26 juli 2026

Terugreis

Al meer dan dertig jaar is het elke keer hetzelfde patroon, dezelfde emoties. Inpakken, afscheid nemen, zweet wegzwemmen en dan is het lastig om m'n aandacht bij het verkeer te houden omdat ik het magnifieke landschap als een spons probeer op te zuigen zodat het nog lang bij me blijft. Wat nooit het geval is, dus ik moet toch weer terug naar de Chabre. Sinds een paar jaar rij ik dan naar de streek van de Semnoz en Sappeney en ook die omgeving is weer waanzinnig mooi. Ik heb er leren vliegen en er de eerste jaren vliegvakanties doorgebracht met m'n maatjes dus het is een marinade van weemoed.
Ook een patroon: een paar honderd kilometer omrijden voor niks. Alle campings zaten tjokvol vanwege de Tour de France dus ik had beter meteen naar Sallanches kunnen rijden waar Joel en de andere Spanjaarden een huis hebben, of naar Besancon. Maar goed ik vond een campingkje vlakbij het huis van Nadege en Laurent die niet thuis waren maar waar ik in de tuin mocht kamperen. Een camping leek me nog net iets beter vanwege wc en douche maar het scheelde maar tien kilometer dus ik zal sowieso overal ver vanaf. Tot elf uur hield ik het vol om op bericht van Joel te wachten maar toen vond ik het welletjes en ik vertrok naar Besancon. Achteraf de goeie keuze want delta's zijn niet langer welkom op de Col de la Forclaz en de stress barstte zowat uit de whatsappberichtjes van Joel.
Ik arriveerde eind van de middag bij Ellipse om m'n harnasrits te laten vernieuwen. Morgen is het klaar. Mevrouw Rousselet tipte een camping langs de rivier en of het nou die van haar is of een andere, ik heb iets moois gevonden. Een klein, rustig campingkje waarvan de eigenaar arbeidsongeschikt schijnt te zijn, dus het is allemaal niet zo denderend onderhouden en de bar is dicht met als feestelijk gevolg dat er weinig mensen zijn. Ik knoopte m'n hangmat half boven de rivier en kon me de volgende paar uur niet meer losrukken. Kikkers sprongen het water in, een ijsvogel vloog af en aan (had ik nog nooit in het echt gezien!), vlinders en libellen en schrijvertjes op en boven het water en voortdurend het geplons van vissen die daar naar happen. In de verte hoor je wel wat mensgeluiden waardoor de rust nog eens benadrukt wordt.
Morgen is de wind te hard om te vliegen maar vrijdag lukt misschien wel, dus ik blijf op Jean-Marcs uitnodiging nog een dagje langer.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten