16 december 2013

Pendelen


wegbrengteam
Northern Territories


Camo's

Ben er weer. Onderweg mijmerde ik over waarom het zo als thuiskomen voelt, terwijl ik nou  net heel veel thuis achterlaat. Sinterklaas, het ultieme gezinsfeest, harstikke gezellig. Wouter en Ester die ik met verdubbeld enthousiasme opzoek omdat ik me niet van Mare los kan rukken. De buren die me gezellig wegbrengen zodat Schiphol een uitje wordt. Ik heb het zo verschrikkelijk goed thuis dat het bijna een belediging is om me in Australië thuis te voelen. Maar het zit ‘m in mijn schizofrene bestaan, en de sfeer van de Newcastle club en de Forbes crowd. Broederlijk, is geloof ik nog de beste beschrijving. Het is een extended family, waarin ik een van de achternichtjes ben. Dat betekent ook wel dat Camo meteen z’n bed induikt nadat hij me om één uur ’s nachts van Wyong station heeft opgehaald, dat ik eerst op zoek moet naar een schoon laken en onbeschimmeld eten voordat ik me ook eens uit kan strekken, en dat ik een ernstig vervoersprobleem heb zonder auto of fiets. Mijn aanwezigheid hier is zo gewoon dat niemand zich drukt maakt om mijn bezoek, ikzelf ook al niet echt.
We hebben zelfs een soort sleur in onze ochtendrituelen, met als enige afwijking dat Camo en Lyn in Camerons huis slapen als ik er net ben. Ik ben het eerste op, we kletsen wat (zelfs de conversatie herhaalt zich, over mensen die jaloers op ons gependel tussen Europa en Australië zijn, en hoe die toch echt zelf gekozen hebben om hun geld in hun dure huizen en kinderen te steken). Nadat Lyn en vervolgens Cameron vertrokken zijn schrijf ik m’n blog, doe de afwas, blader wat in Skysailor en maak m’n boodschappenlijstje. Ik geniet van de temperatuur (zonnig, oplopend naar dertig graden), van het alle tijd hebben om met m’n bagage te spelen en vast te stellen dat ik nou toch weer drie paar handschoenen en twintig t-shirts heb, van een dutje whenever ik er zin in heb. Misschien ga ik nog even peddelen vandaag, misschien bel ik Conrad en misschien heb ik energie om te koken. Ik hoef helemaal niks, zalig.

11 december 2013

Reis voorbereidingen

Met stijgende hysterie neem ik de voorbereidingen ter hand: ticket boeken, visum aanvragen, harnas wassen, chute vouwen, kadootjes kopen, inpakken. Ondertussen probeer ik uit te vissen hoe ik m’n vleugel naar Nederland kan laten vervoeren in januari. Ik ben bizar zenuwachtig voor een cortisoneprik die ik moet halen om m’n armen te kunnen gebruiken. En ik studeer me het schompes zodat ik zaterdag online vhf-examen kan doen. Ik heb geen belangstelling voor callsigns, het verschil tussen ‘affirm’ en ‘roger’, de hoogte in feet waarop een toestel tussen de 50 en de 150 kts aan z’n landingscircuit moet beginnen. CASA verleent geen ontheffing dit jaar, dus we moeten onze radiolicentie kunnen laten zien, terwijl we in het echt heus geen vhf-radio’s gaan gebruiken. Ik zou niet bij de knoppen kunnen om tussen frequenties te switchen, en bovendien is onze andere radio van levensbelang, om aan het team te laten weten waar je uithangt. M’n harnas is te strak om twee radio’s mee te nemen, ik ben er ook niet rijk genoeg voor, en de taken gaan toch door vrij luchtruim. Dagelijkse ergernis dus, als ik weer braaf m’n NATO-alfabet opzeg of de lign of sight bij verschillende hoogtes (in feet!) herhaal.
Wel grappig om op m’n ouwe dag, twintig jaar na de laatste keer dat ik iets uit m’n hoofd heb geleerd, nog ontdek wat de beste manier is om te stampen. Op de sportschool, zwetend en hijgend tussen de krachtoefeningen door. Ik merk nauwelijks dat ik er tijd aan besteed, en misschien is m’n kop ook wel beter doorbloed.
Hotel alpha delta echo victor lima india echo golf

09 oktober 2013

Lamme arm



Ik krijg het heen en weer van blessures die eindeloos blijven zeuren. Alweer twee maanden loop ik met een ontstoken bicepspees en Sini heeft er inmiddels alles op losgelaten en het is nog niet over. Dwangbuis, electroshocks, kneden en knijpen, vandaag een set spijkers erin gehamerd – ok ok misschien overdrijf ik een tikje. Het vervelendste is niet de pijn maar de belemmering. Peter lacht me uit omdat ik niet niks kan doen. En Jorje om m’n naaldenfobie. Als troost biecht hij zijn claustrofobie. Geen shot voor mij, geen darkroom voor hem. Het is wel grappig inderdaad maar ondertussen verval ik tot een enorme blubber omdat ik al weken en weken niet meer heb getraind. En ondertussen tikt de kalender genadeloos door.

