leuke openingsceremonie. Verzamelen in het Dominus om wat te eten. Gelukkig had ik goed gelunchd want van de vegetarische hap was niet veel meer over tegen de tijd dat ik bij het bufet kwam. Mocht ik enigszins aangeschoten zijn geraakt, dan is dat de oorzaak… Daarna rondje door het dorp met onze vlaggen en bordjes, en gelukkig lieten ze ons in de straat wachten terwijl op het plein de speeches gegeven werden. Zo konden we tenminste nog wat rondlopen en kletsen. Eénmaal op het middeleeuwse pleintje werden de piloten op de trappen gezet, mooi eerste rang voor het straattheater. Dat duurde veel te lang maar het was wel ontzettend leuk. Schitterende kostuums en attributen, een hoop vuurwerk en gezwaai met toortsen, flink wat Tchaikowski door de speakers, heerlijk. En na afloop bier in het Dominus. Ik zou denken dat ik een feestje kan vieren omdat ik toch niet vroeg op hoef, maar ik moet wel met Cameron naar de safetybriefing om half negen. En dan gehts lohs!

17 juli 2011

groundhandling


Niet te geloven, een dikke week hier, nog geen uur in de lucht, helemaal nix zinvols gedaan of zelfs maar lolligs of cultureels, en toch heb ik het prima naar m’n zin. Wachten, kletsen, dutten, kijken naar Woolfie en Jonny die indrukwekkende swoops doen snoeihard over de start, drie keer per dag op en neer rijden in de hoop op iets minder wind.
Vanmorgen waren we allebei om zeven uur op, en Camo bood aan om me meteen voor een heel vroege start naar boven te brengen, zodat ik er waarschijnlijk twee zou kunnen doen voordat de wind toenam. Maar boven bliezen de wolken in een noodgang over de berg heen, dus het enige zinvolle tijdverdrijf was een uurtje groundhandling. Ik ben er inmiddels aanzienlijk rustiger onder dan gisteren, kan het vrijwel alleen, maar ik heb Cameron toch nog graag in de buurt. En starten met m’n handen aan de bottombar vind ik nog steeds geen goed plan. In theorie wel, maar in de praktijk hield ik ‘m te dicht bij me zodat ik de vleugel op moest tillen, en dat werkt natuurlijk niet. Op het laatste moment dus ouderwets omgepakt naar de uprights, en een uitstekende start gemaakt zonder instrumenten, zonder skids, zonder wat dan ook. Het is raar, om zo in de stilte te vliegen, geen enkel piepje, en ik had een droge mond van de inspanningen maar water had ik ook al niet bij me. De landing ging redelijk ook al stond er beneden nauwelijks wind en dat dan ook nog vanaf de berg. De grootste vooruitgang zit in m’n circuit, heel belangrijk maar niet het hele verhaal. De snelheid op final wil nog steeds niet, ook al vertel ik mezelf hardop: “voelen!”.
Inmiddels is Ropje gearriveerd, iedereen eigenlijk, heel gezellig dus. Bill en Molly zijn er, Flip, Heather en Mart, de Dutchies, Claudia en Jamie enzovoort enzovoort. Ik mis er een paar, Shedsy heeft een kind, Seibsy vliegt nauwelijks nog hanggliders, Corinna is gewond. Gerolf is net boos naar huis vertrokken, erg jammer. Ik ben het met hem eens dat de controles en certificeringen en regels en eisen compleet over the top zijn, als dat tenminste z’n punt was. Als je absolute veiligheid wil moet je zeilvliegen verbieden, nee iedereen steriliseren. Zolang er mensen zijn die lol willen maken zullen er gewonden vallen. Sprogs, helm, skids, brevet, we hangen straks met z’n honderdzestigen in een belletje en wat dan?
Nu even werken en dan eens kijken of de Frenchies nog iets leuks gaan doen.

