09 augustus 2011
Slovenië
Bahbah Slovenië is echt heel erg groen, altijd een slecht teken. Het heeft de afgelopen dagen zoveel geregend dat er niet meer geraft mag worden, teveel water in de rivier! Niet normaal. Voordeel is wel dat ik nog een dagje heb kunnen werken, zodat ik nou iets minder drang heb om zo snel mogelijk naar Den Haag te gaan, weer aan de slag. Bovendien is het gezellig met z’n drieën, zo houden we elkaar ook mooi in balans, als de jongens genoeg van mij hebben kunnen ze iets met z’n tweeën gaan doen enzovoort.
Gisteravond kwamen Hans en Christine aan, precies op tijd voor het eten, en het was nog droog ook dus we konden buiten zitten (binnen is geen plaats voor zoveel mensen). Top. We hebben uiteindelijk toch met 55 deelnemers dezelfde hoopvolle vergissing gemaakt: wie weet kan er nog gevlogen worden. Straks weer briefing, who knows…
08 augustus 2011
Sigillo - Tolmin
Zaterdag was een fijne laatste dag, met twee starts aan m’n bottombar en goeie landingen, rustig inpakken en m’n boek uitlezen. Maar gisteren was zonder meer een pokkedag. De rekening bleek dubbel zoveel als voorzien, de zooi paste nauwelijks in de auto, en ik maakte de vergissing om langs de Adriatische kust via Venetië te gaan rijden. Nooit doen. Die route kost uren en uren extra, er was niet meer dan een glimp van de zee op te vangen en we werden allebei sjagrijnig van de zweterige hitte met uitzicht op de meest spectaculaire Cb boven Tolmin. Van de baai rond Venetië konden we niks zien en van Venetië zelf al helemaal niet. Met de volgeladen auto durfde ik het niet aan om een wandelingetje door de stad te gaan maken, dus we dronken een sapje in één van de treurigste stadjes die ik ooit gezien heb, in een foeilelijke bar met enkel zombies als gasten. Daarna de tomtom navigatie aangezet in plaats van gewoon de kaart bekeken, ook al helemaal fout. De navigatiejuffrouw voerde ons in de stromende regen piepkleine geitepaadjes op, waarschijnlijk met de bedoeling om ons te laten verdwalen zodat een boze heks ons kon oppeuzelen. Camo geloofde haar niet meer toen ie gras in het asfalt zag groeien, ik verloor m’n vertrouwen toen de koppelingsplaat verbrandde. Gelukkig belde Ropje op dat moment om toch in ieder geval ons humeur te redden. We delen een appartementje, nou ja fors uitgevallen ouwe schuur met gierende koelkast en borrelend sanitair, dichtbij het landingsterrein.
’s Avonds op de camping wist ik weer waarom ik eigenlijk helemaal niet had moeten komen. M’n ex en z’n heks maakten een grote show van hun aanhankelijkheid, het leek de Tegelberg wel weer. Mensen die menen dat ik er na vier jaar wel eens overheen zou moeten zijn, hebben denk ik nooit meegemaakt hoe iemand waar je van gehouden hebt je de grond in stampt, terwijl je hem niks hebt aangedaan. Het blijft een etterende wond.
’s Avonds op de camping wist ik weer waarom ik eigenlijk helemaal niet had moeten komen. M’n ex en z’n heks maakten een grote show van hun aanhankelijkheid, het leek de Tegelberg wel weer. Mensen die menen dat ik er na vier jaar wel eens overheen zou moeten zijn, hebben denk ik nooit meegemaakt hoe iemand waar je van gehouden hebt je de grond in stampt, terwijl je hem niks hebt aangedaan. Het blijft een etterende wond.
05 augustus 2011
Tre Pizzi
Pfoe de sfeer was bijna niet meer te harden, teleurstelling en onvrede en algehele lamlendigheid. We zijn allebei sick and tired van Sigillo, maar dit is toch nog steeds de beste plaats in heel Europa om te vliegen. Het wordt alleen dramatisch als we hier ook al niet kunnen vliegen. Vandaag dus op naar Tre Pizzi, al was het maar voor een verandering van scenery. Ik verdwaalde op de kronkelweggetjes rond Fabriano, maar uiteindelijk vonden we onze weg naar boven waar Ropje al klaar stond met z’n studenten. Ik startte vrij vroeg, deed een halfslachtige poging om hoogte te winnen maar was alweer volledig gefocust op het landingsterrein, waar ik twintig minuten later met m’n remchuutje aan de grond stond. Er reed nog niemand naar boven, maar ik kreeg een lift van een oudere man die me helemaal naar de auto bracht. Ondertussen was Cameron al in Sigillo geland, en Ropje stond op z’n eentje klaar om te gaan starten.
Vervolgens de auto teruggereden, boodschappen gedaan, Ropje op het landingsterrein van Sigillo gevonden, en nu nog een uurtje ranzen voor we ergens kunnen eten. Danielo’s waarschijnlijk, onze stamkroeg.
04 augustus 2011
En weer een dagje
Voor mij is het wel uit te houden, geen vliegweer en iedereen weg. Ik grijp een boek en ik amuseer me prima. Maar Cameron leest niet, en er is echt helemaal totaal niks te doen hier als je niet kan vliegen. Gezelliger wordt het er niet op, dus ik denk dat we zaterdag maar gewoon naar huis gaan. Vakantiedagen sparen. Het is overal in Europa naadje, of het regent of er staat een puist wind. Ik heb nu wel een mooi aantal starts in veel wind gemaakt, prima leerervaring, maar echt fijn vliegen is het ook niet. Vanmorgen draaide ik makkelijk naar boven, maar op 1400 meter was er wat windshear en dat levert allemaal onprettige turbulentie op. Daarna met de Zwitsers omhoog, leuke club, en gauw geland voordat de Italiaanse parapentekampioenschappen op ons veldje kwamen landen. Het werd een mislukte rugwindlanding, omdat ik niet door kon draaien vanwege een auto middenop het veld. Fijn die solidariteit. De piloot vond dat hem geen blaam trof omdat ie mij niet gezien had, wat een sukkel.
Tijdens het inpakken kwamen de parapentes aan, een stuk of dertig, veertig gok ik. Ook al volstrekt asociaal: geen circuit, totaal niet kijken, vleugel opzetten middenop het landingsterrein, roken tussen de vleugels. Van Frans hoorde ik dat sommige scholen hun studenten wijsmaken dat schermvliegers voorrang zouden hebben op delta’s. Geen wonder dat ze zich zo asociaal gedragen.
Straks naar een of ander feestje van vrienden van Pablo, ben benieuwd. Ik kan wel wat afwisseling gebruiken.
03 augustus 2011
Leuk landen
Een goeie en een heel goeie landing, hoera! Kwa vliegen was het niks, ik nam niet eens de moeite om te soaren in de harde wind, ik wilde alleen maar een landing doen, en nog een, en nog een. Na vijftien jaar ploeteren, schade, tranen, frustratie, slikken, heb ik eindelijk het idee dat het gaat lukken. Ik was blij als een kind, en op dit moment kan ik me geen leukere dagbesteding indenken dan landen, weer landen, op het vertrouwde veldje met de grote windzak en de ideale boomhoogte als referentie.
02 augustus 2011
Lekker vliegen
Niki, de lange jongen op de Chabre, Hayo, Martin, Paul, Alphons. Mike en Peter. Elena, Ricchi, Missy. Daarbovenop de tumbles en crashlandingen die goed afliepen, maar die wel gebeurden. Het gaat me toch niet in de kouwe kleren zitten. Ik heb er de pest aan dat ik een bangerik geworden ben, zenuwachtig van de minste beweging in de lucht. Maar ik heb besloten dat ik nu maar ns een langere tijd dik binnen m’n comfort zone ga blijven, alleen maar vliegen waar en wanneer ik me heel zeker voel. Landen na drie kwartier, om de minste of geringste onzinnige reden, luiheid, een wat enthousiast ontwikkelende wolk, een fijn groot leeg landingsterrein. Ik vergeef het mezelf, ik sta een tijdje stil, even geen competitie meer.
Vanmorgen bouwde ik op noord op, een paar Zwitsers waren ook klaar om te starten en twee vlogen al. Ze gingen maar matig omhoog, en erg overtuigend was de startwind ook niet. Tien, vijftien minuten stond ik klaar op de start, een zuchtje crosswind, een wolkje boven de plek waar ik heen wilde dat voortdurend groeide en weer verdween, dus er zaten zeker dooie momenten in. Toen ik de wolken duidelijk uit het noordwesten zag komen pakte ik in, harnas compleet op de achterbank, en we reden naar zuid. Daar stond een mooi startwindje, dus we bouwden op en toen ik klaar was ging ik ook meteen. Geen moment te vroeg, mijn start was al matig en tien minuten later konden ze de berg niet meer af. Neil en Cameron nog wel, en die gingen op weg naar Castellucio. Ik was eigenlijk van plan om met ze mee te gaan, zover mogelijk, omdat Pablo zou rijden moest ik eigenlijk gebruik maken van de luxe. Maar bij de windmolens bedacht ik dat ik toch wel heel graag een goeie landing op het vertrouwde veldje van Sigillo wilde maken, dus ik stak weer terug en zette ‘m inderdaad heel redelijk neer. Pablo bracht me terug naar m’n auto, en samen gingen we op weg naar Castellucio. Daar was echter een grote cb aan het ontwikkelen, dus Neil was uitgezakt voorbij Nocera en Cameron vloog terug naar Sigillo. Mooie dag.
Vanmorgen bouwde ik op noord op, een paar Zwitsers waren ook klaar om te starten en twee vlogen al. Ze gingen maar matig omhoog, en erg overtuigend was de startwind ook niet. Tien, vijftien minuten stond ik klaar op de start, een zuchtje crosswind, een wolkje boven de plek waar ik heen wilde dat voortdurend groeide en weer verdween, dus er zaten zeker dooie momenten in. Toen ik de wolken duidelijk uit het noordwesten zag komen pakte ik in, harnas compleet op de achterbank, en we reden naar zuid. Daar stond een mooi startwindje, dus we bouwden op en toen ik klaar was ging ik ook meteen. Geen moment te vroeg, mijn start was al matig en tien minuten later konden ze de berg niet meer af. Neil en Cameron nog wel, en die gingen op weg naar Castellucio. Ik was eigenlijk van plan om met ze mee te gaan, zover mogelijk, omdat Pablo zou rijden moest ik eigenlijk gebruik maken van de luxe. Maar bij de windmolens bedacht ik dat ik toch wel heel graag een goeie landing op het vertrouwde veldje van Sigillo wilde maken, dus ik stak weer terug en zette ‘m inderdaad heel redelijk neer. Pablo bracht me terug naar m’n auto, en samen gingen we op weg naar Castellucio. Daar was echter een grote cb aan het ontwikkelen, dus Neil was uitgezakt voorbij Nocera en Cameron vloog terug naar Sigillo. Mooie dag.
01 augustus 2011
Stil





Bloggen gaat langer duren dan de vlucht. Hell, naar de weg sjouwen van vleugel en harnas duurde langer dan de vlucht: 9 minuten. En ik ben flink pissig op mezelf, ik had een prima landing kunnen uitvoeren op de helling waar ik uitzakte, maar ik vergat om naar de bovenrand te kijken en te constateren dat ik nevernooitniet een overshoot ging maken.
Vanmorgen reden we om half tien al naar boven met de bedoeling eerst een glijvluchtje + goeie landing te doen, en daarna een taak uit te zetten. De wind kwam echter over the back en een uurtje wachten hielp niet, de termiek was nog niet sterk genoeg terwijl de wolken al flink verticaal ontwikkelden. Dus ik bouwde op de noordstart op, helemaal alleen, Cameron beloofde me beneden op te halen en de enige truuk zou zijn om ergens hoogte te winnen zodat ik het vliegveld kon halen. Toen ik startte bleek de lucht echter zo dood als een pier, verdorie overal verticale cumulus maar net waar ik vloog gebeurde helemaal niks. Nada. Ik moest dus om de zuidriggel heen in plaats van er overheen, en de lucht bewoog wel een beetje daar maar ik kon het me niet veroorloven om een complete 360 te maken met het risico dat ik geen enkel fatsoenlijk veld meer zou halen. Dan maar inzetten op een goeie landing, ook al zijn er daar weinig aantrekkelijke veldjes. Ik koos een lange smalle helling, gemaaid, met niet al te hoge bomen eromheen en geen kabels. M’n circuit was eigenlijk best goed, en als ik opgelet had, had ik die laatste S niet meer hoeven te maken. Nu raakte m’n bottombar de begroeiing naast het veld voordat ik helemaal rechtuit vloog, en ik whackte hard de grond in. Geen noemenswaardige schade, maar wat een teleurstelling.
Terwijl ik inpakte rommelde de donder al boven de berg, dus we besloten er een toeristische middag van te maken. MteCucco is tenslotte een natuurreservaat, zij het met een aantal dorpen erin en wat asfaltwegen. We kwamen een schitterend klooster/fort/boerderij tegen, mooi gerestaureerd en vervolgens nauwelijks gebruikt.
Vliegdagje
Joehoe het weer is eindelijk goed, de overdevelopment ontstaat pas vrij laat en ik kon gisteren drie vluchtjes doen. Dus drie landingen. Alledrie niet perfect, maar wel met veilige snelheid en een serieuze grondfase.
30 juli 2011
Goeie landing
Perfecte landing!!!! Hoera hoera hoera ik heb m door. Dit was geen prongelukkige landing, ik heb m echt door. Jaren van oefenen, stapje voor stapje m’n circuit verbeteren, honderden keren met Cameron doornemen hoe het zou moeten, mentale training, uitschrijven, Sting, enzovoort en nu heb ik m. Dat wil niet zeggen dat het voortaan alleen nog maar perfect zal gaan, maar ik ben in elk geval goed bezig.
Het vluchtje zelf hield ik kort, ik ben toch wel ontzettend onuitgeslapen na het gave feest vannacht. Met iedereen gedanst, gekletst, nog meer gedanst. Ik lag er om een uur of drie in, Cameron een paar uur later en met meer drank op, nadat ie van de weg was afgevallen en gered door Woolfie, tjemig. Ik kreeg ‘m vanmorgen niet wakker, maar net op tijd voor de ceremonie verscheen ie toch aangekleed en min of meer verticaal. Hij heeft braaf de hele prijsuitreiking uitgezeten, en zo hoort het ook. Bovendien was het een goeie ceremonie, met echt gave vaandelzwaaiers in kekke kostuums, en een toespraakje van Bill en het Italiaanse volkslied (Peppi en Kokki voor ingewijden).