06 oktober 2013

Herfstslepen







Het mooiste vandaag waren de ganzen. Vanmorgen kwam er een enorme V laag recht over me heen, en de rest van de dag zag ik ze voortdurend. Zo bijzonder. En een valkje, die me niet had gezien en me nog maar net ontweek toen hij wat harder steeg dan ik. Ik zag z’n blote buik en de binnenkant van z’n vleugels, het leek wel een cartoon.
Tot acht uur wist ik niet of ik naar Moergestel, Bruinehaar of Stadskanaal zou gaan. Op de webcam zag ik dat Stadskanaal er schitterend uitzag maar ik gokte toch op Bruinehaar. Dichterbij en ik ben er al weer zo lang niet geweest. De hele rit er heen zag ik overal de zon doorkomen, maar eenmaal op het veld kon ik nauwelijks de mais aan de rand zien. Dan maar door naar het hoge noorden, waar inderdaad een blauwe lucht met fijne cumulus stond. Ropje sleepte me naar de enige lift die er was en het lukte me een kwartiertje vast te houden. Robbie hield het langer vol in dezelfde bel. M’n tweede vluchtje leverde eigenlijk niks op, en de laatste sleepte Rinus me lekker hoog zodat ik tijd had om een beetje bochjes te draaien. Met een mooie landing en gezellig bijkletsen met Connie en Koos Gasman reed ik dik tevreden weer naar huis. Jammer van die vette file bij Utrecht.

28 september 2013

Heel Stadskanaal voor mij alleen



Het donkergroen van de dragonfly steekt prachtig af tegen het felle wit van de wolken op de horizon, en de pastelkleuren van het landschap onder de inversie. De sleep is ontspannen, de lucht is lekker fris. Rinus zwaait me af boven een groeiend wolkje, op bijna 1300 meter, en terwijl ik naar het westen glij zie ik mijn schaduw in een mooie halo onder me meeglijden. Rinus cirkelt vrolijk rond de wolk, maar ik voel totaal geen piep dus ik koers rechtstreeks naar een volgend plukje, tussen twee grotere cumuls in. Tegen de tijd dat ik er aan kom is het tot een volwassen cumulus uitgegroeid, ik glij er precies onderdoor maar ondanks de onstuimige groei voel ik nog steeds geen lift. Ik ga een beetje dwars op de wind, in de richting van grote pasgemaaide, vrij aangestroomde, landingsterreinen want na de turbulente landing van vanmorgen wil ik niet meer naar het vliegveld.
Ondanks vier, vijf, landbouwmachines in actie piept er nog steeds niks, pas als ik al onder de tweehonderd meter zit, en laat ik voor de verandering nou eens verstandig zijn en op tijd aan een nette landing beginnen. Ik focus op het punt waar ik wil staan, draai nog een driezestig en een ruime bocht voor ik op final ga, trek zo hard mogelijk aan en kom keurig dichtbij het hek aan de grond.
Nadat ik heerlijk in de warme herfstzon heb ingepakt, met de boer gebabbeld en naar de roofvogels gekeken, pikt Martijn me op en nog vóór drie uur zijn we alweer op weg naar huis.
Wat een fantastisch einde van mijn vijfenveertigste!

22 september 2013

Ziek & zielug



Vervuld van zelfmedelijden zie ik op de webcam hoe fantastisch het is in Stadskanaal. Nevel, een lichtjes wapperende windsok, alles stil. M’n lievelingsweer en ik zou vandaag met m’n lievelingsmannen m’n lievelingsbezigheid gaan doen. Een geinig miniwedstrijdje met Ropje, Robbie en Rob achter Rinus, Martijn mee voor de gezelligheid en de ophaal, gezellig, genieten van zon en landschap, goed vliegen. Maar terwijl ik gisteren m’n harnas in orde maakte voelde ik de keelpijn opkomen, in de loop van de avond zwol m’n kop op tot explosieve proporties en tien liter saliethee joegen me ieder half uur m’n bed uit vannacht. Geen vliegen dus voor mij vandaag, maar sniffend naar de webcam staren.

01 september 2013

Westnoordwest 4 bft



Yessss! Half zeven op, wind nog steeds uitstekend, half elf hielpen Jaap en Jack me starten. Erg fijn die hulp, zonder Rob had ik de vleugel niet eens op de startplek gekregen denk ik, het pad is compleet weg dus je moet in het mulle zand recht omhoog klimmen. Zonder Jack en Jaap had ik de vleugel niet kunnen opzetten. Stom genoeg is het een later model Uno dan waar ik ooit mee leerde vliegen, maar je kan ‘m niet plat opbouwen. Eénmaal in de lucht voelde ik ook wel wat een oud lijk het ding is, hij heeft geen performance en reageert ook niet best op stuurinput. Maar het was toch erg leuk, een klein uurtje en een perfecte landing. Ook al ben ik schijterig om naar Zandvoort te vliegen. Als ik er ergens onderweg uitzak moet ik in het ergste geval tien kilomter lopen, en dat twee keer omdat ik onmogelijk m’n harnas en vleugel samen kan dragen.

08 augustus 2013

Lange reis







Ik zit in een aardig kroegje in een gehucht middenin de Spaanse Pyreneeën. De zon breekt net door, de bergen om me heen zijn ongelooflijk imposant. Veel melancholieker moet het niet worden. Ik heb nogal willekeurig afscheid genomen van mensen die ik waarschijnlijk minstens een jaar niet meer zie. Vrienden, geliefden, bekenden, eikels en sukkels, het maakt niet eens zoveel uit. Het is het plezier van een gemeenschap waar ik bij hoor, familie. Iedere keer opnieuw besef ik hoe weinig we elkaar werkelijk kennen, eigenlijk juist daarom is het zo moeilijk om afscheid te nemen. We raken elkaars leven in een herhaling van vliegpraat, behendigheidsspelletjes, discussies en taken. Vrienden thuis hebben de rest van mij. De onvolledigheid, en de vergankelijkheid, maakt me weemoedig. Tegelijk de onverwoestbare, enorme, prachtige bergen waarvoor het niet uitmaakt of iemand ze ziet. Pietepeuterige mensjes die al schakelend en sturend de passen doorploeteren.

Donderdag 20:30 thuis. Jeetje, als de reis naar Australië het eten van een doorgang door de rijstebrijberg naar Luilekkerland is, is op je eentje van Spanje naar Den Haag rijden een volledig rondje door cake walk, twintig keer. Ik vind de drukte rond Parijs zelfs wel leuk eigenlijk, en de strijd om de snelste rij in de file voor Antwerpen. Thuis vrolijk begroet door m’n buren, die warmte spoelt elke weemoed meteen naar verre achtergronden.

06 augustus 2013

geen zin meer



Ik was vanmorgen enorm gaar, alles en overal deed pijn en ik heb de afgelopen weken niet één keer een complete nacht geslapen, en ik heb verschrikkelijk genoeg van de varkensstank dag in dag uit, en het landen gaat gewoon goed maar het wordt wel saai zo, de vakantie is wel klaar. Het is heerlijk om alleen maar winddummy te spelen en niks te hoeven, maar zonder enige uitdaging verlies ik ook wel focus en motivatie. Morgen en overmorgen is het waarschijnlijk slecht weer, ik ga maar eens op huis aan.

05 augustus 2013

Dag twee British Open



Vandaag was het precies andersom, Gordon kwam een paar minuten na Niels, Andreas en Gijs binnen met een gigantische smile zichtbaar op tientallen meters hoogte, ik zei meteen “die heeft de derde start”. Inderdaad, terwijl de eersten de eerste start hadden genomen, dus Gordon is dagwinnaar denk ik. Ongelooflijk dat er nog zoveel mensen op goal stonden, het leek laag en stabiel vandaag en helemaal blauw. Ik startte pas om één uur maar dat bleek toch nog te vroeg. Mijn belletje in het dal wilde niet hoger dan 1400 meter tenzij ik er vreselijk m’n best voor ging doen, en dat doe ik nou juist even niet. Ik maak het mezelf iets te makkelijk met landen, als het morgen weer oostelijk is pak ik het volgende veld iets dichter bij het huis en net ietsje kleiner. Heerlijk om het gevoel te hebben dat ik dit ook allemaal best met m’n Litesport had kunnen doen, of met een Litespeed. Jamie probeert me voortdurend haar RX3 te verkopen, maar ik ben vastbesloten om het dit keer echt superlangzaamaan te doen. Haar aanbod is wel gruwelijk verleidelijk dus ik heb er eigenlijk een beetje moeite mee als haar RX naar een ander gaat, maar ik moet het echt niet doen. Rustig aan, eerst de Litesport naar Europa halen, en dan weer verder zien. Ik bedacht vanmorgen dat ik ben waar ik wezen moet als ik niet langer aan iedereen loop uit te leggen waar ik mee bezig ben. Dat is natuurlijk niet helemaal waar, het gaat uiteindelijk toch echt om vijftig goeie landingen, maar een rustige state of mind is het halve werk.

04 augustus 2013

Taak 1



Vliegen met een kater doet nogal denken aan roken terwijl je een keelontsteking hebt. Het is gewoon een kwestie van je verslaving onderhouden. Ik startte zo ongeveer als eerste, dwarrelde een kwartiertje zonder al te veel controle rond en landde netjes naast het huis. Terwijl ik au naturel stond in te pakken zag ik Fabien boven me draaien. Hij zal het nog veel zwaarder hebben gehad dan ik, het was zes uur voor zij naar huis gingen en waarschijnlijk ook een stuk meer stronken. Maar hij is jong, dan kan je dat hebben.
Na een middagdutje kwam ik als eerste bij goal aan waar niet lang daarna Per kwam landen. Ik was razend enthousiast maar hij had maar één keerpunt. Kort daarna kwamen Julia en Gordon binnen, ook al uit de verkeerde richting en Gordon vloekend terwijl ie nog op final zat. De eerste op goal die de taak had gerond was Andreas, met Glen en een paar anderen zo’n 8 minuten later. Er was geen windzak dus ik stond anderhalf uur met m’n houten kop in de volle zon met een lint te zwaaien, maar eigenlijk was het allemaal niet erg want met Johanna langs de hoofdweg waren we al om half acht thuis.

British Open

Glen

Glen, Fab, Lou, dinges

Laurent

talent

Fabien


Kater, gebroken vinger, verzwikte voet… boehoe zo kan ik toch niet vliegen! Niks zo gevaarlijk als gecancellde dagen. Het is allemaal even prachtig en gezellig en lekker warm en ontspannen maar het wordt nu toch echt tijd om weer eens even de lucht in te gaan. De Britse Open beginnen vandaag, dat zal de sfeer duidelijk veranderen. Laurent is er, Shedsy, Blay, nog een hoop ouwe bekenden, het weer wordt beter en de briefings zullen informatief en grappig zijn.

01 augustus 2013

Crosswind dag


Joops huis en landingsveld




En weer een erg fijn dagje. Ik startte zoals gewoonlijk terwijl de taakbriefing gaande was, in een toenemende oostenwind. Na twee bellen in het dal geland naast het huis, waar ik m’n zebrastrepen tijdens het inpakken kon wegwerken omdat er toch geen mens in de buurt was om te gluren. Net toen ik klaar was belden de Zweden omdat de taak gecancelled was vanwege de oostenwind. Johanna en ik sprongen bij Jamie en Eduardo in de auto, en met z’n tienen smeerden we ons aan de noordkant van de Montsec met modder in, om vervolgens op slippers vijf kilometer door de kloof te hiken, en weer terug. Erg schitterend weer, en heerlijk om af te koelen in het ijskoude water.

Johanna in goal!



Johanna boven goal



Andere lucht, andere stemming. Ik dobberde drie kwartier rond en landde heel redelijk, kon rustig thuis m’n spullen in orde maken en Fabien ophalen, om precies op tijd in Vilamitjana te zijn om eerst Glen en daarna Andreas te zien landen. How good is that!? Terwijl Jochen, Gijs, Grant, Nils enzovoort om ons heen neerdwarrelden vroeg iedereen: “waar is Gordon?”. Uitgezakt. Tom hetzelfde, dus het blijft nog steeds enorm spannend. En toen zagen we een kingposted vleugel: Johanna! Haar eerste goal, 54 kilometer, winnaar van de sportsclass. Zo fantastisch. Jamie en ik holden naar haar toe om te feliciteren en te delen in de blijheid, ze stond te stuiteren als een kangoeroe.
Per was wat lastiger bereikbaar maar dankzij hem konden we onze goede daad voor de dag verrichten: Michel mee naar het dorp genomen zodat zijn retrieve hem wat makkelijker kan vinden. En nu redelijk op tijd uit eten, de Zweden vonden dat ze mij een etentje verschuldigd zijn, heel lief.

31 juli 2013

Retrieve from hell



Ik kreeg na m’n landing meteen een lift naar het huis, dus het leek een rustig dagje te worden. Ik zat op het dakterras te lezen en hoorde de vario van Ad, die in het veld achter het huis kwam landen. Hij en z’n maat zetten de vleugels in de tuin tussen de fruitbomen en even later zaten we gezellig in de schaduw met een koud biertje. Paradijs! Net toen ik aanstalten maakte om eens richting goal te gaan rijden kreeg ik smsjes van Johanna en Andreas. Hij was vlakbij Ager uitgezakt en zij stond ergens een uur rijden van ons vandaan, in the boonies liet ze weten. Dat klopte! Urenlang reden we heuvel op heuvel af, over onmogelijke grintweggetjes en dwars door velden. Alles even steil en stoffig en heet. In die drie of vier uur hebben we één mens gezien, een bewoond huis en een paar ruines, en een hond. Haar beschrijving was: ze had uitzicht op een varkensstal en ze stond onder de hoogspanningskabels. Wel, in Catalonia heb je altijd uitzicht op een varkensstal en het stikt hier van de hoogspanning, dus dat hielp weinig. Ook niet dat ze de verkeerde coördinaten had opgegeven. Met de goeie reden we door in de richting die Andreas’ compeo aangaf, want mijn tomtom was al kilometers geleden de weg kwijt geraakt. Zo kwamen we na een volle tank benzine en vier spiegelglad afgesleten banden terug op het punt waar we met zoeken begonnen waren, en ja hoor daar stond ze een berg verderop te zwaaien. Ik had de auto leeggeruimd voor ik was begonnen te rijden, dus ik had m’n schoenen niet bij me en ik zag het niet zitten om op slippers te gaan klauteren en sjouwen. Bovendien zou het nachtwerk worden. Dus toch maar weer de bodemplaat aan een pad gewaagd waar een Aspres-piloot kippevel van zou krijgen, nog maar een paar honderd meter gelopen en toen op weg om Per te gaan zoeken. Die had z’n vleugel ook ergens middenin een veld liggen waar we niet van wisten hoe we er dichtbij konden komen, maar hij had in elk geval de omgeving verkend en stond zelf naast de hoofdweg ons op te wachten. Dat viel dus relatief mee, en om half tien, een uur van Ager af, konden we dan eindelijk op zoek naar een restaurant. Vegetarisch, veganistisch, glutenvrij en deftig eten bestellen in het Catalaans was nog een ingewikkeld proces, maar de sla en spinazie smaakten uitstekend. Vervelend om vervolgens de Zweden op te moeten voeden, die geen enkele aanstalten maakten om mij vrij te houden. Ik ben ook benieuwd of ze spontaan iets gaan bijdragen aan de kosten voor de auto, ze hebben de neiging om zoiets eenvoudig over het hoofd te zien. Ik vind het bijzonder vervelend om zelf te moeten vragen om getrakteerd te worden, maar ik zie het ook niet voor me om stilletjes alle gemeenschappelijke kosten te dragen.

30 juli 2013

Belgian Open




romantiek



Het wordt misschien wel spannend, tussen Gordon en Andreas. Leuk! Ondertussen vliegt Johanna uitstekend, dus die heeft het naar haar zin en ik ben een trotse chauffeur. ’s Morgens brengt Peter ons de berg op, rijdt de auto naar beneden, ik vlieg naar beneden en na wat rondkletsen en een beetje teuten laad ik de eski met koud bier in en begeef me naar het goalveld bij Tremp. Eerst Johanna ophalen, dan Andreas en Gordon en een hoop anderen zien landen, dan naar Per. Boodschappen doen, instrumenten uit laten lezen, om half tien zijn we thuis om te koken. Morgen niet vergeten: zonnebril, matje, uit-eten-kleren en liters sap.

