30 juni 2009
Verslaggeving worlds
29 juni 2009
Bruinehaar
01 juni 2009
tussenweekje
Maandag konden we niet vliegen vanwege de harde wind, dinsdag hingen er heel vreemde wolken en was de wind puur westelijk. De wolken waren altocumulus met virga eronder, heel gek om te zien omdat je zou denken dat zulke kleine hoge wolkjes geen neerslag kunnen geven. Het zag er allemaal nogal woest uit en ik weet hoe gevaarlijk het hier kan zijn met west en ik ben altijd een beetje extra gespannen op een stek waar ik een tijd niet geweest ben. Toch maar opgebouwd, en toch ook maar gestart want het kon eigenlijk best wel, en het knijterde omhoog. Plus vijf, plus nog meer. Tot drieduizend meter en hoger, supergoed eigenlijk maar ik bleef gespannen dus ik nam het minitaakje van de cursus binnendoor en landde vanaf heel hoog op de camping. Geen beste landing helaas. Bah ik begin een oud wijf te worden, snel moe en veel te nerveus.
Vandaag was de voorspelling erg goed en de wind stond ook perfect, alleen zag je hele hoge dunne melk, en inderdaad was het niet makkelijk. Eerst startte de parapentewedstrijd, een bizar gebeuren want die lui malen nergens om. Ze floppen hun scherm willekeurig ergens neer, haken zich in en starten ter plekke, ongeacht of er iets of iemand in de weg staat. Struikjes andere schermen tassen het maakt allemaal niet uit. Ze gingen ook goed omhoog en binnen een half uur hingen ze alle negentig in vrolijke kleuren kriskras boven ons te draaien. Een feestelijk gezicht maar weinig uitnodigend om ook de lucht in te gaan, terwijl de omstandigheden ideaal waren. Het werd langzaam moeilijker en toen ik startte moest ik een beetje schrapen, samen met Jan-Louis. Dat stelde me voor de keuze of ik grote risico’s wilde nemen, en toen Cameron ook nog eens tussen mij en de berg doorbanjerde besloot ik naar Barret te keren, better safe than sorry toch. Halverwege vond ik echter de bel van de dag en ik schroefde heel prettig naar 2400 meter, waar Cameron me weer in de weg kwam zitten. Dat mag natuurlijk, als ik wedstrijden wil vliegen moet ik toch zeker wel met hem kunnen draaien, maar ik ben dezer dagen gewoon uitzonderlijk meutig en ik wil de lucht voor mij alleen. Door naar de Beaumont dus, maar dat haalde ik niet en aangezien het eigenlijk de bedoeling was naar de Pic de Bure te vliegen verlegde ik m’n koers die kant op. Ik verwachtte bij Montrond of de St. Genis wel iets te vinden maar Montrond deed niks en ik zag beneden een enorm landingsterrein met twee vleugels erop en Hans de Korte die er net met zijn landing de wind aangaf. Daarheen dus, en na een ok landing stond ik weer op de grond.
’s Avonds naar het circus in het dorp, eigenlijk meer een soort klein theater, beetje Parade-achtig erg leuk. Clowns, kabaal en veel vette knipogen.
Onweer, dus ik zit in m’n tent en ik heb nog geen koffie gehad. Vandaag is de eerste dag van de NK, ik zal het gebruiken om m’n boek uit te lezen en nog eens te proberen m’n blog te publiceren. Verbindingen hier zijn waardeloos en ik heb ook nog een Spaanse simkaart in m’n telefoon dus ik ben grondig onbereikbaar. Hans en Christine maakten zich al zorgen, ontzettend lief. Ik maak me zelf ook zorgen trouwens en dat is dan weer minder. M’n knie verbetert totaal niet en nou weet iemand te vertellen dat het vast ontstoken zal zijn, heel griezelig. Gelukkig heb ik wel weer m’n zelfvertrouwen terug als het om landingen gaat, dus ik durf wel weer echt te vliegen. Als de voorspelde mistral uitblijft natuurlijk.
Ik ga maar eens even kijken of Ad en Jacques koffie voor me hebben.
Pinksteren
Nadeel van alleen op stap gaan is dat iedereen ongevraagd met advies komt, zonder na te gaan of ik misschien mogelijk heel veel meer ervaring heb dan zijzelf. Voordeel is dat ik van alle kanten hulp krijg. En alle nieuwe ontmoetingen zijn leuk. Helga, een knappe vrouw van 70 die al twintig jaar vliegt. Stresskip Suzanne die me het vlonder af probeert te zenuwen. ’s Avonds met de Belgen gaan eten, harstikke leuk zo’n groepje enthousiaste beginners. De sfeer is vergelijkbaar met een een clubje wedstrijdpiloten, net zo gepassioneerd en eindeloos eindeloos wordt er over vliegen gepraat.
31 mei 2009
Neumagen
Het kostte vanmorgen nogal moeite om mezelf te motiveren. Een lang wiekend voor de boeg, prachtig weer voorspeld, oostelijke wind. Dat wordt natuurlijk Neumagen of Dudelange, allebei ver rijden zo op m’n eentje en zonder vooruitzicht om bekenden te treffen. Her en der door het dorp zie ik wel Belgische en Duitse auto’s met vleugels, maar ik heb nog geen bekend gezicht gezien. Ik lees een beetje op de camping, hoop dat het vanavond nog rustiger wordt zodat ik een avondvluchtje kan maken. Ik probeer niet als een berg op te zien tegen het ophalen van m’n auto, maar ik herinner me nog wel dat het een heel lang stuk lopen is en dat er ’s avonds niet veel verkeer meer langskomt.
Om half zes gestart, verdorie ik leek wel een dronken eend zoals ik van dat vlonder afwaggelde. Toch weer teveel haast, ik probeer me niet te laten beïnvloeden door aardige mensen die rustig aan m’n kabels staan te wachten tot ik er klaar voor ben, maar ik blijf het lastig vinden dat ik op me laat wachten. De landing was ook al geen feest, natuurlijk was er net heel weinig wind toen ik binnenkwam en stond ie ook dwars op het vrij kleine veldje. Ik kwam in heuphoog gras terecht en vernaggelde m’n gloednieuwe dildo, en ik heb ook nog een winkelhaak in m’n droguechute. Balen! Maar ertussenin was het wel weer een feest. Een uurtje getermiekt met zo’n vijftien anderen, goed geoefend om ook linksom te draaien en door te werken zolang er nog mensen boven me zitten.
Op de start kwam ik Tom tegen met een klasje, leuk om te zien. Hij heeft het razend druk dus er is nog hoop voor de sport. Een Nederlands meisje kreeg haar eerste (tandem)vlucht, dikke kans dat ik haar nog naar hem heb verwezen. Ze bleef maar zeggen dat ze helemaal niks begreep, niks wist, niet wist wat ze moest leren en vragen. Ik heb haar uitgelegd dat het één grote informatie-overload is, zeker de eerste jaren, en dat ze er maar gewoon van moet genieten. Dingen leren komt later wel.
Nou vroeg naar bed. M’n enige gezelschap is een oud Belgisch echtpaar, heel vriendelijke mensen maar ze zijn duidelijk helemaal uitgepraat.
Een echte Duitse camping, alles keurig aangeharkt, poort op slot op de uren dat je binnen dient te blijven, hutjemutjevol caravans, een douche die na vijf minuten geen druppel water meer geeft en overal briefjes met vermaningen. En dan toch nog een hoop herrie en een rotte aardappelenlucht. En geen internet, dus ik ben dwars door de wijnvelden naar het zweefvliegveld gecrosst. De lucht ziet er slecht uit, een dik wolkendek. Ik ben ook niet fit, overal pijntjes en kwalen en dan natuurlijk ook nog kapotte spullen. Dat zal dan wel een superdag worden.
23 mei 2009
NK sleep uitgezakt
Ik vóél me niet alleen stom, ik ben het ook echt. Ik moet me toch echt beter concentreren en geduld oefenen. Morgen laatste dag.
22 mei 2009
NK sleep regen
Het blijft altijd een lastig dilemma want niet iedereen is even goed geïnformeerd, het leed van een ongeluk strekt zich ook uit buiten de piloot, en er zijn meer mensen dan hijzelf verantwoordelijk voor veilig materiaal, veilige beslissingen, elkaar attent maken op wat wel en niet veilig is. Jeetje wat een ongelooflijk lastig en ingrijpend thema. Ik gebruik maar gewoon een breukstukje, skids en een nieuwe gecertificeerde helm.