Vanavond met de overblijvers uiteten, en dan wordt het echt stilletjes hier. Maar het is nu goed weer, dus wij blijven om dan eindelijk eens echt te gaan vliegen.
WK afgelopen
Superfeestje gisteravond, totdat teveel mannen te opdringerig werden, maar alleszins geslaagd na een treurige afsluiting van de WK. We bouwden op op Cucco-noord, ik vooraan maar niet met de intentie om echt als winddummy te gaan starten. De wind was erg hard en noordelijk, waardoor het zeker turbulent zou zijn in de kom, met een veel te groot risico om recht vóór de start uit te zakken waar alleen kleine hellingen zijn met bomen eromheen en heftig turbulente lucht. Twee goeie piloten startten wel, en dat zag er inderdaad nogal heftig uit, dus tien minuten voor het window open zou gaan verplaatste ik m’n vleugel naar de kant. Als het in de loop van de dag beter zou worden, kon ik altijd nog starten na de wedstrijdpiloten, en anders kon ik in ieder geval droog inpakken.
De wedstrijdleiding nam echter voortdurend geen beslissing, stelde het window uit, overlegde niet met de safety committee, en uiteindelijk toen Atilla, Laurent, Antoine en nog een paar zichtbaar last van de rotor hadden werd de taak gecancelled. Daarmee werden Alex en Christian wereldkampioen en nr. 2, en het Italiaanse team won goud, na slechts twee taken. Dat is dan ook meteen de reden dat er getwijfeld werd over de motieven van de wedstrijdleiding. Als er wel een taak was gevlogen, had er iemand anders kunnen winnen. De rest van de middag ging de discussie over de vraag of het veilig was (voor de toppiloten) om te starten en de taak te vliegen, en in hoeverre toppiloten zelf kunnen beslissen of ze al dan niet willen starten. Het lijkt me duidelijk wat mijn opvatting is, maar ik zie ook wel de druk die wedstrijddeelnemers ervaren om te starten ondanks hun twijfels over hun eigen capaciteiten. Lastig, en erg rottig dat de sfeer er zwaar onder te lijden had.
Vandaag is de wedstrijd afgelopen, dus ja hoor, de zon begint te schijnen. Hopelijk is de ceremonie snel afgelopen, zodat we met de achterblijvers snel naar boven kunnen en vliegen!
29 juli 2011
Landingstraining
Op de één of andere manier ben ik ervan overtuigd dat ik vanaf vandaag goed ga landen. Ik heb het duizend keer met Cameron doorgesproken, m’n circuit is heel veel beter, ik land meestal op m’n voeten, de verbeteringen die nodig zijn zijn niet zo heel fors meer. Ik had het met Jamie over mentale training, nlp, visualiseren. Dat gaat inmiddels ook beter. Een tijd geleden had ik nog de grootste moeite met het visualiseren van een goeie landing, en vanwege het simpele feit dat ik de herinnering aan een goeie landing miste, en vanwege de stress van de groundrush die ik zelfs in m’n verbeelding voelde. Nu gaat het goed, en ik kan zelfs de lol van vroeger, toen we op onze buik zo hard mogelijk in de sneeuw probeerden te glijden, erin voelen. Hoogte afbouwen met gecontroleerde, rustige 360-ers, ondertussen naar de windzak kijken en bepalen waar m’n point-of-arrival gaat zijn. Downwindleg met extra snelheid, weet dat ik niet veel hoogte verlies op dat been. Blijf kijken naar het p-o-a en check de windzak. Pas zonodig het circuit aan. Aantrekken voor het crosswindleg, kijk naar het p-o-a, aantrekken en de laatste bocht naar final maken. Blijf aan de bottombar, trek de vleugel naar de grond naar het p-o-a, uitronden vlak boven de grond. Blijf aan de bottombar, kijk naar de verte, enjoy the speed. Benen optillen. Zonder uitduwen een hand naar de upright, andere hand, nog steeds horizontaal blijven vliegen dus de neus niet laten komen. Voel de pitch, op trim… duw! Omhoog.
Het gaat lukken, en wie weet kunnen we zelfs vliegen vandaag.
Het gaat lukken, en wie weet kunnen we zelfs vliegen vandaag.
28 juli 2011
Nat
Ik lag te dommelen toen ik Richard met Bruce hoorde overleggen of het de moeite waard was om voor een sledder naar boven te gaan. Binnen vijf minuten was de auto ingeladen en waren we op weg naar boven, waar inderdaad druk gevlogen werd. Nog voor ik opgebouwd was begon het te regenen, en toen het weer droog was draaide de wind. Kletsen, lanterfanten, wachten, schuilen. Uiteindelijk heb ik dik een half uur ingehaakt klaar gestaan om te starten, om vervolgens in de stromende regen in te pakken en naar beneden te rijden 8-( De rest van de middag aan het bier in de Dominus, pizza bij Daniel en nou vroeg naar bed voor de disco hier losbarst.
Disco
Man wat een herrie. Luid sprekende ozzies, gorgelend koffie-apparaat, krijsende peuters. Ik heb geen echte kater, niet veel gedronken, maar echt fris voel ik me toch ook niet na een nacht doordansen in een piepklein bistrootje met een dj die youtube bediende en twee speakertjes die bedoeld waren voor een muurkast. Het was top, met de zekerheid dat we vandaag niet kunnen vliegen en genoeg piloten om de lokale jeugd het nakijken te geven.
Toen ik om vier uur in de stromende regen naar huis probeerde te rijden kon ik de uitgang niet vinden. Costacciario is heel klein, maar het is een labyrinth van hele smalle steegjes op hele steile hellingen, waar ik moest manoevreren met twee veel te lange vleugels op het dak, een slippende handrem en aan het einde van iedere steeg een barricade van bloembakken.
27 juli 2011
Gecancellde dag
Vanmorgen vroeg zag het er nog redelijk blauw uit, maar tegen de tijd dat de teamleader-briefing aan de gang was, was het al helemaal dichtgetrokken en donkergrijs. Wel congestus onder de grijze deken, kennelijk was het wel instabiele lucht. We reden vroeg naar boven, ik bouwde op en startte meteen, en stond tien minuten later na een suboptimale landing op de grond. Een uurtje later kwamen de deelnemers, het was behoorlijk chaotisch met de nulwind en de windzak die alle kanten op draaide, maar het verliep weer zonder schade. Alleen Markus kwam aan z'n chute naar beneden. Hij was kennelijk wingovers aan het doen toen z'n toestel het gewoon begaf, precies hetzelfde verhaal als bij Shedsy vorig jaar. Onbegrijpelijk, misschien verouderde zijkabels? In ieder geval mankeert ie niks, geweldig dat we goeie chutes hebben.
Nu de middag door zien te komen. Te kort voor een excursie, te lang om alleen maar te lezen en duf in Sigillo rond te hangen.
Nu de middag door zien te komen. Te kort voor een excursie, te lang om alleen maar te lezen en duf in Sigillo rond te hangen.
26 juli 2011
Taak 2
Dat was GAAF!!!!! Eerst zoefden Christian en Alex binnen, heel laag, snel, altijd leuk om te zien. Vervolgens leek de lucht leeg, alleen maar dikke grijze dreigende regenwolken, en dan ineens zie je ze. Tientallen leading edges die met een noodgang op ons afkwamen. Fantastisch, bijna een uur lang iedere paar seconden een landing. Het zijn echt toppiloten, dus dat ging allemaal goed, en wij toeschouwers hadden feest. Wat een waanzinnig gaaf gezicht is dat, zo’n enorme groep wedstrijdpiloten die op goal afracen. Super.
Toen het ietsje minder hectisch werd kwamen Juicy, Ropje en Cameron achter elkaar binnen. Al mijn favorieten ook op goal, mooi zo. Mart en Martin waren er al, en verder nog een heleboel blije gezichten. Julia, met een hand opengetrokken aan de vg en kreupel van de pijn in haar dij (herkenning!). Een paar treurige jongens die het niet gehaald hadden, je zou ze het liefst heel hard willen troostknuffelen.
Zelf heb ik twee korte vluchtjes gemaakt, ben best tevreden. De eerste was als winddummy, de lucht was een beetje bokkig maar ik kon wel wat ronddarren om verschillende bellen op te zoeken. Toen ik wilde landen moest ik gigantisch moeite doen om naar beneden te komen, en ook de tweede landing was het nog flink termisch, en beide keren kwam ik te langzaam binnen maar ik stond wel netjes op m’n voeten.
Gisteren was het allemaal veel treuriger, regen en kou en totale verveling. Naar de wasserette, Ropje had speelgoed gekocht en daarmee probeerden we te klimmen en te abseilen enzo maar dat wilde niet, en het karaokefeest ’s avonds was het ook al niet. Maar zo’n dag als vandaag maakt alles goed.
25 juli 2011
Aan Mart en Flip
Ik begon een kort mailtje aan Flip cc Mart te schrijven, maar het werd lang en het gaat toch weer over sprogs en CIVL, sorry mam. Voor iedereen die totaal geen belangstelling heeft voor gezeur over regels enzo, skip deze blog maar. Ik zet m toch op m'n blog, zodat anderen er misschien op in kunnen gaan en hopelijk hun inzichten en opvattingen kunnen toevoegen.
Jeetje jongens, wat is het toch ingewikkeld. Ik snap vaak überhaupt al niet welk punt iemand probeert te maken, het kromme engels helpt niet echt en het gepraat over parapenters terwijl we denken als zeilvliegers is ook complicerend. Ik vind eigenlijk alleen Marts opvattingen interessant merk ik, omdat ze anders zijn dan de mijne en Mart oprecht probeert om z’n mening uit te leggen en te onderbouwen met argumenten. Dat scherpt de discussie op een positieve manier.
Kan de discussie misschien terug naar waar het echt om gaat, namelijk dat we graag internationale wedstrijden willen vliegen? Daarvoor hebben we organisatie nodig, en internationaal geldende spelregels. Wat mij betreft zijn dat CIVL, sectie 7 en GAP-scoring, naast de olc van de DHV.
Veiligheid is harstikke belangrijk, maar het is niet zozeer een aspect van wedstrijden als wel van zeilvliegen. Veiligheid bevorderen moet m.i. met name gebeuren door zeilvliegorganisaties, zoals de afdeling van de KNVvL, en het lijkt mij dat het hardste nodig zijn: goeie instructeurs, gecertificeerde vleugels, harnassen of fabrikanten, verplichting om met een gecertificeerde chute te vliegen (ik zou helm, wielen en radio niet verplichten omdat die wel schadebeperkend werken maar zelden een leven/dood-verschil maken, maar afijn zoiets is echt een beleidskeuze) en vooral veel voorlichting: over dollies, over releases, over sprogsettings, over meteorologische verschijnselen, over onzichtbare hekken en boze boeren enz.
Voor wedstrijden is veiligheid secundair, je gaat ervan uit dat deelnemers sowieso zeilvliegers zijn en dus vliegen onder de maatregelen die veiligheid voor alle zeilvliegers bevorderen. Specifiek voor wedstrijden is alleen nog de grote gaggles, de verleiding om in de wolken te vliegen en om sprogs omlaag te draaien. Dus schrijf je een draairichting voor en probeer je mensen zover te krijgen dat ze niet in de wolken vliegen en niet hun sprogs te laag te draaien. Allebei zaken die niet digitaal zijn, het is niet altijd duidelijk of iemand in de wolk zat of niet, dus hou je marges aan (twee getuigen, tolerantiegrenzen mbt de hoek van de sprogs). Een verschil: wolkenvliegen brengt anderen in gevaar, pitch-onstabiliteit veel minder. Jullie weten dat ik niet geloof in strenge penalties voor individuele piloten zolang je onvoldoende kennis hebt over de veiligheidsniveaus van sprogs, maar goed dat is enkel mijn mening, geen belangrijk drama.
Wat is nou eigenlijk het drama? Echt, ik snap er steeds minder van. Ik vind het een drama dat deelnemen aan een wedstrijd zo verschrikkelijk duur is, maar mij maak je niet wijs dat dat veranderd kan worden door andere regels of een andere organisatie. En ik vind het een drama dat er soms doden vallen, maar ook dat ligt volgens mij niet aan regels of organisaties. Volgens mij ligt dat aan de activiteit die we doen, inherent gevaarlijk, en misschien de nalatigheid van individuele piloten, scholen, clubs, verenigingen en NACs. Eerlijk gezegd zou ik nu anders besturen dan vroeger, toen ik nog in het bestuur zat, juist op dit punt. Zou de FAI niet veel actiever de NACs achter de broek moeten zitten, ipv de CIVL?
Dit is grappig, door de hele discussie over de regels kom ik al redenerend uit bij de eisen van de IVW: nationale zeilvliegvereniging, zorg dat je veiligheidsbeleid (safety management system) hebt. Afijn, wordt vervolgd no doubt….
• mart says (in reactie op een warrig artikel van Mad Syndegaard):
14/07/2011 at 15:16
Hi Mads,
Interesting read. Maybe I shouldn’t comment as I am a hanggie pilot. However since we are all free flying enthousiasts I think I should anyway.Not to put you down but I really don’t understand some of your arguments.
You start of by saying these gliders can’t be consitently launched of landed properly. Then you talk about unrecoverable collapses , even by top pilots, in and outside competition.
You talk about the death’s on these gliders, both in and outside competition.
And then , to cut things very short, you put the blame on CIVL for the burocratic rules they make.
Next week we have the worlds hanggliding in Italy, Monte Cucco. CIVL has done a lot of good in trying to make the sport of hanggliding safe.In my eyes a lot of good. No more prototypes only certified gliders. Like a serial class. Hanggliders are easy to modify to fly faster and better. We can’t do that anymore for years. The winners of the comps are still the real winners(gliders are still developed and improving). Eventhough it is not an open class.This is because pilots will do stupid things due to peer pressure and over ambition.
Flying a 2 line wing beyond ability and tested to the absolute minimum with as a result that even top pilots can’t takeoff,land and fly safely consistantly is in my view totally irresponsible. In top- paragliding the parachute has become an assessory instead of an absolute latest resort.
And yet you write that you are happy to fly the glider you can’t land or launch properly and that killed /seriously injured your top pilot friends.
Did you read Mark Hayman’s profecy?
Two more things,
I understand you had a really good time in Australia in the Bright comp,run by the CIVL offical for this hg worlds. Heather says you told her you were very happy with the comp.
Secondly, if the FAI , which is kicking up a big fuss about it all and pressures CIVL, bans paragliding comps through the national sports organisations,you might not fly any comps anymore. Not only cat 1 comps.
CIVL is nothing more/less then an organisation run by volunteers, who try organise the 5 classes of hanggliding. If you have a problem, just write your delegate and other countries delegates and have things changed. I have done so on several occasions and guess what? It works. So instead of whinging, get yourself organised and give something back to the sport that gave you so much.