29 juli 2013

Dag 1 Belgische Open


Andreas


Glen

Gordon

Johanna


Per


Tom
Per
Met de Zweden naar Ager. Via facebook vroeg ik een paar mensen om hulp bij het vinden van accommodatie en chauffeur, en verdomd: Joel heeft het allemaal voor me geregeld. ’s Ochtends belde Joop om zijn complete schitterende huis voor een habbekrats aan te bieden. ’s Avonds liet Peter weten dat hij wel de auto naar beneden wil rijden, zodat ik kan vliegen en landen en daarna de Zweden ophalen. En als leuke extra vonden we om kwart over negen ’s avonds ook nog een grote supermarkt in Balaguer waar we veganistisch, vegetarisch en glutenvrij konden inslaan. En troffen we vanmorgen niet alleen Jamie maar ook Claudia aan, en beloofde Montse om morgen langs te komen. Ik kan m’n geluk weer ns niet op.
briefing
Al ben ik vandaag te moe en te ongeorganiseerd om te vliegen. Het is ook spannend hoe het met de Zweden zal gaan. Het lijkt wel of je naarmate je noordelijker komt steeds minder charme aantreft. Australiërs hebben je spullen al op de start gelegd voor je er erg in hebt en als je niet snel bent bouwen ze de boel nog voor je op ook. Fransen en Belgen laten alles uit hun handen vallen als ze zien dat je loopt te zwoegen. Nederlanders zijn nog wel sociaal en helpen, als je het maar vraagt. Ik krijg de indruk dat Zweden net zo makkelijk “nee” zeggen en zich vooral druk maken om hun eigen vlucht, zich er totaal niet van bewust dat jij zonder hun hulp niet vliegen kan. Desalniettemin mag ik ze wel, mijn vikingen. Andreas is echt een aardige jongen die het ook niet helpen kan dat ie wat overdreven systematisch te werk gaat. Per is het type verlegen maar onverzettelijk. En Johanna wordt er duidelijk één van ons, de wedstrijdvliegende vrouwen.

26 juli 2013

Laatste dag Dutch Open



Ik maakte één van m’n standaardfouten: zo’n tweehonderd meter boven de ridge raakte ik de lift kwijt en dan ga ik veel te wijd zoeken. Ik had iets harder moeten vastbijten op de plek waar ik net nog goed omhoog was gegaan, maar Natalia kwam gevaarlijk dichtbij en ik was ook niet helemaal fit na de rosé van gisteravond. Ik vloog tot voorbij de antenne, zag dat ik de camping sowieso niet kon halen, draaide terug en moest toen in een paar seconden verzinnen of ik aan de zuid- of de noordkant van de richel zou gaan zoeken. Aan de zuidkant ging het omhoog, maar als ik het daar dan toch  niet vond moest ik naar de Vis en dat leek me met de harde zuidenwind een bijzonder slecht idee. Noord dus, in de lij, ik draaide toch nog zo’n 150 meter terug maar het was duidelijk een lij-bel met alle turbulentie en risico van dien. Thierry gaf me nog een uitbrander ’s avonds, maar goed ik vertrok zelf al naar een zo mooi mogelijk veld zo ver mogelijk weg van de berg. Met de turbulentie en de hoge alfalfa werd het niet eens een fraaie landing, een paar minuten na m’n start. Jammer, vooral van die landing.
Ondertussen had ik zware keuzestress: via Parijs voor het concert voor Luis naar huis, in Laragne blijven zoals gepland maar met slechte weersvooruitzichten, naar Ager met de Zweden dus duizenden kilometers rijden en een week extra vakantie. Er komt nog een herdenking voor Luis in het najaar, en ik kan m’n afspraken wel verzetten, dus ik ga naar Ager. Je leeft maar één keer tenslotte.

Winnaar Dutch Open: Andreas Olsson, alweer
Nederlandse kampioenschappen: Djenghiz, Juicy, André Disselhorst

Aspres



Heather startte als winddummy en ze ging zo goed omhoog dat ik er vrijwel meteen achteraan ging. Dat was misschien niet zo handig, want de eerste startgate was nog vijf kwartier wachten en de startcirkel lag vlakbij. Toch leuk om met z’n allen boven de Longeagne rond te jojo-en, zeker toen we met de complete sportklasse boven de antenne hingen. Ik overwoog om alvast naar Pic de Bure te vliegen en dan van daaruit de startcirkel in, maar dat zou een start met tegenwind betekenen en dat leek me niet ideaal. Emiel en een paar anderen startten veel te vroeg, jammer, ik had het wel leuk gevonden om met z’n allen te vliegen. Terwijl ik zoveel mogelijk hoogte pakte op de heenweg, met rugwind dus, zag ik her en der kingpostvleugels landen. Na het keerpunt kreeg ik het ook zwaar want er was bijna niet tegen de wind op te boksen met m’n te grote low-performance Sting, en het belletje dat ik vond was zwak en hield er op 1600 meter al mee op. Ik kwam halverwege de Longeagne aan dus dat was dan dat. Slechts één landingsterrein, ik bad dat het niet plotseling zou blijken af te lopen of vol metalen palen zou staan ofzo. Toen zag ik Erik Honigs onder me, die zou een paar seconden voor mij gaan landen en ik vreesde dat hij dan middenop mijn toch al kleine terrein in de weg zou staan. Maar nee, hij koos een ander veldje, een tuintje eigenlijk, en hij maakte zo’n keurig circuit dat ik hardop “beautiful!”uitriep. Mijn eigen landing ernaast was minder exact, maar niet slecht.
Het wachten op retrieve duurde vrij lang, we zagen ze langs rijden maar we kregen geen radiocontact. Via telefoon en coördinator Frank lukte het alsnog, maar eerst moest er nog een bus uit de greppel gesleept worden, Eppo op het vliegveld opgehaald en wederom een magnum brownie ijsje aangeschaft, voordat we op huis aan konden. ’s Avonds gezellig diner in Serres en nu de laatste dag.