oefendag


Zo’n dubbele dag, mislukt en top tegelijk. Na een waardeloos vluchtje met waardeloze landing zeven-en-een-half uur in zon en wind zitten wachten, in de hoop dat het rustig genoeg zou worden voor nog een start, en daarna nog even wachten tot Cameron geland was omdat ik niet op m’n eentje durfde in te pakken met al die wind. Klote. Maar ook wel weer top, omdat Camo en Jamie probeerden me te troosten in m’n frustratie, en vooral omdat ik een half uur, of een uur, geen idee, high wind ground handling oefening heb gedaan met Camo en Mart. Ideaal. Ik zag Julia spelen in een a-frame en ik verzuchtte dat ik zou willen dat ik net zo was als zij. Geen angst, altijd spelen en daardoor altijd beter gevoel krijgen voor de vleugel, voor de wind. Ik word juist panisch als ik voel hoe de wind probeert m’n vleugel omver te blazen, ik zie ‘m al holderdebolder kapotslaan op de grond, hekken, andere vleugels. En als ik ingehaakt ben voel ik me al helemáál onthand, ik word opgetild, heb helemaal geen controle meer.
Op zo’n moment merk ik hoe compleet ik Cameron vertrouw. Hij kan dit, en hij kent mij, hij kan het me bijbrengen en hij zal m’n kabel grijpen als het nodig is. Wel erg fijn dat Mart aan de andere kant stond trouwens, want het was echt knoerdhard die wind. Ik weet niet hoe lang we geoefend hebben, ik merkte wel dat het puur mijn stress was waar ik zo moe van werd. Het is geen krachtpatserij om het goed te doen, alleen maar techniek, voelen hoe je de vleugel in de wind kunt houden en vertrouwen op de pitchstabiliteit van het ding. Na afloop was ik compleet uitgeput, en ik kan het nog niet, maar ik weet wel zeker dat zo’n oefening supergoed voor me is.

16 juli 2011

Sprogs

Drama, die sprogsmetingen. Een paar jaar geleden, bij de EK in Greifenburg is het begonnen, en ik weet eigenlijk niet meer wat de aanleiding was. De DHV wilde plotseling regels over de sprogsetting waarbij wedstrijdpiloten met punten of uitsluiting zouden worden bestraft als de sprogs te laag staan. De CIVL was gelukkig iets voorzichtiger met regels en straffen, iets professioneler in de pogingen om veiligheid te bevorderen. We hadden eindeloze discussies over de manier om vast te stellen waar de veilige grenzen van sprogs überhaupt staan, hoe je zou kunnen meten of sprogs wel of niet in een veilige hoek staan, hoe je piloten ertoe kan bewegen ze niet te laag te draaien (om minder pitch en meer performance uit hun vleugel te halen), hoe je het eerlijk kan houden zodat er geen wedstrijdpiloten unfair voordeel halen uit extreme settings. De discussies waren in zichzelf al prima voorlichting, en daarnaast gaven Gerolf en Dennis les over vleugel configuraties, aerodynamica, veiligheid en performance. Bovendien werden alle sprogs (vrijwillig) gemeten, anoniem gepubliceerd, en piloten die overdreven lage settings hadden kregen het dringende advies ze omhoog te draaien. De dag dat Ricci verongelukte, mede als gevolg van z’n extreme settings (en hij draaide met vol vg in een gigantisch turbulente bel) had ik net mijn sprogs omlaag gedraaid, en dat maakte me een stuk veiliger. De DHV-certificeringssettings voor een LitespeedS 3 maakten de vleugel erg zwaar in de bochten, zodat schrapen in turbulente lucht levensgevaarlijk werd.
Afijn, door Riccis ongeluk, Duitse drammerigheid en een FAI die hysterisch werd van alle (parapente)ongelukken kon de CIVL het niet volhouden om degelijk, effectief, goed beleid te maken. Het moest dus snel en simpel, dus met voorschriften, controles en straffen.
Gisteren begon het meetcircus, met een beetje geluk was je er in drie uur doorheen. Ik hoef natuurlijk niet, omdat ik niet meedoe en omdat ik een kingpost heb. Maar Cameron, met z’n nieuwe, pas een maand gecertificeerde Airborne Rev 14,5 was de lul. Hij had zich ook niet voorbereid, niet gecheckt wat de settings precies moesten zijn, of de organisatie de limits had, hoe de zijne stonden, maar ik had vooral medelijden met hem en met mezelf. Zeven uur in de bloedhete sporthal, twee keer op- en afbouwen, skypen en telefoontjes naar Australie waar iedereen naar bed ging en zenuwachtig overleg met Dennis en Thomas, en nou zijn de officiele getallen er nog niet. Hij moest z’n outer sprogs een complete slag omhoog draaien, en ik hoop dat ie dan nog net zo fijn vliegt als daarvoor. Je kan zien hoe gelukkig hij is met deze vleugel, hij vliegt de sterren van de hemel, gecoordineerd en zeker. Aan de andere kant, ik ben wel blij als ik zeker weet dat ie een veilige vleugel vliegt, en Camo haalt zelfs met een houten deur nog wel goal. Hopelijk kunnen we het vandaag uitproberen, want gisteren waaide het veel te hard om te gaan vliegen. Ik heb m’n boekje uitgelezen, slap geouwehoerd, en alleszins de dag compleet aan me voorbij laten gaan. Vandaag beter.