Best regards from a fellow thermal pilot.
Mart.
Reply
• admin says:
14/07/2011 at 16:37
Hi Mart,
Hanggies are welcome here. My point is, the CIVL per se is not automatically a bad institution, but there are too many individuals there who have no clue, and who are adept at ruining the actual comps for the pilots. And if you read my text as “2-liners are the cause of the problem” then you’re misreading it. As one commenter here above has noted, we double the rules> we double the incidents. I dare not contemplate what happens if we quadruple the rules
So how to make working within the CIVL system more attractive for people with a clue? By removing many of those without – catch-22.
I’m giving back you know – have been heavily involved in every aspect of comp flying since 1994, and have organised 4 large’ish Cat 2 events (with more than 100 pilots in them).
Hi Mads
I’m totally with you re the over-legislation and accessive rules and regulations imposed by FAI/CIVL, but I think there’s not much that can be done about this.
We must remember that organising events in such scale do require politicians, and will expose organizers to many potential liabilities.
Bruce put it pretty clearly: the outcome of this will most likely be more restrictions.
I only wish that there will always be someone dedicated/brave/ego-maniac/stupid enough to keep organising more events, as I still prefer to suffer the bureaucracy and ques and to fly a large international event than not to have the option at all.
Unfortunately I’ve been out of the loop for quite a few years now as I have been breeding irresponsibly and couldn’t leave the family for too long, but I’m dreaming of getting back into the circuit in a year or two.
Maybe until then things will improve and the politicians will realize safety has more to do with attitude than regulations.
Cheers
Itai Almog
Jeetje jongens, wat is het toch ingewikkeld. Ik snap vaak überhaupt al niet welk punt iemand probeert te maken, het kromme engels helpt niet echt en het gepraat over parapenters terwijl we denken als zeilvliegers is ook complicerend. Ik vind eigenlijk alleen Marts opvattingen interessant merk ik, omdat ze anders zijn dan de mijne en Mart oprecht probeert om z’n mening uit te leggen en te onderbouwen met argumenten. Dat scherpt de discussie op een positieve manier.
Kan de discussie misschien terug naar waar het echt om gaat, namelijk dat we graag internationale wedstrijden willen vliegen? Daarvoor hebben we organisatie nodig, en internationaal geldende spelregels. Wat mij betreft zijn dat CIVL, sectie 7 en GAP-scoring, naast de olc van de DHV.
Veiligheid is harstikke belangrijk, maar het is niet zozeer een aspect van wedstrijden als wel van zeilvliegen. Veiligheid bevorderen moet m.i. met name gebeuren door zeilvliegorganisaties, zoals de afdeling van de KNVvL, en het lijkt mij dat het hardste nodig zijn: goeie instructeurs, gecertificeerde vleugels, harnassen of fabrikanten, verplichting om met een gecertificeerde chute te vliegen (ik zou helm, wielen en radio niet verplichten omdat die wel schadebeperkend werken maar zelden een leven/dood-verschil maken, maar afijn zoiets is echt een beleidskeuze) en vooral veel voorlichting: over dollies, over releases, over sprogsettings, over meteorologische verschijnselen, over onzichtbare hekken en boze boeren enz.
Voor wedstrijden is veiligheid secundair, je gaat ervan uit dat deelnemers sowieso zeilvliegers zijn en dus vliegen onder de maatregelen die veiligheid voor alle zeilvliegers bevorderen. Specifiek voor wedstrijden is alleen nog de grote gaggles, de verleiding om in de wolken te vliegen en om sprogs omlaag te draaien. Dus schrijf je een draairichting voor en probeer je mensen zover te krijgen dat ze niet in de wolken vliegen en niet hun sprogs te laag te draaien. Allebei zaken die niet digitaal zijn, het is niet altijd duidelijk of iemand in de wolk zat of niet, dus hou je marges aan (twee getuigen, tolerantiegrenzen mbt de hoek van de sprogs). Een verschil: wolkenvliegen brengt anderen in gevaar, pitch-onstabiliteit veel minder. Jullie weten dat ik niet geloof in strenge penalties voor individuele piloten zolang je onvoldoende kennis hebt over de veiligheidsniveaus van sprogs, maar goed dat is enkel mijn mening, geen belangrijk drama.
Wat is nou eigenlijk het drama? Echt, ik snap er steeds minder van. Ik vind het een drama dat deelnemen aan een wedstrijd zo verschrikkelijk duur is, maar mij maak je niet wijs dat dat veranderd kan worden door andere regels of een andere organisatie. En ik vind het een drama dat er soms doden vallen, maar ook dat ligt volgens mij niet aan regels of organisaties. Volgens mij ligt dat aan de activiteit die we doen, inherent gevaarlijk, en misschien de nalatigheid van individuele piloten, scholen, clubs, verenigingen en NACs. Eerlijk gezegd zou ik nu anders besturen dan vroeger, toen ik nog in het bestuur zat, juist op dit punt. Zou de FAI niet veel actiever de NACs achter de broek moeten zitten, ipv de CIVL?
Dit is grappig, door de hele discussie over de regels kom ik al redenerend uit bij de eisen van de IVW: nationale zeilvliegvereniging, zorg dat je veiligheidsbeleid (safety management system) hebt. Afijn, wordt vervolgd no doubt….
• mart says (in reactie op een warrig artikel van Mad Syndegaard):
14/07/2011 at 15:16
Hi Mads,
Interesting read. Maybe I shouldn’t comment as I am a hanggie pilot. However since we are all free flying enthousiasts I think I should anyway.Not to put you down but I really don’t understand some of your arguments.
You start of by saying these gliders can’t be consitently launched of landed properly. Then you talk about unrecoverable collapses , even by top pilots, in and outside competition.
You talk about the death’s on these gliders, both in and outside competition.
And then , to cut things very short, you put the blame on CIVL for the burocratic rules they make.
Next week we have the worlds hanggliding in Italy, Monte Cucco. CIVL has done a lot of good in trying to make the sport of hanggliding safe.In my eyes a lot of good. No more prototypes only certified gliders. Like a serial class. Hanggliders are easy to modify to fly faster and better. We can’t do that anymore for years. The winners of the comps are still the real winners(gliders are still developed and improving). Eventhough it is not an open class.This is because pilots will do stupid things due to peer pressure and over ambition.
Flying a 2 line wing beyond ability and tested to the absolute minimum with as a result that even top pilots can’t takeoff,land and fly safely consistantly is in my view totally irresponsible. In top- paragliding the parachute has become an assessory instead of an absolute latest resort.
And yet you write that you are happy to fly the glider you can’t land or launch properly and that killed /seriously injured your top pilot friends.
Did you read Mark Hayman’s profecy?
Two more things,
I understand you had a really good time in Australia in the Bright comp,run by the CIVL offical for this hg worlds. Heather says you told her you were very happy with the comp.
Secondly, if the FAI , which is kicking up a big fuss about it all and pressures CIVL, bans paragliding comps through the national sports organisations,you might not fly any comps anymore. Not only cat 1 comps.
CIVL is nothing more/less then an organisation run by volunteers, who try organise the 5 classes of hanggliding. If you have a problem, just write your delegate and other countries delegates and have things changed. I have done so on several occasions and guess what? It works. So instead of whinging, get yourself organised and give something back to the sport that gave you so much.
Best regards from a fellow thermal pilot.
Mart.
Reply
• admin says:
14/07/2011 at 16:37
Hi Mart,
Hanggies are welcome here. My point is, the CIVL per se is not automatically a bad institution, but there are too many individuals there who have no clue, and who are adept at ruining the actual comps for the pilots. And if you read my text as “2-liners are the cause of the problem” then you’re misreading it. As one commenter here above has noted, we double the rules> we double the incidents. I dare not contemplate what happens if we quadruple the rules
So how to make working within the CIVL system more attractive for people with a clue? By removing many of those without – catch-22.
I’m giving back you know – have been heavily involved in every aspect of comp flying since 1994, and have organised 4 large’ish Cat 2 events (with more than 100 pilots in them).
Hi Mads
I’m totally with you re the over-legislation and accessive rules and regulations imposed by FAI/CIVL, but I think there’s not much that can be done about this.
We must remember that organising events in such scale do require politicians, and will expose organizers to many potential liabilities.
Bruce put it pretty clearly: the outcome of this will most likely be more restrictions.
I only wish that there will always be someone dedicated/brave/ego-maniac/stupid enough to keep organising more events, as I still prefer to suffer the bureaucracy and ques and to fly a large international event than not to have the option at all.
Unfortunately I’ve been out of the loop for quite a few years now as I have been breeding irresponsibly and couldn’t leave the family for too long, but I’m dreaming of getting back into the circuit in a year or two.
Maybe until then things will improve and the politicians will realize safety has more to do with attitude than regulations.
Cheers
Itai Almog
Bhagavad Gita
Zoals ik de Mahabaratha, en vooral de Gita, begrijp (ok ik begrijp er niet veel van, maar het is toch fijne referentie), gaat het erom je lot, je bestemming, te vervullen. Je hebt niet zoveel keuze, je moet het gewoon zo goed mogelijk doen met dat wat je gegeven is. Als mijn bestemming is om te vliegen, dan kan ik dat niet ontkennen of ontlopen. Ik kan er wel m’n vevulling, voldoening, in vinden. Daarmee is niet gezegd hoe je ten opzichte van anderen vliegt. Alleen dat je het vliegen moet vervolmaken: zo veel mogelijk, zo goed mogelijk.
24 juli 2011
Regen
23 juli 2011
Avondvluchtje
Vanmorgen hingen de wolken zo ongeveer op het dak van hq, en de vooruitzichten waren dat het de hele komende week zou regenen. Dus Trent, Camo en ik gingen uit wandelen. Beetje dom van mij, want ik kan al niet bergaf lopen als ik fit ben, laat staan na de 4 km van gisteren met m’n harnas op m’n rug. Tegen de tijd dat we Costaccario bereikten liep ik echt te strompelen. Dat was genoeg activiteit voor vandaag, en al lezend viel ik in slaap. Maar Cameron kwam me om vijf uur waarschuwen, er werd gevlogen, dus hop naar boven. Het was de bedoeling om weer wat te oefenen met veel-wind-handling, om daarna gecontroleerd te starten vanaf de bottombar, maar Fabien en Cameron lieten me los toen er een gust kwam net op het moment dat ik toch wilde overpakken naar m’n uprights. Ik schoot dertig meter omhoog, gelukkig niet in een bocht, en al graaiend en grijpend wist ik m’n voeten in m’n harnas te schoppen en de controle over m’n vleugel te krijgen. Dat scheelde niet veel, maar ik had gelukkig snel door dat ik veilig was, en ik probeerde een half uurtje te soaren tegen de berg aan. Termieken lukte me helemaal niet, het lijkt wel of ik ook in de lucht helemaal terug bij af ben, vijftien jaar geleden, bang om dichter bij de berg te komen dan tien vleugellengtes. Geen idee waarom ik zo ontzettend onzeker ben plotseling. Het kan m’n nieuwe harnas zijn waar ik niet aan kan wennen, te hoog of te laag hangen, de vleugel die wat wiebeliger is dan m’n litespeed, of gewoon m’n kop. Ik heb natuurlijk in m’n hoofd gezet dat ik opnieuw begin, als een blanco leerling, om te leren landen. Misschien strooomt die mentale houding gewoon over naar m’n vliegen, ook al weet ik dat ik dat best wel kan. Of het is gewoon een combinatie van dat allemaal.
M’n landing was uitstekend, dat is dan wel weer een opsteker. Wel enorm pijn in m’n ellebogen, dus kennelijk hing ik flink te laag. Misschien kan ik morgen nog een hopje doen, en dan ns met oversnelheid landen.
M’n landing was uitstekend, dat is dan wel weer een opsteker. Wel enorm pijn in m’n ellebogen, dus kennelijk hing ik flink te laag. Misschien kan ik morgen nog een hopje doen, en dan ns met oversnelheid landen.
22 juli 2011
Taak 1
Enigszins teleurgestelde piloten lopen hier rond, ze hebben ‘alleen’ het derde keerpunt ‘maar’ gehaald, 86 km, tsss er stond een enorme puist wind en wat ik gezien heb: het was bepaald niet makkelijk vandaag. Je ziet maar: het is allemaal zo relatief. Ik ben vaak diep ongelukkig omdat ik na een uurtje of minder uitzak en dan ook nog op m’n buik land; maar toppiloten kunnen net zo depressief raken van een vlucht waar ik een moord voor doe.
We stonden op MteSubasio, minder winderig dan de Cucco maar ik ken het gebied nauwelijks en landingsterreinen zijn wat verder weg. Om niet weer mee te maken dat ik zou moeten inpakken als de wind toenam, vroeg ik Fransesco of ik vóór de taaksetting mocht starten. No worries, hij heeft toch geen idee wat ie met me aan moet. Terwijl ik naar de start struikelde (niks zo onhandig als een fancy harnas en een stijle helling) vond een parapenter het nodig om achterlijk laag over de honderdvijftig opgebouwde topvleugels te zwalken. Bizar, als ze een vleugel kapot gemaakt had was ze waarschijnlijk gelynchd, en ik had meegedaan. Je krijgt echt een gigantische hekel aan de snotlappen door dit soort geintjes.
Ik startte goed, maar had eindeloos moeite met m’n harnas. Kreeg m’n voeten er niet in, rits niet dicht, dus angle of dangle niet in orde, en dan duurt het een eeuwigheid voordat ik me kan concentreren op de termiek. Zeker op deze berg, zo glooiend en zulke harde wind dat het eruit ziet alsof je ieder moment tegen de grond zou kunnen slaan. Dan durf ik niet in te draaien, zeker niet als ik niet eens goed hang.
Toen ik eindelijk alles in orde had en binnen veilig bereik van landingsterreinen zat (lastig met de harde tegenwind en de trage vleugel) draaide ik omhoog tot halverwege de wolk, met de bedoeling om weer vlak boven Assisi te draaien, net als een jaar of zes geleden. Maar in m’n achterhoofd knaagde twijfel of er geen airspace is boven de oude stad, en tijdens een wedstrijd met allemaal officials en de kans dat iedereen nou juist enorm naar mij staat te kijken, beter om geen risico te nemen. Bovendien zag ik een aantrekkelijk groot terrein net binnen bereik, dus dat werd ‘m. Geen pogingen meer gedaan om omhoog te krabbelen, ik wilde gewoon een goeie landing doen. Dat lukte net niet helemaal, maar m’n circuit is duidelijk beter dan ooit en ik kom ook wat beter op final binnen dan voorheen. Ik duw alleen te laat uit omdat ik niet durf. Toch een buikschuiver dus.