24 juli 2013

Taak 4



Ik werk aan m’n techniek zodat ik tot m’n zeventigste kan blijven vliegen, maar soms vlieg ik alsof ik al zeventig bèn. Nauwelijks gemotiveerd om lang in de lucht te blijven of ergens heen te gaan, laat staan om te scoren. Vanaf het opbouwen van m’n vleugel tot het moment dat ik flare, ben ik eigenlijk alleen maar bezig met een mooie landing. Dat komt vooral door het smart-gestelde doel, verdomd het werkt.
We stonden op de Longeagne en ik had totaal geen haast om te starten. Er waren geen dustdevils, en Jacques Bot in z’n Swift had de grootste moeite om hoogte te winnen. Toen ik als twintigste ofzo startte ging het redelijk omhoog, maar ik moest me een paar keer omdraaien van linksom naar rechtsom zodat ik niet lekker centreerde. En dan liet ik me nog een paar keer wegjagen door iemand die mijlenver van me af zat, ik had gewoon geen zin om op het overige verkeer te letten. Boven de antennes ging het best redelijk maar ik zat voortdurend naar het vliegveld te kijken, en toen ik weer onder ridgehoogte zakte vond ik het wel best. M’n circuit was prima, snelheid/flare niet dus met een kleine nose-in stond ik op de grond. Deze keer kreeg ik geen lift dus ik moest met het busje mee, wel gezellig maar zo kwam ik pas tegen etenstijd thuis. Een dag bezig om twintig minuten te vliegen, wat een rare sport is het toch.

22 juli 2013

Luis



Luis is verongelukt. Ik kan wel vanalles schrijven over vanalles, de taak, de vlucht, het weer, whatever. Maar er is maar één ding aan de hand vandaag. Superpiloot, grapjas, teddybeertje, componist, flirt, kletskous, enthousiast en vrolijk. Hoe het is gebeurd weet ik niet, begrijp ik niet. Je kan je gewoon niet voorstellen dat hij dood zou zijn. Tijdens het tandem slepen, en de passagier mankeert niks heb ik gehoord.
We leven allemaal met de wetenschap dat er grote risico’s zijn, dat niemand van ons onkwetsbaar is. Balen, maar het hoort erbij. Toch is het elke keer een klap, is het elke keer ontzettend verdrietig. Het went nooit, want iedere keer is het iemand anders die we nooit meer zullen zien.

21 juli 2013

Het belang van goed landen



Shit, op weg hierheen hadden we het er nog over. Niet te competitief worden, gewoon lekker vliegen, genieten van het uitzicht en de taken gebruiken om de omgeving te leren kennen. Maar Mario heeft zich toch vol overgave in de wedstrijd gestort en nou heeft ie z’n arm gebroken. Ga ik morgen weer naar Gap, daar word ik waarschijnlijk met m’n voornaam begroet na al die keren dat ik daar bij de eerste hulp ben binnen gelopen.
Ondertussen zak ik dagelijks uit, maar zolang dat eindigt met een mooie landing vind ik het niet zo erg. Volgens Ropje moest ik m’n doelstelling smart maken, streng hoor. Vijftig uitstekende landingen op rij heb ik er van gemaakt. Volgens Johannes leg ik de lat te hoog, maar ik wil toch echt de zekerheid dat ik net zo vol vertrouwen kan landen als dat ik start, voordat ik weer een beter toestel neem. Anders zijn deze jaren met de Sting voor niks geweest, en kani k misschien niet tot m’n tachtigste blijven vliegen.

20 juli 2013

Eerste wedstrijddag



Gisteravond zat ik met Andreas naar de weerkaarten te kijken, en met de slechte ervaring van de afgelopen dagen in het achterhoofd verwachtte ik matige omstandigheden, een vroege draai naar west zodat we niet meer van de berg af kunnen, en een grote kans op onweer in de middag. De keuze was dus: wachten tot de termiek op z’n best zou zijn en dan met vijftig anderen schrapen langs de Chabre, misschien met z’n vijven tegelijk uitzakken op Zuid. Of vroeg starten met de bijna zekerheid dat ik eruit zou zakken, maar wel een stressvrije landing kon maken en misschien toch nog eerst wat hoogte zou kunnen pakken. Afijn, ik startte als eerste en stond inderdaad na negen minuten op de Vis. Mooie landing, dus ik ben heel redelijk tevreden. Achteraf gezien heb ik de condities te somber ingeschat, en er staan een hoop deelnemers op goal, maar ik voel me niet echt in wedstrijdmodus dus ik ben er ook niet erg verdrietig over. Drie vriendjes kwamen als eersten binnen, leuk.

19 juli 2013

onweer



Het weer zit niet mee, maar we hebben er nog twee minivluchtjes uitgeperst met uitstekende starts en goeie landingen op de Vis, waar ik altijd nogal zenuwachtig voor ben. ’s Middags en ’s avonds regen, dus ik heb m’n eerste boek al uit, een hoop slap geouwehoerd, ouwe kennissen bijgepraat en voor honderden euros overbodige boodschappen gedaan. Morgen begint de NK dus de sfeer verandert van pure vakantie in opgewonden drukte, regels en organisatie en planning. En al meteen te laat naar bed, slechte vooruitzichten voor morgen maar daarna minder kans op onweer.