NK sleep
Vandaag veel stratusachtige bewolking en een voorspelling van harde wind, ben benieuwd.
14 mei 2009
Sprog ruling
Having fifteen years of experience in rulemaking and influencing peoples’ behaviour, partly in the Dutch aviation authority, I’d like to put forward a few thoughts on rules that are intended to make hanggliding safer.
I wonder what exactly is meant with ‘making hanggliding safer’. We probably want less accidents in hanggliding, or less fatalities and injured people. So what do we want to change, peoples behaviour when they’re flying, the conditions people fly in, or the material they fly with? To answer that question you have to know what causes accidents and what the probability is of a particular kind of accident to occur as a consequence of one particular cause. That’s what you need scientific research for, I won’t go into the details of proper policy-relevant research here.
Since we don’t register accidents properly, there are no decent data, but I’d guess more people die or get injured in launching and landingaccidents than in tumbles and collisions. That is not to say that we shouldn’t try to prevent tumbles, but it might just be a small gain in the overall safety of hanggliding.
Suppose it’s proven that less accidents occur if sprogs are set to certain angles (this is a different thing from proving that a glider has pitch up at certain sprogsettings. Pitch up is one indicator of safety, but certainly not the only one). Also suppose we have found a certain method to measure sprogsettings (as a matter of fact, we haven’t. In the trade of rulemaking, it’s good practice not to set rules when it’s impossible to measure the norms).
But suppose we know the angle sprogs should be set to be safe, now we want pilots to set their sprogs high enough to achieve less accidents. All pilots, but it’s reasonable to think that especially competition pilots will want to turn down their sprogs, since they need speed (apart from confidence, good handling, etc). How to get them to do this?
The German DHV is convinced people only behave the way they are forced to behave. So you set norms (limits to the sprogsettings), you inspect whether pilots actually conform to those norms, and you punish those who don’t until they abide by the rules.
In government and policy sciences, this is quite an oldfashioned view. The modern idea is that you try to get people to comply spontaneously. The way to get this spontaneous behaviour is by informing people, educate them, train them. Or seduce them, by giving rewards for conforming. Or stimulate them by giving those who comply an advantage over non-compliars. Forbidding something leads to the suspicion people will try to break the rules, and you’ll end in a spiral of controlling and punishing the rulebreakers ever more severe, while those rulebreakers will behave more and more childish, not taking responsibility for their own behaviour but thinking up ways to duck the rule without getting caught. (See for example Richard Thaler, Cass Sunstein, Nudge. www.nudges.org)
Here is the fundamental issue: who is responsible for the safety of pilots? Pilots take risks, as do people in other sports. By training and certification (preferably of production processes, not of individual gliders) and the spread of information about hazards we can collectively try to decrease the risks involved in hanggliding. All this helps pilots to make decisions about the risks they are prepared to take. As long as a person is not putting another in danger, no organisation has the right to tell him what to do or not to do. Any organisation that exists to further the interests of pilots, has a responsibility to help them to decrease risks. They have no right to tell us which personal risks we may or may not take.
13 mei 2009
wedstrijden
Geen taak


Ach vliegen is eigenlijk ook maar bijzaak. Ik was weer laat op start, had m’n latten nog niet eens allemaal ingestoken toen de dag al gecancelled werd. Omdat ik de eerste spetters al voelde pakte ik maar weer in, maar tegen de tijd dat we beneden waren trok het open en leek het toch nog een prima vliegdag te worden. De swifts hadden ook gewoon een taak en er werd flink vrij gevlogen, ook door het parapenteklasje. De twijfel duurde ongeveer even lang als de lunchpauze van de gondel, tegen de tijd dat we weer naar boven hadden gekund was het toch wel erg grijs. Dan maar naar de rodlbaan, met onze passen kunnen we er zo vaak als we willen in. Het werd natuurlijk pas echt opwindend toen Julia erbij kwam, zij verzon manieren om nog veel harder te gaan en uiteindelijk vlogen we in treintjes van zes of zeven knoerdhard de bochten door.
Achter alle lol weten we ook goed dat Paul vandaag begraven wordt en het komt af en toe even tussendoor in het gesprek langs. Vooral Corinna is er van onder de indruk omdat ze vorig jaar een paar keer met hem samen gevlogen heeft. Voor iedereen is het weer een reminder. Ik denk dat we daardoor nog uitbundiger probeerden het maximale uit die gekke karretjes te halen, als je geen lol hebt dan heb je niks.
Terwijl ik hier voor het hq zit te internetten hoor ik ze in het Duits overleggen. Het ziet er naar uit dat we geen taak zullen vliegen, er is alleen maar slecht weer de hele week. Dikke entry fee, lange reis, vrije dagen, afscheid van Paul gemist en sprogstress voor niks!
12 mei 2009
Tegelberg
Een typisch dagje. Om half zes bellen met Australië, om zeven uur met m’n laptopje bij het hoofdkwartier en tussendoor nog gauw even boodschappen doen, nog wat op en neer bellen en uiteindelijk kon ik me dan alsnog inschrijven. Toen ik terugkwam in het appartement vond ik Christine ongelukkig omdat ze had liggen piekeren over mijn gedoe met m’n sprogs. Het is ook wel een opgave om je aan DHV te onderwerpen, niet eens vanwege alle regels maar vooral om de sfeer: je moet vanalles, mag niks. De safetybriefing begon met een hele waslijst van verboden en straffen en zijdelingse opmerkingen waaruit blijkt dat de Duitsers er echt van overtuigd zijn dat wij niets liever willen dan ons zo snel mogelijk zo dood mogelijk te vliegen. Iedereen wil natuurlijk z’n sprogs verticaal naar beneden, iedereen probeert stiekem in de wolken te vliegen, iedereen zal expres de verkeerde kant op draaien in een bel en ook vooral de anderen lekker neppen door heel doortrapt benen buitenboord te hangen als een taak helemaal nog niet gecancelled is. Je mist een beetje het idee dat we zo’n wedstrijdje voor de lol doen, en dat de meeste meiden vooral met elkaar plezier willen hebben. We gunnen elkaar een goeie vlucht, doorgaans, maar daar durven de DHV-ers niet vanuit te gaan. Misschien is er ook wel veel meer gemenigheid in de top dan ik door heb, maar goed dan verpesten ze het toch voor zichzelf?
Als we direct na de safetybriefing gestart waren hadden we allemaal wel een leuk vluchtje gehad, maar het duurde lang voordat er een taak gezet werd. Vervolgens gaan de rigids eerst, een stuk of veertig, en dan mogen wij pas met starten beginnen als zij echt ver weg uit zicht zijn. Terecht, het is fijn dat we niet door elkaar de startcirkel ingejaagd worden, maar tja nu was de dag over toen wij klaar stonden. Toen Monique ook nog eens een misstart maakte (deze keer mankeert ze weinig, gelukkig) was het over.
Christine had wel haar vleugel mee naar boven genomen, maar besloot al snel om niet te vliegen. In plaats daarvan zorgde ze voor mij, de hele dag, super. Ik baal er wel ontzettend van dat ze zo in zo’n vliegdip zit, maar ik herken het helemaal en gelukkig neemt ze de tijd om er overheen te komen. Hans ook, die belt drie keer per dag om te checken of ze wel vliegt, en dan belt ie mij om te zeggen dat ik Christine de berg af moet helpen. Maar we zijn vriendinnen omdat we elkaar kunnen helpen niet die berg af te lopen, niet altijd.
Ik overwoog na het cancellen om naar beneden te vliegen. Ik stond ingehaakt, fit, de regen was er nog niet en ik kon in tien minuten geland zijn. Toch maar niet gedaan, het is het risico van een regenlanding niet waard. Goh wat worden we toch verstandig.