Vervolgens zette ik het op een lopen, vier kilometer in 33º met een loeizwaar harnas op m’n rug, naar goal waar Katharina m’n auto zou neerzetten. Onderweg kreeg ik een glas water van een meneer die in z’n tuin bezig was. Ik zag twee gaggles, van zo’n zestig, zeventig vleugels, boven het eerste keerpunt draaien, schitterend. Toen ik bijna bij goal was kwam ik de Zwitsers tegen, heerlijk, een lift. Ze werden door de tomtom alle kanten opgestuurd, en zo kwamen we bij mijn vleugel terecht die dus mooi meteen mee naar het goalveld kon. Had ik maar gewoon daar zitten wachten, dan hadden ze me toch wel gevonden!
Op goal is het anders dan vroeger, omdat we nu live tracking hebben. Op smartphones en laptops kunnen we precies volgen waar alle deelnemers zitten, met 15 minuten vertraging weliswaar maar toch. Primoz voorop maar wel heel laag, Alex op twee en Christian drie. Superspannend. Primoz kwam uiteindelijk als eerste binnen, scheerde een meter over de grond tussen twee bomen naar de goalline, en even later kwamen de twintig, dertig piloten binnen die allemaal wel goal hadden gehaald. De rest stond in de buurt van het derde keerpunt, uitgespoeld door de snoeiharde wind. Inclusief Cameron, die terecht best tevreden is over z’n vlucht, en een hoop anderen die enorm lopen te balen om precies dezelfde vlucht.
Morgen weer wind.
We stonden op MteSubasio, minder winderig dan de Cucco maar ik ken het gebied nauwelijks en landingsterreinen zijn wat verder weg. Om niet weer mee te maken dat ik zou moeten inpakken als de wind toenam, vroeg ik Fransesco of ik vóór de taaksetting mocht starten. No worries, hij heeft toch geen idee wat ie met me aan moet. Terwijl ik naar de start struikelde (niks zo onhandig als een fancy harnas en een stijle helling) vond een parapenter het nodig om achterlijk laag over de honderdvijftig opgebouwde topvleugels te zwalken. Bizar, als ze een vleugel kapot gemaakt had was ze waarschijnlijk gelynchd, en ik had meegedaan. Je krijgt echt een gigantische hekel aan de snotlappen door dit soort geintjes.
Ik startte goed, maar had eindeloos moeite met m’n harnas. Kreeg m’n voeten er niet in, rits niet dicht, dus angle of dangle niet in orde, en dan duurt het een eeuwigheid voordat ik me kan concentreren op de termiek. Zeker op deze berg, zo glooiend en zulke harde wind dat het eruit ziet alsof je ieder moment tegen de grond zou kunnen slaan. Dan durf ik niet in te draaien, zeker niet als ik niet eens goed hang.
Toen ik eindelijk alles in orde had en binnen veilig bereik van landingsterreinen zat (lastig met de harde tegenwind en de trage vleugel) draaide ik omhoog tot halverwege de wolk, met de bedoeling om weer vlak boven Assisi te draaien, net als een jaar of zes geleden. Maar in m’n achterhoofd knaagde twijfel of er geen airspace is boven de oude stad, en tijdens een wedstrijd met allemaal officials en de kans dat iedereen nou juist enorm naar mij staat te kijken, beter om geen risico te nemen. Bovendien zag ik een aantrekkelijk groot terrein net binnen bereik, dus dat werd ‘m. Geen pogingen meer gedaan om omhoog te krabbelen, ik wilde gewoon een goeie landing doen. Dat lukte net niet helemaal, maar m’n circuit is duidelijk beter dan ooit en ik kom ook wat beter op final binnen dan voorheen. Ik duw alleen te laat uit omdat ik niet durf. Toch een buikschuiver dus.
Vervolgens zette ik het op een lopen, vier kilometer in 33º met een loeizwaar harnas op m’n rug, naar goal waar Katharina m’n auto zou neerzetten. Onderweg kreeg ik een glas water van een meneer die in z’n tuin bezig was. Ik zag twee gaggles, van zo’n zestig, zeventig vleugels, boven het eerste keerpunt draaien, schitterend. Toen ik bijna bij goal was kwam ik de Zwitsers tegen, heerlijk, een lift. Ze werden door de tomtom alle kanten opgestuurd, en zo kwamen we bij mijn vleugel terecht die dus mooi meteen mee naar het goalveld kon. Had ik maar gewoon daar zitten wachten, dan hadden ze me toch wel gevonden!
Op goal is het anders dan vroeger, omdat we nu live tracking hebben. Op smartphones en laptops kunnen we precies volgen waar alle deelnemers zitten, met 15 minuten vertraging weliswaar maar toch. Primoz voorop maar wel heel laag, Alex op twee en Christian drie. Superspannend. Primoz kwam uiteindelijk als eerste binnen, scheerde een meter over de grond tussen twee bomen naar de goalline, en even later kwamen de twintig, dertig piloten binnen die allemaal wel goal hadden gehaald. De rest stond in de buurt van het derde keerpunt, uitgespoeld door de snoeiharde wind. Inclusief Cameron, die terecht best tevreden is over z’n vlucht, en een hoop anderen die enorm lopen te balen om precies dezelfde vlucht.
Morgen weer wind.
21 juli 2011
nog meer niet vliegen
Bugger. Iedereen hoopte zo hard dat het vandaag goed zou zijn dat we allemaal enorm gedisciplineerd heel vroeg boven opgebouwd stonden. Toen ik klaar was had ik er nog net wel geloof in, dat ik zou kunnen starten in die wind. Maar een half uur later was het al duidelijk dat dat geen optie was, voor mij, met m’n kingpostvleugel. Ik pakte snel weer in voordat de relatieve windschaduw die de andere vleugels gaven zou verdwijnen, maar iedereen legde z’n vleugel plat. Never mind, van alle kanten kreeg ik helpende handen, maar vliegen zat er toch echt niet in. Wel voor een stuk of veertig bikkels, Camo natuurlijk en nog een paar. Christian liet er bijna het leven bij hoorde ik, maar verder verliep het starten pijnloos.
De rest van de middag weer niksen, nog meer niksen, dagen dagen dagenlang niksen. Ik word er gek van. Nog minstens twee, drie dagen onvliegbaar. En geen enkele uitwijkmogelijkheid.
CIVL
Ok. Laatste blog over sprogs en CIVL enzo, omdat we gisteren nou eenmaal nix anders gedaan hebben dan discussieren en praten over regels en certificering en protest. Ik ben er nog niet uit wat ik helemaal vind, misschien heeft Gerolf gelijk en laat ik me verblinden door m’n sympathie voor bepaalde personen: Flip, Heather, Dennis. Kan best waar zijn, maar ik geloof echt niet dat het puur incompetente figuren zouden zijn die alle verantwoordelijkheid van de piloten wegnemen en zich puur druk maken over hun eigen rugdekking, angst om vervolgd te worden na een ongeluk. Ik had net toevallig ’s ochtends met Katharina besproken waarom we Flip zo goed vinden. Omdat ie echt luistert naar argumenten, z’n beslissingen motiveert, en wel verantwoordelijkheid durft te nemen. Wat iets anders is dan verantwoordelijkheid van piloten afnemen.
Ik heb het idee dat er twee richtingen zijn. De ene, waar Mart voor staat, is de richting die meent dat piloten tegen zichzelf beschermd moeten worden. Wedstrijdpiloten doen er alles voor om te winnen, malen niet om hun eigen veiligheid, en degene die de grootste risico’s durft te nemen heeft het meeste wedstrijdvoordeel.
De andere, waar ik meer van ben, focust op de reden waarom we wedstrijden willen: om met vrienden ver te vliegen en het maximale uit onszelf te halen, iets te bereiken. Ik geloof dat het belangrijk is maximaal eigen verantwoordelijkheid bij de piloten te laten, en te accepteren dat sommige piloten nou eenmaal meer risico’s willen nemen dan andere.
Dat kan alleen als piloten goed geinformeerd zijn over gevaren en oplossingen. Wat mij betreft betekent dat, dat vleugels, instructeurs, harnassen, helmen en parachutes gecertificeerd moeten zijn. Certificering levert enige informatie op over de kwaliteit van zaken, mits de certificering goed gebeurt. Daar zouden CIVL en nationale aeroclubs op toe moeten zien. Nu richten ze zich op de individuele piloten en dwingen ze naleving van kwaliteitsnormen af bij de eindgebruikers (wij), niet bij de certificerende instanties en fabrikanten: DHV, BHPA, USHGA enz. Er zit mijns inziens een grondige fout in het systeem waarbij NACs zelf ook certificerend zijn, en er nog commerciele belangen bij hebben ook.
CIVL is er voor ons, voor de piloten, en dat beeld verliezen we nogal. Geen idee waar dat aan ligt. Doen de delegates hun werk niet goed? Ik weet dat we het in Nederland niet goed geregeld hebben, en sommige landen vaardigen überhaupt geen delegate af. Dat is niet CIVLs fout, maar tegelijk zou CIVL meer moeite kunnen doen om de piloten rechtstreeks, met email en enquetes, te betrekken bij de besluitvorming. Er zijn wat schokkende voorbeelden van arrogantie vanuit de CIVL richting piloten die juist hun nek uitsteken, niet ok. Maar ik heb er te weinig zicht op om te weten waar de fouten zitten. Daarom in eerste instantie geen lid geworden van de nieuwe comps pilots group, omdat ik niet geloof dat een alternatief voor de CIVL zou werken. Nu ik begrijp dat het niet de bedoeling is om CIVL terzijde te schuiven, ben ik toch maar aangehaakt. Ben benieuwd of het ons lukt de stroom richting benauwde regulering en angst en straf om te buigen.
Ik heb het idee dat er twee richtingen zijn. De ene, waar Mart voor staat, is de richting die meent dat piloten tegen zichzelf beschermd moeten worden. Wedstrijdpiloten doen er alles voor om te winnen, malen niet om hun eigen veiligheid, en degene die de grootste risico’s durft te nemen heeft het meeste wedstrijdvoordeel.
De andere, waar ik meer van ben, focust op de reden waarom we wedstrijden willen: om met vrienden ver te vliegen en het maximale uit onszelf te halen, iets te bereiken. Ik geloof dat het belangrijk is maximaal eigen verantwoordelijkheid bij de piloten te laten, en te accepteren dat sommige piloten nou eenmaal meer risico’s willen nemen dan andere.
Dat kan alleen als piloten goed geinformeerd zijn over gevaren en oplossingen. Wat mij betreft betekent dat, dat vleugels, instructeurs, harnassen, helmen en parachutes gecertificeerd moeten zijn. Certificering levert enige informatie op over de kwaliteit van zaken, mits de certificering goed gebeurt. Daar zouden CIVL en nationale aeroclubs op toe moeten zien. Nu richten ze zich op de individuele piloten en dwingen ze naleving van kwaliteitsnormen af bij de eindgebruikers (wij), niet bij de certificerende instanties en fabrikanten: DHV, BHPA, USHGA enz. Er zit mijns inziens een grondige fout in het systeem waarbij NACs zelf ook certificerend zijn, en er nog commerciele belangen bij hebben ook.
CIVL is er voor ons, voor de piloten, en dat beeld verliezen we nogal. Geen idee waar dat aan ligt. Doen de delegates hun werk niet goed? Ik weet dat we het in Nederland niet goed geregeld hebben, en sommige landen vaardigen überhaupt geen delegate af. Dat is niet CIVLs fout, maar tegelijk zou CIVL meer moeite kunnen doen om de piloten rechtstreeks, met email en enquetes, te betrekken bij de besluitvorming. Er zijn wat schokkende voorbeelden van arrogantie vanuit de CIVL richting piloten die juist hun nek uitsteken, niet ok. Maar ik heb er te weinig zicht op om te weten waar de fouten zitten. Daarom in eerste instantie geen lid geworden van de nieuwe comps pilots group, omdat ik niet geloof dat een alternatief voor de CIVL zou werken. Nu ik begrijp dat het niet de bedoeling is om CIVL terzijde te schuiven, ben ik toch maar aangehaakt. Ben benieuwd of het ons lukt de stroom richting benauwde regulering en angst en straf om te buigen.
19 juli 2011
Rome
De twee raarste dingen vandaag: in de trein zitten nog voordat er een briefing is geweest, alsof ik zo zeker weet dat het niet vliegbaar wordt vandaag. En de hele dag geen woord spreken, behalve om een kaartje te kopen en koffie te bestellen. En net, in de pizzeria, om een meneer af te poeieren die ook alleen was.
Na twintig jaar ben ik maar weer ns door Rome wezen rondlopen, ik ben er doodmoe van maar het was wel de moeite waard. Over twintig jaar weer. Het is een goeie stad, groot, druk, vol. Alle lagen geschiedenis aan het oppervlak, ongeordend door elkaar. Hordes toeristen; we nemen gewoon de complete stad over. Jongeren op scooters met minijurkjes aan en dan hele grote ronde zwarte helmen op. Getoeter, sirenes. Het Sintpietersplein was weer enorm, het badhuis kolossaal, de kerken protserig, de ijsjes overpriced en de Tiber stonk. Al viel het trouwens erg mee met de stank, het verkeer was aanzienlijk minder erg dan twintig jaar geleden en de straten waren schoon. Het was ook niet verschrikkelijk heet, dat scheelt. Ik had een ov-dagkaart dus ik probeerde met behulp van willekeurige bussen te verdwalen, maar de plattegrond en de herinnering maakten dat onmogelijk. Ik heb het allemaal weer gezien, genoeg, ik weet weer dat ik liever ga buiten spelen of naar Azië.
18 juli 2011
slecht weer
Rome was te ver weg vandaag na de safetybriefing, dus zijn we op en neer naar Spoleto geweest. De safetybriefing was zoals gewoonlijk, de helft niet te verstaan, de andere helft algemeen bekend, en dan nog een praatje van Raymond. Ik ben dol op Raymond, maar ik was het zeer oneens met ‘m. Hij zei dat er minder ongelukken zijn geweest sinds de sprogmetingen en penalties voor piloten met te lage sprogs, daarmee suggererend dat er een oorzakelijk verband is. Sprogs die hoog genoeg staan bevorderen veiligheid, dat begrijp ik wel na alle lessen van Gerolf en Dennis, ik zou niet beweren dat ik verstand heb van vleugelconfiguraties. Maar ik heb wel verstand van beleid en beleidsevaluatie, en als je beweert dat er minder ongelukken zijn geweest door de sprogmetingen, dan geef je in feite een beleidsevaluatie. Dat kan niet.
We hebben geen meting over de afgelopen jaren. We weten ook niets over piloten die in ruige lucht met vg en lage sprogs vlogen, en die niet getumbled zijn. Met andere woorden de omvang van het probleem is volstrekt onbekend.