14 juli 2011

kleine irritaties

Ik voelde me enigszins schuldig gisteravond, om Gordon achter te laten met Len, maar shit ik heb geen zin om voor Lennie te gaan zorgen. Hij zoekt net zolang tot ie type Cameron gevonden heeft, iemand die geen nee kan zeggen, gaat er vanzelfsprekend vanuit dat hij niet hoeft te regelen dat ie een auto heeft, slaapplaats, team.
M’n knagende geweten komt ook wel door het ongeluk van tien jaar geleden, ook al had ik er niks mee te maken. Len heeft geweigerd mij een baan te geven bij de HGFA, waarschijnlijk omdat ik een Dutchie ben en wij Dutchies hebben zijn auto vernield.
We waren net aangekomen in Forbes met de hele groep, Diederik die de reis had georganiseerd lag harstikke ziek in z’n tent, en Len kwam heel hartelijk met ons meevliegen. Het was natuurlijk ook wel een buitenkans voor hem, want zonder sleepbedrijf kwam hij de lucht niet in, maar er was niks mis met z’n gastvrijheid. Op enig moment moesten er wat piloten worden opgehaald, en op de één of andere manier kreeg Corné de sleutels in handen gedrukt van Lens auto. Corné is de meest accident-prone persoon die ik ooit heb meegemaakt, hij had nog wat jetleg, last van de hitte, geen zin om te rijden, maar ik heb begrepen dat hij weinig kans kreeg om nee te zeggen. Onderweg moest ie ergens keren, reed daarna aan de verkeerde kant van de weg, en hij botste frontaal op een tegenligger. Mensen in die auto flink gewond, Lens auto total loss. En Corné is gevlucht, in plaats van schadevergoeding en verzekering enzo netjes te regelen. Hij moest voorkomen, maar op de één of andere manier kon ie met ons mee terug naar Nederland.
Begrijpelijk dat Len slechte herinneringen heeft aan Dutchies, maar hij snapt niet dat ik niet eens op het veld was die dag, en dat ik m’n eigen redenen heb om slechte herinneringen te hebben aan die groep. Nou ja, ik kan wèl nee zeggen, dus moest Gordon ’s avonds laat nog op en neer naar de camping omdat Len geen auto gehuurd heeft en geen team georganiseerd.

13 juli 2011

Castelluccio


Wow. Op excursie, naar Casteluccio. Wow. Verschrikkelijk mooi, spectaculair, buitenaards. Het is geloof ik een vulkaankrater, maar groter en imposanter en lieflijker dan ik ooit gezien heb. Enorme grassige bergen rondom, een gigantische vlakke bodem vol gras en bloemen, en ergens op eenderde een heuveltje met het dorpje erop, niet eens heel erg verpest door toerisme. Toen ik vanmorgen aan Atilla vroeg of ik mee kon was dat met het idee dat ik nooit zelf honderd kilometer zou rijden om een alternatieve startplek te bekijken, ik had niet verwacht dat het zo bijzonder zou zijn. Gezellig ook, goed lachen met Atilla en Flocky, terwijl Chubba ons met doodsverachting en 120 km/u door blinde bochten en kromme tunnels stortte. Niet kijken leek me de beste optie.
De piloten druppelen weer binnen, de sfeer wordt weer dat bekende voor-de-wedstrijd-sfeer. Iedereen blij om elkaar te zien, excitement, grapjes over winnaars en verliezers. Ik vind het ideaal, om hier te zijn als winddummy. Geen entry fee, geen verplichtingen, wel vliegen.