11 mei 2009
pre womens worlds
Zondagavond
Inderdaad, ruzie met de organisatie. Ik mag niet met de wedstrijd meedoen omdat ik geen getallen heb voor m’n sprogs. Dit is bijna niet uit te leggen aan niet-vliegers, vooral niet omdat ik (net als Moyes) ervan overtuigd ben dat de Duitse regels niet ok zijn. Zij geloven heilig in getallen, regels, voorschriften en certificaten, en omdat ze zo oprecht geloven dat het de veiligheid dient zijn ze ook niet van het idee af te brengen. Ik daarentegen denk dat veiligheid veel meer verschillende facetten heeft dan alleen een goeie pitch (zelfoprichtend vermogen als de lucht me naar beneden duwt, daarvoor moeten je sprogs hoog staan). Het is voor de veiligheid ook belangrijk dat je een goeie handling hebt, en dat vraagt nou juist om niet al te hoge sprogs. Het is dus een midden, en er is niet één goed midden. Dat heeft te maken met smaak, met manier van vliegen, met het soort lucht. En dan nog is er weinig echt wetenschappelijk gemeten en onderzocht: is er een duidelijke samenhang tussen tucks en lage sprogsettings; hoeveel ongelukken waren tucks of tumbles; maakt de vg-setting nog iets uit; hoeveel botsingen met een berg of in een gaggle zijn voorkomen doordat iemand snel en fel kon sturen? Nou ja, als ik niet mee mag vliegen dan hoop ik dat ze me niet kunnen verbieden op deze stek te vliegen. Maar tja, Duitsers zijn vaak wel enorm van de verboden en regels en de DHV is de baas.
Ondertussen doet Christine ook al niet met de wedstrijd mee, ze had sinds haar ongeluk in Bassano nog niet gevlogen voor vandaag. Vandaag ging het allemaal goed, ook al is ze ontevreden over haar landing, maar ze heeft toch geen zin in de stress van een wedstrijd. Ik begreep het eerst niet omdat ik eigenlijk nauwelijks verschil zou weten tussen hier vrij vliegen of hier wedstrijd vliegen, maar ook dat is weer iets Duits. Voor haar is een wedstrijd wel degelijk een hoop stress, want het Duitse team wordt uitgebreid begeleid door de verschrikkelijke Rudl en dan nog Ecki en Regina en Charlie voor de filmopnames. En ze moeten ook vanalles, ze kunnen niet gewoon gezellig vliegen zoals ze zin hebben.
Vandaag na de prijsceremonie van de German Open in de rij voor de gondel naar boven. Er kunnen maar drie vleugels tegelijk op en het ding gaat ongeveer eens per twintig minuten naar boven, dus ik heb een uur of drie staan wachten. Toen ik eindelijk boven was kon ik m’n quickpins niet vinden, dus het zag er naar uit dat ik opnieuw niet kon vliegen. Ik twijfelde eigenlijk of ik überhaupt wel moest vliegen, met koppijn en ontzettend moe, maar jeetje het is de enige oefendag vandaag, supermooi weer met minder goeie vooruitzichten, en ik heb al zo lang niet meer gevlogen dat ik alleen al even die berg af moest om te zien of ik alles in orde heb. Touwtje hier, batterij daar. Gelukkig vond ik de quickpins uiteindelijk toch nog, en het opbouwen van de vleugel brengt me altijd helemaal in de stemming. Nadat ik Christine eraf had gegooid (doodeng want ze vertelde dat ze de vleugel niet had uitgedoekt terwijl er wel degelijk latten krom waren) hielp Connie mij weg. Mooie start, en ik hobbelde vanzelf een megabel in en draaide een beetje naar boven, maar al gauw merkte ik dat ik echt niet kon centreren. Geen concentratie. Ik waggelde nog een beetje rond en genoot van het schitterende uitzicht op de Alpen, overal rotsen en sneeuw en beneden enorme frisgroene velden vol paardebloemen, twee grote blauwe meren en een stroompje. Erg idyllisch allemaal. Toen ik er genoeg van had vloog ik naar het landingsveld maar ik zat nog erg hoog, dus ik probeerde nog even of een alleenstaand kerkje het ook echt deed, zoals de theorieboekjes zeggen. Inderdaad, terwijl ik daar aan het zoeken was knalde er een roofvogel naar boven, en samen draaiden we nog een paar honderd meter op. Uiteindelijk vond ik het toch wel genoeg en met een matige landing heb ik dan toch weer eens drie kwartier gevlogen.
08 mei 2009
inpakken
Ik kan dinsdag niet bij de begrafenis van Paul zijn, wel maf ik vond het erg moeilijk dat het allemaal zo ver buiten m’n beleving gebeurde, nou ga ik zelf weg zodat ik ook die kans niet grijp om tot me door te laten dringen dat Paul er echt niet meer bij zal zijn. Het blijft een verslaving waar alles voor moet wijken. Te mooi om er mee te stoppen.
18 april 2009
Grounded
06 april 2009
wiekendje slepen bij Rinus
Volgens een collega is dit soort verstrooidheid typisch een geval van te weinig sporten, uit je trainingsritme raken. Daar had ik nog niet aan gedacht, en het zou wel kunnen kloppen. Sinds kort spring ik niet meer vanzelfsprekend twee of drie keer per week in het zwembad, omdat ik mogelijk allergisch ben voor het zwemwater. En dat terwijl dat zwemmen nou juist precies is wat ik nodig heb om m’n balans te herstellen, om m’n spieren en m’n hoofd weer even op nul te zetten.
Ik denk dat ik maar ns een nieuw zwembrilletje ga halen.
08 maart 2009
Eerste vliegdag van het jaar


Ik ben harstikke blij dat ik m’n vleugel weer heb en ook nog twee perfecte startjes gemaakt gisteren, helemaal goed. Ropje is de perfecte dealer, en vriend. Niet alleen levert hij m’n vleugel af en helpt me met het in elkaar zetten, aanpassen en tunen, hij maakt ook nog eens een testvluchtje, is contactpersoon met Moyes, helemaal goed. En het is gewoon gezellig, samen naar Stadskanaal rijden, verzinnen hoe het verder moet met de afdeling en met het wedstrijdvliegen. Hij heeft best wat met me te verduren gehad, zal zich vast wel vaak ongemakkelijk hebben gevoeld omdat hij ook in de wedstrijdcommissie zit en daardoor soms tussen twee vuren zit, en ik ben iedere keer weer onder de indruk van de manier waarop hij de problemen, en mij, benadert. Een echte goede vriend. Dat maakt het niet makkelijker voor mij om ruzie met Moyes te maken. Nou ja ik wil natuurlijk geen ruzie maken ook maar ik heb eigenlijk wel erg over me laten lopen en het wordt tijd dat ik m’n grenzen eens stel. Mijn vreselijke gebrek aan zakelijkheid en m’n moeite om op m’n strepen te gaan staan tegenover mensen die ik aardig vind, hebben me inmiddels echt duizenden euro’s gekost. Ik betaal door m’n neus voor een nieuwe vleugel, moet dan nog eens extra betalen voor transport (terwijl de vleugel zo duur was omdat ik een Europese prijs betaal, dan zou ie toch ook in Europa moeten worden afgeleverd zou je denken), en ik moet eindeloos wachten op herstel van foutjes en vergissingen. De Australiërs hadden wel hetzelfde beeld van Moyes, je stopt er een half jaarsalaris in maar dan nog moet je dankbaar zijn dat je hun vleugel mag vliegen. En Mart had denk ik ook wel gelijk, Australiërs zijn gewend om overal over te onderhandelen en als ik dat niet doe betaal ik de hoofdprijs.
Ze maken het me niet makkelijker nou Ropje ertussen zit, want hij geeft perfecte service dus daar kan ik natuurlijk niet over klagen. Dat wordt dus eerst betalen, en daarna maar zien of ik het nog ooit met Vicki kan verrekenen. Denk het niet. Hierna dus toch maar geen LitespeedS meer, ook al vind ik het een fantastische vleugel.
01 februari 2009
Afsluiting Australië
Het zag eruit als de mooiste dag van de maand en ik was helemaal uitgeslapen en fit, perfect gewoon. Een heel licht windje stond precies recht op de start van Brokenback, een enkel cumultje popte op in de helderblauwe lucht en ik ondervond later inderdaad megatermiek: hard en groot. Voor de start was een brandje en een helikopter vloog af en aan met bluswater. Een andere helikopter was eerder ’s ochtends tegen een hoogspanningskabel aangevlogen. Het was een gaaf gezicht, de helikopters op een paar meter voor de start, en we werden een beetje natgespetterd terwijl we de vleugels opbouwden. Katarina had hier nog nooit gevlogen dus Cameron briefte ons. Ze kon makkelijk het kleine bombout veld halen, waarschijnlijk net zo makkelijk het ideale veld dat ik een maand geleden had gebruikt, en met deze termiek zouden we misschien alledrie wel naar Newcastle vliegen. Toen de helikopters gingen tanken startte ik als eerste en ik spoot meteen naar boven. Al snel zag ik Kata ook in de lucht, ze steeg niet zo hard als ik maar ze ging wel omhoog. Ze dreef een pietsie naar het zuiden maar ik maakte me geen zorgen. Ze is altijd relaxed, verstandig, rustig. Als ze twijfels heeft zal ze niet starten en ze heeft genoeg ervaring om haar grenzen te kennen. Begin januari vloog ze mee in de Corryong cup.