Het kan dat er minder tumbles zijn geweest omdat minder piloten met te lage sprogs rondvliegen, maar het kan ook eeen gevolg zijn van voorzichtiger (dus sneller, met minder vg) vliegen omdat de schrik er goed in zit na de ongelukken van de afgelopen jaren. En wat ook zeker kan, mijn punt, is dat de afname van ongelukken pure schijn is. Niemand heeft systematisch gemeten, alles wat we weten over ongelukken in de afgelopen drie jaar is anekdotisch. En jeetje, we hebben het over vier of vijf grote internationale wedstrijden, nogal weinig gegevens om een evaluatie op te baseren.
Sterker nog, niet alleen hebben we geen metingen over aantallen ongelukken, er is ook weinig kennis over de veiligheidswinst die we bereiken door de verplichte sprogsettings. Ik ben er absoluut van overtuigd dat te hoge sprogs ook onveilig zijn. Als je je vleugel niet de bocht in kan krijgen omdat de buitenste sprogs op 8 graden (!!! Dit is de eis voor de Rev) staan, vlieg je jezelf harstikke kapot tegen een berg of een andere vlieger.
En dan is er nog de doelmatigheid van de regels. Je kan deelnemers aan een categorie 1 wedstrijd enigszins dwingen om DHV-settings aan te houden, door ze gigantische penalties te geven als ze betrapt worden op lagere sprogs, maar de kosten zijn enorm. Niet financieel, wel in lol, eerlijkheid (verschillende types vleugel vereisen verschillende meet-methoden, de metingen zijn sowieso niet betrouwbaar, sommige piloten worden gewoon niet betrapt), motivatie om aan wedstrijden deel te nemen. Ik wil al bijna niet meer, na al het gezeik bij de womens worlds en nu met de Airborne vleugels. Ik ben niet de enige.
Openingsceremonie
Het was een erg leuke openingsceremonie. Verzamelen in het Dominus om wat te eten. Gelukkig had ik goed gelunchd want van de vegetarische hap was niet veel meer over tegen de tijd dat ik bij het bufet kwam. Mocht ik enigszins aangeschoten zijn geraakt, dan is dat de oorzaak… Daarna rondje door het dorp met onze vlaggen en bordjes, en gelukkig lieten ze ons in de straat wachten terwijl op het plein de speeches gegeven werden. Zo konden we tenminste nog wat rondlopen en kletsen. Eénmaal op het middeleeuwse pleintje werden de piloten op de trappen gezet, mooi eerste rang voor het straattheater. Dat duurde veel te lang maar het was wel ontzettend leuk. Schitterende kostuums en attributen, een hoop vuurwerk en gezwaai met toortsen, flink wat Tchaikowski door de speakers, heerlijk. En na afloop bier in het Dominus. Ik zou denken dat ik een feestje kan vieren omdat ik toch niet vroeg op hoef, maar ik moet wel met Cameron naar de safetybriefing om half negen. En dan gehts lohs!
17 juli 2011
groundhandling
Niet te geloven, een dikke week hier, nog geen uur in de lucht, helemaal nix zinvols gedaan of zelfs maar lolligs of cultureels, en toch heb ik het prima naar m’n zin. Wachten, kletsen, dutten, kijken naar Woolfie en Jonny die indrukwekkende swoops doen snoeihard over de start, drie keer per dag op en neer rijden in de hoop op iets minder wind.
Vanmorgen waren we allebei om zeven uur op, en Camo bood aan om me meteen voor een heel vroege start naar boven te brengen, zodat ik er waarschijnlijk twee zou kunnen doen voordat de wind toenam. Maar boven bliezen de wolken in een noodgang over de berg heen, dus het enige zinvolle tijdverdrijf was een uurtje groundhandling. Ik ben er inmiddels aanzienlijk rustiger onder dan gisteren, kan het vrijwel alleen, maar ik heb Cameron toch nog graag in de buurt. En starten met m’n handen aan de bottombar vind ik nog steeds geen goed plan. In theorie wel, maar in de praktijk hield ik ‘m te dicht bij me zodat ik de vleugel op moest tillen, en dat werkt natuurlijk niet. Op het laatste moment dus ouderwets omgepakt naar de uprights, en een uitstekende start gemaakt zonder instrumenten, zonder skids, zonder wat dan ook. Het is raar, om zo in de stilte te vliegen, geen enkel piepje, en ik had een droge mond van de inspanningen maar water had ik ook al niet bij me. De landing ging redelijk ook al stond er beneden nauwelijks wind en dat dan ook nog vanaf de berg. De grootste vooruitgang zit in m’n circuit, heel belangrijk maar niet het hele verhaal. De snelheid op final wil nog steeds niet, ook al vertel ik mezelf hardop: “voelen!”.
Inmiddels is Ropje gearriveerd, iedereen eigenlijk, heel gezellig dus. Bill en Molly zijn er, Flip, Heather en Mart, de Dutchies, Claudia en Jamie enzovoort enzovoort. Ik mis er een paar, Shedsy heeft een kind, Seibsy vliegt nauwelijks nog hanggliders, Corinna is gewond. Gerolf is net boos naar huis vertrokken, erg jammer. Ik ben het met hem eens dat de controles en certificeringen en regels en eisen compleet over the top zijn, als dat tenminste z’n punt was. Als je absolute veiligheid wil moet je zeilvliegen verbieden, nee iedereen steriliseren. Zolang er mensen zijn die lol willen maken zullen er gewonden vallen. Sprogs, helm, skids, brevet, we hangen straks met z’n honderdzestigen in een belletje en wat dan?
Nu even werken en dan eens kijken of de Frenchies nog iets leuks gaan doen.
oefendag
Zo’n dubbele dag, mislukt en top tegelijk. Na een waardeloos vluchtje met waardeloze landing zeven-en-een-half uur in zon en wind zitten wachten, in de hoop dat het rustig genoeg zou worden voor nog een start, en daarna nog even wachten tot Cameron geland was omdat ik niet op m’n eentje durfde in te pakken met al die wind. Klote. Maar ook wel weer top, omdat Camo en Jamie probeerden me te troosten in m’n frustratie, en vooral omdat ik een half uur, of een uur, geen idee, high wind ground handling oefening heb gedaan met Camo en Mart. Ideaal. Ik zag Julia spelen in een a-frame en ik verzuchtte dat ik zou willen dat ik net zo was als zij. Geen angst, altijd spelen en daardoor altijd beter gevoel krijgen voor de vleugel, voor de wind. Ik word juist panisch als ik voel hoe de wind probeert m’n vleugel omver te blazen, ik zie ‘m al holderdebolder kapotslaan op de grond, hekken, andere vleugels. En als ik ingehaakt ben voel ik me al helemáál onthand, ik word opgetild, heb helemaal geen controle meer.
Op zo’n moment merk ik hoe compleet ik Cameron vertrouw. Hij kan dit, en hij kent mij, hij kan het me bijbrengen en hij zal m’n kabel grijpen als het nodig is. Wel erg fijn dat Mart aan de andere kant stond trouwens, want het was echt knoerdhard die wind. Ik weet niet hoe lang we geoefend hebben, ik merkte wel dat het puur mijn stress was waar ik zo moe van werd. Het is geen krachtpatserij om het goed te doen, alleen maar techniek, voelen hoe je de vleugel in de wind kunt houden en vertrouwen op de pitchstabiliteit van het ding. Na afloop was ik compleet uitgeput, en ik kan het nog niet, maar ik weet wel zeker dat zo’n oefening supergoed voor me is.
16 juli 2011
Sprogs
Drama, die sprogsmetingen. Een paar jaar geleden, bij de EK in Greifenburg is het begonnen, en ik weet eigenlijk niet meer wat de aanleiding was. De DHV wilde plotseling regels over de sprogsetting waarbij wedstrijdpiloten met punten of uitsluiting zouden worden bestraft als de sprogs te laag staan. De CIVL was gelukkig iets voorzichtiger met regels en straffen, iets professioneler in de pogingen om veiligheid te bevorderen. We hadden eindeloze discussies over de manier om vast te stellen waar de veilige grenzen van sprogs überhaupt staan, hoe je zou kunnen meten of sprogs wel of niet in een veilige hoek staan, hoe je piloten ertoe kan bewegen ze niet te laag te draaien (om minder pitch en meer performance uit hun vleugel te halen), hoe je het eerlijk kan houden zodat er geen wedstrijdpiloten unfair voordeel halen uit extreme settings. De discussies waren in zichzelf al prima voorlichting, en daarnaast gaven Gerolf en Dennis les over vleugel configuraties, aerodynamica, veiligheid en performance. Bovendien werden alle sprogs (vrijwillig) gemeten, anoniem gepubliceerd, en piloten die overdreven lage settings hadden kregen het dringende advies ze omhoog te draaien. De dag dat Ricci verongelukte, mede als gevolg van z’n extreme settings (en hij draaide met vol vg in een gigantisch turbulente bel) had ik net mijn sprogs omlaag gedraaid, en dat maakte me een stuk veiliger. De DHV-certificeringssettings voor een LitespeedS 3 maakten de vleugel erg zwaar in de bochten, zodat schrapen in turbulente lucht levensgevaarlijk werd.
Afijn, door Riccis ongeluk, Duitse drammerigheid en een FAI die hysterisch werd van alle (parapente)ongelukken kon de CIVL het niet volhouden om degelijk, effectief, goed beleid te maken. Het moest dus snel en simpel, dus met voorschriften, controles en straffen.
Gisteren begon het meetcircus, met een beetje geluk was je er in drie uur doorheen. Ik hoef natuurlijk niet, omdat ik niet meedoe en omdat ik een kingpost heb. Maar Cameron, met z’n nieuwe, pas een maand gecertificeerde Airborne Rev 14,5 was de lul. Hij had zich ook niet voorbereid, niet gecheckt wat de settings precies moesten zijn, of de organisatie de limits had, hoe de zijne stonden, maar ik had vooral medelijden met hem en met mezelf. Zeven uur in de bloedhete sporthal, twee keer op- en afbouwen, skypen en telefoontjes naar Australie waar iedereen naar bed ging en zenuwachtig overleg met Dennis en Thomas, en nou zijn de officiele getallen er nog niet. Hij moest z’n outer sprogs een complete slag omhoog draaien, en ik hoop dat ie dan nog net zo fijn vliegt als daarvoor. Je kan zien hoe gelukkig hij is met deze vleugel, hij vliegt de sterren van de hemel, gecoordineerd en zeker. Aan de andere kant, ik ben wel blij als ik zeker weet dat ie een veilige vleugel vliegt, en Camo haalt zelfs met een houten deur nog wel goal. Hopelijk kunnen we het vandaag uitproberen, want gisteren waaide het veel te hard om te gaan vliegen. Ik heb m’n boekje uitgelezen, slap geouwehoerd, en alleszins de dag compleet aan me voorbij laten gaan. Vandaag beter.
Afijn, door Riccis ongeluk, Duitse drammerigheid en een FAI die hysterisch werd van alle (parapente)ongelukken kon de CIVL het niet volhouden om degelijk, effectief, goed beleid te maken. Het moest dus snel en simpel, dus met voorschriften, controles en straffen.
Gisteren begon het meetcircus, met een beetje geluk was je er in drie uur doorheen. Ik hoef natuurlijk niet, omdat ik niet meedoe en omdat ik een kingpost heb. Maar Cameron, met z’n nieuwe, pas een maand gecertificeerde Airborne Rev 14,5 was de lul. Hij had zich ook niet voorbereid, niet gecheckt wat de settings precies moesten zijn, of de organisatie de limits had, hoe de zijne stonden, maar ik had vooral medelijden met hem en met mezelf. Zeven uur in de bloedhete sporthal, twee keer op- en afbouwen, skypen en telefoontjes naar Australie waar iedereen naar bed ging en zenuwachtig overleg met Dennis en Thomas, en nou zijn de officiele getallen er nog niet. Hij moest z’n outer sprogs een complete slag omhoog draaien, en ik hoop dat ie dan nog net zo fijn vliegt als daarvoor. Je kan zien hoe gelukkig hij is met deze vleugel, hij vliegt de sterren van de hemel, gecoordineerd en zeker. Aan de andere kant, ik ben wel blij als ik zeker weet dat ie een veilige vleugel vliegt, en Camo haalt zelfs met een houten deur nog wel goal. Hopelijk kunnen we het vandaag uitproberen, want gisteren waaide het veel te hard om te gaan vliegen. Ik heb m’n boekje uitgelezen, slap geouwehoerd, en alleszins de dag compleet aan me voorbij laten gaan. Vandaag beter.
14 juli 2011
kleine irritaties
Ik voelde me enigszins schuldig gisteravond, om Gordon achter te laten met Len, maar shit ik heb geen zin om voor Lennie te gaan zorgen. Hij zoekt net zolang tot ie type Cameron gevonden heeft, iemand die geen nee kan zeggen, gaat er vanzelfsprekend vanuit dat hij niet hoeft te regelen dat ie een auto heeft, slaapplaats, team.
M’n knagende geweten komt ook wel door het ongeluk van tien jaar geleden, ook al had ik er niks mee te maken. Len heeft geweigerd mij een baan te geven bij de HGFA, waarschijnlijk omdat ik een Dutchie ben en wij Dutchies hebben zijn auto vernield.
We waren net aangekomen in Forbes met de hele groep, Diederik die de reis had georganiseerd lag harstikke ziek in z’n tent, en Len kwam heel hartelijk met ons meevliegen. Het was natuurlijk ook wel een buitenkans voor hem, want zonder sleepbedrijf kwam hij de lucht niet in, maar er was niks mis met z’n gastvrijheid. Op enig moment moesten er wat piloten worden opgehaald, en op de één of andere manier kreeg Corné de sleutels in handen gedrukt van Lens auto. Corné is de meest accident-prone persoon die ik ooit heb meegemaakt, hij had nog wat jetleg, last van de hitte, geen zin om te rijden, maar ik heb begrepen dat hij weinig kans kreeg om nee te zeggen. Onderweg moest ie ergens keren, reed daarna aan de verkeerde kant van de weg, en hij botste frontaal op een tegenligger. Mensen in die auto flink gewond, Lens auto total loss. En Corné is gevlucht, in plaats van schadevergoeding en verzekering enzo netjes te regelen. Hij moest voorkomen, maar op de één of andere manier kon ie met ons mee terug naar Nederland.
Begrijpelijk dat Len slechte herinneringen heeft aan Dutchies, maar hij snapt niet dat ik niet eens op het veld was die dag, en dat ik m’n eigen redenen heb om slechte herinneringen te hebben aan die groep. Nou ja, ik kan wèl nee zeggen, dus moest Gordon ’s avonds laat nog op en neer naar de camping omdat Len geen auto gehuurd heeft en geen team georganiseerd.