18 juli 2013

Onverwachte vluchtjes


Jacques en Ad








Mario Campanella

Vanwege de Tour de France mochten wij niet op de Chabre vliegen, het luchtruim was tot aan Gap en Sisteron gesloten. Uiteindelijk verzamelden we allemaal op La Bâtie Neuve, waar een cameraploeg met drie enorme trucks de start blokkeerde zodat wij ons moesten behelpen met een parapentestart. Thierry waarschuwde me om ruim op tijd richting landingsterrein te gaan, en na twee slagen met Glen boven me en Dave voor me zat ik al zo laag dat ik het op moest geven. Het was zo’n acht kilometer tegen een stevige wind in over hellingen met gewas, geen aantrekkelijk beeld. Ik kwam ongeveerd tweehonderd meter boven het landingsterrein aan, vond daar een prachtige bel en draaide terug naar tweeduizend meter. Het uitzicht was prachtig en ik maakte wat fotoos, maar daarna wist ik niet goed wat ik nou eens zou gaan doen. Terug naar de start was misschien de beste optie, maar ik had er geen zin in om later opnieuw die spannende oversteek naar het landingsterrein te moeten maken. Richting meer leken de landingsmogelijkheden af te nemen, richting Gap lukte sowieso niet vanwege de tegenwind en richting Laragne dook ik het tochtgat van een kleine vallei in. Binnen drie kwartier stond ik dus gewoon op de grond, met een harde klap omdat ik onvoldoende snelheid had om de windgradient op te vangen. Dat gold ook voor de meesten na mij, het was één groot whackfest.
Toen iedereen binnen was reed ik met Ceri en John terug naar boven om onze auto’s op te halen. Op weg naar beneden kwamen we in een megafile van campers, de Tour was kennelijk net afgelopen en het hele circus toog prompt naar de volgende finish. Anderhalf uur in de hitte, voor een stukje van nog geen vijf minuten. Afscheid van Kathryn & Dave, en Jamie & Glen gemist, balen.
Gisteren zag de lucht er niet denderend uit maar na een hoop geaarzel en een telefoontje van Andreas bouwden we toch op. Het leek me een goed plan om de minimale omstandigheden aan te grijpen om weer eens op de Vis te landen. Ik vind het altijd een heel eng terrein en als ik er tijdens de wedstrijd uitzak levert het meer spanning op dan goed voor me is. Nu maakte ik een perfecte landing, dat is ook weer achter de rug. ’s Middags het meer overgezwommen, heerlijk, en ’s avonds met Mario en Tanno aan de wijn omdat de vooruitzichten voor vandaag nog veel slechter waren.

15 juli 2013

Chabre



De startcondities waren zo mager, met voortdurend wind uit het noorden, oosten en westen terwijl de vaantjes beneden duidelijk zuid waren, dat ik niet eens zeker wist of ik wel zou gaan starten. Wel alles opgebouwd natuurlijk, voor het geval dat, en nadat een paar dapperen zich van de rampe hadden afgestort trok de wind duidelijk wat aan en stonden ook alle vaantjes mooi dezelfde kant op. Dat duurde zo’n tien, vijftien minuten. Lange waardevolle minuten die een ouwe knar voorbij liet gaan, de start blokkerend, om pas aanstalten te maken om te gaan starten toen het alweer voorbij was. Ik weet zeker dat ik niet de enige was die gefrustreerd raakte, maar iedereen hield keurig z’n mond om ‘m vooral niet in de stress te jagen, erg cool. Toen hij eindelijk begon te rennen was het alweer zacht west, en hij struikelde aan het eind van de rampe om op z’n buik en wielen met de stenen opspattend langs z’n oren nog net weg te komen.
Mijn start was goed, en ik vond ook vrij snel een bel richting cloudbase waar ik vervolgens nooit meer echt aankwam omdat ik het geduld niet had. Al m’n klassieke fouten makend: besluiteloosheid, bovenmatig veel aandacht voor landingsterreinen, het dal in vliegen, stond ik binnen een uur naast Montrond met een geschaafde knie aan de grond. Johan kwam me al snel halen, en de rest van de middag was heel gezellig met een superblije Mario die een mooie eerste Laragnevlucht had gemaakt en Titus die altijd enorm loopt te genieten. We haalden Tanno op in Serres, en na een pizzaatje en wat bier voel ik me weer honderd procent op vliegvakantie.

14 juli 2013

Laragne

Ik zit bij Bart en Gina in de voortent, lekker na een uitgebreide maaltijd en een hoop bier. Het is inmiddels weer droog maar er rommelt nog een hoop onweer en de lucht is vies dreigend. We kwamen om een uur of één aan, te laat om nog de Chabre op te rijden want inmiddels was de wind al naar west doorgedraaid. We zouden gaan zwemmen, of ’s avonds op Mison vliegen, maar uiteindelijk heb ik de hele middag ouwe bekenden begroet en gebabbeld, m’n luchtsofa opgepompt en een Griek en aan Braziliaan aan elkaar gekoppeld zodat ze leuk met hun WillsWing T2 konden spelen.