Ik settelde lekker in m’n belletje en keek naar de start om te zien of Cameron al in de lucht was. Het zag er zo goed uit, wat een mooie afsluiting van een pietsie teleurstellende maand! Ineens zag ik Kata, heel laag, in een streep richting bombout. Veel te ver van de ridge af, waar ze vloog zou ze weinig lift vinden. Ik begon me zorgen te maken maar ik weet inmiddels dat het er van bovenaf vaak veel rotter uitziet dan voor de piloot zelf. Door de radio zei ik tegen haar dat ze iets naar rechts moest opsturen en vg aantrekken, maar m’n volume stond laag dus ik hoorde geen antwoord. Ik bleef omhoog draaien maar raakte ondertussen steeds zenuwachtiger over Kata. Tot m’n opluchting maakte ze een bocht, ik ging ervan uit dat ze lift gevonden had. Cameron vertelde later dat ze er achter uit viel, en als ze die driezestig niet gedaan had, had ze het gehaald. Ze verlegde haar koers naar een stuk waar de bomen dunner waren en het volgende moment zag ik haar schaduw. Ze had geen twee meter meer. Veertig meter voor het bombout veld klipte ze een boom en verdween ze voorover tussen de bomen. Ik zat op 1800 meter en schreeuwde door de radio naar Cameron dat Kata gecrasht was, ik was enigszins in paniek en bovendien wilde ik dat zij zou horen dat we het wisten. Ik wilde zo snel mogelijk landen maar niet zelf crashen, dus ik besloot naar de long paddock bij de auto te gaan. Ik probeerde er naar beneden te komen maar alles steeg, m’n vario bleef piepen en ik was zeker tien minuten, een kwartier, bezig om m’n hoogte te verliezen. Terwijl ik daarmee bezig was zag ik gelukkig wel Camerons vleugel middenin het bombout veld staan, niet ver van Kata’s crashsite en met de rug naar de wind dus hij was ok. Zodra ik op de grond stond begon ik te rennen, harnas en al de auto in. Het was 42 graden in de schaduw en ik was gekleed op een hoge koude overlandvlucht, ik snap nog niet hoe ik het voor elkaar kreeg. Ondertussen plugde ik de radio uit en hoorde ik van Camo dat hij bij haar was en dat ze bij bewustzijn was. Ik moest op de weg de ambulance gaan tegenhouden. De ziekenbroeder gaf me een loodzware tas en met z’n tweeën renden we de paddock over die nou toch wel heel erg lang was ineens. De struiken in, spinnenwebben braamstruiken takken stof. Gelukkig hadden Camo en ik goed radiocontact en het duurde niet te lang voor we ze gevonden hadden. Ik dumpte de tas en speerde weer terug om Camerons vleugel aan de kant te zetten en de helikopter binnen te zwaaien. De medic uit de helikopter douwde me een nog zwaardere tas in m’n handen en daar gingen we weer, door de struiken naar Kata. Op de een of andere manier hadden allemaal politie-agenten ons ook gevonden, en terwijl Kata lag te kreunen en Cameron en ik een beetje stonden te snikken wemelde het van de mensen. Ze wilden een keer of tien mijn naam, zijn naam, haar naam, geboortedatum, adres, om wild van te worden en het ergste was dat ze bleven vragen naar Camerons bedrijf. Het duurde even voor ik begreep dat ze hem de schuld wilden geven van het ongeluk, of ‘m toch in ieder geval aansprakelijk wilden stellen. Ik probeerde uit te leggen dat hij een soort held was, bij crosswind in enorme stress starten, in turbulente lucht met vol vg naar beneden racen en een prestatietoestel op een miniveldje landen.
Nadat Katarina met een nekfractuur, gebroken schaambeen en mogelijk gescheurde long was afgevoerd moesten we drie toestellen inpakken, eindeloze politiebelangstelling van ons afslaan, tientallen telefoontjes beantwoorden van mensen die het op de radio hadden gehoord en de belachelijk lange dirtroad de berg oprijden om de auto te halen. De brand was nog steeds niet geblust en de energiemannen hadden uitleg nodig. Wij ook, we konden niet begrijpen wat er was gebeurd. Ze is in paniek geraakt, maar waarom? In het donker, een complete dag na onze laatste hap, misten we de agent op het politiebureau van Cessnock die de sleutel van inbeslaggenomen spullen had, dus we konden Kata’s harnas niet meenemen. Ik was klaar om iemand te vermoorden dus Cameron trakteerde me uit puur zelfbehoud op Thai. Midden in de nacht terug in Blue Haven konden we eindelijk een koud biertje pakken, zelden smaakte een Tooheys zo goed.
M’n laatste dag hebben we gebruikt om de herinnering aan Brokenback te retoucheren. Een vriendin van Camo’s ouders werd achter de tv weggehaald om voor ons te rijden, en iets te laat vlogen we met z’n tweeën langs de plek waar Katarina crashte. De hele lucht voor ons alleen, geen helikopters, geen gaggles, heerlijk. Het was niet meer zo super als de dag ervoor maar het ging nog goed omhoog, af en toe wel erg agressief. Alsof een onzichtbaar monster een gemene duw tegen m’n vleugel gaf, een paar keer moest ik een complete 360 wegdraaien. Na anderhalf uur zette de zeewind in en zakte ik uit middenin een paardenfokkerij. De paarden waren meer nieuwsgierig dan bang en geen mens liet zich zien.
De terugweg liep van de pub via het politiebureau en de Thai naar het ziekenhuis en Camerons ouders. Drukdrukdruk maar alles verliep even positief, Katarina was opmerkelijk helder ondanks de morfine en ze heeft goede kansen op volledig herstel.
Inmiddels ben ik terug in Den Haag. M’n ogen beginnen dicht te vallen en morgen begin ik aan m’n nieuwe baan, dus ik moest maar eens op bed aan.
31 januari 2009
terugreis
24 januari 2009
Kust
We zijn vanaf MountBeauty eerst naar het zuiden afgezakt, en hebben vanaf Lakeside de kustweg gevolgd. Mooi, Bountystranden en weelderige vegetatie, maar ook wel een beetje saai. Als iemand had beweerd dat het de kust van Florida was had ik het ook geloofd. Heel veel bomen dus weinig uitzicht. Wel stranden zonder andere mensen. We waren al een paar uur onderweg toen Cameron ineens op m’n schoot sprong. Er zat een enorme harige bruine tarentula op z’n stoel. We zetten het allebei op een gillen en het monster verdween in de kier van de riem. Nog zeker een uur bleven we filosoferen over de giftigheid van het beest en waar ie zich verstopt had en wanneer we ‘m weer zouden zien. Opeens stond Camo bovenop de rem, de spin was over de voorruit heen gerend en zat nu op mijn deur. Na een foto werd ie met een slipper weggejaagd, en onze hartslag kon weer naar beneden. Totdat m’n oog op weer zo’n griezelig geval viel, net achter Cameron. Opnieuw maakte een slipper korte metten, maar nou durf ik toch niet meer in de auto te slapen. Waar er twee zijn kunnen er makkelijk meer zijn lijkt me. Gelukkig hadden we gisteravond een feestje bij Curt Warren en Louise, en konden we op de bedbank blijven slapen. Geruststellend, een schoon huis zonder stapels bagage. Vandaag vliegen op Stanwell Park of Nowra, en dan door naar Newcastle. De extra tijd die ik heb hoef ik nu niet meer te gebruiken om een baan te zoeken en een visum te regelen, dus ik kan me het schompes vliegen en bij Airborne bespreken of ze een tweede vleugel voor me hebben, voor volgend jaar. Scoren doe ik toch niet dus dan kan ik net zo goed op een andere vleugel vliegen dan die ik gewend ben.