M’n knagende geweten komt ook wel door het ongeluk van tien jaar geleden, ook al had ik er niks mee te maken. Len heeft geweigerd mij een baan te geven bij de HGFA, waarschijnlijk omdat ik een Dutchie ben en wij Dutchies hebben zijn auto vernield.
We waren net aangekomen in Forbes met de hele groep, Diederik die de reis had georganiseerd lag harstikke ziek in z’n tent, en Len kwam heel hartelijk met ons meevliegen. Het was natuurlijk ook wel een buitenkans voor hem, want zonder sleepbedrijf kwam hij de lucht niet in, maar er was niks mis met z’n gastvrijheid. Op enig moment moesten er wat piloten worden opgehaald, en op de één of andere manier kreeg Corné de sleutels in handen gedrukt van Lens auto. Corné is de meest accident-prone persoon die ik ooit heb meegemaakt, hij had nog wat jetleg, last van de hitte, geen zin om te rijden, maar ik heb begrepen dat hij weinig kans kreeg om nee te zeggen. Onderweg moest ie ergens keren, reed daarna aan de verkeerde kant van de weg, en hij botste frontaal op een tegenligger. Mensen in die auto flink gewond, Lens auto total loss. En Corné is gevlucht, in plaats van schadevergoeding en verzekering enzo netjes te regelen. Hij moest voorkomen, maar op de één of andere manier kon ie met ons mee terug naar Nederland.
Begrijpelijk dat Len slechte herinneringen heeft aan Dutchies, maar hij snapt niet dat ik niet eens op het veld was die dag, en dat ik m’n eigen redenen heb om slechte herinneringen te hebben aan die groep. Nou ja, ik kan wèl nee zeggen, dus moest Gordon ’s avonds laat nog op en neer naar de camping omdat Len geen auto gehuurd heeft en geen team georganiseerd.
13 juli 2011
Castelluccio
Wow. Op excursie, naar Casteluccio. Wow. Verschrikkelijk mooi, spectaculair, buitenaards. Het is geloof ik een vulkaankrater, maar groter en imposanter en lieflijker dan ik ooit gezien heb. Enorme grassige bergen rondom, een gigantische vlakke bodem vol gras en bloemen, en ergens op eenderde een heuveltje met het dorpje erop, niet eens heel erg verpest door toerisme. Toen ik vanmorgen aan Atilla vroeg of ik mee kon was dat met het idee dat ik nooit zelf honderd kilometer zou rijden om een alternatieve startplek te bekijken, ik had niet verwacht dat het zo bijzonder zou zijn. Gezellig ook, goed lachen met Atilla en Flocky, terwijl Chubba ons met doodsverachting en 120 km/u door blinde bochten en kromme tunnels stortte. Niet kijken leek me de beste optie.
De piloten druppelen weer binnen, de sfeer wordt weer dat bekende voor-de-wedstrijd-sfeer. Iedereen blij om elkaar te zien, excitement, grapjes over winnaars en verliezers. Ik vind het ideaal, om hier te zijn als winddummy. Geen entry fee, geen verplichtingen, wel vliegen.
korte vluchtjes


Gosh ik ben extreem lui. Het is ook wel bizar heet en drukkend, 32 graden, ik ben natuurlijk weer flink verbrand voordat ik mezelf ertoe kan zetten om vet spul te smeren. Te weinig drinken te weinig slapen en de hele dag in de zon, en lekker als vanouds een dikke fantasy novel, dit is puur ranzen. We waren vrij vroeg op de noordooststart en we waren een beetje onzeker over de wind. Als ie erg uit het noorden komt start je in de lijzijde van een riggel, dan rotor je onherroepelijk naar beneden en moet je landen op één van de mini-hellingen in het dal. Geen goed vooruitzicht, en we keken om ons heen om te zien of er iemand zou starten. Kortom, we hadden een winddummy nodig. Goed dat ik nog niet officieel in dienst ben want ik had er weinig trek in om te proberen een potentiele catastrofe te overleven. In mijn plaats startte Artur, op z’n nieuwe litespeed, zodat het niet duidelijk was of ie last van turbulentie had of gewoon nog aan z’n vleugel moest wennen.
Ik stond met Atilla op de start en vertelde hoe perfect de eerste dag van de womens worlds was, een paar jaar geleden. We draaiden allemaal heel netjes, elkaar ruimte gunnend, voorzichtig en enthousiast naar boven over die riggel. Atilla merkte op dat vrouwen waarschijnlijk veel vriendelijker voor elkaar zijn in de lucht dan de mannen, en ik denk dat ie gelijk heeft. We vliegen toch iets meer omdat we het gewoon fantastisch vinden, en iets minder om te winnen, elkaar de loef af te steken.
Overigens is Julia er, en Corinna niet. Ze is geblesseerd bij een misstart, erg jammer. En Julia zal de WK niet winnen dit jaar ook al heb ik nog steeds alle vertrouwen in haar. Als er ooit een meisje was dat wereldkampioen overall kan worden, is zij het. Maar niet dit jaar. Ze is haar oorspronkelijke roekeloosheid kwijt, gelukkig, maar daarmee ook een voorsprong op iedereen die er wel aan veiligheid hecht.
Afijn, alle vijf of zes piloten vóór mij gingen goed omhoog dus ik startte ook. Ging ook goed omhoog, wel wat ruiger dan eergisteren, en toen ik op zo’n 1800 meter uit de bel werd gezet liet ik me zonder verzet richting het vliegveld duwen. Zo werkt het bij mij altijd, als ik erg onzeker over de landing ben zal ik geheid richting landingsterrein bewegen, het is gewoon de strohalm waar ik me aan vasthou. Na twintig minuten was het dan ook over voor mij, en met een heel redelijke landing en een lift van de Russen was ik niet eens teleurgesteld.
Cameron had weer een superdag, uren van Tre Pizzi naar Gubbio en terug. Vanmorgen gaan we vroeg omhoog want Maurizio voorspelt een weersomslag, en er zouden wel eens een paar niet-vliegdagen aan kunnen komen.
11 juli 2011
Eerste dag MteCucco
Het is een prachtige dag maar ik wilde niet meer dan een hopje doen, dus dat was het dan ook. Half uurtje rond de start gezwalkt, daarna een heel redelijke landing, en nu een middagdutje terwijl Gordon en Cameron nog ergens boven Gualdo Taldino hangen. Ik heb een aantal nachten nauwelijks geslapen, twee dagen gereden, en op het werk moest ik tot het laatste moment nog vanalles afmaken. Dat hopje was dus meer dan genoeg. Wel jammer van de condities, die zijn super. Cumulus flokkus vanmorgen, en na m’n landing zag ik een paar serieuze congestus achter de MteCucco opdoemen. De termiek was heel prettig tot een inversietje rond de 1600 meter. Ik merk wel dat ik, zonder taak, er erg slecht in ben om me een beetje te concentreren en echt moeite te doen. Nou ja, eerst maar ns bijslapen.
27 juni 2011
shitdag
Op deze manier verlies ik m’n motivatie, wie had dat ooit gedacht? Vliegen is niet leuk meer als alles tegenzit, en iemand met hevig bureaucratische genen dan ook nog eens van me verwacht dat ik een hectare hoog gras ga doorzoeken om een schuiflijntje te vinden dat ik totaal buiten mijn schuld verloren ben.
Terug in m’n ouwe Tenax, ook al zijn daar de ritsen bijna van kapot en komen m’n tenen door de booth. Op het laatste moment naar Moergestel in plaats van Bruinehaar, ook al blijkt achteraf dat de voorspelling er totaal naast zat en het juist in het noordoosten goed was. Gekozen voor een dagje lieren in plaats van lekker ranzen op parkpop, ook al had ik twee nachten bijna niet geslapen en beloofde parkpop heerlijk ouderwets gezellig te worden. En als klap op de vuurpijl een lier waar iets mis mee was, zodat alle starts afliepen in een weaklinkbreak. Ook de mijne, dus ik was met m’n bonkende kop door de mist helemaal voor niks naar Brabant gereden.
Nou ja, ik zie het allemaal erg somber in maar wie weet lukt het Jeff toch om de Covert aan te passen. Wie weet vlieg ik de sterren van de hemel als winddummy bij de WK. Wie weet land ik voortaan alleen nog maar perfect. Blijven hopen.
Terug in m’n ouwe Tenax, ook al zijn daar de ritsen bijna van kapot en komen m’n tenen door de booth. Op het laatste moment naar Moergestel in plaats van Bruinehaar, ook al blijkt achteraf dat de voorspelling er totaal naast zat en het juist in het noordoosten goed was. Gekozen voor een dagje lieren in plaats van lekker ranzen op parkpop, ook al had ik twee nachten bijna niet geslapen en beloofde parkpop heerlijk ouderwets gezellig te worden. En als klap op de vuurpijl een lier waar iets mis mee was, zodat alle starts afliepen in een weaklinkbreak. Ook de mijne, dus ik was met m’n bonkende kop door de mist helemaal voor niks naar Brabant gereden.
Nou ja, ik zie het allemaal erg somber in maar wie weet lukt het Jeff toch om de Covert aan te passen. Wie weet vlieg ik de sterren van de hemel als winddummy bij de WK. Wie weet land ik voortaan alleen nog maar perfect. Blijven hopen.
12 juni 2011
Niks gepresteerd bij de Knoalkup



M’n zelfvertrouwen is weer es op een dieptepunt en het wordt lastig om opnieuw als baron van Münchhausen weer omhoog te krabbelen. Ik heb geen idee waar het aan ligt, de vleugel, m’n harnas, m’n kop? Zowel in het groot als vandaag. Al sinds ik vlieg ben ik de traagste met leren, helpen honderden herhalingen en adviezen en voorbeelden niet om fouten af te leren, zak ik eruit en eruit en eruit en eruit. En maar slecht landen, en maar weer slecht landen, ik word er zo hopeloos van. En vandaag was het ook weer naadje, drie sleeps en mooie cumultjes overal en iedereen (echt ie-der-een) die op z’n minst een beetje hoogte won, maar ik niet hoor. Rinus zwaaide me af in mooie bellen die ik vervolgens feilloos wist te ontwijken, zelfs als er iets piepte lukte het me niet om in te draaien, en als toetje maakte ik ook nog ns belabberde landingen. Te langzaam, te langzaam, tien jaar verder en een Sting en nog land ik te langzaam. Doodziek ben ik er van.
Als troost nam Dees me mee voor een rondje dragonfly, zo lief. Dat helpt inderdaad als een doosje rozijntjes op een geschaafde knie, het leed is alweer geleden. Ik mocht proberen om zelf te vliegen, maar dat durf ik toch niet. Ik heb totaal geen gevoel voor die drie assen, en als ik een beetje met m’n tenen wiebel begrijp ik niet wat het effect is maar zodra ik echt op een pedaal douw spiralen we naar beneden. Ik heb me verder maar lekker door haar rond laten vliegen, lekker lui en gewoon genieten van het vluchtje. Ze is een lekker degelijke piloot, fijn om achter te zitten.
Morgen wordt het pokkeweer dus ik heb de tent al ingepakt, straks naar huis. Onderweg zal ik mezelf maar eens een sessie mentale training geven want tjonge ik heb het nodig!
11 juni 2011
melig
M'n nieuwe titel Hadecrashna vervangt de vorige want als Kapster zo doorgaat raak ik m'n titel in de mast'rbatorcompetitie kwijt. O jee we moeten nog een hele middag in de caravan niet drinken.
Toch de Knoalkup
Gisteren kon ik via het online trackingsysteem van DHL precies zien hoe m'n lufflines uit Hongkong vertrokken, in Amsterdam aankwamen, en ja hoor tevergeefs aan m'n deur waren gebracht. Ik stortte me in de moeder aller regenbuien om ze nog net voor sluitingstijd bij het magazijn in Ypenburg op te halen, en vanmorgen was ik om zeven uur onderweg naar Stadskanaal. Hier kon ik gelukkig gebruik maken van de werkplaats om met de minuscule ringetjes en washertjes en schroevendraaiers aan de slag te gaan. Het schoot me allemaal twintig keer uit de vingers maar op de gladde vloer vond ik het allemaal wel weer terug. Uiteindelijk was ik gewoon op tijd klaar om op m'n eigen beurt te starten. Hart in de keel, extreem humorverlies, maar het ging. 'Dapper' zei Rinus en dit keer incasseerde ik het compliment van harte, want jeetje wat was het heftig. Ik moest keihard werken om achter de sleep te blijven en op 300 meter koppelde ik alsnog los. Hing te laag om goed in te kunnen draaien, dus ik landde en heb de vleugel nog verder beplakt, tentje opgezet, nieuwe hangloop besteld en nu maar wachten tot het wat rustiger wordt.
04 juni 2011
NK over
Vanmorgen vroeg op, en ook al had ik goed geslapen de herinnering aan de mislukte start gisteren tuimelden meteen in m’n hoofd. Zo erg dat ik een kwartier bleef liggen om te bedenken of ik überhaupt wel weer naar Deelen moest rijden. Maar ik zou het mezelf niet vergeven als het vandaag toch goed vliegbaar was geworden en ik het niet had geprobeerd. Na zo’n debacle kan ik ook altijd beter meteen maar een nieuwe poging doen. Plus, nou is m’n zeil zo mooi snel gerepareerd, kan ik ook beter de kans maar grijpen om iemand te vragen de vleugel weer in elkaar te zetten. Liefst Ropje, aangezien hij de meeste ervaring heeft met dat soort werk.
Tegen de tijd dat we hadden mogen starten, half elf, was het al hard aan het waaien. In de loop van het volgende uur kwam daar termiek bij, dus om half twee pakte ik de vleugel maar weer in. Zelfs met m’n Litespeed had ik het misschien niet meer aangedurfd, zeker niet op dat veld, waar ik jaren geleden Niki zag verongelukken. Dat inpakken een goeie beslissing was bleek wel toen we de Dragonfly ternauwernood van omslaan konden redden.
Een gezellige sociale middag dus, zeker toen Fifi en Sjors zich vertoonden, en tegen half vijf togen we aan het werk. Tenminste, Ropje aan het werk, ik er zo min mogelijk in de weg omheen. Hij wist precies hoe je het aan moet pakken (onderkant naar boven, punt op een schraag, uprights verkeerdom…) en dan nog kostte het twee uur zweten en dan nog moet er nog best veel gebeuren. In ieder geval heb ik geen naakt skelet in een zielige ruime pakzak maar weer een echte vleugel, dus ik kan weer gerust gaan slapen.