korte vluchtjes



Gosh ik ben extreem lui. Het is ook wel bizar heet en drukkend, 32 graden, ik ben natuurlijk weer flink verbrand voordat ik mezelf ertoe kan zetten om vet spul te smeren. Te weinig drinken te weinig slapen en de hele dag in de zon, en lekker als vanouds een dikke fantasy novel, dit is puur ranzen. We waren vrij vroeg op de noordooststart en we waren een beetje onzeker over de wind. Als ie erg uit het noorden komt start je in de lijzijde van een riggel, dan rotor je onherroepelijk naar beneden en moet je landen op één van de mini-hellingen in het dal. Geen goed vooruitzicht, en we keken om ons heen om te zien of er iemand zou starten. Kortom, we hadden een winddummy nodig. Goed dat ik nog niet officieel in dienst ben want ik had er weinig trek in om te proberen een potentiele catastrofe te overleven. In mijn plaats startte Artur, op z’n nieuwe litespeed, zodat het niet duidelijk was of ie last van turbulentie had of gewoon nog aan z’n vleugel moest wennen.
Ik stond met Atilla op de start en vertelde hoe perfect de eerste dag van de womens worlds was, een paar jaar geleden. We draaiden allemaal heel netjes, elkaar ruimte gunnend, voorzichtig en enthousiast naar boven over die riggel. Atilla merkte op dat vrouwen waarschijnlijk veel vriendelijker voor elkaar zijn in de lucht dan de mannen, en ik denk dat ie gelijk heeft. We vliegen toch iets meer omdat we het gewoon fantastisch vinden, en iets minder om te winnen, elkaar de loef af te steken.
Overigens is Julia er, en Corinna niet. Ze is geblesseerd bij een misstart, erg jammer. En Julia zal de WK niet winnen dit jaar ook al heb ik nog steeds alle vertrouwen in haar. Als er ooit een meisje was dat wereldkampioen overall kan worden, is zij het. Maar niet dit jaar. Ze is haar oorspronkelijke roekeloosheid kwijt, gelukkig, maar daarmee ook een voorsprong op iedereen die er wel aan veiligheid hecht.
Afijn, alle vijf of zes piloten vóór mij gingen goed omhoog dus ik startte ook. Ging ook goed omhoog, wel wat ruiger dan eergisteren, en toen ik op zo’n 1800 meter uit de bel werd gezet liet ik me zonder verzet richting het vliegveld duwen. Zo werkt het bij mij altijd, als ik erg onzeker over de landing ben zal ik geheid richting landingsterrein bewegen, het is gewoon de strohalm waar ik me aan vasthou. Na twintig minuten was het dan ook over voor mij, en met een heel redelijke landing en een lift van de Russen was ik niet eens teleurgesteld.
Cameron had weer een superdag, uren van Tre Pizzi naar Gubbio en terug. Vanmorgen gaan we vroeg omhoog want Maurizio voorspelt een weersomslag, en er zouden wel eens een paar niet-vliegdagen aan kunnen komen.

11 juli 2011

Eerste dag MteCucco

Het is een prachtige dag maar ik wilde niet meer dan een hopje doen, dus dat was het dan ook. Half uurtje rond de start gezwalkt, daarna een heel redelijke landing, en nu een middagdutje terwijl Gordon en Cameron nog ergens boven Gualdo Taldino hangen. Ik heb een aantal nachten nauwelijks geslapen, twee dagen gereden, en op het werk moest ik tot het laatste moment nog vanalles afmaken. Dat hopje was dus meer dan genoeg. Wel jammer van de condities, die zijn super. Cumulus flokkus vanmorgen, en na m’n landing zag ik een paar serieuze congestus achter de MteCucco opdoemen. De termiek was heel prettig tot een inversietje rond de 1600 meter. Ik merk wel dat ik, zonder taak, er erg slecht in ben om me een beetje te concentreren en echt moeite te doen. Nou ja, eerst maar ns bijslapen.