22 januari 2009
Wedstrijden voorbij
Heather en Mart hebben een prachtig huis met enorme ramen aan drie kanten, ideaal om het gigantische gustfront goed te zien. Terwijl wij stonden te genieten van de waanzinnige windvlagen en bakken regen, stond Cameron de tent overeind te houden en vielen de takken en bomen op caravans en kinderen. Nou ja binnen een paar uur was alles weer droog en gerepareerd. Prijsuitreiking, diner en feest waren tof, Cameron won de sportsmanship award en zat een kwartier lang z’n ontroering weg te slikken. Ik moest natuurlijk weer het podium op als derde vrouw, altijd pijnlijk genant als ik zo gruwelijk slecht gescoord heb. Wat wel weer leuk was dat Heather een Pipi Longstockings boekje voor me gekocht had
Vanochtend de tent inpakken, dat wordt nog een drama want we voelen ons niet helemaal fit en de rotzooi is onbeschrijfelijk.
Het plan is om naar het zuiden te rijden en dan de kust te volgen tot Hill 60 of Stanwell Park, waar we mogelijk overmorgen kunnen vliegen.
21 januari 2009
Waarschijnlijk laatste taak
Gisteren gecancelled, niks mis mee want Gerolf was in een uitstekende bui dus ik heb een hoop geleerd. We hadden het erover om helemaal te vertrekken, de vooruitzichten zijn erg slecht en onze tijd is te waardevol om hier dag in dag uit rond te h angen. Als er nou een programma was van lessen van de toppers, dan zou het anders zijn. Gerolf, Jonny, Corinna en Lukas hebben genoeg te vertellen. Vanmorgen togen we met z’n allen naar Tokumwal launch en ik had me opgegeven voor de alternate launch, dus ik moest als tweede binnen een paar minuten van de berg af. De wolken scheurden langs en de startplek zag er een beetje dodgy uit, bovendien bouwde bijna niemand z’n vleugel op. Ik wel want je weet maar nooit. De winddummy pakte halverwege weer in uit angst om het bombout terrein niet te halen, maar een parapenter startte wel en Cameron vloog ook als dummy. Dat gaf de doorslag en binnen een paar minuten hadden we een taak. De wind op de start, puur rotorige termiek, was heel erg licht en het was bloedje heet. Ik moest lang ingehaakt wachten, helm op, dikke handschoenen aan, m’n hartslag zat op tighonderd tegen de tijd dat ik moest. M’n start was goed maar ik kon minuten lang niet lekker indraaien. Toch won ik hoogte en utieindelijk zat ik utistekend, hoog en een beetje voorop. Gaaf, tot aan het keerpunt vloog ik continu achter Scott, verschillende bellen met Ollie. Ik vloog met de leadgaggle en kwa hoogte en afstand zat ik zo ongeveer op een vijfde, zesde plek. Niet slecht. Ik dacht wel nog, shit, sprogs flink omlaag, fancy Aframe en het blijft potdorie nog steeds hard werken. En ja, hoogmoed komt voor de val. Ik gaf m’n hoogte op alsof ik met geld aan het smijten was, vergat dat je toch wel wat meters nodig hebt om ergens te komen. Ik nam het keerpunt te laag, dreef wel leuk windmee terug op koers maar ik zat al onder ridgehoogte en er stond een pittige noordwestenwind waardoor de bellen moeilijk te pakken waren. Op het tweede keerpunt zakte ik uit. Uitstekende landing in een koeienveld, inpakken op het gemaaide gras voor een camping. Een duik in het riviertje, nadat we compleet waren afgekoeld Phil opgehaald. Uncle Phil (mister Grumpy, pas gelukkig als ie ongelukkig is) zit in de safety committee en hij vond het bijna te ruig om te blijven vliegen. Ik had het wel naar m’n zin, iedere keer weer blijkt dat ik het beter doe in stevige condities. Ik had alleen moeten werken, in plaats van geloven dat het allemaal vanzelf ging vandaag. Nou ja, niemand dacht dat we zouden vliegen vandaag en het lukte toch, geweldig. Er is zelfs nog geen onweer geweest, en de wind pikte wel even stevig op maar verdween daarna weer.
Morgen laatste dag, waarschijnlijk geen vliegdag.
20 januari 2009
Het ene na het andere front komt over ons heen, met snoeiharde wind en onweer als gevolg. Gistermiddag was het nog wel leuk, iedereen dook het gat van Porepunkah in, leuk spetteren in een ideale waterval. Vandaag is het treuriger. Sprogs naar beneden gedraaid, opgemeten, de finesses van de vg-setting besproken. Heerlijke lunch, nu aan het werk. Ik schrijf een artikel over regulering en sprogsettings, Lukas wil het in een youtube filmpje vertalen zodat iedereen snapt waar het over gaat. We denken erover om morgenochtend al op te breken, de kans op vliegen hier is bijzonder klein en onze tijd in Australië is te kostbaar om doelloos rond te hangen.
18 januari 2009
Mount Buffalo
Twee-en-een-half uur gevlogen voor 56 kilometer, jeetje. Ik kan niet eens verklaren waarom ik zo superlangzaam was. Het termieken ging erg moeizaam, het was nogal ruig met een stevige inversie + windshear op 1900. Ik was nog steeds een beetje slapjes, misschien toch dehydration. Mogelijk drink ik teveel water, het spoelt de mineralen uit m’n bloed. Steken sloeg al helemaal nergens op, ik durfde niet meer dan half tot driekwart vg aan te trekken en ik gleed voor geen meter. En dan zat ik ook nog vaak erg laag en dat kost altijd veel tijd, omhoog ploeteren van onder ridgehoogte. Het landschap beviel me helemaal niks, lage brede beboste heuvels en heel smalle volgebouwde dalen. Heel erg weinig landingsmogelijkheden, waarschijnlijk veel wind bij de landing en goeie kans op turbulentie. Op de terugweg van het eerste keerpunt zakte de hele achterhoede uit en ik zette ‘m neer op het beruchte Mystic bomb out veld. Prima landing, het is zo langzamerhand meer een kwestie van zelfvertrouwen dan van techniek. De auto was er al, Cameron was te ziek om te vliegen maar hij pakte wel m’n vleugel in. Belle droeg sapjes en snacks en slippers aan, ik voelde me de prinses op de erwt. Nou ja laat ik er maar van genieten wanneer al die hulp er is, ik land vaak genoeg heel alleen ver van een weg af.
17 januari 2009
Ziek
16 januari 2009
Niet-vlieg wedstrijd
Derde wedstrijddag niet gevlogen. Te harde wind, te vlagerig en waarschijnlijk forse windshear ergens tussen top en bottom. Je wordt er nogal flauw van, iedere dag vroeg opstaan, op tijd bij de briefing zijn, snel opladen en naar boven rijden, opbouwen. Dan uren wachten tot je paars ziet van verveling, hopen op een verbetering. Het werd alleen maar krachtiger en uiteindelijk hield een van de winddummies het niet meer. Hij startte, werd alle kanten opgeblazen, rotorde naar beneden en wist z’n toestel nog net op een fatsoenlijk terrein neer te zetten. Daarmee is de dag dan weer voorbij, voor we helemaal ingepakt en terug op de camping zijn is het vijf uur geweest.
15 januari 2009
Gecancellde dagen
Zelden heb ik zo staan twijfelen op een start als gisteren. Latten erin, latten eruit, een paar keer. Er stond een stevige, vlagerige wind, altostratus boven ons en in de verte een hele rij virga. Maar daarachter blauwe lucht, en het zag er wel startbaar uit. Er waren eigenlijk geen veiligheidsredenen om niet te vliegen, en ik ben na drie rustdagen ook wel erg eager. Wat de doorslag gaf was het vooruitzicht van lang wachten op vliegbare lucht en tijdens het wachten wind en regen zodat de vleugels risico lopen. Net toen ik compleet was ingepakt startte de eerste, en uiteindelijk vlogen er zeker twintig naar beneden. Ik vond het toch niet de moeite waard om weer op te bouwen, dutte de middag weg en probeer tenminste drie bladzijden Reichmann wakker te blijven.