03 juni 2011
Bijna weer gerepareerd
Geluk en pech houden nog even aan. Het was geluk dat ik Desirees vleugel mocht vliegen en dat Rinus me ’s ochtends een paar oefenstartjes wilde geven, pech dat het al flink turbulent was en dat ik tot mijn verrassing toch flink overcorrigeerde (terwijl ik verdorie jarenlang Litespeed en Laminar gevlogen heb en terwijl goed slepen bij heftige omstandigheden m’n sterkste punt is). Ik raakte bij de tweede start bijna in een lockout, heel laag, dat leverde een paar tranen op uit schaamte en frustratie omdat ik dit soort capriolen niet meer heb uitgehaald sinds ik tien jaar geleden leerde slepen met een enkeldoeker.
Pech was het dat Heleen, die Alphons’ oude vleugel heeft, niet thuis is zodat ik niet kan kijken of ik zijn lufflines kan gebruiken. Geluk was de ontzettend aardige griet van Vrolijk, die me waarschuwde voor de drukte in de haven zodat ik met de fiets ging, en die meteen toen ik binnenkwam aan het plakken en naaien sloeg zodat ik nu alweer bijna goed ben om de lucht in te gaan.
Maar het blijft toch waanzinnig pech dat ik nou al jaren niet goed op Deelen heb gevlogen, terwijl ik dat één van de schitterendste vliegstekken vind die ik ken. En dat iedereen gisteren wegvloog, en ik deze twee zonnige dagen alleen maar bijna duizend kilometer in de auto heb gezeten.
Wie weet, morgen nog een startje?
vette pech
Vaak heb ik geluk als ik pech heb. M’n botten breken meestal mooi recht af. Ik kan zo naar een fijne directie als het kabinet m’n functie opheft. Iemand biedt me een vleugel aan als m’n eigen vleugel kapot is, en de talloze keren dat ik géén deuk in m’n leading edge had waren toch ook een kwestie van geluk. Pech is dan wel weer dat gisteren alles mee leek te zitten voor een leuk vliegdagje: mooi weer (iedereen is weggekomen), ik was lekker uitgeslapen, m’n spullen waren in orde, alles verliep vlotjes zodat ik heel ontspannen klaar was om te gaan vliegen. Maar toen greep een dustdevil m’n vleugel, en smeet ‘m drie keer over de kop bovenop de kingpost en lufflines van Maarten en daarna op het asfalt. Ik zat nog kalm de taak in m’n instrument te zetten, veel te ver weg om überhaupt een kans te hebben m’n vleugel te redden. Dees en Henk probeerden de schade te beperken maar zij waren ook te laat. In tien seconden is het vliegseizoen voor mij alweer voorbij.
Het gebeurt best vaak, een dusty door de startrijen. Soms wordt er iemand gepakt en dan heb je enorm medelijden met het slachtoffer en tegelijk ben je blij dat het jou niet is overkomen. Op de Chabre, in StAndré (Rinus!) eni n Forbes heb ik toestellen total loss zien gaan, enkel van een overactief belletje. Heden ik.
Nog voordat ik goed en wel besefte wat er gebeurd was bood Dees me al haar Litesport aan. Zo lief! Ik weet niet of ik het aan zou durven om m’n vleugel uit te lenen, juist vanwege het risico van schade waardoor je wekenlang uit de running bent. Als het de komende dagen vliegbaar wordt (twijfelachtig, het is half zes in de ochtend en de windvlagen gieren al om me heen) kan ik in elk geval de lucht in. Maar die goeie dag gisteren heb ik weer gemist.
In plaats daarvan ben ik op en neer naar Stadskanaal gereden om de Litesport op te halen. Vijf uur in de auto terwijl heel Nederland aan het vliegen, fietsen, wandelen, zonnen is, boe. Daarna linea recta naar Eppo om de Sting uit te doeken. Eppo had harstikke goed gevlogen, was moe en verbrand. Het uitdoeken was een enorme klus, er zit een kingpost op dus je trekt het zeil niet eenvoudig over de buizen heen. Wel weer geluk was dat de buizen ongeschonden bleken. Er zit alleen een scheur in m’n onderdoek, krassen op m’n leading edge, de lufflines zijn kapot en een latje was verbogen. Als ik snel een goeie zeilmaker vind, en iemand die me kan helpen het toestel weer in elkaar te zetten, kan ik misschien toch de Knoalkup nog mee vliegen.
Hier het filmpje van Johan.
Het gebeurt best vaak, een dusty door de startrijen. Soms wordt er iemand gepakt en dan heb je enorm medelijden met het slachtoffer en tegelijk ben je blij dat het jou niet is overkomen. Op de Chabre, in StAndré (Rinus!) eni n Forbes heb ik toestellen total loss zien gaan, enkel van een overactief belletje. Heden ik.
Nog voordat ik goed en wel besefte wat er gebeurd was bood Dees me al haar Litesport aan. Zo lief! Ik weet niet of ik het aan zou durven om m’n vleugel uit te lenen, juist vanwege het risico van schade waardoor je wekenlang uit de running bent. Als het de komende dagen vliegbaar wordt (twijfelachtig, het is half zes in de ochtend en de windvlagen gieren al om me heen) kan ik in elk geval de lucht in. Maar die goeie dag gisteren heb ik weer gemist.
In plaats daarvan ben ik op en neer naar Stadskanaal gereden om de Litesport op te halen. Vijf uur in de auto terwijl heel Nederland aan het vliegen, fietsen, wandelen, zonnen is, boe. Daarna linea recta naar Eppo om de Sting uit te doeken. Eppo had harstikke goed gevlogen, was moe en verbrand. Het uitdoeken was een enorme klus, er zit een kingpost op dus je trekt het zeil niet eenvoudig over de buizen heen. Wel weer geluk was dat de buizen ongeschonden bleken. Er zit alleen een scheur in m’n onderdoek, krassen op m’n leading edge, de lufflines zijn kapot en een latje was verbogen. Als ik snel een goeie zeilmaker vind, en iemand die me kan helpen het toestel weer in elkaar te zetten, kan ik misschien toch de Knoalkup nog mee vliegen.
Hier het filmpje van Johan.
23 mei 2011
Gevaarlijke sporten
Van de Stichting Consument en Veiligheid jat ik een overzicht van sportongevallen. Eigenlijk hebben ze niet gekeken naar doden maar naar hoofdletsel. Met stip bovenaan staan paardensport en schaatsen, dat is kennelijk echt alleen voor thrill seekers.
In de Krantenknipselregistratie zijn tussen 1986 en 2009 vijfendertig dodelijke sportongevallen met hoofdletsel geregistreerd. De meeste doden door hoofdletsel vielen door paardrijden, namelijk tien: in zes gevallen viel de ruiter van het paard, één keer viel een pony op het hoofd van het slachtoffer, één ruiter werd meegesleept door het paard en raakte met het hoofd een paaltje, en twee ruiters overleden door een trap van het paard tegen hun hoofd. Vier zwemmers overleden, één na een val van de duikplank, twee na een duik in ondiep water, en één na een botsing met het hoofd tegen een andere zwemmer. Kitesurfen maakte drie dodelijke slachtoffers, meegesleept door de kite, en ook tijdens zeilen overleden drie sporters, alle drie doordat ze de giek tegen het hoofd kregen en bewusteloos raakten of overboord vielen. Twee wielrenners overleden in deze periode, beiden na een val van de fiets, en vier voetballers, waarvan er twee een omvallend doel op het hoofd kregen, één overleed na een kopduel en één zaalvoetballer na een bal tegen het hoofd. Verder werd een surfer overvaren door een speedboot, overleed een jongen die met een crossfiets over een skatebaan wilde gaan aan hoofdletsel, viel iemand van een klimmuur op zijn hoofd, en viel een meisje tijdens de gymles uit de ringen op haar hoofd. Een opvarende van een speedboot viel overboord en werd overvaren door een andere boot, en een sportvlieger kwam met zijn hoofd in de propeller van zijn vliegtuig. Een schaatstrainer overleed na een botsing en een val op het ijs en een skeeleraar overleed aan een hoofdwond na een val op de weg. Recentelijk overleed een bokser na een klap op zijn hoofd.
In de Krantenknipselregistratie zijn tussen 1986 en 2009 vijfendertig dodelijke sportongevallen met hoofdletsel geregistreerd. De meeste doden door hoofdletsel vielen door paardrijden, namelijk tien: in zes gevallen viel de ruiter van het paard, één keer viel een pony op het hoofd van het slachtoffer, één ruiter werd meegesleept door het paard en raakte met het hoofd een paaltje, en twee ruiters overleden door een trap van het paard tegen hun hoofd. Vier zwemmers overleden, één na een val van de duikplank, twee na een duik in ondiep water, en één na een botsing met het hoofd tegen een andere zwemmer. Kitesurfen maakte drie dodelijke slachtoffers, meegesleept door de kite, en ook tijdens zeilen overleden drie sporters, alle drie doordat ze de giek tegen het hoofd kregen en bewusteloos raakten of overboord vielen. Twee wielrenners overleden in deze periode, beiden na een val van de fiets, en vier voetballers, waarvan er twee een omvallend doel op het hoofd kregen, één overleed na een kopduel en één zaalvoetballer na een bal tegen het hoofd. Verder werd een surfer overvaren door een speedboot, overleed een jongen die met een crossfiets over een skatebaan wilde gaan aan hoofdletsel, viel iemand van een klimmuur op zijn hoofd, en viel een meisje tijdens de gymles uit de ringen op haar hoofd. Een opvarende van een speedboot viel overboord en werd overvaren door een andere boot, en een sportvlieger kwam met zijn hoofd in de propeller van zijn vliegtuig. Een schaatstrainer overleed na een botsing en een val op het ijs en een skeeleraar overleed aan een hoofdwond na een val op de weg. Recentelijk overleed een bokser na een klap op zijn hoofd.
18 mei 2011
Blessures
Af en toe ben ik wel blij met van de medische hulp die je soms krijgt. Het helpt natuurlijk wel als een dokter heel tevreden is over m’n knie, maar toch. Eerst de fysiotherapeut die onmiddellijk voor me klaar stond, en nu een sportarts waar ik direct kan komen en die voor de zekerheid nog maar een controle-afspraak maakt, ook al verwacht hij dat ik af ga bellen.
Het was wel weer confronterend om de formulieren in te vullen. “Meld eerdere blessures.” Tja. Gebroken pols gebroken ribben gebroken hand gebroken teen, ontelbare kneuzingen en let niet op m’n andere knie, daar zit een deuk in. Aan de andere kant, ik zou veel ernstiger letsel hebben gehad bij verschillende ongelukken als ik niet zo fit was geweest, en ik ben fit omdat ik veel vlieg en daarvoor ook veel sport. Sterker nog, ik zou waarschijnlijk nog veel meer ongelukken hebben gehad als ik niet sportte.
Nu maar weer trainen, trainen, trainen. Opdat m’n knietje heelt, opdat ik m’n vleugel op kan tillen, opdat ik fris en alert uren kan vliegen.
Het was wel weer confronterend om de formulieren in te vullen. “Meld eerdere blessures.” Tja. Gebroken pols gebroken ribben gebroken hand gebroken teen, ontelbare kneuzingen en let niet op m’n andere knie, daar zit een deuk in. Aan de andere kant, ik zou veel ernstiger letsel hebben gehad bij verschillende ongelukken als ik niet zo fit was geweest, en ik ben fit omdat ik veel vlieg en daarvoor ook veel sport. Sterker nog, ik zou waarschijnlijk nog veel meer ongelukken hebben gehad als ik niet sportte.
Nu maar weer trainen, trainen, trainen. Opdat m’n knietje heelt, opdat ik m’n vleugel op kan tillen, opdat ik fris en alert uren kan vliegen.
11 mei 2011
ziek
Vanmorgen stond ik weer misselijk op, nu ook met buikpijn. Geen idee wat ik mankeer maar het ging tijdens het vliegen niet weg. Gelukkig had ik een prachtige snelle landing, mooi over de grond gescheurd en laat uitgeduwd. Het was geen makkelijke dag, Ropje kwam na een uur al landen. We zagen Martin met engelengeduld pielen, honderd meter winnen in tien minuten en dan weer alles kwijt in tien seconden, nog een keer, en weer een keer ergens anders. Indrukwekkend. Martin kan ook als geen ander de lucht lezen, hij weet precies waar ie zijn moet. Maar het leverde vandaag uiteindelijk geen lange vlucht op
Waarschijnlijk morgen naar huis, het gaat regenen.
Waarschijnlijk morgen naar huis, het gaat regenen.
10 mei 2011
Nog meer uitgezakt
Nou moe het lijkt wel tien kleine negertjes. Eerst vertrok Juicy, vanmorgen ging Djenghis weg, nou zijn we alleen nog met z’n drieën. Teleurstellend dagje vandaag, ik ben twee keer uitgezakt terwijl de vooruitzichten erg goed waren en m’n hanghoogte eindelijk in orde en ik word steeds slimmer in het inpakken van m’n harnas. Al is het nog steeds een drama om de rits dicht te krijgen. Afijn, ik had gisteravond weer ns existentiële crisis maar ik dacht daar kom ik wel overheen als ik vandaag een paar uur en een hoop kilometers vlieg. Maar dat lukte dus niet. De tweede start was het radiocontact uitstekend en Ropje vloog naar de Emberger Alm om een stukje samen te gaan vliegen, harstikke leuk maar ik kwam gewoon niet door de inversie op 1800 meter. Het kakte allemaal in en m’n landing was ook al niet zo spectaculair als ik van plan was geweest, ik moest na een hoop gedraai naar het noorden toe landen wat nou net de rottigste richting is hier.
Morgen waarschijnlijk de laatste dag, als het al vliegbaar wordt, eind van de dag zal het gaan overontwikkelen en dan is het gedaan met het mooie weer. Ik ben toch blij met de week die we dan wel gehad hebben, al was het maar omdat het leuk was om de jongens zo goed bezig te zien.
Morgen waarschijnlijk de laatste dag, als het al vliegbaar wordt, eind van de dag zal het gaan overontwikkelen en dan is het gedaan met het mooie weer. Ik ben toch blij met de week die we dan wel gehad hebben, al was het maar omdat het leuk was om de jongens zo goed bezig te zien.
09 mei 2011
slome dag
Ik was niet gemotiveerd vandaag, heel ongebruikelijk. Ik weet ook niet echt wat de oorzaak was. Ik voelde me niet vreselijk lekker, gisteravond was ik echt misselijk van de kaiserdinges of de gegiste isotone, en ik ben zo langzamerhand ook wel doodmoe van de voortdurende pijn in m’n been. De wind zag er ook niet best uit, föhnig, noordelijk en aantrekkend. Misschien waren het hormonen, of emoties rond oud zeer. Hoe dan ook, ik deed een ongeinspireerde poging om te centreren, besloot dat ik er echt helemaal geen zin in had vandaag en speerde rechtstreeks naar de camping. Daar heb ik de rest van de middag in Ropjes zweefvliegwedstrijdboek zitten lezen, ook uitstekende training tenslotte (terwijl vooral Ropje en Gijs echt super aan het trainen zijn, elke dag grote afstanden en lange vluchten, samen, fysiek niet te flauw). Al pratend en lezend realiseer ik me een hoop.