07 juli 2013

Zomer in Bruinehaar





Fijn zonnig warm en gezellig wiekendje, ook al moest ik me gisteren het schompes sjouwen en had ik vandaag aan één stuk door pech met materiaal. Radio was aan het etteren, later maakte ik honderd meter hoogtewinst maar verloor ik het toch ook weer meteen, en de laatste start brak m’n verlengstuk. Nou ja. Ik probeer maar weer niet gefrustreerd te raken doordat Juicy (vier uur) en Nico (twee keer een paar uur) en Han (anderhalf uur) en Mark (Almelo) lieten zien dat het wel heel goed was en doordat ik twee keer een overshoot in de mais maakte. Het was ook niet heel erg rampzalig, gistermiddag draaide ik gezellig met Nico en Joost, dat ging best even goed en ach ik ben weer lekker buiten. Het veen en de velden zijn ook weer prachtig en zelfs de tweehonderd kilometer naar huis biedt schitterend uitzicht.

17 juni 2013

Wiekendje Eiffel




foto Anne-Marie

Oude tijden herleven. Toen ik leerde vliegen had ik zo’n slapeloosheid dat ik vaak half in coma over m’n bottombar hing te suffen. In de loop van de jaren ben ik bijna gaan geloven dat het normaal is om pas wakker te worden als ik go-go-go roep. Afgelopen wiekend was het weer raak. Ik dacht slim te zijn en halverwege Hinterweiler bij m’n moeder in Limbabwe te logeren, maar de examenfeestjes aldaar hebben dusdanige proporties dat ik tot dik na tweeën het bed uitbonkte dankzij een of andere ruige boerenband. En de zaterdag werd het weer veel te gezellig, met alle duffe gevolgen van dien.


Zaterdag woei het keihard dus vliegen was geen optie. Met een hele groep gingen we uit wandelen, rond een kratermeer en naar de burcht van Mandelschein. Alles even prachtig, glooiende weilanden vol veldbloemen, pittoreske ruïnes, volle bomen, een straaltje zon. Ook bijzonder gezellig om eens wat door te praten met Tanno, Mario, Ruud. We kennen elkaar allemaal al jaren maar pas bij het niet-vliegen ontdek je iemands gedachten over niet-vliegzaken.



Zondag openden Rinus en ik weer eens de vloer (nou ja de lucht eigenlijk) maar het leverde me geen meter hoogtewinst. Niemand had haast om aan de taak te beginnen dus het was één grote ontspannen picknick naast de startbaan. Op de start rende een overmacht aan Duitse ‘officials’ met fluoriserende gele hesjes en een strak hiërarchische commandostructuur vreselijk overspannen te raken. Ze leken overgeorganiseerd, maakten zich enorm druk om zaken die tien centimeter over de baan uitstaken of koersafwijkingen van twee graden, maar ondertussen hadden ze geen idee van de startvolgorde, geen methode om dragonflyliefhebbers en trikelustigen, wedstrijddeelnemers en vrijvliegers, flexies en rigids soepeltjes uit elkaar te houden, en raakten ze gestresster van het feit dat dragonflypiloten geen helm dragen dan van de loshangende touwtjes die zich ieder moment rond de wielas van de dolly konden wikkelen. Ik vond het wel amusant om te zien hoe de wedstrijdpiloten stug kalm bleven, terwijl de starthulpen zwetend liepen te roepen en zwaaien.

M’n tweede start was laat en dankzij Kurt vond ik een brede zachte bel. Heel rustig klom ik tot zo’n twaalfhonderd meter toen ik niet meer bij hem kon komen zonder terug te steken (hij zakte uiteindelijk op het veld uit, ik net iets verderop). Ik zette koers richting het eerste keerpunt, de Nurnberger racetrack, maar in de verte zag ik al een groot bos opdoemen. Nou niet aarzelen of ik er rechts of juist links langs zal gaan. Boven een aantrekkelijke landingsmogelijkheid zag ik een paar roofvogels draaien en jawel hoor, het ging er een beetje omhoog. De vogels hadden er echter geen behoefte aan om wolkenbasis te bereiken, ze waren misschien teveel gefocust op de muizen in het gras, en na een kwartier rondzoeken op honderd meter boven de grond moest ik het opgeven. Terwijl ik m’n vleugel inpakte kon ik de laatste sleeps de lucht in zien gaan. Nou niet mezelf overgeven aan teleurstelling, maar terugdenken aan de gezelligheid, het mooie weer, de goeie starts en landingen.

Wel erg fijn dat Martijn naar huis reed. Met hem heb ik m’n eigen Brian!

08 juni 2013

BeNeCup 2013



Als een stel koeien die te lang op stal hebben gestaan werden we weer uit gelaten. De wind was net te cross en te hard maar het was gezellig, de zon scheen, en uiteindelijk viel het starten toch best mee. Ik startte als eerste, maar een gebrek aan concentratie en toch lastige kleine verwaaide belletjes maakten al snel een eind aan m’n vluchtje. Pas rond drie uur vond ik de condities goed genoeg om het nog een keer te proberen. We vlogen op 250 meter een bel door, Rinus stortte naar beneden en zwaaide me nogal dringend af, dus ik dacht dat het naar zijn mening een superbel was. Achteraf bleek gewoon zijn motor ermee opgehouden en inderdaad lukte het me niet om de bel terug te vinden. Op honderd meter boven het veld pakte ik wel iets moois, en ik draaide vrij moeiteloos naar tweehonderd meter terug maar ondertussen dreef ik het circuit van de gemotoriseerde toestellen in dus ik moest eruit. Zonde! Het kost toch allemaal heel veel meer moeite, geld en tijd dan in Australië en het levert ook nog eens veel minder makkelijk een mooie vlucht op. Maar het is goed om met iedereen bij te praten, fijn om mensen te zien waar ik door de jaren heen veel om ben gaan geven.