14 januari 2009
MountBeauty
De briefing is uitgesteld tot tien uur, maar het is eigenlijk al duidelijk dat vandaag gecancelled zal worden. Veel te veel wind. Gisteren vlogen we vanaf Mount Emu, practice day. Ik was derde off, deed een genante start in het zuchtje wind dat er was, had minuten lang nodig om controle over de vleugel te krijgen. Ik hing veel te hoog, moest het volume van m’n compeo nog aanzetten en de lucht was heel raar. Het leek me een geval van opnieuw wennen aan bergvliegen, logisch dat de lucht anders is dan in de flatlands, maar na een uurtje worstelen vond ik het in ieder geval niet leuk meer. Ik kwam niet omhoog en ik kwam niet vooruit, het voelde aan alsof ik in rotor aan het termieken was en het leek alsof er een snoeiharde wind stond terwijl m’n instrument zei dat het nauwelijks waaide. Ik landde op het vliegveld en hoorde later van Blenkie dat hij boven de inversie in wave terecht was gekomen. Echt harde wind dus, en het verklaarde het rotorgevoel onder de 2100 meter. Zelfs nu ik vandaag weer een extra hangloopje ophang ga ik toch zeker niet vliegen als het nog harder waait. Het is nu een kwestie van het leukste alternatieve programma met de leukste mensen vinden, wandelen of kayakken of wijnproeven.
Het is mountainbiken geworden. Niks spectaculairs, net een lekkere rit rond Falls Creek. Hoog dus fris, snoeiharde wind. Ik heb liever Nederlandse stadsfietsen en asfalt, maar het was wel lekker om een stuk stevig te fietsen. De teamverhoudingen raken inmiddels ook wel duidelijk. Cameron is altijd vriendelijk, behulpzaam, lief. Steve is witty, een beetje edgy, toppiloot en leraar, hij en ik zijn het meest aan het praten, plagen, taking the piss out of eachother. Phil is pas gelukkig als ie ongelukkig is maar hij is ok, je moet gewoon om ‘m lachen en ‘m z’n zin geven als het toch niks uitmaakt. Ik ben benieuwd hoe het met Belle als chauffeur zal gaan maar wij vier raken wel aardig op elkaar ingespeeld.
Er is een fire alarm dus open vuur is verboden, maar wij proberen toch een barbie te doen. Proberen, want de gasslang knalt iedere keer los en het ziet er allemaal erg gevaarlijk uit. Ik ga maar eens een stukje verderop zitten, waarom kunnen mensen niet gewoon groente eten?
12 januari 2009
Forbes Flatlands afgelopen
Dit was de dag dat er echt helemaal geen reden was om uit te zakken. Mooie wolkjes, taak downwind, ik voelde me superfit en alle pijntjes en blessures waren onder controle. In gedachten voerde ik een gesprek met Jan: ik vlieg altijd het beste als er iets mis is. Kennelijk heb ik de afleider van pijn of een bocht in de vleugel of hevig turbulente lucht nodig. Helpt dat om m’n aandacht beter te richten? Zodra er ruimte voor is ga ik denken, redeneren, mezelf al op goal fantaseren.
Ik was verschrikkelijk teleurgesteld maar tegen de tijd dat ik in de auto zat was de lucht zwart en zagen we overal regenbuien. Phil stond al aan de grond en een paar minuten later werd de taak gestopt. Daarmee won Blay de wedstrijd, met Jonny tweede. Dat scheelt een hoop voor de Australische ladder waardoor Cameron een kansje heeft om net het nationale team te halen. Die zien we komende zomer dus wel weer in Europa.
Het feest was geen feest, wel gezellig maar het was gewoon veel drinken en kletsen in de kroeg. Geen muziek, geen dansen. Iemand zei dat dat typisch Europees is, dat er gedanst moet worden op een feest. Ik was een gedeprimeerd omdat het alweer over was, het is toch nooit zeker of ik volgend jaar weer kan komen. Veel te laat en na iets teveel drinkspelletjes ging ik naar bed maar ach het hoort er bij om een volle dag te rijden terwijl je je zo brak voelt dat je eigenlijk alleen in bed wil blijven liggen. Onderweg nog even langs de Murrayrivier, handjes schudden en fotoos bekijken van kayakwedstrijden die Cameron lang geleden won.
Nu zit ik te bibberen in onze megatent, wakkergeschreeuwd door de rivercockies. Het schijnt goed heet te worden vandaag en morgen, lekker vliegen dus.
10 januari 2009
Gecancelled

Ik heb nog nooit zulke wolken gezien als gisterochtend. Zevenachtste lenticularis leek het wel, maar daarbovenuit staken de bloemkolen van cumulus congestus. Ik mocht met Peter mee in de dragonfly om de lucht uit te checken. Supergaaf, we staken gewoon recht door de wolken heen om een beetje boven de bedekking rond te toeren op zoek naar nare lucht. Vervolgens zette hij de motor uit en spiraalden we (koud!) terug. Het leek mij allemaal niet overdreven tricky dus ik begon op te zetten, maar niet veel later was er onweer in de verte en er kwam nog donkerder lucht op ons af. Na enige discussie werd de taak gecancelled. Als we hadden gewacht was het wel vliegbaar geworden, maar een grote taak zat er sowieso niet meer in. Jammer want gisteren voelde ik me fitter dan tot nu toe. Nou ja, vandaag dan maar.
Om onze tijd te verdoen gingen we in Parkes de Elvissen bekijken. Er is een groot Elvis festival daar met allemaal dikke ouwe mannen in Elvisoutfit, erg grappig. De sfeer in zo’n Aussie stadje is helemaal goed, gezellig, mensen hebben plezier en ze zijn allemaal al enorm chatty. Een Australiër zal altijd een beetje kletsen met iedereen die toevallig in de buurt is. De caissière, iemand in de pub, degene die achter je staat in de rij voor de flappentap.
Dan met een groeiende groep hangies naar de Chinees. Ook in een serieus restaurant kijkt niemand er van op dat je met een hemd en blote schouders, pet op, de stukken vlees uit je schaal pikt. Je valt meteen op je eten aan en dat moet ook want niemand maakt er een punt van om een tafel tegelijk te serveren. Gisteravond liep het erg slecht, één man kreeg helemaal niet wat hij besteld had en een ander weigerde te betalen. Terwijl we in de rij voor de kassa stonden kwam de kok tegen ons schreeuwen, ze had nog net geen pollepel in haar hand.
09 januari 2009
Forbes Flatlands 2009



Het is best raar, wedstrijdvliegen. Ik zie er niet uit, zit onder de blauwe plekken (landing in de distels), al m’n nagels zijn inmiddels afgebroken en smerig, ik ben gekleurd als een zebra met m’n witte sokken korte broek top en hoed. Alles doet pijn van overbelasting en vermoeidheid. Het is oncomfortabel, zweten en bibberen en pijn in je rug en nek en dorst en een volle blaas, uren in de auto met een houten reet of uren wachten in een veld met gemene mieren en te weinig water. Het kost een fortuin, slokt alle vrije tijd op, beperkt m’n sociale leven. Prestatiegericht vliegen is eigenlijk zonde, ik vergeet soms om te genieten en ik scoor niet eens. En toch wil ik niks anders. Wedstrijden geven de motivatie om alles op alles te zetten voor die ene vlucht waar alles bij elkaar komt, alles klopt. Ik hang op 4000 meter met het mooiste landschap onder me, alles is bereikbaar. De lucht is koel, een adelaar komt naast me vliegen en bekijkt me goed voordat hij achter een wolk verdwijnt. Ik lig in m’n harnas en voel de bewegingen van de lucht. Het moment is de eeuwigheid.
En dan natuurlijk ook: no pain no gain. Het is pas leuk als het moeite kost. Recreatief rondfladderen doet me niet zo heel veel, het verveelt en ik ga nooit tot het gaatje. Toch starten terwijl m’n armen aanvoelen alsof er met een moker op is geslagen. Terwijl het hard werken is om netjes achter de tug te blijven in de pittige turbulentie van wind en dusties. Tien ibuprofens naar binnen werken omdat de tranen anders over m’n wangen rollen van de pijn. Langer in een gaggle blijven dan ik eigenlijk durf, opletten, een uitwijkmanoevre uit m’n tenen halen. Mezelf na drie uur moed inpraten: if it wasn’t a task we would call it an easy. Minuten lang staan te shaken na m’n landing, voordat ik in staat ben om m’n harnas in te pakken en m’n vleugel op te tillen. Met trillende handjes de coördinaten intiepen en even checken waar ik eigenlijk sta, de kick van een mooie afstand. Als ik weet dat ik echt m’n best gedaan heb, maakt het niet uit of ik op goal sta. Het was gewoon supergaaf om er alles uit te halen en misschien beter te vliegen dan een ander, of nog mooier beter te vliegen dan vorig jaar.
Nog twee dagen, dan vakantie bij de Bogong cup.