Dat de toppiloten op elk stukje van een taak een klein voordeeltje pakken. Ze zitten precies goed hoog en upwind op de startcirkel als de start open gaat. Ze vinden het snelst de beste bellen, centreren het efficienst en verlaten de bel op de voordeligste manier. Ze kiezen het optimale glijpad en vliegen met de snelheid die het hoogste rendement geeft. Enzovoort. Steeds minieme voordeeltjes, maar uiteindelijk winnen ze daar dan ruimschoots de wedstrijd mee.
Dat iedereen fouten maakt, maar dat het wel zaak is om eerst je fout te herstellen voordat je de volgende gaat maken (wijsheid van Mart heb ik begrepen). Het is wat ik in Ager probeerde, minstens eens per vlucht terugkeren naar een goeie bel omdat ik er te laag uit ben gegaan of omdat ik een verkeerde route heb gekozen.
In het groot is het ook wat ik nu doe met m’n landingstraining. Eerst techniek en zelfvertrouwen krijgen, de grote fout herstellen die ik heb gemaakt door dat te verontachtzamen en te snel op een veel te hoog niveau proberen mee te vliegen. Door schade en schande, pijn en teleurstelling ben ik er uiteindelijk achter gekomen hoe wezenlijk het is om gewoon goed te leren vliegen.
Het is wel verklaarbaar dat ik zo graag met Koos mee wilde, en dat ik in m’n enthousiasme en doorzetting ook keihard werkte om mee te kunnen. Plus, met Martin had ik het over hoe we vroeger überhaupt leerden vliegen en landen: met toestellen waarmee je sowieso geen snelheid kon maken, op de Maasvlakte bij harde wind, met een heersende mentaliteit dat een landing goed was als je geen schade had. Ik had gewoon het besef niet dat m’n landingen uiterst matig waren. Totdat ik over Resis ongeluk las, en wel begreep dat mij dat ook had kunnen overkomen. Totdat ik m’n pols brak. Totdat ik mensen stallend en fladderend zag neerkomen, en begreep hoe gevaarlijk dat was.
Inmiddels ben ik ouder, voorzichtiger en banger. Maar ik blijf de doorbijter, en ik zou trouwens niet weten hoe ik moest leven als ik niet zou kunnen vliegen.
Dus is het toch een gek gevoel, zo’n ongemotiveerd dagje.
Dat de toppiloten op elk stukje van een taak een klein voordeeltje pakken. Ze zitten precies goed hoog en upwind op de startcirkel als de start open gaat. Ze vinden het snelst de beste bellen, centreren het efficienst en verlaten de bel op de voordeligste manier. Ze kiezen het optimale glijpad en vliegen met de snelheid die het hoogste rendement geeft. Enzovoort. Steeds minieme voordeeltjes, maar uiteindelijk winnen ze daar dan ruimschoots de wedstrijd mee.
Dat iedereen fouten maakt, maar dat het wel zaak is om eerst je fout te herstellen voordat je de volgende gaat maken (wijsheid van Mart heb ik begrepen). Het is wat ik in Ager probeerde, minstens eens per vlucht terugkeren naar een goeie bel omdat ik er te laag uit ben gegaan of omdat ik een verkeerde route heb gekozen.
In het groot is het ook wat ik nu doe met m’n landingstraining. Eerst techniek en zelfvertrouwen krijgen, de grote fout herstellen die ik heb gemaakt door dat te verontachtzamen en te snel op een veel te hoog niveau proberen mee te vliegen. Door schade en schande, pijn en teleurstelling ben ik er uiteindelijk achter gekomen hoe wezenlijk het is om gewoon goed te leren vliegen.
Het is wel verklaarbaar dat ik zo graag met Koos mee wilde, en dat ik in m’n enthousiasme en doorzetting ook keihard werkte om mee te kunnen. Plus, met Martin had ik het over hoe we vroeger überhaupt leerden vliegen en landen: met toestellen waarmee je sowieso geen snelheid kon maken, op de Maasvlakte bij harde wind, met een heersende mentaliteit dat een landing goed was als je geen schade had. Ik had gewoon het besef niet dat m’n landingen uiterst matig waren. Totdat ik over Resis ongeluk las, en wel begreep dat mij dat ook had kunnen overkomen. Totdat ik m’n pols brak. Totdat ik mensen stallend en fladderend zag neerkomen, en begreep hoe gevaarlijk dat was.
Inmiddels ben ik ouder, voorzichtiger en banger. Maar ik blijf de doorbijter, en ik zou trouwens niet weten hoe ik moest leven als ik niet zou kunnen vliegen.
Dus is het toch een gek gevoel, zo’n ongemotiveerd dagje.
08 mei 2011
Föhn

Harde noordenwind, vandaag. Ik ben nog gauw van de berg afgestapt en Joost en Martin hebben het ook nog geprobeerd, maar Ropje en Gijs hielden het voor gezien. Terwijl ze stonden in te pakken vlogen de keien ze om de oren. Dus na een hoop lanterfanten togen we naar de Weissensee om te gaan kayakken, maar helaas het seizoen is nog niet begonnen dus we konden alleen maar waterfietsen. Je moet alles een keer proberen maar dit blijft dan ook bij die ene keer, jezus wat zwaar. En saai. Het water was te koud om elkaar in te douwen. Dan maar naar de alpenhut om bieren te gaan proeven, maar helaas die was nog niet echt open. Veel meer dan schommelen zat er niet in. Ondertussen werd de lucht zwart, best gek voor een föhn-dag, dus we zitten nu weer in het restaurant van de camping, de lekkerste knoflooksoep ter wereld achter de kiezen en op dit moment sta ik op barsten na een volle portie kaiserschmarren. Het is nog vroeg dus het verwordt zometeen tot toepen en éénentwintigen, maar morgen wordt het wel weer vliegbaar dus moeten we toch maar op tijd naar bed.
07 mei 2011
mooie vliegdag
Hehe eindelijk een echte vlucht, al was het allemaal niet best. Ik zakte uit, maakte een perfecte buiklanding (wel m’n drinkfiepje kwijt) en binnen drie kwartier zat ik alweer in de taxi naar boven. Om een uur of drie startte ik voor de tweede keer, de lucht was helemaal leeg, geen honderden parapenters om me dwars te zitten, heerlijk. Maar het harnas zit voor geen meter. Het duurt eeuwen voordat ik uberhaupt kan gaan liggen en tot die tijd voel ik me heel erg onzeker, probeer ik de termiek in te sturen met m’n armen gestrekt naar beneden. Dan duurt het nog een kwartier voordat ik de rits helemaal dicht heb, en ik heb totaal geen ruimte om me te bewegen. Batterijen en dergelijke prikken in m’n zij, de gesp doet pijn als ik er op lig, en de angle of dangle is eigenlijk niet goed aan te passen. Ondertussen kan ik niet bij m’n radio, die diep onder de chute zit, terwijl de anderen last van me hebben omdat ik aan het zenden ben. Waardeloos.
Na de eerste drie bellen zat ik er eindelijk goed in, 3200 meter, en ik was keurig aan het bekijken waar m’n volgende bel zou zijn. Dat was goed, maar binnen drie kwartier was ik zo uitgeput en deed m’n hele been zo’n pijn dat ik het idee om op en neer naar de Matrei te vliegen liet gaan. Ik draaide boven de derde piek al om, maakte nog even een keerpuntje boven het dorp dat voor de Weissensee ligt, en landde weer schitterend. Dat dan weer wel. Het kostte wel twee uur voor de pijn uit m’n schouders wegtrok, van gewoon anderhalf uur vliegen!
Juicy en Ropje hebben weer enorme driehoeken gevlogen, 173,7 en 173,6 km, waanzinnig.
Na de eerste drie bellen zat ik er eindelijk goed in, 3200 meter, en ik was keurig aan het bekijken waar m’n volgende bel zou zijn. Dat was goed, maar binnen drie kwartier was ik zo uitgeput en deed m’n hele been zo’n pijn dat ik het idee om op en neer naar de Matrei te vliegen liet gaan. Ik draaide boven de derde piek al om, maakte nog even een keerpuntje boven het dorp dat voor de Weissensee ligt, en landde weer schitterend. Dat dan weer wel. Het kostte wel twee uur voor de pijn uit m’n schouders wegtrok, van gewoon anderhalf uur vliegen!
Juicy en Ropje hebben weer enorme driehoeken gevlogen, 173,7 en 173,6 km, waanzinnig.
06 mei 2011
minivluchtje
Auwauwauwauw de landing deed héél erg pijn. Bah, eigen schuld, ik had me voorgenomen op m’n buik te landen maar op het laatste moment besluit ik dan toch te proberen een perfecte flare te doen. Sufferd, hard op m’n voeten neerkomen leverde nou niet echt het gewenste effect. Bij wijze van therapie ben ik naar boven gaan lopen/liften om de auto op te halen, maar dat was te ambitieus dus tegen de tijd dat ik eindelijk een lift kreeg kon ik wel grienen.
Never mind, de start viel honderd procent mee terwijl ik daar gigantisch tegenop had gezien. Drie passen rennen voelt namelijk of er een bijl in m’n knie hakt, maar m’n hoop op de draagkracht van de vleugel werd bewaarheid. Nu nog een nette buikschuiver dus. Ondertussen had ik me wel zo druk gemaakt dat ik totaal niet in staat was om, éénmaal in de lucht, te vliegen. Ik leek wel half verlamd ofzo, ik maakte halfslachtige bochten waar m’n vario piepte, maar niets leek op een poging om ook echt termiek te pakken. Dat was dus een kort vluchtje, en een lange auto-ophaal, maar ach de zon schijnt en morgen weet ik dat starten best gaat.
Martin kwam net landen toen ik weer beneden was, hij had geen denderende vlucht maar toch twee-en-een-half uur geploeterd. Gijs kwam even later, die is heel tevreden over z’n vlucht, en na ruim vier uur landden Ropje en Joost (bijna vijf uur), die de taak van rond de 150 km hadden gerond. Ik snap niet waar ze de energie vandaan halen, Ropje heeft toch een nacht gemist en Joost had nauwelijks gedronken onderweg, maar het lukt ze prima.
Morgen ga ik het maar weer ns proberen.
mooi weer
Verschillen tussen soorten mensen blijven altijd fascinerend. Is het omdat het parapenters zijn, of omdat het Nederlanders zijn, of omdat het mannen zijn? Ze zijn in ieder geval enorm vol van zichzelf, forceren zichzelf op de rest van de wereld, iedereen die niet vol belangstellling voor hùn uiterst bijzondere ervaringen is, is een eikel. Vanmorgen bouwden een stuk of vijf parapenters hun hoogte pal boven de camping af (altijd al verboden hier vanwege de crashes tussen de tenten en zeker na de dodelijke botsing een paar jaar geleden), een aantal vond het ook nodig om om half zeven ’s ochtends zo hard mogelijk te brullen hoe bijzonder het was. Goh, wij deltisten, doen dit spelletje al een jaar of twintig, nou we zijn wel onder de indruk van jouw speciale vluchtje hoor… ergerlijk!
Met Ropje had ik het gisteren weer over verschillen in leerstrategieën van mannen en vrouwen. Mannen zijn gericht op kracht, en leren door trial and error. Vrouwen focussen op techniek, en zijn perfectionistisch. Aangezien ik een man ben (he Rishma) heb ik altijd geprobeerd me met kracht te redden, en helaas daar heb ik toch te weinig van. Bovendien ben ik wel degelijk perfectionistisch, en dan ook nog vreselijk onhandig met elke vorm van techniek en motoriek, dus de frustratie was vanaf het begin al ingebouwd. Jammer, maar goed nu na vijftien jaar buikschuivers ga ik het dan toch goedmaken.


We hadden het over Ellen, een enthousiaste en stoere nieuwe piloot. Geweldig, dat enthousiasme en die stoerigheid, hopelijk trapt ze daardoor niet in dezelfde valkuilen als ik. Te hard willen, te veel pijn en angst negeren, foutjes accepteren omdat je hoger verder langer wil. Ik zal haar het artikel van Helen MacKerral sturen, dat beschreef precies waar ons soort vrouwen (de vliegende soort) zich kan vergissen.
Met Ropje had ik het gisteren weer over verschillen in leerstrategieën van mannen en vrouwen. Mannen zijn gericht op kracht, en leren door trial and error. Vrouwen focussen op techniek, en zijn perfectionistisch. Aangezien ik een man ben (he Rishma) heb ik altijd geprobeerd me met kracht te redden, en helaas daar heb ik toch te weinig van. Bovendien ben ik wel degelijk perfectionistisch, en dan ook nog vreselijk onhandig met elke vorm van techniek en motoriek, dus de frustratie was vanaf het begin al ingebouwd. Jammer, maar goed nu na vijftien jaar buikschuivers ga ik het dan toch goedmaken.


We hadden het over Ellen, een enthousiaste en stoere nieuwe piloot. Geweldig, dat enthousiasme en die stoerigheid, hopelijk trapt ze daardoor niet in dezelfde valkuilen als ik. Te hard willen, te veel pijn en angst negeren, foutjes accepteren omdat je hoger verder langer wil. Ik zal haar het artikel van Helen MacKerral sturen, dat beschreef precies waar ons soort vrouwen (de vliegende soort) zich kan vergissen.
05 mei 2011
Greifenburg
Bijna had ik Flip gesmst om een complimentje te vissen: ik ben aan het niet-vliegen! Verstandig he. Ropje heeft de hele nacht doorgereden, ik heb een half uur geslapen, om half acht stond de tent waarin ik alleen een beetje kon rusten en om tien uur joeg Ropje me er al uit om naar boven te gaan. Ik ben echter te brak en m’n knie doet ook teveel pijn, de combinatie maakt dat ik toch maar een dag oversla. Die beslissing werd wel makkelijker gemaakt door het weer: steenkoud, harde noordoosten bovenwind, bokkige lucht. Bij Annaschutzhausen is het wel ‘ziemlich sportlich’ waarschuwde Woolfie.
Martin is al geland, en Ropje en Juicy amuseren zich nog in de lucht. Ik ga zo nog maar ns proberen een dutje te doen.
Martin is al geland, en Ropje en Juicy amuseren zich nog in de lucht. Ik ga zo nog maar ns proberen een dutje te doen.
Abonneren op:
Posts (Atom)