Zaterdag
Shit gisteren de hele dag niks gedaan en toch nog vergeten om Brians muziek te rippen. Hij heeft meer dan honderd jaren ’70 disco cd’s bij zich, ideaal voor de lange retrieves.
Het is blauw, dat wordt weer vliegen vandaag jippiiiieeee!
Rustdag
Woensdag werd gecancelled vanwege het weer, vrijdag is een rustdag vanwege de begrafenis van Missy, dus het zat er dik in dat we donderdag een megataak zouden krijgen. 270 km. Keiharde wind, blauwe lucht, plafond op 1500 meter. Bobby zette me mooi in een belletje af, en ik draaide meteen met de gaggle mee. Na twintig minuten op en neer jojoen en constant stress van mensen die niet duidelijk binnendoor of juist buitenom wilden, onduidelijke kernen, langzame lift, wist ik zeker dat als ik nog langer in de gaggle zou blijven er uiteindelijk een botsing van zou komen. Ik moest kiezen, terugsteken naar de paddock en herstarten, of op hoop van zegen op koers gaan. Omdat we al zo ver weg waren gedreven deed ik dat laatste, maar er was niks meer. Tweehonderd meter voor de startcirkel landde ik en nog voordat ik m’n rits dicht had was Brian er al om me terug naar de paddock te brengen. Inmiddels was Cameron ook uitgezakt dus het leek mij het handigst als Brian de voorste piloot zou chasen in plaats van op mij te wachten. Als Blenkie of Phil goal zou halen zouden we allemaal het snelst thuis zijn als ze meteen in de auto konden springen en mij dan op de terugweg oppikken. Maar nee, de jongens zijn een pietsie overbezorgd om mij, wat wel heel lief is, dus er werd wel degelijk op me gewacht.
Ik startte de tweede keer heel alleen, iedereen was weg, ingepakt of uitgezakt. Zelfs de leerlingen waren klaar, het waaide veel te hard voor hen. Blano sleepte me naar de maan, superdeluxe ook al is het een aanslag op biceps en handen om zo lang achter een tug te hangen. Op 1500 meter zwaaide hij me af en had ik de hele grote lege lucht voor mij alleen. Mooi zo, kan ik met m’n ogen dicht termieken dat komt goed uit op zo’n lastige dag. Laag vond ik nog een paar belletjes, het leken eigenlijk meer dustdevils. Erg violent en grillig zonder dat ik nou echt serieus hoogte won. De teammaten begonnen iedere keer te praten net als ik een piepje vond, en m’n radio werkt niet goed dus ik moest zien te centreren terwijl er een gillend varken in m’n oren zat. Dat hielp niet dus zesenveertig kilometer later stond ik weer aan de grond, au auwend van de pijn in m’n borstspier. Brian en Camo kwamen alweer aanrijden voordat ik goed en wel was ingepakt, en we reden naar Dubbo om Blenkie op te pikken. Phil stond op goal, ik heb hem nog niet eerder zo blij gezien.
Scores: http://www.moyes.com.au/Forbes2009/Results/Results.aspx
Vluchten: http://xc.dhv.de/xc/modules.php?name=leonardo&op=list_flights&pilotID=0_3047&year=0&country= (klik op het wereldbolletje rechts van een vlucht om de track te zien. Startplaats was niet Manilla maar tja dat verzint de OLC volautomatisch)
Oz report (echte taakverslagen): http://ozreport.com/blog.php
06 januari 2009
personal best
Ondertussen gaat de wedstrijd gewoon door, is de sfeer toch uitstekend, en vlieg ik beter dan ik ooit gedaan heb. 182 km gisteren, m’n personal best (in de results staat 173 km omdat de berekening van een wedstrijdtaak iets anders is dan de werkelijk gevlogen afstand). Phil en ik vlogen grotendeels bij elkaar, maar hij zat voortdurend erg laag en ik bleef bijna de hele vlucht boven de tweeduizend, 3800 meter één keer. Voor het keerpunt zakte ik bijna uit, maar de magie werkte nog steeds: aan je chauffeur aangeven waar je laag zit levert bijna altijd piepjes op. Toen ik vier-en-een-half uur later op circuit draaide kwam Brian aanrijden en tien minuten later landde Phil. Ik kreeg zowaar een felicitatiekus van mister Grumpy!
Midden in de nacht konden we gestrekt en een paar uur later zweetten we onze bedden alweer uit. Weer een dag.
04 januari 2009
Alweer 100 km
Nu massage, heb ik toch wel hard nodig na de drie-en-een-half-uur gisteren dat ik veel te laag hing en daardoor nauwelijks m'n vg aan kon trekken.
03 januari 2009
Forbes practice day en day 1
Ik moet een beetje opschieten. We waren gisteravond pas tegen twaalf uur terug om de gpssen uit te lezen, douchen napraten slapen, dus alle huishoudelijke dingen moeten vanochtend voor de briefing gebeuren. Voer inslaan, radio repareren, tracklog downloaden. Nooit tijd om eens even te lezen maar ach daarvoor ben ik ook niet hier.
31 december 2008
Nieuw jaar
Eind van de middag belde Lesly om te melden dat het on was. Binnen vijftien minuten waren we onderweg naar Crackneck, en ja hoor het was perfect. Toch nog vliegen voor Forbes. De start was nogal stressy omdat ik niet gewend ben aan de dunne scherpe uprights, en op Crackneck moet je ook echt aan het randje gaan staan. Toch goed weg, een uurtje keihoog rondgedobberd en bochtjes draaien en achter de eagles aanvliegen en racen. Ik wilde wel landen maar het strand was nogal vol met mensen, en je moet in een behoorlijke bocht landen ook en er staan grijpgrage bomen aan de ene kant en er is water aan de andere kant. Bovendien kwam ik totaal niet naar beneden, ik bleef maar 360ers draaien tot ik dacht dat het nou toch wel ns zover moest zijn. Eigenlijk zag ik het al meteen toen ik op final ging, veel te hoog, dit werd een major overshoot. Aan het einde van het strand is een soort enorme stenen plaat vol met boulders en gaten en water, helemaal niet goed. Het werd op z'n minst een gebroken enkel en een kapot Aframe, ik wist dat ik van geluk mocht spreken als het niet ernstiger zou zijn. En dan toch he, ik weet niet waar ik het aan verdiend heb maar ik landde precies goed op een minuscuul plat steentje waar ik ook meteen weer vanaf gleed. De enige schade is een krasje op m'n neusplaat.
28 december 2008
Regen
27 december 2008
Dag 2 in Oz
Gearriveerd
Ik ben nog duizelig en raar van de reis maar we gaan zo lekker vliegen. Nog niet op m’n nieuwe vleugel, eerst maar eens even een no brain vluchtje. Zien of de cocktail van chemicaliën, jetlag en slaapgebrek invloed heeft op m’n beoordelingsvermogen. Ach daar had ik toch al nooit overdreven veel van, ik ben gewend om te vliegen met een duffe kop en trage reacties. Als ik maar de lucht in kan.
20 december 2008
Inpakken en bijna wegwezen
Nou inpakken, het allerallervervelendste onderdeel van reizen. Ik ben aan het dralen, eerst nog even afwasssen, blog schrijven, eerst nog even de krant lezen. Maar nu met het echt want over viereneenhalve nachtjes slapen ben ik weer onderweg, jippiiiieeee!
30 november 2008
Spetteren
Het zou dit wiekend de laatste kans zijn om nog een keer met m’n vleugeltje in Nederland te vliegen voordat ik ‘m volgende week aflever bij Uschi. Maar het is koud en grijs en niemand antwoordde of ze zouden gaan lieren dus ik bedacht gisteravond al dat ik het dan toch maar voor gezien hou. Over vier weken hang ik lekker in een brandend zonnetje boven de oceaan bij Newcastle dus dat komt wel goed. Een paar weken geleden hadden we al betaald voor kaartjes voor Waterdreams, lekker decadent surfbabe spelen. Wij dus eind van de middag naar Zoetermeer om twee uur te proberen langer dan een halve seconde rechtop te blijven staan op een board op een enorme golf. Bij de eerste poging liep ik mijn whiplash op maar zonder enorme nekpijn en blauwe plekken hoor je er gewoon niet bij. No worries dus en na twintig pogingen kon ik zowaar echt blijven staan, tenminste totdat ik actie moest ondernemen om me zijwaarts te bewegen. Dat is voor gevorderden maar ik ben wel al zover dat ik niet iedere keer op dezelfde schouder knal. Laatste half uurtje nog even bodyboarden, heel erg leuk en daar ben ik dan wel weer goed in. De avond vervolgd met lekker eten in Wouters opgeruime (!) kamer, nu gauw de sauna in in de hoop op enig herstel van de spieren.
23 oktober 2008
waarom mensen vliegen
http://www.youtube.com/watch?v=cmq1CyvEYr8
18 oktober 2008
Zoutelande
Eén van m’n nieuwe buren bleek lid van de afdeling, en mijn telefoontje bracht hem ertoe om na vier jaar maar weer eens mee te gaan. Ik begreep wel dat hij niet overdreven veel vliegervaring had voor z’n laatste vluchtje van vier jaar geleden, maar ik had toch ook wel de indruk dat hij volledig zelfstandig vloog en redelijk zelfverzekerd over z’n vaardigheid was. Bovendien had hij ooit op Zoutelande z’n eerste vluchtje gemaakt, dus hij had er alle vertrouwen in dat het vandaag zou lukken. Ik wilde hem eerst weghelpen en dan daarna een wandelaar ofzo vragen om mij te helpen, hij was natuurlijk toch behoorlijk gespannen. Het maakte voor mijzelf ook wel weer even duidelijk hoeveel ik vooruit ben gegaan in al die jaren, ik had er een paar jaar geleden toch niet over gepeinst om hier helemaal alleen te gaan starten. Afijn, Rolfs start gebeurde niet. Nog voordat hij z’n vleugel goed en wel oppakte riep hij al ‘los’ en gaf z’n neus een vrolijke zet, zodat hij met een sierlijke zwaai recht tegen het hekje achter ‘m knalde. Leading edge gebroken en spieren in een flinke kramp maar al z’n botten waren nog heel dus ik ben toch maar gestart. Een uurtje lekker makkelijk, hoog, rustig, beetje saai maar het uitzicht is echt schitterend en er waren genoeg parapenters om omheen te slalommen en ik had genoeg hoogte om wat te spelen, in m’n frame gaan zitten enzo. De vloed leek toch wat sneller op te komen dan ik had gedacht dus landde ik al vrij snel, toch weer niet zo perfect als ik me had voorgenomen. Kleinigheidje, toch een lekker dagje zon en vliegen weer.
12 oktober 2008
dagje lieren
21 september 2008
NK sleep
Tja het was niet echt te verwachten dat het geweldig zou zijn in Stadskanaal eind september, dus het was al heel mooi dat we gisteren een klein taakje konden proberen. Op een paar honderd meter heb ik niet eens minimal distance gehaald, dus samen met een tiental anderen deel ik de elfde plaats. Het was wel leuk vliegen, met Ruud, Ropje en Egbert in dezelfde lift zoeken naar iets wat meer dan 0,5 m/s omhoog ging. Ik ging niet het allerbeste maar ook niet het allerslechtste, wist vrij lang m'n geduld te bewaren, overwoog goed wat m'n volgende actie zou zijn, maar maakte uiteindelijk de fout om te snel te vliegen in m'n zucht naar maximale prestatie. Dat was gisteren nou net niet goed, ik vloog waarschijnlijk volkomen door de kleine en lichte lift heen die er nog was.
Wat het allemaal wel superdeluxe maakte was Nico. Ik kon bij hen logeren, en hij had beloofd allevier de wedstrijddagen voor me te rijden. Dat betekent gezellig en warm de avond doorbrengen, goed slapen in een echt bed, heet douchen 's ochtends en lekker ontbijten, allemaal erg prettig en ook ongebruikelijk. Tijdens het vliegen vervolgens geen afleiding omdat ik nog moet zien terug te liften, dus ik hoef ook niet langs een handige liftweg te landen.
Volgende week de tweede poging, wie weet pers ik er nog een echte mooie vlucht uit.
15 september 2008
Slepen Stadskanaal
Het is altijd extra moeilijk op de mooie dagen. 's Ochtends vroeg in de volgeladen auto, rustig op de weg, de zon die opkomt over witglinsterende velden. Vroeger zat ik dan knorrend van tevredenheid te genieten dat het leven zo goed was. Drie uur op m'n eentje naar Stadskanaal rijden geeft me veel te veel tijd voor heimwee. Gelukkig tref ik dan in Stadskanaal vrienden van lang vóórdat ik ooit Koos leerde kennen, en gelukkig is hij er niet. Met Rinus en Ropje heb ik twaalf, dertien jaar geleden pogingen gedaan om te leren slepen: ik voetstarten met m'n Unootje achter de veel te snelle trike van Henk, en dan maar vol overtuiging mezelf het A-frame in werpen in de hoop dat m'n armen lang en sterk genoeg zouden zijn om eens een keertje achter de tug te blijven. Als dan op zo'n vijftig meter in een gigantische stall het breukstukje knapte en ik met een felle wingover me nog net niet de grond in boorde, kwam Rinus hoofdschuddend toelopen om me te helpen m'n spullen terug naar de start te dragen. Ondertussen leerde Ropje het wel, the hard way. Nu staan we op een echt vliegveld, met gemaaid gras en windzakken en een heuse havenmeester, met goedrollende dollies en snelle vleugels. Terwijl Ropje een uiterst vakkundige dealer, tester en vleugelsleutelaar is geworden en ook nog in de Nederlandse top-vijf (top-drie? top-twee?) scoort, heeft Rinus z'n roeping gevonden als sleeppiloot. Beheerst loodst hij z'n dragonfly/drag and fly door de turbulentie achter de hangars, onvermoeibaar sleurt hij duo's, beginners, voetstarters en alles wat zich maar aanhaakt de lucht in. En ik ben inmiddels ook een paar honderd sleeps verder, het blijft spannend maar ik zie zelf wel dat ik dit spelletje toch heel aardig onder de knie heb. Ook al moest ik gisteren vijfhonderd kilometer rijden voor twintig minuten lucht, dat maakte het zeer de moeite waard: buiten spelen met vrienden en markeren dat ik toch wel wat geleerd heb.
01 september 2008
Superlekker weer in Bruinehaar
01 augustus 2008
Uitgezakt
Zes uur ’s ochtends, Julia checkt haar vleugel. Ze stak gisteren te laag naar goal, dacht dat ze het net zou halen maar de harde tegenwind viel net een paar meter tegen, ze duwde uit in een boom en pletterde een meter of drie naar de grond. Geen blauwe plekken geen deuken, en precies het soort ervaring dat ze nodig heeft. Ze snapt niet waarom Corinna en Kathleen en Francoise en Natalia zoveel beter vliegen, wat hebben die oudere dames wat zij niet heeft? Ervaring. Julia, 21 jaar en pas drie jaar aan het vliegen, heeft geen idee wat dat is. Grappig om haar mee te maken, ik ben in ieder geval supporter. Ooit wordt ze wereldkampioen, als ze het overleeft. Dat is soms twijfelachtig, maar ze heeft in ieder geval al het talent en de zin en de techniek om super te presteren. De vraag is hoe ze haar ervaring opdoet, en wat ze ermee doet. Ik weet dat je soms zo kan schrikken van iets dat je vanuit je angst gaat opereren, en dat werkt niet.
Dat ik er gisteren zo vreselijk uitzakte had niks met angst of gebrek aan zelfvertrouwen te maken. Gewoon geen goede techniek. Ik ben niet goed in kleine flauwe kerntjes en dan ook nog met allemaal minder denderende vliegers om me heen, ik draaide gewoon slecht. Een uur bleef
Ik zakte er samen met Anna en haar man, Mirella en Kazachstan uit, kon wel janken. Deed ik ook maar, het helpt niks om te proberen m’n frustratie in te slikken. Gefrustreerd, want anderen kwamen wel door de inversie heen en vijf of zes meiden haalden goal. Ik kan de lucht niet de schuld geven, het was er wel degelijk. Gelukkig was
Vandaag de laatste dag, shit, geen kans meer om nog een beetje m’n ranking op te kalefateren. Het was een onbevredigend vliegjaar (vorig jaar telt niet, toen lag ik aan diggelen) dus nou weet ik heel zeker dat ik in januari echt naar Australië moet. Ik kan het hier gewoon niet bij laten. Vakantiedagen kopen lukt misschien nog wel, ingewikkelder wordt het met liefjes. Nou ja, ook dat komt wel goed.